Q&A vragen 3.2 compleet
Tekst van het document
MEMO GRIFFIE AAN
: Raadsleden, collegeleden
DATUM: 19-okt-2023
VAN
: Griffie
Betreft
: Vragen en antwoorden adviesraad (Q&A)
Beste raad- en collegeleden, Voor de commissie Ruimte van 19-okt-2023 zijn ten aanzien van het raadsvoorstel Huisvestingsverordening Vlissingen 2023 de volgende vragen gesteld. De antwoorden staan in de 2e kolom. Fractie CU
Behandeld door wethouder Bertijn
Onderwerp: 3.2 – rvs Huisvestingsverordening Vlissingen 2023 Vraag 1. Buitenlandse studenten vallen volgens de Rijksoverheid onder de categorie van buitenlandse werknemers. a.Waarom wordt noch in het onderzoek van de Stec-groep, noch in de huisvestingsverordening of toelichting ingegaan op de huur door studenten?
Antwoord a) De huisvestingverordening regelt het beperken van het onttrekken van bepaalde woningen in een bepaalde prijsklasse (krapte) die dan gebruikt worden om te splitsen, “verkameren” of als tweede woning. Studenten zijn vaak de “afnemers” van het resultaat van bovenstaande (huurders van kamers e.d.) Het onderzoek richt zich dus niet op doelgroepen, maar op kopers van woningen in die prijsklasse. De visie op studenten huisvesting en de ontwikkeling van de kenniswerf gaat verder in op het huisvesten van studenten op een campus en of beschikbare woningen.
2. Volgens art 12 lid 1 is in Binnenstad en Middengebied verboden woonruimte tot een WOZ-waarde van 355.000 euro toeristisch te verhuren onder een vergunning daarvoor. a.Waarom mogen duurdere woningen in deze gebieden wel zonder vergunning toeristisch verhuurd worden? b. Waarom mogen woningen buiten deze gebieden wel zonder vergunning toeristisch verhuurd worden?
a) De basis van de huisvestingsverordening zit in het regelen van het recht op een evenwichtige en rechtvaardige verdeling van woonruimte, zoals beschreven in de Huisvestingswet 2014. De voorwaarden voor het regelen zijn enkel toegestaan als aangetoond kan worden dat er een schaarste is op de markt van een bepaalde woning in een bepaalde prijsklasse of als aangetoond kan worden dat in een bepaald gebied de leefbaarheid dermate onder druk staat dat hier maatregelen nodig zijn. De schaarste is aangetoond voor woningen in de prijsklasse tot € 355.000. Tien procent (10%) of meer van de totale voorraad in die klasse wordt aangekocht door ‘beleggers”. Deze woningvoorraad is dus minder toegankelijk voor de inwoners die wat betreft inkomen afhankelijk zijn van deze woningvoorraad.. Naast de huisvestingsverordening moet een woningeigenaar zich ook houden aan het bestemmingsplan. Voor recreatieve verhuur is vaak een omgevingsvergunning nodig om af te wijken van het bestemmingsplan. Dit moet per adres worden getoetst. b) Woningen boven de hierboven genoemde prijsklasse worden minder gekocht. Deze woningen zijn dus meer toegankelijk en niet schaars. Daarom geldt de regeling niet voor deze klasse en wel voor die van € 355.000
en lager. Ook hier geldt dat tevens afstemming moet worden gezocht met het bestemmingsplan. 3. Volgens art 13 lid 2 moet een vergunning worden geweigerd als het maximum (art, 12, 2e lid) bereikt is. a. Wordt dit op volgorde van binnenkomst aanvraag bepaald? b. Moeten deze vergunningen jaarlijks worden aangevraagd en zo ja wordt dan jaarlijks beoordeeld wie binnen het quotum valt?
a) De aanvragen worden op volgorde van binnenkomst behandeld. b) De vergunningen zijn persoonsgebonden en blijven geldig zolang die persoon die bepaalde woning bezit en voor het doel gebruikt waar de vergunning voor is.
4. In de toelichting op pagina 5 wordt verwezen naar de datum inwerkingtreding van het Wetsvoorstel Wet goed verhuurschap “vermoedelijk per 1 juli 2023” Uit deze passage blijkt dat de toelichting gedateerd is. a. Graag een actualisatie.
a) De wet is ingegaan op 1 juli 2023 en gemeenten hebben de tijd tot 1 jan 2024 om het meldpunt in te richten en de handhaving te organiseren.
5. Bij de ontheffingsregeling internationale werknemers (zie toelichting blz 6) gaat u er vam uit dat een verhuurder inzicht heeft in de vraag of de huurder (i.c. Internationale werknemer) zich in laat schrijven in de gemeente. a. Kan een verhuurder inzicht krijgen in het GBA om te zien of de huurder daadwerkelijk is ingeschreven? b. Hoe verhoudt zich dit vraagstuk ten aanzien van de privacy (wetgeving) voor de huurder?
a) Op de website van de gemeente Vlissingen (Verhuizing, vanuit het buitenland | Vlissingen ) staat op regel 1 het volgende :“Komt u uit het buitenland en wilt u (opnieuw) in Nederland gaan wonen voor een langere periode dan 4 maanden? Dan moet u binnen 5 dagen na aankomst persoonlijk aangifte doen bij de gemeente”.In de omzettingsvergunning is de verplichting opgenomen dat er per kwartaal een bewonerslijst moet worden aangeleverd. Tijdens controles van veligheid en handhaving wijzen wij bewoners op de regelgeving. Er is dus geen noodzaak inzicht te geven in het GBA en de verantwoordelijkheid voor het inschrijven ligt bij de werknemer en de werkgever die de werknemer dient te informeren.
Fractie PSR
Behandeld door wethouder Bertijn
Onderwerp: 3.2 – rvs Huisvestingsverordening Vlissingen 2023 Vraag In het coalitie akkoord staat: We gaan zorgen voor voldoende huur en koopwoningen, daarvoor: Gebruiken we de wettelijke mogelijkheden om woningen beschikbaar te stellen aan (jonge) inwoners met een sociale en/of economische binding aan Vlissingen. Minimaal 25% van alle koop- en huurwoningen stellen we beschikbaar voor (jonge) inwoners die sociaal en/of economisch verbonden zijn aan Vlissingen, Souburg en/of Ritthem. We regelen dit via de huisvestingsverordening. Waar / hoe is dit verwerkt in de voorliggende huisvestingsverordening?
Antwoord De huisvestingverordening regelt het beperken van het onttrekken van bepaalde koopwoningen in een bepaalde prijsklasse (krapte) aan de “reguliere” woningmarkt. Deze “schaarste” is aangetoond voor woningen in de prijsklasse tot € 355.000. Door de aankoop te beperken kunnen wij reguleren dat niet meer dan tien procent (10%) van deze van de totale voorraad in die klasse wordt aangekocht door ‘beleggers”. Zo bieden wij deze doelgroep meer mogelijkheid om een dergelijke woning te kunnen kopen. In goedkope, sociale huurwoningen moeten huurders met lagere inkomens kunnen wonen.. Soms gebeurt dit met een huisvestingsvergunning. Dit gaat dus voornamelijk om mensen die buiten de regio en of gemeente wonen en daar willen komen wonen. In Vlissingen hebben de twee corporaties het merendeel van de goedkope huurwoningen in bezit en zij hebben
data die uitwijzen dat meer dan 70% van de toewijzingen van huurwoningen in Vlissingen ook aan inwoners van Vlissingen wordt gedaan. Er is dus nu geen noodzaak voor het instellen van een huisvestingsvergunning. Het is ook nog zo dat dat instellen een belangrijke inbreuk doet op de beschikbare capaciteit binnen de gemeente.