Bestemmingsplan Twee Getuigen Toelichting Bijlage 6 Verkennend bodemonderzoek deelgebied 'Twee Getuigen' (1)
Tekst van het document
RAPPORT VERKENNEND (ASBEST) BODEMONDERZOEK DE RIK TE BRIELLE (PLANGEBIED 2) Gemeente Brielle, sectie C nummers 2385, 2384, 1543, 1073, 2383 en 2578 (deels) PROJECT: 15990
VERANTWOORDING Titel
VERKENNEND (ASBEST) BODEMONDERZOEK DE RIK TE BRIELLE (PLANGEBIED 2)
Opdrachtgever
ABB ontwikkeling BV Postbus 88 3360 AB Sliedrecht Datum
Rapportnummer
15990‐2
Projectleider
Mevrouw J.P.E.E. van Kempen Autorisatie
31 oktober 2017
de heer J.B.P. van der Stroom
Mesterom
handtekening
Boormeester(s)
handtekening
de heer H.H. Wolters (Envita)
de heer R. Reinders
de heer R. Reinders
de heer M.C.M. Verhoeven
de heer M.C.M. Verhoeven
handtekening
handtekening
NIPA milieutechniek b.v. Landweerstraat – Zuid 109 5349 AK Oss
tel. +31 (0)412 – 65 50 58 fax. +31 (0)412 – 65 29 98 www.nipamilieu.nl info@nipamilieu.nl
Verkennend bodemonderzoek De Rik te Brielle, sectie C, nummer 2385, 2384, 1543, 1073, 2383 en 2578
JvK/15990‐2/2
INHOUDSOPGAVE VERANTWOORDING ________________________________________________________________ 2 1
INLEIDING ____________________________________________________________________ 5
2
LOCATIEGEGEVENS _____________________________________________________________ 6 2.1
ALGEMEEN _________________________________________________________________ 6
2.2
VOORONDERZOEK_____________________________________________________________ 6
2.2.1
Omgeving_____________________________________________________________ 6
2.2.2
Voormalig bodemgebruik ________________________________________________ 6
2.2.3
Huidig bodemgebruik ___________________________________________________ 7
2.2.4
Bodemopbouw en geohydrologie __________________________________________ 7
2.2.5
Financieel‐ juridische situatie _____________________________________________ 8
2.3 3
DOELSTELLING EN HYPOTHESE _____________________________________________________ 8
UITGEVOERD BODEMONDERZOEK ________________________________________________ 9 3.1
ALGEMEEN _________________________________________________________________ 9
3.2
VELDWERKZAAMHEDEN ________________________________________________________ 10
3.3
LABORATORIUMWERKZAAMHEDEN ________________________________________________ 10
4
WIJZE VAN BEOORDELING EN INTERPRETATIE ______________________________________ 11
5
RESULTATEN _________________________________________________________________ 14
6
5.1
ZINTUIGLIJKE WAARNEMINGEN ___________________________________________________ 14
5.2
VELDMETINGEN GRONDWATER ___________________________________________________ 14
5.3
MONSTERSELECTIE ___________________________________________________________ 15
5.4
ANALYSERESULTATEN EN BODEMKWALITEIT ___________________________________________ 17
5.5
INTERPRETATIE ______________________________________________________________ 18
5.6
ANALYSERESULTATEN ASFALTONDERZOEK ____________________________________________ 20
RESULTATEN VERKENNEND ASBEST IN GROND ONDERZOEK __________________________ 22 6.1
ALGEMEEN ________________________________________________________________ 22
6.2
ZINTUIGLIJKE WAARNEMINGEN EN ANALYSERESULTATEN __________________________________ 22
7
CONCLUSIES EN AANBEVELINGEN ________________________________________________ 25
8
REFERENTIES _________________________________________________________________ 27
Verkennend bodemonderzoek De Rik te Brielle, sectie C, nummer 2385, 2384, 1543, 1073, 2383 en 2578
JvK/15990‐2/3
Bijlage 1 2 3 4 5 6 7 8 9
Situering in de regio Kadastrale gegevens Locatieoverzicht Boorprofielbeschrijvingen Analysecertificaten grond en grondwater Toetsingstabellen Asbestcalculatie Fotobijlage Gegevens vooronderzoek
Verkennend bodemonderzoek De Rik te Brielle, sectie C, nummer 2385, 2384, 1543, 1073, 2383 en 2578
JvK/15990‐2/4
1
INLEIDING ABB ontwikkeling BV te Sliedrecht heeft, in verband met een bestemmingswijziging voor de realisatie van een woningbouwproject, aan NIPA milieutechniek b.v. te Oss opdracht gegeven voor het uitvoe‐ ren van een verkennend (asbest) bodemonderzoek conform de NEN 5740 en een asfaltonderzoek in het plangebied De Rik te Brielle. NIPA milieutechniek b.v. te Oss is een ISO 9001:2008 gecertificeerd onderzoeksbureau. Tevens is NIPA milieutechniek b.v. op grond van artikel 12 van het Besluit bodemkwaliteit erkend voor de werkzaamheid “Veldwerk”. Deze erkenning geldt voor de volgende protocollen:
2001 – Plaatsen van handboringen en peilbuizen, maken van boorbeschrijvingen, nemen van grondmonsters en waterpassen
2002 – Het nemen van grondwatermonsters
2003 – Veldwerk bij milieuhygiënisch waterbodemonderzoek
2018 – Locatie‐inspectie en monsterneming van asbest in bodem
NIPA milieutechniek b.v. verklaart dat het veldwerk onafhankelijk van de opdrachtgever is uitgevoerd conform de eisen van BRL SIKB 2000 en de daarbij horende protocollen. Het asfalt onderzoek is uit‐ gevoerd conform de eisen van de CROW210 versie 1 van 13 juli 2013. De contactpersoon van de opdrachtgever is mevrouw L. van Zummeren. De werkzaamheden bij NIPA milieutechniek b.v. zijn gecoördineerd door mevrouw J.P.E.E. van Kempen‐Mesterom.
Verkennend bodemonderzoek De Rik te Brielle, sectie C, nummer 2385, 2384, 1543, 1073, 2383 en 2578
JvK/15990‐2/5
2
LOCATIEGEGEVENS 2.1
Algemeen
De onderzoekslocatie betreft het plangebied De Rik te Brielle en staat kadastraal bekend als gemeen‐ te Brielle, sectie C, nummers 2385, 2384, 1543, 1073, 2383 en 2578 (deels). Het toekomstige plange‐ bied is gesitueerd op en in de omgeving van De Rik 18B en 18F. De huidige woningen en schuren worden in de nabije toekomst gesloopt. Het voornemen bestaat om in het plangebied circa 52 grondgebonden woningen met parkeervoorzieningen te realiseren. Het perceel heeft een oppervlak‐ te van circa 20.000 m². De situering van de onderzoekslocatie in de regio is weergegeven in bijlage 1. Het locatieoverzicht is opgenomen als bijlage 3. 2.2
Vooronderzoek
Voorafgaand aan het bodemonderzoek is een vooronderzoek uitgevoerd conform hoofdstuk 6 van de NEN 5725. In bijlage 8 zijn de relevante kopieën vanuit het vooronderzoek opgenomen. 2.2.1 Omgeving De onderzoekslocatie is gelegen in het buitengebied ten zuiden van Brielle. De directe omgeving van de locatie bestaat uit:
Noordzijde: openbare weg de Rik, Bedevaartskerk, basisschool en een grasveld
Oostzijde: woonwijk en een school
Zuidzijde: woonwijk en agrarisch gebied
Westzijde: volkstuinencomplex en woonwagens
2.2.2 Voormalig bodemgebruik Voor zover bekend zijn op of nabij de onderzoekslocatie geen tanks aanwezig of aanwezig geweest. In juli 2011 is café Twee getuigen welke aanwezig was op de locatie volledig afgebrand. Voor zover bekend zijn hierbij geen schadelijke stoffen vrijgekomen welke de milieuhygiënische kwaliteit van de bodem beïnvloed heeft. Met uitzondering van de brand hebben zich geen calamiteiten voorgedaan die een mogelijke bodemverontreiniging hebben veroorzaakt.
In het verre verleden heeft op de locatie een kloostergebouw gestaan waardoor historische bebou‐ wingsresten in de bodem zijn achtergebleven. Ook waren er op het terreindeel ten noordwesten van de toegangsweg afvalkuilen aanwezig. De huidige bebouwing dateert uit de jaren 40 van de vorige
Verkennend bodemonderzoek De Rik te Brielle, sectie C, nummer 2385, 2384, 1543, 1073, 2383 en 2578
JvK/15990‐2/6
eeuw. Volgens informatie van de Milieudienst Rijnmond is de locatie in het verleden in gebruik ge‐ weest als bloemenkwekerij. 2.2.3 Huidig bodemgebruik Op de locatie zijn momenteel 2 woningen, een aantal schuren/ stallen en watergangen (sloten) aan‐ wezig. Op diverse opstallen is een asbestverdacht dak aanwezig zonder goot. Op het noordoostelijk terreindeel, grenzend aan De Rik, is een asfaltverharding aanwezig. De oppervlakte van de asfaltver‐ harding bedraagt circa 750 m2. De toegangsweg en het erf tussen de stallen en de woning 18F is voorzien van een puinverharding. Gelet op het bouwjaar van de panden bestaat de mogelijkheid dat het puinpad asbest bevat.
Bij de gemeente, de opdrachtgever en in ons eigen archief zijn geen bodemonderzoeksgegevens bekend met betrekking tot de onderzoekslocatie.
In de omgeving van de onderzoekslocatie zijn in het verleden diverse bodemonderzoeken uitge‐ voerd. Op de locatie Margrietstraat 3 zijn in 2002 door MOS Grondmechanica (rapportnummer GOB801059, d.d. 27‐03‐2002) en in 2013 door Lankelma (rapportnummer 66005, d.d. 17‐01‐2013) verkennende bodemonderzoeken uitgevoerd. Uit de resultaten van de betreffende onderzoeken blijkt dat de bovengrond licht verontreinigd is met lood, PAK en minerale olie. In de ondergrond zijn geen verhoogde gehaltes ten opzichte van de achtergrondwaarde aangetroffen. Het grondwater is licht verontreinigd met chroom. Op de betreffende locatie zou ook een ondergrondse tank aanwezig zijn (geweest). Bij de Milieudienst Rijnmond is geen aanvullende informatie bekend met betrekking tot de tank. De huidige onderzoekslocatie ligt op meer dan 20 meter afstand waardoor invloed op de milieuhygiënische kwaliteit van de bodem te verwaarlozen valt.
Op de locatie De Rik 22 zijn door Oranjewoud in 1996 een tweetal verkennende bodemonderzoeken uitgevoerd (rapportnummer GOB/802441, d.d. 02‐08‐1996 en rapportnummer WM402913, d.d. 01‐ 07‐1996). Uit de resultaten blijkt dat de bovengrond licht verontreinigd is met cryseen en PAK. In de ondergrond zijn geen verhoogde gehaltes ten opzichte van de toenmalige A‐ waarde aangetroffen. Het grondwater was matig verontreinigd met arseen en licht verontreinigd met zink, tolueen en xyle‐ nen. 2.2.4 Bodemopbouw en geohydrologie Voor de bodemopbouw en de geohydrologische informatie is gebruik gemaakt van de Grondwater‐ kaart van Nederland van de Dienst Grondwaterverkenning van TNO. Hierin zijn de volgende regionale gegevens samengevat.
Verkennend bodemonderzoek De Rik te Brielle, sectie C, nummer 2385, 2384, 1543, 1073, 2383 en 2578
JvK/15990‐2/7
Tabel 1: bodemopbouw Diepte (meter‐ mv)
Formatie
Lithologie
0–2
Naaldwijk
zeer fijn, zwak siltig zand en leemlagen
2–4
Nieuwkoop, Hollandveen laagpakket
veen
4 ‐ 19
Nieuwkoop, laagpakket van Wormer
kleiig zwak siltig zand, klei‐ en leemlagen
2.2.5 Financieel‐ juridische situatie De kadastrale gegevens zijn opgenomen als bijlage 2 van deze rapportage. 2.3
Doelstelling en hypothese
Het onderzoek heeft tot doel vast te stellen of op de locatie bodemverontreiniging aanwezig is, waardoor sprake kan zijn van beperkingen of belemmeringen ten aanzien van het huidige of toekom‐ stige gebruik van het terrein.
Op basis van de beschikbare gegevens is de hypothese gesteld dat de onderzoekslocatie, met uitzon‐ dering van het eventueel voorkomen van asbest in de bodem, beschouwd kan worden als onver‐ dacht met betrekking tot het voorkomen van bodemverontreiniging.
Verkennend bodemonderzoek De Rik te Brielle, sectie C, nummer 2385, 2384, 1543, 1073, 2383 en 2578
JvK/15990‐2/8
3
UITGEVOERD BODEMONDERZOEK 3.1
Algemeen
Milieukundig onderzoek Verdeeld over de onderzoekslocatie met een oppervlakte van circa 20.000 m² zijn, conform de stra‐ tegie voor een onverdachte locatie met betrekking tot het voorkomen van bodemverontreiniging van de NEN 5740, de volgende boringen verricht:
* 21 boringen tot 0,5 à 1,0 meter ‐mv (boringen 2, 3, 4, 6, 7, 9, 11, 12, 13, 15, 16, 18, 19, 20, 22, 23, 24, 26, 27, 28 en 30). * 5 boringen tot 2,0 meter ‐mv (boringen 1, 8, 14, 21 en 29). * 5 boringen tot 1,5 meter onder het grondwaterniveau en afgewerkt met peilbuis (boringen 5, 10, 17 en 25).
Opgemerkt dient te worden dat vanwege het aantreffen van een zwakke olie‐ waterreactie in boring 17 besloten is om de betreffende boring door te zetten tot 1,5 meter onder het grondwaterniveau en af te werken met een peilbuis. Ook dient te worden opgemerkt dat boring 15 gestaakt is op een ui‐ terst slakhoudende laag en boring 19 is gestaakt op een baksteenhoudende laag. Vanwege de aan‐ wezigheid van een puinverharding zijn de boringen 16 t/m 19 omgezet in proefgaten van 0,3 x 0,3 m.
Vier bovengrond‐ en drie ondergrondmengmonsters zijn geanalyseerd op de parameters uit het standaardpakket voor grond. Vanwege het aantreffen van een matig koolhoudende laag in boring 14 is één grondmonster extra geanalyseerd op de parameters uit het standaardpakket voor grond. Ook is vanwege een zwakke olie‐ waterreactie in boring 17 één grondmonster extra geanalyseerd op minerale olie en BTEXN.
Voor het berekenen van de gestandaardiseerde meetwaarden zijn van de grondmengmonsters te‐ vens de percentages aan lutum en organisch stof bepaald. De grondwatermonsters zijn geanalyseerd op de parameters uit het standaardpakket voor grondwater.
Asfaltonderzoek Op de locatie is een asfaltverharding aanwezig waarvan de herkomst onbekend is. In verband met de voorgenomen ontwikkelingen op de locatie waarbij het asfalt verwijderd gaat worden, dienen de hergebruikmogelijkheden van het asfalt te worden bepaald.
Verkennend bodemonderzoek De Rik te Brielle, sectie C, nummer 2385, 2384, 1543, 1073, 2383 en 2578
JvK/15990‐2/9
Verdeeld over de asfaltverharding met een oppervlakte van circa 750 m² zijn, conform de CROW210 versie 1 van 13 juli 2015, zijn 3 kernboringen verricht. De vrijkomende kernen zijn met behulp van een PAK‐ marker onderzocht op teerhoudendheid. Uitgaande van een asfaltdikte van circa 15 centi‐ meter en een soortelijk gewicht van 2,5 kg/dm³ zal in totaal circa 350 ton asfalt vrijkomen. Dit houdt in dat er op 2 kernen een DLC‐analyse is uitgevoerd. 3.2
Veldwerkzaamheden
De veldwerkzaamheden, te weten het uitvoeren van de (asfalt) boringen, het plaatsen van de peil‐ buis, het bemonsteren van de grond en van het grondwater en de zintuiglijke beoordeling van de grond‐ en grondwatermonsters, zijn uitgevoerd volgens de methoden zoals aangegeven in de rele‐ vante NPR‐ en NEN‐normen zoals beschreven in de beoordelingsrichtlijn “Veldwerk bij Milieuhygië‐ nisch Bodemonderzoek” [2]. De situering van de boringen is opgenomen in bijlage 3. Alle boringen zijn op met handkracht uitgevoerd. Het grondwater is, na grondig afpompen, op bemonsterd. De pH en de geleidbaarheid (Ec) van het grondwater zijn in het veld bepaald. De veldwerkzaamheden zijn uitgevoerd onder certificaat VB‐002. De boorwerkzaamheden zijn uitge‐ voerd door de heer H.H. Wolters (Envita). De grondwatermonstername is gedaan door de heer R. Reinders en de heer M.C.M. Verhoeven. 3.3
Laboratoriumwerkzaamheden
De chemische analyses van de grond‐ en grondwatermonsters en kernen zijn uitgevoerd door de Raad voor Accreditatie erkende laboratoriums. Voor de toegepaste analysemethoden wordt verwe‐ zen naar bijlage 5. De monsterrestanten en de niet‐geanalyseerde grondmonsters zijn opgeslagen in een donkere ruimte, bij een temperatuur van +4 °C.
Verkennend bodemonderzoek De Rik te Brielle, sectie C, nummer 2385, 2384, 1543, 1073, 2383 en 2578
JvK/15990‐2/10
4
WIJZE VAN BEOORDELING EN INTERPRETATIE Milieukundig onderzoek De verontreinigingssituatie van de vaste bodem kan worden beoordeeld door toetsing van de geme‐ ten gehaltes aan de achtergrond‐ en interventiewaarde [3 & 4]. De streefwaarden voor grond zijn per 1 oktober 2008 vervangen door de achtergrondwaarden (AW2000), deze zijn vastgesteld in het Rege‐ ling bodemkwaliteit [5]. De achtergrondwaarden zijn landelijk vastgesteld en worden in het Besluit bodemkwaliteit als volgt gedefinieerd: Achtergrondwaarden: bij regeling van Onze Ministers vastgestelde gehaltes aan chemische stoffen voor een goede bodemkwaliteit, waarvoor geldt dat er geen sprake is van belasting door lokale ver‐ ontreinigingsbronnen. In gemeenten die beschikken over een bodemkwaliteitskaart kan bij een overschrijding van de ach‐ tergrondwaarde getoetst worden aan de P90‐waarde. Deze geeft een regionaal vastgestelde ver‐ hoogde achtergrondwaarde aan. Het grondwater wordt getoetst aan de streef‐ en interventiewaarden. De streef‐ en interventiewaar‐ den voor grondwater zijn vastgelegd in de Circulaire bodemsanering 2013 [3]. De streefwaarden geven het niveau aan waarbij sprake is van een duurzame bodemkwaliteit. In het bodembescher‐ mingsbeleid geven zij het te bereiken en te behouden kwaliteitsniveau voor de bodem aan.
De interventiewaarden geven aan wanneer de functionele eigenschappen die de vaste bodem en het grondwater hebben voor mens, dier en plant ernstig zijn of dreigen te worden verminderd. Om van een “geval van ernstige bodemverontreiniging” te spreken dient voor ten minste één stof het gemid‐ delde gehalte van minimaal 25 m³ grond of 100 m³ grondwater hoger te zijn dan de interventiewaar‐ de. In bijzondere situaties, zoals bij volkstuinen en bij kruipruimten, kan reeds bij een geringere omvang en bij gehaltes beneden de interventiewaarden sprake zijn van een geval van ernstige bodemveront‐ reiniging. Op grond van de daadwerkelijk optredende blootstelling aan de verontreiniging dient be‐ keken te worden of onaanvaardbare risico’s voor mensen en/of ecosystemen optreden.
Verkennend bodemonderzoek De Rik te Brielle, sectie C, nummer 2385, 2384, 1543, 1073, 2383 en 2578
JvK/15990‐2/11
Uit de NEN 5740 [1] kan het volgende worden afgeleid. De interpretatie van de onderzoeksresultaten en de noodzaak tot het uitvoeren van vervolgonderzoek hangen voor een belangrijk deel af van de aanleiding en doelstelling van het onderzoek en de ‘gevoeligheid’ van het gebruik en de bestemming van de locatie. Ook de onderzoeksinspanning van het vervolgonderzoek wordt voor een belangrijk deel hierdoor bepaald. Bij overschrijding van de interventiewaarde wordt vaak een nader onderzoek uitgevoerd om de ernst van de verontreiniging en de spoedeisendheid te bepalen. De Index bij de toetsing geeft aan in welke mate er een overschrijding is of niet. Deze index wordt op de volgende manier berekend: (GSSD – S) / (I – S) GSSD = Gestandaardiseerde waarde van BoToVa S = Streefwaarde (of Achtergrondwaarde bij Grond) I = Interventiewaarde Wanneer de index:
Index < 0
:
De toetsing zit onder de S of AW
0 < Index <= 0,5
:
De toetsing zit tussen de S of AW en de (oude) Tussenwaarde
0,5 < Index <= 1
:
De toetsing zit tussen de (oude) Tussenwaarde en de Interventiewaarde
Index > 1
:
De interventiewaarde is overschreden
Deze index wordt getoond om op die manier aan te kunnen duiden of een stof de oude Tussenwaar‐ de overschrijdt. Dit is gedaan aangezien BoToVa niet meer aan de Tussenwaarde toetst. In de rappor‐ tage wordt de index op 2 decimalen afgerond. Een minimale overschrijding wordt afgerond als 0 en weergegeven als [ ‐ ]. De achtergrond‐ en interventiewaarden voor de vaste bodem zijn gerelateerd aan het lutum‐ en/of organisch stofgehalte van de bodem. Bij de berekening van de gestandaardiseerde meetwaarden voor de vaste bodem is uitgegaan van gemeten lutum‐ en organisch stofgehaltes. De gestandaardi‐ seerde meetwaarden zijn bepaald met behulp van BoToVa. De gestandaardiseerde meetwaarden en de toetsing aan de achtergrond‐ en interventiewaarden zijn opgenomen in bijlage 6.
Asfaltonderzoek Bij een PAK‐gehalte van meer dan 250 mg/kg d.s. geeft de PAK‐marker een positieve uitslag, wat aangeeft dat het asfalt teerhoudend is. Asfalt is herbruikbaar als het PAK‐gehalte minder is dan 75 mg/kg d.s. Om vast te stellen of het asfalt herbruikbaar is, dient als de PAK‐marker geen uitsluitsel geeft, aanvullend een DLC‐ of HPLC‐analyse uitgevoerd te worden.
Het aantal te analyseren monsters is afhankelijk van het af te voeren tonnage. Het tonnage wordt geschat op basis van oppervlakte en te frezen diepte / op te breken dikte. Het aantal te analyseren monsters per partij wordt volgens onderstaande tabel bepaald.
Verkennend bodemonderzoek De Rik te Brielle, sectie C, nummer 2385, 2384, 1543, 1073, 2383 en 2578
JvK/15990‐2/12
Tabel 2: onderzoeksopzet DLC‐analyses Tonnage van de te onderzoeken partij
Minimum aantal uit te voeren analyses
0 – 25 25 – 100 100 – 500 500 – 1000 tot elke 1000 ton meer
PAK‐marker onderzoek voldoet* 1 analyse** 2 analyses** 3 analyses** 1 analyse** extra
* Partij kleiner dan 25 ton (ca. 12 – 15 m³, ca. 1 volle vrachtwagen), afkomstig van één werk en aantoonbaar teervrij (PAK (10 VROM) < 250 mg/kg d.s.). ** DLC‐ en/of HPLC‐analyse
Hierbij worden mengmonsters van boorkernen samengesteld van gelijksoortige teervrije lagen. Hoe uniformer de constructie is, hoe meer boringen tot één mengmonster kunnen worden samen‐ gevoegd.
.
Verkennend bodemonderzoek De Rik te Brielle, sectie C, nummer 2385, 2384, 1543, 1073, 2383 en 2578
JvK/15990‐2/13
5
RESULTATEN 5.1
Zintuiglijke waarnemingen
Voor de boorprofielbeschrijvingen wordt verwezen naar bijlage 4. De bodem is vanaf maaiveld tot het diepste punt van de boringen, circa 3,1 meter –mv, opgebouwd uit zwak tot sterk zandige klei. Plaatselijk komt in de onderlaag van de bodem mineraal arm veen of matig fijn, zwak siltig zand voor.
Tijdens de uitvoering van het veldwerk zijn zintuiglijk in de bodemlaag tot 1,0 meter‐ mv van de bo‐ ringen 5 t/m 10, 12, 13, 18 en 20 t/m 30 zwakke tot matige bijmengingen met puin en baksteen aan‐ getroffen. In de bovengrond van boring 14 is een matig koolhoudende laag aangetroffen. In de on‐ dergrond van boring 17 is een zwakke olie‐ waterreactie waargenomen. De boringen 15 en 19 zijn gestaakt vanwege een uiterst slakhoudende laag of een baksteenhoudende laag.
Tijdens de veldwerkzaamheden zijn op een groot deel van de locatie in de boringen bijmengingen met puin en baksteen aangetroffen. Alleen op het uiterst zuidelijk gelegen terreindeel, circa 2.500 m2 zijn geen bijmengingen aangetroffen. Uitgaande van het bovenstaande kan gesteld worden dat op 15.750 m2 sprake is van een heterogene bodemlaag welke mogelijk verdacht is op het voorkomen van asbest. 5.2
Veldmetingen grondwater
De gegevens met betrekking tot de veldmetingen tijdens de watermonstername zijn opgenomen in de onderstaande tabel.
Tabel 3: veldmetingen grondwater Peilbuis
Filterdiepte
grondwaterstand
Zuurgraad
Geleidbaarheid
Troebelheid
(m‐mv)
(m‐mv)
Ph
EC (uS/cm2)
(NTU)
05
2,00 – 3,00
0,25
6,86
1300
121
10
2,00 – 3,00
0,30
7,10
664
100
17
2,10 – 3,10
0,30
7,06
1230
75,8
25
2,10 – 3,10
0,90
7,20
644
57,0
De pH en de Ec hebben, voor deze regio, normale waarden. Tijdens de monsterneming van het grondwater is een troebelheid van het grondwater van 57,0 à 121 NTU gemeten. Verondersteld wordt dat het water in de bodem van nature een troebelheid van 0 – 10 NTU heeft. Een troebelheid hoger dan 10 NTU is niet bezwaarlijk maar kan bij de interpretatie van de analyseresultaten worden gebruikt. Een verhoogde NTU kan leiden tot een overschatting van organische parameters en zware metalen. De verhoogde troebelheid hangt waarschijnlijk samen met het feit dat het grondwater
Verkennend bodemonderzoek De Rik te Brielle, sectie C, nummer 2385, 2384, 1543, 1073, 2383 en 2578
JvK/15990‐2/14
slecht toestroomt en de aanwezigheid van onoplosbare bestanddelen in het grondwater. Aangezien maximaal licht verhoogde gehaltes (aan anorganische parameters) zijn aangetoond, en de NTU van 10 geen normatieve grens is, bestaat geen aanleiding het grondwater opnieuw te bemonsteren. 5.3
Monsterselectie
In tabel 4 is de monsterselectie opgenomen.
Verkennend bodemonderzoek De Rik te Brielle, sectie C, nummer 2385, 2384, 1543, 1073, 2383 en 2578
JvK/15990‐2/15
Tabel 4: Monsterselectie Analysemonster MMB1
Traject (m ‐mv) 0,00 ‐ 0,50
Deelmonsters 05 (0,00 ‐ 0,50) 06 (0,00 ‐ 0,50)
Bijmengingen Zwak baksteen‐ en puinhoudend
Analysepakket Standaardpakket incl. lutum en organisch stof
‐
Standaardpakket incl. lutum en organisch stof
Sporen baksteen
Standaardpakket incl. lutum en organisch stof
Sterk puinhoudend en matig baksteen‐ houdend
Standaardpakket incl. lutum en organisch stof
Zwak baksteen‐ houdend
Standaardpakket incl. lutum en organisch stof
‐
Standaardpakket incl. lutum en organisch stof
‐
Standaardpakket incl. lutum en organisch stof
07 (0,00 ‐ 0,50) 08 (0,00 ‐ 0,50) 09 (0,00 ‐ 0,50) 10 (0,00 ‐ 0,50) 12 (0,00 ‐ 0,50) 13 (0,30 ‐ 0,50) MMB2
0,00 ‐ 0,50
01 (0,00 ‐ 0,50) 02 (0,00 ‐ 0,50) 03 (0,00 ‐ 0,50) 04 (0,00 ‐ 0,50)
MMB3
0,00 ‐ 0,50
21 (0,00 ‐ 0,50) 22 (0,00 ‐ 0,50) 23 (0,00 ‐ 0,50) 24 (0,00 ‐ 0,50) 25 (0,00 ‐ 0,50) 26 (0,00 ‐ 0,50) 27 (0,00 ‐ 0,50) 30 (0,00 ‐ 0,50)
MMB4
0,00 ‐ 1,00
13 (0,05 ‐ 0,10) 17 (0,50 ‐ 0,80) 20 (0,50 ‐ 1,00) 28 (0,00 ‐ 0,30)
MMB5
0,50 ‐ 1,00
10 (0,50 ‐ 1,00) 29 (0,50 ‐ 1,00)
MMB6
0,50 ‐ 1,50
01 (0,50 ‐ 1,00) 01 (1,00 ‐ 1,30) 05 (0,50 ‐ 1,00) 08 (0,50 ‐ 1,00) 08 (1,00 ‐ 1,50) 10 (1,00 ‐ 1,50) 16 (0,50 ‐ 1,00)
MMB7
0,80 ‐ 2,00
14 (0,80 ‐ 1,20) 17 (1,30 ‐ 1,70) 25 (1,00 ‐ 1,50) 25 (1,50 ‐ 2,00) 29 (1,00 ‐ 1,50) 29 (1,50 ‐ 2,00)
MM14.1
0,20 ‐ 0,70
14 (0,20 ‐ 0,70)
MM17.2
0,80 ‐ 1,00
17 (0,80 ‐ 1,00)
Matig koolhoudend Standaardpakket incl. lutum en organisch stof Zwakke olie‐ water‐ Minerale olie en BTEXN reactie
Verkennend bodemonderzoek De Rik te Brielle, sectie C, nummer 2385, 2384, 1543, 1073, 2383 en 2578
JvK/15990‐2/16
5.4
Analyseresultaten en bodemkwaliteit
De analyseresultaten van de grond‐ en grondwatermonsters zijn opgenomen in bijlage 5; de analyse‐ en toetsingsresultaten zijn samengevat in de tabellen 5 en 6.
Tabel 5: Toetsingsresultaten grond Analysemonster
Traject (m ‐mv)
> AW (gehalte)
>T
> I (+index)
MMB1
0,00 ‐ 0,50
Koper [Cu] (‐)
‐
‐
‐
‐
‐
‐
‐
‐
‐
‐
Zink [Zn] (0,05) Kwik [Hg] (‐) Lood [Pb] (0,25) PAK 10 VROM (0,1) MMB2
0,00 ‐ 0,50
Kwik [Hg] (‐)
MMB3
0,00 ‐ 0,50
Kwik [Hg] (‐)
Lood [Pb] (0,09)
Lood [Pb] (0,04) MMB4
0,00 ‐ 1,00
Minerale (0,14) Kwik [Hg] (‐) Lood [Pb] (0,18) PAK 10 VROM (0,05)
MMB5
0,50 ‐ 1,00
Koper [Cu] (0,05) Kwik [Hg] (‐) Lood [Pb] (0,27)
MMB6
0,50 ‐ 1,50
Kwik [Hg] (‐)
‐
‐
MMB7
0,80 ‐ 2,00
‐
‐
‐
MM14.1
0,20 ‐ 0,70
Minerale olie (0,04) Kobalt [Co] (0,14) Zink [Zn] (0,34) Cadmium [Cd] (0,05) Kwik [Hg] (‐) Lood [Pb] (0,18) PAK 10 VROM (0,15)
Koper [Cu] (0,93)
‐
MM17.2
0,80 ‐ 1,00
‐
Minerale olie (0,68)
‐
> AW >T >I Index
: > Achtergrondwaarde : > Tussenwaarde : > Interventiewaarde : (GSSD ‐ AW) / (I ‐ AW)
Verkennend bodemonderzoek De Rik te Brielle, sectie C, nummer 2385, 2384, 1543, 1073, 2383 en 2578
JvK/15990‐2/17
Tabel 6: Toetsingsresultaten grondwater Watermonster
Filterdiepte (m ‐mv)
> S (gehalte)
>T
> I (+index)
05
2,00 – 3,00
Barium[Ba] (150) – Molybdeen [Mo] (8,2) Naftaleen (0,034)
‐
‐
10
2,00 – 3,00
Barium[Ba] (93)
‐
‐
17
2,10 – 3,10
‐
‐
‐
25
2,10 – 3,10
Barium[Ba] (150)
‐
‐
>S >T >I Index
5.5
: > Streefwaarde : > Tussenwaarde : > Interventiewaarde : (GSSD ‐ S) / (I ‐ S)
Interpretatie
Grond In het koolhoudende grondmonster van de bovengrond van boring 14 (MM14.1) is een matig ver‐ hoogd gehalte aan koper gemeten en zijn licht verhoogde gehaltes aan minerale olie, kobalt, zink, cadmium, kwik, lood en PAK aangetoond. In de bovengrond van boring 17 (MM17.2) waarin een zwakke olie‐ waterreactie was waargenomen, is een matig verhoogd gehalte aan minerale olie aan‐ getoond. In de baksteenhoudende en puinhoudende bovengrond (MMB1 en MMB3) zijn licht ver‐ hoogde gehaltes aan koper, zink, kwik, lood en PAK gemeten. In de zintuiglijk schone bovengrond zijn licht verhoogde gehaltes aan kwik en lood aangetoond.
In de baksteenhoudende ondergrond zijn licht verhoogde gehaltes koper, kwik en lood gemeten. In de zintuiglijk schone ondergrond is een licht verhoogd gehalte aan kwik gemeten.
Aanvullend onderzoek koper Om de matige verontreiniging met koper ter plaatse van boring 14zowel horizontaal als verticaal af te perken zijn om de verontreinigde boring op een afstand van 5 meter vier boringen verricht (106 t/m 109). Echter vanwege een ondoordringbare puinlaag is één van de boringen gestaakt. Het betrof de meest noordelijk boring (107) op de grens met de openbare weg.
Uit de resultaten blijkt dat in boring 108, gesitueerd ten zuidwesten van de verontreinigde boring op de grens met de openbare weg, een matige verontreiniging met koper aanwezig is. In boring 109, gesitueerd ten zuiden van de verontreinigde boring, is een lichte verontreiniging met koper gemeten.
In boring 106, gesitueerd ten noordoosten van de verontreinigde boring, is geen verhoogd gehalte aan koper aangetoond. In de bodemlaag onder de verontreinigde laag is evenmin een verhoogd gehalte aan koper aangetoond. In boring 106 en in de bodemlaag onder de verontreinigde laag zijn
Verkennend bodemonderzoek De Rik te Brielle, sectie C, nummer 2385, 2384, 1543, 1073, 2383 en 2578
JvK/15990‐2/18
geen bijmengingen met baksteensteen aangetroffen. In de licht tot matig verontreinigde grondlagen zij bijmengingen met bakstee aangetoond, waardoor de verwachting bestaat dat de verontreiniging samenhangt met de aangetroffen bijmengingen met baksteen. Aangezien uit de resultaten blijkt dat de grond hoogstens matig verontreinigd is met koper, is er geen sprake van een geval van ernstig bodemverontreiniging en geld er geen saneringsverplichting. De resultaten zijn opgenomen in tabel 7.
Aanvullend onderzoek minerale olie Om de matige verontreiniging met minerale olie (boring 17) zowel horizontaal als verticaal af te per‐ ken zijn om de verontreinigde boring op een afstand van 5 meter vier boringen verricht (boringen 102 t/m 105). Uit de resultaten blijkt dat in de afperkende boringen hoogstens een licht verhoogd gehalte aan minerale olie is gemeten. In de bodemlaag onder de verontreinigde laag is geen ver‐ hoogde gehalte aan minerale olie aangetoond. Aangezien uit de resultaten blijkt dat de grond plaat‐ selijk hoogstens matig verontreinigd is met minerale olie, is er geen sprake van een geval van ernstig bodemverontreiniging en geld er geen saneringsverplichting. De resultaten zijn samengevat in tabel 8.
Tabel 7: Toetsingsresultaten grond aanvullend onderzoek Analysemonster
Traject (m ‐mv)
> AW (gehalte)
>T
> I (gehalte)
Verontreiniging met koper M106.A
0,20 – 0,60
‐
‐
‐
M108.A
0,30 – 0,60
‐
Koper [Cu] (116,1)
‐
M109.A
0,50 – 0,60
Koper [Cu] (47,41)
‐
‐
0,60 – 1,00
‐
‐
‐
Verticale afperking M14a.B > AW >T >I Index
: > Achtergrondwaarde : > Tussenwaarde : > Interventiewaarde : (GSSD ‐ AW) / (I ‐ AW)
Verkennend bodemonderzoek De Rik te Brielle, sectie C, nummer 2385, 2384, 1543, 1073, 2383 en 2578
JvK/15990‐2/19
Tabel 8: Toetsingsresultaten grond aanvullend onderzoek Analysemonster
Traject (m ‐mv)
> AW (gehalte)
>T
> I (gehalte)
Verontreiniging met minerale olie M102.B
0,80 – 1,00
Minerale olie (120)
‐
‐
M103.C
0,80 – 1,00
‐
‐
‐
M104.C
0,80 ‐ 1,00
‐
‐
‐
M105.C
0,80 – 1,00
‐
‐
‐
1,00 – 1,50
‐
‐
‐
Verticale afperking M101.C > AW >T >I Index
: > Achtergrondwaarde : > Tussenwaarde : > Interventiewaarde : (GSSD ‐ AW) / (I ‐ AW)
Grondwater In het grondwater zijn lichte verontreinigingen met zware metalen en naftaleen aangetoond. Licht verhoogde gehaltes aan zware metalen kunnen van nature in het grondwater voorkomen en duiden niet op een noemenswaardige verontreiniging. Voor het licht verhoogd gehalte aan naftaleen is geen directe bron / oorzaak bekend. Aangezien het enkel een licht verhoogde gehaltes betreffen bestaat er geen aanleiding tot het uitvoeren van een aanvullend onderzoek.
5.6
Analyseresultaten asfaltonderzoek
De analyseresultaten van het asfaltonderzoek zijn weergegeven in de onderstaande tabellen. Tabel 9: Resultaten PAKdetector Monster
Soort verhar‐ ding
Bijzonderhe‐ den
Laagdikte cumula‐ tief mm
(Q) K‐IP‐49a conform RAW 2015 proef 77.1 en 77.2 Bepalen van de constructieopbouw en de laagdikte en het aantonen van PAK met PAKdetector (PAK‐detectorproef) 13‐1 DAB 0/8 29 Penetratielaag 47 13‐2 DAB 0/8 39 14‐1 DAB 0/8 41 14‐2 DAB 0/8 kern volledig 37 Funderingsma‐ in stukken 43 teriaal 14‐3 GAB 0/32 kern volledig 34 in stukken 15‐1 DAB 0/8 41 DAB 0/8 75 Uitvulling 102
Laagdikte individu‐ eel mm
Fluorescerend gebied mm
29 18 39 41 37 6
geen geen geen geen
34
geen
41 34 27
geen
Verkennend bodemonderzoek De Rik te Brielle, sectie C, nummer 2385, 2384, 1543, 1073, 2383 en 2578
JvK/15990‐2/20
Tabel 10: Resultaten DLC‐proef Monster Samenstelling Diepte (in mm) (Q) K‐IP‐49b conform RAW 2015 proef 77.3 Aantonen van PAK met dunne‐laag‐chromatografie (DLC‐proef) MM1 kern 13‐1 0‐47 kern 14‐1 0‐41 kern 15‐1 0‐102 MM2 kern 13‐2 0‐39 kern 14‐2 0‐43 kern 14‐3 0‐34
Classificatie PAK
geen fluorescentie
geen fluorescentie
Uit de resultaten blijkt dat het asfalt niet teerhoudend is.
Verkennend bodemonderzoek De Rik te Brielle, sectie C, nummer 2385, 2384, 1543, 1073, 2383 en 2578
JvK/15990‐2/21
6
RESULTATEN VERKENNEND ASBEST IN GROND ONDERZOEK 6.1
Algemeen
Tijdens de uitvoering is gebleken dat op de locatie diverse opstallen met een asbestverdacht dak zonder goot aanwezig zijn. Tevens is op de locatie een puinpad aangetroffen. Gelet op het bouwjaar van de panden bestaat de mogelijkheid dat het puinpad asbest bevat. Ook zijn tijdens de veldwerk‐ zaamheden van het verkennend bodemonderzoek op een groot deel van de locatie in de boringen bijmengingen met puin en baksteen aangetroffen.
Uit de bovenstaande gegevens is op te maken dat de locatie verdacht is op het voorkomen van as‐ best. Op de locatie zijn de volgende twee deellocaties te onderscheiden namelijk:
Deelgebied B agrarisch bedrijf 15.750 m2;
Deelgebied C puinpad en erf circa 1.750 m2.
Deelgebied A is aan de overzijde van de weg gelegen. Hiervan is een separaat rapport opgesteld. 6.2
Zintuiglijke waarnemingen en analyseresultaten
Maaiveldinspectie Tijdens de maaiveld inspectie bleek dat deelgebied B (agrarisch bedrijf) volledig begroeid was met gras. Hierdoor was het uitvoeren van een maaiveldinspectie slechts beperkt mogelijk (zie foto’s). Het maaiveld ter plaatse van het puinpad was goed te inspecteren op het voorkomen van asbestverdacht materiaal. De weersomstandigheden tijdens de maaiveldinspectie waren droog en zonnig. Visueel zijn tijdens maaiveldinspectie op beide deellocaties geen asbestverdachte materialen waargenomen.
Actuele contactzone Op deellocatie B (agrarisch bedrijf) zijn conform de strategie voor een niet verdachte locatie met betrekking tot de aanwezigheid van een bodemverontreiniging met asbest de volgende inspectiega‐ ten (0,3x0,3x0,5 meter) verricht:
23 inspectiegaten tot 0,5 meter‐ mv waarvan 8 inspectiegaten zijn doorgeboord tot 2,0 meter‐ mv (G27 t/m G49).
Tijdens de uitvoering is in proefgat 31 asbestverdacht materiaal aangetroffen. Het betreffende mate‐ riaal is verzameld en gebundeld tot een materiaalverzamelmonster. Opgemerkt dient te worden dat proefgat 31 een grotere afmeting heeft dan gebruikelijk is bij een verkennend asbest in grond onder‐
Verkennend bodemonderzoek De Rik te Brielle, sectie C, nummer 2385, 2384, 1543, 1073, 2383 en 2578
JvK/15990‐2/22
zoek (0,3x1,6 meter). Bij de inspectie van het vrijgekomen materiaal van de overige proefgaten is zintuiglijk geen asbestverdacht materiaal aangetroffen.
Op deellocatie C (puinpad en erf) zijn conform de strategie voor een niet verdachte locatie (strategie halfverhardingslagen) met betrekking tot de aanwezigheid van een verontreiniging met asbest de volgende inspectiegaten (0,3x0,3x0,5 meter) verricht:
12 inspectiegaten tot 0,5 meter‐ mv (G15 t/m G26).
Tijdens de uitvoering bleek dat de toegangsweg bestaat uit een volledige puinhoudende laag terwijl de verharding ter plaatse van het erf bestaat uit een matig tot sterk zandige kleilaag met matige tot sterke bijmengingen met puin en baksteen.
Tijdens de uitvoering is in proefgat 20 asbestverdacht materiaal aangetroffen. Het betreffende mate‐ riaal is verzameld en gebundeld tot een materiaalverzamelmonster. Bij de inspectie van het vrijge‐ komen materiaal van de overige proefgaten is zintuiglijk geen asbestverdacht materiaal aangetrof‐ fen.
Resultaten Op basis van de asbestgehaltes en de gewichten van de asbesthoudende materialen is aan de hand van de formule uit hoofdstuk 4 de asbestconcentratie van proefgat 31 en 20 berekend. De calculatie‐ bladen zijn opgenomen in bijlage 7, in onderstaande tabel is de calculatie per sleuf samengevat. Tabel 11: Asbestgehalte op basis van de grove fractie (> 2 cm) proef M in mg gat Agrarisch bedrijf 296.500 31 Puinpad 16.400 20
asbestpercentage
V (in dm³)
n (in kg/dm³)
E
ds in %
concentratie
12,5% chrysotiel
336
1,7
1
84,81 %
76,51 mg/kg d.s.
12,5% chrysotiel
45
1,7
1
91,62 %
29,25 mg/kg d.s.
Voor de bepaling van de asbestconcentratie in de fijne fractie (Cf: fractie < 16mm) is van de uitge‐ zeefde grond van proefgat 31 een mengmonster (MMA7) samengesteld en geanalyseerd op de aan‐ wezigheid van asbest. Tevens is van de uitgezeefde grond/puin van proefgat 20 een mengmonster (MMA5) samengesteld en geanalyseerd op de aanwezigheid van asbest. Van de uitgezeefde grond/ puin van de overige proefgaten zijn vier mengmonsters (MMA4, MMA6, MMA8 en MMA9) samenge‐ steld en geanalyseerd op de aanwezigheid van asbest.
Verkennend bodemonderzoek De Rik te Brielle, sectie C, nummer 2385, 2384, 1543, 1073, 2383 en 2578
JvK/15990‐2/23
Opgemerkt dient te worden dat in diverse proefgaten geen bijmengingen met bodemvreemd mate‐ riaal zijn aangetroffen waardoor besloten is om 2 mengmonsters minder te analyseren dan geof‐ freerd. Deze bodem wordt niet als asbestverdacht beschouwd. De proefgaten waarin zintuiglijk geen bodemvreemd materiaal is aangetroffen zijn geen mengmonsters van samengesteld.
Uit de analyses blijkt dat in de fijne fractie van het puinpad (MM6) asbest aanwezig is. Het betreft niet hechtgebonden koord dat > 60 % chrysotiel asbest bevat. Het gehalte aan asbest bedraagt 2,3 mg/kg d.s. Dit gehalte overschrijdt de interventiewaarde van 100 mg/kg niet. In de overige meng‐ monsters, van zowel het agrarisch bedrijf als het puinpad, is geen asbest is gedetecteerd.
Uit de resultaten van de grove en fijne fractie blijkt dat ter plaatse van proefgat 31 van het agrarisch bedrijf een gehalte van 76,51 mg/kg d.s. aan asbest in is aangetoond. Dit gehalte overschrijdt de grens voor nader onderzoek van 50 mg/kg d.s waardoor conform de NEN5707 een nader asbest in grond onderzoek dient te worden uitgevoerd.
Het gehalte aan asbest van zowel de grove als fijne fractie in het puinpad bedraagt 31,55 mg/kg d.s. Dit gehalte overschrijdt de grens voor nader onderzoek niet. Een aanvullend onderzoek ter plaatse van de puinverharding is niet noodzakelijk.
Op het overige terreindeel is zowel zintuiglijk als analytisch geen asbest aangetroffen.
Verkennend bodemonderzoek De Rik te Brielle, sectie C, nummer 2385, 2384, 1543, 1073, 2383 en 2578
JvK/15990‐2/24
7
CONCLUSIES EN AANBEVELINGEN Milieukundig onderzoek Uit de resultaten van het verkennend en aanvullend bodemonderzoek uitgevoerd op het perceel De Rik te Brielle te Brielle, kadastraal bekend als gemeente Brielle, sectie C, nummers 2385, 2384, 1543, 1073, 2383 en 2578 (deels), blijkt dat:
de vaste bodem ter plaatse van boring 14 matig verontreinigd is met koper. Uit de resultaten van het aanvullend onderzoek blijkt dat in de afperkende boringen hoogstens lichte tot matige ver‐ ontreinigingen met koper aanwezig zijn. Aangezien uit de resultaten blijkt dat de grond hoog‐ stens matig verontreinigd is met koper, is er geen sprake van een geval van ernstig bodemver‐ ontreiniging en geldt er geen saneringsverplichting;
de vaste bodem ter plaatse van boring 17 matig verontreinigd is met minerale olie. Uit de resul‐ taten van het aanvullend onderzoek blijkt dat in de afperkende boringen hoogstens lichte ver‐ ontreinigingen met minerale olie aanwezig zijn. Aangezien uit de resultaten blijkt dat de grond hoogstens matig verontreinigd is met minerale olie, is er geen sprake van een geval van ernstig bodemverontreiniging en geldt er geen saneringsverplichting;
zowel de boven‐ als ondergrond op het overige terrein niet (noemenswaardig) is verontreinigd met de onderzochte parameters;
het grondwater licht verontreinigd is met zware metalen en naftaleen;
de bodem ter plaatse van proefgat 31 (agrarisch bedrijf) een gehalte van 76,51 mg/kg d.s. aan asbest bevat. Dit gehalte overschrijdt de grens voor nader onderzoek van 50 mg/kg d.s waardoor conform de NEN5707 een nader asbest in grond onderzoek dient te worden uitgevoerd. Op het overige terreindeel van het agrarisch bedrijf is zowel zintuiglijk als analytisch geen asbest aange‐ toond.
het puinpad en erf een gehalte van 31,55 mg/kg d.s. aan asbest bevat. Dit gehalte overschrijdt de grens voor nader onderzoek niet. Een aanvullend onderzoek is niet noodzakelijk.
uit de resultaten van het asfalt onderzoek blijkt dat het aanwezige asfalt niet teerhoudend is.
Op basis van deze resultaten dient de hypothese, zoals verwoord in paragraaf 2.4, in principe ver‐ worpen te worden. De gevolgde strategie is echter als voldoende te beschouwen. Op basis van het aangetroffen gehalte aan asbest ter plaatse van proefgat 31 dient een nader asbest onderzoek uitgevoerd te worden, teneinde ernst en omvang van de verontreiniging nader in kaart te brengen.
Verkennend bodemonderzoek De Rik te Brielle, sectie C, nummer 2385, 2384, 1543, 1073, 2383 en 2578
JvK/15990‐2/25
Op het overige terreindeel is op basis van de resultaten het uitvoeren van een aanvullend of nader bodemonderzoek, ons inziens, niet noodzakelijk. Opgemerkt wordt dat wij slechts een adviserende taak hebben en dat het bevoegd gezag de noodzaak tot de uitvoering van nader of aanvullend onder‐ zoek vaststelt.
Alhoewel het onderzoek met de grootst mogelijke nauwkeurigheid en conform de daarvoor opge‐ stelde normen en richtlijnen is uitgevoerd dient opgemerkt te worden dat een bodemonderzoek slechts bestaat uit een steekproef waarbij een relatief gering aantal boringen en analyses wordt uit‐ gevoerd. Niet geheel uitgesloten kan worden dat op de locatie een verontreiniging aanwezig is die bij dit onderzoek niet is aangetroffen.
Verkennend bodemonderzoek De Rik te Brielle, sectie C, nummer 2385, 2384, 1543, 1073, 2383 en 2578
JvK/15990‐2/26
8
REFERENTIES 1.
NEN 5740, januari 2009. Bodem, bodem‐ landbodem‐ strategie voor het uitvoeren van ver‐ kennend bodemonderzoek ‐ onderzoek naar de milieuhygiënische kwaliteit van de bodem en grond [13.080.05]. NNI, Delft
2.
Stichting Infrastructuur Kwaliteitsborging Bodembeheer, Beoordelingsrichting voor het SIKB procescertificaat Veldwerk bij Milieuhygiënisch Bodemonderzoek, BRL SIKB 2000, Gouda, 12 december 2013
3.
Circulaire Bodemsanering per 1 juli 2013, 27 juni 2013, Staatscourant 16675
4.
Landelijke referentiewaarden ter onderbouwing van maximale waarden in het bodembeleid, RIVM rapport 711701053
5.
Regeling bodemkwaliteit, Staatscourant nr. 247, 13 december 2007
Verkennend bodemonderzoek De Rik te Brielle, sectie C, nummer 2385, 2384, 1543, 1073, 2383 en 2578
JvK/15990‐2/27
Bijlage 1
Uittreksel Kadastrale Kaart
Uw referentie: 15990
2578
1543 3086
18b
2383
2384
25 76
2396 2397
2398 18f
2385
1073
32
67
28 30 32
3268
34 36 38
31 31
32
31 40
33 00 2 33 1 32 22 19
42 44 46 48
50 52
3254 3255
40
42
41
19
54 56
rs
21
og Ho
3256 62 0m
Deze kaart is noordgericht Perceelnummer 25 Huisnummer Vastgestelde kadastrale grens Voorlopige kadastrale grens Administratieve kadastrale grens Bebouwing Overige topografie Voor een eensluidend uittreksel, Apeldoorn, 19 mei 2017 De bewaarder van het kadaster en de openbare registers
12345
10 m
50 m
Schaal 1:1000 Kadastrale gemeente Sectie Perceel
23
aa
58 60
BRIELLE C 2385
Aan dit uittreksel kunnen geen betrouwbare maten worden ontleend. De Dienst voor het kadaster en de openbare registers behoudt zich de intellectuele eigendomsrechten voor, waaronder het auteursrecht en het databankenrecht.
25
12
59
Omgevingskaart
Klantreferentie: 15990
0m
125 m
Deze kaart is noordgericht. Hier bevindt zich Kadastraal object BRIELLE C 2385 De Rik , BRIELLE CC-BY Kadaster.
625 m
Schaal 1: 12500
Bijlage 2
Kadastraal bericht object
pagina 1 van 2
Kadaster
Dienst voor het kadaster en de openbare registers in Nederland Gegevens over de rechtstoestand van kadastrale objecten, met uitzondering van de gegevens inzake hypotheken en beslagen Betreft: Uw referentie: Toestandsdatum:
BRIELLE C 2385 De Rik BRIELLE 15990 18-5-2017
19-5-2017 13:35:52
Kadastraal object Kadastrale aanduiding: Grootte: Coördinaten: Omschrijving kadastraal object: Locatie:
BRIELLE C 2385 65 a 35 ca 70220-434680 TERREIN (GRASLAND) De Rik BRIELLE Koopsom: € 1.105.000 (Met meer onroerend goed verkregen) Ontstaan op: 17-11-1988
Jaar: 2015
Publiekrechtelijke beperkingen Er zijn geen beperkingen bekend in de Landelijke Voorziening WKPB en de Basisregistratie Kadaster.
Gerechtigde
EIGENDOM
Abb Ontwikkeling B.V. Molendijk 160 3361 ER SLIEDRECHT Zetel: SLIEDRECHT KvK-nummer: 24321645 (Bron: Handelsregister) Voor de meest actuele naam, zetel en adres, raadpleeg het KvK-nummer. Recht ontleend aan: HYP4 66209/46 d.d. 26-5-2015 Eerst genoemde object in BRIELLE C 2385 brondocument: Brondocumenten mogelijk van HYP4 3628/138 reeks ROTTERDAM belang: Nog niet (volledig) verwerkte brondocumenten: HYP4 70714/181 d.d. 19-5-2017 HYP4 70714/182 d.d. 19-5-2017 HYP4 70714/184 d.d. 19-5-2017 HYP4 70714/185 d.d. 19-5-2017 HYP4 70685/8 d.d. 15-5-2017 HYP4 70674/158 d.d. 15-5-2017
Kadastraal bericht object
Betreft: Uw referentie: Toestandsdatum:
Gerechtigde
pagina 2 van 2
Kadaster
BRIELLE C 2385 De Rik BRIELLE 15990 18-5-2017
19-5-2017 13:35:52
ZAKELIJK RECHT ALS BEDOELD IN ART.5,LID 3,ONDER B, VAN DE BELEMM. WET PRIVAATR OP GED. VAN PERCEEL Gemeente Rotterdam Wilhelminakade 179 3072 AP ROTTERDAM Postadres:
Postbus: 10902 3004 BC ROTTERDAM Zetel: ROTTERDAM KvK-nummer: 24483298 (Bron: Handelsregister) Voor de meest actuele naam, zetel en adres, raadpleeg het KvK-nummer. Recht ontleend aan: GEDOOGPLICHT
HYP4 3628/138 reeks ROTTERDAM
Einde overzicht De Dienst voor het kadaster en de openbare registers behoudt ten aanzien van de kadastrale gegevens zich het recht voor als bedoeld in artikel 2 lid 1 juncto artikel 6 lid 3 van de Databankenwet.
Bijlage 3
Bijlage 4
Boring:
101
Boring:
102
Datum:
13-09-2017
Datum:
13-09-2017
GWS:
80
GWS:
80
0
0
Uiterst baksteenhoudend, zwak koolhoudend, Graven
0
0
Grind, fijn, zwak zandig, zwak baksteenhoudend, zwak puinhoudend, zwak AVIslakhoudend, donkergrijs, Graven
-20
-40
Klei, zwak siltig, sterk baksteenhoudend, geen olie-water reactie, neutraalgrijs, Edelmanboor
50 A
50
Klei, zwak zandig, matig baksteenhoudend, zwak AVIslakhoudend, geen olie-water reactie, neutraalgrijs, Edelmanboor
A
-80
B -100
100
Klei, zwak zandig, zwak roesthoudend, geen olie-water reactie, neutraalgrijs, Guts
-100
100
C
Klei, matig zandig, geen olie-water reactie, neutraalgrijs, Guts C
-150
150
Klei, zwak zandig, geen olie-water reactie, neutraalgrijs, Steekbus
B
Zand, zeer fijn, kleiïg, geen olie-water reactie, neutraalgrijs, Guts
150
-150
D
200
-200
Projectcode: 15990 Projectnaam: De Rik Brielle
afdrukdatum: 07-11-2017 Pagina 1 / 37 getekend volgens NEN 5104
Boring:
103
Boring:
104
Datum:
13-09-2017
Datum:
13-09-2017
GWS:
100
GWS:
70
0
0
-15
A -50
50
Grind, fijn, zwak zandig, zwak baksteenhoudend, zwak koolhoudend, donkergrijs, Graven Klei, zwak siltig, zwak baksteenhoudend, zwak koolhoudend, geen olie-water reactie, bruingrijs, Edelmanboor
-50
50
-80
Klei, zwak siltig, geen olie-water reactie, neutraalgrijs, Steekbus -100
100
Klei, matig zandig, geen olie-water reactie, neutraalgrijs, Guts
Klei, zwak siltig, geen olie-water reactie, neutraalgrijs, Steekbus
C -100
100
D
150
Klei, zwak siltig, matig baksteenhoudend, geen olie-water reactie, bruingrijs, Edelmanboor
B
-80
C
Klei, zwak siltig, matig humeus, zwak grindig, zwak baksteenhoudend, geen olie-water reactie, donkerbruin, Edelmanboor
A
Klei, zwak siltig, geen olie-water reactie, neutraalgrijs, Edelmanboor
B
0
0
Klei, zwak siltig, geen olie-water reactie, neutraalgrijs, Guts D
-150
150
Projectcode: 15990 Projectnaam: De Rik Brielle
-150
afdrukdatum: 07-11-2017 Pagina 2 / 37 getekend volgens NEN 5104
Boring:
105
Boring:
106
Datum:
13-09-2017
Datum:
18-10-2017
0
0
Grind, fijn, zwak zandig, zwak puinhoudend, donkergrijs, Graven
-6
-20
A -40
B
50 -60
Klei, matig zandig, neutraalgrijs, Edelmanboor B
Klei, zwak zandig, geen olie-water reactie, neutraalgrijs, Steekbus
C -100
Klei, zwak zandig, geen olie-water reactie, neutraalgrijs, Guts
100
D
150
Klei, zwak zandig, donkergrijs, Edelmanboor
A
-80
100
Matig AVIslakhoudend, matig puinhoudend, Kernboor
-20
Zand, zeer fijn, zwak siltig, geen olie-water reactie, bruinbeige, Edelmanboor Klei, zwak zandig, sterk baksteenhoudend, geen olie-water reactie, neutraalgrijs, Edelmanboor
50
asfalt Kernboor
0
0
C
-150
150
Projectcode: 15990 Projectnaam: De Rik Brielle
-150
afdrukdatum: 07-11-2017 Pagina 3 / 37 getekend volgens NEN 5104
Boring:
108
Boring:
109
Datum:
18-10-2017
Datum:
18-10-2017
0 -4
0
asfalt Kernboor
0
0
Kernboor
-9
Matig AVIslakhoudend, matig puinhoudend, Kernboor
Matig AVIslakhoudend, matig puinhoudend, Kernboor
-30
50
A -60
Klei, zwak zandig, zwak baksteenhoudend, zwak houthoudend, donkergrijs, Edelmanboor
50
-50
A
Klei, zwak zandig, zwak baksteenhoudend, donkergrijs, Edelmanboor
-60
Klei, zwak siltig, donkergrijs, Edelmanboor B -100
100
Klei, zwak zandig, neutraalgrijs, Edelmanboor
-100
100
C
150
Klei, zwak siltig, neutraalgrijs, Edelmanboor
B
Klei, zwak zandig, neutraalgrijs, Edelmanboor C
-150
150
Projectcode: 15990 Projectnaam: De Rik Brielle
-150
afdrukdatum: 07-11-2017 Pagina 4 / 37 getekend volgens NEN 5104
Boring:
01
Boring:
02
Boormeester:
Erwin Wolters
Boormeester:
Erwin Wolters
Datum:
06-07-2017
Datum:
06-07-2017
GWS:
170
0
0
gras Klei, sterk zandig, zwak humeus, donkerbruin, Edelmanboor
1
gras Klei, matig zandig, zwak humeus, donkerbruin, Edelmanboor
1
-50
50
0
0
Klei, zwak zandig, zwak humeus, bruingrijs, Edelmanboor
50
-50
2
100 3 -130
Veen, mineraalarm, donkerbruin, Edelmanboor 150
200
4
-200
Projectcode: 15990 Projectnaam: De Rik Brielle
afdrukdatum: 07-11-2017 Pagina 5 / 37 getekend volgens NEN 5104
Boring:
03
Boring:
04
Boormeester:
Erwin Wolters
Boormeester:
Erwin Wolters
Datum:
06-07-2017
Datum:
06-07-2017
0
0
gras Klei, matig zandig, zwak humeus, donkerbruin, Edelmanboor
1
50
0
0
gras Klei, matig zandig, zwak humeus, donkerbruin, Edelmanboor
1
-50
50
Projectcode: 15990 Projectnaam: De Rik Brielle
-50
afdrukdatum: 07-11-2017 Pagina 6 / 37 getekend volgens NEN 5104
Boring:
05
Boring:
06
Boormeester:
Erwin Wolters
Boormeester:
Erwin Wolters
Datum:
06-07-2017
Datum:
06-07-2017
GWS:
150
0
0
gras Klei, matig zandig, zwak humeus, zwak baksteenhoudend, donkerbruin, Edelmanboor
1
gras Klei, matig zandig, zwak humeus, zwak puinhoudend, donkerbruin, Edelmanboor
1
-50
50
0
0
Klei, zwak siltig, zwak humeus, donkergrijs, Edelmanboor
50
-50
2
100
3
150
4
200
-200
Klei, matig zandig, zwak humeus, lichtgrijs, Edelmanboor
250
300
-300
Projectcode: 15990 Projectnaam: De Rik Brielle
afdrukdatum: 07-11-2017 Pagina 7 / 37 getekend volgens NEN 5104
Boring:
07
Boring:
08
Boormeester:
Erwin Wolters
Boormeester:
Erwin Wolters
Datum:
06-07-2017
Datum:
06-07-2017
GWS:
160
0
0
gras Klei, matig zandig, zwak humeus, sporen puin, donkerbruin, Edelmanboor
1
50
gras Klei, matig zandig, zwak humeus, zwak baksteenhoudend, donkerbruin, Edelmanboor
0
0
1
-50
-50
50
Klei, zwak siltig, zwak humeus, donkergrijs, Edelmanboor 2
100
3
150
4
200
Projectcode: 15990 Projectnaam: De Rik Brielle
-200
afdrukdatum: 07-11-2017 Pagina 8 / 37 getekend volgens NEN 5104
Boring:
09
Boring:
10
Boormeester:
Erwin Wolters
Boormeester:
Erwin Wolters
Datum:
06-07-2017
Datum:
06-07-2017
GWS:
150
0
0
1
50
-50
gras Klei, sterk zandig, zwak humeus, zwak grindig, zwak puinhoudend, sporen sintels, donkerbruin, Edelmanboor
gras Klei, sterk zandig, zwak humeus, sporen baksteen, donkerbruin, Edelmanboor
0
0
1
-50
50
Klei, matig zandig, matig humeus, sporen baksteen, donkerbruin, Edelmanboor 2
-100
100
Klei, zwak siltig, zwak humeus, matig schelphoudend, donkergrijs, Edelmanboor 3
150
4
200
-200
Zand, matig fijn, matig siltig, laagjes klei, lichtgrijs, Zuigerboor
250
300
Projectcode: 15990 Projectnaam: De Rik Brielle
-300
afdrukdatum: 07-11-2017 Pagina 9 / 37 getekend volgens NEN 5104
Boring:
11
Boring:
12
Boormeester:
Erwin Wolters
Boormeester:
Erwin Wolters
Datum:
06-07-2017
Datum:
06-07-2017
0
0
gras Zand, matig fijn, zwak siltig, zwak grindig, grijsbruin, Edelmanboor
1
50
0
0
gras Klei, matig zandig, matig humeus, zwak baksteenhoudend, donkerbruin, Edelmanboor
1
-50
50
Projectcode: 15990 Projectnaam: De Rik Brielle
-50
afdrukdatum: 07-11-2017 Pagina 10 / 37 getekend volgens NEN 5104
Boring:
13
Boring:
14
Boormeester:
Erwin Wolters
Boormeester:
Erwin Wolters
Datum:
06-07-2017
Datum:
06-07-2017
0 1
0 -5 -10 -15
2 -30
3 50
-50
asfalt Kernboor
asfalt Kernboor
0 -4 -10 -13 -17 -20
0
Uiterst slakhoudend, Kernboor
Uiterst slakhoudend, Kernboor
Kernboor, asfalt
Kernboor, asfalt
Zand, matig fijn, matig siltig, zwak humeus, matig baksteenhoudend, zwak houthoudend, donkerbruin, Edelmanboor
50
Sterk puinhoudend, matig glashoudend, matig grindhoudend, Kernboor
1
Kernboor, asfalt
Klei, matig zandig, zwak humeus, zwak grindig, zwak baksteenhoudend, donkerbruin, Edelmanboor
Klei, sterk zandig, zwak humeus, matig koolhoudend, donkergrijs, Edelmanboor
-80
Klei, sterk zandig, lichtgrijs, Edelmanboor 100
2 -120
Projectcode: 15990 Projectnaam: De Rik Brielle
afdrukdatum: 07-11-2017 Pagina 11 / 37 getekend volgens NEN 5104
Boring: Datum:
14A 18-10-2017
0
0
-7 -20
asfalt Kernboor
Boring:
15
Boormeester:
Erwin Wolters
Datum:
06-07-2017
-10
Matig AVIslakhoudend, matig puinhoudend, Kernboor
50
asfalt Kernboor Uiterst slakhoudend, Kernboor
Klei, zwak zandig, donkergrijs, Edelmanboor
A
0
0
1 50
-60
Klei, matig zandig, neutraalgrijs, Edelmanboor B
-70 -71
Edelmanboor, gestaakt
100
C
150
-150
Projectcode: 15990 Projectnaam: De Rik Brielle
afdrukdatum: 07-11-2017 Pagina 12 / 37 getekend volgens NEN 5104
Boring:
16
Boring:
17
Boormeester:
Erwin Wolters
Boormeester:
Erwin Wolters
Datum:
06-07-2017
Datum:
06-07-2017
GWS:
150
0
0
puin Uiterst baksteenhoudend, matig asfalthoudend, Ramguts
puin Uiterst baksteenhoudend, matig zandhoudend, Ramguts
0
0
-20
1
Uiterst baksteenhoudend, matig kleihoudend, Ramguts -50
50
Klei, zwak zandig, zwak humeus, donkergrijs, Edelmanboor
-50
50
Klei, zwak zandig, zwak humeus, matig baksteenhoudend, geen olie-water reactie, bruingrijs, Edelmanboor
1
2
-80
Klei, matig zandig, zwak humeus, zwak puinhoudend, zwakke olie-water reactie, matige dieselgeur, lichtgrijs, Edelmanboor
2 100
-100
100 3 -130
150
Klei, matig zandig, zwak humeus, geen olie-water reactie, oranjegrijs, Edelmanboor
4 -170
Klei, zwak zandig, zwak humeus, laagjes zand, geen olie-water reactie, lichtgrijs, Edelmanboor
5 200
-200
Klei, zwak zandig, zwak humeus, sporen veen, laagjes zand, geen olie-water reactie, donkergrijs, Edelmanboor
250
300 -310
Projectcode: 15990 Projectnaam: De Rik Brielle
afdrukdatum: 07-11-2017 Pagina 13 / 37 getekend volgens NEN 5104
Boring:
18
Boring:
19
Boormeester:
Erwin Wolters
Boormeester:
Erwin Wolters
Datum:
06-07-2017
Datum:
06-07-2017
0
0
puin Uiterst baksteenhoudend, matig zandhoudend, Ramguts
50
0
0
puin Uiterst baksteenhoudend, zwak zandhoudend, Ramguts
50 -60
Klei, zwak zandig, zwak humeus, zwak baksteenhoudend, donkerbruin, Edelmanboor
1
100
-70 -71
Ramguts, gestaakt baksteen
-100
Projectcode: 15990 Projectnaam: De Rik Brielle
afdrukdatum: 07-11-2017 Pagina 14 / 37 getekend volgens NEN 5104
Boring:
20
Boring:
21
Boormeester:
Erwin Wolters
Boormeester:
Erwin Wolters
Datum:
06-07-2017
Datum:
06-07-2017
0
0
puin Uiterst baksteenhoudend, Ramguts
gras Klei, matig zandig, zwak humeus, sporen baksteen, donkerbruin, Edelmanboor
0
0
-20
-50
50
1
Uiterst baksteenhoudend, brokken asfalt, Ramguts
1
Klei, zwak zandig, zwak humeus, matig baksteenhoudend, donkerbruin, Edelmanboor
50
2
100
2
-100
100
Projectcode: 15990 Projectnaam: De Rik Brielle
-100 -101
Edelmanboor, gestaakt op muur
afdrukdatum: 07-11-2017 Pagina 15 / 37 getekend volgens NEN 5104
Boring:
22
Boring:
23
Boormeester:
Erwin Wolters
Boormeester:
Erwin Wolters
Datum:
06-07-2017
Datum:
06-07-2017
0
0
gras Klei, matig zandig, zwak humeus, sporen baksteen, donkerbruin, Edelmanboor
1
50
0
0
gras Klei, matig zandig, zwak humeus, sporen baksteen, donkerbruin, Edelmanboor
1
-50
50
Projectcode: 15990 Projectnaam: De Rik Brielle
-50
afdrukdatum: 07-11-2017 Pagina 16 / 37 getekend volgens NEN 5104
Boring:
24
Boring:
25
Boormeester:
Erwin Wolters
Boormeester:
Erwin Wolters
Datum:
06-07-2017
Datum:
06-07-2017
GWS:
160
0
0
gras Klei, matig zandig, zwak humeus, sporen baksteen, donkerbruin, Edelmanboor
1
50
gras Klei, matig zandig, zwak humeus, zwak baksteenhoudend, donkerbruin, Edelmanboor
0
0
1
-50
50
2
-100
100
Klei, zwak siltig, zwak humeus, grijsoranje, Edelmanboor 3
-150
150
Klei, zwak siltig, zwak humeus, lichtgrijs, Edelmanboor 4
200
-230
Veen, zwak kleiïg, donkerbruin, Zuigerboor 250 -270
Zand, matig fijn, matig siltig, lichtgrijs, Zuigerboor 300 -310
Projectcode: 15990 Projectnaam: De Rik Brielle
afdrukdatum: 07-11-2017 Pagina 17 / 37 getekend volgens NEN 5104
Boring:
26
Boring:
27
Boormeester:
Erwin Wolters
Boormeester:
Erwin Wolters
Datum:
06-07-2017
Datum:
06-07-2017
0
0
gras Klei, matig zandig, zwak humeus, sporen baksteen, donkerbruin, Edelmanboor
1
50
0
0
gras Klei, matig zandig, zwak humeus, sporen baksteen, donkerbruin, Edelmanboor
1
-50
50
Projectcode: 15990 Projectnaam: De Rik Brielle
-50
afdrukdatum: 07-11-2017 Pagina 18 / 37 getekend volgens NEN 5104
Boring:
28
Boring:
29
Boormeester:
Erwin Wolters
Boormeester:
Erwin Wolters
Datum:
06-07-2017
Datum:
06-07-2017
GWS:
150
0
0 1
gras Klei, matig zandig, matig humeus, sterk puinhoudend, donkerbruin, Edelmanboor
braak Klei, matig zandig, zwak humeus, donkerbruin, Edelmanboor
0
0
1
-30 -31
Edelmanboor, gestaakt puin -50
50
Klei, zwak zandig, zwak humeus, zwak baksteenhoudend, grijsbruin, Edelmanboor 2
-100
100
Klei, zwak siltig, grijsbruin, Edelmanboor 3
-150
150
Klei, matig zandig, lichtgrijs, Edelmanboor 4
200
Projectcode: 15990 Projectnaam: De Rik Brielle
-200
afdrukdatum: 07-11-2017 Pagina 19 / 37 getekend volgens NEN 5104
Boring:
30
Boormeester:
Erwin Wolters
Datum:
06-07-2017
0
0
gras Klei, sterk zandig, zwak humeus, zwak baksteenhoudend, donkerbruin, Edelmanboor
Boring:
G15
Datum:
12-10-2017
0
0
Volledig puin, Graven, menggranulaat
1 -40
50
-50
Projectcode: 15990 Projectnaam: De Rik Brielle
afdrukdatum: 07-11-2017 Pagina 20 / 37 getekend volgens NEN 5104
Boring:
G16
Boring:
G17
Datum:
12-10-2017
Datum:
12-10-2017
0
0
-25
Uiterst puinhoudend, sterk baksteenhoudend, matig asfalthoudend, Graven
0
0
Uiterst puinhoudend, sterk baksteenhoudend, matig asfalthoudend, Graven -28
Projectcode: 15990 Projectnaam: De Rik Brielle
afdrukdatum: 07-11-2017 Pagina 21 / 37 getekend volgens NEN 5104
Boring:
G18
Boring:
G19
Datum:
12-10-2017
Datum:
12-10-2017
0
0
Klei, zwak siltig, zwak grindig, matig baksteenhoudend, zwak puinhoudend, zwak AVIslakhoudend, bruingrijs, Graven, schelpen
0
0
Klei, zwak siltig, zwak grindig, zwak baksteenhoudend, zwak puinhoudend, neutraalbruin, Graven, glas1 -35
-40
Projectcode: 15990 Projectnaam: De Rik Brielle
afdrukdatum: 07-11-2017 Pagina 22 / 37 getekend volgens NEN 5104
Boring:
G20
Boring:
G21
Datum:
12-10-2017
Datum:
12-10-2017
0
0
-30
Klei, matig zandig, zwak grindig, matig puinhoudend, sterk baksteenhoudend, bruingrijs, Graven
0
0 -10
Graven, gebr. asfalt Klei, matig zandig, zwak grindig, sterk baksteenhoudend, zwak puinhoudend, bruingrijs, Graven
50
Projectcode: 15990 Projectnaam: De Rik Brielle
-50
afdrukdatum: 07-11-2017 Pagina 23 / 37 getekend volgens NEN 5104
Boring:
G22
Boring:
G23
Datum:
12-10-2017
Datum:
12-10-2017
0
0
Klei, matig zandig, zwak grindig, matig baksteenhoudend, matig puinhoudend, bruingrijs, Graven
0
-40
0
Klei, matig zandig, zwak grindig, sterk baksteenhoudend, matig puinhoudend, donkergrijs, Edelmanboor -40
Projectcode: 15990 Projectnaam: De Rik Brielle
afdrukdatum: 07-11-2017 Pagina 24 / 37 getekend volgens NEN 5104
Boring:
G24
Boring:
G25
Datum:
12-10-2017
Datum:
12-10-2017
0
0
Klei, matig zandig, sterk grindig, matig baksteenhoudend, matig puinhoudend, bruingrijs, Graven
0
0
Klei, matig zandig, zwak grindig, uiterst baksteenhoudend, matig puinhoudend, bruingrijs, Graven
-35
50
Projectcode: 15990 Projectnaam: De Rik Brielle
-50
afdrukdatum: 07-11-2017 Pagina 25 / 37 getekend volgens NEN 5104
Boring:
G26
Boring:
G27
Datum:
12-10-2017
Datum:
12-10-2017
0
50
0
Klei, matig zandig, zwak grindig, matig puinhoudend, sterk baksteenhoudend, bruingrijs, Graven
-50
0
50
Projectcode: 15990 Projectnaam: De Rik Brielle
0
Klei, zwak zandig, zwak humeus, donkerbruin, Graven
-50
afdrukdatum: 07-11-2017 Pagina 26 / 37 getekend volgens NEN 5104
Boring:
G28
Boring:
G29
Datum:
12-10-2017
Datum:
12-10-2017
GWS:
130
0
0
Klei, zwak zandig, zwak humeus, donkerbruin, Graven
0
0
Klei, zwak zandig, zwak humeus, zwak baksteenhoudend, donkerbruin, Graven
-40
50
-50
50
Klei, zwak zandig, zwak humeus, donkerbruin, Graven
-50
Klei, zwak siltig, zwak roesthoudend, bruingrijs, Edelmanboor
100
-130
Klei, zwak siltig, neutraalgrijs, Edelmanboor 150 -160
Projectcode: 15990 Projectnaam: De Rik Brielle
afdrukdatum: 07-11-2017 Pagina 27 / 37 getekend volgens NEN 5104
Boring:
G30
Boring:
G31
Datum:
12-10-2017
Datum:
12-10-2017
GWS:
130
0
0
-30
Klei, zwak zandig, zwak humeus, zwak baksteenhoudend, zwak puinhoudend, donkerbruin, Graven, glas1
0
0
Klei, matig zandig, zwak humeus, sterk baksteenhoudend, zwak puinhoudend, donkerbruin, Graven
Klei, zwak zandig, zwak humeus, donkerbruin, Graven 50
-50
50 -70
Klei, zwak siltig, zwak roesthoudend, bruingrijs, Edelmanboor 100
-130
Klei, zwak siltig, neutraalgrijs, Edelmanboor 150 -160
Projectcode: 15990 Projectnaam: De Rik Brielle
afdrukdatum: 07-11-2017 Pagina 28 / 37 getekend volgens NEN 5104
Boring:
G32
Boring:
G33
Datum:
12-10-2017
Datum:
12-10-2017
0
0
Klei, zwak zandig, zwak humeus, zwak baksteenhoudend, donkerbruin, Graven
0
0
Klei, zwak zandig, zwak humeus, donkerbruin, Graven
-40
50
-50
Klei, zwak zandig, zwak humeus, donkerbruin, Graven
50
Projectcode: 15990 Projectnaam: De Rik Brielle
-50
afdrukdatum: 07-11-2017 Pagina 29 / 37 getekend volgens NEN 5104
Boring:
G34