Vragen - 111. HVD - Vervuiling en verkoop van het Veiligheidcentrum Zeeland
Tekst van het document
Aan het college van B&W van de gemeente Vlissingen Onderwerp: Artikel 34 over vervuiling en verkoop van het Veiligheidscentrum Zeeland.
Geacht college,
HvD vraagt om nadere toelichting over het gebruik van blusmiddelen en andere mogelijk schadelijke stoffen in het Veiligheidscentrum Zeeland. Onderstaande vragen zien op de mogelijke gevolgen voor bodem, milieu en de verkoop van het terrein, naar aanleiding van de recente discussie over de verkoop en de berichtgeving in de PZC van 1 november 2025. 1. In welke mate is er sprake van vervuiling van de grond door gebruik van blusmiddelen of andere schadelijke stoffen? Graag toelichting. 2. Is er recent bodemonderzoek of milieukartering uitgevoerd op het terrein? Zo ja, wat was de uitkomst? Zo niet graag toelichting waarom niet. 3. Wat zijn de consequenties als de gemeente een schone‑grondverklaring moet afgeven? 4. Moet de gemeente vóór verkoop zorgen voor een schone‑grondverklaring of kunnen wettelijke verplichtingen worden overgedragen aan de koper? 5. Wat zijn de kosten van sanering, schoonmaak of mogelijke saneringsverplichtingen? Zijn er richtlijnen of inschattingen van bedragen of later milieurisico? 6. Is het mogelijk dat de verkoop plaatsvindt tegen een lagere prijs vanwege eventuele vervuiling van de grond? Graag toelichting. 7. Wat is de mening van DB en AB van de Veiligheidsregio Zeeland (verder VRZ) in het kader van oefenen van eenheden over deze verkoop? 8.
Kan het college aangeven welke financiële en organisatorische gevolgen de verkoop van het oefencentrum aan een commerciële partij kan hebben voor onze gemeente, bijvoorbeeld in de vorm van hogere gebruikskosten of langere reistijden voor onze manschappen?
Met vriendelijke groeten, Fractie Hart voor de Dorpen Louise Claessens Joanna Weijermans