Inkomend - Rli - Rli-advies Natuurinclusief Nederland
Tekst van het document
Aan de minister voor Natuur en Stikstof Mevrouw drs. Ch. van der Wal-Zeggelink Postbus 20401 2500 EK DEN HAAG
Datum:
23 maart 2022
Contactpersoon:
Kenmerk:
Rli-2022/642
Telefoon:
Bijlage: Betreft:
1
E-mail:
dr. Ron Hillebrand 06 15359234 ron.hillebrand@rli.nl
Rli-advies ‘Natuurinclusief Nederland’
Geachte mevrouw Van der Wal-Zeggelink, Met genoegen bieden wij u hierbij ons advies ‘Natuurinclusief Nederland’ aan. Het advies wordt ook aangeboden aan de minister van LNV, de minister voor VRO en aan de voorzitters van de Eerste en Tweede Kamer. In het advies concludeert de raad dat in ons land sprake is van een biodiversiteitscrisis, die even groot is als de klimaatcrisis, en daarmee samenhangt. Het natuurbeleid verdient dan ook meer prioriteit op de politieke agenda. Vitale natuur is cruciaal voor een leefbaar Nederland. De raad roept het kabinet op om de teruggang van natuur te keren en te zorgen voor herstel. Dat lukt alleen als de overheid inzet op de totstandkoming van natuur overal en voor iedereen. De overheid moet daarvoor natuurherstel verbinden met andere maatschappelijke opgaven. De plannen die staan vermeld in het coalitieakkoord van 2021 kunnen hieraan zeker een bijdrage leveren. De twee fondsen van in totaal € 60 miljard die het nieuwe kabinet wil instellen ten behoeve van het klimaat- en stikstofbeleid maken veel van de noodzakelijke investeringen mogelijk. Daarnaast is de keuze voor een gebiedsgerichte aanpak een stap in de goede richting. De belangrijkste aanbevelingen van de raad luiden als volgt: 1.
Verbreed de focus van het natuurbeleid: natuur overal en voor iedereen Ook buiten de beschermde natuurgebieden moet werk worden gemaakt van natuur- en biodiversiteitsherstel. In en om dorpen en steden moet veel meer groen komen, op loop- of fietsafstand voor iedereen. Mensen hebben voor hun gezondheid en welzijn natuur dichtbij huis nodig. Ook in het landelijk gebied, waar de afgelopen decennia een kaalslag van de natuur heeft plaatsgevonden, is natuurherstel noodzakelijk. De Rli pleit ervoor om gebiedsgericht minimumvereisten voor basiskwaliteit natuur vast te stellen. 2. Verbind natuurherstel met andere maatschappelijke opgaven Nederland gaat de komende jaren op de schop vanwege vele grote opgaven, zoals de woningbouw, de energietransitie, de aanpassing aan klimaatverandering, het stikstofvraagstuk en de verduurzaming van de landbouw. Deze grote verbouwing van Nederland biedt uitgelezen kansen om de natuur binnen en buiten beschermde gebieden te herstellen. Veel bedrijven en organisaties zijn ook bereid om stappen te zetten naar een meer natuurinclusieve manier van werken. Maar het lukt alleen met een overheid die daar ook vol op inzet. In een gebiedsgerichte aanpak moet natuurherstel worden verbonden met andere maatschappelijke opgaven. Hiervoor moeten onder andere het klimaat- en het stikstoffonds worden benut.
1
3. Weeg natuurwaarden volwaardig bij economische en politieke besluitvorming Natuur vormt een bestaansvoorwaarde voor de mens. Om natuurlijke hulpbronnen en daarmee verbonden ecosysteemdiensten op de lange termijn beschikbaar te houden, moeten de oorzaken van natuurverlies worden aangepakt en activiteiten met een positief effect op de natuur worden gestimuleerd. De Rli pleit ervoor om subsidies en fiscale maatregelen in de landbouw, de industrie en het natuurbeheer te richten op natuurinclusieve werkwijzen. Daarnaast moeten overheden het voorkomen van natuurschade en het belang van biodiversiteitsherstel beter meenemen in maatschappelijke kosten-batenanalyses. 4. Werk gebiedsgericht samen Het verbinden van de natuuropgave met andere maatschappelijke opgaven vergt een gebiedsgerichte aanpak, waarbij invulling wordt gegeven aan de gewenste basiskwaliteit natuur in een gebied. Deze aanpak moet worden ondergebracht bij regiotafels, die gebiedsgericht maatwerk mogelijk maken – zoals eerder door ons bepleit in het advies Geef richting, maak ruimte! (2021). Dit vergt een gebundelde inzet van publieke middelen. Provincies hebben bij deze aanpak een rol als gebiedsregisseur, terwijl het Rijk moet toezien op het halen van de nationale doelen. Daarvoor is op landelijk niveau monitoring en onafhankelijk toezicht nodig.
Wat wij voor ons zien is een natuurinclusief Nederland, met natuur overal en voor iedereen. Een Nederland waarin het natuurbeleid een vanzelfsprekend en integraal onderdeel vormt van het overige beleid en van daarmee samenhangende politieke besluiten.
Hoogachtend, Raad voor de leefomgeving en infrastructuur,
ir. J.J. de Graeff voorzitter
dr. R. Hillebrand algemeen secretaris
2