Beantwoording toezegging Veegplan 4b
Tekst van het document
BEANTWOORDING VRAGEN LIJST VAN TOEZEGGINGEN
Datum vraagstelling
8 oktober 2025
Vraagsteller / fractie
Gerard Ruigrok/FVD
Vergadering van Datum Agendanummer Toezegging nr.
8 oktober 2025
Vraag
R.25-050 1. Waarom krijgt de Provincie als indiener van de zienswijze eerst zes weken de tijd om reactie te geven, alvorens de andere indieners de gelegenheid krijgen. 2. In paragraaf duurzaamheid wordt gesproken over verschillende aspecten die meespelen in het ontwikkelen van het buitengebied. Hierbij wordt ook natuurcompensatie genoemd. Bij behoud van natuur is stikstofdepositie de belangrijke factor. Hoe kan het dat dit in het voorliggende plan aangegeven wordt dat natuurcompensatie meespeelt. Kan de wethouder aangeven wat er daadwerkelijk aan natuurcompensatie tot stand is gekomen met deze versie van het omgevingsplan.
Portefeuillehouder
Igor Bal
Team
Ruimtelijke Ontwikkeling
Datum beantwoording
20 oktober 2025
Antwoord
1. Het vast te stellen bestemmingsplan Omgevingsplan Buitengebied Veegplan 4b valt onder het overgangsrecht met betrekking tot de Wro. De Wro regelt hoe ruimtelijke plannen in Nederland tot stand komen. Artikel 3.8 lid 4 van de Wro schrijft voor dat een besluit tot vaststelling van het bestemmingsplan zes weken na vaststelling bekend wordt gemaakt, indien door gedeputeerde staten een zienswijze is ingediend en deze niet volledig is overgenomen of indien de gemeenteraad bij vaststelling van het bestemmingsplan daarin wijzigingen heeft aangebracht ten opzichte van het ontwerp, anders dan op grond van zienswijzen van gedeputeerde staten. De mogelijkheid voor de provincie om eerder de reageren omdat zoals hierboven aangegeven, de wet dit bepaalt. 2. Het is juist dat binnen het voorliggende bestemmingsplan sprake is van natuurcompensatie. Met de projectontwikkelaar is afgesproken om, naast een goede ruimtelijke inpassing van de compensatiewoningen, tevens zorg te dragen voor nieuwe natuurwaarden. Door deze herontwikkeling verdwijnen niet alleen een tweetal kassen (met uitbreidingsmogelijkheden),
maar zal de ontwikkelaar vanuit het woningbouwplan ook circa 6.500 m2 aan nieuwe natuurwaarden realiseren. Dit wordt bereikt door de aanleg van natuurvriendelijke oevers, een laarzenpad en een groen middengebied als omranding van de (te verlengen) Blindeweg, passend in de landschappelijke structuur van het gebied. Daarnaast ontstaat door de functiewijziging, ter plaatse van de bouwkavels, ook ruimte om de tuinen van de woningen ecologisch in te richten. De inrichting van de tuinen dienen te voldoen aan de randvoorwaarden uit het Handboek Kwaliteitsverbetering Buitengebied, waarmee nog een extra impuls zal worden gegeven aan de natuurwaarden in dit gebied. Het feit dat binnen de kaders van een bestemmingsplan/omgevingsplan wordt gewerkt aan natuurontwikkeling of compensatie, maakt dit ruimtelijk aanvaardbaar. Dit geldt niet als compenserende maatregel voor stikstof en/of de natuurbeoordeling. Deze maatregel levert geen verbetering op in een Natura 2000-gebied om dat er geen sprake is van een ‘beschermd’ natuurgebied.