Inkomend - Unicef - Rapport 100 bezoeken opvang
Tekst van het document
100 bezoeken aan de (nood)opvang voor Oekraïners en asielzoekers
© UNICEF Nederland
HOE GAAT HET MET DE KINDEREN?
Inhoudsopgave Voorwoord ................................................................................ 3 Inleiding .................................................................................... 4 1. Kindvriendelijke ruimte ......................................................... 6 2. Tijdelijkheid opvanglocaties ................................................. 8 3. Mentaal welzijn en zorg ..................................................... 10 4. Onderwijs ........................................................................... 12 5. Sport en spel ...................................................................... 14 6. Participatie .......................................................................... 16
© Pexels.com
7. Algemene constateringen en aanbevelingen ................... 18
Voorwoord Voor u liggen de bevindingen van 100 bezoeken van UNICEF Nederland aan 100 verschillende noodopvanglocaties in Nederland, waar Oekraïense vluchtelingen of asielzoekers en statushouders verblijven. Honderd bezoeken aan zeer uiteenlopende locaties. Niemand wil dat kinderen in een (grootschalige) noodopvang moeten verblijven. Het komt hun psychosociale welzijn en bredere ontwikkeling niet ten goede. Helaas is de werkelijkheid op dit moment niet anders. Daarom is het onze ambitie om te zorgen dat de noodopvang in Nederland zo kindvriendelijk mogelijk is en dat er - waar mogelijk - een kindvriendelijke ruimte is. In zo’n ruimte kunnen kinderen in de leeftijd van 4-12 jaar onder begeleiding van getrainde vrijwilligers zich even helemaal kind voelen. We zijn verheugd over het feit dat er veel vraag is naar onze ondersteuning om de opvang kindvriendelijker te maken en dat de kindvriendelijke ruimte werkt om kinderen de rust en veiligheid te bieden om tot spel te komen, een belangrijk onderdeel van hun ontwikkeling. Het biedt een moment van verlichting in het leven van een kind, dat al meer heeft meegemaakt dan je kinderen toewenst. Om het leven van asielzoekers en Oekraïense vluchtelingen, en specifiek de kinderen, in de opvang zo aangenaam mogelijk te maken delen we de mooie voorbeelden met iedereen die betrokken is bij de opvang.
Zie voorliggend document dan ook vooral als een inspiratiedocument.
Nicoline Mascini, projectleider kindvriendelijke opvang © UNICEF Nederland
Lindy Laagewaard, programmamanager kindvriendelijke opvang
Hoe gaat het met de kinderen? UNICEF Nederland | 3
Inleiding Sinds het najaar van 2021 hebben we te maken met (crisis)noodopvanglocaties in Nederland. De reguliere opvang biedt onvoldoende plek voor het aantal asielzoekers dat zich in Nederland meldt. Het systeem zit aan haar grens en doorstroom gaat uiterst traag. Er zijn onvoldoende woningen beschikbaar in Nederland. Daar bovenop komt dat de doorlooptijd van de beslissing op asielaanvragen bij de IND in tien jaar tijd is verdrievoudigd. Daardoor verblijven mensen die asiel aanvragen en statushouders steeds langer in de opvang. Daarnaast zijn we in februari 2022 geconfronteerd met een oorlog in Oekraïne. Als gevolg van de oorlog verblijven momenteel 91.930 Oekraïense ontheemden in Nederland, waaronder zo’n 30.000 kinderen. Anders dan kinderen op de vlucht uit andere landen, waarvan er 3.201 (COA, maart 2023) in de noodopvang in Nederland verblijven, krijgen kinderen uit Oekraïne opvang via de gemeente of veiligheidsregio en worden zij niet in een asielzoekerscentrum onder de verantwoordelijkheid van Centraal Orgaan opvang Asielzoekers (COA) opgevangen.
Inmiddels zijn er honderd locaties bezocht, waaronder 68 gemeentelijke opvang voor Oekraïners en 32 gemeentelijke (crisis)noodopvang en COA-noodopvanglocaties voor asielzoekers en statushouders. We denken mee over de kindvriendelijkheid van de locatie. Op 40 locaties is inmiddels door lokale organisaties een kindvriendelijke ruimte gestart. Op 7 locaties zijn - door sluiting van de opvang - die 7 kindvriendelijke ruimtes weer weg.
© Gemeente Gouda
Om de opvang voor zowel Oekraïense vluchtelingen als asielzoekers te organiseren, worden vaak tijdelijke en grootschalige opvanglocaties ingezet. Hier verblijven ook gezinnen met kinderen. Dit baart UNICEF Nederland zorgen: een noodopvang is geen passende oplossing voor kinderen. Om verbetering van de huidige situatie voor kinderen in de opvang te realiseren, ondersteunt UNICEF Nederland sinds februari 2022 (nood)opvanglocaties bij het zo kindvriendelijk mogelijk maken van de opvang en, indien mogelijk, een kindvriendelijke ruimte op te zetten.
Hoe gaat het met de kinderen? UNICEF Nederland | 4
Inleiding
Wat doet UNICEF? Bij de bezoeken aan opvanglocaties wordt het VN-Kinderrechtenverdrag als leidraad aangehouden, waarin staat dat we kinderen op de vlucht extra moeten beschermen. In onze bezoeken betekent dit dat er wordt gekeken naar de kindvriendelijkheid van de locatie. Zo wordt er nagegaan of er een Contactpersoon Kind (CPK) aanwezig is, of alle kinderen naar school gaan, of er activiteiten voor de kinderen zijn, of de locatie veilig is voor kinderen en of kinderen en jongeren participeren. Op verzoek denkt UNICEF mee over de mogelijkheid om op locatie een kindvriendelijke ruimte te starten door een lokale welzijns- of vrijwilligersorganisatie. UNICEF adviseert daarbij over de inrichting van de ruimte en traint de vrijwillige begeleiders onder andere op het gebied van cultuursensitief werken en de veiligheid van het kind (Child Safeguarding). Met deze bezoeken heeft UNICEF een uniek inkijkje gekregen in de noodopvang en hebben we veel kennis en ervaring opgedaan. UNICEF richt zich vooral op de situatie van de kinderen, maar het welzijn van de ouders vormt daarbij een belangrijk onderdeel. De belangrijkste vraag die we stellen is: “Hoe gaat het met de kinderen?”. Met de opgedane kennis worden verbindingen gelegd tussen gemeenten en locaties met als doel ervaringen uit te wisselen en van elkaar te leren.
Locatiemedewerkers geven aan het fijn te vinden dat ze niet alleen staan en waarderen dat zij oplossingen van UNICEF of van andere locaties meekrijgen. Verantwoordelijken vanuit de gemeenten zijn verheugd dat ze niet het wiel opnieuw hoeven uitvinden en meteen mee kunnen liften op de ervaringen van andere gemeenten. Daarnaast koppelen we indien nodig partnerorganisaties aan de locaties om hulp te bieden die wij niet kunnen bieden.
Leeswijzer Dit document geeft inzicht in onze observaties tijdens locatiebezoeken en in de gesprekken met medewerkers van gemeenten, van locaties en van welzijnsen vrijwilligersorganisaties. Dit geeft een goed beeld van de huidige situatie in verschillende locaties, maar is niet representatief voor alle noodopvanglocaties in Nederland. Het merendeel van de bevindingen gaat over de vluchtelingenopvang in brede zin, vanwege de vele overeenkomsten tussen de opvang van asielzoekers en Oekraïense vluchtelingen. Natuurlijk zijn er ook verschillen. Waar nodig benoemen we dit specifiek. Er is voor gekozen om bij de voorbeelden en verhalen geen gemeentenamen te noemen. Dit hebben we gedaan omdat in een aantal gevallen de voorbeelden en verhalen van contactpersonen zijn, die niet meer werkzaam zijn binnen de locatie of gemeente of hebben gewerkt bij een locatie die reeds gesloten is. Om de identiteit van de kinderen te beschermen, zijn bij de persoonlijke voorbeelden de namen van kinderen gefingeerd. Onze bevindingen starten we met het concept kindvriendelijke ruimte. Daarna wordt ingegaan op de tijdelijkheid van de opvang en wat dit betekent voor het mentaal welzijn en de toegang tot zorg en onderwijs voor kinderen. Vervolgens komen de thema’s sport en spel, de betrokkenheid van bewoners, inclusief jongeren en kinderen en omwonenden bij de opvang aan de orde.
En wordt afgesloten met algemene aanbevelingen.
Hoe gaat het met de kinderen? UNICEF Nederland | 5
1. Kindvriendelijke ruimte
1. Kindvriendelijke ruimte Kindvriendelijke ruimte is de letterlijke vertaling van Child Friendly Space, een concept dat wereldwijd in vluchtelingensituaties wordt aangeboden aan kinderen om even helemaal kind te kunnen zijn. Het is niet zomaar een plek waar kinderen spelen. Door op vaste tijden met een vast team van getrainde begeleiders te werken in een vertrouwde en veilige omgeving met een gestructureerd aanbod van activiteiten, wordt een veilige situatie gecreëerd, wat in het belang van het psychosociaal welzijn van het kind is. Afhankelijk van het aantal vrijwilligers zijn er in de kindvriendelijke ruimtes in Nederland een paar speelsessies per week voor kinderen in de leeftijd van 4-12 jaar. Sessies duren maximaal twee uur. Aanwezigheid van de kinderen is uiteraard niet verplicht maar ervaring leert dat kinderen graag tot het einde blijven. In de kindvriendelijke ruimte hebben kinderen zelf de vrijheid om te kiezen waarmee ze willen spelen. Door de continuïteit in spel en aandacht leren de vrijwilligers de kinderen kennen. Zij houden hun ontwikkeling in de gaten en signaleren eventueel opmerkelijk gedrag. Zij geven deze signalen door aan de woonbegeleiders zodat deze gesprekken met ouders en kinderen kunnen voeren en indien nodig kunnen doorverwijzen naar gespecialiseerde zorgverleners.
Een kindvriendelijke ruimte bestaat meestal uit een huis/ keukenhoek, bouwhoek, knutselhoek en chill hoek.
© Gemeente Amersfoort
Zelfs als een opvang maar een paar maanden open is, is er met een kindvriendelijke ruimte al een groot verschil te maken voor een kind. Het biedt kinderen een eigen plek om heen te gaan, het geeft rust en regelmaat waardoor ze zelfs in een korte periode de kans krijgen even los te zijn van de zorgen van hun ouders en kind te kunnen zijn.
Hoe gaat het met de kinderen? UNICEF Nederland | 6
1. Kindvriendelijke ruimte
Boris (11 jaar) en Luka (8 jaar) zijn broertjes. Ze delen met hun ouders een kleine kamer in de opvang. Boris is een rustige jongen en Luka behoorlijk druk. Het is opvallend hoe Boris in de kindvriendelijke ruimte graag afstand neemt van zijn broertje. Waar Luka druk is met bouwen en praten met allemaal kinderen om hem heen trekt Boris zich terug en gaat lekker op de bank een boekje lezen.
Wij zijn op dit moment betrokken bij 4 kindvriendelijke ruimtes in zowel opvanglocaties voor Oekraïense vluchtelingen als voor asielzoekers. De verbinding die de kindvriendelijke ruimte brengt tussen de vrijwilligers en de kinderen maar ook met de ouders en de locatiemedewerkers is heel bijzonder. Gelukkig staan er nog andere locaties op de planning, zelfs buiten de regiogrenzen. Wij krijgen er heel veel energie van. Het opzetten is iedere keer weer een uitdaging en vraagt maatwerk, maar het levert ook veel op. Valerie Spijkers, coördinator opvoeden en kindvriendelijke speelruimtes Lilja van Himbergen, afdelingscoördinator - Humanitas Den Bosch Meer lezen over de kindvriendelijke aanpak van Humanitas Den Bosch? Kijk dan hier.
© KLIK Gorinchem
“Gisteren kwam ik even kijken bij de kindvriendelijke ruimte. De kinderen die er waren, zaten zo fijn te spelen in de verschillende hoeken. Er was rust, veiligheid en plezier. Het deed me goed om te zien hoever we zijn gekomen met de tijd en middelen die we hebben. Mijn complimenten aan jullie.” Woonbegeleider aan de vrijwilligers van een kindvriendelijke ruimte.
Hoe gaat het met de kinderen? UNICEF Nederland | 7
2. Tijdelijkheid opvanglocaties
2. Tijdelijkheid opvanglocaties
Kinderrecht 22 Ieder kind op de vlucht heeft recht op bescherming.
De tijdelijkheid van opvanglocaties baart ons zorgen; het zorgt voor onzekerheid bij bewoners, geen vaste toegang tot zorg en onderwijs en zorgt daarnaast voor vertrek van personeel. In sommige gemeenten werken medewerkers van de gemeente zelf in de opvang. In andere gemeenten zijn welzijnsorganisaties of andere partijen gevraagd om namens de gemeente de opvang te organiseren. We merken dat het voordeel van de betrokkenheid van een welzijns- of vrijwilligersorganisatie is dat zij toegang hebben tot vrijwilligers, die onder andere extra (kind)activiteiten kunnen organiseren voor de bewoners van de locatie. Ook in het geval van het opstarten van een kindvriendelijke ruimte is het prettig om al vrijwilligers betrokken te hebben en een coördinator te hebben die de vrijwilligers begeleidt. We zien dat onzekerheid over kunnen blijven of moeten verhuizen direct effect heeft op de bewoners van de opvang. Zodra bekend is dat er verhuisd moet worden, ontstaat bij de bewoners stress en onrust, ook bij de kinderen. Het valt ons op dat vaak op het laatste moment pas besloten wordt of er alsnog verlengd kan worden. Bij een noodopvanglocatie die zou gaan sluiten, was de onrust voor niets: op het laatste moment mocht de locatie toch nog een jaar openblijven.
In het merendeel van de gevallen verhuizen Oekraïense vluchtelingen binnen de gemeente en kunnen de kinderen op dezelfde school blijven. Helaas is dit vaak niet het geval voor asielzoekerskinderen: zij moeten zich op een nieuwe plek hechten, in een nieuwe omgeving, met een nieuwe school en nieuwe kinderen. Soms is er zelfs bij de nieuwe locatie geen school in de buurt en zitten deze kinderen maandenlang zonder onderwijs, terwijl zij dat op de oude locatie wel hadden. Ook mist er vaak een warme overdracht van de ene school naar de andere school (en van de ene zorgverlener naar de andere) waardoor er geen maatwerk is. Dit vraagt veel van de veerkracht van kinderen. We weten dat veelvuldig verhuizen schadelijk is voor de ontwikkeling van kinderen. De enorme hoeveelheid verhuizingen van asielzoekers binnen de asielprocedure zien wij als onnodig en heeft een flinke impact op het mentaal welzijn van ouders en kinderen. Het soms plotselinge vertrek van asielzoekerskinderen naar een nieuwe locatie heeft een behoorlijke impact op deze kinderen omdat ze vaak geen afscheid hebben kunnen nemen van vriendjes, klasgenoten, locatiemedewerkers en de vrijwillige begeleiders van de kindvriendelijke ruimte waar ze een band mee hebben opgebouwd.
Hoe gaat het met de kinderen? UNICEF Nederland | 8
2. Tijdelijkheid opvanglocaties
Voorbeelden en verhalen • We horen dat COA in overleg met gemeenten op meerdere locaties noodopvang probeert aan te passen naar een asielzoekerscentrum (azc). Hierdoor worden er meer stabiele, duurzame opvangplekken gecreëerd en zal (crisis)noodopvang hopelijk in de toekomst minder nodig zijn.
We zijn de locatie gestart vanuit het idee dat we maximaal een jaar Oekraïense vluchtelingen zouden opvangen. Vanuit dat perspectief zijn keukenblokken en douchecabines geplaatst. Prima te doen voor een jaar verblijf. Maar als je vervolgens een taakstellingsverhoging krijgt en geen zicht op het einde van de oorlog hebt, wordt het ingewikkeld. De leefbaarheid houdt op een gegeven ogenblik op als tijdelijkheid geen tijdelijkheid blijkt te zijn.
• We zien dat gemeenten proberen meer zelfstandige wooneenheden te creëren voor statushouders en Oekraïense vluchtelingen. • Het lukt het COA om af en toe een noodopvanglocatie toch minimaal een jaar langer open te houden. Dit zorgt voor rust en structuur op een locatie. Kinderen kunnen op school blijven, enthousiaste vrijwilligers kunnen actief blijven en de kindvriendelijke ruimte blijft open.
Loes Glas, projectleider opvang Oekraïne - Gemeente Gouda
• Op een van de locaties merken we aan het gedrag van de kinderen in de kindvriendelijke ruimte de impact van een toekomstige sluiting van de locatie. Kinderen die normaal rustig zijn, zijn nu onrustig en gestrest. De vrijwilligers bespreken dit met de woonbegeleiders die het meenemen in gesprekken met ouders en kinderen.
Meer lezen over de kindvriendelijke aanpak van gemeente Gouda? Kijk dan hier.
• Diverse locaties lopen tegen het einde van het huurcontract. Gelukkig zien we dat bij een verhuizing van zo’n locatie alle aspecten van kindvriendelijkheid, inclusief een nieuwe kindvriendelijke ruimte, op de nieuwe locatie meteen een plek krijgen.
• Tijdens een bezoek aan een crisisnoodopvang hangt er, ondanks de gebrekkige faciliteiten, toch een goede sfeer. Het is dan ook mooi weer en bijna iedereen is buiten met elkaar aan het praten en voetballen. Ook de beveiligers doen mee.
© Gemeente Gouda
• Soms kan een verhuizing mensen blij maken. Tijdens een bezoek aan een noodopvanglocatie voor asielzoekers, die net verhuisd zijn van een locatie met catering naar een locatie met eigen keukens, zijn de bewoners zo enthousiast dat zij zelf kunnen koken dat er gelijk een feestmaal wordt georganiseerd.
Hoe gaat het met de kinderen? UNICEF Nederland | 9
3. Mentaal welzijn en zorg
3. Mentaal welzijn en zorg
Kinderrecht 24 Ieder kind moet gezond kunnen opgroeien en heeft recht op goede zorg. We zien dat de onzekerheid over de toekomst en over het welzijn van familie die is achtergebleven spanning en zorgen oplevert. Iedereen begrijpt dat vluchten uit je eigen land impact heeft op je mentale welzijn. De manier waarop ouders met deze situatie omgaan, heeft veel invloed op de impact op kinderen. Door het lange verblijf in de (nood)opvang van zowel asielzoekers als Oekraïense vluchtelingen groeit de behoefte aan privacy. Er zijn nog steeds locaties waar slaapkamers niet afgesloten kunnen worden en gedeeld moeten worden met meerdere mensen en/of gezinnen. Dit heeft een enorme impact op het mentaal welzijn van de bewoners. Ouders maken zich zorgen over hun kinderen, die niet kunnen slapen door gebrek aan rust en stilte. In veel landen is medische zorg anders geregeld dan hier. Er wordt vaak sneller medicatie gegeven. We horen dit terug tijdens onze bezoeken. Bij zowel asielzoekers als Oekraïners is men verbaasd als de dokter enkel rust en uitzieken als advies meegeeft in plaats van verschillende medicijnen om de kwaal op te lossen. Medewerkers van de locaties merken dat dit stress en onzekerheid kan opleveren, vooral bij ouders van jonge kinderen.
Het blijkt dat Oekraïners niet snel durven aankloppen voor hulp, omdat er in Oekraïne weinig vertrouwen is in de gezondheidszorg. De mening heerst dat het wel heel slecht met je moet gaan voordat je naar een psycholoog of maatschappelijk werker gaat. Naast depressiviteit binnen de asielopvang door de onzekere toekomst en het niet mogen werken, constateren steeds meer locatiemedewerkers van Oekraïense opvang ook depressiviteit onder Oekraïense (jong)volwassenen. Dit komt door de uitzichtloosheid van de oorlog. Depressiviteit van ouders heeft natuurlijk direct impact op het welzijn van kinderen. Door deze constateringen zijn er ook zorgen over het welzijn van de Oekraïense vluchtelingen, en specifiek kinderen, in de particuliere opvang (gastgezin), waar vaak minder zicht op is. Voor het algemene welzijn van de bewoners, zien we dat een eigen keuken of kookfaciliteiten belangrijk is. Dit zorgt voor afleiding, een bezigheid gedurende de dag en het allerbelangrijkste is dat ouders eten kunnen klaarmaken dat de kinderen lekker vinden en dus eten. Zo krijgen we soms signalen over kinderen die te weinig eten omdat ze het eten van de cateraar niet herkennen.
Op sommige locaties wordt veel aandacht besteed aan het welzijn van de bewoners door bijvoorbeeld de inzet van een zorgteam. Op andere locaties ontbreekt het aan tijd en menskracht en is geen duidelijk beeld hoe het met de bewoners gaat. Bij zowel de Oekraïense opvang als de asielopvang merken we dat locatiemedewerkers die inmiddels langere tijd optrekken met de bewoners, zorgen hebben over wat er zich achter gesloten deuren afspeelt. Hoe gaat het met de kinderen? UNICEF Nederland | 10
3. Mentaal welzijn en zorg
Voorbeelden en verhalen • Zodra vluchtelingen in Nederland onderdak hebben, is er in eerste instantie rust. Ze zijn veilig. We horen op veel locaties dat deze rust maar van korte duur is. Er ontstaat verveling doordat er geen toegang tot school is of er niet gewerkt kan worden. We zien daardoor dat veel locaties activiteiten aanbieden. Ook merken we dat er ruimtes beschikbaar worden gesteld voor activiteiten of om doelgroepen een eigen plek te geven, zoals kinderen, jongeren en vrouwen. Wij zien dit als een positieve verschuiving van denken in kwantiteit naar werken aan kwaliteit. • Een gemeente heeft er bewust voor gekozen om een zorgteam permanent in de opvang te laten werken. Het zorgteam bestaat uit psychologen, jobcoaches en maatschappelijk werkers, die een achtergrond hebben in de ondersteuning van gezin en kind, waardoor er goede ondersteuning is voor het mentale welzijn van de bewoners, inclusief de kinderen. • Gelukkig zien we steeds meer locaties waar gezinnen een eigen kamer hebben en dat bedden die overblijven in de kamer niet opgevuld worden met mensen van buiten het gezin. Er wordt bewust gekozen voor ‘snijverlies’ om meer privacy te creëren. Een gezin van drie personen krijgt bijvoorbeeld een 4-persoonskamer. • Een locatiemanager vertelde dat ze zogenaamde ‘keukentafel-gesprekken’ voert met elke bewoner in aanwezigheid van een tolk.
Dit om op een zo laagdrempelig mogelijke manier in contact te komen met de bewoners en te horen hoe het nu echt met ze gaat. Door deze gesprekken lukt het om eventuele verdere hulp te bieden of actie te ondernemen bij acute zaken zoals huiselijk geweld.
Maya (6 jaar) is een trouwe bezoeker van de kindvriendelijke ruimte. Ze is altijd blij en opgewekt. Tot het moment waarop ze plotseling moet huilen. Een begeleider gaat naast haar zitten om te laten weten dat ze er voor haar is. Maya stopt met huilen, legt haar hoofd op de schouder van de begeleider en vertelt dat ze een nachtmerrie heeft gehad. Ze heeft gedroomd dat ook haar moeder moet gaan vechten in de oorlog en is daardoor bang alleen achter te blijven.
Van het begin af aan hebben wij binnen de opvang de focus gelegd op een integraal team gericht op locatiebeheer én sociaal beheer. We wisten dat we een gezinslocatie zouden worden, dus we hebben ons meer gericht op kind & gezin. Want de problemen die al in Oekraïne spelen, verhuizen mee naar Nederland. Wij hebben onder andere twee maatschappelijk werkers met een achtergrond in de ondersteuning van kind en gezin en we hebben een psychologe die afkomstig is uit Oekraïne. Dezelfde taal spreken werkt enorm drempelverlagend; zeker bij psychische problemen. Rosanne van de Poppe, projectleider Oekraïne - Gemeente Edam-Volendam
Zhora (10 jaar) komt erg graag naar de kindvriendelijke ruimte. Zij is met haar moeder gevlucht uit Oekraïne. Van de moeder is bekend dat ze veel huilt door de zorgen over haar man, die aan het vechten is in Oekraïne. De moeder ligt hele dagen op bed. Zhora kan in de kindvriendelijke ruimte even afstand nemen van de situatie van haar moeder.
Meer lezen over de kindvriendelijke aanpak van gemeente Edam-Volendam? Kijk dan hier.
Hoe gaat het met de kinderen? UNICEF Nederland | 11
4. Onderwijs
4. Onderwijs
Kinderrecht 28 Ieder kind heeft recht op onderwijs.
We merken in verschillende gemeenten dat het niet haalbaar is om naast het aanbieden van opvang aan gezinnen ook onderwijs voor de kinderen tijdig geregeld te krijgen. Kinderen hebben het recht om binnen drie maanden onderwijs te krijgen nadat zij een land zijn binnengekomen, maar momenteel is het een flinke uitdaging om dit voor alle kinderen te realiseren. Helaas worden op bijna alle Internationale Schakelklassen voor het voortgezet onderwijs (ISK’s, VO) kinderen op de wachtlijst geplaatst in verband met personeelstekorten. Een aantal ISK’s heeft zelfs een aanmeldstop ingesteld. LOWAN – de organisatie die scholen ondersteunt die het Eerste Opvangonderwijs aan nieuwkomers verzorgen - schat in dat zeker 2.000 kinderen in de VO-leeftijd (12-18 jaar) geen onderwijs krijgen. Een aantal locaties waar dit speelt zorgt dat er voorlopig geen gezinnen met middelbare scholieren binnenkomen. Ook voor kinderen in de basisschoolleeftijd (PO) kan onderwijs niet altijd georganiseerd worden. Voor de zomervakantie van 2022 was er veel verzuim van Oekraïense kinderen op de Nederlandse scholen. De kinderen waren vaak nog in de overtuiging na de zomervakantie weer in Oekraïne naar school te gaan, dus het leren van de Nederlandse taal en naar school gaan werd als niet noodzakelijk ervaren. Een aantal kinderen bleef alleen online onderwijs volgen van hun school in Oekraïne.
In sommige gemeenten hebben leerplichtambtenaren dit in eerste instantie gedoogd.
Sinds de zomervakantie is het verzuim een stuk lager. Toch volgen opvallend veel Oekraïense middelbare scholieren naast het onderwijs in Nederland ook nog steeds online les van hun Oekraïense school. Aan de ene kant willen ze graag terugkeren naar Oekraïne en dus de school daar afgemaakt hebben. Tegelijkertijd zijn ze verplicht om hier onderwijs te volgen. Daarnaast is de middelbare school in Oekraïne tot 16 jaar en kun je daarna doorstromen naar vervolgonderwijs. Locatiemedewerkers maken zich soms zorgen om deze kinderen, die alleen maar aan het leren zijn. Een andere constatering is dat Oekraïense kinderen ten opzichte van asielzoekerskinderen minder snel Nederlands spreken. Een logische verklaring is dat zij in een opvang verblijven en in een schoolklas zitten met enkel Oekraïners. Soms is er ook nog een Oekraïense klasse-assistent waardoor er weinig momenten zijn waarop ze uitgedaagd worden om Nederlands te spreken. Dit in tegenstelling tot asielzoekerskinderen die met verschillende nationaliteiten wonen in de opvang en op school worden gestimuleerd Nederlands te spreken. We horen dat scholen waar Oekraïense kinderen in de klas zitten met anderstaligen dit sneller leidt tot beter begrip van de Nederlandse taal.
Hoe gaat het met de kinderen? UNICEF Nederland | 12
4. Onderwijs
Voorbeelden en verhalen • Een aantal locaties, waar kinderen verblijven die (nog) niet naar school kunnen, geeft de kinderen een dagbesteding door sessies in de kindvriendelijke ruimte te bieden of Nederlandse taalles te geven. Als noodgreep ontstaat ook steeds vaker een tijdelijke onderwijsvoorziening (tov). Deze tov biedt een mix van Nederlands onderwijs en sport en onderwijs van de eigen taal. • We horen steeds vaker dat regionale overleggen op het gebied van onderwijs georganiseerd worden om oplossingsrichtingen te bespreken. In zo’n regionaal overleg of regionale stuurgroep zitten beleidsmedewerkers van gemeenten, een directeur van een nieuwkomersschool/ISK en bestuurders van verschillende onderwijsbesturen. In deze overleggen wordt gezamenlijk naar oplossingen gezocht als bijvoorbeeld een ISK vol zit. • In sommige regio’s zitten alle betrokkenen van de opvanglocaties voor Oekraïense vluchtelingen met elkaar in een app-groep zodat snelle uitwisseling mogelijk is. Zo worden gezinnen met complexere problematiek soms verhuisd naar een andere locatie die passender is of wordt een gezin met een kind dat speciaal onderwijs nodig heeft soms verhuisd naar een gemeente waar dit beschikbaar is voor dit kind. • Een noodopvanglocatie heeft te maken gehad met lange wachtlijsten voor kinderen om onderwijs te volgen.
Daardoor was een grote groep jonge kinderen de hele dag en zonder toezicht op de locatie. Uit verveling werd er onder andere gespeeld met het brandalarm en de liften. Samen met gemeente, COA en een lokale vrijwilligersorganisatie hebben we een kindvriendelijke ruimte ingericht waar de kinderen in ieder geval twee keer per week onder toezicht van vrijwilligers kunnen spelen. • De vrijwillige begeleiders van een kindvriendelijke ruimte in een asielzoekersnoodopvang zijn onder de indruk dat de kinderen zich al behoorlijk in het Nederlands verstaanbaar kunnen maken. Al blijft het soms een uitdaging elkaar te begrijpen; zo zegt David (8 jaar) steeds ‘joef’ tegen de begeleidsters in de kindvriendelijke ruimte. Het duurt even voordat ze door hebben dat hij ze met ‘juf’ aanspreekt.
Emine (10 jaar) wil in de kring in de kindvriendelijke ruimte graag laten zien wat ze op school geleerd heeft. Samen met haar vriendinnetje Fatma (10 jaar) zingt ze een liedje waar een handenklapspelletje bij hoort. De begeleiders vragen of ze het aan de andere kinderen en de begeleiders willen leren. Er ontstaat veel vrolijkheid en gelach omdat de begeleiders het een flinke uitdaging vinden om het onder de knie te krijgen.
Onderwijs is echt cruciaal in het leven en de ontwikkeling van deze kinderen. Er moet een goede communicatie zijn tussen het COA en de gemeente voor wat betreft school. Als er wachtlijsten zijn door gebrek aan bijvoorbeeld leerkrachten, dan is mijn advies uit te wijken naar creatieve andere oplossingen. Uiteraard moet er een structurele oplossing komen in het onderwijs om plek te creëren voor alle kinderen. Geen school is echt geen oplossing. De discussie over kwaliteit van onderwijs daar hebben de kinderen en hun ouders op zo’n moment geen boodschap aan. En is alleen maar ten nadele van een goede start en verdere ontwikkeling van de kinderen. Jane Johannes, programmabegeleider - COA Amsterdam Zuidoost
Meer lezen over de kindvriendelijke aanpak van COA Amsterdam Zuidoost? Kijk dan hier.
Hoe gaat het met de kinderen? UNICEF Nederland | 13
5. Sport en spel
5. Sport en spel
Kinderrecht 31 Ieder kind heeft recht op rust en vrije tijd. In zijn vrije tijd moet een kind kunnen spelen. We horen op heel veel locaties dat speelgoed dat aangeboden wordt in een openbare ruimte verdwijnt, kapot wordt gemaakt of in puinhoop wordt achtergelaten. We horen ook dat ouders weinig ingrijpen als kinderen wangedrag vertonen. We merken dat dit alleen al vaak een reden is voor een locatie om contact met ons op te nemen om de mogelijkheden van een kindvriendelijke ruimte te onderzoeken. Ook horen we veel dat er weinig spelinteractie is tussen ouders en kinderen. De kinderen moeten zich vaak zelf zien te vermaken. Jonge kinderen zijn regelmatig tot ‘s avonds laat op en hangen rond in de gemeenschappelijke ruimtes.
Gelukkig zijn er ook kinderen die wel lid worden van lokale sportclubs. Sommige kinderen sluiten vriendschappen met kinderen uit de buurt. Toch blijven dit wel uitzonderingen, ook al zouden veel gemeenten het anders willen zien. Op bijna elke locatie is behoefte aan zwemles en fietsles voor kinderen en volwassenen. Het lukt niet elke gemeente om dit snel georganiseerd te krijgen door wachtlijsten of personeelstekort.
Op veel locaties worden zowel binnen als buiten de opvang activiteiten aangeboden. We merken dat bij diverse gemeenten en locaties verbaasd wordt gereageerd wanneer er weinig gebruik wordt gemaakt van aangeboden activiteiten. Zo horen we vooral bij de Oekraïense opvang dat activiteiten die buiten de locatie zijn, meteen al een drempel vormen om naar toe te gaan, als vervoer niet wordt geregeld. Waar diverse gemeenten diverse sporten aanbieden bij lokale sportverenigingen wordt hier toch maar mondjesmaat gebruik van gemaakt door bewoners van de opvanglocaties. En soms willen kinderen wel, maar zijn er wachtlijsten.
© Gemeente Edam-Volendam
Helaas horen we ook van situaties waarbij Oekraïense moeders gaan werken en hun jonge kind alleen achterlaten. Als de locatiemedewerkers moeders hierop aanspreken en aangeven dat het kind niet alleen achtergelaten mag worden, is soms de reactie dat er een andere moeder is die op het kind past. Locatiemedewerkers zien dat dit ‘oppassen’ meestal betekent dat deze oppas er wel is maar niet actief op het kind let.
Hoe gaat het met de kinderen? UNICEF Nederland | 14
5. Sport en spel
Voorbeelden en verhalen • Op verschillende locaties wordt gebruik gemaakt van de kennis en ervaring van de bewoners om sport en spel van de grond te krijgen. Zo is er een locatie waar boksles wordt gegeven door een bewoner die in het land van herkomst een boksschool had. Ditzelfde geldt voor een voetbaltrainer die nu lesgeeft aan kinderen en jongeren van verschillende leeftijden. • Op sommige locaties geldt het beleid dat kinderen tot 12 jaar om 20.30 uur op de kamer moeten zijn. Hiermee wordt het rondhangen in de gangen tot laat in de avond voorkomen en wordt de verantwoordelijkheid voor de kinderen teruggelegd bij de ouders. Deze locaties zien ook dat de jongeren het prettig vinden om in de avond met elkaar te zijn zonder dat kinderen steeds rondrennen of aandacht willen. • Op een locatie wordt af en toe yogales gegeven aan de kinderen. Locatiemedewerkers zien dat de kinderen zichtbaar tot rust komen en aan alle oefeningen durven deel te nemen. • Soms start een locatie eerst een kindvriendelijke ruimte voor ouders en kinderen van 0-4 jaar specifiek ter stimulering van het spel tussen ouders en kind. De begeleiders zijn aanwezig ter stimulering van dit spel.
Ahmed (8 jaar) komt op het tijdstip dat de kindvriendelijke ruimte opengaat, aanlopen met zijn babyzusje op de arm. We maken hem duidelijk dat de sessie voor hem bedoeld is en niet voor zijn zusje. Dat hij zijn zusje naar mama kan brengen en zelf mag komen spelen. Ahmed loopt weg en komt kort daarna alleen terug. Hij geniet van het autokleed en de autootjes die hij er overheen laat rijden. Hij kan eindelijk even echt kind zijn en niet de oppas van zijn zusje.
Bij binnenkomst begroeten we elk kind persoonlijk en zetten hun namen op stickers. Vervolgens gaan de kinderen in de kring zitten. We drinken water en eten fruit in de kring; we gebruiken vaste liedjes. Daarna mogen de kinderen kiezen voor spel, in verschillende hoeken en aan de knutseltafel. In het begin hadden we een vrij beperkt aanbod aan spel om rust te creëren. Later breidde dat uit. We hebben aandacht voor kinderen die niet tot spel kunnen komen en proberen hen te verleiden tot spel door één op één aandacht te geven. Arjanne Rijneveld, coördinator activiteiten noodopvang Wilma van der Leer, coördinator kinderkamer - KLIK Gorinchem Meer lezen over de kindvriendelijke aanpak van KLIK Gorinchem? Kijk dan hier.
Hoe gaat het met de kinderen? UNICEF Nederland | 15
6. Participatie
6. Participatie
Kinderrecht 12 Ieder kind heeft het recht zijn mening te geven over alle zaken die hem/haar aangaan. We zien dat op veel locaties bewoners, inclusief kinderen en jongeren, betrokken worden bij het reilen en zeilen in de opvang door middel van bewonerscommissies, werkgroepen, informatieavonden en enquêtes. Zo hebben de bewoners invloed op hun eigen leefomstandigheden wat een positieve invloed heeft op hun welzijn. Het valt ons op dat bewoners het erg fijn vinden om te helpen bij aanpassingen in de opvanglocatie. Zo stonden er meteen een aantal jongeren klaar om te helpen bij het inrichten van een kindvriendelijke ruimte in een noodopvanglocatie. We zien dat ook veel vrijwilligerswerk gedaan wordt door de bewoners, soms tegen een kleine vrijwilligersvergoeding. Soms zijn er ook verplichte corvéediensten, zoals schoonmaken van de sanitaire voorzieningen, maaltijden uitdelen of het buffet voor ontbijt en lunch klaarzetten.
Het is ook bijzonder om te zien dat mensen met een vluchtelingenachtergrond nu zelf werkzaam zijn in de opvang als medewerker of vrijwilliger. Zij geven aan graag iets terug te willen doen voor de goede zorg die ze zelf hebben mogen ontvangen en daarnaast nieuwe vluchtelingen een goede ontvangst in Nederland willen bieden.
© Humanitas Den Bosch
Het valt ons op dat het heel verschillend is hoe omwonenden betrokken zijn bij de opvanglocatie. In sommige gemeenten is er een overvloed aan vrijwillige inzet en betrokkenheid vanaf het begin van de opvang, in sommige gemeenten is het heel moeilijk om vrijwilligers te werven.
Hoe gaat het met de kinderen? UNICEF Nederland | 16
6. Participatie
Voorbeelden en verhalen • Een noodopvang heeft de cateraar gevraagd om diverse maaltijden te maken en te laten proeven door bewoners, zodat zij zelf kunnen aangeven welke smaken ze lekker en minder lekker vinden. Op een opvanglocatie maken bewoners samen met een professionele kok de lunch voor alle bewoners (met sponsoring van een supermarktketen). Op dezelfde locatie is een groepje bezig een moestuin aan te leggen voor eigen gebruik met sponsoring van een tuincentrum in de buurt. • Op veel locaties worden naast sessies voor de kinderen in de kindvriendelijke ruimte in het weekend ook activiteiten voor kinderen en ouders georganiseerd om samenspel te stimuleren. Zo is er bijvoorbeeld een vossenjacht georganiseerd door omwonenden van de locatie, waarbij ouders en kinderen het dorp meteen beter leren kennen. Dit soort activiteiten brengt veel verbinding en onderling plezier. • Op een opvanglocatie worden jongeren betrokken bij het herverdelen van de recreatieruimte zodat er ook een aparte ruimte voor hen komt. Ze zitten aan de tekentafel met de woonbegeleider en mogen aangeven wat ze graag in de ruimte willen hebben, zodat de ruimte voor ingebruikname al aansluit op hun wensen. • Op een locatie is een kinderkamer opgezet met ouders. Er is een schema gemaakt waarbij alle ouders diensten draaien.
Ook is er een locatie waar werkende ouders niet werkende bewoners een oppasvergoeding betalen om na schooltijd op de kinderen te passen. In een gemeente is een buddysysteem opgezet waarbij omwonenden elk een gezin uit de opvang begeleiden.
Ik ben bijna zeven maanden geleden begonnen als vrijwilliger in de kindvriendelijke ruimte in Amsterdam. Ik doe dit werk omdat ik vroeger een van de vluchtelingen was en ik ook alle procedures moest doorlopen die ze nu doorlopen. Ik begrijp de gevoelens van de kinderen en de moeilijkheden die ze doormaken. Daarnaast ben ik nu zelf moeder van twee kinderen. Ik kan gemakkelijk met kinderen omgaan. Soms in mijn moedertaal, die me helpt om beter met ze te communiceren. Het voelt goed om de vreugde, veiligheid en het zelfvertrouwen weer op hun gezicht te zien na alles wat ze hebben meegemaakt. Het zijn slimme kinderen die graag leren en zich goed aan de regels van de kindvriendelijke ruimte houden. Marina Al Mhana, vrijwilliger - COA Amsterdam Zuidoost
Hoe gaat het met de kinderen? UNICEF Nederland | 17
7. Algemene constateringen en aanbevelingen
7. Algemene constateringen en aanbevelingen We zijn onder de indruk van de betrokkenheid van medewerkers van gemeenten en locaties die we ontmoet hebben tijdens onze bezoeken. We zien dat alle locatiemedewerkers het graag zo goed mogelijk regelen voor de bewoners binnen de opvang, ondanks de beperkingen die de opvang soms heeft. We zien dat in veel gemeenten de verantwoordelijkheid gevoeld wordt om in ieder geval onderdak te bieden aan alle Oekraïense vluchtelingen. Vanaf het moment dat de oorlog in Oekraïne begon, werden in korte tijd allerlei locaties klaargemaakt om onderdak te bieden. Wij constateren dat dit in mindere mate geldt voor de opvang van asielzoekers.
Nu de opvang langer duurt dan voorzien, worden op sommige locaties waar eerder gezamenlijk douchefaciliteiten buiten waren, alsnog douchevoorzieningen binnen geplaatst. We zijn ook verheugd om te zien dat keukenblokken worden geplaatst. We zien hoe belangrijk dit voor alle bewoners is. Zelf koken en kiezen wat je eet, geeft een stukje zelfstandigheid terug en zorgt ervoor dat de kinderen beter eten. Daarnaast zien we dat sommige locaties een prettigere woonomgeving zijn doordat er een veilige buitenomgeving is met veel spel- en speelvoorzieningen voor de kinderen. Wat ons heeft verrast is dat sommige locaties aan het water liggen, zonder omheining. Dit kan leiden tot onveilige situaties met name voor kinderen.
© UNICEF Nederland
In het algemeen zien we dat zowel bij de noodopvang voor asielzoekers als bij de opvang voor Oekraïense vluchtelingen vaak in eerste instantie wordt gekeken naar het realiseren van aantallen zoals vastgesteld in de taakstelling. Bed, bad, brood staan voorop en de kindvriendelijkheid van de opvang komt helaas op de tweede plaats. Er is een grote diversiteit aan locaties. Zo hebben we veel oude kantoorpanden bezocht, verpleeghuizen, hotels, scholengemeenschappen, containerwoningen, sporthallen et cetera. Ook kwamen we locaties tegen, voornamelijk oude kantoorpanden, waar de douchefaciliteiten buiten de locatie waren, soms zelfs in een tent. Voor volwassenen, maar zeker voor kinderen geen wenselijke situatie.
Hoe gaat het met de kinderen? UNICEF Nederland | 18
7. Algemene constateringen en aanbevelingen
Aanbevelingen Voor kindvriendelijke opvang in het algemeen zijn de volgende punten van cruciaal belang:
Een kindvriendelijke ruimte is niet alleen een plek waar kinderen kunnen spelen. Het biedt een veilige ruimte, met inzet van vaste getrainde vrijwilligers, wat in het belang van het psychosociaal welzijn van het kind is. Door de continuïteit van de speelsessies leren de vrijwilligers de kinderen kennen. Zij kunnen de ontwikkeling van de kinderen in de gaten houden en eventueel opmerkelijk gedrag signaleren, dat ze melden bij de woonbegeleiders. Indien nodig kunnen die dan zorgen voor een doorverwijzing naar een gespecialiseerde zorgverlener.
We weten dat veelvuldig verhuizen schadelijk is voor de ontwikkeling van kinderen: een ander huis, een andere school, een andere sportclub en continu afscheid nemen van vriendjes en vriendinnetjes. Dit leidt tot sociaal isolement waardoor kinderen moeite hebben met het opbouwen van vertrouwensrelaties en daarnaast doorkruist het de continuïteit van zorg en onderwijs. Probeer verhuizen zoveel mogelijk te voorkomen.
Toegang tot onderwijs is cruciaal. Als onderwijs niet meteen geboden kan worden, organiseer dan vervangend onderwijs op locatie of in de buurt of op z’n minst vervangende activiteiten om kinderen structuur in de dag te bieden. Het is ook aan te bevelen gemengde klassen te stimuleren voor Oekraïense kinderen, zodat ze, net als kinderen in de asielopvang, meer uitgedaagd worden om Nederlands te leren. Hierdoor hebben ze een grotere kans op contact met andere kinderen en gaan ze zich meer thuis voelen.
Het is voor kinderen belangrijk dat er een vast aanspreekpunt is op de (noodopvang)locatie: Contactpersoon Kind (CPK). Dit is een persoon waar kinderen zich kunnen melden met zorgen of andere zaken die ze moeilijk vinden om met hun ouders te bespreken. De Contactpersoon Kind heeft hierdoor een ‘overall view’ op het welzijn en de veiligheid van kinderen. Daarnaast is het ook de persoon die het activiteitenaanbod voor kinderen coördineert. Deze rol is dus van belang voor zowel de veiligheid als de participatie van kinderen.
Hoe gaat het met de kinderen? UNICEF Nederland | 19
7. Algemene constateringen en aanbevelingen
Overige aanbevelingen
Samenwerking
Participatie
Kindvriendelijke ruimte
• We zien dat een vaste samenwerking tussen de gemeente en een lokale welzijnsorganisatie en/ of vrijwilligersorganisatie voor het opzetten van een kindvriendelijke ruimte en het ondersteunen van het welzijn van kinderen voordelen brengt. Er is een meer eenduidige aanpak op alle opvanglocaties binnen de gemeente, activiteiten kunnen voor meer locaties opgezet worden en de betrokken vrijwilligers kunnen op diverse locaties ingezet worden.
• Mochten er activiteiten door bewoners van de (nood)opvang georganiseerd worden, is het aan te raden om, naast de inzet van bewoners, lokale getrainde vrijwilligers te betrekken. Helaas hebben we al een paar keer gehoord dat een activiteit voor de kinderen stopt omdat de bewoners die activiteiten organiseerden, zijn verhuisd naar een andere opvanglocatie. Door lokale vrijwilligers te betrekken, waarborg je de continuïteit.
• Onze ervaring leert dat in een kindvriendelijke ruimte onder begeleiding van getrainde vrijwilligers echt tot spel wordt gekomen door de kinderen. De rust en veiligheid van een kindvriendelijke ruimte werkt.
• We raden aan om samen te werken met andere locaties of gemeenten. Veel locaties hebben dezelfde uitdagingen en samen sta je sterker. Zo kun je casuïstiek delen, inspiratie bij elkaar opdoen en elkaar helpen bij grote uitdagingen. Wij weten van een aantal gemeenten die elkaars kindvriendelijke ruimte heeft bezocht wat hielp om een helder beeld ervan te krijgen.
• Probeer andere partijen in de buurt te betrekken bij de opvang. Zo horen we van een aantal locaties dat niet alleen omwonenden maar ook bedrijven, scholen en winkels in de buurt betrokken zijn en openstaan voor sponsoring in natura. Zo zijn er kindvriendelijke ruimtes volledig ingericht door bedrijven, is er een moestuin gesponsord door een tuincentrum en worden ingrediënten voor het eten gedoneerd door een supermarkt.
• Als er maar één recreatieruimte beschikbaar is in de opvanglocatie kan gewerkt worden met een rooster, waarop aangegeven staat welke (doel) groep wanneer gebruik kan maken van de ruimte. Het is dan prettig wanneer er dan privacy is en er niet naar binnen gekeken kan worden. Op een aantal locaties werkt dit heel goed. Materialen zoals bijvoorbeeld knutselmaterialen zijn dan op te halen bij de receptie of in het kantoor van de locatiemedewerkers.
• Door ideeën over activiteiten of aanpassingen in de inrichting van de opvang te bespreken met de bewoners, waaronder kinderen en jongeren, krijg je meer draagvlak en betrokkenheid. Ook kan het voorkomen dat op voorhand blijkt dat er geen behoefte is aan een bepaalde activiteit. Dit bespaart veel tijd en energie.
Hoe gaat het met de kinderen? UNICEF Nederland | 20
7. Algemene constateringen en aanbevelingen
Mentaal welzijn en zorg
Algemeen
• We raden alle opvanglocaties aan, waar mogelijk, te investeren in eigen keukenblokken. Het heeft heel veel invloed op het welzijn van mensen. Het geeft de bewoners een stukje zelfstandigheid in het zorgen voor henzelf en hun eventuele gezin. Daarnaast zorgt het ervoor dat kinderen beter eten omdat het eten voor hen vertrouwd is.
• In een aantal Oekraïense opvanglocaties wordt voor de communicatie met de bewoners gebruik gemaakt van Fiber app. Dit is vergelijkbaar met Whatsapp en wordt in Oekraïne veel gebruikt. Het is een goede manier om te communiceren en informatie te delen via een tolk. • Het zou goed zijn als gemeenten extra letten op de veiligheidsaspecten van de locaties voor kinderen, zowel binnen als buiten. Denk hierbij bijvoorbeeld aan locaties direct aan het water zonder omheining.
© Humanitas Den Bosch
• Een eigen badkamer voor een gezin is ook aan te raden in verband met de veiligheid en hygiëne. De ervaring leert dat bewoners hun eigen badkamer schoonhouden.
Hoe gaat het met de kinderen? UNICEF Nederland | 21
© Pexels.com
Meer informatie Heeft u interesse in een kindvriendelijke ruimte in de opvang of heeft u vragen naar aanleiding van onze bevindingen, dan kunt u contact opnemen met Lindy Laagewaard, programmamanager kindvriendelijke opvang of Nicoline Mascini, projectleider kindvriendelijke opvang via noodopvang@unicef.nl.
Hoe gaat het met de kinderen? UNICEF Nederland | 22
Ieder kind kan de toekomst bepalen. Te veel kinderen groeien nu nog op in slechte omstandigheden. Als ’s werelds grootste kinderrechtenorganisatie bereikt UNICEF meer, voor meer kinderen, op meer plekken dan wie ook. Samen maken we een wereld van verschil. Voor ieder kind van nu en voor de toekomst van ons allemaal.
UNICEF Nederland Bezuidenhoutseweg 74 2594 AW Den Haag Telefoon: 088 444 9650 E-mail: info@unicef.nl www.unicef.nl
© UNICEF Nederland Mei 2023