CConstaterende datVlissingen
Koppel je AI →
Document · PDF

Raad - Conceptverslag raadsklankbordgroep Governance inkoop jeugdhulp, BW, MO, VO

Informatiebijeenkomst 16 juni 2023, gemeente VlissingenBij agendapunt: Stukken3.095 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Verslag raadsklankbordgroep Governance inkoop jeugdhulp, BW, MO, VO Plaats

Boerderij ’t Hof Stenevate, Stenevate 9a, 4451 KB Heinkenszand

Datum

16 mei 2023

Tijd

19.30 – 21.00 uur

Aanwezig

Voorzitter: Annebeth Evertz (gemeente Kapelle, voorzitter OZOthemaoverleg sociaal domein en voorzitter stuurgroep ‘Governance inkoop jeugdhulp, BW, MO, VO’). Raadsleden: Margriet Koeleman (gemeente Borsele), Krisja Corstens (gemeente Goes), Jos van Eck (gemeente Hulst), Marijn Dieleman (gemeente Middelburg), Laurence Haack (gemeente Schouwen-Duiveland), Johan Hessing (gemeente Terneuzen), India Zandman (gemeente Terneuzen), Jean-Paul Casteleijn (gemeente Terneuzen), Jan Ellen (gemeente Terneuzen), Frans van Kollem (gemeente Terneuzen), Petrina Geluk (gemeente Tholen), Wilma van Dongen (gemeente Vlissingen), Yvette Hoogstraten (gemeente Vlissingen) en Angela Werner (gemeente Vlissingen). Berenschot: Mattias Gijsbertsen en Daniël Huisman. Overig: Arnold van den Berge, Jan Fraanje, Margreet van Heest en Annet der Reest (verslag).

Afwezig

Raadsleden: Eelke de Jong (gemeente Kapelle), Bas van der Reest (gemeente Middelburg) en Mascha Boone (gemeente Reimerswaal).

Verslag 1. Opening De voorzitter heet alle aanwezigen welkom en opent de vergadering. Mw. Haack zal enkele minuten later aansluiten. In dit proces zijn de dertien Zeeuwse gemeenten samen op zoek naar een duurzame oplossing voor de inkoop van jeugdhulp, beschermd wonen (BW), maatschappelijke opvang (MO) en vrouwen-/veilige opvang (VO). De portefeuillehouders binnen het thema-overleg sociaal domein van het Overleg Zeeuwse Overheden (OZO) hebben aangegeven dat zij bij alle fasen van het proces graag raadsleden willen betrekken. 2. Vaststellen conceptagenda De conceptagenda wordt ongewijzigd vastgesteld. De aanwezigen stellen zich voor. 3. Stand van zaken proces governance Dhr. Fraanje geeft een presentatie over het proces ten aanzien van de governance en de rol van de raadsklankbordgroep. De PowerPoint-presentatie is per e-mail toegestuurd op 17 mei 2023, 9.01 uur.

4. Verwachtingen en vragen van raadsleden over proces governance en rol klankbordgroep Dhr. Van Eck licht toe dat tijdens de bespreking van het rekenkamerrapport over Intervence in een commissievergadering van de gemeente Hulst onder andere is gesproken over de kwaliteit van de wijze van aansturing. Er is een motie aangenomen op 7 oktober 2021, waarin de gemeenteraad van Hulst oproept om een zelfstandige gemeenschappelijke regeling (GR) Inkoop Jeugdhulp Zeeland (IJZ) op te richten, los van de GR GGD Zeeland. Sindsdien heeft hij weinig voortgang geconstateerd. Wat is er gebeurd in de tussentijd? In de raad van Hulst leeft het gevoel dat we in twee jaar tijd niet veel verder zijn gekomen. Dat geeft onvrede. Dhr. Fraanje beaamt dat dit een lang g proces is (geweest). Colleges wilden graag het rekenkamerrapport over Intervence afwachten voordat ze een standpunt zouden innemen over een nieuw governancemodel. Daarnaast is de complexiteit groot. Er wordt bestuurlijk (nog) niet eenduidig gedacht over de richting die we in Zeeland op willen. We zitten zowel ambtelijk als bestuurlijk niet stil, maar we moeten het met dertien gemeenten eens zien te worden. Op inhoudelijk gebied wordt momenteel hard gewerkt aan onder andere de regiovisie jeugdhulp Zeeland 2023-2028. Dhr.

Van Eck geeft aan dat het in Hulst niet gelukt is om het rekenkamerrapport over Intervence te bespreken in een raadsvergadering. De gestelde vragen in de commissievergadering zijn maar ten dele beantwoord. De voorzitter wijst erop dat in het OZO-themaoverleg sociaal domein is uitgesproken dat de portefeuillehouders dit proces met grote voortvarendheid willen afronden. De urgentie neemt toe. De raadsklankbordgroep is mede opgericht naar aanleiding van de geleerde lessen in het rekenkamerrapport over Intervence. We willen het proces graag zo goed mogelijk en binnen een redelijk tijdsbestek gezamenlijk afronden. Dhr. Van Kollem heeft naar aanleiding van de informatiebijeenkomst over de regiovisie jeugdhulp Zeeland 2023-2028 op 19 april jl. de concept Hervormingsagenda Jeugd ontvangen. Daarin wordt de relatie gelegd tussen jeugdhulp en andere onderdelen van het sociaal domein. Hij wil weten of de scenario’s getoetst worden aan de hand van die opgaven. Dhr. Fraanje geeft aan dat binnen het programma Zeeuwse samenwerking sociaal domein (ZSSD) vier pijlers zijn: 1. Jeugd 2. Beschermd wonen en maatschappelijke opvang 3. Sociale veiligheid 4. Gezondheid Op deze pijlers werken we ambtelijk en bestuurlijk samen in Zeeland. Er is aandacht voor de relatie tussen de pijlers. Mw.

Haack geeft aan dat in de situatie met Intervence duidelijk werd dat er een structuur ontbrak waarbinnen de gemeenteraden konden meedenken en -praten. De raad van Schouwen-Duiveland heeft geprobeerd invloed uit te oefenen door het indienen van amendementen en moties, en door het stellen van vragen aan de bestuurscommissie IJZ. Ze is van mening dat de bestuurscommissie destijds heeft gedaan wat ze kon om de raden te betrekken. Het is nu de bedoeling dat we er in de toekomst voor gaan zorgen dat het betrekken van raden geborgd wordt binnen de structuur van alle Zeeuwse GR’en. Dhr. Van den Berge beaamt dat de raden goed moeten worden meegenomen in het proces. In de gewijzigde Wet gemeenschappelijke regelingen (Wgr) zit een aantal nieuwe instrumenten voor raden om grip op GR’en te houden, zoals de gemeenschappelijke adviescommissie in artikel 24a. Maar ook vóór de wijziging van de Wgr hadden raden al een aantal instrumenten tot hun beschikking. Naar verwachting wordt er op 26 of 28 juni a.s. een digitale bijeenkomst georganiseerd voor raadsleden over de wijziging van de veertien Zeeuwse GR’en naar aanleiding van de gewijzigde Wgr. En na de zomervakantie wordt er een fysieke vervolgbijeenkomst per subregio (Oosterschelderegio, Walcheren en Zeeuws-Vlaanderen) georganiseerd.

Dhr. Hessing heeft van tevoren een aantal vragen per e-mail ingediend, maar die hebben betrekking op agendapunt 6. Hij geeft aan zijn vragen/opmerkingen over de concept Hervormingsagenda Jeugd ook per e-mail in te dienen. In de Hervormingsagenda Jeugd is een verplichting opgenomen voor regionale samenwerking ten aanzien van specialistische jeugdhulp. In Zeeland doen we dat al. Het is wel de vraag of dit voldoende effectief gebeurt. Daarnaast stopt jeugdhulp niet als een jeugdige 18 jaar wordt. We willen ondersteuning bieden aan inwoners van 0-100+. Vanuit dat streven lijkt het logisch om de inkoop van jeugdhulp, BW, MO en VO gezamenlijk op te gaan pakken. Mw. Van Heest licht toe dat de gemeentelijke acties in de Hervormingsagenda Jeugd worden overgenomen in de regiovisie jeugdhulp Zeeland 2023-2028. De dertien Zeeuwse gemeenteraden stellen de regiovisie vast. Vervolgens wordt een uitvoeringsagenda opgesteld. Dhr. Van Eck vraagt naar een overzicht van de verschenen documenten. Mw. Van Heest geeft aan dat de concept Hervormingsagenda Jeugd nog niet openbaar is. Het document mag op verzoek van raadsleden intern worden gedeeld, maar mag nog niet openbaar worden gepubliceerd. Naar verwachting wordt de Hervormingsagenda Jeugd medio juni 2023 vastgesteld door de Vereniging Nederlandse Gemeenten (VNG). 5.

Deelname vanuit gemeenten De voorzitter geeft aan blij te zijn met de betrokkenheid van gemeenteraadsleden bij dit proces. Vanuit de gemeenten Borsele, Goes, Hulst, Kapelle, Reimerswaal, Schouwen-Duiveland en Tholen is één raadslid lid van de raadsklankbordgroep, vanuit de gemeenten Middelburg, Terneuzen en Vlissingen twee of meer. Vanuit de gemeenten Noord-Beveland, Sluis en Veere hebben zich (nog) geen raadsleden aangemeld voor de klankbordgroep. Bij deze gemeenten zullen raadsleden nogmaals worden opgeroepen zich aan te melden. De voorzitter vraagt hoe men erover denkt dat er verschil is in het aantal leden per gemeente. Mw. Haack heeft hier geen bezwaar tegen, mits de klankbordgroep werkbaar blijft. Mw. Koeleman geeft aan dat in de gemeente Borsele is gezegd dat er één raadslid per gemeente kon deelnemen, en een plaatsvervanger bij afwezigheid. Ze stelt voor om vanuit alle gemeenten één raadslid en een plaatsvervanger af te vaardigen om de balans te bewaren. Dhr. Ellen wijst erop dat er geen grens is gesteld aan het aantal raadsleden per gemeente. De voorzitter stelt voor om, in lijn met de reactie van mw. Haack, geen aanpassingen te doen zolang de klankbordgroep werkbaar blijft. Mw. Hoogstraten vult aan dat het juist prettig is om met meerdere raadsleden per gemeente deel te nemen, omdat men dan intern kan overleggen. Dhr.

Hessing geeft aan dat een aantal raadsleden van de gemeente Terneuzen ontevreden is over de bestaande werkwijze binnen de GR’en. Men heeft het gevoel alleen te mogen ‘tekenen bij het kruisje’. Dat is de reden dat er vanuit Terneuzen veel aanmeldingen zijn voor de klankbordgroep. Mw. Corstens vraagt in de raad van de gemeente Goes na of er nog iemand lid wil worden van de klankbordgroep. De voorzitter streeft naar minstens één raadslid per gemeente in de klankbordgroep. Dhr. Van den Berge vult aan dat het doel van de klankbordgroep ook is om niet ieder vanuit diens eigen gemeente te spreken, maar de betrokkenheid vanuit alle dertien Zeeuwse raden te vergroten. Alle raden hebben daar belang bij, ze hebben baat bij de inspanningen van de klankbordgroep. 6. Bespreken afwegingscriteria Dhr. Huisman (Berenschot) geeft een presentatie over het afwegingskader. De PowerPointpresentatie is per e-mail toegestuurd op 17 mei 2023, 9.01 uur.

Dhr. Ellen geeft een aantal opmerkingen mee. 1. Op blz. 2 staat onder ‘Afwegingskader t.b.v. besluitvorming voorkeursvariant’ bij punt 3: “De wegingsfactor, oftewel het relatieve gewicht (zwaarte) van elk afwegingscriterium. De wegingsfactor geeft inzicht in de bestuurlijke prioriteit van elk afwegingscriterium.” Hij stelt voor om ‘bestuurlijke’ tussen haakjes te zetten. Dhr. Huisman past dit aan in de tekst. 2. Komt er een overzicht van de meer en minder relevante afwegingscriteria waarna alle gemeenteraden een voorkeur kunnen uitspreken? Dhr. Huisman licht toe dat het afwegingskader wordt ingevuld door de expertgroep Governance inkoop jeugdhulp, BW, MO, VO onder begeleiding van Berenschot. Het ingevulde afwegingskader wordt door de projectgroep voorzien van een ambtelijk advies. Dat wordt doorgeleid naar de stuurgroep, die het vervolgens doorgeleidt naar het OZOthemaoverleg sociaal domein van 6 juli a.s. Als daar overeenstemming is over een voorkeursscenario, start na de zomer het bestuurlijke besluitvormingsproces in de colleges en raden. Mw. Haack wijst er uit ervaring op dat er een grote kans is dat een raadsbesluit geamendeerd wordt als de raden pas aan het eind van het proces wordt betrokken. Ze stelt voor om een ‘tweetrapsraket’ te hanteren, waarbij het voorstel twee keer aan de raden wordt voorgelegd. Dhr.

Van den Berge licht toe dat de definitieve regeling zal worden vastgesteld door de colleges, omdat inkoop een uitvoerende bevoegdheid is die op grond van artikel 160 van de Gemeentewet bij de colleges ligt. Wel is het zo dat raden op grond van artikel 1 van de Wgr een zienswijze over de ontwerpregeling kunnen indienen. Naar aanleiding van de ontvangen zienswijzen vanuit de raden kan de ontwerpregeling worden aangepast. Vervolgens moeten de raden toestemming verlenen voor het treffen van de regeling. Die toestemming kan overigens alleen worden geweigerd als de regeling in strijd is met het recht of algemeen belang. De voorzitter constateert dat er behoefte is aan het in meerdere stappen komen tot een besluit voor een voorkeursscenario. Dhr. Van den Berge vult aan dat in de raadsklankbordgroep kan worden meegegeven wat de raden belangrijk vinden. Mw. Haack stelt dat het governancemodel an sich minder relevant is. Het gaat erom dat we er gezamenlijk voor zorgen dat de raden voldoende zeggenschap hebben over de GR. Middels de kaderstellende en controlerende rol van de raden willen de raden grip houden op de aan de GR uitbestede taken. Dhr. Van den Berge wijst erop dat de beleidsbepalende bevoegdheid in handen van de raden is en blijft. Zo wordt de regiovisie jeugdhulp Zeeland 2023-2028 vastgesteld door de dertien Zeeuwse raden.

De regiovisie is bepalend voor de uitvoering door de colleges binnen de GR. De raad kan achteraf controleren of het vastgestelde beleid is uitgevoerd. De voorzitter stelt voor om het proces vorm te geven in een tweetrapsraket. Mw. Haack verwacht dat het zeer op prijs wordt gesteld als een constructie wordt bedacht waarbij de raden écht input kunnen geven. 3. Op blz. 6 staat onder ‘Kwaliteit van bestuurlijke besluitvormingsprocessen’ bij de derde bullet iets over de verschillende rollen van een bestuurder. In de gemeente Terneuzen was in de raadsperiode 2018-2022 de ene wethouder inhoudelijk verantwoordelijk voor een taakgebied en de andere bestuurlijk. Deze werkwijze kan bijdragen om de ‘pettenproblematiek’ te verminderen. Dhr. Huisman neemt deze suggestie mee bij het opstellen van de aanbevelingen. 4. Op blz. 7 staat onder ‘Kwaliteit van processen’ iets over de professionalisering bij de inkoop. Hoe groot is de inkoopfunctie bij IJZ nu en hoe groot wordt die als er een gezamenlijke inkooporganisatie komt voor jeugdhulp, BW, MO en VO? En hebben we bij zowel jeugdhulp als BW, MO en VO met dezelfde zorgaanbieders te maken? Als dat niet het geval is, zullen de schaalvoordelen waarschijnlijk gering zijn.

Dhr. Huisman geeft aan dat de expertgroep dit vraagstuk bekijkt. Het zijn inderdaad belangrijke vragen. Dhr. Hessing herhaalt de vragen die hij van tevoren per e-mail heeft ingediend: 1. Op blz. 2 staat bovenaan: “Inkoop van BW, MO en VO ook onder de GR GGD brengen”. Is de GR GGD Zeeland toegerust om deze uitbreiding te implementeren? Wat zijn de sterke en zwakke punten van deze organisatie? Is er dit kader een analyse gemaakt? 2. Op blz. 2 staat onder ‘Afwegingskader t.b.v. besluitvorming voorkeursvariant’: “Hierbij is van belang op te merken dat besloten is om de huidige situatie niet te continueren, met name vanwege de beoogde doorcentralisatie van BW”, maar er zijn geen sterkte-/zwakteanalyses gemaakt van de huidige uitvoerende organisaties. Dhr. Huisman geeft aan dat bij het invullen van het afwegingskader onder andere aan de orde komt wat de consequenties zijn van het weghalen van taken bij de GR GGD Zeeland (of GR SWVO) of van het toevoegen van taken. Dhr. Dieleman vraagt naar aanleiding van de vraag met betrekking tot de huidige situatie of het mogelijk is dat deze met een paar kleine aanpassingen te continueren is? Dus het inkopen van jeugdhulp door IJZ onder de GR GGD Zeeland en het inkopen van BW, MO en VO door het CZW Bureau onder de GR SWVO/centrumgemeente Vlissingen. Dhr.

Huisman licht toe dat de huidige situatie wordt meegenomen in het afwegingskader, maar dat het uitgangspunt is om deze niet te continueren. Ook zal in het adviesrapport worden beschreven hoe de inkoop van jeugdhulp, BW, MO en VO momenteel (juridisch) geregeld is. Mw. Haack stelt dat het uitgangspunt in welke samenwerkingsvorm dan ook moet zijn dat het primaire proces – ondersteuning aan de inwoners die deze nodig hebben – kwalitatief minimaal gelijk moet blijven, maar liever nog moet verbeteren. Wat hebben we nodig om dat doel te bereiken? Dhr. Huisman geeft aan dat dit terugkomt in criterium 5 (Kwaliteit van dienstverlening) en 6 (Kwaliteit van processen). Mw. Haack stelt voor om een aantal ‘kritische afwegingscriteria’ te bepalen: als daarop onvoldoende gescoord wordt bij een van de varianten, valt die variant af. Dhr. Van den Berge wijst erop dat het aan de bestuurders is om de afwegingscriteria te wegen. Dhr. Van Kollem geeft aan dat in de afwegingscriteria geen aandacht wordt besteed aan de gemeentelijke opgaven in de Hervormingsagenda Jeugd, onder andere de verbinding van jeugdhulp met de rest van het sociaal domein. Mw. Van Heest licht toe dat het proces ten aanzien van de governance gaat over het inkopen van (specialistische) jeugdhulp en BW, MO en VO. De verbinding van jeugdhulp met de rest van het sociaal domein gaat over beleidsvorming.

Die is en blijft in handen van de dertien Zeeuwse gemeenten. Binnen het programma ZSSD wordt zoals gezegd op vier pijlers samengewerkt. Daarnaast is er binnen het OZO aandacht voor de verbinding met onder andere de arbeidsmarkt, participatie en woonopgaven. Het beleid wordt in het OZO-themaoverleg sociaal domein afgestemd en vervolgens doorgeleid naar de Zeeuwse colleges en gemeenteraden. Uiteraard heeft beleid wel een nauwe relatie met inkoop. We streven ernaar om zó in te kopen dat de beleidsdoelen behaald worden. Mw. Geluk wijst erop dat het de bedoeling is dat de raadsklankbordgroep nu technisch een standpunt inneemt over de afwegingscriteria. Het voorstel is om een gezamenlijke inkooporganisatie in te richten. Vervolgens kunnen we het hebben over de kwaliteit van de inkoop en voorzieningen. We moeten nu eerst kijken hoe we een en ander willen organiseren en daarna de volgende stappen bepalen.

De voorzitter beaamt dat we nu bezig zijn met een technische exercitie, maar we ontkomen er niet aan om soms iets breder te kijken. Mw. Geluk geeft aan dat het woord ‘governance’ zegt dat we afspraken willen maken over de inrichting van de inkoop van jeugdhulp, BW, MO en VO. We moeten niet te ver op de zaken vooruitlopen en er niet te veel bij willen betrekken. Dhr. Huisman is het daarmee eens en licht toe dat onderscheid gemaakt wordt tussen richten, inrichten en verrichten. We zijn nu bezig met de inrichting. De drie varianten hebben overeenkomsten: het betreft bij alle drie een openbaar lichaam voor beleidsarme, uitvoerende inkoop. Maar er zijn ook verschillen. De bestuurders zullen uiteindelijk de afwegingscriteria wegen. Dhr. Ellen wijst erop dat er landelijk regio’s zijn waar 25 gemeenten in één GR zitten. Zitten daar dan 25 bestuurders in een AB of is dat anders geregeld? Dhr. Huisman zoekt de mogelijkheden uit. 5. Planning vervolgproces en datum volgende bijeenkomst klankbordgroep Annet presenteert de planning tot en met het vaststellen van de definitieve regeling door de colleges in het eerste kwartaal van 2024. De PowerPoint-presentatie is per e-mail toegestuurd op 17 mei 2023, 9.01 uur. Mw. Van Heest vult aan dat het tot 6 juli a.s. gaat om het wegen van de afwegingscriteria.

Wellicht rolt er een logisch voorkeursscenario uit, maar mogelijk zijn er nog verschillen van inzicht. Ze stelt voor om het voorleggen van de ontwerpregeling aan de gemeenteraden te combineren met het voorleggen van de scenario’s. Dhr. Van Eck stelt dat het erom gaat dat de raden meer grip krijgen op de GR. Dat kan door de kaderstelling zelf in handen te nemen. De voorzitter bevestigt dat we op zoek zijn naar een werkwijze waarin de invloed van de raden beter kan gelden. Mw. Haack wijst erop dat het belangrijk is dat in de ontwerpregeling komt te staan op welke manieren de raden invloed kunnen uitoefenen op de GR. Er kan bijvoorbeeld opgenomen worden dat een gemeenschappelijke adviescommissie wordt ingesteld. Dat heeft niet zozeer te maken met de keuze voor een voorkeursscenario. Dhr. Van Eck roept op om zo snel mogelijk van start te gaan. De voorzitter geeft aan dat de planning een richtlijn is. Als het proces moet worden aangepast, dan doen we dat. Maar we willen wel voortgang behouden. Er wordt bekeken of het voorstel van mw. Van Heest meegenomen kan worden. 6. Rondvraag De volgende bijeenkomst vindt plaats op 19 juni a.s., 19.30 – 21.00 uur, fysiek op de locatie boerderij ’t Hof Stenevate, Stenevate 9a, 4451 KB Heinkenszand. 7. Sluiting De voorzitter bedankt de aanwezigen voor hun bijdrage en sluit de vergadering.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/12888446/1