CConstaterende datVoorne aan Zee
Koppel je AI →
Document · PDF

2023-210 Bezwaar VVBB voorbereidingsbesluit DCMR 10 oktober 2023 geanonimiseerd

Commissie Ruimte 25 oktober 2023, gemeente Voorne aan ZeeBij agendapunt: Brief VVBV over bouw ammoniaktank OCI, inclusief antwoord op vragen hierover van Wim Smit (ONS Brielle).14.746 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 2

Aan directie DCMR Parallelweg 1 Postbus 843 3100 AV Schiedam

10 oktober 2023

Betreft: bezwaar voorbereidingsbesluit mer inzake Tank OCI 60.000 ton, DCMR, 2 oktober, ref OLO 7473913, behorende bij de ontwerpbeschikking en een kennisgeving, kenmerk DCMR zaaknummer 1910469 voor de locatie OCI Terminal Europoort B.V. Mijne heren, Wij hebben kennis genomen van de plannen om een tank op te stellen van OCI in Europoort met 60.000 ton koude opslag capaciteit voor ammoniak. Bezwaar m.b.t. het voorbereidingsbesluit inzake tank OCI 50.000 ton De VVBV is belanghebbende en maakt bezwaar tegen uw voorbereiding besluit om af te zien van een volledige mer-procedure bij OCI, zoals boven vermeld, omdat het een bedreiging vormt voor de natuur op Voorne en de veiligheid de woon- en leef omgeving op Voorne. De VVBV doet dus een beroep op artikel 6.3 van de Algemene het Bestuursrecht. Wij menen dat openheid en transparantie recht doet aan de zorgen van onze bewoners tegen de huidige gang die heeft geleid tot een ernstige onderschatting van de risico’s van 60.0000 ton ammoniak in Europoort. 1

De Vereniging Verontruste Burgers van Voorne

De Vereniging Verontruste Burgers van Voorne (VVBV) is een vereniging die statutair tot doel heeft de internationaal befaamde natuurgebieden van en in de nabijheid van Voorne en de kwaliteit van de woon- en leefomgeving van de bewoners te beschermen. De Vereniging tracht dit doel te bereiken door onder meer kritisch de ontwikkelingen te volgen die een negatieve invloed kunnen hebben op de woon- en leefomgeving van de bewoners dan wel afbreuk doen aan de eerdergenoemde natuurgebieden. De vereniging gaat zo vroeg in op nieuwe ontwikkelingen omdat op dat moment er veel vrijheid nog is om te bewegen. En dat betekent nu aandacht voor wat Nederland wil in de energie transitie en voor de ontwikkeling van de haven en in gesprek gaan. Daar ligt ook ons positieve belang, zij het dat het lokaal wel kan spannen. 2

De maatschappelijke beoordeling van de risico’s

De directie van DCMR heeft aangegeven dat als een ammoniak gifwolk over Schiedam trekt het gedaan is met ammoniak in de haven. Secretariaat: Zonnemare 2 3235ET Rockanje Tel.: 0181 – 283821

Kamer van Koophandel 40348151 Rabobank NL50 RABO 0350 2580 07 E-mail: info@vvbv-voorne.nl Website : www.vvbv-voorne.nl

Vervolgblad

2

De landelijke overheid is al zeker 20 jaar bezig om de gevaren van LPG, chloor en ammoniak te verminderen. Een terechte handelen op grond het incident met een vergelijkbare tank in Jonava in Litouwen in 1989 en het ongeval in Dakar met ammoniak onder druk. Een terecht handelen op grond van de vele rapporten en studies die waarschuwen voor lethale wolken die een lengte bereiken van 5 tot 10 km: • The Dakar Ammonia Accident, Analysis of the worst incident at an anhydrous Ammonia user • Rupture of a cryogenic ammonia tank , march 20th 1989, Jonova. Lithuania • Long range transport of ammonia release in a major accident at Jonova, Lithuania • Ammonia storages-public awareness, DSB, Norway • Assessment of the potential environmental impacts of a major ammonia spill from a power-to-X plant and from shipping of ammonia in Greenland • Anhydrous ammonia consequence modeling analyses , Richmond Refinery • The ammonia release hazard and risk assessment: a case study of urea fertilizer industry in Indonesia • A Risk based approach on selection of refrigerated ammonia storage Een terechte zorg omdat Burgemeester J. Wallage zei in 2000 op basis van een studie in Groningen zei dat bij een ramp met een chloortransport met slecht 50 ton chloor in het ergste geval 5000 dodelijke slachtoffers kunnen vallen.

En met begrip voor Berenschot die spreekt over een groot ruimtelijk inpassingsprobleem bij ammoniak tanks. Het Nederlands Instituut voor de Veiligheid bereidt de hulpdiensten voor op grote ammoniak rampen: helaas maar tot de omvang van een vrachtwagen. Letale pluim tot 300 m, Maar de omvang is maar 1/3000 e van de tank van 60.000 ton. Een studie uit Amsterdam uit 2021 wijst er op dat bij scheepsverlading met 1000 m3/h het toxisch aandachtsgebied 2500 m is. Maar 1/60 van een LOC van tank 3. Antea constateert in haar studie “Kansen voor Safe Design”, dat Omgevingsveiligheid als een integraal onderdeel binnen de energietransitie wellicht ontbreekt. Maar gelukkig is er de belofte van onze D66 minister Jetten, die dit alles mogelijk overziende, heeft gesteld dat het door de energie transitie niet onveiliger op zal worden. De directie van DCMR staat dus niet alleen, vele wetenschappers onderschrijven de risico’s van ammoniak opslagen. Voor hen die haast hebben, beslist een ongemakkelijke waarheid. 3

De risico’s van ammoniak

Vervolgblad

3

Ammoniak is in onverdunde vorm een ontvlambaar gas dat zich zeer snel hecht aan vocht, veroorzaakt ernstige brandwonden op de huid, neus, mond en ogen en is giftig tot direct dodelijk bij inademing, is zeer giftig voor in het water levende organismen, brandt in op bladeren vruchten en bloemen, tast koper en zink aan. De tank bevat 80 mln. m3 gas bij kamer temperatuur, dat is een pluim van 800 m breed, 10 km lang en 10 m hoog onverdund gas met 1.02*10^6 ppm/m3. Het is beschadigend tot dodelijk bij 30 minuten blootstelling bij AEGL-3: 1100 ppm; globaal dus bij een verdunning met een factor 1000. Dus een dodelijke pluim van 8 km breed, 100 km lang en 100 m hoog. Niet zorgelijk als die de hoogte in gaat. Maar als het fout gaat vormen zich lethale koude giftige wolken aan de grond van 5 tot 10 kilometer lengte. Dat is nieuw voor de haven: geen plof, lokale brand, hitte of hoge rookwolken. Ammoniak brandt niet echt maar vormt een giftige mist die in stilte de woongebieden, industrie en natuur binnen glijdt. Of andersom; “Cruyff: elk voordeel heb zijn nadeel”; als het wel brandbaar was geweest, was er geen dodelijke mist aan de grond geweest.

Dus is er een bedreiging voor alles in de buurt: de inwoners van Brielle, Rozenburg en Maassluis, de medewerkers van de omliggende industrie, de flora en fauna in de buurt, koper in elektronica van installaties en kan de gehele logistieke keten in de haven vast komen te staan. Voor alles wat groen is dreigt etsing van het bladoppervlak bij > 3 mg/m3, ammoniumtoxiciteit en een verstoorde voedingsbalans door stikstofovermaat. 4

Het model: Safety-NL studie OCI

Het is verrassend dat nu blijkt uit de veiligheidsstudie met het wettelijk voorgeschreven pakket Safeti-NL voor de ammoniak opslag van 60.000 ton ammoniak bij OCI, dat, ofschoon de opslag 3 maal zo groot wordt en er veel scheepsbewegingen en verladingen bij komen, de 10^-6 zone nauwelijks toeneemt en dat het maximale aantal slachtoffers maar 230 doden is, 40 % van het maximale groepsrisico. Inzicht in hoe, wat en waar is niet gegeven. Het gebruikte veiligheidsprogramma Safeti-NL is voor buitenstaanders als een toverdoos. 5

Verschil van de maatschappelijke beoordeling en het model

Er is dus redenen voor nader onderzoek in een mer-procedure: • een groot verschil tussen de maatschappelijke beoordeling en het model. • een onbegrijpelijk beeld bij een verdrievoudiging van de opslag: gevreesd wordt voor een veel te kleine invloedszone, 10^-6 risico zone en een te laag groepsrisico. • Een vermoeden dat er alles aan gedaan wordt om dit project als eerste ammoniak project voor de verduurzaming door te drukken. Waar zit het verschil tussen de door Antea uitgevoerde studie vs. Litouwen, vele studies en Groningen? Antwoord zit niet in Safeti-NL zelf, maar de wijze waarop er mee wordt omgegaan door de gebruikers en de wet:

Vervolgblad

• • •

•

• •

• •

4

Alle externe risico’s worden uitgesloten, de risico’s van de schepen zijn niet belicht. De tank 3 met 60.000 ton ammoniak is zo veilig verklaard dat hij uit de berekening kan worden genomen. Het model is niet gevalideerd op de toepassing. Safety-NL is een 2-dimensinaal model dat geheel voorbij gaat aan het hellend haven, terrein, de haven, dijken en riolen en berekend dus niet de afvloei naar de haven, de dynamiek op het havenwater, de dynamiek van props-gewijs verdampende gassen in het riool op de plassen bij de rioolputten en het vullen van polders of havenbekkens met koud dodelijk gas. Het gebeuren is te groot voor dit programma. De rekentijd wordt beperkt tot 1800 seconden en de gifwolk lengte wordt beperkt tot 1500 m, overeenkomstig de Omgevingswet, Besluit kwaliteit leefomgeving artikel 5.12, lid 4. De reikwijdte wordt beperkt, alsmede de duur van de vergiftiging van verder verblijvende burgers. (maximaal 30 min – afstand/windsnelheid in m/min). Dus op grond van een Bestuurswet zijn Brielle, Maassluis en Rozenburg veilig! Aangenomen wordt dat 95 % van de bevolking binnen is met gesloten ramen en dat zij binnen 30 minuten na aanvang van het incident in veiligheid zijn.

Maar in een tent op een camping op een eiland of feestend Brielle of in een warme zomernacht? Duizenden naar adem snakkende bewoners, schade aan natuur, teelten en gewassen, bedrijven en logistieke processen blijven buiten beeld. NIPV geeft aan dat bij 250 slachtoffers de grens is bereikt van he mogelijke vervoer. Maar bij 230 doden mag je al gauw rekenen op 2500 gewonden. Volkomen onduidelijk wat er gebeurt als er 10.000-den tonnen ammoniak via het riool geloosd worden in de haven, zijnde natuur. Worst case blijft verborgen: Loss of Containment van 3 tanks: 90.000 ton, zwakke noorden wind, 1 april Brielle, 7000 + 17.000 bezoekers en in paniek geblokkeerde vluchtwegen.

Het is dus duidelijk waarom er een zo groot verschil is tussen de maatschappelijke beoordeling en de studie van OCI. Maar wie ziet dit in meer dan 2000 pagina’s? Niet de gewone burger. En ook de VVBV heeft moeite gehad om dit te zien in de verschrikkelijk korte tijd die haar is gegeven omdat OCI, DCMR en het Havenbedrijf het overleg met de VVBV niet wensten aan te gaan. Burgers vertrouwen op kennis en kunde. En nu ontstaan dus twijfels of DCMR dat waar maakt. Indachtig dezelfde twijfel die de Onderzoeksraad voor de Veiligheid signaleert bij de Omgevingsdiensten die de bevolking hadden moeten beschermen tegen de gevaren van Chemours, Tata Steel en de Asfaltcentrale. Nu met uitsluiten van de Tank 3 en het verkeerde gebruik van Safeti-nl,al blijkt dat het met 2 bestaande tanks al dicht tegen het acceptabele aan zit, rijst de vraag of bij een goede berekening blijkt dat we al moeten gaan praten van saneren van de bestaande OCIfaciliteiten. Met het gebruik van Safety-NL op de wijze waarop het is toegepast bij het uitbreidingsplan van OCI is zelfs een kerncentrale op de Coolsingel veilig te verklaren. Het is alsof wij kijken naar de opmaat voor een herhaling van Chemours, Tata Steel en de Asfaltcentrale.

Vervolgblad

6

5

Mer procedure

De door de VVBV gesignaleerde fouten en de ervaring dat deuren dicht blijven en er geen openheid en transparantie is, geven aanleiding tot de wens om de mer-procedure te volgen. Met een goed uitgevoerde mer-procedure wordt bereikt dat alle belanghebbenden zich melden en onafhankelijke deskundigen zorgvuldig in openheid en transparant zullen rapporteren over alle schades en de risico’s. Dan kan een goede maatschappelijke afweging plaats vinden of deze tank met 60.000 ton zich op een aanvaardbare plaats zal bevinden, een plaatsing elders van ook het bestaande OCI wenselijk is, of dat de gehele omgeving aangepast moet worden. En die ruimte is er. De DCMR medewerkers pakken het geitenpadje: er zou geen milieueffect zijn en minder dan 100.000 ton chemicaliën; maar bewijs van het eerste wordt niet geleverd en bij het 2e wordt er aan voorbijgegaan dat aannemelijk is dat een opslag van 60.000 ton ammoniak niet is voorzien bij de mer en dat ammoniak opslag geen gewone inherent veilige opslag is. En vanuit die zorg denken wij aan de MER-rapportage: In de Wet milieubeheer zijn de eisen voor het doorlopen van de m.e.r.-procedure in een aantal gevallen niet gespecificeerd (een zekere mate van vormvrijheid). Dit is gedaan om het bevoegd gezag ruimte te bieden voor maatwerk. Elk plan en besluit is immers uniek.

Het bevoegd gezag zal zelf bij de voorbereiding van een m.e.r.-plichtig plan of besluit moeten bepalen hoe invulling wordt gegeven aan proces, procedure en inhoud. Bijvoorbeeld wanneer de m.e.r.-procedure wordt gestart en hoe deze wordt gekoppeld aan de procedure voor het plan of besluit, hoe alternatiefontwikkeling plaats vindt, hoe de kwaliteit wordt geborgd en hoe wordt omgegaan met participatie van maatschappelijke organisaties, bedrijven en burgers. De accenten die uiteindelijk in de voorbereiding van een plan of besluit worden gekozen worden onder meer bepaald door: • Het doel van het plan of besluit. • De betrokken (overheid)instanties en de beleidsfase waarin dit plan of besluit verkeert. • De maatschappelijke en ruimtelijke context. • De te verwachten (milieu)gevolgen. • De mate van gevoeligheid op bestuurlijk en ambtelijk niveau en in de ‘omgeving’

Wij duiden op de maatschappelijke en ruimtelijke context: centraal gelegen tussen 3 woonkernen, de vele gevolgen die niet in Safety-NL zijn begrepen en de bestuurlijke en maatschappelijke gevoeligheid die ontstaat als duidelijk wordt dat er een verkeerde voorstelling van zaken is gegeven door DCMR medewerkers. En dat dan ook nog met een toekomst met nog eens 33 ammoniak tanks in de haven. 7

Tank 3 is veilig; het zal nooit voorkomen

Ongetwijfeld zal worden aangevoerd dat deze tank 3 veilig is; maar dat is al bij te veel rampen aangegeven: als er door de mens of externe omstandigheden niet goed mee wordt omgegaan, kan techniek geen veiligheid garanderen. Het is hoogmoed te denken dat het absoluut veilig is.

Vervolgblad

6

Vele rampen werden vooraf veilig geacht: te denken aan: Halifax, Titanic, Exxon Valdez, Torrey Canon, Amoco Cadiz, Costa Concordia,Betelgeuze, Deep water Horizon, Kielland, Piper Alfa, Challenger, Columbia; Saljoet 1, Bhopal, Beiroet,Enschede, Oppau, Tianjin, Sandoz, Feyzin, Fukushima, Tjernobyl, Windscale, Three Mile Island, Majak. Ben Ale, Professor in veiligheid heeft gesteld: het onmogelijke gebeurt. Ook de Rotterdamse haven heeft dat ervaren: de Shell plof van Pernis, Acrylonnitril bij Akzo, fornuis brand Esso, lekkage bij Gate, Odfjell, hackers bij APM. De haven is lek voor criminaliteit: drugsrunners. Hoe mooi de presentatie van de gebruikelijk toegepaste QRA studie ook is; het is gebaseerd op oude faal data voor kleinere installaties die degelijker zijn ontworpen en anders zijn bedreven. Hoe mooi de techniek ook is, ongevallen vinden plaats door de mens:falen in bestuur, planologie, ontwerp, fabricage, bedrijfsvoering , onderhoud (MOC), revisie, inspectie, toezicht, gebrek aan bewustzijn, kennis over de gevaren van chemische reacties, onvoldoende training van werknemers, onvoldoende voorbereid zijn op incidenten, onvoldoende leren van incidenten, gebrekkige communicatie, alcohol, vermoeidheid of blind vertrouwen op de techniek. wensdenken, het niet mogen tegenspreken, het vermijden van conflicten, het gemak, de vermoeidheid, dronkenschap en overschatting. 8

Verdere onderbouwing

De bijlagen zijn een nadere onderbouwing om alsnog te gaan voor de mer-procedure. Deze zullen ook de basis vormen van de voor 2 november in te dienen zienswijze op de ontwerpbeschikking . Onderstaand slechts 28 pagina’s; slechts een fractie, +/- 1 %, van de tekst die we hebben moeten doornemen in dit dossier.

Hoogachtend Geanonimiseerd Voorzitter Vereniging Verontruste Burgers van Voorne

Vervolgblad

7

Bijlage 1 Verdieping in het proces Wij hebben kennis genomen van de aanvraag van OCI voor onder meer de bouw van een tank voor de opslag van 60.000 ton ammoniak. Een extreem grote tank met een giftige stof in een dichtbebouwde omgeving, die ons doet beseffen dat de vereniging ook staat voor veiligheid, in veiligheid brengen en schadeherstel op Voorne-Putten. Wij kennen de lange termijn gedachten van 2 mln. ton opslag: 33 tanks van dit formaat. En is deze goedgekeurd, dan blijft het niet bij de gemelde 6 projecten; maar staat het gehele gebied ten noorden van Voorne aan Zee vol met ammoniak tanks. Alvorens een project op te starten is de eerste vraag die rijst: is de locatie geschikt. Het antwoord is simpel: bij een ongeval met een 60.000 ton ammoniak tank is er geen houden aan. Het bleek in Ionova en is vervolgens bevestigd met studies uit Denemarken, Noorwegen, Jordanië, Indonesië en Italië. Er ontstaat een niet te beheersen giftige dodelijke koude wolk van 5 tot 10 kilometer. Dus locatie ongeschikt. Dus wil de VVBV het gesprek aangaan. 1

Het gesprek

Maar op dit moment lijkt het gesprek uit te monden in veiligheid van het klimaat voor allen, c.q. de verduurzaming, tegenover lokale onveiligheid in plaats van verduurzaming en veiligheid voor allen. En hoe verloopt dat “gesprek” dan? •

Al een jaar proberen wij in gesprek te komen met het Havenbedrijf om te begrijpen hoe zij acteren in de energie transitie en hoe zij staan ten opzichte van ammoniak in de haven. Ondanks alle pogingen is dat niet gelukt.

•

Wij herkennen ons in de waarschuwing van de directeur van DCMR Molenaar op 21 februari 2022 in de NRC dat er te weinig wordt nagedacht over de veiligheidsrisico’s, de keuze voor opslaglocaties en het veilig transport en de opmerking in NU.nl dat als er straks een ammoniakopslag scheurt en er komt een gifwolk over Schiedam heen, je het draagvlak voor de energietransitie kwijt bent. En je energie." De burgers in Voorne kunnen op grond daarvan bij een ernstig incident met noorden wind ook een gifwolk verwachten.

•

Wij weten sinds 26 september dat er al op 23 december 2022 namens OCI een aanvraag is ingediend en dat we voor 2 november een zienswijze moet worden ingediend. Erg weinig tijd ten opzichte van de 10 maanden die DCMR nodig heeft gehad.

•

Wij hebben getracht vanaf april 2023 met DCMR in gesprek te komen, maar de deur werd dicht gehouden. Eerst moest de aanvrager zijn veiligheid bewijzen alvorens wij het gesprek aan konden gaan. Dus pas op 3 oktober 2023.

•

Wij herkennen wel de zorg van DCMR in de eis om een betonnen wand om de tank te plaatsen.

Vervolgblad

8

•

Op 31 augustus 2023 hebben wij schriftelijk aan DCMR, met een uitgebreide toelichting, laten weten dat we een MER wenselijk achten. Daar is geen inhoudelijke reactie op gekomen. Wel de melding dat DCMR alsnog geen mer–procedure voor staat.

•

De burgers hebben niet in de lokale krantjes kennis kunnen nemen van de ter inzage legging van de aanvraag en ontwerp-vergunning rond 21 september 2023 van OCI.

•

De VVBV is dan wel geïnformeerd en ziet een geheel van 2000 tot 3000 pagina’s, waarvan 90 % niet te downloaden is omdat de burgers geen autorisatie hebben. De documenten zijn in pdf, zodat data ook niet te bewerken is tot inzichtelijke gegevens, er is geen toelichting en er wordt geen inzicht gegeven in de berekening van de veiligheid.

•

Tijdens de voorlichtingsavond op 28 september 2023 in het Dok in Hellevoetsluis beloofden de wethouders I. Bal en P. Schop maximale openheid en transparantie in het vervolg proces.

•

De op 28 september aanwezige medewerker van DCMR, de manager duurzaam, heeft deze maximale openheid en transparantie in het vervolg proces onderschreven en ook aangegeven dat DCMR de volle aandacht richt op veiligheid. En op de opmerking van de VVBV dat het middel om dat te bereiken de MER is, gevolgd door de vraag waarom er geen MER kwam, werd het antwoord “en public” vermeden en kon alleen aan een tafeltje besproken worden. Blijkbaar heeft DCMR nu twee taken: verduurzaming en veiligheid en spant dat ook binnen DCMR. Aanwezigen voelden dat het niet klopte; waarom verkoopt DCMR ammoniak-projecten en wordt er niet ingegaan op de risico’s van ammoniak?

•

En dan wordt de VVBV in een vergadering op 3 oktober, gericht op overleg met de Veiligheidsregio om zeker te stellen dat zij op ammoniak incidenten zijn voorbereid, de brief van DCMR van 2 oktober, ref OLO 7473913 overhandigd waarin staat dat DCMR de aanvrager met een voorbereidingsbesluit meldt dat er geen MER behoeft te worden opgesteld omdat er geen milieugevolgen zijn en de installatie minder dan 100.000 ton chemicaliën betreft; zie bijlage 4.

•

De deskundigen lijken zich achter het programma Safeti-NL en de wetten te verschuilen, zonder te vermelden dat het pakket de veiligheid berekent gedurende de 1800 seconden na aanvang en dat de Omgevingswet voorschrijft dat de gifwolk wettelijk niet verder reikt dan 1500 m

De directeur van DCMR, had zich dus helemaal geen zorgen hoeven te maken over de gifwolk over Schiedam, want die wolk bereikt wettelijk de Parallelweg 1 te Schiedam niet; het duurt meer dan 1800 seconden om er te komen vanuit Europoort en het ligt verder af dan 1500 m. Brielle, Maassluis en Rozenburg zijn nu bij wet veilig. Maar helaas bestuurlijke wetten beschermen niet tegen de fysische wetten! Ik moge de deskundigen raden met dit programma met gevaar van een kerncentrale op de Coolsingel uit te rekenen: 1800 seconden en 1500 m. Kans op ongeval: vergelijkbaar. Gevolgen: bij een kernramp zijn er een paar dode operators door mechanisch geweld; maar doden buiten de kern centrale zijn er niet binnen 1800 seconden en 1500 m en andere schade is er ook nog niet. Het is veiliger dan een opslag van ammoniak. Wat zit hier fout in het programma? Het is niet gevalideerd op zijn toepassing!

Vervolgblad

9

En zou de bevolking het pikken? Ja, de autoriteiten en belangen verenigingen waren aanwezig bij de 1e presentatie van de plannen in Hellevoetsluis om het te zien gebeuren. Het geheim, de pluim, bleef echter verborgen en moeilijke vragen verbannen naar tafeltjes. En de VVBV? We stelden de kritische vraag, maar geen antwoord. De VVBV wil de Koninklijk weg van het overleg volgen, maar deuren worden dicht gehouden of als het er op aankomt, dicht gesmeten. Hier is dus geen sprake van de toegezegde openheid en transparantie! Maar geitenpaadjes, last minute, kruimel regeling, “keep them in the dark and……”, achterkamertjes, dubbele agenda, salamitactiek, en een stoplap. Waarbij de bevolking zich na een incident maar moet zien te redden met een natte stoplap voor de ademhaling, e.e.a. conform PGS12. 2

Mer-procedure

Er is, meent DCMR, geen mer-procedure nodig; omdat de totale opslag 10 % kleiner is dan de grens van 100.000 ton. Er wordt aan voorbij gegaan dat bij het opstellen van de wet wel eens niet gedacht zou kunnen zijn aan ammoniak tank van 60.0000 ton en 90.000 ton op één locatie. Het zijn tanks met een aan de kook zijnd brouwsel, dat in zich niet inherent veilig is. Een delicate balans van warmte uit de omgeving en koeling en kan als zodanig meer beschouwd worden als een reactor vat dan een tank. Uiteindelijk is het de bedoeling of verwachting dat er 2 mln. ton aan opslag capaciteit gaat komen. Wanneer is het moment dat daar wel een MER voor komt? Het antwoord is nu, voordat er een voldongen feit ontstaat. En niet halverwege of aan het einde. Twee goed Nederlandse gezegden spelen hierbij een rol: als er één schaap over de dam is, volgen er meer en de andere is, als het kalf verdronken is, dempt men de put. De natuur wordt niet bedreigd. Maar wij lezen dat standaard al de natuur wordt bedreigd omdat bij regulier bedrijf bij morsingen en ongevallen de ammoniak via riolen direct, ongecontroleerd en onbehandeld via het riool in de haven vloeit. Een praktijk uit de jaren zestig; niet van heden. Bij niet regulier bedrijf neemt dit toe tot tienduizenden tonnen. Er is leven in de haven; dus natuur; dus die wordt bedreigd. Maar hoe dat loopt is niet bekend.

Vriezen de riolen dicht, bevriest de haven of wordt het een kokende poel en vult het bassin zich met een giftige wolk? Het beschamend dat er een opvang voor de 60.000 ton ontbreekt, er is geen bunt en geen reserve tank. Bij calamiteiten moet het worden het geloosd in de haven of verdampt het. Maar op voorhand is nu al aangegeven dat de natuur niet bedreigt wordt en een MER niet nodig is. Maar zelfs voor de vormvrije MER is evenmin aandacht. DCMR is betrokken bij voorlichting in Hellevoetsluis. Het geeft aan dat DCMR ook beseft hoe gevoelig het ligt op bestuurlijk en ambtelijk niveau als blijkt dat Brielle, Rozenburg en Maassluis op grond van afstand buiten het te beoordelen groepsrisico vallen. Met de Bestuurswet veilig verklaard zijn, wetende dat de wetten der fysica de Bestuurlijke wetten net als de hare accepteren.

Vervolgblad

10

Dit overziende en de regelgeving omtrent MER lezende, had DCMR ten volle kunnen besluiten om een volledige MER beoordeling op te leggen. Wij hebben op 3 oktober gesproken met medewerkers van DCMR en de VRR. Na onzerzijds een positiemelding vanuit de VVBV, zie bijlage 2, is inhoudelijk ingegaan op de aanvraag door de heer T. Bersma, zie bijlage 3. Wij menen dat DCMR op grond van de wet vele redenen heeft om wel een MER op te stellen en dat de basis voor een besluit om niet de mer-procedure te volgen wankel is omdat: • Er geen nader onderzoek is gedaan naar een andere H2 drager, andere locatie of kleinere tanks om de risico’s voor de omgeving te verminderen. • Het onzorgvuldig is om het gevaar van het vervoer van de ammoniak schepen niet te beschouwen. • Het niet duidelijk is wat er gebeurt als er 10.000-den tonnen NH3 in het riool naar de haven lopen. Loopt het de haven in of bevriest het riool of bevriest de haven, of ontstaat er een kokende poel? En wat gebeurt er bij ontdooiing in het riool? Een opwaartse propstroming met geweldige erupties in de daarboven liggende poel? • Er sprake is van een gebrekkige Quantative Risk Analyses, wij hebben de DCMR medewerkers 60 opmerkingen gegeven. En als deze basis slecht is, vervalt ons inziens het gehele bouwwerk voor de vergunning. Zie bijlage 2.

• Het gebruiken van een niet voldoende gevalideerd programma inzake een enorme ammoniak opslag installatie, bijvoorbeeld op het ongeval in Ionova, onzorgvuldig is. • De ambtenaren als eerste de wettelijke regels dienen te volgen. En dat kan conflicteren met de morele plicht om maatschappelijk wenselijke oplossingen na te streven als dat onvoorziene nadelige gevolgen heeft. Politieke en maatschappelijke gevoeligheid • Alle signalen van de Rijksoverheid duiden op een planologisch probleem. • Er geen sprake is van een goede risico beschouwing als op voorhand het rekenmodel beperkt wordt tot 1800 seconden en 1500 m afstand bij de bepaling van het groepsrisico. Een ammonia en ammoniak ontsnapping van een dergelijke schaal heeft heel andere effecten dan bijvoorbeeld een benzine ontsnapping waar de risico modelering voornamelijk voor bedoeld is. Gevolgen • De MRA beschrijft dat er veel milieu-scenario’s buiten het groene gebied liggen. • Het een grote tekortkoming is dat vele effecten na een grote calamiteit niet worden beschouwd. Zoals in de vorm van naar adem snakkende bewoners aan de overkant in Maassluis, in de put van Rozenburg of binnen de poorten van Brielle, beschadigde teelten en gewassen, milieu in de haven en de omringende terreinen. • Er verdieping nodig is naar aanleiding van een groepsrisico van 230 doden: waar en hoe te verminderen.

• Er is geen enkel zicht gegeven op de omvang van een ramp, zodat de VRR niet weet hoe zij zich moet voorbereiden. Wij verwachten inzicht; een voorbeeld is de studie bij een bestaande ammoniak tank van 10.000 ton: The ammonia release hazard and risk assessment: A case study of urea fertilizer industry in Indonesia. Gewoon te vinden op het internet. 55.000 potentiele slachtoffers. Alleen nog te verminderen door zelfredzaamheid! En bij OCI is er sprake van 9 maal zoveel ammonia: 90.000 ton. Zie onderaan de bijlage 2.

Vervolgblad

11

Ons gevoel doet ons vermoeden dat “men” niet gerust is op een positieve uitkomst van zo’n mer-procedure en dat er in allerlei bochten wordt gewrongen om dat onderzoek te voorkomen. 3

Juridische invalshoek

Is er sprake van onwetendheid, nalatigheid, verwijtbaar of strafbaar handelen als men: • (Bewust) onbekwaam is in zijn vak? • Niet bereid is tot intrinsiek overleg over de veiligheid van mens en milieu? • Er bewust voor kiest om het gesprek niet aan te gaan om aldus bewust onbekwaam te blijven? • Daarmee zelf hevigere weerstand doet ontstaan op andere plaatsen? • Weet dat het bedrijf al het milieu vervuilt met ammoniak bij morsingen die aflopen in de haven zonder meting, controle en registratie? • Een aanvraag accepteert die geen goede weergave geeft in de risico-analyse, techniek, bestrijdingsmaatregelen en omvang van een ramp? • Geen aandacht aan overstroming, hackers en Russen? • Weet dat de giftige pluim in werkelijkheid 5 tot 10 km lang kan zijn op grond van de werkelijke ramp in Ionova en tal van studies en daarmee een ernstige bedreiging is voor de omgeving? • Een niet op de bijbehorende opslag grootte een daartoe niet gevalideerd 2dimensionaal programma gebruikt in een nadrukkelijk 3-dimensionale wereld en weet dat het programma slechts 1800 seconden doorrekent en 1500 m, er van uitgaat dat 95 % van de bevolking binnen is en dat de ramen gesloten zijn en dat iedereen zich binnen 30 minuten in veiligheid heeft kunnen stellen? Wie treft hier de blaam, de opdrachtgever of de rekenaar? • Weet dat de veiligheidsberekening van Safeti-NL niet de 10 maal zo hoger aantal naar

adem snakkende mensen omvat die de rest van hun leven last zullen hebben van astma, de schade aan natuur, teelten en gewassen, de industrie en alle logistieke processen in de omgeving? • Een groepsrisico van 230 doden accepteert als een koud gegeven waar verder geen verantwoordelijkheid voor geldt? Er staat in de Volkskrant een informatief artikel over Dupont en Chemours van zaterdag 7 oktober. Het lijkt nu de opmaat voor een herhaling van Chemours, Tata Steel en de Asfalt centrale, Enschede en Groningen: nu bij OCI. Benedicte Ficq en Eric Meijer hebben zich voor Urgenda en Milieu defensie gespecialiseerd in WAMCA zaken en preventieve collectieve juridische actie in het algemeen belang tegen bedrijven of overheden. Het kan zijn dat bestuursrechtelijk de zaken op orde zijn, maar civielrechtelijk niet als er sprake is van onrechtmatige schade. En daar is sprake van als er sprake is van maatschappelijke onzorgvuldigheid. We zien dat de kennis van de omgevingsdiensten te kort schiet en het gesprek daarover uit de weg gaat en dat de inhoud van de vergunning gedicteerd wordt door bedrijven, waardoor ze niet streng genoeg zijn. Ficq spreekt dan ook over toepassing van het strafrecht op de onverschilligheid jegens onschuldige burgers. Dus nabestaanden van 230 doden en de 2300 astma patiënten weten na de berekende “worst case” dat ze bij Ficq terecht kunnen voor een WAMCA zaak. 3.1

De verantwoordelijkheid van de Rijksoverheid

Vervolgblad

12

De VVBV beleeft in hoge mate het gevoel dat het initiatief tot deze tank van 60.000 ton met koude ammoniak moet doorgaan, geen overleg met burgers, want dan komt zwakheid op tafel. Alles of niets. Die VVBV vraagt zich af of we hier druk zien van de landelijke overheid in een staat van verwarring, die in 2003 in paniek raakte, toen de stroomprijzen niet voldeden aan de marktverwachting en de bouw van kolen centrales stimuleerde en toen die uiteindelijk in bedrijf gingen rond 2013, 10 jaar later aandrong op sluiten vanwege de CO2 uitstoot. Nu zien we weer het beeld: de hype regeert, de grote overall visie en daaruit afgeleide strategie ontbreekt. Want de energietransitie is gestart met de Regionale Energie Strategie: het bouwen van toekomstige overschotten aan duurzame windturbines op de Noordzee, die gratis stroom gaan leveren aan H2 fabrieken die dan weer moeten concurreren met goedkoop geïmporteerde groene ammoniak. Wij menen dat windturbine projecten niet worden gebouwd voor het leveren van gratis stroom, een electrolyser zo duur is dat hij continue bedreven moet worden en de kostprijs er van hoger ligt dan H2 uit gekraakte geïmporteerde groene ammoniak uit gebieden met een zeer hoge gecombineerde bedrijfstijd van wind en zon.

Zien we hier een rijksoverheid die aandringt op energietransitie met ammoniak in de haven en de veiligheid vergeet? Dat is niet lokaal af te kopen met delen in de onzekere winsten, zoals met participaties voor windturbines. Veiligheid is geen te accepteren hinder, maar voorwaarde voor de kwaliteit van de woon- en leefomgeving. En is bij dit project sprake van haast in het kader van de energie transitie? Nee; want dit is een puur commercieel project om de hoge Nederlandse gasprijs te ontwijken door import van goedkope ammoniak als basisproduct voor de kunstmest. Voor de bio-ethanol fabriek van OCI in Delfzijl is het te laat: 50 man worden door OCI ontslagen. Het is gewoon een industrie die groot is geworden door de het goedkope Nederlandse aardgas, het nu moeilijk heeft en nu dan per binnenvaart schip warme ammoniak uit een grote koude tank naar Geleen gaat vervoeren in plaats van het duurdere maar veiligere transport per leiding. Wordt er door de Rijksoverheid ten behoeve van OCI druk uitgeoefend op de gemeente Rotterdam, het Havenbedrijf, DCMR, VRR, B&W van gemeenten? Zij hebben echter ook nog andere verantwoordelijkheden! 3.2

Positie gemeente Rotterdam

Welke verantwoordelijkheid neemt de gemeente Rotterdam voor de veiligheid van haar burgers langs de Waterweg en Rozenburg, de industrie en de continuïteit van alle logistieke processen in de haven? Welke zorg heeft ze voor de buurgemeenten die niet het afval putje van de problemen van Rotterdam willen zijn. De gemeente moet ook inzien dat als het fout gaat, de energietransitie een flinke achterstand gaat oplopen. En beseffen dat OCI niet de voorwaarde is voor de transitie; juist andersom deze tank voor OCI is specifiek bedoeld als het laatste redmiddel voor de “fossiele” kunstmest industrie van OCI in Geleen.

Vervolgblad

3.3

13

Positie Havenbedrijf

Welke verantwoordelijkheid neemt het Havenbedrijf voor haar medewerkers, haven personeel en burgers die wonen in Maassluis, Rozenburg en Brielle en continuïteit van bedrijven en logistiek in de haven? En hoe wil de haven te boek staan? Als innoverend maar niet veilig? Uw medewerkers en managers van de industrie wonen daar! 3.4.

Positie DCMR

Neemt DCMR voor het verkeerde model, de foute afbeelding, de versimpeling en de wettelijke beperkingen in tijd en afstand de verantwoordelijkheid? Neemt zij de verantwoordelijkheid als het fout gaat? Toch niet weer zoals de Onderzoeksraad voor de Veiligheid constateert bij het handelen van de Omgevingsdiensten bij Tata Steel, Chemours, Asfaltcentrale, Enschede? DCMR kan niet weg komen als zij nu al op voorhand weet dat de wetten en regels een goede weergave van de onveiligheid blokkeert. 3.5

VRR

Kan de Veiligheidsregio al vast stellen welke rampen er zich kunnen voordoen en nu al zeggen dat er geen bezwaar is? Kunnen zij de Burgemeesters informeren dat het goed zit? Hebben zij al een scenario klaar liggen, de materialen gereed, getraind en full-scale geoefend? 3.6

Burgemeester, wethouders en politici in Maasluis, Voorne aan Zee

De VVBV is het gesprek aangegaan met de VRR omdat wij menen dat de vergunning pas verleend kan worden als de politici en de Burgemeesters en Wethouders naar de burgers in Rozenburg, Voorne aan Zee, en Maassluis, kunnen zeggen dat ze de volledige verantwoordelijkheid en aansprakelijkheid kunnen dragen voor de veiligheid. Maar weten zij dan dat de installaties goed zijn beschreven, de risico’s allen gekend zijn, en de voorbereiding op de rampenscenario’s in orde zijn? Zij worden geacht door onafhankelijke deskundigen geïnformeerd te zijn dat de berekeningen kloppen, en van de BOA’s, de politie, de brandweer, ambulance diensten en ziekenhuizen de bevestiging gekregen hebben dat allen goed zijn opgeleid, voldoende op sterkte en voorzien zijn van alle benodigde middelen om adequaat te reageren, getraind zijn en full-scale hebben geoefend. Weten zij dan ook dat de schadecompensatie en herstel goed geregeld zijn of worden die kosten van onveiligheid op de maatschappij verlegd? Heeft DCMR wel haar werk goed gedaan? 3.7

De nieuwe ammoniak projecten

De project-eigenaren van de nieuwe ammoniak projecten worden geacht de risico’s te kennen van het plaatsen van een tank met 60.000 ton ammoniak in dicht bevolkte omgeving. Zij hebben, evenals DCMR, een verantwoordelijkheid om te werken aan het succes van de ammoniak keten op termijn. Die is niet gediend met een plaatsing van zo’n grote tank tussen 3 woongebieden met een discutabele vergunning verlening. 3.8

OCI

Vervolgblad

14

Wij vertrouwen er op dat OCI een goed bedrijf is met bekwaam management. Het is DCMR die de kaders moet geven waaraan OCI moet voldoen. Maar OCI weet dat haar medewerkers machteloos zijn bij een ramp, die volgens DCMR niet bestaat. Het ontbreekt aan iedere beschrijving van een ramp en de adequate reactie er op van personeel en VRR. OCI heeft een eigen verantwoordelijkheid voor de bescherming van de leefomgeving door pro-actief te handelen en voorzorgsmaatregelen te nemen vanuit de gedachten vergoeding, vergelding en preventie. Dus OCI kan ook zelf overwegen om geld te investeren om een mer-procedure te starten teneinde de juridische strijd en oponthoud te vermijden of om nu te stoppen met het project.

4

Samenvattend

De VVBV voelt zich in een ongemakkelijke rol geduwd. Maar constateert dat het niet anders is, omdat gesuggereerd wordt dat de energietransitie af hangt van de tank bij OCI. Maar in de industrie geldt ook de regel, we doen het veilig of anders niet. Dus: De VVBV is belanghebbende en maakt bezwaar tegen het voorbereiding besluit om af te zien van een volledige mer-procedure omdat het de veiligheid raakt van onze bewoners en doen dus een beroep op artikel 6.3 van de Algemene het Bestuursrecht: Een beslissing inzake de procedure ter voorbereiding van een besluit is niet vatbaar voor bezwaar of beroep, tenzij deze beslissing de belanghebbende los van het voor te bereiden besluit rechtstreeks in zijn belang treft Dit, omdat niet aangetoond is dat het milieu bij regulier bedrijf niet wordt bedreigt en dat bij niet regulier bedrijf, vele maatschappelijke gevolgen bewust buiten beschouwing zijn gebleven. De simpele benadering van veiligheid leidt tot grote maatschappelijke onrust. DCMR heeft blijkbaar onvoldoende kennis kunnen vergaren, respectievelijk kunnen ontwikkelen over de risico’s in een dicht bevolkt gebied van zo een grote ammoniak opslag. Wij menen ook dat de PGS 12 onvoldoende houvast biedt voor een omvang van deze schaalgrootte, laat staan op uitbreiding die nog volgt in de regio. Een uitgebreide beschouwing is als bijlage 2 toegevoegd.

De veilige oplossing op lange termijn ligt voor de kust, in zee, waar aanlanding, opslag, NH3kraker, H2 opslag in een oud gasveld, locatie voor aanlanding van kabels uit windparken, kernenergie, electrolysers, vliegveld en een Valmeer gerealiseerd kunnen worden.

Vervolgblad

Studie Indonesië.

15

Vervolgblad

16

Bijlage 2; voorbereiding gesprek met VRR en DCMR en conclusie 1

De signalen

De energietransitie vraagt om waterstof dat vermoedelijk het goedkoopste en met de meeste ervaring via ammoniak kan worden geïmporteerd. • • • • • •

• • •

•

Maar het is overheidsbeleid om de risico’s van LPG, chloor en ammoniak “uit te bannen”. Minister Jetten heeft beloofd dat het er niet onveiliger door zou worden in zijn nieuwe energienota voor de toekomst. Er zijn verschillende onderzoeken die aangeven dat in bijzondere situaties de Omgevingsdiensten niet bekwaam zijn om de burgers te beschermen; te denken aan Tata Steel, Chemours en de Asfaltcentrale. Berenschot heeft in haar studie over de energiedragers al gewaarschuwd voor de gevaren bij aanlanding en opslag en spreekt over concentratie en een ruimtelijk inpassingsprobleem. De bestemminsplannen van Vlissingen, Geleen en Terneuzen worden beperkt door de transporten en opslagen van ammoniak. Er zijn vele kleine ongevallen met ammoniak met koelinstallaties geweest en grote rampen met een koude opslag van -33 C in Ienova en m.b.t. de schepen, met druk bij 8 bar in Dakar en Houston. Hier had men bij het proces om te komen tot de ontwerpvergunning van kunnen leren, helaas is daar niets van terug gevonden. Er zijn nieuwe dreigingen van overstromingen, hackers en Russen Vele studies tonen dodelijke pluimen aan bij grote ongevallen van 5 kilometer lengte en slachtoffers tot 10 km. Ook hier lokaal zijn er voorbeelden: de rook van het fornuis van Esso en de recente dioxines van AVR en 5 januari Chemie Pack Moerdijk. Hier was sprake van warme wolken die op enig ogenblik “uitregenen”.

Maar ammoniak is koud en blijft aan de grond! Het vergoeden van schade na een ramp is op zich al een “ramp” in Nederland; te denken aan de Toeslagen affaire, Groningen en Twentekanaal.

Wij nemen aan dat DCMR deze kennis heeft en daarom terecht in de pers heeft laten weten dat als er een ammoniak wolk over Schiedam trekt, het gedaan is met deze energiedrager. Want DCMR zal er zich van bewust zijn dat er niet alleen sprake is van doden, dat als maat voor de beoordeling van de veiligheid wordt gebruikt; maar ook vele gewonden, schade aan natuur, teelten in kassen, gewassen op het land en de omliggende industrie en de logistieke keten. En DCMR zal beseffen dat met deze aanvraag de standaard wordt gezet voor de andere 33 ammoniak tanks die nog moeten komen in de haven! Wij, als Vereniging zijn er ons ook vroeg van bewust en hebben al circa 5 maanden geleden contact gezocht met DCMR om met onze kennis met DCMR van gedachten te wisselen. Maar de DCMR medewerkers hebben er welbewust voor gekozen om geen gesprek aan te gaan.

Vervolgblad

17

Wij waren dus afhankelijk van de bereidheid van bedrijven. Welnu; OCI heeft dat niet gedaan en wij als participerende burgers zijn dus niet vroeg in dit project betrokken en hebben dus onze kennis en zorgen niet kunnen uiten. En is bij dit project sprake van haast in het kader van de energie transitie? Nee; want dit is een puur commercieel project om de hoge Nederlandse gasprijs te ontwijken door import van goedkope ammoniak als basisproduct voor de productie van kunstmest in Geleen. Voor de bio-ethanol fabriek in Delfzijl werkt het niet: 50 man worden door OCI ontslagen. Een industrie die groot is geworden door de het goedkope Nederlandse aardgas, het moeilijk heeft. En nu dan kiest voor het goedkoopste: per binnenvaart schip warme ammoniak met 8 bar druk tanks naar Geleen vervoeren in plaats van het duurdere maar veiligere transport per leiding. Dus 2 nieuwe gevaar bronnen in Europoort: de 60.000 ton atmosferische tank met -33 C tank en de schepen met ammoniak op omgevingstemperatuur met 8 bar! Het is ons bekend: klein risico maar grote gevolgen. Kerncentrales zijn vergelijkbaar; maar Rotterdam wil geen kerncentrale op de Coolsingel en niet op de Maasvlakte omdat dat voor nieuwe bedrijven een bedreiging kan zijn. Moerdijk kan ook niet vanwege een te grote bevolkingsdichtheid.

Maar wel in de achtertuin bij de buurgemeenten? Standaard bij veiligheid is bij een potentieel gevaar: doe het anders, houdt het op afstand; maak het kleiner, isoleer het beter en dan de PBM’s (de natte lap) of doe het niet. • • • • •

Wij missen bij de keuze voor ammoniak een goede afweging van de veiligheid. Plaatsing van een enorme tank van 60.000 ton tussen 3 grote woonkernen getuigt niet van besef van de risico’s van lange koude giftige wolken in de zomer nacht. Schepen zijn een risico; leidingen zijn beter. Er wordt een leiding gepland van Rotterdam naar het zuiden, maar treurig is het voornemen van OCI om met schepen te varen. Een andere oplossing is 4 * 15.000 ton. Niet zo fraai om te lezen dat in de nog geldende PGS 12 is aangegeven dat de tijd bij een grote ammoniak uitbraak te kort is om in stedelijke gebieden de burgers te ontruimen en dat zij hun ventilatie maar moeten uitzetten en een natte lap voor de mond moeten nemen.

Ondanks dat het Besluit BRZO voor dit situaties is bedoeld, menen wij dat de basis regels voor veiligheid hier met de voeten worden getreden. Ja, maar de haven zit vol. We kunnen niet anders. Veiligheid geeft dan aan: dan niet! Het is niet alleen de letter, maar ook de geest van deze wet (bezint voor gij begint) waar wij aandacht voor vragen. 2

Voorlichtingsavond

Informatief over wat komen gaat maar pure voorlichtng, zonder openbaar gesprek en discussie. Geen enkel inzicht op onveiligheid. Dit is geen participatie, maar voorlichting.

Vervolgblad

3

18

Overleg VRR en DCMR

De VVBV is het gesprek aangegaan met de VRR omdat wij menen dat de vergunning pas verleend kan worden als de politici en de Burgemeester van Rotterdam, Voorne aan Zee, Maassluis en Rozenburg, zeggen dat ze de volledige verantwoordelijkheid en aansprakelijkheid kunnen dragen voor de veiligheid. Zij weten dan zeker dat de installaties goed zijn beschreven, de risico’s allen gekend zijn, en de rampenscenario’s gekend en voorbereid zijn. Want zij hebben daarvoor van onafhankelijke deskundigen vernomen dat de berekeningen kloppen en van de VRR, BOA’s, de politie, de brandweer, ambulance diensten en ziekenhuizen de bevestiging gehad dat allen goed zijn opgeleid, voldoende op sterkte en voorzien zijn van alle benodigde middelen om adequaat te reageren, getraind zijn en fullscale hebben geoefend. Ook weten zij dan dat de schadecompensatie en herstel geregeld zijn. De Veiligheidsregio is de belangrijkste in deze. Wij zijn in het gesprek op 3 oktober niet serieus genomen. Brielle, Rozenburg en Maassluis zijn bij wet veilig verklaard. 4

De aanvraag • • • • • •

•

5

Geen vroegtijdig overleg als burgers met OCI. Een zeer beperkte aankondiging van de aanvraag. Niet te downloaden stukken op de website; alleen in te zien als pdf. Geen heldere toelichting, begeleiding of samenvatting voor gewone burgers. 2000-3000 pagina’s is niet te omvatten voor gewone burgers: dat is geen participatie Het is niet goed mogelijk te beoordelen op alle aspecten: de techniek (PFD en PID) en omgeving (soorten, dichtheid, kwetsbaarheid en omvang van het gebied), of de goede risico procedure is gevolgd, of alle scenario’s ontdekt zijn, of de scenario’s goed worden afgebeeld, of een voor deze toepassing gevalideerd programma wordt gebruikt door een gecertificeerde en bekwame gebruiker. De resultaten zijn niet helder gepresenteerd en daardoor weinig begrijpelijk. Er ligt nu het voorstel voor een ongekend grote NH3 opslag in Europoort voor de poorten van Brielle. Geen tank maar een kokende dampende pan met – 33 C. Denkend aan tank 1, 2, en 3 gaan de gedachte naar de schade met 6000 ton NH3 in Ionova en denkend aan de schepen, de schade van de vrachtauto’s in Houston en Dakar met 20 en 10 ton. Nu zijn de volumes meer dan 10 maal en 100 maal groter. Techniek

Een ervaren BRZO-deskundige heeft 60 opmerkingen gemaakt. Hij heeft 30 jaar in de industrie gestaan tegenover DCMR en merkt nu dat inzake OCI er bij DCMR (maar ook de VRR) een voor hem ongekende bereidwilligheid is om het maar te geloven, te accepteren en vooral weg te kijken van de potentiële risico’s; zie bijlage 2. 6

Risico studie

Een complete risico studie in het licht van bovenstaande ontbreekt. De kaders, de overige externe risico’s, de schepen, de andere aspecten dan doden.

Vervolgblad

7

19

MRA

Nu blijkt dat in de MRA met veel scenario’s buiten het groene rode gebied liggen en dat er wel degelijk een aanmerkelijk risico is op milieuschade; maar dat wordt niet zwaar genoeg gevonden. Bijzonder dat 1 dag voor ons bezoek DCMR dit mer-traject heeft gesloten met de brief dat een MER niet nodig is, zonder in te gaan op de resultaten van de MRA. 8

Gebruik van Safeti-Nl

U zult ongetwijfeld weten dat de gebruikte software Safety-NL niet de werkelijkheid beschrijft; maar zelfs wettelijk is beperkt tot 1800 seconden en 1500 m. Want wettelijk wordt vastgesteld dat iedereen na 30 minuten veilig geacht wordt te zijn en dat een gifwolk na 1500 m op houdt te bestaan volgens de Omgevingswet. Dus Brielle, Rozenburg en Maassluis zijn bij wet veilig. Maar de Bestuurswet gaat niet over de wetten der fysica. De input. De grote tank 3 is zo veilig verklaard dat die niet meer bijdraagt aan onveiligheid, de gifwolk mag bij wet niet langer zijn dan 1500 m en de ramp dient zich in 1800 seconden te beëindigen. En 95 % van de bevolking wordt geacht binnen te zitten. Geen risico’s van schepen in de haven. Geen nieuwe risico zoals overstroming door klimaat, hackers of terrorisme. Maar als de haven zich druk maakt over hackers, zorgen heeft over Rusland? We zien verder een onderzeeboot geraakt worden door een geleide bom, aanvallen met vliegtuigen in New York, bomboten, bom auto's, dronken schippers, Enschede, Titanic. Alle rampen die onmogelijk waren. Er is geen openheid m.b.t. de belangrijkste input: tijdstappen, lengte stappen, hoogtestappen, windrichting en snelheden, bevolkingsverdeling en zelfredzaamheid. Het model Simpel niet gevalideerd en dus op voorhand niet geschikt. Een Bestuurswet kan de fysica niet bedwingen. De output. • • •

Geen pluimen in de landkaarten met slachtoffers naar gradatie. De drie omliggende woongebieden liggen in de invloed zone; maar wat dat precies betekent is niet duidelijk. Groepsrisico 230 doden; 40 % van het wettelijk maximum. Niet verteld waar en onder welke omstandigheden en wat men gaat doen om dat te voorkomen. De maat

Vervolgblad

• •

9

20

in het moderne bedrijfsleven is geen doden! En nu zijn 230 “stuks” wel op eens acceptabel? 1 project = 230 doden; 2 projecten = 460. 30 projecten = 6900 doden. Dat heet salami of stopt het met 2 projecten? Geen vermelding van andere schaden zoals: stikkende slachtoffers, blijvende invaliden met alleen “longschade”, cq. astma, teelten die verloren gaan, beschadigde bedrijven, verstoorde logistiek en natuur. Toetsing model vs. werkelijkheid

Esso en nu weer AVR hebben bewezen dat chemische pluimen verder reiken dan 1.5 km. Logisch dat je dus geen plaatjes zag met de grafische weergave van gifwolken. Het programma Safety-NL is niet gevalideerd op een vergelijkbare ramp met ammoniak, zoals in Litouwen. Verondersteld mag worden dat de makers van Safety-NL niet blij zijn met misbruik van dit in zich goede programma, waarvan de naam door ongevalideerd gebruik, gebrekkige input en randvoorwaarden, schade wordt aangedaan. De werkelijkheid kan zich dus anders gedragen dan de gevolgde scenario’s en het model: Murphy regeert. Niet 2 oude tanks maar ook 3 door een common cause of domino, niet tegelijker tijd, maar om de tien minuten, geen nette plas, maar spuiters, geen 30 minuten uitdamping maar 2 uur, geen gesloten ramen maar open ramen, geen 7000 inwoners, maar het was feest in Brielle op 1 april: +17.000 bezoekers, en ze konden niet weg in 30 minuten vanwege de paniek en de verstopte uitvalswegen. Vele doden en een veelvoud naar adem snakkende mensen. Maar dat voorzag Safety niet. Vakmanschap en geweten van de beoordelaars hadden dit moeten ondervangen! De werkelijkheid heeft de wereld van het model helaas niet gevolgd.

Ja, het model uit de jaren 90 is toen versimpeld om de computerrekentijd te beperken; LOC = plas, simulatie 1800 seconden, beperkt aantal grid’s, 8 windrichtingen met representatieve verdeling van snelheid en stabiliteit. Gifwolk max. 1500 m. Brielle heeft pech: factor Tank 3 is 100 % veilig Geen externe risico’s Rekentijd 1800 sec Windklassen Gifwolk max 1500 m Bewonersdichtheid Letaliteit

Resultaat Te kleine LOC Geen vliegtuigen, drones, geleide bommen, hackers, bom auto’s dronken schippers die de kans op LOC van drukschepen verhogen Beperkt de uitstroom tijd, de lengte van de pluim, de duur van de blootstelling en de radius van de omgeving die wordt beschouwd Helaas lag Brielle niet echt in de beschouwde hoek en was het weer zeer rustig en stabiel Kapt de pluim nog eens af: Brielle, Rozenburg en Maassluis zijn wettelijk gezien veilig Ja, pech, hadden ze maar niet moeten komen Ja, 95 % van de mensen had binnen moeten zitten met ventilatievoud .5

Vervolgblad

Zelfredzaamheid binnen 1800 seconden

21

Jammer, dat de vluchtwegen geblokkeerd zijn en dat de hulpdiensten Brielle niet in konden

Het effect van de beperking in duur en afstand kan een grote vermindering van de berekende letaliteit tot gevolg hebben bij berekeningen in Europoort. Bij een lage windsnelheid wordt Europoort gevuld, maar blijft, binnen 30 minuten, de pluim binnen 1.5 kilometer. De slachtoffers na een half uur verderop worden vergeten. Bij een hoge windsnelheid vormt de 1500 meter de afkapping. Conclusie: een niet correcte voorstelling van zaken. PC’s om te simuleren zijn nu veel sneller geworden. Het ware beter om de scenario’s nog eens te bekijken, het programma te verbeteren op basis van een uurlijks chronologische simulatie van het weer op basis van een goed onderbouwd referentie jaar gecombineerd met de kansverdeling van de incidenten, dag/nacht etc. en de grenzen op te rekken overeenkomstig de schaalgrootte van de tank om de effecten te zien van 900, 3600 en 7200 seconden zonder grens van 1500 m.! En goede scenario’ s te ontwikkelen voor de bevolkingsdichtheid, de basis voor letaliteit en zelfredzaamheid. 10 De aanvraag: Duidelijk genoeg voor wie de moed heeft om het te lezen Bij zowel het instantaan falen als het leegstromen van een tank in 10 minuten zal er een toxische wolk gevormd worden. Vooral in de nachtsituatie en bij lage windsnelheden zal deze wolk zich langzaam verplaatsen en verspreiden.

In geval van het vrijkomen van een toxische wolk wordt geadviseerd te vluchten dan wel te schuilen in een gebouw, met ramen en deuren gesloten en de ventilatie uitgeschakeld. Personen die kunnen worden blootgesteld aan hoge concentraties zijn personen werkzaam bij bedrijven in de directe nabijheid van OTE. Veelal zijn deze personen werkzaam bij bedrijven waar ook gewerkt wordt met gevaarlijke stoffen. Van de personen die in nabijheid van OTE werken, mag verwacht worden dat zij bekend zijn hoe te handelen in geval van het vrijkomen van gevaarlijke stoffen op het industrieterrein Europoort. Van deze personen mag een zekere mate van zelfredzaamheid worden verwacht. Zij moeten in dat geval wel worden gewaarschuwd. Binnen de 1% letaliteitscontour kunnen, afhankelijk van het scenario en de meteo, de woonkern Maassluis of Brielle liggen. Binnen beide woonkernen zijn kwetsbare objecten aanwezig, waar minder zelfredzame mensen aanwezig zijn. In geval van een incident waarbij de effecten kunnen reiken tot over de woonkernen, is het van belang dat de bevolking vroegtijdig gealarmeerd en geïnformeerd wordt. Dit is een taak van de overheid.

OTE dient er voor te zorgen dat de overheid zo snel mogelijk over de juiste informatie beschikt om de omgeving Ons kenmerk 1910469_4400096 Blad 31 van 51 veilig te stellen, door het doen van een CIN-melding inclusief berichtgeving naar buurbedrijven via het Deltalinqs-netwerk.

Vervolgblad

22

De reactie van de ambtenaren Wij hebben op 3 oktober gemerkt dat de ambtenaren van DCMR en VRR niet gevoelig waren voor de argumenten om te gaan voor de mer-procedure. Ondanks de argumenten: zij zouden niet aansprakelijk en verantwoordelijk zijn, alle potentiele slachtoffers kunnen zich laten horen en alle deskundigen hebben kunnen toetsen, valideren en bevestigen. De ambtenaren gaven in het overleg aan dat ze zich aan de wet moesten houden en niet anders konden. Zij hebben gedaan wat zij moesten doen. Safety-NL is het enige echte wettelijk en door deskundigen vastgestelde instrument om onveiligheid te meten. Ja, zij staan onder druk, de energie transitie moet door, de haven wil zich ontwikkelen. Er is haast. Er is geen tijd voor een MER, geen tijd om te wachten op nog te formuleren Rijksbeleid en een tijd om de waarschuwingen van Berenschot serieus te nemen. De reactie op het scenario “1 april 7000 inwoners en 17000 bezoekers in de open lucht in Brielle, mooi zonnig, wind 1.5 m per seconde. OCI tank gaat, paniek, wegen geblokkeerd”? Nee, dat is niet het scenario, het model regeert en dat zit er niet in. Brielle, Rozenburg en Maassluis zijn dus bij wet veilig verklaard. Logisch dat er op de voorlichtingsavond geen plaatjes waren met de grafische weergave van gifwolken. Want afgekapte gifwolken leiden tot vragen.

Het lijkt alsof iedere ambtenaar persoonlijk duikt of niet meer terug kan komen op de zaak omdat dan OCI dreigt met een rechtszaak. Haast mag niet leiden tot onveiligheid van burgers. Het lijkt een institutionele systeem fout in combinatie met uitschakelen van gezond verstand. Het is niet goed uitgezocht of zoveel ammoniak op die plaats wel veilig is. Na een ramp komt dus de volgende parlementaire onderzoekscommissie die vast stelt dat iedereen het zijne goed heeft gedaan, maar helaas het geheel heeft gefaald. Hopelijk leidt dat tot tijdige sanering van OCI in Europoort naar de Maasvlakte 2, omdat OCI met de huidige inzichten met betrekking tot de LPG-stations, op de verkeerde plaats is gebouwd. Conclusie Wij zijn dus verontrust: er is nog niet vastgesteld dat de burgers van Voorne veilig zijn, in veiligheid gebracht kunnen worden en dat schade herstel en vergoeding zijn geregeld. Een uitgebreide MER procedure geeft meer inzicht.

Vervolgblad

23

Bijlage 3 Oplegdocument t.b.v. gesprek met BG en VVBV Heren, Wij maken ons ernstig zorgen over de voorgenomen realisatie van een 60 kton ammoniaktank en de wijze waarop “men” denkt dit goed te gaan keuren. Dit hebben wij vastgelegd in bijgaande notitie. Deze is van een behoorlijke omvang. Naast de kwalitatieve beschouwing op de voorgenomen realisatie hebben wij ruim 55 redelijk ernstige “tekortkomingen” in de aanvraagdocumenten en de ontwerpbeschikking gevonden. En dat nog zonder het vergrootglas erbij te nemen. Om te voorkomen dat wij verzanden in een uren of dagenlange discussie over onze zorgen en de gevonden tekortkomingen stellen wij voor om dit op hoofdlijnen te bespreken. Dan kunt u daarna de notitie in rustiger sferen lezen en daarop reageren. Reageren kan schriftelijk en of mondeling. Bij geen reactie uwerzijds zien wij ons genoodzaakt officieel bezwaar aan te tekenen. Aangezien het voornemen tot de realisatie van de 60 kton tank en bijkomende handelingen met manipulatie van ammoniak valt binnen de BRZO wetgeving hebben wij de hoofdelementen van een VBS, veiligheidsbeheerssysteem, gehanteerd als kapstok voor dit oplegdocument. Tenslotte begint een VBS al bij de eerste voornemens en niet pas na een realisatie! De hoofdelementen zijn: 1. 2. 3. 4. 5. 6. 7. 8.

preventiebeleid; de organisatie en het personeel; de identificatie van de gevaren en de beoordeling van de risico's; het toezicht op de uitvoering; de wijze waarop wordt gehandeld bij wijzigingen; de planning voor noodsituaties; het toezicht op de prestaties; audits en beoordeling.

1. Preventiebeleid Wij zijn verbaasd over de managementfilosofie van OTE omtrent hun gebrek inzet ten behoeve van het vóórkomen van incidenten, het inperken van een eventueel incident en de wijze waarop zij meent te moeten handelen bij de bestrijding van een groter incident. Bij de aanvraag is geen duidelijke omschrijving geleverd van wat ze nu precies willen realiseren. PID’s ontbreken, duidelijke tekeningen of schetsen hoe e.e.a. gedacht wordt te realiseren ontbreken. Dat in een latere fase de bouwvergunning wordt aangevraagd ontslaat hen niet van de verplichting om goed inzicht te verstrekken in de techniek en beveiligingsfilosofie. Wij krijgen totaal geen inzicht in groottes van containment, geen duidelijk inzicht in hoe ontsnapte dampen neergeslagen gaan worden etc.

Vervolgblad

24

Wat wel duidelijk is dat bij een groter incident tot en met een full loss of containment zij alles maar laten lopen en hopen dat de overheid de bestrijding van de ramp op zich kan nemen. Tot op heden lijkt het er op dat de rampenbestrijding niet verder komt dan de sirenes van de BB aanzet en, als alles is overgewaaid, vervolgens slachtoffers gaat ruimen, inclusief de gevallen hulpverleners. 2. De organisatie en het personeel Hier hebben wij geen bijzonderheden over te vermelden en komt bij punt 6 verder aan de orde. 3. De identificatie van de gevaren en de beoordeling van de risico's; Wij krijgen na het lezen van de QRA en de MRA zeer sterk de indruk dat bij het voorbereiden van de QRA en de MRA bleek dat de risico’s ongewoon groot zijn en niet zonder meer leiden tot een vergunbare situatie. Vervolgens lijkt men gezocht te hebben naar mogelijkheden om de risico’s te verzachten door incidentscenario’s op voorhand uit te sluiten. En die hebben ze gevonden! Wel warme maar geen koude ammoniak, geen aqua ammonia meenemen, voorstellingen van zaken geven die niet wordt onderbouwd. Daartoe genereren ze een motivatie die iemand met natuurkunde op Havo niveau al direct kan weerleggen. En toch slipt dit er bij de beoordeling door BG doorheen. Dat had niet mogen gebeuren. Wel is opgemerkt dat OTE een handigheidje heeft gebruikt bij het opstellen van het geluidrapport.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/13350170/1