CConstaterende datVlissingen
Koppel je AI →
Document · PDF

RIB Ontwerp-Nota Ruimte 2025 bijlage

Informatiebijeenkomst 12 december 2025, gemeente VlissingenBij agendapunt: Stukken4.061 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Abdij 6 4331BK Middelburg Postbus 6001 4330 LA Middelburg +31 118631011 IBAN NL08 BNGH 0285010557

Gedeputeerde Staten

Ministerie van VRO, DGRO - Directie Ruimtelijk Beleid Postbus 20011 2500 EA Den Haag

Onderwerp

Zaaknummer

Behandeld door

Nota Ruimte 2030-2025

769067

E.W. de Koning +31 6 25709349

Verzonden

Middelburg, 9 december 2025

Geachte minister van Volkshuisvesting en Ruimtelijke Ordening, De ontwerp-Nota Ruimte is ook voor Zeeland van groot belang. De Zeeuwse overheden hebben daarom samen deze zienswijze opgesteld. In deze brief lichten wij toe hoe wij samen met het Rijk een schaalsprong kunnen maken in de stedelijke ontwikkeling, zodat de nationale opgaven worden gerealiseerd en de balans in de regio wordt versterkt. Hiervoor werken wij op dit moment samen met de betrokken departementen aan een integrale aanpak van woningbouw, bereikbaarheid, onderwijs, voorzieningen en economie die perspectief biedt voor steden, dorpen én het platteland. Dit resulteert op korte termijn in een Strategische Agenda Zeeland 2050, die ook van belang zal zijn voor de definitieve Nota Ruimte en bijbehorende uitvoeringsagenda. Elke regio telt Hoe Nederland er in 2050 uitziet staat niet vast en wordt bepaald door de keuzes uit het verleden én die vanaf nu worden gemaakt. De Nota Ruimte is daarbij een belangrijk instrument, omdat het beschrijft hoe we ruimtelijk omgaan met de grote vragen waar Nederland voor staat. De opgaven zijn breed en divers. Geopolitieke ontwikkelingen zijn de aanleiding om Nederland op een andere manier te bekijken. Strategische autonomie, nationaal en Europees, als het gaat om voedsel, energie, industrie en defensie, wordt meer van belang naarmate de geopolitieke situatie instabieler wordt.

Die vraagstukken leiden tot een heroriëntatie, met nieuwe keuzes over ruimtegebruik en investeringen. In het besef dat de totaal beschikbare ruimte niet groter wordt en de investeringsruimte beperkt is. Wij herkennen en onderschrijven de uitgangspunten en ambities van de ontwerp-Nota Ruimte. De nota geeft inzicht in de grote uitdagingen waar Nederland voor staat en toont aan dat het noodzakelijk is om de kansen in alle delen van Nederland te benutten. “Elke regio telt!” schetst hoe in de afgelopen decennia sectorale keuzes werden gedomineerd door getalsmatige afwegingen in kosten per inwoner. De optelsom van die sectorale afwegingen heeft onbedoeld geleid tot een steeds grotere tweedeling tussen enerzijds gebieden waar alle ontwikkelingen worden geprojecteerd - en die dus kampen met vraagstukken rond overbevolking - en anderzijds gebieden die juist onvoldoende inwoners hebben om basale voorzieningen in stand te houden. Het vraagt een bewuste keuze om die onderliggende beleids- en investeringslogica te doorbreken, en te gaan werken vanuit het adagium sterker maken wat sterk kan worden. Dat heeft twee voordelen: de ruimte in Nederland wordt beter benut, maar ook het potentieel van gebieden die de afgelopen decennia minder in beeld zijn geweest. Wij, de Zeeuwse overheden, zijn daarom blij dat ‘elke regio telt’ het vertrekpunt is in de nota.

Wij zien wel dat dit vertrekpunt nog niet in de hele Nota Ruimte consequent is doorgevoerd en hopen dat deze zienswijze kan bijdragen om de nota op dit punt te verbeteren. Een belangrijke oproep van “Elke regio telt!” is dat regio’s zelf plannen moeten maken waarin alle opgaven in samenhang worden bekeken en op maat worden gemaakt voor de regio. De gezamenlijke overheden in Zeeland hebben die handschoen opgepakt en een toekomstperspectief Zeeland 2050 geschetst. Kern van dat perspectief is dat Zeeland belangrijke bijdragen kan leveren aan Nederland, juist als het gaat om vraagstukken rond strategische autonomie. Maar alléén wanneer er voldoende en goed opgeleide werknemers zijn. Zeeland kan, met de derde haven van Europa, de green energy port

zijn die Nederland nodig heeft. Maar alléén wanneer er ook wordt geïnvesteerd in een hotspot voor talent, in bruisende steden en in sterke kernen. Het vraagt uitgekiend integraal en samenhangend beleid om de huidige spiraal van verschraling om te zetten naar een spiraal van groei. De ambitie om tot 2050 zo’n 75.000 extra woningen te realiseren – wat zich vertaalt in 40% groei van de bevolking - is daar één van. Samen werken aan de toekomst Wij omarmen uw verzoek om samen met het Rijk te werken aan een toekomstbestendig Nederland. Zeeland ligt niet in het nationale economisch kerngebied, maar kan juist daarom vanuit de eigen kracht, kwaliteiten en beschikbare ruimte extra bijdragen aan de nationale opgaven en strategische autonomie. Er zijn en worden in Zeeland grote investeringen gedaan, wat leidt tot groei van de economie en maatschappelijke vernieuwing. Met name in het internationale Novex-gebied North Sea Port District (NSPD), één van de vijf nationale energie-intensieve haven- en industriële clusters, zijn grote ontwikkelingen van nationaal belang voorzien.

Het gaat hierbij over grote investeringen gekoppeld aan de aanlandingen van Wind op Zee, de bouw van kerncentrales, het opschalen van de defensie-industrie in Vlissingen (in nauwe samenhang met Zeeuwse onderwijscluster), het verduurzamen van het energie-intensieve haven- en industriecluster in met name de Kanaalzone, nieuwe leidingen voor waterstof, CO2 en ammoniak, een nieuwe spoorverbinding tussen Gent en Terneuzen, het doortrekken van de 380KV-verbinding naar Zeeuws-Vlaanderen en de bouw van nieuwe hoogspanningsstations. Nergens in Nederland komen zoveel rijksprojecten samen. Om deze nationale opgaven mogelijk te maken is een integrale aanpak nodig in combinatie met een schaalsprong op het gebied van economie, woningbouw en voorzieningen. Zeeland heeft ruimte om de nationale opgaven te faciliteren, maar de arbeidsmarkt is al jaren de krapste van heel Nederland. Dit tekort is alleen op te lossen met een gezamenlijke aanpak die is gericht op wonen, werken en leven. In juni van dit jaar hebben Rijk en Regio in het Bestuurlijk Overleg Leefomgeving het Ruimtelijk Arrangement Zeeland ondertekend. Daarin hebben wij afgesproken het Toekomstperspectief Zeeland 2050 als uitgangspunt te nemen voor het opstellen van een gezamenlijke strategische agenda voor Zeeland. We zitten middenin het proces om invulling te geven aan deze afspraak uit het arrangement.

De komende periode werken wij samen verder aan de strategische agenda, zodat wij met het nieuwe kabinet tot een akkoord kunnen komen. De agenda zet in op een brede waaier aan maatregelen, maar de essentiële elementen zijn versterking van het onderwijsaanbod in Zeeland (samenhangend pallet van mbo-hbo-wo), versterking van de bereikbaarheid én een ambitieus woningbouwprogramma. Met versterking van het onderwijsaanbod zijn wij op de goede weg. Universiteiten van buiten Zeeland participeren in projecten, bieden onderwijs aan en hebben toegang tot (onderzoeks-) faciliteiten om optimaal gebruik te maken van het unieke Zeeuwse living lab; dat niet alleen als fysieke proeftuin partijen aantrekt, maar ook vanwege het krachtig samenwerkende ecosysteem van onderwijs, overheden en bedrijven. Deze ambitie sluit aan bij de onlangs door Campus Zeeland gepresenteerde Strategische Onderwijs- en Onderzoeksagenda.

Voor de komende tien jaar zijn doelen geformuleerd binnen vijf thematieken: Een dynamisch ecosysteem: onderwijswaaier en arbeidsmarkt Toekomstbestendig en vraaggedreven onderwijs en onderzoeksaanbod Academisch onderwijs en onderzoek als katalysator voor innovatie en talentbehoud Campussen als knooppunten van onderwijs, onderzoek en ondernemerschap Zeeland als internationale proeftuin voor duurzame innovatie De afgelopen jaren hebben de Zeeuwse onderwijsinstellingen al belangrijke stappen gezet om de samenwerking te versterken. Aansprekende voorbeelden zijn het Joint Research Center Zeeland (JRCZ), Energy Campus Zeeland en het Delta Climate Center (DCC). Laatstgenoemde fungeert in toenemende mate als pionier en katalysator om de gewenste integratie en transitie verder aan te jagen. Dit willen wij verder uitbouwen om in samenwerking met de topuniversiteiten in Nederland en Vlaanderen aantrekkelijke masterprogramma’s aanbieden. Daarmee kunnen we studenten in de laatste fase van hun studie (weer) naar Zeeland trekken. Het zal gaan om programma’s die nauw aansluiten bij de specifieke opgaven en sectoren in Zeeland (denk aan water, energie, voedsel en maritiem). Het overzicht van campus-locaties in Nederland in de nota is niet actueel.

De clusters in Zeeland zijn niet meegenomen in de onderliggende inventarisatie, daarom vragen wij u om de inventarisatie te actualiseren en op basis daarvan alsnog Campus Zeeland op te nemen. Bouw van 75.000 extra woningen In het Ruimtelijk Arrangement hebben wij met u afgesproken om voor het woningbouwprogramma samen een ambitieuze strategie uit te werken voor de verstedelijking in Zeeland. Met deze strategie wordt de groei mogelijk gemaakt die zowel voor Zeeland als Nederland nodig is. De hoofdlijnen van de

Behoort bij brief met zaaknummer: 769067

2

strategie zijn inmiddels beschikbaar. Na maanden intensief overleg tussen de provincie en de Zeeuwse gemeenten is overeenstemming bereikt over de ambitie en realisatiemogelijkheden. De inzet van de Zeeuwse overheden is om in Zeeland de lijn van de huidige ambitieuze Zeeuwse woondeal, die op schema ligt, om te zetten in een trendbreuk in de komende 25 jaar. Dit vereist een grote schaalsprong in de woningbouw in zowel de steden als de dorpen gericht op het toevoegen van in totaal 75.000 woningen in Zeeland tot 2050. Voor deze ambitie is commitment uitgesproken door de gemeenten en er wordt per regio een ontwikkelstrategie opgesteld waarin de ambities worden vertaald in concrete opgaven en projecten. Met deze schaalsprong wordt het voor heel Zeeland mogelijk om de grote nationale strategische opgaven te accommoderen die in de Nota Ruimte zijn voorzien. Fysieke ruimte alleen is daarvoor niet voldoende. Het vraagt om een schaalsprong in de woningbouw en ondersteund door uitbouw van bijbehorende voorzieningen en infrastructuur. Wij verwachten dat zo een opwaartse spiraal ontstaat waarin de groeiende (beroeps)bevolking bijdraagt aan verdere versterking van het woon- en werkklimaat.

Dit vraagt om een langetermijnaanpak en een structurele samenwerking tussen Rijk en regio waarin de acties vanuit onder andere het Nationaal Programma Vitale Regio’s (NPVR), de Regio Deals, de Uitvoerings- en investeringsagenda NSPD, het Ruimtelijk Arrangement Zeeland, de MIRT-agenda en de woondeals elkaar aanvullen en versterken. Zeeland volgt met de verstedelijkingsstrategie de drie regio’s Twente, Stedendriehoek en Limburg Centraal waar deze eerder zijn opgesteld. Wij vragen daarom Zeeland in de Nota Ruimte aan dit rijtje toe te voegen. De noodzakelijke schaalsprong in de verstedelijking in combinatie met versterking van het kenniscluster en het accommoderen van het grote aantal nationale projecten heeft ook gevolgen voor de strategie zoals die in de Nota Ruime is opgenomen op de ‘VISTA’-kaart waarin de opgaven voor wonen, werken en bereikbaarheid samenkomen. De strategie ‘Versterken’ die in het ontwerp is opgenomen miskent de essentiële rol die Zeeland kan en zal spelen bij een groot deel van de nationale strategische opgaven. De potentie voor een schaalsprong in economie en bevolking, op afstand van het economische kerngebied van de Randstad sluit aan op de strategie van ‘Initiëren’. Wij vragen de VISTA-kaart hierop aan te passen.

Het realiseren van het grote aantal nationale projecten, de doorontwikkeling van het kenniscluster en de trendbreuk in de woningbouw in Zeeland zijn niet mogelijk zonder een intensieve samenwerking tussen Rijk en regio. De aanduiding als Initieer-gebied sluit ook aan bij uw brief van 17 oktober aan de Tweede Kamer over het langetermijnperspectief infrastructuur en woningbouw, waarin opwaardering van de verbinding Zeeland-Randstad is opgenomen. Specifieke aandachtpunten bij het thema Water en Bodem Zeeland heeft geen eigen zoetwaterbronnen en is daarom afhankelijkheid van aanvoer vanuit de rivieren, kanalen en zoetwaterbuffers, met name voor de landbouw en voedselzekerheid. Juist door die afhankelijkheid is het voor de regio van groot belang dat in de ontwerp-Nota Ruimte het VolkerakZoommeer als nationale zoetwaterbuffer is erkend. Wij missen wel aandacht voor de kansen die er zijn voor samenwerking met Vlaanderen om de grensoverschrijdende zoetwaterstromen betere te benutten. Wij zijn het volledig eens met het streven naar een balans van vraag en aanbod van zoetwater. Beter benutten van beschikbare (regen)water ondersteunen wij actief, maar tekorten kunnen niet voor alle sectoren binnen de regio zelf worden opgevangen. Voldoende zoetwater is een cruciale voorwaarde voor de industrie, waterstofproductie, volhoudbare landbouw, natuur en woningbouwopgave.

Er is meer inzet nodig om ook in de toekomst vraag en aanbod in evenwicht te kunnen houden. Dat is niet mogelijk zonder voldoende ondersteuning door het Rijk. In Zeeland staat het belang van waterveiligheid op lange termijn hoog op de agenda. Wij vinden het van belang om tempo te blijven maken met de langetermijnstrategie. De mogelijk impact op alle andere functies is in Zeeland zo groot, dat we zo snel mogelijk willen voorsorteren op een langetermijnstrategie. Als keuzes uitblijven, worden kansen voor multifunctioneel ruimtegebruik gemist. Langjarige investeringen vragen ook om langjarige zekerheid over de veiligheid. Voor het stedelijk gebied langs de kust is de uitdaging extra complex. In de nota is de uitdaging voor steden langs de rivieren expliciet aangegeven, maar voor de kust ontbreekt dit nog. Voor de korte termijn wordt in de ontwerp-Nota Ruimte uitsluitend ingezet op landwaartse kustversterking en binnendijkse ruimtereserveringen. Wij vinden dat een te beperkte benadering, omdat er ook buitendijks mogelijkheden zijn en ruimte binnendijks voor andere functies zoals woningbouw, industrie, energie en landbouw zo groot mogelijk moet blijven. Zeewaartse kustversterking biedt niet alleen mogelijkheden voor veiligheid, maar ook voor herstel van unieke natuurwaarden én behoud van voldoende ruimte voor recreatie.

De Zeeuwse overheden werken al lang samen om Zeeland klimaatbestendig te maken. Ook wij vinden dat klimaatadaptatie een vaste plaats verdient in ruimtelijke afwegingen. Hier hebben wij in Zeeland een gezamenlijke aanpak voor ontwikkeld met signaalkaarten voor nieuwe ruimtelijke ontwikkelingen.

Behoort bij brief met zaaknummer: 769067

3

Dit neemt niet weg dat er ook voor bestaande functies een grote uitdaging ligt. Die opgave is zo groot dat steun van alle overheden nodig is en dit niet volledig aan bewoners en bedrijven zelf kan worden overgelaten. Specifieke aandachtpunten bij het thema Landbouw en Natuur Behoud van landbouwgrond is ook in Zeeland het uitgangspunt. Niet alleen omdat Zeeland zeer goede landbouwgrond heeft in één van meest vruchtbare delta’s ter wereld, maar ook omdat het belang van voedselzekerheid toeneemt. In uw nota staat dat het ministerie van LVVN samen met de andere departementen een afwegingskader landbouw opstelt, om goede landbouwgrond te behouden. Wij zien dit als een gezamenlijke opgave en niet als een instrument dat door het Rijk wordt opgesteld en vervolgens door alle medeoverheden op een zelfde wijze moet worden vastgelegd. Dat doet geen recht aan de verschillen in bodemkwaliteit, ontwikkelkansen en mogelijkheden van de landbouw in Nederland. Daarnaast hebben wij in Zeeland met alle betrokken partijen al een goede basis voor een passend afwegingskader, namelijk in het provinciaal Programma Landelijk gebied. Wij zien graag dat de landbouw op korte en lange termijn perspectief wordt geboden en zal blijven bijdragen aan de voedselzekerheid, biodiversiteit en leefbaarheid van het landelijk gebied.

De deltawateren, stranden, duinen en kreken zijn karakteristiek voor het Zeeuwse landschap en zijn vanuit internationaal perspectief uiterst waardevol. De kwaliteit staat echter onder druk en dat heeft beperkt mogelijkheden voor nieuwe ontwikkelingen. Door de kwaliteit van stikstofgevoelige natuur aantoonbaar te verbeteren, ontstaat ruimte voor nieuwe nationale en regionale activiteiten. De stikstofaanpak verdient daarom meer inzet. In Zeeland is de uitdaging extra complex. Er slaat in Zeeland meer stikstof neer dan wordt uitgestoten. Die neerslag is voor een zeer groot deel afkomstig uit het buitenland en van de zeescheepvaart. Wij doen via de Zeeuwse aanpak Stikstof wat binnen onze mogelijkheden ligt, maar een stevige inzet van het Rijk is noodzakelijk voor een effectieve aanpak van uitstoot over de grens en op zee. Zonder oplossing voor het stikstofprobleem kunnen ambities van Rijk en regio niet worden gerealiseerd. Specifieke aandachtpunten bij het thema Economie en Energie Zeeland is onder andere in beeld als locatie voor de bouw van twee kerncentrales en het opschalen van de defensie-industrie. Het is goed dat dit in de ontwerp-Nota Ruimte is opgenomen, zodat dit in samenhang met andere ontwikkelingen wordt bekeken. Bijvoorbeeld combinaties met woningbouw, natuurontwikkeling en werkgelegenheid.

Dit geldt ten aanzien van de kerncentrales wat ons betreft niet alleen in de gebruiksfase, maar ook in de bouwfase. In de bouwfase zijn de effecten op de omgeving namelijk veel ingrijpender. Wij zijn met u eens dat ook de Small Modular Reactor (SMR) een interessante vorm van opwek kan zijn als onderdeel van de toekomstige energiemix en onderschrijven het belang van de nationale SMR-strategie. Juist omdat in Zeeland er zoveel verschillende ontwikkelingen zijn op het gebied van energie, is er een kenniscluster ontstaan. Het verder uitbouwen van dit cluster is een voorwaarde voor realisatie van de grote energieprojecten. Wij lezen in de nota grote urgentie voor de noodzakelijke verzwaring van de energie-infrastructuur om de netcongestie op te lossen. Die urgentie voelen wij ook en binnen Zeeland werken overheden, netbeheerders en bedrijfsleven samen om ook op decentraal netniveau oplossingen voor korte en lange termijn te vinden. Verbetering van de netaansluiting van Tholen, Schouwen-Duiveland en Zeeuws-Vlaanderen zijn belangrijke ontwikkelingen. We vragen u wel om rekening te houden met de landschappelijke inpassing van de hoogspanningsinfrastructuur en ondergrondse leidingen. Nieuwe bovengrondse hoogspanningsverbindingen door Zuid-Beveland en Reimerswaal zijn voor Zeeland ongewenst. Wij staan open voor en denken graag mee over alternatieve oplossingen.

Als voor de ontwikkeling van energie-infrastructuur landbouwgrond nodig is, is het van belang de agrariërs ruimhartig te compenseren. Recreatie en toerisme krijgen weinig aandacht in de ontwerp-Nota Ruimte. Onder andere in Zeeland is deze sector ruimtelijk, sociaal en economisch van groot belang. Niet alleen voor toeristen, maar ook voor een gezonde leefomgeving en aantrekkelijk vestigingsklimaat voor onze inwoners. Deze belangrijke sector mag niet ontbreken in de toekomstvisie, ook omdat de raakvlakken met andere sectoren zo groot is dat een integrale afweging van belangen anders niet mogelijk is. Specifieke aandachtpunten bij het thema Wonen, Werken en Bereikbaarheid Wij zien dat er in de ontwerp-Nota Ruimte erkenning is voor de mogelijkheden die Zeeland biedt voor grote (nationale) opgaven. Het is een aanzienlijke verbetering ten opzichte van het voorontwerp van de Nota Ruimte dat de grootste Zeeuwse steden nu als belangrijk regionaal netwerk en schakel in het nationaal stedelijk netwerk worden erkend. Er zijn in de nota grootschalige regionale woningbouwlocaties, maar het is belangrijk om aan te geven dat dit maar een deel van de plannen is.

Behoort bij brief met zaaknummer: 769067

4

Er zijn meer vergevorderde plannen en voor de grotere woningbouwambitie zijn ook nieuwe grootschalige plannen in ontwikkeling. Om de verstedelijkingsambities waar te maken, zullen Rijk en Regio samen moeten zorgen voor de juiste randvoorwaarden. Naast voldoende energie, zoetwater en stikstofruimte is voor Zeeland ook verbetering van de voorzieningen en infrastructuur van belang. Voorzieningen als de eerder genoemde Campus Zeeland, maar ook door behoud en versterking van de Zeeuwse ziekenhuiszorg die niet alleen voor inwoners maar ook voor het grote aantal toeristen van levensbelang is. Het gaat bij infrastructuur vooral om de genoemde verbinding Randstad-Zeeland (de Midden-Zeeland Route) als onderdeel van de internationale verbinding met Gent, Antwerpen, Zeebrugge en Calais. Om de ruimtelijke en economische ontwikkelingen in Zeeland te faciliteren is een tweede volwaardige hoofdontsluiting voor Zeeland noodzakelijk. Het is daarmee terecht onderdeel van de categorie structuurversterkende infrastructuur zoals in de Nota Ruimte en daaropvolgende brief aan de Tweede Kamer opgenomen. De verbinding is in de ontwerp-Nota indicatief aangegeven, maar niet volledig. De verbinding loopt verder door tot aan de grens met België.

Daarnaast zijn aandachtspunten het oplossen van knelpunten op de rijkswegen N57, N254 en A58 (kanaalkruising Vlisssingen), beter benutten van het spoor (snellere en frequentere intercityverbinding ) én nieuwe infrastructuur voor veilig transport van energiedragers. Wij werken graag als regio en rijk samen aan het gaan werken aan het Toekomstperspectief Hoofdwegennet en het verbeteren van de bereikbaarheid van en tussen wonen, werkgelegenheid en voorzieningen (Bereikbaarheid op Peil). Voor verbetering van het grensoverschrijdend openbaar vervoer zijn een HOV-verbinding per bus (Rotterdam-Gent) en spoor (Terneuzen-Gent) gewenste ontwikkelingen. De binnenvaart krijgt in de nota relatief weinig aandacht. Dit geldt ook voor bijbehorende infrastructuur, de internationale verbindingen en de Europese investeringen die daar aan verbonden zijn, zoals de aanleg van het Kanaal Seine-Noord als onderdeel van de TEN-T Seine-Scheldeverbinding. Investeren in binnenvaart is nodig. Het is nu al een belangrijke modaliteit voor North Sea Port en het belang verder zal toenemen, onder andere voor veilig transport van energiedragers (zoals ammoniak) vanuit aanlandings- en productielocaties in Zeeland naar andere economische clusters.

Daarnaast is de spoorinfrastructuur van en naar de Zeeuwse havens, mede ten behoeve van militaire mobiliteit, voor Zeeland in een totaalnetwerk met onder andere België en Duitsland een belangrijk aandachtspunt. Overige aandachtspunten Door de toenemende geopolitieke spanningen groeit het belang van een sterke, nationaal onafhankelijke defensiesector. Nederland moet zijn krijgsmacht snel versterken. Niet alleen met meer personeel, maar vooral met de beste kennis, hoogwaardige innovatie en een sterke industrie. Wij werken samen met het Ministerie van Defensie, het Ministerie van Economische Zaken en Impuls Zeeland om de Zeeuwse innovatieve bedrijven te stimuleren maximaal bij te dragen aan de nationale veiligheid en technologische voorsprong van Nederland. Daarnaast is en blijft de haven van Vlissingen een belangrijke schakel in de militaire logistiek en een militaire scheepsbouw. Wij verwachten dat dit waar mogelijk ook via nationaal ruimtelijk en mobiliteitsbeleid wordt gefaciliteerd. Versterking van de achterlandverbindingen over weg en spoor is daarbij een belangrijke voorwaarde. De nieuwe ruimtevraag van het ministerie van Defensie is terecht opgenomen in de ontwerp-Nota Ruimte. Deze is rechtstreeks overgenomen uit een ontwerpversie van het Nationaal Programma Ruimte voor Defensie (NPRD).

Voor Zeeland is vooral de voorgenomen aanwijzing van een nieuw laagvlieggebied voor helikopters van belang. Het besluitvormingsproces voor het NPRD is nog niet afgerond. In het ontwerp NPRD wordt verwezen naar de Nota Ruimte voor de integrale afweging van de nieuwe ruimtevraag van Defensie ten opzichte van andere (nationale) opgaven. Wij zien dat in de Nota Ruimte als algemeen uitgangspunt geldt dat andere urgente opgaven, zoals woningbouw, bedrijventerreinen en de energietransitie niet mogen worden belemmerd door nieuwe activiteiten van Defensie. Wij kunnen niet inschatten of en hoe dit in de praktijk mogelijk is, bijvoorbeeld in het nieuwe laagvlieggebied in Zeeland. De aankondiging van een juridische regeling voor een ‘licht planologisch regime’ geeft onvoldoende zekerheid dat de diverse nationale en regionale opgaven in Zeeland nu en in de toekomst verenigbaar zijn. Wij vragen u hier duidelijkheid over te bieden voordat laagvlieggebieden definitief worden aangewezen. Tot slot Waar de ambities voor wonen, werken en bereikbaarheid samenkomen, wordt de ruimtelijke puzzel snel complex. Functiecombinatie is het uitgangspunt, maar er zijn altijd functies die niet te combineren zijn. In de ontwerp-Nota Ruimte is dit terecht een centraal thema.

Er wordt een aantal ontwikkelingen genoemd die prioriteit verdienen ten opzichte van andere functies, maar een totaal afwegingskader ontbreekt. Het is niet mogelijk en niet wenselijk om in een Nota Ruimte een compleet overzicht te

Behoort bij brief met zaaknummer: 769067

5

geven van welke functie onder welke situatie voorrang krijgt. Dat is ook niet nodig, omdat wij die afweging beter samen met het Rijk gebiedsgericht kunnen maken om alle belangen op basis van de specifieke locatie af te wegen. Waar nationale keuzes wel nodig zijn, verwachten wij dat die alsnog in de definitieve Nota Ruimte of in (uitvoerings)programma’s worden gemaakt. Wij denken daarbij bijvoorbeeld aan aanpassing van huidige regelgeving die de uitvoering van woningbouwprogramma’s bemoeilijkt en het oog hebben van de effecten van andere ontwikkelingen op woningbouwmogelijkheden. Een voorbeeld is een toenemend veiligheidsrisico in de kustzone bij toenemende import van waterstof per zeeschip. Het is van belang dat bestaande mogelijkheden voor regionale belangenafweging en maatwerk worden behouden. Daarom moet de provincie verantwoordelijk blijven voor het vastleggen, beheren en handhaven van milieucontouren rond het industriecluster. Dit is bijvoorbeeld van belang voor beperking van geluidshinder veroorzaakt door industrie en het verkeer. Provincies kunnen de geluidcontouren beter afstemmen op andere regionale belangen, zoals wonen, natuur en infrastructuur. Het Ruimtelijk Arrangement Zeeland hebben wij samen opgesteld om te zorgen voor meer integrale afweging van nationale doelen, ook in relatie tot het Toekomstperspectief Zeeland 2050 en het Regioplan NPVR Zeeuws-Vlaanderen.

Wij zien kansen om daar in de Nota Ruimte en de nog op te stellen uitvoeringsagenda nog beter gebruik van te maken. Naast de eerdergenoemde afspraak over de verstedelijkingsstrategie, gaat het bijvoorbeeld ook over mogelijkheden voor het beperken van bovengronds vervoer van gevaarlijke stoffen, versterken van de positie van de landbouw en meer beschikbaarheid van zoetwater. Wij denken graag met u mee hoe de afspraken uit het arrangement kunnen worden vertaald naar concrete acties in de uitvoeringsagenda en -programma’s. We kijken uit naar een prettige samenwerking aan onze gezamenlijke ambities. PM TEKST OVER ONDERSCHRIJVEN DOOR ZLTO, VNO-NCW, Campus Zeeland, Evides, etc. Met vriendelijke groet, mede namens de Zeeuwse Gemeenten en Waterschap Scheldestromen, Gedeputeerde Staten van Zeeland,

{{esl:Signer2:capture:size(200,50)}}

H.M. de Jonge Voorzitter

{{esl:Signer1:capture:size(200,50)}}

drs. M.C.J. Franken Secretaris-algemeen directeur

Noem in uw contact met ons steeds het zaaknummer. Dit staat bovenaan deze brief.

Behoort bij brief met zaaknummer: 769067

6

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/16391732/1