CConstaterende datVlissingen
Koppel je AI →
Document · PDF

Inkomend - Orionis - Memo DB aan Raden Walcherse gemeenten

Informatiebijeenkomst 15 november 2024, gemeente VlissingenBij agendapunt: Stukken807 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

MEMO Van Aan Onderwerp

Dagelijks Bestuur Orionis Walcheren Gemeenteraden deelnemende gemeenten Voorlopige beschikking BUIG 2025

Samenvatting De Rijksvergoeding BUIG 2025 voor Vlissingen valt erg tegen. Voor Middelburg en Veere is de mutatie veel minder groot. Er is nog geen plausibele verklaring waarom dit in Vlissingen zo daalt. Daarom gaat Vlissingen in bezwaar tegen deze beschikking. Dit betekent niet dat het BUIG-saldo 2025 van Orionis Walcheren ook erg tegen valt. Het saldo is van meer zaken afhankelijk dan alleen de Rijksvergoeding. De in- en uitstroom van klanten in de bijstand en de prestaties van Orionis spelen daarin een rol. Het saldo wordt vervolgens d.m.v. de verdeelsleutel verdeeld over de 3 gemeenten. In de volgende begrotingswijziging 2025 volgt daarover meer informatie. Op 1 oktober heeft het ministerie van SZW de beschikking Bijstandsuitkering voorlopig 2025 (BUIG) verstuurd. Dit tegelijkertijd met de definitieve beschikking over 2024. Landelijk stijgt het beschikbare macrobudget voor uitkeringslasten in 2025 met 1,9%. Dit omdat er landelijk een stijging van het aantal bijstandsgerechtigden wordt verwacht. Walcheren De verwachte landelijke stijging is een gemiddelde. De budgetten voor de 3 gemeenten op Walcheren muteren in 2025 ten opzichte van 2024 in afwijkende mate: Vlissingen daalt met 5,8% Veere blijft gelijk Middelburg stijgt met 0,6% Ten opzichte van de gemiddelde stijging van 1,9% is vooral de daling van Vlissingen opvallend.

Het totale verschil voor Vlissingen ten opzichte van 2024 komt daarmee op 7,7% (5,8 + 1,9). Het allergrootste deel van deze daling komt doordat het aandeel in het landelijk budget voor Vlissingen daalt (met 7,3%). Vlissingen is daarmee op vier gemeenten na de meest nadelige gemeente van Nederland. Oorzaak Het aandeel in het landelijk budget wordt eenmalig per jaar vastgesteld, nl. bij de voorlopige beschikking. Dit gebeurt nu dus voor 2025. Globaal werkt het verdeelmodel als volgt. Er zijn zo’n 70 kenmerken1 van de gemeente die bepalend zijn voor de kans op bijstand, die nu geactualiseerd zijn naar een waarde van een recenter jaar. Daarbij verschuift dus de relatieve positie van een individuele gemeente ten opzichte van alle andere gemeenten in Nederland. Resultaat is voor iedere gemeente een nieuwe waarde voor het aandeel in het totale macrobudget. Verklaring Een daling van het aandeel in het landelijk budget met 7,3% is onwaarschijnlijk groot. Aan het ministerie van SZW is dan ook gevraagd deze verschuiving bij Vlissingen te verklaren. Kan zij daarbij bijvoorbeeld een top-10 van verdeelkenmerken geven die relatief het meest gemuteerd zijn ten opzichte van het totaal van de andere gemeenten? En van die top-10 ook het meest recente 1 Voorbeelden van deze kenmerken zijn: aantal sociale huurwoningen, werkloosheid in de regio,

medicijngebruik van inwoners, opleidingsniveau van inwoners, land van herkomst.

jaar benoemen waarop de CBS-gegevens voor de berekening 2025 zijn gebaseerd? Het ministerie heeft ons informatieverzoek doorgestuurd naar SEO, de makers van het model. Deze hebben aangegeven daar enkele weken voor nodig te hebben. Dit antwoord is nog niet ontvangen. Bezwaarprocedure De gemeente Vlissingen heeft bezwaar aangetekend tegen de voorlopige beschikking. Middelburg en Veere hebben dit niet gedaan, gezien de beperktere mutaties. Deze mutaties vallen binnen de normale marges die van jaar tot jaar op kunnen treden. De doorlooptijd van een bezwaarprocedure kan oplopen tot 12 maanden, een eventueel daarop volgende beroepsprocedure tot enkele jaren. Relatie met re-integratie De Rijksvergoeding die gemeenten ontvangen staat los van de re-integratie inspanningen van de gemeente. Er wordt bepaald wat landelijk nodig is om alle uitkeringslasten te betalen. De modelmatige verdeling over de gemeenten houdt dus geen rekening met de werkelijke prestaties van de gemeenten, maar is gebaseerd op de theoretische berekening middels de verdeelkenmerken. De vuistregel voor uitkeringslasten is dan: als een individuele gemeente beter presteert dan het landelijke gemiddelde, dan is dat financieel gunstig, als een gemeente minder presteert dan het landelijk gemiddelde, dan is dat financieel nadelig.

De hoogte van de Rijksvergoeding staat daar dus los van: die wordt door de 70 kenmerken uit het verdeelmodel bepaald. Het saldo van de Rijksvergoeding en de uitkeringslasten bepaalt dan het uiteindelijke BUIG-saldo. Relatie met saldo BUIG De daling van de budgetten op Walcheren betekenen niet automatisch dat het Buig-saldo van Orionis in gelijke mate daalt. Het BUIG-saldo van 2025 is afhankelijk van: Aantal bijstandsuitkeringen per 1/1/2025 De prestatie 2024 t.o.v. het landelijk gemiddelde in 2024 De verwachte instroom 2025 De uitstroom naar werk in 2025 De overige uitstroom in 2025 Het effect van parttime uitstroom op de gemiddelde prijs De mutatie in loonkostensubsidies De Rijksvergoeding Conform wat in de GR is opgenomen wordt het BUIG-saldo middels de afgesproken verdeelsleutel toegerekend aan de 3 gemeenten. In de eerstvolgende begrotingswijziging van Orionis zal hiervoor een nieuwe prognose worden opgenomen. Deze begrotingswijziging is te verwachten eind februari.

Vlissingen, 14 november 2024 Namens het Dagelijks Bestuur Orionis Walcheren J.S. Louws

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/14820504/1