Inkomend - RUD - Initiatiefvoorstel adviescommissie RUD
Tekst van het document
Onderwerp: initiatiefvoorstel adviescommissie RUD zeeland
Initiatiefvoorstel m.b.t. het instellen van een gemeenschappelijke adviescommissie ingevolge de gewijzigde Wet gemeenschappelijke regelingen (Wgr) INITIATIEFVOORSTEL VAN HET LID/LEDEN….. De ondergetekende(n) stelt/stellen het volgende voor:
Samenvatting Regionale vraagstukken en ontwikkelingen die spelen met betrekking tot een schone en veilige leefomgeving vragen om doorontwikkeling en innovatie van de omgevingsdienst RUD Zeeland. Op dit moment ontbreekt Zeeuws breed een gedeelde visie en ambitie op het milieutaakveld. Raden en Staten van de Zeeuwse overheden hebben de conclusie getrokken dat er veel behoefte is aan milieukennis en bereidheid tot samenwerking tussen de volksvertegenwoordigende organen. Het instellen van een gemeenschappelijke adviescommissie op grond van de Wet gemeenschappelijke regelingen (Wgr) is een eerste instrument om met elkaar als volksvertegenwoordigers het gesprek aan te gaan over de robuustheid van en de visie op de RUD Zeeland.
Inleiding en achtergrond De Zeeuwse omgevingsdienst (RUD Zeeland) is werkzaam op het gebied van milieutaken door en voor de hele provincie Zeeland. Al sinds de oprichting van het stelsel van omgevingsdiensten wordt gesproken over ‘robuustheid’ van de taakuitvoering door de diensten. Door de zogenaamde commissie van Aartsen is in opdracht van het Rijk onderzocht of de omgevingsdiensten op dit moment voldoen aan de interpretatie van het begrip ‘robuust’. De algemene conclusie van de commissie van Aartsen is dat de omgevingsdiensten onvoldoende robuust zijn en heeft 10 maatregelen aanbevolen om dit te verbeteren. De staatssecretaris gaat de aanbevelingen opvolgen die ook zien op de ondergrens van een omgevingsdienst en het aantal diensten dat nodig is in Nederland. Dit doet zij samen met de provincies en gemeenten binnen het Interbestuurlijk Programma VTH stelsel Er zijn steeds meer regionale vraagstukken met betrekking tot een schone en veilige leefomgeving – denk bijvoorbeeld aan de energietransitie en circulaire economie die vragen om inzet van kennis van de omgevingsdiensten. Op dit moment ontbreekt Zeeuws breed een gedeelde visie en ambitie op het milieutaakveld die vraagt om doorontwikkeling en innovatie van de omgevingsdienst, gelet op alle opgaven en ontwikkelingen.
Daarom zijn Provinciale Staten en de Zeeuwse gemeenteraden een traject gestart om te komen tot een sterke en robuuste Zeeuwse omgevingsdienst. Traject Raden en Staten De politieke discussie om te komen tot een sterke en robuuste Zeeuwse omgevingsdienst is op initiatief van enkele leden van Provinciale Staten (het zogenaamde Petit Comité) in het najaar van 2021 gestart met een bijeenkomst voor Raden en Staten op 13 oktober 2021. Daarin is gesproken over het hoe en waarom van de RUD Zeeland, de bestuurlijke risico’s en de landelijke ontwikkelingen.
Voortvloeiend uit deze bijeenkomst is het Petit Comité uitgebreid met een aantal raadsleden omdat deze gemeenschappelijke regeling alle Zeeuwse gemeenten, de provincie en het waterschap betreft. Als vervolg op de conferentie van 13 oktober 2021 zijn er nieuwe bijeenkomsten georganiseerd voor en door Raden en de Staten waarmee de politieke discussie kon worden voortgezet aan de hand van de vraag wat er nodig is voor een schoon en leefbaar Zeeland. Zo vonden op 26 januari 2022 (digitaal) en op 29 juni 2022 bijeenkomsten plaats. Ook was de RUD Zeeland daarbij aanwezig. Op 29 juni hebben twee gemeenteraadsleden (Jean Paul Casteleijn, raadslid gemeente Terneuzen en Marc van Opstal, raadslid gemeente Kapelle) namens het Petit Comité een presentatie gegeven over de ins en outs van een gemeenschappelijke adviescommissie. Daarbij hebben zij gepleit voor een commissie op basis van de gewijzigde Wgr (ingangsdatum 1 juli 2022). Vanaf 1 juli 2022 biedt een dergelijke wettelijke adviescommissie mogelijkheden om vroegtijdig betrokken te zijn bij besluitvorming van de RUD Zeeland. Daarnaast als het gaat om advisering aan de Gemeenteraden en Provinciale Staten en ondersteuning bij de voorbereiding van zienswijzen. Op deze wijze kunnen volksvertegenwoordigers elkaar beter helpen met de soms lastige materie en zorgt samenwerking voor betere sturing op het geheel.
Conclusie van de Raden en Staten Raden en Staten hebben de conclusie getrokken dat er veel behoefte is aan milieukennis en bereidheid tot samenwerking tussen de volksvertegenwoordigende organen van de Zeeuwse overheden. Gaandeweg het traject is de focus steeds meer gericht op een robuuste RUD Zeeland waar de gezamenlijke aanpak samen komt. Een eerste instrument daarbij om met elkaar als volksvertegenwoordigers het gesprek aan te gaan over de robuustheid van en de visie op de RUD kan het instellen van een regionale adviescommissie zijn, bij voorkeur in de vorm van een gemeenschappelijke adviescommissie onder de Wgr. Wijziging van de Wet gemeenschappelijke regelingen en instelling van een gemeenschappelijke adviescommissie Wijziging Wet gemeenschappelijke regelingen Op 1 juli 2022 is de Wgr gewijzigd. Deze wijziging is van toepassing op alle gemeenschappelijke regelingen (GR-en) en daarmee ook op de RUD Zeeland. Raden, Staten en het Algemeen Bestuur van het waterschap (hierna: volksvertegenwoordigers) krijgen door de wijziging meer mogelijkheden om hun controlerende rol in de RUD Zeeland in te vullen en te versterken. Het deel van de wet dat rechten geeft aan de volksvertegenwoordigers zoals het instellen van een gezamenlijke adviescommissie is direct in werking getreden.
Waarom een adviescommissie ingevolge de Wgr? Het instellen van een gemeenschappelijke adviescommissie is een eerste instrument om met elkaar als volksvertegenwoordigers het gesprek aan te gaan over de robuustheid van en de visie op de RUD Zeeland. Via deze adviescommissie kunnen de volksvertegenwoordigende organen van de deelnemers vroegtijdig worden betrokken bij besluitvorming van de RUD Zeeland. Wij zien dit als een belangrijke bijdrage aan de samenwerking op het gebied van milieutaken en de RUD Zeeland om uiteindelijk te komen tot antwoorden op de vraag wat nodig is voor een schoon en leefbaar Zeeland. Het voorstel om te komen tot instelling van een gezamenlijke regionale adviescommissie is voor het eerst naar voren gekomen op de bijeenkomst voor Raden en Staten van 26 januari 2022 en voorts is op de bijeenkomst van 29 juni 2022 gepleit voor de instelling van een dergelijke commissie onder de noemer van de (gewijzigde) Wgr.
2
Een gezamenlijke adviescommissie biedt ten opzichte van de huidige positie van de volksvertegenwoordigende organen van de deelnemers aan de GR RUD Zeeland kans om meer grip en invloed te krijgen op de GR. Een Klankbordgroep is daarentegen andere mogelijke variant, maar is informeler met minder duidelijke rollen die zijn vastgelegd. De wijziging van de Wgr vormt een goede aanleiding om te kiezen voor de variant die zorgt voor de waarborging van de rol en taken van de adviescommissie, die wettelijk verankerd zijn én daardoor ook duidelijk voor alle dagelijkse besturen van de deelnemers. Betekenis en rol gemeenschappelijke adviescommissie Tegen de achtergrond van de wettelijke bevoegdheden die de gewijzigde Wgr kent voor een gemeenschappelijke adviescommissie zien wij de volgende betekenis en rollen voor een adviescommissie voor de GR RUD Zeeland. 1. de volksvertegenwoordigende organen van de deelnemers worden in een vroegtijdig stadium betrokken bij voorgenomen besluiten van het bestuur van de RUD Zeeland; de adviescommissie gaat daarbij op voorverkenning uit namens de volksvertegenwoordigers van de deelnemers; 2. de adviescommissie adviseert het bestuur van de RUD Zeeland over voorgenomen besluiten. Daartoe bereidt zij (gezamenlijke) standpunten van de volksvertegenwoordigende organen van de deelnemers voor en adviseert daarover; 3.
de adviescommissie draagt zelf onderwerpen aan bij het bestuur die aandacht verdienen; 4. commissieleden handelen vanuit het belang van de volksvertegenwoordigende organen van de deelnemers in algemene zin; (en dus niet vanuit de eigen politieke opvatting); 5. er is geen sprake van delegatie aan de adviescommissie van wettelijke bevoegdheden van de volksvertegenwoordigende organen van de deelnemers zoals het uitbrengen van zienswijzen; die blijven dus aan hen. De nadere uitwerking vindt plaats in het uitvoeringsproces. Aspecten zoals onder meer de wijze van schakeling tussen leden van de adviescommissie en de volksvertegenwoordigers, en de vertegenwoordiging van volksvertegenwoordigers in de adviescommissie worden hierin meegenomen. Wat betreft dit laatste wordt belang gehecht aan een evenredige vertegenwoordiging van volksvertegenwoordigers in de adviescommissie. Hoewel het wettelijk niet is verplicht dat iedere deelnemer een vertegenwoordiger vanuit de volksvertegenwoordiging als lid aanstelt en het wettelijk minimumaantal daarvan per deelnemer niet is begrensd, valt als invulling hiervan te denken aan één commissielid per volksvertegenwoordigend orgaan van de deelnemer plus één plaatsvervanger daarvan.
Traject Vereniging van Zeeuwse Gemeenten In maart 2022 is de Vereniging van Zeeuwse Gemeenten (VZG) gestart met een traject inzake de verschillende gemeenschappelijke regelingen die de gemeenten kennen. Op dit moment heeft men nog geen standpunt ingenomen over de inrichting van adviescommissies voor de gemeenschappelijke regelingen. Het onderhavige initiatiefvoorstel is afgestemd met de leden van de VZG-werkgroep die zich bezighouden met het onderwerp. Wat willen we bereiken? Dat er gezamenlijk draagvlak is vanuit de volksvertegenwoordigende organen van de Zeeuwse overheden voor de keuze van voor het instellen van een gemeenschappelijke adviescommissie. Deze adviescommissie kan bijdragen aan de samenwerking op het gebied van milieutaken en de RUD Zeeland. Met het uiteindelijke doel om antwoorden te krijgen op de vraag wat er nodig is voor een schoon en leefbaar Zeeland. 3
Wat mag het kosten? De kosten die verband houden met de instelling van een adviescommissie komen ten laste van de RUD Zeeland. Dat houdt in dat de kosten worden aangemerkt als kosten ten gevolge van extra generieke taken en voor rekening komen van en verdeeld worden over de deelnemers. Wettelijke kosten zoals extra vergoedingen voor volksvertegenwoordigers die lid zijn van een adviescommissie vallen daar niet onder, dat dienen de bevoegde gezagen zelf te betalen.
Gelet op het vorenstaande adviseren wij in te stemmen met het voorstel om te komen tot instelling van een gemeenschappelijke adviescommissie ingevolge de Wet gemeenschappelijke regelingen (Wgr). Wij stellen u voor te besluiten overeenkomstig bijgevoegd ontwerp-besluit.
ONTWERPBESLUIT De staten van de provincie Zeeland, gelezen het initiatiefvoorstel van <naam lid/leden> van 3 februari 2023, nr. SGR gehoord de Klankbordgroep; gelet op artikel 143a van de Provinciewet en artikel 124a alsmede de schakelbepalingen van de Wet gemeenschappelijke regelingen;
b e s l u i t e n
I.
In te stemmen met de processtappen conform bijlage 1 om te komen tot instelling van een gemeenschappelijke adviescommissie ingevolge de Wet gemeenschappelijke regelingen;
II.
gezamenlijk met alle volksvertegenwoordigende organen van de deelnemers aan de GR RUD Zeeland een verzoek in te dienen bij het Algemeen Bestuur van de RUD Zeeland inzake de instelling van een gemeenschappelijke adviescommissie ingevolge de Wet gemeenschappelijke regelingen (processtap 1 van bijlage 1), conform bijlage 2.
4