6. rvs Delegatiebesluit i.h.k.v. Omgevingswet bijlage 1 delegatiebesluit omgevingswet
Tekst van het document
1e wijziging van het Algemeen delegatiebesluit Vlissingen 2015 De raad van de gemeente Vlissingen; gezien het voorstel van het college van 27 juli 2021; overwegende dat op grond van de Omgevingswet een aantal bevoegdheden van de raad naar het college is overgegaan en het derhalve noodzakelijk is het de huidige delegatiebesluiten opnieuw te bezien; gelet op artikel 2.8 Omgevingswet, artikel 4.14, lid 5 Omgevingswet; gelet op afdeling 10.1.2 Algemene wet bestuursrecht; gelet op artikel 156 Gemeentewet; besluit: vast te stellen de “1e wijziging van het Algemeen delegatiebesluit Vlissingen 2015”:
Artikel I Wijzigingen
Het Algemeen delegatiebesluit Vlissingen 2015 wordt gewijzigd als volgt.
A. Artikel 2 wordt als volgt gewijzigd.
De onderdelen f, g en h komen te vervallen.
De nieuwe onderdelen f, g, h, i, j, k, l, m en n luiden als volgt:
f.
het toevoegen en of wijzigen van begripsbepalingen voor zover deze geen wezenlijke wijzigingen voor de fysieke leefomgeving tot gevolg hebben;
g.
de bevoegdheid tot het vertalen van vastgestelde beleidsregels in het nieuwe omgevingsplan;
h.
de bevoegdheid tot het vertalen van verleende omgevingsvergunningen in afwijking van het omgevingsplan;
i.
de bevoegdheid tot het wijzigen van het omgevingsplan voor aanvragen van omgevingsvergunningen die in strijd zijn met het omgevingsplan, waardoor het omgevingsplan
gewijzigd moet worden, maar die niet zijn opgenomen in de lijst ‘Bindend advies Raad Omgevingswet’; j.
de bevoegdheid tot het aanpassen van informatieproducten van het omgevingsplan;
k.
de bevoegdheid tot het actualiseren/aanpassen van het omgevingsplan aan veranderende wet- en regelgeving en beleidsnormen voor zover hier geen beleidsvrijheid meer is toegekend;
l.
de bevoegdheid tot het corrigeren van verschrijvingen, verkeerde verwijzingen en inventarisatiefouten in het omgevingsplan;
m. de bevoegdheid tot het toevoegen van die onderdelen uit de gemeentelijke verordeningen die beleidsneutraal overgeheveld worden naar het omgevingsplan; n.
de bevoegdheid tot het nemen van een voorbereidingsbesluit met het oog op de voorbereiding van in het omgevingsplan te stellen regels.
Artikel II Evaluatie Twee jaar na inwerkingtreding van de Omgevingswet vindt een evaluatie plaats over deze delegatie van bevoegdheden. Hiervoor doet het college aan de raad een overzicht toekomen van alle tot dan toe verwerkte besluiten/wijzigingen in het omgevingsplan. Vervolgens vindt elke vier jaar een evaluatie plaats.
Artikel III Citeertitel en inwerkingtreding 1. Dit besluit wordt aangehaald als “1e wijziging van het Algemeen delegatiebesluit Vlissingen 2015”. 2. Dit besluit treedt in werking op de datum dat de Omgevingswet in werking treedt.
Aldus vastgesteld in de openbare raadsvergadering van 30 september 2021. De raad voornoemd,
de griffier, mr. F. Vermeulen
de voorzitter, drs. A.R.B. van den Tillaar