CConstaterende datVoorne aan Zee
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage 2. Ontwerp- programmabegroting 2025 Recreatieschap Voorne-Putten

Raadsvergadering 2 juli 2024, gemeente Voorne aan ZeeBij agendapunt: Ontwerp programmabegroting 2025 en jaarrekening 2023 Recreatieschap Voorne-Putten10.202 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 2

Programmabegroting 2025 Recreatieschap Voorne-Putten

Ontwerpbegroting 2025

Programmabegroting 2025 | Inhoudsopgave

Inhoud 1.

Bestuurlijke samenvatting _____________________________________________________ 1

2.

Uitgangspunten _____________________________________________________________ 3

3. 3.1.1. 3.1.2. 3.1.3. 3.1.4. 3.1.5. 3.1.6. 3.1.7. 3.1.8. 3.2. 3.2.1. 3.3. 3.3.1. 3.3.2. 3.4. 3.4.1. 3.4.1.1. 3.4.1.2. 3.4.1.3. 3.4.2. 3.4.2.1. 3.4.2.2. 3.4.3. 3.4.3.1. 3.4.3.2. 3.4.3.3. 3.4.3.4. 3.5. 3.6. 3.7.

Programma instandhouding en ontwikkeling gebieden ______________________________ 4 Beheerinformatie ___________________________________________________________ 4 Uitvoeren terreininspecties____________________________________________________ 4 Ondersteuning recreatie-, landschaps- en natuurbeheer _____________________________ 5 Uitvoeren terreinbeheer ______________________________________________________ 5 Omgevingsmanagement ______________________________________________________ 5 Beheer vastgoed en gronden __________________________________________________ 6 Toezicht en handhaving ______________________________________________________ 6 Vergunningen, ontheffingen en toestemmingen ___________________________________ 6 Maatschappelijke betrokkenheid _______________________________________________ 7 Vrijwilligers en actief burgerschap ______________________________________________ 7 Plannen maken _____________________________________________________________ 7 Plan- en projectvoorbereiding__________________________________________________ 7 Beheerkostenberekening en analyses____________________________________________ 8 Overhead __________________________________________________________________ 8 Bestuursproducten __________________________________________________________ 8 Accountmanagement ________________________________________________________ 8 Bestuurssecretaris

___________________________________________________________ 9 Secretariaat ________________________________________________________________ 9 Financiële diensten __________________________________________________________ 9 Financieel beleid ____________________________________________________________ 9 Planning en control (inclusief project control en rechtmatigheidscontrole) ______________ 9 Juridische diensten _________________________________________________________ 10 Aansprakelijkheid __________________________________________________________ 10 Juridische ondersteuning ____________________________________________________ 10 Procederen _______________________________________________________________ 10 Woo-procedures ___________________________________________________________ 11 Projecten/kredieten ________________________________________________________ 11 Mutaties reserves __________________________________________________________ 11 Wat gaat het kosten? _______________________________________________________ 12

4. 4.1. 4.2. 4.3. 4.4. 4.5. 4.6.

Paragrafen ________________________________________________________________ 13 Weerstandsvermogen en risicobeheersing_______________________________________ 13 Onderhoud kapitaalgoederen _________________________________________________ 15 Financiering _______________________________________________________________ 16 Grondbeleid _______________________________________________________________ 17 Bedrijfsvoering ____________________________________________________________ 18 Deelnemersbijdrage ________________________________________________________ 19

5.

Financiële begroting en bijlagen _______________________________________________ 20

Programmabegroting 2025 | Bestuurlijke samenvatting

1. Bestuurlijke samenvatting Toekomst recreatieschap In de afgelopen jaren zien we dat veel inwoners en bezoekers de weg weten te vinden naar de verschillende gebieden op Voorne-Putten. De gebieden van het recreatieschap maken onderdeel uit van deze toeristisch en recreatief omgeving binnen Zuid-Holland. Daarmee is het bij uitstek een plek waar niet alleen de eigen inwoners maar ook de bezoekers uit het sterk verstedelijkte omgeving ontspanning en rust weten te vinden. “De motor voor de mentale veerkracht van onze inwoners”. Hiermee wordt een belangrijke bijdragen geleverd aan het regionaal product en de (brede) welvaart. In de afgelopen jaren is er met financiële steun vanuit de Regio Deal fors geïnvesteerd in de gebieden ter verbetering van de brede welvaart. De samenwerking vanuit de Regio Deal heeft geleid tot mooie resultaten niet alleen gericht op het gebruik door onze bezoekers maar bezitten ook een sterk duurzaam karakter. Door onder andere kwaliteitsimpulsen (in drie fasen) in de Bernisse en rond het Brielse Meer is samen met de gemeenten en vanuit de Regio Deal met het Rijk voor ongeveer 2,4 miljoen geïnvesteerd. Het gaat hier om verschillende aanlegsteigers, kwaliteitsimpulsen bij waterspeelplaatsen en het aanbrengen van duurzame oeverbeschoeiingen.

In 2023 is, mede door het recreatieschap, opnieuw een aanvraag gedaan voor deelname aan de vijfde tranche van de Regio Deal. Deze is in februari 2024 door het Rijk toegekend. Hierdoor kunnen de gebieden en de daarmee samenhangende economie een impuls krijgen gericht op genoemde mentale veerkracht van onze inwoners. Dergelijke investeringen vragen gelet op de toename van de bevolking en ook van onze bezoekers om een degelijk en duurzaam beheer. Een belangrijke pijler als dekking voor de uitgaven is de bijdrage van de provincie, echter de nieuwe subsidieregeling zet de duurzame effectiviteit van de investeringen onder druk. De regeling, die per 1 januari 2026 zal ingaan, kent geen voorspelbare uitkomst en zorgt voor een beleidsmatige onzekere uitkomst van de begroting. Hierdoor zijn de structurele uitgaven per definitie niet met zekerheid in balans. Daardoor ontstaat strijd met de geldende voorschriften. Hierover wordt al geruime tijd overleg gevoerd met de provincie. Vanwege de zorg voor een evenwichtig financieel beleid en effectieve en doelmatige bedrijfsvoering wordt in 2024 een uitgebreid optimaliseringsprogramma uitgevoerd. Dit moet samen met een degelijke subsidieregeling van de provincie leiden tot een structureel sluitende begroting. In 2024 wordt een evaluatie uitgevoerd naar de samenwerking met Staatsbosbosbeheer die op 1 januari 2026 zal aflopen.

In zal 2025 zal, mede gelet op hierboven benoemde spanning, onderzoek plaatsvinden naar de gemeenschappelijke regeling en de wijze van verzorging van de recreatiegebieden. De eerder uitgevoerde verkenning, vormt de basis voor initiatieven binnen het gebied zodat de inwoners en de bezoekers ook in de toekomst hiervan kunnen genieten. Deze doelstellingen leveren voor de directe omgeving een forse bijdrage op in de zin van versterking van de brede welvaart. Het recreatieschap is vanuit dit perspectief onderdeel van de Regio Deal Zuid-Hollandse Delta voor de periode 2020-2029. Een Rijksprogramma om te komen tot een evenwichtige groei en samenwerking binnen de regio. De evaluatie van de derde tranche van de deal 2020-2025 zal begin 2025 starten. In 2024 en 2025 zal een verdere invulling worden gegeven aan verschillende projecten met als doel bos te compenseren en waar mogelijk extra bos aan te leggen. Deze opgave komt voort uit de gevolgen van de essentaksterfte en de ambitie vanuit het Rijk om extra hectaren bomen te planten. De uitwerking zal 1

Programmabegroting 2025 | Bestuurlijke samenvatting

steeds in nauwe samenwerking met de gemeenten en de inwoners worden uitgevoerd. Onderwerpen van blijvende aandacht zijn de kwaliteit van het open water binnen de beheersgebieden en het gebruik van de gebieden. Hiervoor is inmiddels een vast overleg met het waterschap gestart om deze samenwerking verder te intensiveren. Wat betreft het gebruik van de gebieden vraagt het houden van toezicht en het handhaven steeds meer aandacht hetgeen een opwaartse druk heeft op de capaciteit en de kosten. Tenslotte zal in de komende tijd ook het onderwerp van de bereikbaarheid een punt van aandacht zijn. Op meerdere tafels, zoals de MRDH, komt dit onderwerp op de agenda ter bevordering van de recreatie en het toerisme.

Financiële samenvatting Voor 2025 ligt er een sluitende begroting met een deelnemersbijdrage van € 1.537.364 en een subsidie van de Provincie Zuid-Holland van € 960.716. De deelnemersbijdrage wordt gespecificeerd weergegeven in paragraaf 3.7. Voor een nadere specificatie van de lasten en baten wordt verwezen naar de diverse paragrafen. In hoofdstuk 5 wordt verder ingegaan op de meerjarenraming en de vermogenspositie.

2

Programmabegroting 2025 | Programmaplan

2. Uitgangspunten Het uitgangspunt voor de programmabegroting 2025 is het bestaande en aanvaarde beleid, zoals vastgelegd in het besluit Uitgangspunten programmabegroting 2025, de Programmabegroting 2024, de Najaarsrapportage 2023 en de besluiten van het Algemeen Bestuur tot 1 maart 2024. De opbrengsten uit huren, pachten, e.d. zijn conform de actuele contracten bijgesteld en ook worden eventuele nieuwe (externe) ontwikkelingen (bij bestaand beleid) meegenomen. De begroting Onderhoudskosten wordt gebaseerd op het meerjarig onderhoudsplan TBM. Structurele effecten die voortkomen uit de jaarrekening 2023 zullen worden verwerkt in een begrotingswijziging 2025. Voor de prijsstijging op de ramingen voor 2025 is een indexatie van 6,8% toegepast, overeenkomstig het indexeringspercentage van de Kring van gemeentesecretarissen. Deze indexering wordt toegepast op alle lasten, met uitzondering van belastingen, verzekeringen, rentelasten en afschrijvingen. De indexering wordt in principe niet toegepast op de baten (voorzichtigheidsbeginsel). Voor de meerjarenraming 2026 tot en met 2029 is geen indexering toegepast. De begroting 2025 en de meerjarenraming 2026-2029 moeten, conform de uitgangspunten in het Besluit Begroting en Verantwoording provincies en gemeenten (BBV), structureel en reëel in evenwicht zijn. Dit houdt in dat structurele lasten kunnen worden gedekt met structurele baten.

Als dit niet het geval zou zijn, zou de kans groot zijn dat er op termijn een begrotingstekort ontstaat. De nadere uitwerking is opgenomen in de financiële begroting (zie hoofdstuk 5). De programmabegroting moet half april voorafgaand aan het betreffende begrotingsjaar klaar zijn. Dit heeft te maken met bepalingen uit de Wet gemeenschappelijke regelingen (Wgr). Het recreatieschap en Staatsbosbeheer hebben eind 2020 een nieuwe samenwerkingsovereenkomst met elkaar afgesloten voor de periode 2021 tot en met 2025. In deze overeenkomst is afgesproken dat het recreatieschap en Staatsbosbeheer gezamenlijk een uitvoeringsprogramma vormen op de gewenste ambities en inrichting van het werkgebied van het schap. Dit uitvoeringsprogramma is in 2021 opgesteld en wordt jaarlijks vertaald in de begroting. De provincie Zuid-Holland is per 1 januari 2018 uitgetreden uit de gemeenschappelijke regeling. De wijze en mate van financiële betrokkenheid in de toekomst van de provincie bij het recreatieschap is vastgelegd in de ‘Financieringsovereenkomst VPR-PZH’. De financieringsovereenkomst is in deze begroting verwerkt. Deze bijdrage is niet meer zichtbaar onder de deelnemersbijdragen, maar is opgenomen als subsidiebijdrage onder de baten. De gemeente Rotterdam is eveneens per 1 januari 2018 uitgetreden uit de gemeenschappelijke regeling.

De financiële afspraken hier omtrent zijn vastgelegd in de ‘Hoofdlijnen overeenkomst Uittreding Rotterdam’ en eindigde in 2022.

3

Programmabegroting 2025 | Programmaplan

3. Programma instandhouding en ontwikkeling gebieden Het programma is opgebouwd uit de volgende onderdelen: -

Gebiedsbeheer Maatschappelijke betrokkenheid Plannen maken Overhead Algemene dekkingsmiddelen Kredieten en Mutatie reserves

Gebiedsbeheer Aantrekkelijke en gevarieerde gebieden, die onderling samenhangen en verbonden zijn, en waarin recreatie en ecologie elkaar versterken. Dat vraagt om professioneel beheer. Met het Terrein Beheer Model (TBM) bijvoorbeeld, waarmee we gefundeerde inrichtings- en beheerkeuzes kunnen maken, met inzicht in de beheerkosten. Voor het aantrekkelijk houden van de gebieden is het belangrijk dat bezoekers zich er welkom en veilig voelen. Het recreatieve aanbod is divers en sluit aan bij de vraag van de gebruikers. En we zorgen voor de afhandeling van vragen, klachten en verzoeken voor gebruik van het gebied en voor handhaving. 3.1.1. Beheerinformatie Wat willen we bereiken Beheerinformatie levert inzicht in de beheerwerkzaamheden en kosten voor de komende jaren. Deze informatie is onmisbaar voor een goede beheervoorbereiding en -uitvoering in de terreinen. Wat gaan we er voor doen Meten is weten. Daarom is het van belang dat de beheerinformatie inzichtelijk en op orde is. De koppeling aan een Geografisch Informatie Systeem (GIS) aan het Terrein Beheer Model maakt data en kosten inzichtelijk, goed te beheren en te vergelijken.

Het gaat hierbij om bijvoorbeeld kaartmateriaal van de huidige en toekomstige inrichting, planningen, geografische gebiedsanalyses en beschrijvingen van kapitaalgoederen zoals wegen en paden, maar ook ‘kunstwerkpaspoorten’ voor bijvoorbeeld bruggen en steigers. 3.1.2. Uitvoeren terreininspecties Wat willen we bereiken Het uitvoeren van inspecties leidt tot actuele, heldere beheerdata. Daarmee kan op de korte termijn de kwaliteit en veiligheid in de gebieden gewaarborgd worden en is op de langere termijn inzicht in de noodzakelijke investeringen. Wat gaan we er voor doen Door systematische visuele en technische inspecties te doen blijft er zicht op de onderhoudsstaat van de natuur- en recreatieterreinen. Zo kan er tijdig bijgestuurd worden.

4

Programmabegroting 2025 | Programmaplan

Inspecties stellen in staat dat: - de kwaliteit van het terrein te geborgd wordt; - de meerjarenplanningen groot onderhoud actueel gehouden wordt; - de veiligheid in het gebied (beter) gewaarborgd blijven; - er invulling gegeven wordt aan aantoonbaarheid (juridische aansprakelijkheid). 3.1.3. Ondersteuning recreatie-, landschaps- en natuurbeheer Wat willen we bereiken Beoogd wordt een natuurlijke en eigentijdse inrichting van de terreinen, met naast recreatieve mogelijkheden ook aandacht voor landschappelijke kwaliteit en vergroting van de biodiversiteit. Wat gaan we er voor doen Terreinbeheer is continu inspelen op nieuwe wettelijke kaders en op vragen en veranderend gebruik van stakeholders in en om de terreinen. Het is dan ook belangrijk om deze vraagstukken goed te volgen en aanpassingen te onderbouwen en te implementeren in het beheer. Recreatieadviseurs, ecologen en landschapsarchitecten zetten hierbij hun kennis van zowel het recreatiegebruik en de natuur- en landschapswaarden van de gebieden als hun landelijke expertise in, zodat het beheer wordt ingericht vanuit een integraal perspectief. 3.1.4. Uitvoeren terreinbeheer Wat willen we bereiken Efficiënt en hoogwaardig terreinbeheer levert een duurzaam onderhouden recreatie- en natuurgebied op dat aansluit op de wensen van bezoekers, met faciliteiten die schoon, heel en veilig zijn.

Daarnaast draagt het beheer bij aan natuurwaarden en biodiversiteit. Wat gaan we er voor doen Binnen de kaders van wet- en regelgeving en met behoud van de landschappelijke kwaliteit wordt integraal en duurzaam terreinbeheer uitgevoerd. Verder wordt er op basis van Social Return gewerkt; en wordt ervaring in beheer, recreatie en biodiversiteit gedeeld. Uitvoering van het werk gebeurt op basis van het Terrein Beheer Model. Deze systematiek garandeert de kwaliteit van het beheer en maakt vervangingsinvesteringen voor dagelijks en groot onderhoud per jaar inzichtelijk. De meerjarige onderhoudsplanning geeft ook inzicht voor de lange termijn. 3.1.5. Omgevingsmanagement Wat willen we bereiken Beoogd wordt een brede waardering voor de gebieden, heldere communicatie en samenwerking met belanghebbenden, gezamenlijke verantwoordelijkheid en begrip voor beheermaatregelen. Wat gaan we er voor doen Veel mensen voelen zich betrokken bij uw gebieden en willen graag meedenken en bijdragen aan het beheer van terreinen. Goed terreinbeheer betekent dus ook: communicatie en samenwerking met de omgeving en belanghebbenden. Er wordt gebruik gemaakt van diverse vormen van gebieds- en stakeholdercommunicatie, zoals participatie- en informatiebijeenkomsten, woordvoering, en (landelijke) online en offline communicatiekanalen. De boswachters zijn hierbij lokaal aanspreekpunt

5

Programmabegroting 2025 | Programmaplan

en monitoren wat er in de omgeving leeft. Uiteraard worden ook landelijke expertise en netwerken ingezet. 3.1.6. Beheer vastgoed en gronden Wat willen we bereiken Professioneel vastgoed- en grondbeheer houdt u de (vermogens)positie op orde. Bovendien wordt voldaan aan de rechten en plichten die het eigendom met zich meebrengt. Zorgvuldig en passend medegebruik draagt bij aan het recreatieaanbod én aan structurele inkomsten. Wat gaan we er voor doen De grondpositie (de gronden en vastgoed binnen het werkingsgebied) vormt de basis van elk natuuren recreatiegebied. Duurzame borging van dit bezit vraagt om zorgvuldig beheer (goed rentmeesterschap). Daarmee wordt invulling gegeven aan verzoeken om medegebruik, bijvoorbeeld door erfpacht- of andere gebruiksovereenkomsten aan te gaan, inclusief de administratieve, financiële en juridische afwikkeling daarvan. Professioneel grond- en vastgoedbeheer is ook financieel van belang: de grond en gebouwen vormen immers uw kapitaal. Bij het sluiten van de SOK en bijbehorende uitvoeringsagenda is de inzet voor contractverlengingen en -herzieningen uitgezonderd van het operationeel beheer (operationeel beheer omvat slechts een deel van de werkzaamheden die in de PDC tot de werkzaamheden van beheer vastgoed en gronden behoort). 3.1.7.

Toezicht en handhaving Wat willen we bereiken Beoogd wordt een gebied te leveren waar mensen zich veilig en welkom voelen en waar de natuur wordt beschermd. Door naleving van de wet- en regelgeving blijft de kwaliteit van het gebied op orde en de recreatie- en belevingswaarde hoog. Wat gaan we er voor doen Toezicht en handhaving bestaat uit vier onderdelen: - Gastheerschap voor de gebruikersgroepen; - Handhaving op geldende bepalingen en wetgeving; - Samenwerking met andere bevoegde toezichthouders (politie, gemeentelijke handhavers); - Vaartoezicht in waterrijke gebieden. De uitvoering van deze onderdelen door boswachters met boa-bevoegdheden, gebeurt in overleg met o.a. gemeenten en andere toezichthouders. Hierbij wordt ingespeeld op de aard van het gebied en mogelijke probleemsituaties in de terreinen en/of op het water. 3.1.8. Vergunningen, ontheffingen en toestemmingen Wat willen we bereiken De gebieden bieden ruimte voor initiatieven van derden, zorgvuldig getoetst aan de andere belangen voor het terrein. Afspraken met partijen worden vastgelegd en gecommuniceerd. Wat gaan we er voor doen De gebieden worden regelmatig gebruikt door organisaties en particulieren voor het organiseren van activiteiten en evenementen. Dat is een maatschappelijke meerwaarde. Want naast het beschermen

6

Programmabegroting 2025 | Programmaplan

van natuur, zijn ook het beleven en benutten van terreinen belangrijke waarden. Maar niet alles kan en mag overal. Daarom is het nodig om heldere afspraken te maken over het gebruik van het gebied en de faciliteiten, zeker bij grote bezoekersaantallen. Dit wordt vastgelegd in de vorm van een vergunning (verlening door gemeenten), ontheffing of toestemming. Vanzelfsprekend op basis van de afspraken en doelstellingen die voor een terrein gelden.

3.2. Maatschappelijke betrokkenheid Duurzaam, hoogwaardig beheer vraagt om afstemmen en samenwerken. Met omwonenden, ondernemers en diverse gebruikersgroepen. Mensen met een afstand tot de arbeidsmarkt vinden er zinvol werk en hun inzet verhoogt de kwaliteit van gebieden. Ook zorgen we dat de terreinen toegankelijk zijn voor mensen met een beperking en bieden we lesprogramma’s en voorzieningen aan voor jeugd. Zo verbinden we duurzaam beheer met maatschappelijk beheer en werken we samen aan terreinen waar mens en natuur elkaar vinden. 3.2.1. Vrijwilligers en actief burgerschap Wat willen we bereiken Een zorgvuldige aanpak van vrijwilligerswerk en actief burgerschap leidt tot betrokkenheid, betekenis en plezier bij gebruikers en de omgeving van het gebied. De vrijwilligers werken mee aan excursies, jeugdactiviteiten en terreinbeheer, maar ook helpen zij bij monitoring, toezicht en handhaving en bij vragen, meldingen en klachten van bezoekers. Wat gaan we er voor doen Veel mensen voelen zich betrokken bij de gebieden en zetten zich er graag voor in. ‘Vrijwilligers en actief burgerschap’ is een essentieel product om hen hiervoor op een zorgvuldige, professionele manier ruimte te bieden en terreinen op eigentijdse wijze te beheren. Dat levert kwalitatief hoogstaand gebiedsbeheer op en bovendien draagvlak in de omgeving.

Het bestaat uit o.a.: - professionele begeleiding inzet van vrijwilligers; - faciliteren en onderhouden van participatiegroepen; - samenwerken met bewonersplatforms, stichtingen en verenigingen.

3.3. Plannen maken Gebiedsbeheer gaat verder dan de bestaande inrichting zorgvuldig en efficiënt in stand houden. Het gaat ook om flexibel kunnen reageren op veranderende maatschappelijke en ecologische vraagstukken. Maar ook om aanpassing van beheer naar de nieuwste inzichten op het gebied van recreatie, kwaliteit van de leefomgeving, klimaatadaptatie en ecosystemen. Dat vraagt om strategische en onderbouwde doorontwikkeling van terreinen. 3.3.1. Plan- en projectvoorbereiding Gedurende het jaar kunnen zich knelpunten of kansen aandienen, die vragen om een eerste beoordeling en standpuntbepaling door het bestuur. Ten laste van dit budget wordt alleen de inzet van capaciteit benodigd voor het opstellen van een bestuursvoorstel gebracht. Dit voorstel heeft als doel een besluit te nemen of het schap het gesignaleerde probleem wil oplossen of de kans wil

7

Programmabegroting 2025 | Programmaplan

benutten en bereid is daarvoor middelen beschikbaar te stellen. Zo’n voorstel geeft daarom inzicht in welke kosten en opbrengsten aan een vervolg zijn verbonden. 3.3.2. Beheerkostenberekening en analyses Wat willen we bereiken De beheerkostenberekening geeft inzicht in de beheerkosten voordat de herinrichting start zodat vooraf bestuurlijke, beheersmatige en financiële keuzes gemaakt kunnen worden en daarmee grip geeft op de begroting (geprognotiseerde en werkelijke kosten). Wat gaan we er voor doen Bij de grote of kleinere herinrichting van een gebied, of bij het inrichten van nieuw terrein, is het wenselijk vooraf inzicht in de te verwachten beheerkosten te hebben. Dit wordt verzorgd door beheerkostenberekeningen en -analyses uit te voeren. In deze berekeningen worden de beheerkosten van de huidige situatie afgezet tegen die van de toekomstige inrichting van een gebied. Ook wordt een analyse gemaakt van de kostenbepalende elementen, zodat er gefundeerd keuzes gemaakt kunnen worden.

3.4. Overhead Efficiënt beheer staat of valt met kwalitatief hoogwaardige bestuurlijke en juridische advisering aan het Dagelijks Bestuur en het Algemeen Bestuur, over ten minste de volgende aandachtsgebieden: - lopende zaken, beleid, ontwikkelingen en toekomst van het schap - nieuwe of gewijzigde wet- en regelgeving die van invloed zijn op het schap Daarbij wordt rekening gehouden met wat er speelt op de betreffende beleidsvelden en met het netwerk binnen en buiten het schap. Dit netwerk bestaat o.a. uit schapsdeelnemers, ambtelijk apparaat, natuur- en milieuorganisaties en stakeholders in het schapsgebied. Tevens wordt het Algemeen Bestuur, het Dagelijks Bestuur en de voorzitter bijgestaan in alles wat de hen opgedragen taken aangaat, o.a. met een goed financieel en administratief management en met een solide juridische onderbouwing en afhandeling. 3.4.1. Bestuursproducten 3.4.1.1. Accountmanagement Wat willen we bereiken De accountmanager is een deskundig aanspreekpunt vanuit Staatsbosbeheer voor het recreatieschap en een opdrachtnemer voor de bestuurlijke opdrachten. Wat gaan we er voor doen Met de bestuurlijk-juridische achtergrond en kennis organisatie fungeert de accountmanager als sparringpartner voor het schap.

Hij is opdrachtnemer voor bestuurlijke opdrachten, bewaakt de voortgang van de projecten en werkzaamheden die daaruit voortkomen en informeert het schap over de voortgang en de eindresultaten.

8

Programmabegroting 2025 | Programmaplan

3.4.1.2. Bestuurssecretaris Wat willen we bereiken De bestuurssecretaris levert een effectieve ondersteuning en advisering van het bestuur. Wat gaan we er voor doen De bestuurssecretaris is de expert-sparringpartner. Hij adviseert en begeleidt het bestuur en andere samenwerkingspartners. Met zijn bestuurlijk-juridische achtergrond heeft hij veel kennis van onder meer gemeenschappelijke regelingen. Hij ondersteunt de uitvoering van bestuurlijke taken en besluitvormingsprocessen en denkt mee over bestuurlijke vraagstukken. Als rechterhand van het bestuur vertaalt de bestuurssecretaris besluiten naar concrete afspraken voor Staatsbosbeheer. 3.4.1.3. Secretariaat Wat willen we bereiken Het ambtelijk secretariaat zorgt ervoor dat de vergaderingen goed voorbereid en professioneel verlopen, dat de daarbij behorende vergaderstukken tijdig beschikbaar zijn en dat de archivering op orde is. Wat gaan we er voor doen Het ambtelijk secretariaat verzorgt de planning, organisatie, voorbereiding, verslaglegging en archivering van de bestuursvergaderingen. Met gedegen kennis van bestuurlijk-juridische processen bewaakt de ambtelijk secretaris dat voldaan wordt aan de vereisten en bepalingen die onder meer de Wet Gemeenschappelijke Regelingen stelt. 3.4.2. Financiële diensten 3.4.2.1.

Financieel beleid Wat willen we bereiken Beoogd wordt een solide financieel beleid dat voldoet aan juridische en financiële vereisten, verordeningen, notities en kaders. Wat gaan we er voor doen Zorgvuldig terreinbeheer en -ontwikkeling vraagt om zorgvuldig budgetbeheer. De beschikbare middelen zijn immers bedoeld om de doelen en visie te realiseren voor uw gebieden. Door kennis, ervaring en netwerk worden de terreinen zo efficiënt mogelijk beheerd. Er wordt een intern inkoopen beleidskader opgesteld, (Europese) aanbestedingen worden begeleid, contracten worden opgesteld, rapportages voor verantwoording en accountantscontrole worden verzorgd, en de verzekeringsportefeuille wordt gecoördineerd. Uiteraard volgens de wettelijke vereisten. En op onderwerpen wordt financieel advies gegeven. 3.4.2.2. Planning en control (inclusief project control en rechtmatigheidscontrole) Wat willen we bereiken Een Planning & Control-cyclus (P&C) is een wettelijke vereiste. En het geeft daarnaast kader en sturing aan het bestuur en biedt ondersteuning om de doelstellingen te bereiken.

9

Programmabegroting 2025 | Programmaplan

Wat gaan we er voor doen Deze P&C begint met het plannen van de jaarlijkse activiteiten (begroting) en eindigt met het vaststellen van het jaarresultaat en het samenstellen van de jaarrekening. Administratie (de vastlegging van financiële handelingen) en projectcontrolling maken vanzelfsprekend onderdeel uit van P&C. Met de najaarsrapportage wordt de uitvoering van activiteiten bewaakt en wordt er voor gezorgd dat de bedrijfsvoering ‘in control’ blijft. Indien nodig wordt het voorgenomen beleid of de activiteiten en processen bijgesteld. Uiteraard binnen het extern kader van Gemeentewet, het Besluit Begroting en Verantwoording provincies en gemeenten (BBV), fiscale wetgeving en andere wet- en regelgeving. 3.4.3. Juridische diensten 3.4.3.1. Aansprakelijkheid Wat willen we bereiken Beoogd wordt een beperking van aansprakelijkheidsprocedures, - risico’s en -kosten. Efficiënte afhandeling van klachten voorkomt bovendien eventuele beroepsprocedures bij de Nationale Ombudsman. Wat gaan we er voor doen Terreineigendom en -beheer brengen juridische verantwoordelijkheden met zich mee. Gezorgd wordt voor een onderbouwde afwijzing of toewijzing van claims, voor de (financiële) afhandeling ervan, of claims worden doorgestuurd naar de verantwoordelijke partij. Omgekeerd wordt gezorgd voor aansprakelijkheidstelling van derden bij schade aan de terreinen.

Bij klachten op grond van de Algemene wet bestuursrecht wordt gezorgd voor correspondentie met de directe toezichthouder (Politie en OM), worden hoorzittingen voorbereid en worden beslissingen opgesteld. Verder worden beroepen van klagers bij de Nationale Ombudsman afgehandeld. In bezwaarprocedures wordt gezorgd voor de hoorzittingen en worden beslissingen op bezwaar opgesteld. 3.4.3.2. Juridische ondersteuning Wat willen we bereiken Beoogd wordt een goede en snelle juridische ondersteuning ter voorkoming en beperking van imagoschade en allerhande risico’s. Wat gaan we er voor doen Voor effectief beheer en ontwikkeling van terreinen is een solide juridische basis onmisbaar. Daarom wordt vorm gegeven aan tal van overeenkomsten in het kader van beleid en uitvoering van beheer, waaronder de samenwerking met derden (private en publieke partijen). Dat gebeurd onder andere door adviseren, beoordelen en/of opstellen van overeenkomsten. 3.4.3.3. Procederen Wat willen we bereiken Het voorkomen van een onnodige gerechtelijke procedure spaart tijd en geld. In die gevallen waarin geprocedeerd moet worden, wordt een vlotte en correcte afhandeling van de procedure beoogd en draagt zodoende bij aan een besparing van kosten en komt uw imago ten goede.

10

Programmabegroting 2025 | Programmaplan

Wat gaan we er voor doen Mochten conflicten met derden tot juridische procedures leiden, dan wordt er geprocedeerd als verweerder, eisende partij, gedaagde of belanghebbende en zijn de juristen het aanspreekpunt voor de advocaat. Ook worden collega’s bijgestaan in juridische procedures, bijvoorbeeld als zij slachtoffer zijn van een delict of een ongeval. Als het nodig is, wordt er opgetreden als gemachtigde in een gerechtelijke procedure.

3.4.3.4. Woo-procedures Wat willen we bereiken Gestreefd wordt naar een snelle en correcte afhandeling van Woo-procedures. Wat gaan we er voor doen Woo-verzoeken worden in behandeling genomen. Ook kan een zienswijze opgesteld worden op een Woo-verzoek dat door derden wordt behandeld en waarin het recreatieschap derde-belanghebbende bent. Cruciaal hierbij is dat over de gevraagde informatie (documenten) beschikt kan worden.

3.5. Projecten/kredieten Er zijn bij het opstellen van deze begroting geen projecten die doorlopen tot in 2025.

3.6. Mutaties reserves Deelproduct/product

Lasten Rekening 2023

Begroting 2024 Begroting 2025

Baten Rekening 2023

Begroting 2024 Begroting 2025

Mutatie reserves Reserve Rotterdamse Reddingsbrigade Algemene Reserve Reserve vervangingsinvesteringen Investeringsreserve Reserve afschrijvingen Totaal mutatie reserves

42.000 232.730 20.000

294.730

42.000

42.000

42.000

42.000

33.823 173.230

33.823

33.823

2.750 91.284

77.327

91.284

301.087

111.150

125.107

Saldo Rekening 2023 Begroting 2024 Begroting 2025 8.177 8.177 8.177 59.500 20.000 (2.750) (91.284) (77.327) (91.284) (6.357)

(69.150)

(83.107)

11

Programmabegroting 2025 | Programmaplan

3.7. Wat gaat het kosten? Lasten Deelproduct/product

Lasten

Rekening 2023

Personeel Taakstellende bezuiniging Materieel

Baten

Rekening 2023

2.094.374 2.915.344 30.184

1.022.100 (101.757) 2.353.189 3.375.289 49.000

30.184 22.045

45.900 28.900

49.000 30.900

-

-

-

22.045

28.900

30.900

-

-

Juridische diensten

27.776 102.811 130.587 162.164 49.393 211.557 27.444 75 27.519

26.300 107.400 133.700 160.000 30.500 190.500 28.200 7.200 35.400

28.100 114.700 142.800 181.200 22.450 203.650 30.200 7.700 37.900

132.960 132.960 -

Totaal overhead

369.663

359.600

384.350 -

Personeel Materieel Maatschappelijke betrokkenheid Personeel Materieel Plannen maken

-

Saldo

Begroting 2024 Begroting 2025

957.000 (120.270) 2.283.083 3.240.083 45.900

Gebiedsbeheer

820.970

Baten

Begroting 2024 Begroting 2025

957.000 (120.270) 1.126.303 2.083.303 45.900

1.022.100 (101.757) 1.224.837 2.246.937 49.000

-

-

45.900 28.900 28.900

49.000 30.900 30.900

42.000 42.000 -

130.000 130.000 -

-

26.300 107.400 133.700 132.000 30.500 162.500 28.200 7.200 35.400

28.100 114.700 142.800 181.200 (107.550) 73.650 30.200 7.700 37.900

132.960

42.000

130.000

-

331.600

254.350

1.333.798 960.716 2.294.514

1.445.837 960.716 2.406.553

1.537.364 960.716 2.498.080

(1.445.837) (960.716) (2.406.553)

(1.537.364) (960.716) (2.498.080)

1.156.780 1.156.780 -

-

Begroting 2024 Begroting 2025

-

1.133.209 1.133.209 -

-

Saldo

Rekening 2023

1.128.352 1.128.352 -

Overhead Personeel Materieel Bestuurlijke diensten Personeel Materieel Financiële diensten Personeel Materieel

Deelnemersbijdrage Bijdrage Provincie Zuid-Holland Algemene middelen

-

-

Onvoorzien

-

-

Saldo gewone bedrijfsvoering Totaal kredieten

3.337.236 104.422

3.674.483 -

-

-

3.839.539 -

3.560.683 -

-

3.605.333 -

-

3.756.432 -

(1.333.798) (960.716) (2.294.514) -

-

-

(2.294.514)

83.150

83.107

104.422

-

-

Saldo van baten en lasten

3.441.658

3.674.483

3.839.539

3.560.683

3.605.333

3.756.432

(119.025)

69.150

83.107

Totaal mutatie reserves

294.730

42.000

42.000

301.087

111.150

125.107

(6.357)

(69.150)

(83.107)

3.736.388

3.716.483

3.881.539

3.861.770

3.716.483

3.881.539

(125.382)

-

Saldo

0

12

Programmabegroting 2025 | Paragrafen

4. Paragrafen 4.1. Weerstandsvermogen en risicobeheersing Het weerstandsvermogen weerspiegelt de mate waarin het recreatieschap in staat is middelen vrij te maken om de risico's die zich in de praktijk voordoen op te vangen zonder dat dit betekent dat het beleid veranderd of ingekrompen moet worden. Conform de nota weerstandsvermogen wordt de ratio weerstandsvermogen berekend om te bepalen of het recreatieschap in staat is voldoende financiële middelen vrij te maken voor het dekken van de risico’s op het moment dat de risico’s zich voordoen. Voor de waardering van de toereikendheid van het weerstandsvermogen wordt de volgende tabel gehanteerd. Ratio weerstandsvermogen Waarderingscijfer A B C D E F Risicoanalyse Risico’s

Ratio weerstandsvermogen > 2,0 1,4 < x < 2,0 1,0 < x < 1,4 0,8 < x < 1,0 0,6 < x < 0,8 < 0,6

Aard van het risico

Betekenis Uitstekend Ruim voldoende Voldoende Matig Onvoldoende Ruim onvoldoende

Financiële Kans van omvang risico optreden* H/M/L

Impact (uitgaande van vier jaar) 1.921.432

1. Wegvallen bijdrage Structureel 960.716 Gemiddeld provincie Zuid-Holland * De financiële impact wordt berekend door bij een hoog risico 80%, bij een gemiddeld risico 50% en bij een laag risico 20% van het bedrag van de financiële omvang te nemen.

Risico 1: Wegvallen bijdrage provincie Zuid-Holland De met de provincie Zuid-Holland gemaakte financiële afspraken in het kader van de uittreding per 1 januari 2018 lopen eind 2025 af. Het recreatieschap gaat er van uit dat de provincie ook daarna haar verantwoordelijkheid blijft nemen voor het in stand houden van natuur- en recreatiegebieden op Voorne-Putten. De provincie werkt immers aan een subsidieregeling voor het beheer van recreatiegebieden waarvoor het recreatieschap vanaf 2026 in aanmerking zou kunnen komen. Het valt echter niet uit te sluiten dat de huidige provinciale bijdrage van jaarlijks € 960.716 (fors) lager wordt.

13

Programmabegroting 2025 | Paragrafen

Ratio Weerstandsvermogen Zoals hiervoor aangegeven wordt de ratio weerstandsvermogen berekend om te bepalen of het schap in staat is voldoende financiële middelen vrij te maken voor het dekken van de risico’s op het moment dat de risico’s zich voordoen. De geprognosticeerde stand van de Algemene Reserve is per eind 2025 ca. € 0,6 miljoen. Daarmee is de ratio van het Weerstandsvermogen ruim onvoldoende te noemen.

Kengetallen Voor het verhogen van de transparantie en om makkelijker inzicht te krijgen in de financiële positie en de baten en de lasten worden met ingang van de begroting 2017 een aantal voorgeschreven kengetallen opgenomen. De kengetallen staan in onderstaande tabel. Kengetallen netto schuldquote netto schuldquote gecorrigeerd voor alle verstrekte leningen solvabiliteitsratio structurele exploitatieruimte

Begroting 2025

Begroting 2026

Begroting 2027

Begroting 2028

Begroting 2029

-39% n.b. 57%

-20% n.b. 67%

-38% n.b. 62%

-37% n.b. 63%

-38% n.b. 63%

Deze kengetallen geven enig inzicht in de financiële positie en de financiële weerbaar- en wendbaarheid van de organisatie. De Provincie Zuid-Holland gebruikt de volgende signaleringswaarden: Kengetal gezond neutraal risicovol netto schuldquote <90% 90-130% >130% netto schuldquote gecorrigeerd <90% 90-130% >130% solvabiliteitsratio >50% 20-50% <20% structurele exploitatieruimte >0% 0% <0%

De netto schuldquote geeft een beeld van het niveau van de schuldenlast ten opzichte van de eigen middelen. Bij de “netto schuldquote gecorrigeerd voor alle verstrekte leningen” worden ook de verstrekte leningen meegenomen. Een negatieve schuldquote geeft in feite aan dat er per saldo geen sprake is van een schuld. De solvabiliteitsratio wordt berekend als het percentage van het totale eigen vermogen ten opzichte van het totale vermogen van het recreatieschap. Dit geeft inzicht in de mate waarin het schap in staat is om aan haar financiële verplichtingen te voldoen De solvabiliteitsratio is ruim positief. Het kengetal “structurele exploitatieruimte” geeft aan of de structurele baten groter zijn dan de structurele lasten. Dit wordt in het kengetal als percentage van de totale baten uitgedrukt. Dit kengetal zegt in feite iets over het structurele jaarrekeningsaldo, d.w.z. zonder alle incidentele baten en lasten. Het percentage is positief, wat betekent dat de structurele baten toereikend zijn om de structurele lasten (waaronder de rente en aflossing van de leningen) te dekken.

14

Programmabegroting 2025 | Paragrafen

4.2. Onderhoud kapitaalgoederen Het goed onderhouden van de gebieden is een belangrijke taak voor het recreatieschap om duurzaam gebruik mogelijk te maken. Als basis voor het plannen van regulier- en groot onderhoud en vervangingsinvesteringen wordt het Terrein Beheer Model (TBM) gehanteerd. Dit model is gebaseerd op zogenaamde doeltypen (bijvoorbeeld speel- en ligweide, strand of bos) waarvoor een gestandaardiseerde inrichting met daarbij behorende onderhoudscycli en normkosten zijn bepaald. Het totaal aan oppervlaktes, stuks en lengte van de aanwezige doeltypes bepaalt met de cycli en de normkosten de geplande uitgaven voor meerjarig duurzaam onderhoud. Het Terrein Beheer Model wordt periodiek herijkt. Voorziening groot onderhoud De geplande uitgaven van groot onderhoud fluctueren van jaar tot jaar. Dit kan een direct en groot effect hebben op het jaarresultaat en daarmee op de jaarlijkse deelnemersbijdrage. Om dit ongewenste effect zoveel mogelijk te voorkomen heeft het recreatieschap ervoor gekozen om een egalisatievoorziening groot onderhoud in te stellen. Jaarlijks wordt een vastgestelde dotatie ten laste van de exploitatie gebracht en de werkelijke onderhoudslasten worden ten laste van de voorziening groot onderhoud verantwoord. Programma groot onderhoud In onderstaande tabel is het verwachte verloop van de voorziening Groot Onderhoud te zien voor de komende jaren.

In 2025 is groot onderhoud en vervangingsonderhoud voorzien aan o.a.: -

bos en beplantingen: het uitvoeren van bosonderhoud in recreatiegebied Brielse Meer; enkele vlonders en steigers: opgenomen in het project Kwaliteitsimpuls 2024 – regiodeal, dat in 2024 uitgevoerd wordt; een harde oever in een haven die verhuurd wordt aan een exploitant in recreatiegebied Brielse Meer: eveneens opgenomen in het project Kwaliteitsimpuls 2024 – regiodeal, dat in 2024 uitgevoerd wordt.

15

Programmabegroting 2025 | Paragrafen

Onderstaand een volledig overzicht van de in 2025 geplande werkzaamheden (excl. P): Categorie Informatiepanelen Bos Solitairen en knotbomen Asfalt Bagger Harde oevers Bruggen Vlonders en steigers

67.276 157.873 15.016 15.619 1.788 195.630 42.386 357.534

Totaal GO

853.122

Voorts is in 2025 een vervangingsinvestering gepland van de aanlegsteiger bij recreatieterrein Breezze. Ook deze vervanging is opgenomen in het project Kwaliteitsimpuls 2024 – regiodeal, waarover reeds in december 2023 besluitvorming in het Algemeen Bestuur heeft plaatsgevonden.

4.3. Financiering Kasgeldlimiet Tot het kasgeld behoren alle vlottende schulden < 1 jaar, de contante gelden in kas, de uitgaande gelden < 1 jaar en de tegoeden / schulden rekening-courant. Doel van de kasgeldlimiet is het beperken van de renterisico’s op de korte schuld. De korte schuld is bedoeld voor de lopende uitgaven en zodoende is de limiet gekoppeld aan het begrotingstotaal. De kasgeldlimiet is bij ministeriële regeling vastgesteld op 8,5 % van het totaal van de jaarbegroting bij aanvang van het jaar. In 2025 is er geen zicht op dat er kasgeldleningen afgesloten worden. Renterisiconorm De renterisiconorm stelt een limiet aan het renterisico over de lange termijn financiering. Het renterisico is het geldbedrag aan leningen dat in een bepaald jaar aan renteherziening en herfinanciering onderhevig is. Het renterisico mag maximaal 20% van het begrotingstotaal per 1 januari van het betreffende kalenderjaar bedragen. De renterisiconorm benadrukt het belang van een goede spreiding van de leningenportefeuille en de renterisico’s. Er zijn op balansdatum 2025 drie uitstaande geldleningen zonder renteherziening gedurende de looptijd. Er is geen sprake van herfinanciering. Derhalve is er geen renterisico. Ten aanzien van het risicobeheer van de huidige leningen zijn er geen beleidsvoornemens. Het renteresultaat is gelijk aan de rentelasten en bedraagt 36.989 euro.

Tevens is er geen sprake van een financieringsbehoefte. Schatkistbankieren Bij het schatkistbankieren wordt dagelijks het saldo bij een vastgesteld drempelbedrag overgeboekt op een bankrekening ten gunste van de rekening-courant die een decentrale overheid heeft bij de schatkist. Omgekeerd kan het saldo ook worden aangevuld ten laste van de rekening-courant die een decentrale overheid heeft bij de schatkist. Voor het schap zijn de benodigde overeenkomsten met het Rijk afgesloten. Het drempelbedrag voor 2025 is € 1.000.000.

16

Programmabegroting 2025 | Paragrafen

EMU saldo Het (EMU-saldo) is het saldo van de inkomsten en uitgaven van de overheid. Decentrale overheden moeten inzicht geven in de berekening van hun aandeel in dit EMU-saldo. Deze informatie wordt middels enquêtes aangeleverd bij het CBS. Voor de EMU-enquête worden de gemeenten, de provincies en de waterschappen integraal waargenomen. Bij de gemeenschappelijke regelingen wordt een deelwaarneming gedaan. Een gemeenschappelijke regeling valt binnen de deelwaarneming indien het totaal aan baten of lasten op de exploitatierekening groter is dan 20 miljoen euro. Omdat het begrotingstotaal van het Recreatieschap onder deze grens van €20 miljoen ligt is toelichting van het EMU saldo niet verplicht en derhalve niet opgenomen.

Renteschema Renteschema: a. De externe rentelasten over de korte en lange financiering b. De externe rentebaten (idem) Saldo rentelasten en rentebaten c1. De rente die aan de grondexploitatie moet worden doorberekend c2. De rente van projectfinanciering die aan het betreffende taakveld moet worden toegerekend c3. De rentebaat van doorverstrekte leningen indien daar een specifieke lening voor is aangetrokken (= projectfinanciering), die aan het betreffende taakveld moet worden toegerekend Aan taakvelden toe te rekenen externe rente €

-/-

-/-

-

-/-

-

-/-

-

36.989 130.000 -93.011

-

d1. Rente over eigen vermogen d2. Rente over voorzieningen Totaal aan taakvelden toe te rekenen rente

+/+ +/+

-93.011

e. De aan taakvelden toegerekende rente (renteomslag)

-/-

-

f. Renteresultaat op het taakveld Treasury

-93.011

4.4. Grondbeleid Algemeen Het dagelijks bestuur van het recreatieschap heeft begin 2016 de nota grondbeleid vastgesteld waarin de volgende uitgangspunten centraal staan: • Grond is een middel en geen doel. • Bij en met de inzet van grond en vastgoed wordt financiële optimalisatie nagestreefd. • Met de inzet van grond wordt samenwerking met gebiedspartijen gezocht. • Hoewel het schap zelf geen grond- of opstalexploitaties voert, heeft zij in haar aanpak een actieve houding. Hierbij stuurt zij – in samenwerking met de andere gebiedspartijen – actief op programmering, kostenbeheersing en opbrengstoptimalisatie. • Het schap werkt innovatief en extern gericht, zoekt naar nieuwe verbanden en geeft waar mogelijk ruimte aan nieuwe technologieën en duurzame toepassingen. • Het schap neemt in beginsel niet risicodragend deel in gebieds- en vastgoed)ontwikkelingen en niet zelf grond- of opstalexploitaties voert. • Bij de inzet van grond en vastgoed werkt het schap transparant en marktconform.

17

Programmabegroting 2025 | Paragrafen

Financieel Naast het algemene uitgangspunt van financiële optimalisatie is de inzet vooral gericht op het behoud van het huidige niveau van inkomsten in de schapsbegroting, zulks in relatie tot de met eigendom/erfpacht samenhangende kosten. Schapsspecifiek In programma 2 van de jaarrekening wordt ingegaan op de specifieke grond- en vastgoedontwikkelingen in het schap en de daarbij gerealiseerde resultaten. Daarnaar wordt verwezen. Grondpositie Grondpositie per 31 december 2023: Oppervlakte:

31-12-2022

Totaal

826 ha

31-12-2023*

Toelichting mutatie:

826 ha

*Afgerond op hele getallen

Deze tabel betreft de grondpositie. Hierin zijn niet meegenomen de gronden die het schap op basis van persoonlijke overeenkomsten (o.a. huur) in gebruik en onderhoud heeft. Peildatum voor deze tabel is de kadastrale registratie per 31 december 2023.

4.5. Bedrijfsvoering

Productomschrijving

Beheerinformatie Uitvoeren Terreininspecties Ondersteuning recreatie-, landschaps- en natuurbeheer uitvoeren Terreinbeheer RO 30% Omgevingscommunicatie Beheer vastgoed en gronden (rentmeesterschap) Toezicht en Handhaving Vergunningen, ontheffingen en toestemmingen

Gebiedsbeheer

Maatschappelijke betrokkenheid

Plannen maken

Overhead

51.100 68.900 23.300 333.600 70.000 129.200 299.000 47.000

Vrijwilligers en actief burgerschap

Totaal

51.100 68.900 23.300 333.600 70.000 129.200 299.000 47.000 49.000

Adviesdiensten o.m strategische vastgoedontwikkeling

49.000 30.900

30.900

Accountmanagement

28.100

28.100

Financieel beleid Planning en control Projectcontrol Rechtmatigheidscontrole

8.500 132.400 29.900 10.400

8.500 132.400 29.900 10.400

Aansprakelijkheid Juridische ondersteuning Procederen WOB-procedures

7.400 19.800 1.500 1.500

7.400 19.800 1.500 1.500

239.500

1.341.500

Subtotaal Dienstverlening in uitgaven voorziening Groot Onderhoud Totaal

1.022.100

255.900

49.000

30.900

255.900 1.597.400

18

Programmabegroting 2025 | Paragrafen

4.6. Deelnemersbijdrage Verdeling deelnemersbijdrage Verdeling overige gemeenten: Gemeente Nissewaard Gemeente Voorne aan Zee

Aandeel in nadelig exploitatiesaldo 2024

Aandeel in nadelig exploitatiesaldo 2025

780.868 658.612 1.439.480

833.967 703.397 1.537.364

Percentage

54,01% 45,99% 100%

Inwoners per 01-012023

86.833 73.945 160.778

De deelnemersbijdrage wordt ten laste gebracht naar rato van het aantal inwoners per gemeente. Het inwoneraantal wordt bepaald aan de hand van de cijfers van het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS) per 1 januari van het jaar waarin de begroting wordt vastgesteld waaruit het te verrekenen exploitatiesaldo blijkt (t-1). Bij het opmaken van de begroting waren de CBS cijfers over 2024 nog niet beschikbaar, deze worden bij de rapportages over 2025 verwerkt. De deelnemersbijdrage voor 2025 bestaat uit een indexatie van 6,8% over de bijdrage van 2024. Bovenstaande inwonersaantallen zijn de meest recente gegevens. Aan de hand van de later bekende cijfers per 1 januari 2024 zullen de verhoudingen bij de voortgangsrapportage worden gecorrigeerd.

19

Programmabegroting 2025 | Financiële begroting

5. Financiële begroting en bijlagen Lasten Deelproduct/product

Lasten

Rekening 2023

Personeel Taakstellende bezuiniging Materieel

Begroting 2024 Begroting 2025

Baten

Rekening 2023

Begroting 2024 Begroting 2025

2.094.374 2.915.344 30.184

1.022.100 (101.757) 2.353.189 3.375.289 49.000

30.184 22.045

45.900 28.900

49.000 30.900

-

-

-

22.045

28.900

30.900

-

-

Juridische diensten

27.776 102.811 130.587 162.164 49.393 211.557 27.444 75 27.519

26.300 107.400 133.700 160.000 30.500 190.500 28.200 7.200 35.400

28.100 114.700 142.800 181.200 22.450 203.650 30.200 7.700 37.900

132.960 132.960 -

Totaal overhead

369.663

359.600

384.350 -

Personeel Materieel Maatschappelijke betrokkenheid Personeel Materieel Plannen maken

-

Saldo

957.000 (120.270) 2.283.083 3.240.083 45.900

Gebiedsbeheer

820.970

Baten

Begroting 2024 Begroting 2025 957.000 (120.270) 1.126.303 2.083.303 45.900

1.022.100 (101.757) 1.224.837 2.246.937 49.000

-

-

45.900 28.900 28.900

49.000 30.900 30.900

42.000 42.000 -

130.000 130.000 -

-

26.300 107.400 133.700 132.000 30.500 162.500 28.200 7.200 35.400

28.100 114.700 142.800 181.200 (107.550) 73.650 30.200 7.700 37.900

132.960

42.000

130.000

-

331.600

254.350

1.333.798 960.716 2.294.514

1.445.837 960.716 2.406.553

1.537.364 960.716 2.498.080

(1.445.837) (960.716) (2.406.553)

(1.537.364) (960.716) (2.498.080)

1.156.780 1.156.780 -

-

Rekening 2023 -

1.133.209 1.133.209 -

-

Saldo

1.128.352 1.128.352 -

Overhead Personeel Materieel Bestuurlijke diensten Personeel Materieel Financiële diensten Personeel Materieel

Deelnemersbijdrage Bijdrage Provincie Zuid-Holland Algemene middelen

-

-

Onvoorzien

-

-

Saldo gewone bedrijfsvoering Totaal kredieten

3.337.236 104.422

3.674.483 -

-

-

3.839.539 -

3.560.683 -

-

3.605.333 -

-

3.756.432 -

(1.333.798) (960.716) (2.294.514) -

-

-

(2.294.514)

83.150

83.107

104.422

-

-

Saldo van baten en lasten

3.441.658

3.674.483

3.839.539

3.560.683

3.605.333

3.756.432

(119.025)

69.150

83.107

Totaal mutatie reserves

294.730

42.000

42.000

301.087

111.150

125.107

(6.357)

(69.150)

(83.107)

3.736.388

3.716.483

3.881.539

3.861.770

3.716.483

3.881.539

(125.382)

-

Saldo

0

20

Programmabegroting 2025 | Financiële begroting

Toelichting op het overzicht van baten en lasten Het overzicht van lasten en baten is als volgt opgebouwd: Reguliere lasten en baten bedrijfsvoering Dit onderdeel betreft de exploitatielasten en –baten van de structurele activiteiten. Dit zijn de jaarlijks min of meer in dezelfde vorm terugkerende activiteiten. Op basis van deze informatie kunnen meerjarige trends en ontwikkelingen worden geschetst. Diverse lasten en baten bedrijfsvoering In tegenstelling tot de reguliere lasten en baten komen deze exploitatielasten en – baten slechts incidenteel voor door de aard hiervan en/of de oorzaak. Het gaat hierbij om o.a. de effecten van periodieke herzieningen van voorzieningen, de financiële consequenties van uitspraken op beroeps- en bezwaarschriften die niet voorzien kunnen worden en terugontvangen bedragen. Deze zaken, welke niet zijn begroot, worden separaat gepresenteerd om de vergelijkbaarheid over de jaren heen eenvoudiger te maken. Toevoegingen en onttrekkingen aan reserves Dit onderdeel omvat alle mutaties (stortingen en onttrekkingen) in de reserves.

Inhoudelijke toelichting De ramingen zijn gebaseerd op de uitgangspunten die in hoofdstuk 2 van deze begroting zijn vermeld.

Structureel evenwicht In verband met de aanscherping van het financieel toezicht is in de begroting en de meerjarenraming het structureel en reëel evenwicht geïntroduceerd. Het BBV is aangepast, zodat Algemeen Bestuur en financieel toezichthouder kunnen vaststellen of sprake is van een structureel en reëel evenwicht in de begroting en de meerjarenraming. Algemeen uitgangspunt is dat structurele lasten en baten die lasten en baten zijn die betrekking hebben op posten of beleid met een looptijd van meer dan drie jaar. Toevoegingen en onttrekkingen aan de reserves worden als incidenteel beschouwd, tenzij het gaat om reguliere onttrekkingen aan financieringsreserves c.q. dekkingsreserves (kapitaallasten) of om onttrekkingen uit een daartoe toereikende (bestemmings)reserve gedurende een periode van minimaal 3 jaar met als doel het dekken van structurele lasten. Het structureel en reëel begrotingsevenwicht wordt berekend door de totale lasten en baten te verminderen met de incidentele lasten en baten. Het saldo dat overblijft moet positief zijn (de structurele baten zijn dan groter dan de structurele lasten).

21

Programmabegroting 2025 | Financiële begroting

Uiteenzetting van de financiële positie (geprognosticeerde balans) De financiële positie in meerjarenperspectief blijkt uit de geprognosticeerde balanscijfers voor de jaren 2025 tot en met 2029. Begroting 2025

Begroting 2026

Begroting 2027

Begroting 2028

Begroting 2029

ACTIVA Materiële vaste activa Financiële vaste activa Vlottende activa

4.081.815 2.934.802

3.935.182 1.968.170

3.788.549 2.456.360

3.641.916 2.350.478

3.495.283 2.340.217

Totaal activa

7.016.617

5.903.352

6.244.909

5.992.394

5.835.500

PASSIVA Reserves (Geraamd) resultaat Voorzieningen Langlopende schulden Vlottende passiva

4.024.913 1.534.530 641.705 815.469

3.941.806 676.891 469.186 815.469

3.858.699 1.240.553 330.188 815.469

3.775.592 1.152.047 249.286 815.469

3.692.485 1.123.754 203.792 815.469

Totaal passiva

7.016.617

5.903.352

6.244.909

5.992.394

5.835.500

Totaaloverzicht

Toelichting op de uiteenzetting van de financiële positie De uitgangspunten, die bij het samenstellen van deze begroting zijn gehanteerd, zijn vermeld in hoofdstuk 2 van deze begroting. De geprognosticeerde balanscijfers lichten we hierna op hoofdlijnen toe. Materiële vaste activa In het bovenstaande totaaloverzicht zijn de afschrijvingen van de komende jaren verwerkt. Financiële vaste activa N.v.t. Vlottende activa De vlottende activa zijn het saldo van de passiva en de materiele vaste activa.

22

Programmabegroting 2025 | Financiële begroting

Reserves

Algemene Reserve

Saldo Resultaat 1-1-2024 bestemming 482.252 125.382

BESTEMMINGSRESERVES Investeringsreserve Reserve kwaliteitsimpuls gebieden Reserve Rotterdamse Reddingsbrigade Reserve vervangingsinvesteringen Afschrijvingsreserve

1.219.020 1.100 296.995 399.730 1.652.691

42.000

Subtotaal bestemmingsreserves

3.569.536

Totaal

4.051.788

Staat van reserves

Staat van reserves Algemene Reserve

Saldo 31-12-2025 607.634

Toevoegingen

Onttrekkingen

125.382

Saldo 31-12-2026 607.634

Toevoegingen

Onttrekkingen

Saldo 1-1-2025 607.634

Toevoegingen

42.000

77.327

1.219.020 1.100 305.172 399.730 1.575.364

42.000

111.150

3.500.386

42.000

111.150

4.108.020

Toevoegingen

Onttrekkingen

42.000

33.823

33.823

Saldo 31-12-2027 607.634

Toevoegingen

Onttrekkingen

42.000

33.823

Onttrekkingen

Saldo 31-12-2025 607.634

91.284

1.219.020 1.100 313.349 399.730 1.484.080

42.000

125.107

3.417.279

42.000

125.107

4.024.913

Saldo 31-12-2028 607.634

33.823

Toevoegingen

Onttrekkingen

42.000

33.823

Saldo 31-12-2029 607.634

BESTEMMINGSRESERVES Investeringsreserve Reserve kwaliteitsimpuls gebieden Reserve Rotterdamse Reddingsbrigade Reserve vervangingsinvesteringen Afschrijvingsreserve

1.219.020 1.100 313.349 399.730 1.484.080

42.000

33.823 91.284

1.219.020 1.100 321.526 399.730 1.392.796

91.284

1.219.020 1.100 329.703 399.730 1.301.512

91.284

1.219.020 1.100 337.880 399.730 1.210.228

91.284

1.219.020 1.100 346.057 399.730 1.118.944

Subtotaal bestemmingsreserves

3.417.279

42.000

125.107

3.334.172

42.000

125.107

3.251.065

42.000

125.107

3.167.958

42.000

125.107

3.084.851

Totaal

4.024.913

42.000

125.107

3.941.806

42.000

125.107

3.858.699

42.000

125.107

3.775.592

42.000

125.107

3.692.485

Toelichting: Algemene Reserve: De algemene reserve heeft als belangrijkste functie het vormen van een buffer voor financiële tegenvallers. Investeringsreserve: Het doel van de investeringsreserve is het dekken van de kosten van nieuwe investeringen. Reserve Rotterdamse Reddingsbrigade: Deze reserve is bestemd voor het dekken van de kosten van vervangingsinvesteringen voor de Rotterdamse Reddingsbrigade. Reserve Kwaliteitsimpuls gebieden: Deze reserve is gevormd voor het dekken van de kosten van nieuwe ontwikkelingen. In 2021 worden geen mutaties voorzien. Reserve Vervangingsinvesteringen. Deze reserve is gevormd als dekking voor de toekomstige vervangingsinvesteringen. Voor het boekjaar 2025 worden geen vervangingsinvesteringen voorzien. Reserve Afschrijvingen Met ingang van 2018 wordt de reserve Afschrijvingen gevormd. Deze reserve is bedoeld ter dekking van de jaarlijkse afschrijvingen van investeringen met maatschappelijk nut die vanaf 2018 volgens de gewijzigde verslaggevingsvoorschriften moeten worden geactiveerd.

23

Programmabegroting 2025 | Financiële begroting

Voorzieningen

Voorziening Groot Onderhoud

Saldo 1-1-2024 1.543.781

Toevoegingen 817.119

Onttrekkingen 534.430

Saldo 1-1-2025 1.826.470

Toevoegingen 817.119

OnttrekSaldo kingen 31-12-2025 1.109.059 1.534.530

Totaal

1.543.781

817.119

534.430

1.826.470

817.119

1.109.059

Staat van voorzieningen

Staat van voorzieningen Voorziening Groot Onderhoud Totaal

1.534.530

Saldo 31-12-2025 1.534.530

Toevoegingen 817.119

OnttrekSaldo kingen 31-12-2026 1.674.758 676.891

Toevoegingen 817.119

OnttrekSaldo kingen 31-12-2027 253.457 1.240.553

Toevoegingen 817.119

OnttrekSaldo kingen 31-12-2028 905.625 1.152.047

Toevoegingen 817.119

OnttrekSaldo kingen 31-12-2029 845.412 1.123.754

1.534.530

817.119

1.674.758

817.119

253.457

817.119

905.625

817.119

845.412

676.891

1.240.553

1.152.047

1.123.754

Voorziening groot onderhoud Het doel van deze voorziening is het gelijkmatig verdelen van de lasten van groot onderhoud over de jaren. Hiertoe wordt jaarlijks een gelijkblijvende dotatie ten laste van de exploitatie gebracht. De werkelijke grootonderhoudskosten worden direct ten laste van de voorziening verantwoord. Langlopende schulden Vaste schulden met een rentetypische looptijd van één jaar of langer Dit betreft onderhandse leningen en waarborgsommen. Vlottende passiva De vlottende passiva zijn in de meerjarenraming constant gehouden.

24

Programmabegroting 2025 | Financiële begroting

Meerjarenraming Lasten Deelproduct/product

Baten

Saldo

2026

2027

2028

2029

2026

2027

2028

2029

2026

2027

2028

2029

1.022.100 (389.277) 2.049.737 3.071.837 49.000 49.000 30.900 30.900 28.100 114.700 142.800 181.200 22.450 203.650 30.200 7.700 37.900 384.350 3.536.087 -

1.022.100 (384.501) 2.049.737 3.071.837 49.000 49.000 30.900 30.900 28.100 114.700 142.800 181.200 22.450 203.650 30.200 7.700 37.900 384.350 3.536.087 -

1.022.100 (379.637) 2.049.737 3.071.837 49.000 49.000 30.900 30.900 28.100 114.700 142.800 181.200 22.450 203.650 30.200 7.700 37.900 384.350 3.536.087 -

1.119.500 1.119.500 130.000 130.000 130.000 1.537.364

1.119.500 1.119.500 130.000 130.000 130.000 1.537.364

1.119.500 1.119.500 130.000 130.000 130.000 1.537.364

1.119.500 1.119.500 130.000 130.000 130.000 1.537.364

Totaal kredieten

1.022.100 (397.283) 2.049.737 3.071.837 49.000 49.000 30.900 30.900 28.100 114.700 142.800 181.200 22.450 203.650 30.200 7.700 37.900 384.350 3.536.087 -

2.193.080 3.442.580 -

2.193.080 3.442.580 -

2.193.080 3.442.580 -

2.193.080 3.442.580 -

1.022.100 (397.283) 930.237 1.952.337 49.000 49.000 30.900 30.900 28.100 114.700 142.800 170.800 (107.550) 63.250 30.200 7.700 37.900 243.950 (1.537.364) (2.193.080) 83.107 -

1.022.100 (389.277) 930.237 1.952.337 49.000 49.000 30.900 30.900 28.100 114.700 142.800 170.800 (107.550) 63.250 30.200 7.700 37.900 243.950 (1.537.364) (2.193.080) 83.107 -

1.022.100 (384.501) 930.237 1.952.337 49.000 49.000 30.900 30.900 28.100 114.700 142.800 170.800 (107.550) 63.250 30.200 7.700 37.900 243.950 (1.537.364) (2.193.080) 83.107 -

1.022.100 (379.637) 930.237 1.952.337 49.000 49.000 30.900 30.900 28.100 114.700 142.800 170.800 (107.550) 63.250 30.200 7.700 37.900 243.950 (1.537.364) (2.193.080) 83.107 -

Saldo van baten en lasten

3.536.087

3.536.087

3.536.087

3.536.087

Totaal mutatie reserves

42.000

42.000

42.000

42.000

3.442.580 125.107

3.442.580 125.107

3.442.580 125.107

3.442.580 125.107

83.107 (83.107)

83.107 (83.107)

83.107 (83.107)

83.107 (83.107)

3.578.087

3.578.087

3.578.087

3.578.087

3.567.687

3.567.687

3.567.687

3.567.687

0

0

0

0

Personeel Taakstellende bezuiniging Materieel Gebiedsbeheer Personeel Materieel Maatschappelijke betrokkenheid Personeel Materieel Plannen maken Overhead Personeel Materieel Bestuurlijke diensten Personeel Materieel Financiële diensten Personeel Materieel Juridische diensten Totaal overhead Deelnemersbijdrage Bijdrage Provincie Zuid-Holland Algemene middelen Onvoorzien

Saldo gewone bedrijfsvoering

Saldo

25

Programmabegroting 2025 | Financiële begroting

Grondslagen voor de meerjarenbegroting De grondslagen voor de ramingen in de meerjarenbegroting zijn vermeld in hoofdstuk 2 “Uitgangspunten”. De meerjarenbegroting laat in: 2025 een taakstellende bezuiniging zien van 120.270 2026 een taakstellende bezuiniging zien van 397.283 2027 een taakstellende bezuiniging zien van 389.277 2028 een taakstellende bezuiniging zien van 384.501 en 2029 een taakstellende bezuiniging zien van 379.637

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/14210091/1