CConstaterende datVoorne aan Zee
Koppel je AI →
Document · PDF

050. SV ex art 33 RVO VV Aanvullende vragen Willemansweg

Raadsvergadering 13 maart 2025, gemeente Voorne aan ZeeBij agendapunt: Mededelingen1.332 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

VRAGEN ogv art. 33 Reglement van Orde Verzoek om mondelinge beantwoording tijdens de Gemeenteraadsvergadering van 13 maart 2025 Datum vraagstelling

3 maart 2025 2025

Vraagsteller / fractie

Vrij Voorne en LEF!

Vergadering van Datum Agendanummer

13 maart 2025

Aanvullende vragen

Aanvullende vragen mb.t. voorgenomen vergunningverlening compound Willemansweg Oostvoorne Onderstaand de vragen naar aanleiding van beantwoording door het college van de eerder door Vrij Voorne gestelde Individuele Vragen m.b.t. het onderwerp. 1. Bij de beantwoording van vraag 1 wordt gesteld dat er geen exploitatievergunning benodigd is, verwijzend naar artikel 2.27 APV gemeente Voorne aan Zee. Deze is ingetreden op 1 januari 2024. De aanvraag dateert van voor die periode en zou derhalve beoordeeld dienen te worden op basis van de in 2023 geldende APV van de voormalige gemeente Westvoorne. Immers, het college beroept zich ook op een raadsbesluit uit Westvoorne uit 2010 op basis waarvan geen gebruik hoeft te worden gemaakt van een verklaring van geen bedenkingen af te geven door de gemeenteraad. In de APV van Westvoorne die in 2023 nog vigerend was staat dat een exploitatievergunning benodigd is voor ‘ELKE AL DAN NIET BESLOTEN ruimte waarin de uitoefening van beroep of bedrijf aan personen de mogelijkheid van nachtverblijf of gelegenheid tot kamperen wordt verschaft.

Vraag: Waarom kiest het college de ene keer voor de wetgeving gerelateerd aan de indieningsdatum van de (oude) aanvraag en wanneer het zo uitkomt artikelen oplepelt uit een APV die van kracht is geworden na de indiening van de originele aanvraag? 1.1, Wanneer het college kiest zich te beroepen op artikel 2.27 APV gemeente Voorne aan Zee en aanneemt dat de exploitatie daar automatisch onder valt, verhoudt zich dat niet met het feit dat de aanvraag dateert van augustus 2023, zonder dan ook de exploitatie mee te nemen in de aanvraag. In dat geval geldt de toenmalige APV van Westvoorne maar deze aanvraag ontbreekt. Kan het college hier uitleg over geven? 2. Er blijkt geen exploitatieplan beschikbaar. Wel wordt er gezegd dat het kostenverhaal is verzekerd doordat leges worden betaald en een planschadeovereenkomst is gesloten. Vraag: Waaruit blijkt dat er een planschadeovereenkomst is gesloten, met wie en waar kunnen gedupeerden terecht om een planschadeclaim in te dienen? Waar is dit concreet terug te vinden? Wat is hierin de verantwoordelijkheid van de gemeente? 3. De originele aanvraag van augustus 2023 was bedoeld, zoals door de heer

Biber aan de raad destijds medegedeeld, om mensen te huisvesten die zouden komen werken voor Nesté. Dit project is reeds in een vergevorderd stadium en kent geen behoefte om via de heer Biber haar werknemers te huisvesten op de compound. Hoogopgeleide kennismigranten laten zich niet opsluiten in een compound in containers waar zij 15m2 woonruimte tot hun beschikking krijgen en zelf voor de schoonmaak moeten zorgen. Vraag: Waarom kiest het college ervoor om hier de ogen en oren voor te sluiten, terwijl in de toelichting bij de later ingezette uitgebreide procedure sprake is van medewerkers in dienst van de aannemer. - Het college zegt dat het hier gaat om hoogopgeleide kennismigranten die werkzaam zijn op de Maasvlakte. Wat kan het college doen als blijkt dat het niet gaat om hoogopgeleide kennismigranten? - Wat verstaat het college onder hoogopgeleide kennismigranten? Met welke omschrijving/betekenis wordt dit getoetst? 4. Op de vraag of het college met de bij de aanvraag geleverde informatie dat het hier noch arbeidsmigranten, noch expats maar personen in dienst van de aannemer betreft verklaard vindt dat zij vast moet blijven houden aan de term Expats, volgt een verwijzing naar het antwoord op de vorige vraag.

Vraag: Wat is het nu? Arbeidsmigranten, expats of werknemers die gehuisvest gaan worden op de Willemansweg? Vast blijven houden aan wat in de originele aanvraag staat is in tegenspraak met de realiteit. De vraag aan het college is, dat wanneer de aanvraag betrekking heeft op Expats, op welke wijze het college dan toetst en handhaaft dat er expats worden gehuisvest op een veilige en comfortabele wijze. 5. Allereerst komt hier een antwoord op een vraag die niet is gesteld, en een wonderlijke verdeling van de in de aanvraag opgevoerde bouw- en projectkosten, die op zich al de nodige vragen zouden moeten oproepen bij de gemeente en leiden tot twijfel over de opgave. Nu is er opeens sprake van kosten die verwacht worden verrekend te zijn door de eigenaar van de grond in de pacht. Vraag: Er zijn inmiddels meerdere verschillende antwoorden gegeven op de vragen m.b.t. de kosten. Welk verhaal is nu waar en hoe kan de raad herleiden wat juist is? Tevens wordt gesteld dat de 228 daadwerkelijke units reeds beschikbaar zouden zijn voor de eigenaar. - In de beantwoording geeft u aan dat ‘de daadwerkelijke units zijn reeds beschikbaar en vallen niet onder de bouwkosten.

Dit was anders geweest als de eigenaar een gebouw had gerealiseerd wat hier permanent zou blijven staan of wanneer de units niet in zijn eigendom zouden zijn geweest.’ Het is een feit dat de heer Biber/IMC Cross-border de units niet in eigendom heeft. In de beantwoording zegt u dat om deze reden de units dus WEL onder de bouwkosten moeten vallen. Gaat het college een rectificatie vragen bij de initiatiefnemer? En gaat het college, bij hogere kosten dan € 500.000,- alsnog een BIBOB-onderzoek uitvoeren? Vraag: Wie is dan die eigenaar? Is dat de initiatiefnemer die straks vergunninghouder wordt? Nergens blijkt uit dat de initiatiefnemer over de financiele middelen beschikt, staat er geen vermogen op de balans, dus hoe zit dit dan, of kan elke willekeurige eenmanszaak zonder financiele middelen in aanmerking komen voor een omgevingsvergunning om een compound te laten bouwen zonder zekerheden af te geven en/of rekening te houden met de maatschappelijke impact?

6. Er wordt gesteld dat nu het om plaatsen gaat en aan het bouwbesluit dient te worden voldaan. Dat dit een voorwaarde is om tot vergunningverlening over te gaan. Hierin wordt aangegeven dat uit de aangeleverde stukken blijkt dat hieraan wordt voldaan. Vraag: Welke stukken zijn dat en waar kunnen wij deze terugvinden, zodat wij als raadsleden zelf zouden kunnen concluderen dat de aangeleverde informatie voldoet? 12. De vraag was o.a. door wie de vergunning bij het waterschap is aangevraagd. Tevens is aangegeven dat de omgevingsvergunning van het waterschap zou zijn bijgevoegd. Deze ontbreekt helaas. Vraag: Door wie of welke partij is de vergunning op 25 augustus 2023 aangevraagd en wanneer ontvangen wij de omgevingsvergunning van het waterschap? 14. Nu het werknemers betreft in dienst van de aannemer, zoals in de toelichting bij de originele aanvraag is gevoegd wordt gesteld, is er sprake van een afhankelijkheidsrelatie. Daarnaast is de stelling dat mensen die langer dan 3 maanden vanuit de compound tewerkgesteld worden niet in lijn is met overheidsbeleid, waar de termijn van 4 maanden wettelijk is vastgesteld.

Vraag: Waarom houdt de gemeente zich niet aan het Rijksoverheidsbeleid? En, omdat het college ervoor kiest deze mensen niet te belasten met toeristenbelasting maar beweert afspraken te maken over een bij te laten houden nachtregister door de initiatiefnemer, ze na 3 maanden in laat schrijven in de gemeentelijke BRP (Basis Registratie Personen), neemt dat ook verantwoordelijkheden en zorgplicht met zich mee. Hoe gaat het college daarmee om? - Zowel op rijksoverheid.nl als in ons eigen arbeidsmigrantenbeleid wordt gesteld dat arbeidsmigranten die langer dan 4 maanden hier verblijven ingeschreven moeten worden in het BRP. Daar is in deze casus geen sprake van. Waarom zegt het college nu toch dat er geen toeristenbelasting wordt geheven? 18. Gesteld wordt dat de huisvesting dient te voldoen aan de SNF-normen. Vraag: Is dat als eis meegenomen in de vergunningsvoorwaarden? Is de initiatiefnemer door de Stichting Normering Flexnormen gecertificeerd? Worden er jaarlijks inspecties uitgevoerd?

Portefeuillehouder Team Datum beantwoording Antwoord

Vragen . art. 33, lid 4 RVO Termijn van indiening t.b.v. tijdige beantwoording in commissie of raad:

-

Voor de vergaderingen op dinsdag: uiterlijk de donderdag ervoor (12.00 uur) Voor de vergaderingen op woensdag: uiterlijk de vrijdag ervoor (12.00 uur) Voor de vergaderingen op donderdag: uiterlijk de maandag ervoor (12.00 uur)

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/15251925/2