62. CDA - renovatie vuurtoren
Tekst van het document
Fractie CDA
UW BRIEF VAN
UW KENMERK
ONS KENMERK
DATUM
2680485 / 2683512
26 juni 2025 BIJLAGEN
BEHANDELD DOOR
BEZOEKADRES
TELEFOON
Gerard de Rijke
Paul Krugerstraat 1
06-22999289
ONDERWERP
Beantwoording art 34 RvO vragen van CDA-fractie inzake renovatie vuurtoren Geachte fractie Naar aanleiding van de door uw fractie op 22 mei 2025 ingediende vragen ex artikel 34 RvO informeren wij u als volgt. Uw inleiding Via RIB 2321143/2672645 informeerde u ons over de voorgenomen renovatie van de vuurtoren op het Keizersbolwerk. Naar aanleiding daarvan heeft het CDA gevraagd naar dekking en achterliggende begroting die via de mail is ontvangen. Naar aanleiding daarvan heeft het CDA de volgende vragen: Vraag 1 Welk beleid en welke criteria zijn er om substantiële bijdragen te verstrekken aan renovatie van onroerend goed dat niet in eigendom is van de gemeente? Ons antwoord Wij vinden het niet langer verantwoord - vanwege de slechte onderhoudssituatie - om de renovatie van dit iconische object nog meer uit te stellen. Omdat ook de huidige eigenaar inzag dat de eigendomskwestie meer tijd vergt vooraleer dit kan worden opgelost, zijn we met Rijkswaterstaat overeengekomen dit los te koppelen van elkaar en de renovatie eerst op te pakken. Dit komt ook omdat we het besluit hebben genomen de vuurtoren voor Vlissingen te behouden en het beheer en onderhoud in de toekomst op ons te gaan nemen.
Vraag 2 Welk beleid is er om als gemeente regie te voeren op renovatie van andermans onroerend goed en eigendommen? Ons antwoord Mede naar aanleiding van ontvangen signalen vanuit de raad en de samenleving, zijn Rijkswaterstaat en de gemeente Vlissingen overeengekomen de renovatie onder regie van de gemeente te laten plaatsvinden (met nauwe betrokkenheid van Rijkswaterstaat).
POSTBUS 3000, 4380 GV VLISSINGEN TELEFOON 0118-487000 EMAIL GEMEENTE@VLISSINGEN.NL FAX 0118-410218 IBAN: NL36BNGH0285008889 BIC: BNGHNL2G
Vraag 3 Op basis van welke argumenten, wegingsfactoren etc. is besloten deze inzet van middelen (euro's en mensuren) niet aan eigen “kunst en objecten” te besteden? Ons antwoord Het betreft noodzakelijk onderhoud aan een object in de openbare ruimte, dat geen verder uitstel kan dulden. Vraag 4 Waar komt deze financiële ruimte binnen dit budget ineens vandaan? Ons antwoord Binnen het budget onderhoud kunst en objecten is nog voldoende ruimte om dit onderhoud te kunnen bekostigen. Vraag 5 Betekent dit dat alle taakstellingen in de “sluitende” begroting 2025 inmiddels zijn ingevuld? Antwoord Nee, zie hiervoor de Kadernota met daarin opgenomen de taakstellingen voor komend jaar en voorts de P&C-rapportage. Vraag 6 Hoeveel gemeentelijke capaciteit wordt voor dit project ingezet en gaat dit niet ten koste van andere inzet? Ons antwoord De gemeentelijke inzet bestaat uit een regievoerder en een uitvoeringsbegeleider. Door prioritering van werkzaamheden en efficiënter tijdsbeheer zorgen zij dat de inzet voor andere projecten niet in het gedrang komt.
Vraag 7 Wat is de omvang, naast de genoemde € 61.500, van de bijkomende kosten (vergunning, afzettingen, voorziening tijdelijke lichtbaken etc.) die voor rekening van de gemeente zijn? Ons antwoord Bijkomende kosten, zoals kosten voor afzettingen, vergunningen en onvoorzien, maken onderdeel uit van het totale bedrag van € 183.500 (2/3 RWS en 1 /3 gemeente). Vraag 8 Hoe zit het met de aansprakelijkheid van de gemeente voor het functioneren van een tijdelijk lichtbaken? Zijn hier aanvullende afspraken met Rijkswaterstaat gemaakt of voor nodig? Ons antwoord Het oeverlicht is gedoofd voor de periode van renovatie. Dit heeft RWS bericht in de BAS (Berichten Aan de Scheepvaart). RWS heeft hiermee de juiste procedure toegepast om juridisch gedekt te zijn. Vraag 9 Bij wie ligt het risico van meer- minderwerk van deze renovatie? Ons antwoord Wij hebben in de totale kostenopzet rekening gehouden met eventueel meerwerk door een post ‘onvoorzien’ op te nemen. Bij meer-/minderwerk c.q. meevaller zal de hieruit voortvloeiende besparing tussen RWS (2/3) en gemeente (1/3) worden verdeeld. Blad 2 behorend bij 2680485 / 2683512
Vraag 10 Hoe is de bijdrage van Rijkswaterstaat aan de renovatie vastgelegd? Ons antwoord De bijdrage van Rijkswaterstaat is in verslagen en hierop gebaseerde schriftelijke stukken vastgelegd. Vraag 11 De prijsopgave in de toegestuurde offerte is exclusief btw en de genoemde bijdragen van gemeenten en Rijkswaterstaat zijn dat dus ook. Is het bij een renovatie van nietgemeentelijke eigendommen wel juist dat de btw NIET als kosten worden meegenomen ? Ons antwoord Dat is niet juist. De BTW is hier een kostprijsverhogende component. De BTW op de renovatiekosten kan nu nog niet gecompenseerd worden bij het BTW compensatiefonds, omdat de gemeente investeert in het eigendom (vuurtoren) van een derde (Rijkswaterstaat). Bij een toekomstige eigendomsoverdracht aan de gemeente of bij huur plus beheer en onderhoud door de gemeente, is de BTW op de kosten wel te compenseren bij het BTWcompensatiefonds binnen een termijn van vijf jaar. Vraag 12 Zijn er, en zo ja welke, plannen om de vuurtoren in eigendom te nemen? Ons antwoord Die plannen zijn er inderdaad, namelijk om tot overeenstemming te komen om de vuurtoren door Rijkswaterstaat over te dragen aan de gemeente Vlissingen of, indien dit niet mogelijk is, het beheer en onderhoud aan de gemeente over te dragen. Ook in het laatste geval blijft de vuurtoren voor Vlissingen bestaan.
Wij gaan ervan uit u hiermee in voldoende mate te hebben ingelicht. Hoogachtend, burgemeester en wethouders van Vlissingen, de secretaris, de burgemeester,
drs. R.D.A. Wiskerke drs. A.R.B. van den Tillaar
Blad 3 behorend bij 2680485 / 2683512