Toelichtende memo POV verkeerssituatie Coosje Buskenstraat
Tekst van het document
Toelichtende memo verkeerssituatie Coosje Buskenstraat (CB) De Coosje Buskenstraat is in het verleden al heel vaak onderwerp van art. 34 vragen vanuit verschillende fracties geweest. Helaas is er met de herinrichting die afgelopen jaar werd afgerond geen oplossing gekomen voor alle bestaande problemen en zijn er ook nieuwe problemen ontstaan. De POV stelde daarover art. 34 vragen die niet naar tevredenheid zijn beantwoord en de antwoorden geven ook geen aanleiding te denken dat de gemeente snel aan de slag gaat met de door velen naar voren gebrachte problemen ten aanzien van veiligheid en de relatie tot aanliggende wegen en kruispunten, doorstroming en inrichting. In deze memo zullen we een aantal punten verder toelichten. De snelheid; Het college heeft na de herinrichting geen telslangen neer kunnen leggen en dus niet kunnen meten wat de snelheden zijn die gereden wordt op de Spuistraat. Aan de floating data waarnaar wordt verwezen en op basis waarvan het college geen onderzoek wil doen naar deze snelheden kleven nogal wat bezwaren. Deze data zijn onbruikbaar bij lagere snelheden en bij lage frequenties. Bestemmingsverkeer en lokaal verkeer zal ook geen data genereren omdat deze geen routeplanningssystemen zullen gebruiken op dit wegvak. Gemeten wordt dus slechts een deel van het verkeer en zoals gezegd, deze methode is voor lagere snelheden ongeschikt. De V85 is 31.6 km/uur.
Ergo, volgens de floating data rijdt 85% van de gemeten automobilisten niet sneller dan 31,6 km/uur. Dat klinkt best aardig maar te hard is te hard, je mag er maar 30 tenslotte. Bovendien rijdt 15% daar dus wel te hard al weten we niet hoeveel te hard. Kijkend naar de snelheid is de doorstroming van de straat gelukkig zo slecht en het oponthoud in de straat zo groot dat 85% bijna niet te hard rijdt. Er wordt aangegeven dat er maatregelen zullen worden genomen als blijkt dat er veel te hard wordt gereden. Waarom niet als er TE hard wordt gereden? Doorstroming; De nieuw ingerichte straat is tweerichtingsverkeer maar is ook doodlopend. Een wirwar van borden staat bij het inrijden van de CB en het feit dat de straat doodloopt dringt bij veel automobilisten niet door. Men kan in de straat dus alleen parkeren, in de lengterichting en iedereen moet dus keren in deze straat terwijl er van twee richtingen verkeer komt, ook fietsers. Dit geheel zorgt voor enorme chaos en gevaarlijke situaties, ook op de kruising met de Spuistraat. De inrichting is voor tweerichtingsverkeer en voldoet aan de CROW norm. Staat er ook in die norm dat al het verkeer ook in een dergelijke straat moet kunnen keren? Fietsers komen bovendien aan het einde van de straat van drie verschillende richtingen beide kanten op. Deze komen in de knel.
De gemeente beweert dat de straat het grootste deel van de tijd als eenrichtingsverkeer zal functioneren. Maar hoe werkt dat dan? Een auto rijdt er in om te parkeren en moet ook weer terug. Ziet de gemeente niet iets over het hoofd? Overzichtelijkheid; Een bos van borden aan het begin van de CB, een oplopende straat waarbij de automobilist in het licht kijkt, maakt het moeilijk alle borden te zien, zeker voor de automobilist die hier niet bekend is. Het einde van de straat is niet duidelijk, men rijdt zo de boulevard op waar fietsers van beide kanten komen en regelmatig ziet men automobilisten nietsvermoedend Boulevard de Ruijter op rijden. Samenhang met de omgeving; Het sluitingsregime op de Boulevards is er de reden van dat de rijrichting op de Boulevard de Ruijter is omgedraaid. Voordat de gemeente daartoe zou overgaan zou er een onderzoek komen naar de gevolgen voor de rest van de stad. Dat onderzoek is voorzover wij weten niet gedaan. Indien dat wel het geval is kennen wij de resultaten van het onderzoek niet. De gevolgen lijken op dit moment niet
al te gunstig. Het college geeft zelf ook aan dat het in de tijd met de verschillende herinrichtingen lastig is af te stemmen. Maar waarom is er dan zo’n haast gemaakt met het omdraaien van die rijrichting? Dat lijkt nu namelijk voor extra problemen te zorgen. De kruising van de Spuistraat voldoet niet, dat geeft het college zelf ook al aan. Deze zorgt voor gevaarlijke situaties en veel oponthoud. Het college ziet dat ook en gaat plannen maken. Het college geeft aan dat de verkeerssituaties bij veranderingen gedurende een korte periode niet naadloos op elkaar zullen aansluiten. Maar wat is hier een korte periode? Wanneer kunnen we resultaten verwachten? De Boulevards zijn fietsstraten. In de toekomst gaat dat veranderen en vandaar dat de gemeente vast het bord einde fietsstraat plaatst vlak voor het Westbeerplein. Maar de Boulevards zijn nog niet opnieuw ingericht. Dus waarom wacht het college niet tot het overal is heringericht om pas dan het bordje fietsstraat te verwijderen ipv er nu een verwarrend bord neer te zetten met “einde fietsstraat”? Ook de huidige inrichting van het Westbeerplein is voor verkeersgebruikers verwarrend. Veel fietsers weten niet waar te fietsen en dus fietst men maar overal. Er moeten obstakels worden neergezet die de ruimtelijkheid van het plein weer teniet doen omdat anders de verkeerstromen over het plein rijden.
Is de inrichting wel goed doordacht of is dit een tijdelijk probleem? Het tweede kwartaal is inmiddels bijna voorbij en de Raad heeft nog geen evaluatie gezien. Komt deze werkelijk nog of is er (weer) vertraging? Ook is er vertraging in het verkeercirculatieplan, eigenlijk vertraagd alles. De POV-fractie wil graag van het college weten wanneer wij, binnen afzienbare tijd, een concreet plan tegemoet kunnen zien. Tijdens de behandeling van het onderwerp zien we graag een planning wanneer wat gereed is. Een continue update is uiteraard een must. We hebben de indruk dat er dingen veranderd worden zonder grondige analyse vooraf, dat er vooral snel zaken doorgevoerd worden, om wat voor reden dan ook, en dat hier vaak een trial-and-errormethode wordt toegepast. Het college noemt dat experimenteren en ervaring opdoen. Is de situatie in Vlissingen dan werkelijk zo uniek dat we in een eerder stadium niet naar andere, vergelijkbare situaties bij andere gemeenten kunnen (af)kijken? Fractie POV Pim Kraan Ruud Kleefman Annemarie Geerink Arnoud van Poepéle Dita Daalmeijer