Bijlage bij BBV: Vergunningen & ontheffingen behorende tot cluster 1 coördinatieregeling
Tekst van het document
2.6
Elektrische infrastructuur Windparkbekabeling De windturbines zijn onderling en met het zogeheten inkoopstation verbonden door middel van bekabeling met een spanning van ca. 10 of 20 kV. Dit wordt aangeduid met het begrip ‘parkbekabeling’. In hoofdzaak is een kabeltracé ontworpen dat zoveel mogelijk de bestaande en aan te leggen onderhoudswegen volgt in verband met de beperking van het ruimtebeslag. Zie principetekening voor het tracé van de parkbekabeling. De definitieve ligging van de parkbekabeling, inclusief de geprojecteerde diepte, wordt drie weken voor de aanleg van de kabels aangeleverd aan het bevoegd gezag. Schakel-/inkoopstation Bij het windproject wordt een onderstation gerealiseerd waarin de opgewekte stroom vanuit de windturbines indien nodig wordt getransformeerd naar de spanning die wordt gevraagd vanuit de netbeheerder. In het onderstation bevindt zich tevens de meet- en schakelinstallatie van het windpark en de inkoop- en schakelinstallatie van de netbeheerder. Vanuit het inkoopstation wordt een kabelverbinding gerealiseerd naar het 380/150 kV Koppelstation Maasvlakte, te midden van de Maasvlakte. Netbeheerder Stedin is verantwoordelijk voor de netaansluiting, de kabelverbinding vanuit het inkoopstation naar station Maasvlakte maakt geen deel uit van de omgevingsvergunningaanvraag.
In het onderstation bevindt zich tevens de meet- en schakelinstallatie van het windpark en de inkoop- en schakelinstallatie van de netbeheerder en is onderdeel van de vergunningaanvraag van de Oostelijke windturbine (WT2).
Kenmerken bouwplan 9
Page 35 of 73
Windproject Noordzeeboulevard Toelichting aanvraag watervergunning Rijkswaterstaat
2.7
Tijdelijke situatie Tijdens de bouwfase vinden tijdelijke activiteiten plaats die samenhangen met de bouw van de windturbine. Er vindt onder meer opslag van windturbineonderdelen plaats en kraandelen plaats. Het ruimtebeslag in de tijdelijke situatie is weergegeven in onderstaande figuren. De vergunning wordt op hoofdlijnen aangevraagd en in onderstaande figuren zijn twee principetekeningen weergegeven.
Figuur 4
Principetekening 1.
Kenmerken bouwplan 10
Page 36 of 73
Windproject Noordzeeboulevard Toelichting aanvraag watervergunning Rijkswaterstaat Figuur 5
Principetekening 2.
2.8
Waterwerken Rijkswaterstaat Bij het realiseren van de windturbines moet rekening worden gehouden met de impact op de belangen van Rijkswaterstaat (RWS). De zeewering van MV2 bevindt zich (veel) verder naar het westen en wordt niet beïnvloed door dit project. RWS stelt daarom geen stabiliteitseisen aan werken op deze locatie. Een tweede belang vanuit RWS betreft de dam van het Slufterdepot, die dient om te voorkomen dat verontreinigingen vanuit de Slufter in het water van de Noordzee belanden. Als worstcasescenario kunnen we de maximale werpafstand van moderne windturbines bij overtoeren aanhouden. Zie daartoe onderstaande tabel. Hieruit blijkt dat de grootste werpafstand bij overtoeren (538 meter) veel kleiner is dan de kleinste afstand tussen de westelijke (en oostelijke) windturbine en de dam van het Slufterdepot. De afstand is 707 meter tot de westelijke positie.
Kenmerken bouwplan 11
Page 37 of 73
Windproject Noordzeeboulevard Toelichting aanvraag watervergunning Rijkswaterstaat Tabel 5
Werpafstanden bij overtoeren.
In Figuur 6 wordt de positie van de Stufterdam ten opzichte van de windturbines weergegeven. Rijkswaterstaat heeft de onderbouwing beoordeeld en bevestigt dat zowel de zeewering MV2 als de dam van het Slufterdepot niet worden beïnvloed door de voorgestelde plaatsing van de windturbines. Hierdoor worden er volgens het plan geen belangen van RWS geschaad. Figuur 6
Afstand windturbines tot de Slufterdam.
Kenmerken bouwplan 12
Page 38 of 73
Windproject Noordzeeboulevard Toelichting aanvraag watervergunning Rijkswaterstaat
Hoofdstuk 3 Effecten aanlegfase en gebruiksfase 3.1
Inleiding In dit hoofdstuk wordt een toelichting gegeven op relevante effecten die samenhangen met de bouw en het gebruik van de windturbines. Het gaat om een beschrijving van mogelijke (tijdelijke) effecten tijdens de aanlegfase en effecten tijdens de gebruiksfase op de waterveiligheid, waterkwaliteit en het watersysteem.
3.2
Werkstappen en effecten Heipalen Er wordt een heiplatform aangebracht dat bestaat uit een verdicht zandbed. Dit heiplatform is een tijdelijke voorziening en heeft als doel om vanaf een veilige en stabiele plek te werken en de heistelling boven de paalkoppen te positioneren. Fundatieplaat Na het aanbrengen van de palen start de civiele aannemer met het aanbrengen van de fundatieplaat. De volgende werkzaamheden worden achtereenvolgens uitgevoerd: • het uitgraven van de benodigde bouwput; • het gereedmaken van de ondergrond ten behoeve van de werkvloer; • uitzetwerk en aanbrengen van de werkvloer; • het koppen snellen van de heipalen; • aanbrengen van de binnenbekisting (indien noodzakelijk); • aanbrengen van de wapening, het aardings- en bliksembeveiligingssysteem en de in te storten voorzieningen (insert ring, spanankers indien van toepassing, mantelbuizen, e.d.); • aanbrengen van de buitenbekisting; • aanbrengen van het beton in één of meerdere fasen; • ontkisten en afwerken van het fundamenten; • het aanvullen of het aanbrengen van de terp rondom het fundament; • afwerken van de omgeving.
Effecten aanlegfase en gebruiksfase 13
Page 39 of 73
Windproject Noordzeeboulevard Toelichting aanvraag watervergunning Rijkswaterstaat
Gereed maken ondergrond
Aanbrengen van werkvloer
Aanbrengen wapening + mantelbuis bekabeling
Aanbrengen buitenbekisting
Aanbrengen beton
Afwerken fundamenten
Nadat het windturbinefundament gereed is kan worden gestart met de installatie van de windturbine. De werkstappen voor opbouw van de windturbine zijn als volgt: • Inrichten terrein; • aanvoer en opbouw kranen; • voormontage werkzaamheden; • bouw van de toren; • het plaatsen en monteren van het gondelhuis op toren; • het plaatsen en verbinden van de spinner (naaf + kap); • Eén voor één plaatsen en monteren van de drie rotorbladen; • afbreken kranen en verplaatsen Effecten aanlegfase en gebruiksfase 14
Page 40 of 73
Page 41 of 73
Retouradres: Rijkswaterstaat | Postbus 2232 | 3500 GE Utrecht
RWS INFORMATIE
Gemeente Voorne aan Zee Postbus 13 3220 AA HELLEVOETSLUIS
Rijkswaterstaat West-Nederland Zuid Laan op Zuid 45 3072 DB Rotterdam (Wilhelminahof) 8e etage Postbus 2232 3500 GE Utrecht E vergunningen.wnz@rws.nl www.rijkswaterstaat.nl Contactpersoon mw. S. Gadjdjoe T 06 251 940 42 E shalini.gadjdjoe@rws.nl
Datum Onderwerp Zaaknummer
19 maart 2025 Coördinatie; aanvraag om een vergunning krachtens de Waterwet (Wtw) RWSZ2023-00019747
Ons kenmerk RWS-2025/7767 Uw kenmerk 23053 Bijlage(n) 1
Geachte heer, mevrouw, Hierbij zend ik u als coördinerend bevoegd gezag het ontwerpbesluit, aangevraagd door WP Noordzeeboulevard B.V. De vergunningaanvraag heeft betrekking op handelingen waarop de bepalingen artikel 6.27 van de Waterwet juncto artikel 3.16 e.v. van de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht van toepassing zijn. Deze bepalingen regelen de gecoördineerde voorbereiding van een besluit op een watervergunningaanvraag met een aanvraag om een omgevingsvergunning. Ik verzoek u voor de verzending, publicatie en terinzagelegging zorg te dragen. Ik attendeer u erop dat het ontwerpbesluit zowel in huis-aan-huisbladen als in de Staatscourant moet worden gepubliceerd. U heeft de gelegenheid om - met het oog op de samenhang tussen de beschikkingen - een advies over het ontwerpbesluit aan mij uit te brengen. Heeft u vragen over de behandeling van uw aanvraag dan kunt u contact opnemen met de in de kantlijn vermelde contactpersoon, onder vermelding van zaaknummer RWSZ2023-00019747. Met vriendelijke groet, DE MINISTER VAN INFRASTRUCTUUR EN WATERSTAAT, namens deze, hoofd Vergunningverlening Rijkswaterstaat West-Nederland Zuid,
mevrouw M. Koubia
RWS INFORMATIE
Pagina 1 van 1
Page 42 of 73
Datum Nummer Onderwerp
Zaaknummer
19 maart 2025 RWS-2025/ Coördinatie; Ontwerp watervergunning voor het gebruikmaken van het rijkswaterstaatswerk de Noordzee voor het bouwen hebben en behouden van windturbine 2 (oostzijde) inclusief bijbehorende bouwwerken en voorzieningen nabij de Noordzeeboulevard, op het perceel kadastraal bekend als Westvoorne (WVN00), sectie D, nummer 11 RWSZ2023-00019747
Inhoudsopgave 1. 2. 3. 4. 5. 6. 7. 8. 9. 10.
Aanhef Besluit Voorschriften Aanvraag Toetsing van de aanvraag aan de doelstelling van het waterbeheer Procedure Conclusie Ondertekening Mededelingen Bijlage(n)
1.
Aanhef
De minister van Infrastructuur en Waterstaat heeft op 22 december 2023 een aanvraag ontvangen van WP Noordzeeboulevard B.V. te Enschede om een vergunning als bedoeld in hoofdstuk 6 van de Waterwet (Wtw) voor het verrichten van handelingen in een watersysteem. De aanvraag is namens de aanvrager ingediend door Bosch & Van Rijn B.V. te Utrecht. De aanvraag betreft het gebruikmaken van het rijkswaterstaatswerk de Noordzee door, anders dan in overeenstemming met de functie, daarin, daarop, daarboven, daarover of daaronder werkzaamheden te verrichten, werken te maken of te behouden, dan wel vaste substanties of voorwerpen te storten, te plaatsen of neer te leggen, of deze te laten staan of liggen, zijnde het bouwen hebben en behouden van windturbine 2 (oostzijde) inclusief bijbehorende bouwwerken en voorzieningen nabij de Noordzeeboulevard, op het perceel kadastraal bekend als Westvoorne (WVN00), sectie D, nummer 11.
RWS INFORMATIE
Pagina 1 van 15
Page 43 of 73
Datum 19 maart 2025
De aanvraag is geregistreerd onder zaaknummer RWSZ2023-00019747.
Nummer RWS-2025/
De gemeenteraad van Voorne aan Zee heeft op 21 december 2023 het besluit genomen om voor het windproject Noordzeeboulevard de coördinatieregeling toe te passen, zoals bedoeld in artikel 3.30 lid 1 onder a en b van de Wet ruimtelijke ordening. Onderdeel is ook de vergunning als bedoeld in artikel 6.5 van de Waterwet. Rijkswaterstaat heeft gelet op het besluit van de gemeenteraad van Voorne aan Zee de uniforme voorbereidingsprocedure conform afdeling 3.4 Awb op deze aanvraag toegepast. Dit heeft Rijkswaterstaat per brief van 28 februari 2024 met kenmerk RWS-2024/10899 aan WP Noordzeeboulevard B.V. (voorheen handelend onder de naam van Pure Energie Wind B.V.) medegedeeld. 2.
Besluit
Gelet op de bepalingen van de Waterwet, het Waterbesluit, de Waterregeling, de Algemene wet bestuursrecht en de hieronder vermelde overwegingen besluit de minister van Infrastructuur en Waterstaat als volgt: I. de gevraagde vergunning als bedoeld in artikel 6.5 sub c van de Waterwet en artikel 6.13 van het Waterbesluit aan WP Noordzeeboulevard B.V. te Enschede te verlenen voor het gebruikmaken van het rijkswaterstaatswerk de Noordzee door, anders dan in overeenstemming met de functie, daarin, daarop, daarboven, daarover of daaronder werkzaamheden te verrichten, werken te maken of te behouden, dan wel vaste substanties of voorwerpen te storten, te plaatsen of neer te leggen, of deze te laten staan of liggen, zijnde het bouwen hebben en behouden van windturbine 2 (oostzijde) inclusief bijbehorende bouwwerken en voorzieningen nabij de Noordzeeboulevard, op het perceel kadastraal bekend als Westvoorne (WVN00), sectie D, nummer 11. II. aan de vergunning de volgende voorschriften te verbinden met het oog op de in artikel 2.1 van de Waterwet genoemde doelstellingen. Voor een toelichting op de in deze vergunning vermelde begrippen wordt verwezen naar bijlage 1 van deze vergunning. 3.
Voorschriften Voorschrift 1 Plaatsbepaling werken
De werken dienen te worden gemaakt en behouden ter plaatse zoals is aangegeven op de bij deze beschikking behorende document met kenmerk Windproject Noordzeeboulevard, gedateerd op 14 december 2023, versie 1.0.
RWS INFORMATIE
Pagina 2 van 15 pagina’s (inclusief voorblad)
Page 44 of 73
Datum 19 maart 2025
Voorschrift 2 Ongewoon voorval 1.
2. 3.
4.
Nummer RWS-2025/
Indien zich een ongewoon voorval voordoet of heeft voorgedaan, dienen onmiddellijk maatregelen te worden getroffen die redelijkerwijs kunnen worden verlangd, om nadelige gevolgen zoveel mogelijk te beperken en ongedaan te maken ten aanzien van: het veilig en doelmatig gebruik van het oppervlaktewaterlichaam of bijbehorende kunstwerken overeenkomstig de daaraan toegekende functies, de ecologische toestand van het oppervlaktewaterlichaam, en het kustfundament. De vergunninghouder meldt een dergelijk ongewoon voorval zo spoedig mogelijk aan de waterbeheerder. De vergunninghouder verstrekt aan de waterbeheerder tevens, zodra zij bekend zijn, de gegevens met betrekking tot: De oorza(a)k(en) van het voorval en de omstandigheden waaronder het voorval zich heeft voorgedaan; Andere gegevens die van belang zijn om de aard en ernst van de gevolgen voor het waterstaatswerk van het voorval te kunnen beoordelen; De maatregelen die zijn genomen of worden overwogen om de gevolgen van het voorval te voorkomen, te beperken en/of ongedaan te maken. Binnen drie maanden na een dergelijk ongewoon voorval, moet de vergunninghouder aan de waterbeheerder informatie verstrekken over de maatregelen die worden overwogen om te voorkomen dat een zodanig voorval zich nogmaals kan voordoen. Voorschrift 3 Aanvang en voltooiing van de werkzaamheden
1. 2.
3. 4. 5.
Ten minste 5 werkdagen voordat met de werkzaamheden wordt begonnen moet de vergunninghouder dit melden bij de waterbeheerder. Alle krachtens deze vergunning te verrichten werkzaamheden moeten, eenmaal aangevangen, indien dit redelijkerwijs mogelijk is, onafgebroken en met spoed worden voortgezet. Indien de werkzaamheden (tijdelijk) niet kunnen worden voortgezet, moet dit uiterlijk binnen 2 dagen worden gemeld aan de waterbeheerder. Indien het werk gereed is, moet dit uiterlijk binnen 5 werkdagen gemeld worden aan de waterbeheerder. De meldingen, genoemd in lid 1, 3 en 4, kunnen onder vermelding van het zaaknummer RWSZ2023-00019747 per e-mail gericht worden aan: handhavingzh@rws.nl.
RWS INFORMATIE
Pagina 3 van 15 pagina’s (inclusief voorblad)
Page 45 of 73
Datum 19 maart 2025
Voorschrift 4 ‘As-built’ gegevens 1.
2. 3.
Nummer RWS-2025/
Binnen 3 maanden na het gereedkomen van het werk dient de vergunninghouder onder vermelding van het zaaknummer RWSZ2023-00019747, een ‘as-built’-tekening, met daarin het exacte tracé en (diepte)ligging (x, y, z-coördinaten) van het bouwwerk en de voorzieningen aan te leveren. De as-built gegevens dienen te voldoen aan de NLCS (Nederlandse CAD standaard). AutoCAD: as-built tekeningen dienen aangeleverd te worden als dwg-bestanden, dxf-bestanden (inleesbaar in AutoCAD Map 3D 2017) of shapefiles. Alle objecten dienen ingemeten te worden in het Rijksdriehoekstelsel (X, Y) in NAP. De nauwkeurigheid moet beter zijn dan 10 cm in x, y en z-coördinaat. Daarnaast dienen de tekeningen in pdf-formaat te worden aangeleverd via e-mailadres: handhavingzh@rws.nl. Voorschrift 5 Contactpersoon
1. De vergunninghouder is verplicht één of meer personen aan te wijzen die in het bijzonder belast is (zijn) met de naleving van het bij deze vergunning bepaalde, waarmee door of namens de waterbeheerder in spoedgevallen overleg kan worden gevoerd. 2. De vergunninghouder deelt schriftelijk binnen veertien dagen nadat deze vergunning in werking is getreden aan de waterbeheerder mee, wat de contactgegevens zijn (naam, adres telefoonnummer en e-mailadres) van degene(n) die door of vanwege hem is (zijn) aangewezen. 3. Wijzigingen moeten binnen 14 dagen schriftelijk worden gemeld. 4.
Aanvraag
4.1
Aanleiding
Pure Energie en Voorne-Putten Energie hebben een initiatief om een windproject te ontwikkelen, bouwen en exploiteren aan de Noordzeeboulevard ten westen van de Brielse Gatdam in de gemeente Voorne aan Zee. Dit project wordt uitgevoerd onder hun gezamenlijk B.V. zijnde WP Noordzeeboulevard B.V. Het initiatief is om twee windmolens te realiseren. Deze windmolens worden beoogd in het verlengde van de 14 windmolens van Windpark Slufterdam. Dit windpark is ten westen gelegen van Windproject Noordzeeboulevard.
RWS INFORMATIE
Pagina 4 van 15 pagina’s (inclusief voorblad)
Page 46 of 73
Datum 19 maart 2025
4.2
Handelingen waarvoor vergunning wordt aangevraagd
Nummer RWS-2025/
De vergunning wordt aangevraagd voor het bouwen hebben en behouden van windturbine 2 (oostzijde) inclusief bijbehorende bouwwerken en voorzieningen nabij de Noordzeeboulevard, op het perceel kadastraal bekend als Westvoorne (WVN00), sectie D, nummer 11. Op grond van artikel 6.13 van het Waterbesluit is het verboden om zonder vergunning van Onze Minister als bedoeld in artikel 6.5 van de Waterwet gebruik te maken van de Noordzee door, anders dan in overeenstemming met de functie daarin, daarop, daarboven of daaronder: a) de bodem op te hogen of te verharden of land aan te winnen; b) suppleties of andere handelingen die een landwaartse verplaatsing van de kustlijn tot gevolg kunnen hebben uit te voeren, anders dan op grond van artikel 2.7 van de Waterwet; c) installaties of kabels en leidingen te plaatsen of neer te leggen, of deze te laten staan of liggen; d) te bouwen. De hierboven genoemde handelingen zijn daarom vergunningplichtig. 4.2.1 Beschrijving van het oppervlaktewaterlichaam waarin de handelingen plaatsvinden De activiteit vindt plaats in het waterstaatswerk de Noordzee. De Noordzee is een randzee van de Atlantische Oceaan in Noordwest-Europa, met een gemiddelde diepte van 94 meter. Ten zuiden van de Doggersbank bedraagt de diepte doorgaans minder dan 50 meter.
De zee wordt aan drie zijden door land begrensd en opent zich trechtervormig naar de Noordoostelijke Atlantische Oceaan. De Noordzee is een belangrijke schakel in scheepsroutes en dient als verbinding tussen Europa en de andere wereldmarkten. Daarnaast zijn er nog vele veerverbindingen tussen de landen rond de Noordzee. De zuidelijke Noordzee is, samen met het aangrenzende Kanaal, de drukst bevaren scheepvaartregio ter wereld. 5.
Toetsing van de aanvraag aan de doelstellingen van het waterbeheer
De Waterwet omschrijft in artikel 6.21 in samenhang met 2.1 het toetsingskader voor de beslissing op de aanvraag. In artikel 2.1 Wtw zijn de algemene doelstellingen aangegeven die richtinggevend zijn bij de uitvoering van het waterbeheer: a) voorkoming en waar nodig beperking van overstromingen, wateroverlast en waterschaarste; b) in samenhang met de bescherming en verbetering van de chemische en ecologische kwaliteit van watersystemen en c) de vervulling van maatschappelijke functies door watersystemen. Deze doelstellingen vormen in onderlinge samenhang het toetsingskader
RWS INFORMATIE
Pagina 5 van 15 pagina’s (inclusief voorblad)
Page 47 of 73
Datum 19 maart 2025
bij vergunningverlening. Een vergunning wordt geweigerd indien de doelstellingen van het waterbeheer zich tegen vergunningverlening verzetten en het niet mogelijk is om de belangen van het waterbeheer door het verbinden van voorschriften of beperkingen voldoende te beschermen.
Nummer RWS-2025/
De doelstellingen zijn geconcretiseerd via normen en beleid ten aanzien van veiligheid, waterkwantiteit, waterkwaliteit en maatschappelijke functievervulling door watersystemen. De uitwerking hiervan vindt plaats in de Waterwet, in aanvullende regelgeving, in water- en beheerplannen op grond van hoofdstuk 4 van de Waterwet en in beleidsregels. De vastgestelde normen en het beleid zijn richtinggevend bij de toetsing of een aangevraagde handeling verenigbaar is met de doelstellingen voor het waterbeheer. Hieronder volgt een beschrijving van het beleid waarmee bij het beoordelen van de vergunningaanvraag rekening is gehouden. Hieronder volgt een beschrijving van het beleid waarmee bij het beoordelen van de vergunningaanvraag rekening is gehouden. Aan de hand van het in dit hoofdstuk beschreven toetsingskader volgt in de paragrafen 5.1 tot en met 5.4 de toetsing van de aanvraag aan de doelstellingen van het waterbeheer. 5.1
Regelgeving en beleid
De hoofdlijnen van het nationale waterbeleid ten aanzien van veiligheid en het doelmatig gebruik van waterstaatswerken en de manier waarop daarbij rekening moet worden gehouden met de ecologische doelstellingen die gelden voor KRW-waterlichamen zijn vastgelegd in het Nationaal Water Programma (NWP), planperiode 2022-2027. De Beleidslijn grote rivieren (hierna: Bgr) biedt een concreet afwegingskader op basis waarvan kan worden beoordeeld of een activiteit toelaatbaar is. Het Deltaplan Waterveiligheid beschrijft de Voortgang, programmering, planning en fasering van projecten voor waterveiligheid. De Deltabeslissing IJsselmeergebied geeft richting aan de maatregelen die zorgen voor het behouden en versterken van de functies voor de Nederlandse waterveiligheid en waterhuishouding. In de Beleidsregel toetsingskader waterkwaliteit is vastgelegd op welke manier aanvragen op grond van de Waterwet getoetst worden aan de ecologische doelstellingen die gelden voor KRW-waterlichamen. Voor de Noordzee is het beleid, zoals dat in het Kader Richtlijn Kust is opgenomen, verder gebiedsspecifiek uitgewerkt in de Beleidsnota Noordzee. De Beleidslijn voor de kust bevat een kader vanuit het waterveiligheidsbelang voor toetsing van ingrepen of activiteiten met een ruimtebeslag.
De strategie voor waterveiligheid houdt in: het kustfundament op peil houden, het handhaven van de kustlijn en het achterland met primaire waterkeringen beschermen tegen overstroming.
RWS INFORMATIE
Pagina 6 van 15 pagina’s (inclusief voorblad)
Page 48 of 73
Datum 19 maart 2025
5.2
Overwegingen t.a.v. de beperking van overstromingen, wateroverlast en waterschaarste (veiligheid en waterkwantiteit)
Nummer RWS-2025/
De hoofddoelstelling van het beleid in het kustfundament is de waarborging van de veiligheid tegen overstromingen vanuit zee met behoud van de (inter)nationale ruimtelijke waarden waarbij de gebiedsspecifieke identiteit een belangrijke kernkwaliteit is. Het dynamisch handhaven van de basiskustlijn en op peil houden van het zandvolume van het kustfundament met zandsuppleties voorkomen erosie van de kust en dragen bij aan het voorkomen van overstromingen vanuit de Noordzee. De Beleidslijn kust (2007) bevat onder meer een kader vanuit het waterveiligheidsbelang voor toetsing van ingrepen of activiteiten met een ruimtebeslag. De Beleidslijn kust maakt een onderscheid in: a) beleid voor bestaand bebouwd gebied: ‘ja, mits’-principe b) beleid voor onbebouwd gebied: ‘nee, tenzij’-principe c) beleid voor jaarrond aanwezigheid en exploitatie van strandpaviljoens en andere semipermanente bouwwerken op het strand; d) voorwaarden vanuit waterveiligheid en overige voorwaarden (vanuit ruimtelijke kwaliteit, natuur en ecologie). De toelaatbaarheid van activiteiten in het kustfundament is beoordeeld aan de hand van een handreiking die is opgenomen in de beleidslijn.
De toepassing van deze handreiking en in het bijzonder het criterium ‘geen feitelijke belemmering van het meegroeien met de zee, van de kustlijnzorg en het veilige en doelmatig gebruik van het waterstaatswerk’ bij de beoordeling van activiteiten is nader uitgewerkt in het ‘Uitvoeringskader vergunningverlening kust (geactualiseerd) van 31 mei 2012. Ad b) Beleid voor onbebouwd gebied Het bevoegd gezag kan medewerking verlenen aan ingrepen, bij: a) Te kleine activiteiten om relevant te zijn voor de waterveiligheid: • tijdelijke activiteiten (tijdelijk of seizoensgebonden); • activiteiten als bedoeld in het besluit bouwvergunningvrije en lichtbouwvergunningplichtige bouwwerken; • activiteiten als bedoeld in artikel 20 van het besluit op de Ruimtelijke • Ordening, als uitwerking van artikel 19 lid 3 van de Wet op de Ruimtelijke Ordening; • 10%- regeling voor bestaande bebouwing: bestaande gebouwen en • bedrijven mogen bij her- en verbouw eenmalig maximaal 10% (qua ruimtebeslag) worden uitgebreid, met inachtneming van overig beleid; • er is sprake van vervangende nieuwbouw of functieverandering binnen bestaande bebouwing in het buitengebied.
b) Activiteiten die per saldo positief bijdragen aan de strategie van het zandig kustfundament; c) Voorzieningen van openbaar belang: nutsvoorzieningen, voorzieningen voor operationeel beheer door hulpdiensten, natuur, drinkwaterwinning en andere zaken tot nut van het algemeen;
RWS INFORMATIE
Pagina 7 van 15 pagina’s (inclusief voorblad)
Page 49 of 73
Datum 19 maart 2025
d)
e)
Werken ten behoeve van de waterstaatkundige functie van het kustfundament. Hieronder vallen aanleg of wijziging van waterstaatkundige werken of voorzieningen voor de waterhuishouding, de veiligheid (waterkeringen) en de scheepvaart; Zaken van groot openbaar belang die niet vallen onder a, b, c, of d.
Nummer RWS-2025/
De activiteit betreft het bouwen, hebben en behouden van een windturbine (oostzijde) inclusief bouwwerken en voorzieningen langs de Noordzeeboulevard in de gemeente Voorne aan Zee. Onderdeel c. is hier van toepassing. Ad d) Voorwaarden in het toepassingsgebied Voor initiatieven in het toepassingsgebied van de beleidslijn zijn voorwaarden van toepassing, afhankelijk van de aard van de ingreep en de locatie. Voorwaarden vanuit waterveiligheid • Er is geen sprake van feitelijke belemmering van het meegroeien met de zeespiegel, van de kustlijnzorg of van de versterking van het zandige kustfundament. De wijze waarop mogelijke consequenties worden ondervangen, is helder vooraf geregeld; • Er is sprake van een zodanige situering, ontwerp en uitvoering van de ingreep; • Er wordt voldaan aan ‘zacht waar het kan, hard waar het moet’; • Er is geen sprake van een feitelijke belemmering van het onderhoud, de huidige veiligheid of de toekomstige versterking van de primaire waterkering inclusief de ruimte nodig voor 200 jaar zeespiegelstijging. De wijze waarop mogelijke consequenties worden ondervangen, is helder vooraf geregeld; • Indien de waterkeringbeheerder een waterschap is, dient te worden voldaan aan de eisen van de Keur (en legger).
Conclusie Er is geen sprake van een feitelijke belemmering voor het meegroeien met de zeespiegel, van de kustlijnzorg of van de versterking van het zandige kustfundament omdat het hier een harde zeewering betreft. Ook is er geen sprake van een feitelijke belemmering voor het onderhoud. Het initiatief voldoet aan het criterium ‘zacht waar het kan, hard waar het moet’.
RWS INFORMATIE
Pagina 8 van 15 pagina’s (inclusief voorblad)
Page 50 of 73
Datum 19 maart 2025
5.3
Overwegingen t.a.v. de bescherming en verbetering van de chemische en ecologische kwaliteit van watersystemen (waterkwaliteit)
Nummer RWS-2025/
Voor zover de aanvraag gevolgen heeft voor de chemische kwaliteit van watersystemen, zijn die gevolgen getoetst in het onderdeel van deze vergunning dat over de bij de activiteit vrijkomende emissies gaat, of in het kader van de toetsing aan algemene regels zoals het Besluit Bodemkwaliteit. In dit gedeelte van de vergunning wordt daarom alleen getoetst aan de ecologische doelstellingen van het relevante waterlichaam. Hierbij is gebruik gemaakt van de ‘Beleidsregel toetsingskader waterkwaliteit’ (Staatscourant 2022, nr. 6470). Het uitvoeren van de in de onderhavige aanvraag vermelde handelingen leiden niet tot een toename van lozingen en verliezen van gevaarlijke stoffen en hebben geen beperking in de uitvoering van het ecologische herstel tot gevolg. 5.4
Overwegingen t.a.v. de maatschappelijke functievervulling door watersystemen
Beleid voor de vervulling van maatschappelijke functies door watersystemen Het Nationaal Waterplan kent aan de Rijkswateren verschillende gebruiksfuncties toe die specifieke eisen stellen aan het beheer of gebruik van het betreffende rijkswater. De functies zijn nader uitgewerkt in het Nationaal Water Programma 2022-2027. Een groot deel van het beheer is gericht op de instandhouding van de basisfuncties en de bijbehorende infrastructuur. Uitgangspunt is daarbij te voldoen aan de wettelijk vastgestelde eisen en doelstellingen. Als de basisfuncties op orde zijn, ontstaan ook gunstige condities voor de gebruiksfuncties. Een goede kwaliteit van het oppervlaktewater is bijvoorbeeld een voorwaarde voor de winning van drinkwater en voor zwemmen. De aanwezigheid van voldoende water is belangrijk voor de scheepvaart en de natuur. Voor het waterlichaam kust zijn in het Nationaal Waterprogramma 2022-2027, naast de functies die mogelijk vallen onder de beschermde gebieden, de navolgende gebruiksfuncties beschreven: • Zwemwater • Koelwater • Energie • Scheepvaart • Watersport en oeverrecreatie • Beroeps- en sportvisserij • Oppervlaktedelfstoffen • Archeologie, cultuurhistorie en landschap
RWS INFORMATIE
Pagina 9 van 15 pagina’s (inclusief voorblad)
Page 51 of 73
Datum 19 maart 2025
Rijkswaterstaat ondersteunt deze functies als een ‘gastheer’ op het water. In de overwegingen wordt op deze functies ingegaan voor zover er een relatie is met de aanvraag.
Nummer RWS-2025/
Uitgangspunt is dat in beginsel aan de eisen van de gebruiksfuncties wordt voldaan wanneer de basisfuncties veiligheid, voldoende water en schoon en gezond water op orde zijn. Feitelijk gebruik Daarnaast is beoordeeld of deze aanvraag op de beoogde locatie invloed heeft op de toegekende gebruiksfuncties en of dit toelaatbaar is. Omdat inmiddels uit jurisprudentie duidelijk is geworden dat ook niet-toegekende functies een weigeringsgrond voor de vergunning kunnen vormen, dient ook de invloed op deze niet-toegekende functies afgewogen te worden. Er is daarom tevens getoetst of het gebruik van het waterstaatswerk onaanvaardbare gevolgen heeft voor het feitelijke maatschappelijke gebruik van het watersysteem op de beoogde locatie. Zoals aangegeven heeft het gebruik van het waterstaatswerk geen onaanvaardbare gevolgen voor het voorkomen en beperken van overstromingen, wateroverlast en waterschaarste en de bescherming en verbetering van de chemische en ecologische waterkwaliteit. De hierboven bovengenoemde gebruiksfuncties worden niet negatief geraakt met het nemen van dit besluit. 5.5
Geldigheid/Tijdelijkheid van de vergunning
Geldigheid van de vergunning Op grond van artikel 6.22, tweede lid, van de Waterwet kan de waterbeheerder de vergunning intrekken als de vergunning gedurende drie achtereenvolgende jaren niet is gebruikt. Rechtsopvolging Op grond van artikel 6.24, van de Waterwet dient de rechtsopvolger van de vergunninghouder binnen vier weken nadat de vergunning voor hem is gaan gelden, daarvan mededeling aan het bevoegd gezag doen. 6.
Procedure
De gemeenteraad van Voorne aan Zee heeft op 21 december 2023 het besluit genomen om voor het windproject Noordzeeboulevard de coördinatieregeling toe te passen, zoals bedoeld in artikel 3.30 lid 1 onder a en b van de Wet ruimtelijke ordening. Onderdeel is ook de vergunning als bedoeld in artikel 6.5 van de Waterwet. Rijkswaterstaat heeft, gelet op het besluit van de gemeenteraad van Voorne aan Zee, de uniforme voorbereidingsprocedure conform afdeling 3.4 Awb op deze aanvraag toegepast. Dit heeft Rijkswaterstaat per brief van 28 februari 2024 met kenmerk RWS-2024/10899 aan WP Noordzeeboulevard B.V. (voorheen: Pure Energie Wind B.V.) medegedeeld.
RWS INFORMATIE
Pagina 10 van 15 pagina’s (inclusief voorblad)
Page 52 of 73
Datum 19 maart 2025
6.1
Ingebrachte zienswijzen
Nummer RWS-2025/
P.M. 7.
Conclusie
De in de vergunning opgenomen voorschriften waarborgen dat de doelstellingen van het waterbeheer voldoende worden beschermd. Op grond van de overwegingen bestaan er daarom geen bezwaren tegen het verlenen van de gevraagde vergunning. 8.
Ondertekening
DE MINISTER VAN INFRASTRUCTUUR EN WATERSTAAT, namens deze, hoofd Vergunningverlening Rijkswaterstaat West-Nederland Zuid,
mevrouw M. Koubia
RWS INFORMATIE
Pagina 11 van 15 pagina’s (inclusief voorblad)
Page 53 of 73
Datum 19 maart 2025
9.
Mededelingen
Nummer RWS-2025/
Voor meer informatie over dit ontwerpbesluit kunt u terecht bij de contactpersoon. De contactgegevens staan in de begeleidende brief bij dit besluit. De contactpersoon kan uw vragen beantwoorden en het besluit met u doornemen. Om te bepalen of u meer informatie wilt, kunnen de volgende vragen en aandachtspunten u helpen: Is de inhoud van het ontwerpbesluit duidelijk en is helder wat het concreet voor u betekent? Kunt u beoordelen of het ontwerpbesluit inhoudelijk juist is of niet? Of heeft u behoefte aan een toelichting? Kloppen de gegevens over u in het ontwerpbesluit en heeft u alle gegevens verstrekt? Ook wanneer u andere vragen heeft over het ontwerpbesluit of de procedure kunt u contact opnemen. Op grond van de Algemene wet bestuursrecht kan een ieder, gedurende een periode van zes weken vanaf de dag waarop de ontwerpvergunning ter inzage is gelegd, schriftelijk of mondeling zijn zienswijze over de ontwerpvergunning naar voren brengen. Een zienswijze moet worden gericht aan de gemeente Voorne aan Zee. Overige mededelingen: Het hebben van deze vergunning ontslaat de houder niet van de verplichting om de redelijkerwijs mogelijke maatregelen te treffen teneinde te voorkomen dat derden of de Staat ten gevolge van het gebruikmaken van de vergunning schade lijden.
Naast de vergunning heeft u voor het gebruik van Staatsgrond en -water nog toestemming nodig van het Rijksvastgoedbedrijf. Ik wijs u erop dat het Rijksvastgoedbedrijf aan een dergelijke privaatrechtelijke regeling nog nadere voorwaarden kan stellen, waaronder het betalen van een (marktconforme) gebruiksvergoeding. Pas op het moment dat een privaatrechtelijke regeling is overeengekomen met het Rijksvastgoedbedrijf mag gebruik worden gemaakt van staatseigendom(men) ter uitvoering van de vergunde activiteit(en). Een afschrift van het besluit wordt gezonden aan: • Rijksvastgoedbedrijf • Vastgoed West-Nederland Zuid • Bosch & Van Rijn B.V. • Gemeente Voorne aan Zee, t.a.v. D. Kemps, M. Simons en W. Vries 10.
Bijlagen
Bijlage 1, Begripsbepalingen Bijlage 2, Document
RWS INFORMATIE
Pagina 12 van 15 pagina’s (inclusief voorblad)
Page 54 of 73
Datum 19 maart 2025
Bijlage 1, Begripsbepalingen
Nummer RWS-2025/
Behorende bij de vergunning van de minister van Infrastructuur en Waterstaat van heden. In deze vergunning wordt verstaan onder: 1. ‘Aanvraag’: de aan deze vergunning ten grondslag liggende aanvraag is op 22 december 2023 binnengekomen bij de minister van Infrastructuur en Waterstaat en geregistreerd onder zaaknummer RWSZ2023-00019747. 2. ‘Afdeling Handhaving’: de afdeling Handhaving van Rijkswaterstaat West-Nederland Zuid. 3. ‘Basiskustlijn (BKL)’: de kustlijn die in het kader van het kusthandhavingsbeleid als referentie dient (in het algemeen de positie van de ‘gemiddelde’ kustlijn op 1 januari 1990). 4. ‘NWP 2022-2027’: het Nationale Water Programma zoals dat op 22 maart 2022 in werking is getreden (te downloaden van www.rijkswaterstaat.nl). 5. ‘Kaderrichtlijn Water (KRW)’: richtlijn 2000/60/EG van 23 oktober 2000 tot vaststelling van een kader voor communautaire maatregelen betreffende het waterbeleid. 6. ‘KRW-waterlichaam’: volgens artikel 2, lid 10, van de richtlijn 2000/60/EG is een KRW-waterlichaam een te onderscheiden oppervlaktewater van aanzienlijke omvang, zoals een meer, een waterbekken, een stroom, een rivier, een kanaal, een deel van een stroom, rivier of kanaal, een overgangswater of een strook kustwater. 7. ‘Kust’: de kust is het gebied dat de overgang markeert van land naar zee.
In het noorden wordt de kust gevormd door het bedijkte vasteland van Friesland en Groningen en door Waddeneilanden met hun duinen aan de Noordzeezijde en dijken aan de kant van de Waddenzee. In de Zeeuwse Delta in het zuiden bestaat de kust uit duinen, de dijken langs de Westerschelde en de dammen van de Deltawerken. Tussen de Zeeuwse Deltakust en de Fries-/Groningse Waddenkust ligt de Hollandse kust, bestaande uit duinen en enkele zeedijken. (BRON: Derde Kustnota (2000)). 8. ‘Kustfundament’: het kustfundament bestaat uit het geheel van kust, zee, strand, zeedijken, dammen en duingebied. In het kustfundament liggen kustplaatsen, havens, industriegebieden, natuurgebieden en waardevolle landschappen. 9. ‘Kustlijn’: grens tussen land en zee; meestal de gemiddelde laagwaterlijn (BRON: Derde Kustnota (2000)). 10. ‘Ongewoon voorval’: een voorval waardoor nadelige gevolgen voor het oppervlaktewaterlichaam zijn ontstaan of dreigen te ontstaan. 11. ‘Onttrekken’: het door middel van een werk halen van water uit een oppervlaktewaterlichaam.
RWS INFORMATIE
Pagina 13 van 15 pagina’s (inclusief voorblad)
Page 55 of 73
Datum 19 maart 2025
12. ‘Oppervlaktewaterlichaam’: samenhangend geheel van vrij aan het aardoppervlak voorkomend water, met de daarin aanwezige stoffen, alsmede de bijbehorende bodem, oevers en, voor zover uitdrukkelijk aangewezen krachtens de Wtw, drogere oevergebieden, alsmede flora en fauna. 13. ‘Primaire waterkering’: waterstaatswerken van nationaal belang, die veelal in beheer zijn bij waterschappen (en dus tot de “regionale waterstaatswerken” behoren) en in sommige gevallen bij het Rijk (en dan tot de “rijkswaterstaatswerken” horen). 14. ‘Strand’: gedeelte van de kuststrook tussen de laagwaterlijn en de duinvoet/gebied tussen zee en duin. 15. ‘Vergunninghouder’: diegene die krachtens deze vergunning handelingen verricht. 16. ‘Waterbeheerder’: de minister van Infrastructuur en Waterstaat, per adres Rijkswaterstaat West-Nederland Zuid, afdeling Vergunningverlening, Postbus 2232, 3500 GE Utrecht. 17. ‘Werken/Werk’: het bouwen hebben en behouden van windturbine 2 (oostzijde) inclusief bijbehorende bouwwerken en voorzieningen nabij de Noordzeeboulevard, op het perceel kadastraal bekend als Westvoorne (WVN00), sectie D, nummer 11. 18. ‘Werkzaamheden’: het maken, aanleggen, houden, onderhouden en opruimen van de met dit besluit vergunde werk(en).
Nummer RWS-2025/
RWS INFORMATIE
Pagina 14 van 15 pagina’s (inclusief voorblad)
Page 56 of 73
Datum 19 maart 2025
Bijlage 2, Document
Nummer RWS-2025/
Behorende bij de vergunning van de minister van Infrastructuur en Waterstaat van heden. Document met kenmerk: Windproject Noordzeeboulevard, gedateerd op 14 december 2023, versie 1.0.
RWS INFORMATIE
Pagina 15 van 15 pagina’s (inclusief voorblad)
Page 57 of 73
Bosch & van Rijn Franz-Lisztplantsoen 220 3533 JG Utrecht 030 – 677 6466
Auteurs Daan Booij MSc.
Opdrachtgever Pure Energie Wind B.V.
Windproject Noordzeeboulevard Toelichting aanvraag watervergunning Rijkswaterstaat
Page 58 of 73
Windproject Noordzeeboulevard Toelichting aanvraag watervergunning Rijkswaterstaat
Datum
14 december 2023
Versie
1.0
Auteur
D. Booij
Bosch & Van Rijn Franz-Lisztplantsoen 220 3533 JG Utrecht Tel: Mail: Web:
030-677 6466 info@boschenvanrijn.nl www.boschenvanrijn.nl
© Bosch & Van Rijn 2023 Behoudens hetgeen met de opdrachtgever is overeengekomen, mag in dit rapport vervatte informatie niet aan derden worden bekendgemaakt. Bosch & Van Rijn BV is niet aansprakelijk voor schade door het gebruik van deze informatie
Page 59 of 73
Windproject Noordzeeboulevard Toelichting aanvraag watervergunning Rijkswaterstaat
Inhoudsopgave H OOFDSTUK 1 1.1 1.2 1.3 1.4 1.5
H OOFDSTUK 2 2.1 2.2 2.3 2.4 2.5 2.6 2.7 2.8
H OOFDSTUK 3 3.1 3.2
INLEIDING
3
Aanleiding Initiatiefnemer Locatie Vergunningaanvraag WT 2 Pure Energie Voorbereidingsprocedure
3 3 4 5 5
KENMERKEN BOUWPLAN
6
Bandbreedte voor afmetingen windturbines Bouwplan Kenmerken windturbine Fundering Civiele infrastructuur Elektrische infrastructuur Tijdelijke situatie Waterwerken Rijkswaterstaat
6 6 7 8 9 9 10 11
EFFECTEN AANLEGFASE EN GEBRUIKSFASE
13
Inleiding Werkstappen en effecten
13 13
Inleiding 2
Page 60 of 73
Windproject Noordzeeboulevard Toelichting aanvraag watervergunning Rijkswaterstaat
Hoofdstuk 1 Inleiding 1.1
Aanleiding In verband met de bouw en exploitatie van het Windproject Noordzeeboulevard en bijbehorende bouwwerken en voorzieningen is een vergunning nodig op grond van de Waterwet. Het gaat om een watervergunning voor de bouw en het gebruik van de windturbines, die zijn geprojecteerd in water waarvoor Rijkswaterstaat is aangewezen als beheerder. Op grond van Artikel 6.13 lid d van het Waterbesluit in samenhang met legger RWS met waterstaatkundig beheer Noordzee is het verboden om zonder strekkende vergunningen gebruik te maken van de Noordzee door, anders dan in overeenstemming met de functie, daarin, daarop, daarboven, daarover of daaronder te bouwen. Daarom is een vergunning nodig voor het bouwen van een windturbine in de Noordzee.
Naast de watervergunning bij Rijkswaterstaat worden voor het project de volgende vergunningen en een ontheffingen (uitvoeringsbesluiten) aangevraagd: ➢ Omgevingsvergunning afwijken bestemmingsplan (artikel 2.1 lid 1 onder c Wabo in samenhang met artikel 2.12 lid 1 sub a onder 3) ➢ Omgevingsvergunning activiteit bouwen (artikel 2.1 lid 1 aanhef onder a Wabo); ➢ Omgevingsvergunning voor aanleggen of veranderen van een weg (artikel 2.2 lid 1 onder d Wabo) ➢ Vergunning op grond van de Wet natuurbescherming ➢ Ontheffing op grond van de Wet natuurbescherming ➢ Waterwetvergunning Waterschap Hollandse Delta Bovengenoemde vergunningen en ontheffingen worden gecoördineerd voorbereid en verleend. Gemeente Voorne aan Zee treedt op als coördinerend bevoegd gezag. De activiteiten die samenhangen met de bouw en het gebruik van twee windturbines is in voorliggende toelichting beschreven, inclusief de gevolgen voor het watersysteem, waterveiligheid en waterkwaliteit.
1.2
Initiatiefnemer Pure Energie Wind B.V. is initiatiefnemer voor WT2 van het windproject in de gemeente Voorne aan Zee, gelegen in de provincie Zuid-Holland en zal optreden als exploitant van deze windturbine. Contactgegevens zijn: Pure Energie Wind B.V. Hengelosestraat 585
Inleiding 3
Page 61 of 73
Windproject Noordzeeboulevard Toelichting aanvraag watervergunning Rijkswaterstaat
7521AG Enschede E j.dewaart@pure-energie.nl M +31 6 838 91 280
1.3
Locatie Voor Windproject Noordzeeboulevard wordt een omgevingsvergunningaanvraag ingediend voor afwijken van het bestemmingsplan. Met die aanvraag is toestemming gevraagd voor het planologisch gebruik van betrokken gronden en bouwwerken voor de opwek van duurzame energie met behulp van windturbines. De windturbines worden nabij de Maasvlakte gerealiseerd.
Figuur 1
Situatie Windproject Noordzeeboulevard.
In onderstaande tabel zijn de coördinaten van de windturbines vermeld. Deze coordinaten geven het hart van de windturbines aan. Tabel 1
Coördinaten windturbines.
Windturbine WT1 (west) WT2 (oost)
x 61.562 62.099
y 438.068 438.258
Inleiding 4
Page 62 of 73
Windproject Noordzeeboulevard Toelichting aanvraag watervergunning Rijkswaterstaat
1.4
Vergunningaanvraag WT 2 Pure Energie Windproject Noordzeeboulevard bestaat uit twee windturbines die worden ontwikkeld door Pure Energie Wind B.V. en C.V. Voorne-Putten Energie U.A. De vergunningaanvraag wordt separaat uitgevoerd voor de twee windturbines. Windturbine 1 komt op de naam van C.V. Voorne-Putten Energie U.A. en windturbine 2 op naam van Pure Energie Wind B.V. Deze vergunningaanvraag betreft de vergunningaanvraag voor windturbine 2 die op naam van Pure Energie Wind B.V. komt met onderstaande coördinaten.
Tabel 2
Coördinaten windturbine 2 in Rijkscoördinatenstelsel.
Windturbine WT 2
1.5
x-coördinaat
y-coördinaat
62.099
438.258
Voorbereidingsprocedure Coördinatie van besluiten Het project valt ook onder de werking van artikel 9e en 9f lid 1 van de Elektriciteitswet op grond waarvan GS optreedt als coördinerend bevoegd gezag voor alle besluiten die zijn aangewezen. Dat betreft de besluiten als bedoeld in artikel 9d lid 1 waarin wordt verwezen naar artikel 1 van het Uitvoeringsbesluit rijkscoördinatieregeling energie-infrastructuurprojecten. In artikel 1 van dat Besluit zijn alle besluiten aangewezen die zijn genoemd in paragraaf 1.1 van deze toelichting. Op alle aanvragen van te coördineren besluiten is de uitgebreide openbare voorbereidingsprocedure van toepassing waarbij eerst een ontwerpbesluit ter visie wordt gelegd voordat een definitief besluit wordt genomen. Het coördinerend bevoegd gezag bepaalt welke besluiten worden verzameld in zogeheten mandjes en vervolgens gezamenlijk in ontwerp ter visie worden gelegd. Crisis- en herstelwet Het windproject Noordzeeboulevard is een project dat is te typeren als een project als bedoeld in bijlage 1 artikel 1.2 ‘aanleg of uitbreiding van productie-installaties voor de opwekking van duurzame elektriciteit met behulp van windenergie als bedoeld in artikel 9b, eerste lid, aanhef en onderdelen a en b en artikel 9e van de Elektriciteitswet 1998.
Het feit dat de Crisis- en herstelwet van toepassing is moet in de besluiten en kennisgevingen worden vermeld omdat dit consequenties heeft voor de beroepsprocedure na verlening van de definitieve vergunning.
Inleiding 5
Page 63 of 73
Windproject Noordzeeboulevard Toelichting aanvraag watervergunning Rijkswaterstaat
Hoofdstuk 2 Kenmerken bouwplan 2.1
Bandbreedte voor afmetingen windturbines Omdat nog geen keuze is gemaakt voor een specifiek windturbinetype (de aanbesteding kan pas plaatsvinden als de vergunningen en de SDE++ subsidie zijn verkregen), betreft het een omgevingsvergunningaanvraag voor een windturbinetype met algemene kenmerken, waarbij een bandbreedte is aangehouden voor ashoogte en rotordiameter. De bandbreedtes voor ashoogte en rotordiameter van de windturbines zijn weergegeven in onderstaande tabel.
Tabel 3
Afmetingen van de bandbreedte van de beoogde windturbines
Bandbreedte
Ashoogte
Rotordiameter
Tiphoogte
Tiplaagte
Ondergrens Bovengrens
150m 190m
149m 180m
225m 280m
76m 100m
De aanzichten van deze bandbreedte, inclusief afmetingen, zijn weergegeven in de bijlagen. Figuur 2
Schematische weergave van mogelijke afmetingen van de te plaatsen windturbines.
2.2
Bouwplan Het bouwplan bestaat uit een windturbine, inclusief windturbinefundament met bijbehorende voorzieningen; infrastructuur, windparkbekabeling en een inkoopstation waar een aansluiting op het regionaal elektriciteitsnetwerk wordt gerealiseerd.
Kenmerken bouwplan 6
Page 64 of 73
Windproject Noordzeeboulevard Toelichting aanvraag watervergunning Rijkswaterstaat
De aanvraag betreft de bouw en het gebruik van de volgende onderdelen: ➢ 1 windturbine; ➢ 1 windturbinefundament; ➢ 1 kraanopstelplaats inclusief eventueel benodigde hulpconstructies; ➢ Windparkbekabeling ➢ 1 transformatorstation met een inkoopstation; ➢ Per windturbine een tijdelijke onderhoudsweg
2.3
Kenmerken windturbine De beoogde windturbine bestaat uit een conisch gevormde stalen mast of betonnen toren of een combinatie van beiden (zie Figuur 3), afhankelijk van het te bouwen windturbinetype. Op de mast of toren bevindt zich een gondelhuis waar drie rotorbladen aan zijn bevestigd. De twee windturbines zijn qua afmetingen en kenmerken identiek. De aanzichten van de windturbine, inclusief afmetingen, zijn weergegeven op de aanzichttekening in de bijlagen.
Tabel 4
Kenmerken windturbine
Kop 1
Kenmerken
Bouwplan
Rotor Funderingsprincipe
3 bladen per rotor Fundatieplaat van gewapend beton gefundeerd op grond verdringende heipalen of schroefpalen. Hoogte fundament is afgestemd op peil (omliggend maaiveld), bovenzijde fundament is geheel of gedeeltelijk boven maaiveld gelegen. Het principe van het windturbinefundament is weergeven op tekening. Prefab betonpaal, vibropaal of schroefpaal Grijs/wit, maar in ieder geval conform het gestelde in het informatieblad ‘Aanduiding van windturbines en windparken op het Nederlandse vasteland’ Hindermarkering en obstakellichten worden uitgevoerd conform eisen uit het Informatieblad aanduiding van windturbines en windparken op het Nederlandse vasteland en op basis van een goedgekeurd verlichtingsplan door ILenT. Obstakellichten verlichting worden ofwel vastbrandend uitgevoerd ofwel aangestuurd door een ADLS systeem (detectiesysteem op basis van transpondertechniek). In geval van vastbrandende verlichting wordt gekozen voor een regelbare lichtintensiteit voor de schemer- en nachtlichtperiode.
Paalsysteem Kleurstelling turbine
Obstakelverlichting
Kenmerken bouwplan 7
Page 65 of 73
Windproject Noordzeeboulevard Toelichting aanvraag watervergunning Rijkswaterstaat Figuur 3
Verhouding stalen mast en betonnen toren
2.3.1
Kleuren en materialen De windturbine bestaat uit een betonnen of stalen mast, een gondelhuis met koelinstallatie en obstakelverlichting en 3 rotorbladen. De rotorbladen zijn gemaakt van composiet (verschillende kunststoffen) en voorzien van niet-reflecterende coating. Het meten van reflectiewaarden vindt plaats conform NEN-EN-ISO 2813 of een gelijkwaardige methode. De gondel, rotorbladen moeten worden uitgevoerd in een kleurstelling die is toegelaten op grond van het Informatieblad Aanduiding van windturbines en windparken op het Nederlandse vasteland. Op grond van het Informatieblad moeten de rotorbladen, gondel en het bovenste 2/3 gedeelte van de mast worden uitgevoerd in de kleur grijs/wit. De specificaties en RAL kleuren zijn gedefinieerd in bijlage 1 bij het Informatieblad.
2.4
Fundering Op het moment van aanvragen van de watervergunning is het te bouwen windturbinetype nog niet bekend. Deze keuze zal pas op een later moment worden gemaakt en zal qua dimensies vallen binnen de bandbreedte van de vergunning. Er kan daarom nog geen fundatieadvies en fundatieontwerp worden gemaakt. Dat gebeurt uiteraard wel ter voorbereiding op de bouw van de windturbine. Ter voorbereiding op de bouw zal detailengineering van de fundering worden uitgevoerd. De vereiste constructie- en sterkteberekeningen, evenals de precieze afmetingen van de fundering, worden overlegd aan het bevoegd gezag, uiterlijk drie weken voor de start van de bouw. De fundering zal een ronde of veelhoekige vorm hebben met een diameter van ca. 20-30 meter.
Kenmerken bouwplan 8
Page 66 of 73
Windproject Noordzeeboulevard Toelichting aanvraag watervergunning Rijkswaterstaat
2.5
Civiele infrastructuur Kraanopstelplaats Per windturbine wordt een permanente kraanopstelplaats gerealiseerd ten behoeve van de bouw en onderhoud van de windturbine. Er wordt een vergunning op hoofdlijnen aangevraagd waarvan twee principetekeningen in de bijlage zijn toegevoegd. Het gaat om een voorlopig ontwerp, exacte eisen zijn afhankelijk van de turbinefabrikant. Voor aanleg van de kraanplaatsen en onderhoudswegen wordt gewerkt met een puinverharding. Onderhoudswegen De kraanopstelplaats worden door middel van bouw- en onderhoudswegen verbonden met de openbare weg. Per windturbine is een tijdelijke onderhoudsweg ingetekend (zie situatietekening). Deze onderhoudsweg verbindt de kraanopstelplaats met de openbare weg. Bouwplaats Voor tijdelijke verhardingen geldt dat deze deel uitmaken van de bouwplaats, hiervoor geldt geen omgevingsvergunningplicht.
2.6
Elektrische infrastructuur Windparkbekabeling De windturbines zijn onderling en met het zogeheten inkoopstation verbonden door middel van bekabeling met een spanning van ca. 10 of 20 kV. Dit wordt aangeduid met het begrip ‘parkbekabeling’. In hoofdzaak is een kabeltracé ontworpen dat zoveel mogelijk de bestaande en aan te leggen onderhoudswegen volgt in verband met de beperking van het ruimtebeslag. Zie principetekening voor het tracé van de parkbekabeling. De definitieve ligging van de parkbekabeling, inclusief de geprojecteerde diepte, wordt drie weken voor de aanleg van de kabels aangeleverd aan het bevoegd gezag. Schakel-/inkoopstation Bij het windproject wordt een onderstation gerealiseerd waarin de opgewekte stroom vanuit de windturbines indien nodig wordt getransformeerd naar de spanning die wordt gevraagd vanuit de netbeheerder. In het onderstation bevindt zich tevens de meet- en schakelinstallatie van het windpark en de inkoop- en schakelinstallatie van de netbeheerder. Vanuit het inkoopstation wordt een kabelverbinding gerealiseerd naar het 380/150 kV Koppelstation Maasvlakte, te midden van de Maasvlakte. Netbeheerder Stedin is verantwoordelijk voor de netaansluiting, de kabelverbinding vanuit het inkoopstation naar station Maasvlakte maakt geen deel uit van de omgevingsvergunningaanvraag.
Kenmerken bouwplan 9
Page 67 of 73
Windproject Noordzeeboulevard Toelichting aanvraag watervergunning Rijkswaterstaat
2.7
Tijdelijke situatie Tijdens de bouwfase vinden tijdelijke activiteiten plaats die samenhangen met de bouw van de windturbine. Er vindt onder meer opslag van windturbineonderdelen plaats en kraandelen plaats. Het ruimtebeslag in de tijdelijke situatie is weergegeven in onderstaande figuren. De vergunning wordt op hoofdlijnen aangevraagd en in onderstaande figuren zijn twee principetekeningen weergegeven.
Figuur 4
Principetekening 1.
Kenmerken bouwplan 10
Page 68 of 73
Windproject Noordzeeboulevard Toelichting aanvraag watervergunning Rijkswaterstaat Figuur 5
Principetekening 2.
2.8
Waterwerken Rijkswaterstaat Bij het realiseren van de windturbines moet rekening worden gehouden met de impact op de belangen van Rijkswaterstaat (RWS). De zeewering van MV2 bevindt zich (veel) verder naar het westen en wordt niet beïnvloed door dit project. RWS stelt daarom geen stabiliteitseisen aan werken op deze locatie. Een tweede belang vanuit RWS betreft de dam van het Slufterdepot, die dient om te voorkomen dat verontreinigingen vanuit de Slufter in het water van de Noordzee belanden. Als worstcasescenario kunnen we de maximale werpafstand van moderne windturbines bij overtoeren aanhouden. Zie daartoe onderstaande tabel. Hieruit blijkt dat de grootste werpafstand bij overtoeren (538 meter) veel kleiner is dan de kleinste afstand tussen de oostelijke (en westelijke) windturbine en de dam van het Slufterdepot. De afstand is 1247 meter tot de oostelijke positie.
Kenmerken bouwplan 11
Page 69 of 73
Windproject Noordzeeboulevard Toelichting aanvraag watervergunning Rijkswaterstaat Tabel 5
Werpafstanden bij overtoeren.
In Figuur 6 wordt de positie van de Stufterdam ten opzichte van de windturbines weergegeven. Rijkswaterstaat heeft de onderbouwing beoordeeld en bevestigt dat zowel de zeewering MV2 als de dam van het Slufterdepot niet worden beïnvloed door de voorgestelde plaatsing van de windturbines. Hierdoor worden er volgens het plan geen belangen van RWS geschaad. Figuur 6
Afstand windturbines tot de Slufterdam.
Kenmerken bouwplan 12
Page 70 of 73
Windproject Noordzeeboulevard Toelichting aanvraag watervergunning Rijkswaterstaat
Hoofdstuk 3 Effecten aanlegfase en gebruiksfase 3.1
Inleiding In dit hoofdstuk wordt een toelichting gegeven op relevante effecten die samenhangen met de bouw en het gebruik van de windturbines. Het gaat om een beschrijving van mogelijke (tijdelijke) effecten tijdens de aanlegfase en effecten tijdens de gebruiksfase op de waterveiligheid, waterkwaliteit en het watersysteem.
3.2
Werkstappen en effecten Heipalen Er wordt een heiplatform aangebracht dat bestaat uit een verdicht zandbed. Dit heiplatform is een tijdelijke voorziening en heeft als doel om vanaf een veilige en stabiele plek te werken en de heistelling boven de paalkoppen te positioneren. Fundatieplaat Na het aanbrengen van de palen start de civiele aannemer met het aanbrengen van de fundatieplaat. De volgende werkzaamheden worden achtereenvolgens uitgevoerd: • het uitgraven van de benodigde bouwput; • het gereedmaken van de ondergrond ten behoeve van de werkvloer; • uitzetwerk en aanbrengen van de werkvloer; • het koppen snellen van de heipalen; • aanbrengen van de binnenbekisting (indien noodzakelijk); • aanbrengen van de wapening, het aardings- en bliksembeveiligingssysteem en de in te storten voorzieningen (insert ring, spanankers indien van toepassing, mantelbuizen, e.d.); • aanbrengen van de buitenbekisting; • aanbrengen van het beton in één of meerdere fasen; • ontkisten en afwerken van het fundamenten; • het aanvullen of het aanbrengen van de terp rondom het fundament; • afwerken van de omgeving.
Effecten aanlegfase en gebruiksfase 13
Page 71 of 73
Windproject Noordzeeboulevard Toelichting aanvraag watervergunning Rijkswaterstaat
Gereed maken ondergrond
Aanbrengen van werkvloer
Aanbrengen wapening + mantelbuis bekabeling
Aanbrengen buitenbekisting
Aanbrengen beton
Afwerken fundamenten
Nadat het windturbinefundament gereed is kan worden gestart met de installatie van de windturbine. De werkstappen voor opbouw van de windturbine zijn als volgt: • Inrichten terrein; • aanvoer en opbouw kranen; • voormontage werkzaamheden; • bouw van de toren; • het plaatsen en monteren van het gondelhuis op toren; • het plaatsen en verbinden van de spinner (naaf + kap); • Eén voor één plaatsen en monteren van de drie rotorbladen; • afbreken kranen en verplaatsen Effecten aanlegfase en gebruiksfase 14
Page 72 of 73
Page 73 of 73