CConstaterende datVoorne aan Zee
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage 4: Mobiliteitsvisie

Raadsvergadering 5 juni 2025, gemeente Voorne aan ZeeBij agendapunt: Vaststellen mobiliteitsvisie 2040 - Voorne in beweging5.477 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Mobiliteitsvisie 2040 Voorne in beweging

24 april 2025

Mobiliteitsvisie 2040

1

19 november 2024

Inhoud Inleiding

3

1.

Situatieschets

4

2.

Ambities en doelen

10

3.

Gebiedsprofielen

17

Van visie naar uitvoering

21

Bijlage 1: Participatie Bijlage 2: Factsheets Bijlage 3: Achtergronddocument feiten en cijfers

24 april 2025

Mobiliteitsvisie 2040

2

Totstandkoming

Inleiding Waarom een Mobiliteitsvisie? Deze Mobiliteitsvisie beschrijft de visie op verkeer en vervoer in de gemeente Voorne aan Zee voor het zichtjaar 2040. De visie dient als opvolger van de gemeentelijke verkeer- en vervoerplannen van de drie voormalige gemeentes en biedt perspectief op de toekomst van Voorne aan Zee. Het nieuwe Voorne aan Zee kent naast bekende ook nieuwe, verkeerskundige uitdagingen. Verschillende trends en ontwikkelingen hebben invloed over hoe mensen zich verplaatsen en beïnvloeden de bereikbaarheid van de gemeente en onze inwoners.

Om het Mobiliteitsvisie voor 2040 te vormen is niet alleen gekeken naar statistische informatie. Bij de totstandkoming van deze visie is aandacht geweest voor bij belangen en waardering voor het mobiliteitssysteem van Voorne aan Zee. Deze zijn aangedragen door volksvertegenwoordiging, ambtenaren, ondernemers, bezoekers en bewoners van onze gemeente. In bijlage 1 staat een overzicht van hetgeen met participatie is opgehaald. Op basis hiervan en analyses naar feiten en cijfers over verkeer en vervoer zijn wij, de gemeente Voorne aan Zee, aan de slag gegaan om een beeld te schetsen van het huidige mobiliteitssysteem. Vanuit die zogeheten situatieschets zijn ambities, bouwstenen en doelen geformuleerd die de Mobiliteitsvisie voor 2040 vormen. Vervolgens is per gebiedsprofiel geschetst hoe de inrichting op straatniveau idealiter eruit komt te zien. Na vaststelling van de Mobiliteitsvisie, volgt de verdere uitwerking van de uitvoeringsagenda.

Leeswijzer

De Mobiliteitsvisie staat niet op zichzelf. Het is een direct voortvloeisel uit de Omgevingsvisie Voorne aan Zee. Die omgevingsvisie dient als ‘kapstok’ of uitgangspunt waaraan meerdere ‘jassen’ of beleidstukken/beleidsprogramma’s gehangen kunnen worden. Samen met bijvoorbeeld de Wonen, Welzijn en Zorgvisie en Economische Visie leidt dit de komende jaren tot de ontwikkeling en uitwerking van gemeentelijk beleid met (meerjaren)plannen.

24 april 2025

In hoofdstuk 2 is de situatieschets van mobiliteit in Voorne aan Zee weergegeven: wat kenmerkt de gemeente als het gaat om verkeer? Welke aandachtspunten zien we? In het hoofdstuk erna vervolgen we met de ambities, bouwstenen en doelen voor de komende periode tot 2040. In hoofdstuk 4 vertalen we dit naar verschillende type gebieden: gebiedsprofielen. Op die manier kunnen we principekeuzes maken. De visie sluit af met een doorkijk naar het uitvoeringsplan.

Mobiliteitsvisie 2040

3

1. Situatieschets De situatieschets van Voorne aan Zee omschrijft de belangrijkste mobiliteit gerelateerde kenmerken en mogelijke kansen op het gebied van verkeer en vervoer voor de gemeente in de huidige situatie. Deze kenmerken en kansen vertalen we in het volgende hoofdstuk naar ambities, bouwstenen en doelen.

24 april 2025

De schets is gebaseerd op een analyse van feiten en cijfers, trends en ontwikkelingen op het vlak van verkeer en vervoer, analyse van lokaal en regionaal (mobiliteits-)beleid en informatie opgehaald in het participatieproces bij inwoners, ondernemers en dorps- en wijkraden uit Voorne aan Zee. De analyses en resultaten van de participatie zijn respectievelijk opgenomen in bijlagen 1 en 3.

Mobiliteitsvisie 2040

4

Bereikbaarheid van de gemeente als geheel is afhankelijk van een beperkt aantal oeververbindingen Voorne aan Zee ligt in de delta. Inwoners die naar een bestemming buiten de gemeente willen of bezoekers van de gemeente zijn afhankelijk van een beperkt aantal oeververbindingen. De belangrijkste zijn de Brielse brug en Harmsenbrug (N57), Hartelbrug (N218), Haringvlietdam (N57) en Suurhoffbrug (A15). Deze verbindingen spelen een rol in de mate van bereikbaarheid van auto- en vrachtverkeer, maar ook per openbaar vervoer en fiets. De verplaatsingen naar buiten de gemeente zijn vooral gericht op de Rotterdamse regio. Het busnetwerk is gericht op Spijkenisse, om daar over te stappen op het metronetwerk van Rotterdam. De bus heeft weinig last van vertraging door de vrijliggende busbanen en prioriteit op kruispunten tussen Hellevoetsluis/Brielle en Spijkenisse. Een treinstation lag in 2024 op minstens een uur reizen per bus en metro. Inmiddels is intercitystation Schiedam Centrum binnen 30 minuten per bus bereikbaar vanuit Brielle. Per fiets zijn omliggende MRDH-gemeenten (Metropoolregio Rotterdam Den Haag), Goeree-Overflakkee en de Rotterdamse haven bereikbaar via onder meer het Trambaanpad, de veerpont Rozenburg – Maassluis, de Brielse brug, Haringvlietdam en Harmsenbrug en via fietspaden langs de wegen van Provincie en Waterschap.

Het samenhangende netwerk van de A15, N57 en N218 vormt regelmatig een knelpunt in spitsperiodes met onbetrouwbare reistijden voor auto- en vrachtverkeer als 24 april 2025

gevolg. Bovendien is de bereikbaarheid van de gemeente niet robuust: als een van de verbindingen uitvalt is direct sprake van een zwaardere belasting van overige oeververbindingen. De effecten hiervan zijn merkbaar binnen onze gemeente. Voor oplossingen is de gemeente mede afhankelijk van het Rijk, de Provincie Zuid-Holland en omliggende gemeenten. In het BO-MIRT (Bestuurlijke Overleggen Meerjarenprogramma Infrastructuur, Ruimte en Transport) zijn samen met de genoemde regiopartijen al diverse maatregelen vastgelegd, waaronder de verbreding van de N57 tot aan de Nieuweweg, tussen de N218 / Brielle en de Nieuweweg. Deze maatregelen worden onderzocht of wachten op financiering. De opening van de tolweg A24 (Blankenburgverbinding), een nieuwe oeververbinding tussen de A15 en A20, zorgt voor een verbetering van externe verbindingen. Vanaf de dienstregeling 2025 rijdt er een bus tussen Brielle (Rockanje, Oostvoorne in de spits) en trein- en metrostation Schiedam Centrum (via de A24). Voor auto- en vrachtverkeer komen het Westland, Maassluis, Vlaardingen, Schiedam, Delft en Den Haag op kortere reistijd en -afstand te liggen. Wel wordt hierdoor meer verkeer op de N57 verwacht, ook verkeer dat geen bestemming heeft in Voorne aan Zee, maar verder de N57 afrijdt.

Voor het bereiken van bestemmingen buiten de gemeente en andersom blijven inwoners, werknemers en bezoekers van Voorne aan Zee grotendeels afhankelijk van de auto. De auto wordt gebruikt voor 76% van alle ritten naar buiten de gemeente. Het openbaar vervoer (11%), de fiets (5%) of andere vervoerswijze kunnen niet tot nauwelijks concurreren met de auto.

Mobiliteitsvisie 2040

5

Voorzieningen zijn dichtbij De steden en dorpen van Voorne aan Zee hebben over het algemeen de dagelijkse voorzieningen in de directe omgeving. De meeste inwoners hebben binnen hun eigen kern op loop- en fietsafstand de beschikking over voorzieningen als een supermarkt, basisonderwijs, een huisarts, de bibliotheek en een zwembad. Doorgaande autoroutes door kernen leiden tot knelpunten in leefbaarheid en veiligheid

Afhankelijk van andere wegbeheerders We hebben als gemeente de verantwoordelijkheid en zeggenschap over beheer en technisch onderhoud van wegen binnen de bebouwde kom. In onze gemeente liggen ook veel wegen buiten de bebouwde kom die in beheer zijn van het Waterschap Hollandse Delta, de Provincie ZuidHolland en Rijkswaterstaat. Bij vraagstukken over bijvoorbeeld bereikbaarheid, kwaliteit en verkeersveiligheid die zich voordoen op wegen van andere wegbeheerders, zijn we, afhankelijk van deze regiopartijen.

24 april 2025

Drukke doorgaande autoroutes door de centrum- en woongebieden hebben negatieve effecten op de leefbaarheid van aanwonenden en op de verkeersveiligheid van weggebruikers. Enkele voorbeelden van deze doorgaande routes zijn de Rijksstraatweg in Hellevoetsluis, Heveringseweg / Voorweg in Oostvoorne, Alardusdreef in Rockanje, Veckdijk in Vierpolders en de N218 in Brielle. Dit zijn gebiedsontsluitingswegen met een maximumsnelheid van 50 km/u en relatief hoge verkeersintensiteiten. Tegelijkertijd liggen aan deze wegen naast woningen vaak ook andere functies, zoals winkels en bedrijven. Op deze wegen zijn de afgelopen jaren de verkeersintensiteiten gegroeid. Daardoor is op sommige plekken een disbalans ontstaan tussen de inrichting, vormgeving en functie van de weg. Het is belangrijk om duidelijke, wellicht rigoureuze keuzes te maken over de inrichting, vorm en functie van een weg om een goed evenwicht te herstellen.

Mobiliteitsvisie 2040

6

Kwaliteit infrastructuur niet altijd optimaal

Oversteekbaarheid voor fietsers en voetgangers niet altijd optimaal Uit de digitale vragenlijst blijkt dat bewoners vooral behoefte hebben aan verkeersveilige infrastructuur voor fietsers en voetgangers. Deze behoefte staat op gespannen voet met de doorgaande autoroutes door de centrum- en woongebieden. De oversteekbaarheid van deze wegen is een aandachtpunt. In het kader van oversteekbaarheid zijn de voorrangssituaties voor fietsers ten opzichte van gemotoriseerd verkeer het belangrijkste aandachtspunt. Wie voorrang heeft verschild per locatie in de gemeente, wat tot onduidelijkheid voor weggebruikers leidt. De voorrangssituaties zijn afhankelijk van ligging van kruispunten binnen en buiten de bebouwde kom en het beleid van de verschillende wegbeheerders. Het ontbreken van eenduidigheid in voorrang en weginrichting kan in sommige gevallen leiden tot verkeersonveiligheid.

24 april 2025

In Voorne aan Zee is de kwaliteit van onze infrastructuur en die van de andere wegbeheerders niet altijd optimaal. Vooral in oudere delen van onze kernen binnen de bebouwde kom en op dijk- en polderwegen buiten de bebouwde kom zijn voet- en fietspaden op sommige locaties afwezig, slecht onderhouden, oneffen of onvoldoende voorzien van goede verlichting. Daardoor is het voor mensen met een handicap of beperking lastig om zich te verplaatsen. Daarnaast is lang niet overal vrijliggende infrastructuur aanwezig voor de fietser en voetganger, waar inwoners dit wel wensen. Dit speelt op smalle dijk- en polderwegen tussen onze kernen, waar het verkeer (voetgangers, fietsers, auto’s, vracht- en landbouwverkeer) van oudsher van dezelfde rijbaan gebruik maakt. Hierdoor ontstaan soms verkeersonveilige situaties, vooral wanneer de hoeveelheid verkeer toeneemt en harder wordt gereden dan is toegestaan.

Mobiliteitsvisie 2040

7

Demografische en ruimtelijke ontwikkelingen leiden tot veranderingen in verkeer

in het geval van glastuinbouw of de Farm Frites fabriek, ook over dijk-, dorps- en landwegen langs woningen.

Demografische ontwikkelingen en ruimtelijke ontwikkelingen zorgen voor veranderingen in de verplaatsingsbehoeften van de inwoners en bezoekers van Voorne aan Zee. De komende decennia gaat de gemeente verder vergrijzen van 25% naar 29% 65plussers in 2040. Hiermee ligt het aandeel 65-plussers in de gemeente 4% boven het landelijk gemiddelde. Dit betekent dat een deel van de verplaatsingen verschuift naar andere bestemmingen, vervoermiddelen en momenten van de dag. Door deze groter wordende groep 65-plussers neemt de behoefte aan hulp bij verplaatsingen toe. Tegelijkertijd is landelijk en regionaal een grote vraag naar extra woningen en locaties voor arbeidsplaatsen, waarvoor ook naar Voorne aan Zee en het nabij gelegen havengebied wordt gekeken. In de omgevingsvisie van gemeente Voorne aan Zee zijn verschillende potentiële woningbouwlocaties aangewezen in onder andere Rockanje, Hellevoetsluis en Brielle. Daarnaast wordt een uitbreiding van het bedrijventerrein Kickersbloem in Hellevoetsluis en het opvullen van beschikbare ruimte voor glastuinbouw voorzien (zie afbeelding rechts). De toename van woningen gaat gepaard met de groei van het aantal inwoners en de beroepsbevolking. Van de beroepsbevolking werkt ongeveer twee-derde buiten Voorne aan Zee, waardoor we voor werkgelegenheid afhankelijk zijn van de Rijnmondregio.

De uitbreiding van Kickerbloem zorgt voor een toename van zwaar verkeer op de N57, A15 en toeleidende gemeentelijke routes. Die routes lopen vaak over ontsluitingswegen, maar 24 april 2025

Tenslotte krijgen we te maken met een autonome groei van het autoverkeer, onder andere door hoger autobezit. Als gevolg hiervan zal het aantal verkeersbewegingen toenemen op wegen waar vandaag de dag op sommige momenten al negatieve effecten worden ervaren ten aanzien van leefbaarheid van aanwonenden en verkeersveiligheid van weggebruikers. Dit hangt vaak samen met hogere verkeersintensiteiten. Bijvoorbeeld op de Nieuweweg en

Mobiliteitsvisie 2040

8

Rijksstraatweg in Hellevoetsluis en de Alardusdreef, Molendijk in Rockanje en de Veckdijk in Vierpolders. Hier zullen de volgende effecten vaker voorkomen: vertraging, sluipverkeer, verkeersonveiligheid en verslechtering van het wegdek. Dit staat nog los van de toenemende verkeersdruk op wegen waar wij als gemeente geen wegbeheerder van zijn. Voor de doorstroming op verbindingen naar buiten de gemeente zijn we afhankelijk van onze regiopartners: Provincie Zuid-Holland, Waterschap Hollandse Delta en Rijkswaterstaat. Denk aan de N57, die door de openstelling van de A24 extra verkeer te verwerken krijgt.

parkeren in de vestingen nog altijd mogelijk. Aan de kust zijn de huidige parkeerterreinen toereikend voor normale dagen. Echter op piekmomenten is de parkeercapaciteit niet toereikend, waardoor strandbezoekers hun voertuig binnen bijvoorbeeld Rockanje parkeren. Daarnaast leidt het toerisme gedurende de zomerperiode tot extra drukte in de centrumgebieden. Voorbeelden hiervan zijn de Alardusdreef in Rockanje en de Stationsweg in Oostvoorne.

Dit alles leidt tot de fundamentele vraag of hogere verkeersintensiteiten en mogelijk (incidentele) vertragingen op ontsluitingsroutes opwegen tegen de meerwaarde van extra ruimtelijke ontwikkelingen. Of dat het acceptabel is dat de leefbaarheid ten gevolge van ruimtelijke ontwikkelingen vermindert. In sommige gevallen zullen maatregelen nodig zijn om de gevolgen op te vangen. Maar hiervoor heeft de gemeente alleen zeggenschap over het eigen wegennet. Kust, vestingen en polderlandschap zorgen voor aantrekking recreatief verkeer Met haar stranden, duinen, unieke vestingsteden en watersportmogelijkheden is Voorne aan Zee een trekpleister gedurende de gehele zomerperiode, van april tot oktober. Dit trekt recreanten aan die zich op de fiets, in de auto of met de bus naar en door de gemeente verplaatsen. De parkeerterreinen bij de vesting van Brielle is een voorbeeld van het afvangen van toeristisch verkeer op afstand, om zo het historische karakter van het centrum te waarborgen. Voor bewoners is 24 april 2025

Mobiliteitsvisie 2040

9

2. Ambities en doelen Binnen de gemeente zijn verschillende kansen en knelpunten geïdentificeerd. Richting 2040 willen wij zo veel mogelijk kansen hebben benut en zo veel mogelijk knelpunten hebben weggenomen of verminderd. Met de situatieschets als basis zijn ambities en bouwstenen opgezet die hier antwoord op moeten geven. De komende jaren zet de gemeente zich in voor een LEEFBAAR, VEILIG, BEREIKBAAR en AANTREKKELIJK mobiliteitssysteem in Voorne aan Zee.

24 april 2025

Deze vier ambities staan centraal bij alles wat we doen als gemeente op het gebied van verkeer en vervoer. Per ambitie zijn bouwstenen met doelen uitgewerkt. In het onderstaande figuur zijn de ambities en bijbehorende bouwstenen opgesomd. De doelen zijn verderop in dit hoofdstuk uitgewerkt. Deze ambities, bouwstenen en doelen zullen de komende jaren dienen als stip op de horizon. Zo maken we een aantrekkelijke omgeving om te wonen, werken en leven voor onze inwoners, ondernemers en bezoekers.

Mobiliteitsvisie 2040

10

•

zwembad hebben. Het behoud hiervan verzorgen we met ruimtelijk beleid. We breiden het aandeel loop- en fietsverplaatsingen binnen onze kernen waar mogelijk uit.

Bouwsteen 2: Verbeteren vervoersmogelijkheden voor 65plussers • We zetten in op het verbeteren van vervoervoorzieningen binnen de kernen naar dagelijkse voorzieningen binnen de gemeente voor de groter wordende groep 65-plussers en andere inwoners die behoefte hebben aan verplaatsingen.

Leefbaar betekent dat inwoners van onze gemeente de belangrijkste dagelijkse voorzieningen binnen handbereik hebben. Door waar mogelijk in te zetten op het behoud van voorzieningen op korte afstand kunnen ook kwetsbare doelgroepen deze voorzieningen gemakkelijk bereiken. Met het oog op de toekomst zetten we in op het verbeteren van ons mobiliteitssysteem, op duurzame wijze. Dit is uitgewerkt in de volgende drie bouwstenen.

Bouwsteen 3: Duurzame mobiliteit • We ondersteunen initiatieven om het verkeer in de gemeente schoner te maken en zo een gezonde en schone leefomgeving te bevorderen. • We staan open voor realistisch uitvoerbare initiatieven van deelmobiliteit die toegevoegde waarde hebben en passen bij onze gemeente. • We houden rekening met klimaateffecten en circulariteit in verkeersplannen.

Bouwsteen 1: Dagelijkse voorzieningen dichtbij • We zorgen ervoor dat inwoners van tenminste Brielle, Hellevoetsluis, Oostvoorne en Rockanje op korte afstand een supermarkt, basisonderwijs, huisarts, bibliotheek en

24 april 2025

Mobiliteitsvisie 2040

11

Veilig betekent een gemeente waar alle bewoners en bezoekers zich veilig kunnen verplaatsen en waar ze zich ook veilig voelen. Zowel objectieve als subjectieve verkeersveiligheid staan centraal bij de keuzes die we maken. Het ultieme doel is om Voorne aan Zee verkeersveiliger te maken en dus te gaan voor minder verkeersongevallen en nul slachtoffers. Deze ambitie is uitgewerkt in de volgende drie bouwstenen.

24 april 2025

Bouwsteen 4: Vermindering barrièrewerking drukke en doorgaande autoroutes door de kernen • We zetten in op vermindering van barrièrewerking als gevolg van drukke en doorgaande autoroutes door de kernen. Daarmee werken we aan verbetering van de leefbaarheid voor aanwonenden en verkeersveiligheid van weggebruikers. In de meeste gevallen zijn dit gemeentelijke wegen. Voor de N218 in Brielle gaan we in gesprek met onze regiopartner Provincie Zuid-Holland over de mogelijkheden. • We zetten in op het verbeteren van oversteekbaarheid voor langzaam verkeer. Dit kan door veilige voorzieningen te creëren voor fietsers en voetgangers om drukke wegen over te steken of iets te doen aan de verkeersintensiteiten op deze wegen. • Binnen de kernen willen we prioriteit geven aan veiligheid en leefbaarheid. Daarom passen we in woongebieden waar mogelijk de maximumsnelheid aan naar 30 km/u met bijbehorende weginrichting, conform de meest recente richtlijnen van het CROW (landelijk adviesorgaan voor onder andere wegontwerp). • We zorgen ervoor dat nood- en hulpdiensten te allen tijde doorgang hebben. Bouwsteen 5: Herkenbare verkeerssituaties • We werken aan uniformiteit met herkenbare verkeerssituaties op onze wegen en vragen andere wegbeheerders binnen onze gemeente om hierop aan te sluiten. Hierdoor weten weggebruikers welk gedrag van hen wordt verwacht.

Mobiliteitsvisie 2040

12

•

Nieuwe en bestaande wegen (bij herinrichting) richten we in conform de inrichtingsprincipes van Duurzaam Veilig. Hierbij wegen we zorgvuldig af welke ruimte voor welke modaliteit wordt ingericht. Waar nodig ontvlechten we netwerken voor voetganger, fietser, openbaar vervoer en auto om conflicten te voorkomen.

Bouwsteen 6: Stimuleren van goed verkeersgedrag • We zetten in en sluiten aan op regionale en landelijke bewustwordingscampagnes om goed verkeersgedrag te stimuleren en verkeersoverlast tegen te gaan. • We beschouwen goed verkeersgedrag van weggebruikers en weginrichting die dit gedrag stuurt als beginstuk en handhaving als sluitstuk.

24 april 2025

Mobiliteitsvisie 2040

13

Naast bestaande gebieden moeten ook nieuwe woningbouwlocaties en bedrijventerreinen enerzijds goed worden aangesloten op de bestaande infrastructuur binnen de kernen en anderzijds fatsoenlijk afgewikkeld kunnen worden op provinciale en rijkswegen voor verplaatsingen naar de regio. De behoefte aan bereikbaarheid mag niet ten koste gaan van een goede leefbaarheid en verkeersveiligheid binnen onze kernen en woongebieden. We hebben structurele oplossingen nodig om autonome groei en de vraag naar extra ruimtelijke ontwikkelingen het hoofd te bieden. De bestaande infrastructuur loopt tegen haar grenzen aan en hier en daar is de grens al bereikt. Voorbeelden van structurele oplossingen zijn een combinatie van autoluwere inrichting binnen onze kernen, randwegen en meer inzetten op verplaatsingen per fiets, openbaar vervoer en te voet. Dit is uitgewerkt in de volgende drie bouwstenen.

Bereikbaar betekent dat we werken aan een toekomstbestendig mobiliteitssysteem voor alle manieren van verplaatsen. Het moet voor alle manieren om te reizen gemakkelijk (reistijd en -kosten) zijn om bestemmingen te bereiken binnen onze gemeente en de regio. Het bereikbaar houden van Voorne aan Zee vereist slim kiezen, prioriteren in ruimtegebruik en zorgvuldig omgaan met financiële middelen. Om dit mogelijk te maken ontkomen we niet aan het maken van scherpe keuzes. Waar krijgen de voetganger, fietser, openbaar vervoer en gemotoriseerd verkeer de ruimte?

24 april 2025

Bouwsteen 7: Verbindingen met de regio versterken • Samen met het Rijk en regiopartners zetten we in op betrouwbare verbindingen tussen Voorne aan Zee, de regio Rotterdam, de Rotterdamse haven en GoereeOverflakkee. Dit is van belang voor onze inwoners en ondernemers om hun dagelijkse activiteiten uit te voeren. • We verkennen de mogelijkheden om reizen met het openbaar vervoer te verbeteren. We willen dat openbaar vervoer voor meer verplaatsingen de concurrentie aan kan gaan met de auto. Daarom gaan we inzetten op goede overstapmogelijkheden van auto en fiets naar bus, betrouwbare reistijden en snelle verbindingen met de haven, Rotterdam, Schiedam en Goeree-Overflakkee. Hierover zijn we in gesprek met onze regiopartner Metropoolregio Rotterdam Den Haag.

Mobiliteitsvisie 2040

14

•

We werken aan een hoogwaardige fietsverbinding naar Spijkenisse, als alternatief voor de auto en gebruik van het Rotterdamse metronetwerk aantrekkelijker te maken. Hiervoor werken we samen met het Waterschap Hollandse Delta en de gemeente Nissewaard.

•

gemeente. Daarbij moet de technische staat van de infrastructuur het extra verkeer aankunnen. We monitoren de verkeerseffecten van nieuwe ruimtelijke ontwikkelingen op gemeentelijke wegen (zowel regionaal als lokaal) en treffen waar nodig maatregelen.

Bouwsteen 8: Verbindingen tussen de kernen • We willen hoogwaardige en verkeersveilige fietsroutes tussen onze kernen met goede aansluiting op fietsroutes binnen onze kernen. Hiervoor werken we samen met wegbeheerders van de fietspaden buiten de bebouwde kom, dit zijn onze regiopartners Provincie Zuid-Holland en Waterschap Hollandse Delta. • We merken dat er vragen leven rond landbouwverkeer op openbare wegen buiten de bebouwde kom. Waterschap Hollandse Delta heeft knelpunten inzichtelijk gemaakt en werkt uit hoe die op te lossen. Bouwsteen 9: Verkeer als stuurmiddel bij ruimtelijke ontwikkelingen • We nemen parkeren (Nota Parkeernormen) en verkeer (STOMP-principe) bij ruimtelijke ontwikkelingen mee als integraal onderdeel van de planuitwerking. Het STOMPprincipe gaat uit van eerst ontwerpen voor de voetganger (Stappen), dan de fietser (Trappen), OV, Mobiliteitsdiensten en de Personenauto. • We zorgen dat nieuwe woningbouwlocaties en bedrijventerreinen efficiënt en veilig kunnen afwikkelen op hoofdstructuren en verbindingen naar buiten de

24 april 2025

Mobiliteitsvisie 2040

15

Bouwsteen 10: Faciliteren recreatie en toerisme • We zorgen ervoor dat inwoners en bezoekers van de gemeente voor recreatiedoeleinden kunnen genieten van ons landschap, door behoud van huidige parkeeroplossingen, goede bereikbaarheid en goede recreatieve fietsroutes. Hierbij sluiten we aan op recreatief beleid van de gemeente. Bouwsteen 11: Behoud uniek landschap met kust, duinen, polders en vestingen • We passen alleen mobiliteitsmaatregelen toe die passen binnen het landschappelijke beeld van onze gemeente. • We stellen verkeerscirculatieplannen op voor onze kernen met als doel om onnodige verkeersbewegingen te voorkomen. • We blijven openstaan voor initiatieven ten aanzien van stadslogistiek die toegevoegde waarde hebben, oftewel bijdragen aan een leefbare, veilige en aantrekkelijke woon-, werk- en recreatieomgeving.

Aantrekkelijk betekent dat inwoners en bezoekers moeten kunnen blijven genieten van ons unieke landschap. Dit is uitgewerkt in de volgende twee bouwstenen.

24 april 2025

Mobiliteitsvisie 2040

16

3. Gebiedsprofielen

24 april 2025

In hoofdstuk 3 zijn de ambities, bouwstenen en doelen beschreven, die we gemeentebreed willen bereiken. Onze gemeente bestaat uit verschillende type gebieden die een eigen vertaling van de ambities en bouwstenen vraagt om de gemeentelijke doelen te bereiken. In Voorne aan Zee maken we onderscheid naar vier verschillende soorten gebieden: kerngebieden, ⬛ woongebieden, ⬛ bedrijfsgebieden, ⬛ ⬛ recreatiegebied en buitengebieden. Elk van deze gebieden heeft eigen kenmerken, vandaar een gebiedsprofiel. Het onderscheiden van gebiedsprofielen stelt ons in staat om op gemeentelijk schaalniveau effectief principekeuzes te maken over de inrichting van deze gebieden in 2040. Deze gebiedsprofielen sluiten maatwerkoplossingen niet uit, omdat binnen de gebiedsprofielen ook verschillen aanwezig zijn. In bijlage 2 staan factsheets met de belangrijkste achtergrondinformatie per kern.

Mobiliteitsvisie 2040

17

Kerngebieden De kerngebieden kernmerken zich door veelal historische bebouwing in hogere dichtheden met een concentratie van een verscheidenheid aan voorzieningen. Sommige van de deze kerngebieden dateren uit de tijd voor de auto, waardoor straten niet of nauwelijks geschikt zijn voor autogebruik. Uitzonderingen hierop zijn de Rijksstraatweg en winkelcentrum Struytse Hoeck. Dit zijn respectievelijk van oudsher een centrale plek en een modern winkelcentrum. De inrichting van kerngebieden is aantrekkelijk met een focus op een hoge verblijfskwaliteit. De streefsnelheid in deze gebieden is 15 km/u in gebieden met veel voorzieningen bij elkaar. In de straten is voldoende ruimte voor voetgangers en fietsers. Dagelijkse voorzieningen liggen bij voorkeur op loopafstand van de woning. Gemotoriseerd verkeer is hier te gast. Dat wil zeggen dat openbaar vervoer een verbindende rol heeft binnen het gebied of aan de rand van het gebied halteert. Autoverkeer komt helemaal niet voor of enkel voor bewoners. Bevoorrading van winkels en bedrijven doen we op kleinschalige manier of middels venstertijden. In kerngebieden faciliteren we parkeren enkel voor bewoners. Bezoekers parkeren elders, aan de rand of buiten het gebied. In deze kerngebieden kan ook 30 km/u als maximumsnelheid worden gehanteerd, daar waar naast de verblijfsfunctie ook de verkeersfunctie van belang is.

24 april 2025

Mobiliteitsvisie 2040

18

Woongebieden Deze gebieden beslaan meerdere woonstraten of een hele woonwijk. De focus ligt hier op een aantrekkelijke leefomgeving met toegang tot openbaar vervoer op loopafstand, dagelijkse voorzieningen op fietsbare afstand en een goede ontsluiting per auto. De streefsnelheid binnen deze gebieden is 30 km/u, de inrichting als erftoegangswegen nodigt hiertoe uit. In woonstraten liggen de intensiteiten van gemotoriseerd verkeer laag en is voldoende ruimte voor voetgangers, fietsers en het parkeren van de auto. Voor het binnenkomen en uitgaan van woongebieden wordt het autoverkeer geconcentreerd op gebiedsontsluitingswegen met een maximumsnelheid van 50 km/u. Fietsers en voetgangers zijn hier gescheiden van gemotoriseerd verkeer. In sommige gevallen wordt direct aan deze gebiedsontsluitingswegen ook gewoond of kunnen fietsers niet gescheiden worden van autoverkeer. Hier zijn maatwerkoplossingen nodig, bijvoorbeeld het verlagen van de maximumsnelheid naar 30 km/u of circulatiemaatregelen. Hierin moet een afweging worden gemaakt tussen bereikbaarheid-, leefbaarheid- en veiligheidsaspecten.

Waarom 30 km/u? 30 km/u als maximumsnelheid draagt bij aan de leefbaarheid en verkeersveiligheid van woonwijken. Een lagere snelheid zorgt voor meer tijd voor automobilisten om te reageren op onverwachte verkeerssituaties, minder ongelukken, grotere overlevingskansen voor verkeersslachtoffers en minder verkeerslawaai. Landelijk kiezen steeds meer gemeenten ervoor om straten af te waarderen van 50 km/u naar 30 km/u vanuit leefbaarheid- en veiligheidsaspecten. 24 april 2025

Mobiliteitsvisie 2040

19

Bedrijfsgebieden Bedrijfsgebieden liggen over het algemeen aan de randen van onze kernen. Hier geldt een maximumsnelheid van 50 km/u of 30 km/u. De bedrijven hier zijn bereikbaar voor vrachtverkeer, personenauto’s, fietsers, voetgangers en per openbaar vervoer. Bij straten met een maximumsnelheid van 50 km/u is een (gecombineerd) fiets-/voetpad aanwezig. Bij straten met een maximumsnelheid van 30 km/u is idealiter een apart voetpad aanwezig. De meeste kruispunten zijn voorrangskruispunten. Van/naar de bedrijventerreinen is een robuuste verbinding richting provinciale en rijkswegen.

Buitengebieden Het buitengebied kenmerkt zich door polderlandschap, de kust, de agrarische bedrijven en glastuinbouw. De wegen in het buitengebied lopen uiteen van belangrijke regionale stroomwegen tot smalle dijk- en polderwegen, waarmee enkele huizen ontsloten worden. Deze verbindingen door het buitengebied zijn belangrijk voor verplaatsingen tussen onze kernen en richting de regio. Deze wegen zijn in beheer bij Rijkswaterstaat (N57), Provincie Zuid-Holland (overige Nwegen) of het Waterschap Hollandse Delta. Ruimtelijke ontwikkelingen (wonen of bedrijvigheid) in deze gebieden zijn onderworpen aan de functionaliteit en capaciteit van deze wegen en kunnen enkel worden ontplooid in goed overleg en met toestemming van de wegbeheerder.

Recreatiegebieden Het recreatiegebied heeft dezelfde inrichting als woongebieden.

24 april 2025

Mobiliteitsvisie 2040

20

Van visie naar uitwerking

Hieronder zijn voor diverse thema’s uitgangspunten gegeven zoals die in de verdere uitwerking worden gehanteerd.

De voorgaande hoofdstukken omschrijven de lange termijnvisie van de gemeente op hoofdlijnen. De mobiliteitsvisie is de stip op de horizon waar de gemeente de komende jaren naar wil streven. Met de geformuleerde ambities, bouwstenen en doelen hebben we de eerste stap gezet. Deze zijn nog van een hoog abstractieniveau en vormen een toekomstbeeld. De volgende stap is de uitwerking naar een uitvoeringsplan met concrete maatregelen. Daarin werken we uit op welke manier gaan wij ons toekomstbeeld van de Mobiliteitsvisie gaan bereiken.

Verkeersveiligheid: inrichting alle woonwijken naar 30 km/uur Een lagere rijsnelheid levert weggebruikers meer tijd om op anderen te reageren en ongevallen te voorkomen. Het verkeer op wegen in verblijfsgebieden (woonwijken, bedrijventerreinen) wordt met een lagere rijsnelheid niet beperkt omdat bestemmingen gewoon bereikbaar blijven.

Het uitwerken van concrete maatregelen en een plan om deze uit te voeren vraagt soms nader onderzoek op verschillende niveaus en thema’s. Tijdens het opstellen van het uitvoeringsplan wordt een tweede participatieronde georganiseerd om de meningen van inwoners en ondernemers mee te nemen. Dit proces zal uiteindelijk resulteren in het Integraal Mobiliteitsplan, op te leveren medio 2025. De maatregelen worden uitgezet in tijd met een inschatting van de benodigde budgetten per maatregel.

Uit te werken: verkeersveiligheid prevaleert boven snelheid auto, alle woonwijken inrichten naar 30 km/uur en onderzoeken of bedrijventerreinen ook als 30-zone ingericht kunnen worden. Acceptatie meer autoverkeer met betrekking tot geluid Inwoners ondervinden regelmatig overlast van het verkeer. Met name geluidhinder is een voortdurend aandachtspunt en is lastig oplosbaar. Geluidproductie door voertuigen wordt gereduceerd door elektrificatie van het wagenpark. Uitgangspunt: vastgestelde bestemmingsplannen worden gerealiseerd, toename van (auto)verkeer is een gegeven. Geluidsmaatregelen worden alleen voorzien indien wettelijk verplicht. Stadslogistiek in vestingen Het bevoorraden van winkels en andere middenstand in de vestingen van Hellevoetsluis en Brielle levert vervoersbewegingen met vrachtwagens op. Uitgangspunt: Het aantal logistieke bewegingen in de vestingen Brielle en Hellevoetsluis is te gering om samen met de markt te werken aan een goederenhub.

24 april 2025

Mobiliteitsvisie 2040

21

Verkeersveiligheid: investeren in oplossingen in eigen beheergebied In de gemeente Voorne aan Zee vinden ongevallen plaats op wegen binnen en buiten de bebouwde kom. De gemeente heeft bijna uitsluitend wegen binnen de bebouwde kommen in beheer; daarbuiten beheren het Waterschap Hollandse Delta, de Provincie Zuid-Holland en Rijkswaterstaat de wegen. Alle overheden streven naar minder verkeersslachtoffers, maar de gemeente kan alleen investeren in het eigen beheergebied. Uitgangspunt: maatregelen verkeersveiligheid uit te voeren door iedere wegbeheerder voor de wegen die zij in beheer hebben. Wel meedenken over oplossingen op beheergrens. Dit betekent ook dat elke wegbeheerder een eigen afweegkader hanteert, dat anders kan liggen dan bij de gemeente Voorne aan Zee. Straatje erbij: meer woningen, meer autoverkeer door de buurt, en drukker op hoofdwegen Door kleinschalige woningbouw in bestaande wijken of indien er ‘een straatje extra’ wordt gerealiseerd (inbreiding), dan zullen de nieuwe bewoners van de extra woningen extra verkeer genereren door de bestaande buurt of wijk. Dat hierdoor de straten in de buurt of wijk drukker worden is een logische consequentie van dergelijke bouwplannen. Uitgangspunt: een ‘straatje erbij’ is besloten in Woonvisie (WWZvisie) en is daarmee een gegeven voor de verkeersdruk in de betreffende wijk of buurt en behoeft geen extra wegcapaciteit elders.

De bestaande bewoners zullen moeten accepteren dat het iets drukker in de straat wordt. Elektrificatie privaat autobezit: faciliteren op eigen terrein Komende 5 tot 15 jaar zal het wagenpark steeds meer elektrisch gaan rijden. Dat vergt voorzieningen in de buurten en woonwijken 24 april 2025

om auto’s te kunnen opladen. Daarbij zal frequenter de vraag komen naar laadpalen en voor toestemming om eigen opgewekte stroom (zonnepanelen) via een oplaadkabel tussen woning en auto via het openbare gebied te mogen leggen (b.v. kabel over trottoir tussen de woning en de auto). Dit levert voor derden struikelgevaar. Uitgangspunt: gemeente is volgend op vraag naar laadpalen in openbaar gebied. Uit te werken: gemeente onderzoekt oplossing voor kabelgoten in trottoir tussen woning en auto. Fiets Het gebruik van fietsen en E-bikes beperkt het autogebruik, is gezond en dient daarom bevorderd te worden. Concreet betekent dit infrastructurele voorzieningen voor fiets op niveau te houden of te brengen. Uit te werken: bij nieuwe woningbouwplannen rekening houden met fietsdoorsteken richting voorzieningen (winkels e.d.) en het basisnetwerk fiets. Uit te werken: op het basisnetwerk fiets de fietspaden waar mogelijk asfalteren (comfort) en op breedte brengen (capaciteit). Uit te werken: voldoende kwalitatieve fietsstallingen bij OV-haltes. OV versterken De aanbesteding van het openbaar vervoer op Voorne-Putten ligt bij de MRDH. De gemeente heeft hierop beperkt invloed en vooralsnog zijn geen structurele wijzigingen in de lijnvoering en dienstregeling voorzien.

In 2018 is R-Net geïntroduceerd op Voorne-Putten en met de openstelling van de Blankenburgverbinding is er een directe busverbinding met Schiedam. Aanvullend hierop is er openbaar vervoer van/naar/via de kleinere kernen.

Mobiliteitsvisie 2040

22

Uitgangspunt: de gemeente levert jaarlijks input voor de vervoerplannen (nu EBS). Uitgangspunt: geen grootschalige wijzigingen het openbaar vervoer voorzien, wel het doel om het openbaar vervoer op peil te houden. Uitgangspunt: wens voor doortrekking metro vanuit Spijkenisse naar Hellevoetsluis is alleen aan de orde als grootschalige woningbouw vervoersvraag genereert. Toerisme: huidige voorzieningen voldoende, kwalitatieve verbeteringen Vanuit de toeristische sector worden geen grootschalige ontwikkelingen verwacht waardoor veel extra verkeer wordt getrokken. Het verkeer van/naar kleinschalige initiatieven kunnen via het huidige wegennet worden afgewikkeld. Uitgangspunt: de omvang toerisme en recreatie blijft op huidig niveau, de vooruitgang is met name in kwalitatieve zin. We houden geen rekening met extra wegen of ontsluitingen. Glastuinbouw De glastuinbouw is thans geconcentreerd rondom Vierpolders en nabij Tinte. Voor Vierpolders is met Waterschap Hollandse Delta een bewegwijzering doorgevoerd en is de kern Vierpolders in 2024 voor vrachtverkeer gesloten verklaard (uitgezonderd bestemmingsverkeer). Bij de planvorming voor de verdubbeling van de N57 en ongelijkvloerse aansluiting van de Nieuweweg op de N57 wordt ook de ontsluiting van Glaspark 4P meegenomen als vierde tak op deze aansluiting. Ten aanzien van de ontsluiting van de glastuinbouw bij Tinte zijn geen knelpunten.

24 april 2025

Uitgangspunt: thans geen nieuwe ontsluitingsstructuur glastuinbouwgebieden en voor Vierpolders aanhaken bij de aanpassingen voor de N57. Bezoekersparkeren in vestingen: (parkeer)vergunningen invoeren In de vesting van Hellevoetsluis is een concentratie van horeca en musea en zijn verschillende werkgevers. Hier is voldoende ruimte voor bewonersparkeren, maar rondom gemeentehuis is op verschillende dagen sprake van een hoge parkeerdruk. In de vesting van Brielle is een hoge parkeerdruk. Daar kan een vorm van regulering nuttig zijn. Uit te werken: We maken onderscheid tussen vesting Brielle (bezoekersparkeren buiten de vesting faciliteren) en vesting Hellevoetsluis (nader onderzoek naar wenselijkheid en noodzaak van faciliteren bezoekersparkeren). Onderzoeken nieuwe woningbouw/bedrijventerrein met betrekking tot regionale infrastructuur Extra woningen en extra bedrijven genereren extra verkeer en zal het regionale net zwaarder belasten, waaronder de N57 richting Europoort en via N218/Groene Kruisweg. Verkenningen naar nieuwe woningbouwlocaties en bedrijventerreinen kunnen daarop anticiperen met prognoses voor afwikkeling van verkeer en de kans op congestie. Uit te werken: in nieuwe verkenningen naar ontwikkelingslocaties rekening houden met congestie van (auto)verkeer. Daarbij blijven lobbyen richting Rijk om de maatregelen voor de bereikbaarheid van Voorne-Putten (o.a.

verdubbeling N57) te realiseren.

Mobiliteitsvisie 2040

23

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/15494495/1