Bijlage 3. Oplegger verlenging overeenkomst intergemeentelijke samenwerking ZHE BWMO versie 24 april 2023
Tekst van het document
VERLENGING OVEREENKOMST INTERGEMEENTELIJKE SAMENWERKING OP DE ZUID HOLLANDSE EILANDEN BESCHERMD WONEN EN MAATSCHAPPELIJKE OPVANG
Inleiding In de regio ZHE is er behoefte aan een verdere doorontwikkeling van beschermd wonen en maatschappelijke opvang. Daarnaast is er de door het Rijk besloten doordecentralisatie per 1-1-2024 van budgetten beschermd wonen naar de lokale gemeenten en de verwachte doordecentralisatie van budgetten maatschappelijke opvang per 1-1-2026. De huidige overeenkomst intergemeentelijke samenwerking op de Zuid Hollandse Eilanden beschermd wonen en maatschappelijke opvang loopt per 1-1-2024 af. Het afgelopen jaar is gezamenlijk gewerkt aan een verkenning van de gewenste vorm en inhoud van de samenwerking na 1-1-2024 en aan het verkrijgen van consensus op ambtelijk niveau (maar wel met steeds lokale terugkoppeling naar het lokale bestuurlijke niveau).
Proces en uitkomsten Met name vanaf vorig jaar zijn veelvuldig gesprekken geweest op ambtelijk niveau tussen alle deelnemende gemeenten om te inventariseren wat de wensen van iedere gemeente zijn t.a.v. de samenwerking op beschermd wonen en maatschappelijke opvang. En dit op het gebied van vorm en inhoud van de zorgverlening, organisatorische inbedding en financiële afspraken. Hieruit is een consensus gekomen om ook in de toekomst regionaal te blijven samenwerken op de gebieden van intensieve vormen van beschermd wonen: beschermd en geclusterd wonen, en de meest intensieve vorm van maatschappelijke opvang. De overige vormen van beschermd thuis en maatschappelijke opvang worden een lokale aangelegenheid. Om hier naar toe te groeien is de wens om de samenwerkingsovereenkomst per 1-1-2024 met een jaar te verlengen met enkele kleine aanpassingen. Gedurende 2023 en 2024 kan worden gewerkt aan de uitwerking van de samenwerking vanaf 2025 en aan de lokale verantwoordelijkheden. Het streven is om per 1-1-2025 volgens de gewenste vorm regionaal beschermd en geclusterd wonen en de zwaarste vormen van maatschappelijke uit te kunnen voeren. De lichtere vormen worden dan een lokale verantwoordelijkheid, maar wel met een verplichting tot voldoende kwaliteit en kwantiteit van het aanbod om een toename in de regionale zorg te voorkomen.
Voor de vernieuwde samenwerking per 1-1-2025 dienen nog verdere afspraken te worden gemaakt over de nadere invulling van de zorg, de financiële afspraken en wie de centrumfunctie invult. Een factor om rekening mee te houden, zijn de mogelijke frictiekosten bij de gemeente Nissewaard. De gemeente Nissewaard heeft geïnvesteerd o.a. in applicaties ten behoeve van BW en MO in de regio en heeft personeel in dienst genomen voor beleid en uitvoering van BW en MO. Ook heeft de gemeente Nissewaard zich als centrumgemeente verbonden aan inkoopcontracten (die eindigen eind 2023) en subsidiecontracten. Uit de laatste vloeien rechten voort in de vorm van het geleidelijk afbouwen van subsidies. Het ineens stoppen met subsidies is niet mogelijk. Maar behalve juridisch zal het ook inhoudelijk veelal niet wenselijk of mogelijk zijn om bepaalde voorzieningen (zorglocaties) direct na afloop van de samenwerkingsovereenkomst, te sluiten. In de bestaande samenwerkingsovereenkomst is in artikel 4.5 het tussentijds uittreden opgenomen. Hoe echter om te gaan met frictiekosten bij het regulier beëindigen van de overeenkomst is niet geregeld in de huidige samenwerkingsovereenkomst. Het enige dat is genoemd is de solidariteit in artikel 11. Of dit betekent dat na afloop van de overeenkomst frictiekosten solidair door alle partijen worden gedragen is niet duidelijk.
Het lijkt verstandig om hier de reserve centrumtaken voor te 1
benutten, daarin voldoende middelen gereserveerd te houden, en met het oog daarop vooralsnog geen of zeer beperkt onttrekkingen te doen aan deze reserve.
Aanpassingen in de samenwerking voor het jaar 2024 In geval van uitstel de doordecentralisatie van budgetten door het Rijk In het geval de doordecentralisatie door het Rijk niet per 1-1-2024 zal ingaan, dan wordt de huidige overeenkomst, mits de gemeenten deze verlengen, ongewijzigd voortgezet. Dit is in het addendum opgenomen. Behoud rol centrumgemeente In tegenstelling tot wat het Rijk beoogt, zal de centrumgemeente in 2024 nog de toegang en uitvoering van beschermd wonen voor nieuwe cliënten uitvoeren. Door verlenging van de huidige samenwerkingsovereenkomst wordt dit geregeld. Budgettaire afspraken De budgettaire afspraken worden aangepast. Vanaf 2024 wordt door het Rijk het budget voor Beschermd Wonen stapsgewijs gedecentraliseerd. De vier gemeenten ontvangen vanaf dat jaar ieder een budget voor de nieuwe cliënten Beschermd Wonen die uit hun gemeenten komen; de centrumgemeente ontvangt een budget voor de cliënten die al in behandeling zijn. Omdat er nog geen actuele informatie beschikbaar is over het verdeelmodel, is niet precies bekend hoeveel budget de gemeenten ontvangen. De individuele gemeenten wensen lokale autonomie over deze budgetten en deze dus niet vooraf over te dragen aan de centrumgemeente. Deze afwijking van de bestaande overeenkomst wordt in het addendum geregeld.
Wel dragen de gemeenten naar verhouding van hun budgetten in het totaal van de regio, bij in tekorten (begroot en afrekening op basis van realisatie) bij de centrumgemeente. Deze kunnen desgewenst worden betaald uit de doorgedecentraliseerde lokale budgetten. Preventie- en nazorg De 5% -bepaling voor preventie- en nazorg vervalt door wens voor lokale autonomie over budgetten. Preventie- en nazorg kan geschieden uit de lokale doorgedecentraliseerde budgetten. Preventie- en nazorg blijven van groot belang om de instroom in zwaardere vormen van beschermd wonen en maatschappelijke opvang te beperken. Dit is in het addendum geregeld. Financiële afspraken maatschappelijke opvang De financiële afspraken voor maatschappelijke opvang blijven gelijk aan de huidige afspraken in de bestaande samenwerkingsovereenkomst en aan de gebruikelijke werkwijze. De stuurgroep kan besluiten een overschot aan middelen voor beschermd wonen aan te wenden voor maatschappelijke opvang, zoals dat onder de bestaande samenwerkingsovereenkomst gebruikelijk is. Een tekort aan middelen voor maatschappelijke opvang, nadat eventueel een overschot aan middelen beschermd wonen is ingezet door de stuurgroep, wordt verdeeld over de deelnemers volgens de huidige samenwerkingsovereenkomst (op inwoneraantal).
Besluitvorming Volgens de bestaande samenwerkingsovereenkomst artikel 18.2 worden aanpassingen aan de collega’s van de gemeenten voorgelegd. Gemeenten dienen zelf na te gaan of in hun gemeente de raad of het college de verlenging en de aanpassingen mag vaststellen.
2
U wordt via artikel 1 van het addendum verzocht te besluiten voor datum xx-xx-xxxx tot verlenging van de Overeenkomst intergemeentelijke samenwerking op de Zuid-Hollandse Eilanden beschermd wonen en maatschappelijke opvang met 1 jaar en tot vaststelling van het addendum op genoemde overeenkomst.
3