06 ( bijlage 22) Bijlage 20 - Antwoordnota vooroverleg en zienswijzen VOBP (1)
Tekst van het document
Nota beantwoording vooroverleg en zienswijzen voorontwerpbestemmingsplan Windturbines Haringvlietdam Datum:
Nr.
21 november 2022
Samenvatting zienswijze
Beantwoording
1 t/m Partijen die op het Vobp gereageerd hebben in het kader van het wettelijk vooroverleg. 5 1
Evides Waterbedrijf heeft kennisgenomen van het Vobp en wijst op het belang van de drinkwatertransportleiding die parallel loopt aan de Dammenweg. Evides verzoekt om toezending van een memo, opgesteld in het kader van de aanvraag Watervergunning, waarin eventuele risico’s voor de drinkwaterleiding nader zijn beschreven.
E-Connection stuurde de memo aan het waterbedrijf. Na bestudering van het memo laat Evides weten geen knelpunten te verwachten. Evides wil graag op de hoogte gehouden worden van de voortgang en te zijner tijd van het tracé vanaf de windturbines naar de netaansluiting in Hellevoetsluis. Deze inbreng in het kader van het vooroverleg leidt niet tot aanpassingen. Voor de netaansluiting van de windturbines zal te zijner tijd door de netbeheerder vergunning worden aangevraagd. Dit valt niet binnen het kader van het bestemmingsplan,
. 2
Waterschap Hollandse Delta (WSHD) 1. De concept Watervergunning zal naar verwachting constateert dat zijn waterstaatkundige gelijktijdig met de concept omgevingsvergunning belangen voldoende worden benoemd en kan worden gepubliceerd. instemmen met het voorontwerp2. In de onderbouwing voor het bestemmingsplan zal bestemmingsplan (Vobp). WSHD wijst erop naar het nieuwe beheerplan van WSHD verwezen dat Watervergunning noodzakelijk is voor worden. werken in- en nabij waterstaatswerken, waarbij (vanwege samenloop) WSHD zal adviseren aan Rijkswaterstaat in het kader van de vergunningverlening. WSHD adviseert het nieuw ‘waterbeheerplan 2022-2027’ op te nemen in de ruimtelijke onderbouwing voor het bestemmingsplan.
3
De Veiligheidsregio Rotterdam-Rijnmond kan zich vinden in de onderbouwing bij paragraaf 4.5 ‘Veiligheid’ van de Toelichting op het bestemmingsplan.
4
De Provincie Zuid-Holland (PZH) acht de plaatsing van nieuwe turbines aan de Haringvlietdam een gewenste ontwikkeling die past bij de bovenregionale uitgangspunten voor het plaatsen van windenergie.
Deze inbreng in het kader van het vooroverleg leidt niet tot aanpassingen.
Bij de visualisaties is gebruik gemaakt van een voorbeeld windturbine die past binnen de range van het bestemmingsplan met een rotordiameter van 147 meter op 126,5 meter ashoogte. . Het turbinetype en omvang staat nu alleen vermeld in de bijlage visualisaties, maar zal ook in de hoofdtekst van het bestemmingsplan De PZH vraagt aandacht voor de ruimtelijke worden opgenomen. Omdat een relatief kleine range is inpassing van de windturbines. aangehouden voor de rotordiameter (145-165 m) en masthoogte (115–130 m) geven de visualisaties een De visualisaties zijn gemaakt met de ‘rankste’ goed beeld van de nieuwe windturbines in het variant van de range waarbinnen er ontwikkeld landschap. mag worden. De visuele impact van de minder
20221120 Antwoordnota HV vo en zienswijzen VOBP DEF
1
Nota beantwoording vooroverleg en zienswijzen voorontwerpbestemmingsplan Windturbines Haringvlietdam Datum:
Nr.
21 november 2022
Samenvatting zienswijze
Beantwoording
ranke variant met langere wieken en een kortere mast is minder aantrekkelijk voor de omgeving. PZH adviseert duidelijker aan te geven met welke variant windturbine gewerkt zal worden.
Wij verwachten geen negatief gevoelsmatig effect van een kortere mast met langere wieken omdat het Vobp ook uitgaat van een minimale ‘tiplaagte’ van 35 meter boven de grond. Daarmee wordt geborgd dat geen turbine mogelijk is waarbij de rotor zich zeer laag boven het maaiveld bevindt.
Inpassing van de voet en de mast van de turbine zijn van invloed op de ruimtelijke Voor de inpassing van de windturbines in het gebied kwaliteit van de omgeving. PZH adviseert hier wordt te zijner tijd een inrichtingsplan opgesteld, in rekening mee te houden en verwijst naar de samenspraak met in elk geval het Recreatieschap provinciale publicatie ‘Energieparken in beeld’. Voorne-Putten, Rijkswaterstaat en de gemeente. Bij het opstellen daarvan zal de door PZH genoemde informatie worden meegenomen.
5
Het Recreatieschap Voorne-Putten noemt een aantal aandachtspunten. 1. Geef op de illustratie van het strand de nieuwe strandlijn aan. 2. Geef de botenhelling aan op de kaartmaterialen. 3. Het Recreatieschap beheert en huurt het recreatiegebied. Gaarne de volledige naam van Recreatieschap Voorne-Putten gebruiken. 4. Een goede ruimtelijke inpassing van de turbines op de dam is van belang. Het schap wil daar graag met de initiatiefnemer naar kijken. 5. Verharding van het gebied, het plaatsen van hekken en natuurschade dienen zoveel mogelijk te worden vermeden. Een groene uitstraling is van belang; versterking van de biodiversiteit op de kale dam kan een pluspunt zijn. 6. De nieuwe turbines hebben mogelijk effect op de recreatieve waarde van het gebied. Goed dat er met de bestaande recreatiebedrijven afspraken worden gemaakt. 7. Binnen de vrijwaringszone is geen dagkampeerterrein mogelijk, terwijl hier juist vaker bezoekers een dag met een camper staan.
20221120 Antwoordnota HV vo en zienswijzen VOBP DEF
1. De nieuwe strandlijn staat nog niet aangegeven op ondergrondkaarten die gebruikt worden voor de illustraties, dit geldt ook voor de botenhelling. Gekeken wordt of de strandlijn op andere wijze aan te geven is. 2. Ten tijde van het opstellen van het Vobp was de botenhelling nog niet vergund. De locatie is wel in het Vobp opgenomen op de kaart van recreatieve ontwikkelingen. Waar mogelijk en zinvol zal de botenhelling op kaarten verwerkt worden (zie ook antwoord onder 1). 3. De naam “Recreatieschap Voorne-Putten” zal voor het vervolg van de procedure gehanteerd worden. 4. Zie de 2e alinea bij 4 5. Deze aspecten worden meegenomen in het overleg voor het inrichtingsplan waarbij het Recreatieschap Voorne-Putten betrokken wordt. 6. Uit een analyse van een toeristisch-recreatief onderzoeksbureau blijkt dat de mogelijke effecten op de recreatieve waarde van het gebied zeer beperkt zijn. Bij de verdere invulling van de ontwikkellocatie kan op voorhand met de windturbines rekening gehouden worden. 7. Binnen de vrijwaringszone zijn kampeerterreinen, trekkershutten en dagkampeerterreinen uitgesloten. Het incidenteel plaatsen van een camper valt daar niet onder en is dus niet uitgesloten. 8. Kleinschalige evenementen blijven binnen de veiligheids- en vrijwaringszone mogelijk. Daarnaast biedt de dam en het strand voldoende ruimte om bij evenementen met de windturbines rekening te
2
Nota beantwoording vooroverleg en zienswijzen voorontwerpbestemmingsplan Windturbines Haringvlietdam Datum:
Nr.
21 november 2022
Samenvatting zienswijze
Beantwoording
8. Het begrip evenement dient beter beschreven te zijn omdat nu binnen de veiligheids- en vrijwaringszone van 9. de turbines evenementen zijn uitgesloten. 9. In het kader van de energietransitie zou gekeken kunnen worden naar een combinatie van windenergie met daarbij zonnepanelen op de buitenzijde van de dam en daken op het Quackstraat en naar de plaatsing van laadpalen. Mogelijk kunnen dan ook de gastanks in het gebied verwijderd worden.
houden. Het begrip evenement zal in het bestemmingsplan nader worden gepreciseerd. Deze suggesties vallen buiten de scope van het bestemmingsplan voor windturbines, maar zullen in discussies over de energietransitie worden meegenomen. De mogelijkheid van laadpalen kan ook aan de orde komen bij de verdere invulling van het gebied.
6 t/m Inwoners die gereageerd hebben tijdens de ter inzagelegging van het Vobp (geanonimiseerd). 8
6
Schrijver vraagt zich af of inwoners en ondernemers van Hellevoetsluis wel zitten te wachten op de komst van de windturbines en of inspraak wel zinvol is. Schrijver geeft verder aan dat de gemeente meer werk moet maken van het recreatief bewoonbaar maken van Cita Romana door aanpassing van het betreffende bestemmingsplan.
Over mogelijke locaties voor windturbines in Hellevoetsluis heeft in de periode 2017-2018 consultatie plaatsgevonden. Naar aanleiding van die consultatie is een andere locatie voor windenergie binnen Hellevoetsluis geschrapt en is de locatie Haringvlietdam als enige locatie overgebleven. De ontwikkeling van de windturbines is opgepakt door het bedrijf dat de huidige windturbines al ruim 20 jaar exploiteert. Inspraak is mogelijk geweest op het Vobp. Op het ontwerp-bestemmingsplan kunnen zienswijzen worden ingediend, waarna nog beroep mogelijk is bij de Raad van State. De opmerkingen over het bestemmingsplan van Cita Romana vallen buiten de scope van het bestemmingsplan voor de windturbines en zullen kenbaar worden gemaakt aan de desbetreffende afdeling.
7
Schrijver kan vanaf zijn woonhuis ’s zomers het geluid van de jetski’s op het Haringvliet horen en dat brengt hem tot een aantal vragen over de nieuwe windmolens. 1. Worden er afspraken gemaakt om de molens langzamer te laten draaien tijdens harde wind, zoals in de omgeving van Heenvliet.
1. De windturbines moeten voldoen aan een (nog vast te stellen) geluidsnorm. Mocht die overschreden worden, dan zullen de windturbines ofwel in een lagere geluidsmodus moeten gaan draaien, ofwel stilgezet moeten worden. Bij harde wind gaan de turbines niet automatisch langzamer draaien. Op dat moment is er juist ook veel achtergrondgeluid.
20221120 Antwoordnota HV vo en zienswijzen VOBP DEF
3
Nota beantwoording vooroverleg en zienswijzen voorontwerpbestemmingsplan Windturbines Haringvlietdam Datum:
Nr.
8
21 november 2022
Samenvatting zienswijze
Beantwoording
2. Blijft het hele terrein beschikbaar voor het publiek of komen er afzettingen om de fundaties. 3. Kunnen de generatoren van de oude molens niet vervangen worden door moderne met een hoger rendement en meer vermogen. Of loopt de exploitant dan subsidie mis. 4. Wordt er rekening gehouden met gevaar voor de dagjesmensen of het autoverkeer op de N57 als er een wiek afbreekt. 5. Hoe wordt de controle op de afspraken met de exploitant gecontroleerd en gehandhaafd.
2. Uitgangspunt bij de inrichting is dat het hele gebied beschikbaar blijft. Het inrichtingsplan dient nog opgesteld te worden (zie ook 4, 2e alinea. 3. Rijkswaterstaat staat geen vervanging toe van de windturbines aan de zeezijde van de dam. Vervanging van alleen de generator zonder vergroting van het rotoroppervlak (omvang wieken) is niet zinvol. De huidige windturbines kunnen draaien zonder subsidie. 4. Ja, daar wordt rekening mee gehouden. Om vergunning te krijgen voor windturbines dient voldaan te worden aan eisen voor externe veiligheid. Hiervoor zijn risicoberekeningen uitgevoerd. Met de plaatsing wordt rekening gehouden met de afstand tot de N57, conform regelgeving voor het plaatsen van windturbines op en nabij rijkswaterstaatswerken.. 5. Controle en handhaving geschiedt vooral door de Milieudienst Rijnmond (DCMR) en de Omgevingsdienst Haaglanden (ODH). Daarnaast heeft de gemeente met de exploitant afspraken gemaakt die op schrift vast liggen.
De Stichting Windmolens N57 Nee! heeft een reactie op het Vobp die ook al is uitgesproken in de raadscommissie WWR. 1. De stichting heeft zich ingezet voor de Harigvlietdam als locatie voor windturbines, maar blijft kritisch vanwege mogelijke effecten voor de volksgezondheid. 2. De oorlog in de Oekraïne mag geen vrijbrief worden voor lokale keuzes in Nederland. 3. Het Vobp voldoet niet aan de uitspraak van de Raad van State van 30 juni 2021. De windturbinebepalingen uit Activiteitenbesluit en regeling zijn door de Raad van State buiten werking gesteld 4. Op grond van de SMB-richtlijn (Strategische Milieu Beoordeling) en het Unierecht moet voor windturbinebepalingen vooraf met wetenschappelijke zekerheid worden vastgesteld dat geen verslechtering in
1. De gemeente neemt hier kennis van. 2. De windturbines worden primair geplaatst vanwege langlopende afspraken die binnen de regio zijn gemaakt, zoals de ondertekening van het bestuursakkoord van de voormalige Stadsregio Rotterdam in 2013, afspraken tussen landelijke overheid en provincies in 2013 en vanuit het belang van de energietransitie. Recente internationale ontwikkelingen kunnen overigens landelijk een extra stimulans zijn om alternatieven voor import van energie mogelijk te maken. 3. De Raad van State heeft in haar uitspraak van juni 2021 de windturbinebepalingen buiten werking gesteld (voor windparken van 3 of meer windturbines), maar tevens oplossingen aangedragen voor windprojecten. De uitspraak van de Raad van State was er niet op gericht dat er geen windprojecten tot ontwikkeling kunnen komen. De Raad van State gaf daarbij aan dat gemeenten geen gebruik hóeven te maken van Activiteitenbesluit en -regeling, maar zelf op de locatie toegespitste normen in het
20221120 Antwoordnota HV vo en zienswijzen VOBP DEF
4
Nota beantwoording vooroverleg en zienswijzen voorontwerpbestemmingsplan Windturbines Haringvlietdam Datum:
Nr.
21 november 2022
Samenvatting zienswijze
5.
6. 7.
8.
de leefomgeving optreedt. Dit geldt ook voor het opstellen van eigen normen door een lagere overheid. In het Vobp wordt het aspect gezondheid onvoldoende, niet zelfstandig, getoetst. Het VOBP voldoet niet aan het Europees recht. Het is niet juist dat voor 1 of 2 windturbines geen MER procedure doorlopen hoeft te worden, zoals staat in de uitspraak van de Raad van State. Er dient een MER-procedure doorlopen te worden. De raad kan daarom het Vobp niet vaststellen. Het Vobp gaat ten onrechte uit van de buiten werking gestelde normen. . … Het is niet juist op voorhand vast te houden aan de L-den-systematiek en aan de (A)-factor. Door deze laatste wordt Laag frequent geluid er in zijn geheel uitgefilterd. Een vergunning door de gemeente afgegeven zonder toets vooraf van de normen aan Europese voorschriften is onrechtmatig en kan leiden tot aansprakelijkheid.
20221120 Antwoordnota HV vo en zienswijzen VOBP DEF
Beantwoording bestemmingsplan kunnen opnemen. Met het Vobp worden overigens geen normen voorgesteld of vastgelegd. In het Vobp staat aangekondigd dat lokaal specifieke normen opgesteld zullen worden ter vervanging van de in het Vobp vermelde normen en dat deze opgenomen zullen worden in het OntwerpBestemmingsplan. Dit is ook gecommuniceerd aan onder meer vertegenwoordigers van de Stichting. 4. De SMB-richtlijn voorziet in een beoordeling van effecten, waaronder gezondheid. De beoordeling hoe daarmee in een bredere afweging van belangen om te gaan, is echter aan het bevoegd gezag. In het Vobp is nog geen sprake van lokale normen (zie antwoord bij 3).. 5. Projecten met 1 of 2 windturbines vielen en vallen in de Nederlandse vertaling van Europese regelgeving niet onder de werking van het Besluit m.e.r.. Op basis daarvan heeft de Raad van State dan ook beoordeeld dat voor deze projecten geen planMER procedure doorlopen hoeft te worden.
Dit wordt onder meer bevestigd in de Wijzigings-Algemene Maatregel van Bestuur, gepubliceerd door de Rijksoverheid begin mei 2022 In de toelichting op de Wijzigings-AmvB staat onder 1.1 opgenomen: ‘Er is daarom volgens de Afdeling bestuursrechtspraak geen sprake van algehele onverbindendheid van de windturbinebepalingen.’ In de bepalingen van de wijzigings-AMvB wordt de reikwijdte van de windturbinebepalingen van het Activiteitenbesluit milieubeheer beperkt tot één of twee afzonderlijke windturbines. Als het gaat om één of twee (losse) windturbines kunnen de windturbinebepalingen dus nog steeds worden toegepast. De Raad van State is als adviseur gekend in het besluitvormingsproces rond de Wijzigings-AMvB en heeft op dit punt geen bezwaren geuit. Het vaststellen van het Vobp is overigens geen bevoegdheid van de raad, maar van het College van B&W. 6. In het Vobp staat opgenomen dat, hoewel Activiteitenbesluit en – regeling voor 1 of 2
5
Nota beantwoording vooroverleg en zienswijzen voorontwerpbestemmingsplan Windturbines Haringvlietdam Datum:
Nr.
21 november 2022
Samenvatting zienswijze
Beantwoording windturbines nog steeds geldig zijn, de gemeente Hellevoetsluis desondanks niet zondermeer wil uitgaan van de normen uit Activiteitenbesluit en – regeling, maar extra onderzoeken laat uitvoeren betreffende geluid, slagschaduw en externe veiligheid om zo te komen tot passende normen specifiek voor deze locatie.. In het Vobp wordt globaal het proces om te komen tot deze lokale normen geschetst. Deze aanpak is ook gecommuniceerd met onder meer vertegenwoordigers van de Stichting. 7. Aansluiten bij de Lden voor normstelling achten wij om meerdere redenen logisch. Noch Raad van State, noch Rijksoverheid hebben deze systematiek tot normstelling als zodanig volledig buiten werking gesteld. Voor projecten van 1 of 2 windturbines mag er immers nog van worden uitgegaan (zie antwoorden onder 3 en 5). De Lden geeft een langdurig, jaargemiddelde norm aan en is daarmee geschikt voor lokale normstelling. Voor de gezondheid is een norm die over langere tijd gaat van groter belang dan bijvoorbeeld een beoordeling op piekmomenten. Deze laatste kunnen hinderlijk zijn, maar voor risico’s voor de gezondheid zijn langdurige effecten van belang. Met de (A)factor vindt een correctie plaats op basis van hoorbaar geluid. Lage tonen zijn minder hoorbaar en hebben daardoor ook minder effect op de gezondheid dan tonen die meer en voortdurend worden waargenomen.
In de correcte met de (A)-factor wordt dan ook voornamelijk gekeken naar hoorbare tonen; de lage tonen worden echter niet volledig uitgefilterd. Overigens zijn er nog geen locatiespecifieke normen bepaald (zie ook antwoord onder 3 en 6). Bij het bepalen daarvan zou ook een aparte norm of berekeningswijze voor Lfg toegepast kunnen worden. Hierbij kan aangesloten worden bij het onlangs door de gemeente vastgestelde nieuwe geluidsbeleid waarbij voor windturbines voor laag frequent geluid het hanteren van de Vercammen-curve wordt voorgesteld.
20221120 Antwoordnota HV vo en zienswijzen VOBP DEF
6
Nota beantwoording vooroverleg en zienswijzen voorontwerpbestemmingsplan Windturbines Haringvlietdam Datum:
Nr.
21 november 2022
Samenvatting zienswijze
Beantwoording 8. Zowel de Raad van State als de Rijksoverheid geven aan dat het stellen van lokaal toegespitste normen toegestaan is; zie ook het antwoord onder 3 en 5.
9
Kernplatform Duinhoek Het Kernplatform maakt pro forma bezwaar tegen het Vobp, vanwege de beperkte tijd om een zienswijze in te kunnen dienen en het daaraan voorafgaande proces.
20221120 Antwoordnota HV vo en zienswijzen VOBP DEF
Deze reactie wordt voor kennisgeving aangenomen. Het Kernplatform heeft als elke andere belanghebbende de volledige zienswijzeperiode gehad om inhoudelijk te reageren. Het is in de reactie niet duidelijk wat met het voorafgaande proces wordt bedoeld. Vertegenwoordigers van het Kernplatform zijn ook betrokken in de klankbordgroep en zijn daar op het Vobp en de mogelijkheid van inspraak gewezen voor aanvang van de zienswijzentermijn. Op een Vobp kunnen inspraakreacties gegeven worden; (pro forma) bezwaar is pas aan de orde bij de beroepsprocedure van het definitieve bestemmingsplan.
7