(bijlage 5) Quickscan
Tekst van het document
12 VOORNE-PUTTEN
7. Strypse Wetering - Brielse Meer (74 ged.) Status: prioriteit 1. Type: moeras- en bosverbinding.
Lengte: ca. 6,5 kilometer. Beoogde breedte: 25-50 meter.
Beheertypen (de procentuele verdeling geeft globaal de ambitie weer) N05.01 Moeras (30%), N04.02 Zoete plas (50%), N12.02 Kruiden- en faunarijk grasland (10%), N14.03 Haagbeuken en essenbos (5%), N12.06 Ruigteveld (5%). Ambitie en streefbeeld Door langs bestaande watergangen vochtige, moerasachtige zones in te richten ontstaat een ecologische verbinding die geschikt is voor (onder meer) kleine zoogdieren, vogels, vlinders, libellen en vissen. De ambitie is om dit de realiseren door natuurvriendelijke oevers en stapstenen in te richten. De begroeiing zal bestaan uit goed ontwikkelde, kruidenrijke moerasvegetatie afgewisseld met rietland. In de stapstenen kunnen plaatselijk ruigere omstandigheden met struweel aanwezig zijn. Voor vlinders is het belangrijk dat er eveneens bloemrijk grasland aanwezig is. De ambitie is om langs minimaal 70% van het tracé een ecologische inrichting te realiseren. Bij voorkeur is dit een natuurvriendelijke oever (minimaal 10 meter breed) of (als voor een natuurvriendelijke oever geen ruimte is) een plas-drasberm. Daarnaast zou het wenselijk zijn minimaal één grote en meerdere kleine stapstenen ingericht worden. Deze verbinding voorziet in eerste instantie in een koppeling tussen het natuurgebied de Strypse Wetering en het Brielse meer.
Na realisatie van de andere beoogde verbindingen op Voorne worden daarnaast verschillende vochtige natuurgebieden met bloemrijke graslanden verbonden. De verbinding loopt vanaf het NNN-gebied Strypse Wetering langs de gelijknamige kreek richting het oosten en daarna langs de kreek Het Spui richting Brielle. Vervolgens gaat hij door agrarisch gebied richting het Brielse Meer. Deze verbinding is al deels gerealiseerd. Een aantal korte trajecten moet nog worden ingericht. In het kader van Brielse Zoom-noord bestaan er concrete plannen om het ingerichte deel bij Seggeland II te verbinden met het deel rond Het Spui. Voor de inrichting van het meest noordelijke stuk, dat moet zorgen voor de aansluiting op het Brielse Meer, bestaan nog verschillende opties.
Doelsoorten Zoogdieren: noordse woelmuis, dwergspitsmuis, hermelijn, bunzing. Libellen: vroege glazenmaker, bloedrode heidelibel, grote roodoogjuffer, grote keizerlibel. Vlinders: argusvlinder, oranjetipje, hooibeestje, zwartspriet dikkopje, bruin zandoogje, bruin blauwtje. Vissen: bittervoorn, kleine modderkruiper, snoek, kroeskarper, vetje, zeelt, paling. Vogels die deze verbinding als broedbiotoop (kunnen) benutten zijn: moeras-, water-, bos- en struweelvogels als dodaars, fuut, waterhoen, blauwborst, rietzanger, sprinkhaanzanger, gele kwikstaart, graspieper en kneu. Knelpunten Geen.
(Herziene) Nota Ecologische Verbindingen in de provincie Zuid-Holland Kenmerk: 20160402/rap01, versie 2, 28 augustus 2017
Blz. 61 van 84