CConstaterende datVoorne aan Zee
Koppel je AI →
Document · PDF

Concept begroting MRDH 2027

Raadsvergadering 7 juli 2026, gemeente Voorne aan ZeeBij agendapunt: Aanbieden Jaarrekening 2025 MRDH, aanpassing begroting 2026 MRDH, concept ontwerpbegroting 2027 MRDH en zienswijze32.944 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 4 van 4

Gedragsaanpak .......................................................................................................................................................... 40 Nationaal Toekomstbeeld Fiets .................................................................................................................................. 40 Uitvoeringsprogramma Toegankelijk Openbaar Vervoer 2024-2028.......................................................................... 40 Regionaal deelfietsen systemen ................................................................................................................................. 41 Publieke mobiliteit in samenwerking met zorgvervoer ................................................................................................ 41 Publieke mobiliteit in de haven ................................................................................................................................... 42 5.1. Programma’s Actieve en collectieve vormen van mobiliteit ................................................................................ 43 Programma Instroom Nieuwe Trams Haagse Regio (INTHR) ....................................................................................

43 Programma InnOVatieroute........................................................................................................................................ 44 Slim en Schoon naar Stad en Strand ......................................................................................................................... 45 Metropolitane Fietsroutes ........................................................................................................................................... 46 6. Versterken van het regionale mobiliteitsnetwerk ................................................................................... 48 6.1. Programma’s versterken van het regionale mobiliteitsnetwerk .......................................................................... 48 Ketenmobiliteit op OV-knooppunten ........................................................................................................................... 48 Samenwerkingsprogramma stimulering verkeersveiligheidsmaatregelen .................................................................. 50 A4 Passage Poorten en Inprikkers en meekoppelkansen .......................................................................................... 51 6.2. Onderzoeken en verkenningen versterken van het regionale mobiliteitsnetwerk ...............................................

53 Hoogwaardige busverbinding van Centraal Station naar Zuidplein via de Maastunnel .............................................. 53 P+R Rotterdam........................................................................................................................................................... 54 Toekomstvast openbaar vervoer Zoetermeer............................................................................................................. 56 6.3. Planuitwerkingen versterken van het regionale mobiliteitsnetwerk .................................................................... 57 HOV Ridderkerk ......................................................................................................................................................... 57 6.4. Realisatie versterken van het regionale mobiliteitsnetwerk ................................................................................ 58 Busstation Hart van Zuid (Rotterdam) ........................................................................................................................ 58 Reconstructie metro- en busstation Spijkenisse Centrum .......................................................................................... 59 Samenloopdeel RandstadRail: Capaciteit en robuustheid ......................................................................................... 60 7.

Vanaf medio 2025 in gebruik genomen projecten .................................................................................. 61 Viersporigheid Schiedam............................................................................................................................................ 61 A16 Rotterdam (Rotterdam/Lansingerland) ................................................................................................................ 62

Bijlagen: Bijlage A1 Bijlage A2 Bijlage A3 Bijlage B

Kleine projecten: openstaande verplichtingen per subsidieontvanger Kleine projecten: aanmeldingen 2026 In 2025 en 2026 afgeronde projecten Afkortingenlijst

2

1.

Inleiding, achtergronden en kaders

1.1. Inleiding De bestuurscommissie Vervoersautoriteit van de Metropoolregio Rotterdam Den Haag (MRDH) voert de verkeer- en vervoerstaken binnen de metropoolregio uit. Daaronder vallen het ontwikkelen van beleid en het realiseren en subsidiëren van investeringsmaatregelen binnen het begrotingsprogramma Mobiliteit. Het Investeringsprogramma Vervoersautoriteit (IPVa) is het overzicht van projecten en programma’s die bij de MRDH in voorbereiding of uitvoering zijn. De begroting (begrotingsprogramma Mobiliteit) is op basis van de voortgang van werkzaamheden. De bijlagen van het IPVa blijven gestoeld op beschikkingen, betalingen en het te verwachten kasritme. Hiermee willen we duidelijkheid geven aan subsidieaanvragers of er al een voorschot is aangevraagd en wat de omvang is van de resterende financiële verplichting. Het IPVa beschrijft waar we de beschikbare investeringsruimte aan besteden: in de vorm van subsidies, bijdragen en te verstrekken opdrachten. Hiervoor zijn met name de 21 gemeenten, de regionale vervoerders, het Havenbedrijf Rotterdam, het waterschap Hollandse Delta en de provincie Zuid-Holland geconsulteerd.

Op 13 februari 2026 heeft het Algemeen Bestuur de Mobiliteitsvisie en de Visie Economisch Vestigingsklimaat vastgesteld. De beide bestuurscommissies zullen de visies in 2026 uitwerken in een gezamenlijk uitvoeringsprogramma voor de komende vijf tot tien jaar en op basis daarvan wordt de Strategische Agenda geactualiseerd voor de periode 2027-2030. . In een aantal nieuwe projecten voor het Investeringsprogramma 2027 zijn al aspecten van de nieuwe ambities herkenbaar, zoals de verkenning toekomstvast openbaar vervoer Zoetermeer, de proef met een regionaal deelfietsensysteem en de proef publieke mobiliteit in samenwerking met zorgvervoer . Voor andere onderwerpen zoals de corridoraanpaken automatisch vervoer zal de in 2026 op te stellen Uitvoeringsagenda duidelijk maken wat de consequenties voor begroting en het IPVa zullen zijn. In de hoofdstukken 4, 5 en 6 zijn de programma’s en grote projecten gerubriceerd naar de respectievelijke opdrachten uit de Strategische Agenda: “Investeren in bereikbaarheid om de inwonersgroei in de regio te faciliteren”, “Actieve en collectieve vormen van mobiliteit stimuleren” en “Versterken van het regionale mobiliteitsnetwerk”. Ieder hoofdstuk begint met de programma’s die onder de opdracht vallen gevolgd door een beschrijving per project per fase. De kleine projecten zijn opgenomen in de bijlagen, zodat het IPVa compact en leesbaar blijft.

In november 2022 hebben Rijk en regio in het Bestuurlijk Overleg Meerjarenprogramma Infrastructuur, Ruimte en Transport (BO MIRT) afspraken gemaakt over ontsluiting van de NOVEXwoningbouwlocaties en over regionale ov-maatregelen en mobiliteitspakketten. Voor de Zuidelijke Randstad, waarin de metropoolregio Rotterdam Den Haag ligt, heeft het Rijk circa € 2,6 miljard gereserveerd, plus maximaal € 162 miljoen voor de mobiliteitspakketten. Hoofdstuk 3 geeft daar een korte beschrijving van. Een aantal van de projecten en programma’s is ondertussen verder gebracht, inclusief de voorwaarden wie van de overheden welk deel van de benodigde budgetten levert.

3

In januari 2026 hebben Rijk en regio BO-MIRT afspraken gemaakt voor extra investeringen in woningbouw en mobiliteit in de metropoolregio. In totaal draagt het Rijk ruim € 498 miljoen bij om in onze regio, onder andere langs de Oude Lijn, woningen te bouwen en deze duurzaam bereikbaar te maken. De MRDH heeft hiervoor € 64,8 miljoen beschikbaar gesteld. Hiervan is € 9,8 miljoen euro bestemd voor knooppunt Schiedam Centrum, € 10 miljoen voor knooppunt Laan van NOI en € 25 miljoen voor het Bijzonder Provinciaal Landschap in relatie tot de spoorverdubbeling tussen Delft en Schiedam. Daarnaast heeft de MRDH de reservering voor de Vlietlijn verhoogd met € 20 miljoen voor de scope-uitbreiding tunnelvariant passage sporendriehoek. Deze bedragen zijn inclusief btw en conform de WoMo-aanvragen van de betreffende gemeenten. Hoofdstuk 7 geeft het beeld van grote of bijzondere projecten die in 2025/2026 zijn opgeleverd en in gebruik genomen.

1.2. Werkgebied van de Vervoersautoriteit De geografische grenzen en gemeenten zijn op onderstaand kaartje aangegeven. Het werkgebied van de MRDH omvat 21 gemeenten.

4

1.3. Uitgangspunten en randvoorwaarden We willen bereiken dat het IPVa inzicht geeft in de belangrijkste projecten en de relevante wijzigingen ten opzichte van het vorige jaar. We houden het leesbaar door ons in de tekst te beperken tot de hoofdlijnen. In de bijlagen worden de investeringen en bestedingen gedetailleerder weergegeven. De exploitatiekosten openbaar vervoer, beheer en onderhoud railassets, jaarlijkse bijdragen aan gelieerde partijen, beleidsonderzoek en apparaatslasten worden betaald vanuit de BDU-gelden, maar zijn geen projectmatige investeringen. Om die reden maken deze geen onderdeel uit van het Investeringsprogramma Vervoersautoriteit (IPVa). Het IPVa heeft een basis in de Subsidieverordening Vervoersautoriteit MRDH en de bijbehorende Uitvoeringsregeling.

5

In het IPVa worden de bedragen voor verkenningen en planstudies van (grote) infrastructurele projecten niet altijd, of hooguit indicatief, genoemd. Voor de fasering houden we aan:

Het financieel commitment van de MRDH neemt toe naarmate het project verder is uitgewerkt. De fase waarin het project zich bevindt, bepaalt waar het wordt opgenomen: ofwel in de (meerjaren)begroting, ofwel in de werkvoorraad. Onderzoek/initiatief Er is een probleem geconstateerd. In de onderzoeksfase komen beoogde effecten op de regionale bereikbaarheid, een globale scope en inschatting van de kosten en mogelijke periode van uitvoering aan de orde. Deze fase resulteert in een voorstel aan de bestuurscommissie om een verkenning te starten. Verkenning Er is een probleem geconstateerd, waarbij in een verkenning het nut en de noodzaak van mogelijke oplossingen wordt onderzocht met een indicatie van de verwachte investeringskosten. Deze fase resulteert in een voorstel aan de bestuurscommissie om in de planstudie een aantal varianten nader te onderzoeken.

6

Planstudie Na een afgeronde verkenning is een potentiële oplossing voorhanden. De effecten en kosten zijn indicatief bekend, maar er is geen dekking. De planning heeft een bandbreedte van enige jaren en er is nog geen aangewezen projectorganisatie. De planstudie resulteert in een voorstel aan de bestuurscommissie voor een voorkeursvariant met een kostenraming en globale dekking. Uitwerking Voor het project heeft de MRDH een aanmelding van de wegbeheerder getoetst en opgenomen in het IPVa. De planning is tot 1 à 2 jaar nauwkeurig. Het project kan eventueel afvallen als blijkt dat er (nog) geen of onvoldoende geld beschikbaar is om het project uit te voeren en af te ronden. De initiatiefnemer werkt het ontwerp verder uit, organiseert de noodzakelijke processtappen en bereidt de subsidieaanvraag voor. Deze fase resulteert in een voorstel aan de bestuurscommissie om het definitieve ontwerp en de bijbehorende kostenraming en planning vast te stellen, dan wel goed te keuren. Realisatie Het project is getoetst en (bijna) beschikt in overeenstemming met de verordening. De planning en uitvoeringstermijn zijn bekend. Met het verlenen van de subsidie, dan wel het verstrekken van de opdracht neemt de bestuurscommissie een realisatiebesluit. Vaststelling Het project is afgerond en de eindafrekening wordt ingediend.

Ov-projecten gaan daarbij onderdeel uitmaken van een concessie met afspraken en middelen voor exploitatie en beheer- en onderhoud. In voorgaande figuur is deze volgordelijkheid schematisch aangegeven, met de momenten dat er budget wordt opgenomen in de (meerjaren)begroting. Iedere fase eindigt met een besluit van de bestuurscommissie Vervoersautoriteit (BcVa) over of en hoe een project naar een volgende fase gaat. Door de fasering bereidt de MRDH zich stapsgewijs voor op een mogelijke toekomstige financiële bijdrage aan het project. Het heeft immers geen zin om projecten te laten voorbereiden waar uiteindelijke geen budget voor is. Voor het opnemen of wijzigen van budget in de begroting is een besluit van het algemeen bestuur vereist. Dat gebeurt op drie momenten in het jaar: bij de vaststelling van de begroting en bij de begrotingswijzigingen op basis van de 1ste en 2de Bestuursrapportage. In sommige gevallen is het van belang dat de financiële inzet van de MRDH eerder wordt vastgelegd in de begroting om zodoende te voldoen aan het budgetrecht van het algemeen bestuur. Dat geldt bijvoorbeeld voor MIRT-projecten waarbij afspraken worden gemaakt tussen Rijk en regio. Ongeacht de fase waarin een MIRT-project zich bevindt, wordt zo nodig een reservering gemaakt in de (meerjaren)begroting.

1.4. Budgetten De projecten en de organisatie van de Vervoersautoriteit MRDH worden grotendeels bekostigd uit de reguliere rijksbijdrage, de zogeheten Brede doeluitkering verkeer en vervoer (BDU). Voor de gehele regio hanteren we voor 2027 een subsidieplafond van € 30 miljoen voor het programma Kleine projecten. Kleine projecten kennen een subsidiegrens van € 5 miljoen subsidiabele kosten voor ov-projecten en € 10 miljoen subsidiabele kosten voor overige projecten. Kleine projecten kunnen uit de gehele range van auto, fiets, ketenmobiliteit, verkeersveiligheid en ov-projecten komen. In het budget zijn ook de reserveringen inbegrepen voor verkeerseducatie en investeringen in infrastructuur die door de MRDH zelf worden geïnitieerd. Als eerste uitwerking van de

7

Mobiliteitsvisie reserveert dit programma ook budget voor proefprojecten publieke mobiliteit (o.a. regionaal deelfietsensysteem) in 2026. In de financiële administratie van de MRDH is de bron van diverse geldstromen en fondsen vastgelegd, zoals extra bijdragen van het ministerie van Infrastructuur en Waterstaat (IenW) in het kader van het Meerjarenprogramma Infrastructuur, Ruimte en Transport (MIRT), het gebiedsprogramma Mobiliteit en Verstedelijking (MoVe) en nog lopende bijdragen voor programma’s. Daarnaast kunnen er ook bijdragen van andere overheden of derden via de MRDH worden ingezet. In dit IPVa zal dat alleen zichtbaar zijn wanneer het relevant is voor de programma’s waar budget voor wordt gevoteerd. Afgeronde subsidieprogramma’s waar geen nieuwe subsidies meer uitvloeien, worden niet meer vermeld. Voor het IPVa 2027 gelden de volgende randvoorwaarden: ▪

▪

binnen het jaarlijkse budget voor kleine projecten is er geen aparte oormerking voor fiets- en ketenmobiliteit, verkeerseducatie, verkeersveiligheid, verkeersmanagement en wegenstructuur en openbaar vervoer; als er ruimte ontstaat binnen enig programma omdat een subsidie niet wordt aangevraagd of lager wordt beschikt, dan blijft deze financiële ruimte gedurende de looptijd van het programma beschikbaar.

8

2. Integrale programma’s Een programma is een geheel van samenhangende projecten dat op een bepaald beleidsterrein van het verkeer- en vervoerbeleid betrekking heeft. Een programma wordt opgenomen in het IPVa nadat de bestuurscommissie Vervoersautoriteit besloten heeft tot het instellen daarvan. Een programma hoeft niet automatisch van een budget te zijn voorzien. Voorwaarde voor het instellen van een programmabudget is een besluit van de bestuurscommissie Vervoersautoriteit inclusief een dekkingsvoorstel dat past binnen de begroting die door het algemeen bestuur wordt vastgesteld. Er zijn ook diverse samenwerkingsprogramma’s. Een samenwerkingsprogramma is een geheel van projecten gebaseerd op een samenwerkingsovereenkomst tussen de MRDH en meerdere partijen, met als doel het realiseren van dat programma. Een voorbeeld daarvan zijn de afspraken naar aanleiding van het BO MIRT over de Stadsbrug, HOV en station Stadionpark, De Vlietlijn (voorheen Bereikbaarheid CID-Binckhorst) en de verkenning Oude Lijn & knooppunten tussen Leiden en Dordrecht. Naast bovenstaande programma’s heeft de MRDH eigen programma’s. Het programma Kleine projecten is gevuld met projecten waarvan de omvang van de subsidie kleiner is dan € 5 miljoen. Deze projecten vallen onder fiets- en ketenmobiliteit, verkeersveiligheid, verkeersmanagement en wegenstructuur, of openbaar vervoer.

Vanwege de relatief beperkte omvang zijn gedragsbeïnvloeding/educatie verkeersveiligheid, de ombouw van VRI tot iVRI’s (intelligente Verkeersregelinstallaties) en aanpassingen infra na wijziging ov-lijnen, financieel ondergebracht in het programma Kleine projecten. De metropolitane fietsroutes zijn opgenomen in het programma Metropolitane Fietsroutes (MFR). Voor het verbeteren van overstappunten is er het programma ketenmobiliteit op ov-knooppunten.

9

3. Afspraken BO MIRT Het kabinet heeft in het BO MIRT van 2022 een bedrag van € 7,5 miljard beschikbaar gesteld voor ontsluiting van nieuwe woningen in de NOVEX-verstedelijkingsgebieden en voor de versnelling van grootschalige woningbouwlocaties. Hiervan is € 6 miljard vanuit het Mobiliteitsfonds voor hoofdinfrastructuur en € 1,5 miljard voor kleine bereikbaarheids- en infrastructuurmaatregelen. NOVEX staat voor Nationale Omgevingsvisie Extra. Een van de gebieden is de Zuidelijke Randstad, waarvoor in 2019 een verstedelijkingsakkoord is gesloten. Afgesproken is 70.000 woningen en ruimte voor 80.000 arbeidsplaatsen te realiseren op toplocaties langs de Oude Lijn (spoorlijn Leiden-Dordrecht) en 100.000 woningen op goed bereikbare plekken, waaronder de woningbouwlocaties CID-Binkhorst Den Haag en Oostflank Rotterdam. Rijk en regio hebben in het BO MIRT van 2022 besloten om te starten met een MIRT-verkenning voor de Oude Lijn en knooppunten en stelden daarvoor een Startbeslissing vast. Daarnaast is eind 2024 de regionale planstudie HOV-corridors RandstadRail/Metronet gestart en start provincie ZuidHolland de regionale verkenning Bus Rapid Transit (BRT) Leiden - Zoetermeer (LeiZo). Het Rijk heeft, als een van de afspraken in het BO MIRT van 2023, € 1 miljard vanuit het Nationaal Groeifonds overgeheveld naar het Mobiliteitsfonds.

Deze middelen zijn bedoeld voor de Oude Lijn en knooppunten. Samen met de eerder in het Mobiliteitsfonds gereserveerde middelen van € 680 miljoen en de € 466 miljoen aan regionale financiering is er € 2,145 miljard inclusief btw (prijspeil 2022) beschikbaar voor de Oude Lijn, knooppunten en de regionale HOV-corridors. Voor de middelen die zijn toegekend aan programma’s en projecten in onze regio, zijn ondertussen nadere afspraken gemaakt of bestuurlijke overeenkomsten gesloten. Om die reden zijn deze programma’s en projecten waar mogelijk in dit IPVa ondergebracht onder de hoofdstukken Investeren in bereikbaarheid en Versterken van het regionale mobiliteitsnetwerk en bij de fase waarin het project of programma zich bevindt. Om de verbinding met oorspronkelijke besluiten te houden, noemen we hieronder kort de projecten en programma’s met verwijzing naar de indeling binnen het IPVa. Ook geven we aan of de MRDH meebetaalt of dat een project volledig door het Rijk of andere (semi)overheden wordt getrokken. In januari 2026 hebben Rijk en regio aanvullende afspraken gemaakt en middelen beschikbaar gesteld in het kader van het programma Woningbouw en Mobiliteit (WoMo). Voor de Oude Lijn zijn de verkenningen van de knooppunten Schiedam centrum en Laan van NOI afgerond. Tevens is voor de uitvoering extra geld gereserveerd. Zie voor een beschrijving van deze deelprojecten paragraaf 4.3.

In relatie tot de spoorverdubbeling heeft de MRDH extra geld vrijgemaakt voor de landschapsversterking van het Bijzonder Provinciaal Landschap. Voor de uitbreiding van de scope van de Vlietlijn met een tunnelvariant bij de passage sporendriehoek is de scope uitgebreid en hiervoor heeft de MRDH extra geld gereserveerd.

3.1. Oeververbindingen en HOV Oostflank Rotterdam In de Oostflank (het gebied tussen Prins Alexander en Zuidplein) van de Rotterdamse regio moeten tot en met 2030 circa 19.000 woningen worden gebouwd, daarna komen er mogelijk nog circa 16.000 woningen extra. In het BO MIRT zijn besluiten genomen over de onderstaande deelprojecten en -programma’s met de nieuwe benamingen: ▪ Stadsbrug, HOV en station Stadionpark Voor dit project is in december 2023 een bestuurlijke overeenkomst (BOK) gesloten. Een verdere duiding van de inhoud staat in hoofdstuk 4.2.

10

▪

▪

▪

▪

▪

A16 Van Brienenoordcorridor Het Rijk werkt aan het slimmer inrichten van de weg, het toevoegen van een extra rijstrook op delen van de A16 en het aanpassen van het weefvak bij aansluiting Feijenoord. Hoogwaardige busverbinding van Centraal Station naar Zuidplein via de Maastunnel De kortetermijnmaatregelen, waaronder de aanleg van een vrije busbaan, zijn in april 2024 opgeleverd. De maatregelen voor de middellange termijn zijn beschreven in hoofdstuk 6.2. Station Stadionpark Dit station viel eerst onder de maatregelen van de Oude Lijn. Het Rijk en de gemeente Rotterdam bouwen het station om van evenementenstation tot regulier station waar de City Sprinter gaat halteren. Dit station is ondergebracht bij het programma Stadsbrug, HOV en station Stadionpark. Algeracorridor De maatregelen Algeracorridor worden zonder het Rijk door de regionale partijen uitgewerkt; dit project valt dus niet meer binnen dit programma. Een beschrijving van de planuitwerking Algeracorridor staat in hoofdstuk 4.4. Kralingseplein Rijk en regio onderkennen dat het Kralingseplein in de toekomst een knelpunt vormt en spreken af vervolgonderzoek te doen naar mogelijke oplossingsrichtingen.

Overzicht van de projecten uit de afspraken Oeververbinding

11

3.2. De Vlietlijn (voorheen Bereikbaarheid Central Innovation District (CID)-Binckhorst) In CID-Binckhorst worden zo’n 35.000 woningen gebouwd In het MIRT zijn besluiten genomen over onderstaande deelprojecten- en programma’s, en zijn er bestuursovereenkomsten getekend: ▪ No Regret CID-Binckhorst Voor dit programma aan maatregelen is in 2019 een bestuursovereenkomst getekend. Er resteren nog enkele maatregelen om uit te voeren, voornamelijk op de fiets gericht; het programma is daarmee ondergebracht bij hoofdstuk 4.1. ▪ De Vlietlijn (voorheen: Bereikbaarheid CID-Binckhorst) Dit betreft de planuitwerking voor een tramverbinding in Binckhorst plus een set aan mobiliteitsmaatregelen. De tramverbinding is verder toegelicht in hoofdstuk 4.1.

CID-Binckhorst met op de achtergrond station Den Haag Centraal. Foto: Jurriaan Brobbels

3.3. Oude Lijn, knooppunten, Metronet/RandstadRail en LeiZo Langs de Oude Lijn (spoorlijn Leiden - Dordrecht) moeten tot 2030 circa 54.000 woningen gebouwd worden op 11 toplocaties. Daarna komen er mogelijk nog eens circa 23.000 extra woningen. In het BO MIRT van 2023 is besloten dat vier onderdelen, inclusief het Station Stadionpark, los van elkaar kunnen worden gerealiseerd. Dit leidt tot de volgende projecten en programma’s: ▪ Oude Lijn en knooppunten Voor dit programma loopt een verkenning. De inhoudelijke activiteiten staan beschreven in hoofdstuk 4.2 en 4.3

12

▪

▪

▪

LeiZo De provincie Zuid-Holland en de gemeente Zoetermeer werken aan een verkenning voor openbaar vervoer Leiden - Zoetermeer, waar de MRDH later kennis van zal nemen. Station Stadionpark Dit station is geschaard onder de maatregelen van de Stadsbrug en maakt geen onderdeel meer uit van dit pakket. Metronet/RandstadRail Dit onderdeel krijgt vijf programma’s en projecten die de MRDH verder verkent, uitwerkt en realiseert: o Gekoppeld rijden RandstadRail 4 o Gekoppeld rijden RR2/RR3 o Frequentieverhoging Metronet lijnen C en E o Metrostation Beurs o Vervangen spoorbeveiliging De onderdelen zijn afzonderlijk beschreven in de paragrafen 4.2, 4.3, 4.4 en 4.5, afhankelijk van de fase van het deelproject.

3.4. Gebiedsuitwerking Greenport 3.0. Westland De gebiedsuitwerking is gericht op slimme combinaties van verschillende mobiliteitsmaatregelen. Een belangrijk deel van het pakket bestaat uit de realisatie van de Metropolitane Fietsroutes Westland-Den Haag via Honselersdijk en Westland-Delft. Deze zijn verder beschreven in hoofdstuk 5.1. Een onderzoek voor de (middel)lange termijn naar hoogwaardig openbaar vervoer (HOV) is beschreven in hoofdstuk 4.2.

3.5. MIRT Maatregelenpakket Bereikbaarheid Voorne-Putten en Haven Rotterdam Het Maatregelenpakket Bereikbaarheid Voorne-Putten Haven Rotterdam is door Rijk en regio vastgesteld in november 2022. Vanwege financiële beperkingen en het ontbreken van personele capaciteit heeft het Rijk echter nog geen kans gezien om procedures te starten. De projecten waar de MRDH bij betrokken is en die zonder het Rijk kunnen worden opgepakt zijn: ▪ maatregel 8 doortrekken fietsroute langs de Hartelweg (inclusief fietsbrug); ▪ maatregel 10 opwaarderen fietsroute Hellevoetsluis - Zuidland - Spijkenisse; ▪ maatregel 11 studie naar een rechtstreeks fietspad Hellevoetsluis - Rockanje/Brielle Maasvlakte; ▪ maatregel 12 extra vrijliggende busbanen Spijkenisse; ▪ maatregel 13 + 14 studie naar verbetering ov tussen Voorne-Putten en Haven Rotterdam en studie naar buslijn via de Blankenburgtunnel (in relatie tot de concessie). Deze lijndienst is eind 2024 in gebruik genomen. Voor de fietsroute Hellevoetsluis - Zuidland - Spijkenisse is in 2025 een realisatieovereenkomst gesloten. Deze maatregel wordt in 2026 en 2027 gerealiseerd.

3.6. Mobiliteitspakketten Het Rijk stelt via specifieke uitkeringen budget beschikbaar voor mobiliteitspakketten. Deze omvatten kleine maatregelen zoals aanpassingen van (regionale) wegen, mobiliteitshubs, fietspaden, rotondes en verkeersveiligheidsmaatregelen en worden door het Rijk én gemeenten in

13

de regio bekostigd. De rijksbijdrage betreft dus een bijdrage aan regionale en lokale maatregelen. Het Rijk geeft hiervoor de volgende voorwaarden mee: ▪ 50% cofinanciering door de regio; ▪ voor de mobiliteitspakketten is de rijksbijdrage taakstellend met een jaarlijkse indexatie conform de IBOI tot het moment van uitbetaling; ▪ afdracht van het btw-deel van de rijksbijdrage aan het Btw-compensatiefonds; ▪ de bijdrage van het Rijk komt beschikbaar via een specifieke uitkering aan gemeenten; ▪ de risico’s blijven voor de regio. Het Rijk reserveert inclusief btw en op prijspeil 2022 de volgende budgetten: ▪ Oeververbindingen € 0 miljoen (betrokken bij planuitwerking voorkeursalternatief) ▪ Binckhorst € 59 miljoen ▪ Oude Lijn € 90,5 miljoen (€ 12,5 miljoen overgeheveld naar traverse station Stadionpark) In de komende periode werken Rijk en regio aan de uitwerking van deze mobiliteitspakketten en vullen de volgende voorwaarden in: ▪ concreet zicht op maatregelen en doeltreffendheid voor ontsluiting woningbouw; ▪ effect van deze maatregelen op nationale netwerken; ▪ mate waarin de maatregelen een nationale aanpak vragen (wat is nationaal nodig om de mobiliteitstransitie te ondersteunen); ▪ de bijdrage van de regio. Deze middelen worden uitgekeerd via een specifieke uitkering.

Kostenverhogende scopewijzigingen en verdere risico’s zijn voor rekening van de gemeente dan wel mede-bekostigende partners zoals provincie, vervoerregio, marktpartijen, et cetera. Als een gemeente een project uit een mobiliteitspakket aanmeldt voor subsidie bij de MRDH, dan volgen we ons reguliere proces voor grote en kleine projecten en hanteren de in de subsidieverordening opgenomen systematiek. Nota bene: een aantal gemeenten kan bij het Rijk subsidie aanvragen in het kader van woningbouwversnellingsafspraken. Deze afspraken kennen waarschijnlijk dezelfde voorwaarden en kaders als de mobiliteitspakketten. De in deze afspraken opgenomen infrastructurele projecten kunnen eventueel ook in aanmerking komen voor subsidie bij de MRDH. Ook dan volgen we ons reguliere proces voor grote en kleine projecten en hanteren de in de subsidieverordening opgenomen systematiek.

14

4. Investeren in bereikbaarheid om de inwonersgroei in de regio te faciliteren 4.1. Programma’s Investeren in bereikbaarheid No Regret CID-Binckhorst Fase Planning Investering Subsidie MRDH Budget prijspeil 2026 Rol MRDH

: : : : : :

Planuitwerking tot en met realisatie Realisatie 2020-2025 (Verlengd tot laatste project is afgerond) € 77,8 miljoen € 17,5 miljoen, plus Rijk via BDU € 13,7 miljoen € 15,7 miljoen, plus Rijk via BDU € 13 miljoen Subsidieverlener

In november 2019 is een bestuursovereenkomst ondertekend over de No-Regret-maatregelen voor het Central Innovation District (CID)-Binckhorst. Het Rijk, de Metropoolregio Rotterdam Den Haag, gemeente Den Haag, provincie Zuid-Holland en de gemeente Leidschendam-Voorburg hebben zich gecommitteerd aan bijdragen, planning en het oprichten van een uitvoeringorganisatie om de No Regret-maatregelen te realiseren.

Gebiedsontwikkeling in de Binckhorst. Op de achtergrond station Den Haag Centraal. Foto: Jurriaan Brobbels

De resterende lijst projecten wordt uitgevoerd tot en met 2028. De financieel omvangrijkste projecten zijn de snelfietsroute Verlengde Velostrada en de fietsroute Trekvliettracé. Verder is budget geoormerkt voor een tijdelijke uitbreiding van de meerlaagse fietsenstalling bij station Laan 15

van NOI. De lijst van projecten is beschreven in het rapport van 16 juli 2019, vastgesteld in het BO MIRT van november 2019.

In 2024 besloot de stuurgroep de samenwerkingsovereenkomst met twee jaar te verlengen tot en met 2026. Aanleiding is de latere realisatie van een aantal projecten. Het programma wordt afgesloten als alle projecten zijn afgerond.

16

De Vlietlijn (voorheen Bereikbaarheid CID-Binckhorst) Opdracht SA

:

Fase: Planning Investering

: : :

Subsidie MRDH

:

Budget prijspeil 2026 Rol MRDH

: :

Investeren in bereikbaarheid om de inwonersgroei in de regio te faciliteren Uitwerking Uitvoering 2029 - 2033 € 595 miljoen inclusief btw, inclusief € 72 miljoen overheveling No Regret inclusief btw en inclusief € 45,88 miljoen inclusief btw voor Basispakket Mobiliteit en € 20 miljoen inclusief btw voor scopeuitbreiding sporendriehoek. € 125,8 miljoen exclusief btw maar inclusief overheveling No Regret en scope uitbreiding sporendriehoek € 142,6 miljoen Mede-opdrachtgever planstudie, mede-opdrachtgever (railinfrastructuur) en subsidieverlener (overige onderdelen) realisatie

In het bestuurlijke overleg Leefomgeving 2023 hebben Rijk en regio de afspraken vastgelegd in een definitief voorkeursbesluit en een bestuursovereenkomst. Deze overeenkomst bevat concrete afspraken over de verdere uitwerking en realisatie van de tramverbinding CID Binckhorst, plus afspraken over organisatie, financiële risico’s en kostenbeheersing. Hiervoor wordt gebruik gemaakt van het kader van de landelijke afspraken woningbouw en mobiliteit: “Risicoverdeling, beheersing, programmasturing en monitoring”. Op basis van bovenstaande zijn de partijen de planstudiefase gestart. In de uitwerking van deze fase zet de regio zich in voor verdere stimulering van de mobiliteitstransitie. Denk aan een samenhangende aanpak gericht op fietsen en lopen, en de inzet van flankerend beleid op deelmobiliteit en een stringent parkeerbeleid. HTM en MRDH voeren samen met de betrokken gemeenten een studie uit naar de mogelijke ov-lijnvoering in en rond de Binckhorst. De volgende fase van de stedelijke ontwikkeling dient gelijk op te lopen met de uitwerking en realisatie van het voorgenomen voorkeursalternatief. Dat bestaat uit een hoogwaardige tramverbinding door de Binckhorstlaan via de Maanweg richting station Voorburg en via de Geestbrugweg richting Rijswijk en Delft. Dit in combinatie met het aanpassen van de spoorviaducten in de sporendriehoek en een pakket aan bereikbaarheidsmaatregelen.

Voor de passage van sporendriehoek is de scope uitgebreid met een tunnelvariant. Om deze kosten te dekken heeft het Rijk € 268 miljoen, de gemeenten € 132,5 miljoen en de MRDH € 102,5 miljoen gereserveerd, plus € 72 miljoen overheveling vanuit het No Regret-pakket. Al deze bedragen zijn inclusief btw en prijspeil 2022.In januari 2026 hebben Rijk en regio besloten de scope uit te breiden met een tunnelvariant voor de passage sporendriehoek en hiervoor € 20 miljoen inclusief btw vrij te maken.

17

.

Huidig tracé op de Pr. Mariannelaan in Voorburg. Foto: Jurriaan Brobbels

De flankerende maatregelen die in het pakket zijn opgenomen hebben een omvang van € 45,88 miljoen inclusief btw:

18

MIRT-verkenning Oude Lijn en knooppunten Fase Planning Investering Subsidie MRDH Budget prijspeil 2026 Rol MRDH

: : : : : :

Planstudie Afronding verkenning eind 2025 € 1.595 miljoen inclusief 18,2% btw (inclusief Metronet en RR 3 en 4) € 20,7 miljoen inclusief btw (prijspeil 2022) € 55,1 miljoen exclusief btw, inclusief landschapsversterking. Participant

Het Rijk en de regio zijn een MIRT-verkenning gestart voor de Oude Lijn. Daarin worden verschillende alternatieven voor een schaalsprong tussen Leiden en Dordrecht onderzocht: ▪ frequentie van minimaal acht sprinters per richting per uur tussen Den Haag en Dordrecht; ▪ toevoeging van vier nieuwe stations: Rijswijk Buiten, Schiedam Kethel, Rotterdam Van Nelle en Dordrecht Leerpark; ▪ opwaardering van station Stadionpark naar City-sprinterstation; ▪ capaciteitsmaatregelen op de stations Leiden Centraal, Den Haag Laan van NOI, Schiedam Centrum en Dordrecht en gebiedsgerichte maatregelen rondom de stations in samenhang met de daar geplande woningbouw en andere ruimtelijke ontwikkelingen.

De partijen stellen tijdens de verkenningsfase een bestuursovereenkomst op. Hierin staan de afspraken over de integrale ontwikkeling van de knooppunten en de nieuwe stations op basis van het Voorkeursalternatief en de financiële bijdragen van verschillende partijen aan een integrale knooppunt- en stationsontwikkeling: stationsgebouw, buitenruimte, last-mile, gerelateerde gebiedsen vastgoedontwikkeling. Deze bestuursovereenkomst wordt samen met het besluit over het Voorkeursalternatief vastgesteld. In januari 2026 hebben Rijk en regio afspraken gemaakt over de uitkomsten van de verkenningen naar de knooppunten Schiedam Centrum en Laan van NOI. De projecten worden beschreven in paragraaf 4.3. 19

RandstadRail & Metronet Fase Opdracht SA

: :

Planning Investering Subsidie MRDH Budget prijspeil 2026

: : : :

Rol MRDH

:

Verkennning, Planstudie en realisatie (fasering verschilt per deelproject) Investeren in bereikbaarheid om de inwonersgroei in de regio te faciliteren Realisatie 2028 - 2035 € 550 miljoen inclusief btw € 227,3 miljoen exclusief btw prijspeil 2024 € 113,1 miljoen Metronet en € 120,4 miljoen overige onderdelen exclusief btw, exclusief metrowerkplaats Waalhaven Bevoegd gezag in het kader van de Wet lokaal spoor, opdrachtgever infrastructuur, subsidieverlener weginfrastructuur en ketenmobiliteit

Het Rijk en de MRDH hebben op 6 november 2024 een bestuursovereenkomst getekend voor het programma RandstadRail & Metronet. Deze vloeit voort uit de afspraken in BO MIRT van 2022 om te investeren in het openbaar vervoer langs de grote woningbouwlocaties aan de Oude Lijn en de uitlopers op het netwerk. De komende jaren verrijzen langs de RandstadRail en de Metronetlijnen ruim 35.000 nieuwe woningen. Om die groei te faciliteren werken MRDH, HTM, RET en de gemeenten aan vijf deelprojecten langs deze lijnen: a) Gekoppeld rijden op RandstadRail lijn 4 Dit betekent dat per 2027 de reguliere dienstregeling wordt uitgevoerd met twee aan elkaar gekoppelde voertuigen. Daardoor ontstaat meer capaciteit voor het vervoer van reizigers. Dit project is beschreven in paragraaf 4.3 b) Gekoppeld rijden op RandstadRail lijn 2 of lijn 3 Dit deelproject verkend op welke lijn in het stedelijk gebied van Den Haag het gekoppeld rijden het beste kan worden ingepast. Dit project is beschreven in paragraaf 4.2 c) Frequentieverhoging op het Metronet De eerste stap is de frequentieverhoging op de E-lijn vanaf 2030. De tweede stap is de verhoging van de frequentie op de C-lijn. Dit project is beschreven in paragraaf 4.5 d) Metrostation Beurs Het verhogen van de capaciteit en doorstroming op dit metrostation rond 2035; het kruispunt waar alle hoogfrequente metrolijnen samenkomen.

Dit project is beschreven in paragraaf 4.2 e) Spoorbeveiliging samenloopdeel Op korte termijn is groot onderhoud noodzakelijk maar op langere termijn is vervanging nodig om een hogere frequentie op dit traject mogelijk te maken vanaf 2030-2035. Dit project is beschreven in paragraaf 4.2

20

Programma Toekomstvast Tramnet Rotterdam Fase Planning Investering Subsidie MRDH

: : : :

Budget prijspeil 2026 Rol MRDH

: :

Planstudie, planuitwerking en realisatie Planstudie in 2024, looptijd realisatie tot 2030 Schatting € 77- € 97 miljoen € 55 miljoen (prijspeil 2024) (€ 47 mln. subsidie en € 8 mln. studie/onderzoeksbudget) € 58,5 miljoen Subsidieverlener (buitenruimte), opdrachtgever (railinfrastructuur)

Het Plan Toekomstvast Tramnet is het programma voor het toekomstige tramnetwerk tot 2030 en biedt nieuwe alternatieven voor busroutes. Het is een kader voor tramgemeenten, voor de RET en MRDH bij toekomstige beslissingen over vervoersplannen van de RET en investeringen in sporen, voertuigen en herinrichting van straten. Het doel is om het tramnet zodanig te optimaliseren dat het net als het metronet een substantiële bijdrage gaat leveren aan de stedelijke ontwikkeling en leefbaarheid van de regio Rotterdam. In juli 2023 is het plan vastgesteld en in 2024 vond nadere uitwerking plaats, inclusief de financiële aspecten die zijn vastgelegd in de bestuursovereenkomst. Hier stemde de bestuurscommissie op 5 februari 2025 mee in. Voor de eerste veranderingen aan het tramnet heeft de MRDH in 2025 en 2026 subsidies verleend.

21

4.2. Onderzoeken, initiatieven en verkenningen Investeren in bereikbaarheid Stadsbrug, HOV en station Stadionpark Fase Planning Investering

: : :

Subsidie MRDH

:

Budget prijspeil 2026 Rol MRDH

: :

Uitwerking 2024 - eind 2027 verkenning gereed € 1.288 miljoen inclusief btw (plus € 197,4 miljoen voor station Stadionpark) € 198,3 miljoen exclusief btw prijspeil 2022, geen bijdrage voor station Stadionpark € 227,9 miljoen exclusief btw Subsidieverlener, mede-opdrachtgever

De Bestuursovereenkomst voor een nieuwe stadsbrug in Rotterdam heeft betrekking op het voorkeursalternatief Oeververbinding en ov. Daarin zijn concrete afspraken opgenomen over de verdere uitwerking en realisatie van de nieuwe multimodale brugverbinding met een nieuwe HOVverbinding met tramkwaliteit van Zuidplein naar Kralingse Zoom en station Stadionpark. Gemeente Rotterdam en de MRDH voeren het onderdeel Hoogwaardige busverbinding van Centraal Station naar Zuidplein via de Maastunnel verder uit in het Programma OV Ontwikkeling Regio Rotterdam (POORR). Dit maakt geen onderdeel uit van deze bestuursovereenkomst. De brug moet ruimte bieden aan een nieuwe HOV-verbinding met tramkwaliteit, aan fietsers en voetgangers en aan een autoluwe wegverbinding, die ook geschikt is voor (deel)mobiliteitsconcepten en nood- en hulpdiensten. Uit het in de MIRT-verkenning uitgevoerde onderzoek blijkt dat de onderzochte brugvarianten niet vlot en veilig te passeren zijn door de scheepvaart. Tegelijkertijd blijkt uit aanvullend onderzoek dat er optimalisaties mogelijk zijn die kunnen leiden tot een veilig passeerbare brug. De partijen stellen de bestuurlijke voorkeur vast voor een nieuwe brug op de locatie 'Bocht A' Nesserdijk – Olympiaweg.

Om een vlot en veilig te passeren brug te ontwerpen doet de regio planuitwerking in samenwerking met partijen zoals RWS, het Havenbedrijf Rotterdam en de omgeving. De rollen en verantwoordelijkheden van de partijen worden nog nader uitgewerkt. De uit te werken uitgangspunten zijn onder meer: de oeveraanpassingen, maatregelen op de vaarweg, de dimensionering van het vaste deel en het beweegbare deel, de kosten en de effecten op de corridor. De gemeente Rotterdam en het Rijk zijn samen verantwoordelijk voor station Stadionpark. In de laatste afspraken is € 25 miljoen van mobiliteitspakketten overgeheveld naar dit project. Dat extra budget wordt aangewend voor de zogenaamde traverse. Partijen streven er naar de planning en studiefase uiterlijk voor het BO MIRT van najaar 2027 af te ronden met een Projectbeslissing inclusief een exploitatiebesluit voor het HOV. In de eerste fase van de planning en studiefase worden inhoudelijke onderzoeken uitgevoerd voor een stabiele scope. Daarom streven opdrachtgevers ernaar zo snel mogelijk een besluit te nemen over: ▪ een systeem en techniekkeuze voor de HOV-verbinding tussen Kralingse Zoom en Zuidplein met tramkwaliteit;

22

▪

▪

een vlotte en veilige brug inclusief de inzet van optimalisatiemogelijkheden (zoals oeveraanpassingen, maatregelen op de vaarweg, de dimensionering van het vaste deel en het beweegbare deel, de kosten en de effecten op de corridor) die kunnen leiden tot een veilig passeerbare brug; invulling van de term ‘autoluwe wegverbinding’.

23

RandstadRail Gekoppeld rijden lijn 2 of lijn 3 Fase Planning Investering Subsidie MRDH Budget prijspeil 2026 Rol MRDH

: : : : : :

Verkenning 2024 - begin 2026 verkenning gereed Nader te bepalen Nader te bepalen Nader te bepalen Mede-opdrachtgever

De verkenning dient als beslisdocument voor de MRDH en de gemeente Den Haag om te bepalen op welke lijnen van RandstadRail verlenging van de perrons haalbaar en effectief is. Naast de lijnen 3 en 4 betrekt de gemeente ook lijn 2 in deze verkenning.

24

Capaciteit Station Beurs Fase Planning Investering Subsidie MRDH Budget prijspeil 2026 Rol MRDH

: : : : : :

Verkenning medio 2026 verkenning gereed Nader te bepalen Nader te bepalen Nader te bepalen Mede-opdrachtgever

Het ov-knooppunt Beurs behoort tot de grootste ov-knooppunten van Nederland. Hier kruisen twee metrolijnen en komen diverse tramlijnen en stadsbussen samen. Het is voor de hele regio een belangrijke toegangspoort naar het centrum van Rotterdam. Tegelijkertijd speelt hier in de directe omgeving een grote verstedelijkingsopgave (‘Hart 010’) met nieuwbouw van woningen, kantoren en uiteenlopende stedelijke activiteiten. Het metrostation heeft uitgangen aan het Churchillplein, Binnenwegplein, Coolsingel en in de Beurstraverse (‘Koopgoot’). De overstap tussen beide metrolijnen kent capaciteitsknelpunten.

Drukte op de perrons van station Beurs. Foto: RET

In het onderzoek naar de reizigersbeoordeling van ov-knooppunten in 2019 scoorde Beurs een 7,0, terwijl het doel voor metropolitane knooppunten een reizigerswaardering van ten minste 7,5 is. Een substantiële verbetering van zowel de capaciteit als de kwaliteit vraagt om ingrijpende maatregelen om meer ruimte en licht te brengen in de centrale hal, de zichtbaarheid van de entree te verbeteren en zo nodig perrons te verbreden op de oost-west lijn. Hiervoor wordt nog nader onderzoek uitgevoerd. Deze maatregelen kunnen alleen uitgevoerd worden in nauwe samenhang met de vastgoed- en gebiedsontwikkeling en de stadsprojecten in de buitenruimte. De MRDH, RET en gemeente Rotterdam hebben in een startdocument deze en andere opgaven in hun onderlinge samenhang beschreven. De verwachting is dat dit alles forse ingrepen, intensieve samenwerking en een multidisciplinaire aanpak vergt. De eerste vervolgstap is een verkenning om de scope van het project verder af te bakenen, de benodigde nadere onderzoeken uit te voeren, alternatieven voor de verkenning te bepalen en een eerste kostenindicatie op te stellen. Bij verdere vervolgstappen zal nadere besluitvorming over verkenning en planstudie in de bestuurscommissie Vervoersautoriteit aan de orde komen.

25

Spoorbeveiliging samenloopdeel Fase Planning Investering Subsidie MRDH Budget prijspeil 2026 Rol MRDH

: : : : : :

Verkenning Realisatie 2030 - 2035 Nader te bepalen Nader te bepalen Nader te bepalen Opdrachtgever

Het samenloopdeel betreft het tracé waar zowel trams van RandstadRail, lijnen 3 en 4, als de metro’s van de E-lijn rijden. Het samenloopdeel ligt tussen de metro/tramstations Laan van NOI en Leidschenveen. Als de vervoersvraag voor metro en lightrail in dit gebied structureel met 3% per jaar groeit, zullen het metrosysteem en de RandstadRail eind 2030 hun maximumcapaciteit bereiken, ook na een frequentieverhoging. Een systeemsprong naar (deels) automatische metro’s en een opwaardering van de spoorbeveiliging van RandstadRail is dan de enige optie om het systeem verder te laten groeien. Deze verkenning krijgt vorm op het zogeheten ‘samenloopdeel’ tussen Laan van NOI en Leidschenveen. Via het Nationaal Groeifonds zijn in het BO MIRT van 2023 middelen overgeheveld naar het Mobiliteitsfonds en aan de MRDH toegekend om een innovatie aan de spoorbeveiliging door te voeren tussen 2030-2035.

Metro- en RandstadRailvoertuigen op het samenloopdeel. Https://hovm.nl/wp-content/uploads/2021/05/T201605-0071.jpg

26

Verkenning Koningscorridor Fase Planning Investering Subsidie MRDH Budget prijspeil 2026 Rol MRDH

: : : : : :

Onderzoek/initiatief, verkenning Nader te bepalen Nader te bepalen Nader te bepalen Mede-opdrachtgever

De MRDH heeft samen met de HTM en de gemeente Den Haag onderzocht op welke manier de ovcorridors Scheveningen - Binckhorst - Delft/Zoetermeer (Koningscorridor) stapsgewijs zouden kunnen worden ontwikkeld tot volwaardige en hoogfrequente lightrailverbindingen. Het onderzoek richtte zich op infrastructurele ingrepen als kruisingen, vrijliggende tracés, kunstwerken, tunnels, haltes enzovoort, met het doel om de reistijd en de capaciteit op deze corridor te verbeteren.

Vooruitlopend kunnen we stellen dat de corridor Zoetermeer-Binckhorst buiten de tijdshorizon van 2040 ligt. De mogelijke keuze om lijn 1 of lijn 19 in Delft door te zetten tot in de TU-wijk of Tanthof, is een keuze zonder infrastructurele gevolgen. Het gedeelte Binckhorst tot en met Den Haag Centraal Station is nu onderdeel van het programma Bereikbaarheid CID-Binckhorst. De vervoerscapaciteit tussen Den Haag Centraal Station en Scheveningen kan eventueel snel worden verhoogd via het programma Slim en Schoon naar Stad en Strand: met een tailtrack naast Centraal Station kan de tram snel keren

27

HOV Westland Fase Planning Investering Subsidie MRDH Budget prijspeil 2026 Rol MRDH

: : : : : :

Onderzoek/initiatief Afronding Verkenning in 2026 Nader te bepalen Nader te bepalen Nader te bepalen Mede-opdrachtgever

De MRDH geeft samen met de mede-opdrachtgevers gemeenten Westland, Den Haag en Maassluis een vervolg aan het in 2021 afgeronde onderzoek HOV Den Haag - Naaldwijk Maassluis - Delft - Rotterdam. Onder leiding van de gemeente Westland is een verkenning gestart die onder meer inzicht moet geven in een mogelijk tracé en de kosten van het beoogde BRTsysteem (Bus Rapid Transit, een hoogwaardig bussysteem).

Bus Rapid Transit in Nantes, Frankrijk

Afronding van de verkenning is voorzien in 2026. Naar verwachting zal de BcVa in de loop van 2026 een besluit nemen over het vervolg van dit project.

28

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/17020769/2