CConstaterende datVlissingen
Koppel je AI →
Document · PDF

5.6 rvs Vaststelling bestemmingsplan Stadslandgoed Nieuwerve Vlissingen bijlage 4c bijlage bij regels

Raadsvergadering 29 juni 2023, gemeente VlissingenBij agendapunt: Vaststelling Bestemmingsplan Stadslandgoed Nieuwerve18.830 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 2

bestemmingsplan

Stadslandgoed Nieuwerve Vlissingen Vlissingen

DATUM IMRO IDN

18-04-2023 NL.IMRO.0718.BPSL01-VA01

PROJECT PROJECTLEIDER

Stadslandgoed Nieuwerve Vlissingen ir. C.A. Louws

OPDRACHTGEVER PROJECTNUMMER

Gemeente Vlissingen 0718.20210605

AUTEUR STATUS

vastgesteld

Inhoudsopgave

Bijlagen regels

5

Bijlage 1

Landschapsplan op hoofdlijnen

7

Bijlage 2

Staat van Bedrijfsactiviteiten

23

Bijlage 3

Staat van Horeca-activiteiten

39

Bijlage 4

Selectiebesluit archeologie

43

Bijlage 5 2018

Beleidsnota parkeernormering Vlissingen; vastgesteld B&W d.d. 20 maart

Bijlage 6

Salderen dierplaatsen

3/84

49 83

4/84

Bijlagen regels

5/84

6/84

Bijlage 1

7/84

Landschapsplan op hoofdlijnen

LANDSCHAPSPLAN OP HOOFDLIJNEN STADSLANDGOED NIEUWERVE VLISSINGEN 27 januari 2022

INLEIDING Aan de oostzijde van Vlissingen wordt het ‘Stadslandgoed Nieuwerve Vlissingen’ ontwikkeld. In dit nieuwe standslandgoed wordt het Justitieel Complex Vlissingen (JCV) gerealiseerd. Daarnaast biedt het Stadslandgoed vestigingsruimte voor bedrijven en onderzoeksinstellingen op het gebied van duurzame waterhuishouding en voedselproductie, energietransitie en klimaatadaptatie, in combinatie met dagrecreatief gebruik van het gebied. Voor de ontwikkeling van dit gebied is een bestemmingsplan opgesteld. Van groot belang is dat in het Stadslandgoed een aantrekkelijk samenhangend nieuw landschap wordt gecreëerd, dat een aantrekkelijke omgeving biedt om te recreëren, een representatieve omgeving vormt voor het JCV en een goed vestigingsklimaat biedt voor de bedrijfs- en onderzoeksfuncties. Dat landschap moet bovendien een goede inbedding in de omgeving waarborgen. De realisatie van dit nieuwe landschap wordt in het bestemmingsplan geborgd, evenals de landschappelijke inpassing van afzonderlijke functies. Als basis voor de juridisch-planologische regeling in het bestemmingsplan, is dit Landschapsplan op hoofdlijnen opgesteld. Binnen de kaders van dit landschapsplan op hoofdlijnen is er voldoende ruimte voor een flexibele ontwikkeling, mede afhankelijk van de functies die uiteindelijk in het Stadslandgoed worden gevestigd.

Dit landschapsplan op hoofdlijnen is gebaseerd op de hoofdlijnen van de Visie Stadslandschap Nieuwerve Vlissingen, opgesteld door H+N+S Landschapsarchitecten: • hoofdontsluiting in oostwest richting (Havenweg), met loodrecht daarop een nevenontsluiting • ringgracht • bruggen • orthogonale verkavelingsstructuur • robuuste beplantingsstructuur In het landschapsplan op hoofdlijnen worden vier belangrijke thema’s belicht: 1. infrastructuur 2. waterstructuur 3. groene randen 4. verkavelingsstructuur. Gridstructuur zoals voorgesteld in Visie Stadslandschap Nieuwere Vlissingen, H+ N+S Landschapsarchitecten 2

THEMA 1; INFRASTRUCTUUR Principe: T-vormige hoofdontsluiting met laanstructuur Voor de ontsluiting worden de volgende uitgangsunten gehanteerd: •

‘Havenweg’; doorlopende oostwest route door het plangebied (met ‘knip’ aan oostzijde). Laanstructuur.

•

‘Westerscheldeweg’ (haaks op Havenweg); noordzuid verbinding. Keermogelijkheid of via zijweg aanhaken op Havenweg of Oostelijke Bermweg. Laanstructuur.

•

Ten oosten van de Westerscheldeweg wordt de Havenweg afgesloten voor gemotoriseerd verkeer, met uitzondering van bestemmingsverkeer voor het JCV. De langzaamverkeersverbinding langs de Havenweg is oostelijk van de Havenweg wel openbaar toegankelijk en verbonden met de aansluitende wegen buiten het plangebied.

•

Visodeweg wordt een weg voor uitsluitend bestemmingsverkeer naar het JCV. Daarnaast wordt een afzonderlijke ontsluiting van de agrarische percelen gerealiseerd.

•

Er wordt een samenhangend netwerk van voet- en fietsverbindingen gerealiseerd langs / op Westerscheldeweg en Havenweg, langs de ringgracht en door het gebied. Deze langzaamversstructuur wordt aangesloten op de Zeedijk en het pad buitendijks langs de Westerschelde.

•

In het ontwerp moet rekening gehouden worden met archeologische monumenten. Aan de Westerscheldeweg is behoud uitgangspunt. Langs de Havenweg eventueel opgravingen doen indien noodzakelijk.

•

De benodigde gronden en de gronduitgifte bepalen aan welke zijde van de watergangen de onderhoudsstroken (schouwpaden) komen. Bij brede watergangen eist het het waterschap onderhoudsstroken aan beide zijden van het water.

3

GROEN LANGS DE WEGEN •

Beide wegen krijgen een laanstructuur, met een duidelijk onderscheid in hiërarchie.

•

Toepassing 1e orde bomen, passend op de kleigronden en windbestendig, zoals abeel en (fladder)iep. Het combineren van deze soorten verlaagt kans op ziekten.

•

Zeeuwse hagen aan zuidzijde Havenweg en westzijde Westerscheldeweg. Deze hagen zijn noodzakelijk om de laanbomen luwte te bieden tegen de zuidwestelijke wind. Daarbij is het gewenst voldoende doorzichten naar het achterliggende landschap te creëren. Deze gemengde hagen verhogen de biodiversiteit in het gebied, ze bieden kleine zoogdieren en vogels een schuilplaats. De Zeeuwse haag bestaat uit meidoorn, sleedoorn, veldesdoorn, gelderse roos, wilde liguster en hondsroos.

•

De hagen worden periodiek geschoren, in ieder geval aan de wegzijde, waardoor ze een strak uiterlijk hebben.

4

PRINCIPE DOORSNEDES HAVENWEG A A’

Minimale breedte

A

A’

Maximale breedte

A

De aangegeven profielen zijn principeprofielen, waarvan bij concretisering van het ontwerp op onderdelen gemotiveerd kan worden afgeweken. Dat geldt ook voor de aangegeven maten. Waterdiepte en breedte en hellingsgraad van oevers zijn bovendien afhankelijk van de hoogteligging in het terrein en kunnen ook daarom afwijkend zijn van de profielen.

A’

5

PRINCIPE DOORSNEDES WESTERSCHELDEWEG Minimale breedte

B

B

B’

B’

Maximale breedte

B De aangegeven profielen zijn principeprofielen, waarvan bij concretisering van het ontwerp op onderdelen gemotiveerd kan worden afgeweken. Dat geldt ook voor de aangegeven maten. Waterdiepte en breedte en hellingsgraad van oevers zijn bovendien afhankelijk van de hoogteligging in het terrein en kunnen ook daarom afwijkend zijn van de profielen.

B’

6

THEMA 2; WATERSTRUCTUUR RINGGRACHT Principe: ringgracht rondom Voor de waterstructuur worden de volgende uitgangsunten gehanteerd: •

Historisch waardevolle tankval aan westzijde plangebied behouden, inclusief steil talud.

•

Zoekgebied ringgracht: locatie gracht nader te bepalen.

•

Breedte ringgracht minimaal 15 meter voor een robuust beeld. Bij JCV is de ruimte soms beperkt en geldt een minimale breedte van 10 meter. Daar waar voldoende ruimte is, zal de watergang verbreed worden, waarbij ook rekening wordt gehouden met onderhoudsstroken.

•

Het uitgangspunt is dat er het hele jaar door voldoende water in de watergangen staat. Nadere (hydrologische) uitwerking zal locatiespecifiek plaatsvinden. Het definitieve ontwerp van de waterlopen is afhankelijk van de maaiveldsligging en de gewenste drooglegging. Dit zal de uiteindelijke helling van het talud en de breedte en diepte van het water bepalen.

•

Natuurontwikkeling langs/in watergang: minimaal 1 zijde flauw talud (minimaal 1 op 6) of plasdras berm. Hierbij gaat de voorkeur uit naar de zijde waar de zon op staat (dus noord-, oost- of westzijde). Overige taluds zullen moeten voldoen aan de minimale eisen die het Waterschap stelt (1 op 2).

•

Ambitie: Indien mogelijk de waterstructuur rond verdedigingswerk Fort de Ruijter versterken.

7

PRINCIPE DOORSNEDE WATERSTRUCTUUR RINGGRACHT (MINIMALE VARIANT)

De aangegeven profielen zijn principeprofielen, waarvan bij concretisering van het ontwerp op onderdelen gemotiveerd kan worden afgeweken. Dat geldt ook voor de aangegeven maten. Waterdiepte en breedte en hellingsgraad van oevers zijn bovendien afhankelijk van de hoogteligging in het terrein en kunnen ook daarom afwijkend zijn van de profielen.

8

HOOGTEKAART

AHN Dynamische opmaak

•

Het plangebied is relatief vlak, met dien verstande dat er toch op microniveau relevante hoogteverschillen aanwezig zijn.

•

De hoge ligging van het voormalige kampeerterrein op een voormalige vuilstort is heel kenmerkend en biedt ook mogelijkheden voor een fraai uitzicht over de Westerschelde en Vlissingen.

•

Met name voor het ontwerp van de watergangen is de hoogteligging op microniveau bepalend voor de drooglegging, de helling van oevers en de waterdiepte.

THEMA 3; GROENE RAND Principe: robuuste beplantingsstrook rondom het stadslandgoed met doorzichten en open plekken Voor de groene rand worden de volgende uitgangsunten gehanteerd: •

Omkaderen stadslandgoed middels dichte bosstrook.

•

Zichtlijnen en doorzichten waarborgen relatie met omgeving, met name aan west- en zuidzijde:

•

Aan westzijde rand opener houden ivm: - Zicht op plangebied vanaf de dijk en Oostelijke Bermweg - Zicht vanaf plangebied op Zeedijk, Westerschelde en Fort de Ruyter - Ruimte behouden rond tankval.

•

Aan westzijde afwisseling openheid/ beslotenheid (groen en bebouwing).

•

Aan zuidzijde kan het beeld gevarieerder en beplantingsstrook minder breed, vanwege de aanwezigheid van bestaand groen.

•

Aan noordoostzijde is een beplantingstrook van minimaal 20 meter breed nodig in verband met zicht vanaf de kern Ritthem.

•

De aansluiting van de groene rand op de Oostelijke Bermwegweg vraagt om nadere uitwerking. Deze ontwerpopgave te zijner tijd uitwerken.

10

DOORSNEDEN GROENE RAND JCV (MINIMALE VARIANTEN) D’

C

C’

D

C

C’ Doorsnede CC’ : Aan de (noordoost- en) oostzijde van de Visodeweg is tussen de muur van het JCV en de plangrens voldoende ruimte beschikbaar voor een brede bosstrook (minimaal 20 m.), een watergang (minimaal 10 m., indien mogelijk breder) en kabels en leidingen (10 m.). De waterranden bestaan uit rietkragen en mogelijk plasdras-oevers.

D

D’

Doorsnede DD’ : Aan de westzijde van de Visodeweg is minder ruimte beschikbaar, maar hier hoeft geen rekening te worden gehouden met kabels en leidingen. Langs de muur van het JCV loopt een interne ontsluitingsweg. Ook hier is de watergang minimaal 10 m. breed. De bosstrook is hier minimaal 15 m. breed. Indien hier ruimte voor is, worden watergang en bosstrook verbreed. Ook hier bestaan de waterranden uit rietkragen en mogelijk plasdras-oevers. *Indien extra leidingen toegevoegd dienen te worden, zal dit mogelijk tot aanpassing van de profielen leiden.

De aangegeven profielen zijn principeprofielen, waarvan bij concretisering van het ontwerp op onderdelen gemotiveerd kan worden afgeweken. Dat geldt ook voor de aangegeven maten. Waterdiepte en breedte en hellingsgraad van oevers zijn bovendien afhankelijk van de hoogteligging in het terrein en kunnen ook daarom afwijkend zijn van de profielen.

11

PRINCIPE DOORSNEDEN GROENE RAND RWZI

E

F

F’

E’ E

E’ De twee profielen hiernaast (EE’) laten twee varianten zien voor de locatie nabij de RWZI. Hier wordt gebruik gemaakt van de bestaande bosstrook van de RWZI.

E

E’

F’

F De aangegeven profielen zijn principeprofielen, waarvan bij concretisering van het ontwerp op onderdelen gemotiveerd kan worden afgeweken. Dat geldt ook voor de aangegeven maten. Waterdiepte en breedte en hellingsgraad van oevers zijn bovendien afhankelijk van de hoogteligging in het terrein en kunnen ook daarom afwijkend zijn van de profielen.

12

THEMA 4; VERKAVELINGSSTRUCTUUR Principe: nastreven orthogonale structuur •

Samenhang in inrichting; eenduidige verkavelingsstructuur; samenhang tussen noordelijk en zuidelijk deel plangebied.

•

Nastreven logische, samenhangende structuur, zoals de grid-structuur hiernaast.

•

Een andere verkavelingsstructuur, bijvoorbeeld meer diagonaal (zie hieronder), gebaseerd op huidige en historische structuren, is ook mogelijk.

Gridstructuur zoals voorgesteld in Visie Stadslandschap Nieuwere Vlissingen, H+ N+S Landschapsarchitecten

Alternatieve, diagonale NO-ZW structuur

13

HOOFDSTRUCTURENKAART STADSLANDGOED Principes algemeen •

Eenheid en samenhang in het totale plan; goede koppeling noordzijde (JCV) en zuidzijde.

•

Goede aansluiting op omgeving (zowel qua landschap als ontsluiting).

•

Ontwerpopgave entree stadslandgoed. Hier komt veel samen: beginpunt laanstructuur, de groene rand, aanvoerweg, inpassing westzijde JCV en dijkverzwaring. Dit vraagt om een locatiegerichte uitwerking.

14

LEEUWARDEN - ROTTERDAM - DEVENTER - MIDDELBURG - EINDHOVEN

Bijlage 2

23/84

Staat van Bedrijfsactiviteiten

STAAT VAN BEDRIJFSACTIVITEITEN BESTEMMINGSPLAN STADSLANDGOED

10 10 10 10

50 D 30 50 30

3.1 2 3.1 2

2 G 1 G 2 G 1 G

1 1 1 1

- VISSERIJ- EN VISTEELTBEDRIJVEN Zeevisserijbedrijven Binnenvisserijbedrijven 0 Vis- en schaaldierkwekerijen

100 50

0 0

100 C 50 C

50 R 10

100 50

3.2 3.1

2 G 1 G

2 1

032 032

1 - oester-, mossel- en schelpenteeltbedrijven 2 - visteeltbedrijven

100 50

30 0

50 C 50 C

0 0

100 50

3.2 3.1

1 G 1 G

1 1

10, 11 101, 102 101, 102 101 101 101 101

0 1 3 4 5 6

100 300 100 50 30

0 0 0 0 0

100 C 100 C 100 C 50 C 50

50 R 50 R 50 R 30 10

100 D 300 100 50 50

3.2 4.2 3.2 3.1 3.1

2 G 2 G 2 G 1 G 1 G

1 2 2 1 1

101, 102

7 - loonslachterijen - vervaardiging van snacks en vervaardiging van kant-en-klaar-maaltijden met p.o. 8 < 2.000 m² 0 Visverwerkingsbedrijven: 2 - conserveren 3 - roken 4 - verwerken anderszins: p.o.> 1000 m²

50

0

50

10

50

3.1

1 G

1

50

0

50

10

50

3.1

2 G

1

200 300 300

0 0 10

100 C 50 C 50 C

30 0 30

200 300 300 D

4.1 4.2 4.2

2 G 1 G 2 G

2 2 2

03 0311 0312 032

108 102 102 102 102

LANDBOUW EN DIENSTVERLENING T.B.V. DE LANDBOUW Dienstverlening t.b.v. de landbouw: - algemeen (o.a. loonbedrijven): b.o. > 500 m² - algemeen (o.a. loonbedrijven): b.o.<= 500 m² - plantsoenendiensten en hoveniersbedrijven: b.o. > 500 m² - plantsoenendiensten en hoveniersbedrijven: b.o. <= 500 m²

VERVAARDIGING VAN VOEDINGSMIDDELEN EN DRANKEN Slachterijen en overige vleesverwerking: - slachterijen en pluimveeslachterijen - bewerkingsinrichting van darmen en vleesafval - vleeswaren- en vleesconservenfabrieken: p.o. > 1000 m² - vleeswaren- en vleesconservenfabrieken: p.o. <= 1000 m² - vleeswaren- en vleesconservenfabrieken: p.o. <= 200 m²

LUCHT

GEVAAR

50 30 50 30

0 1 2 3 4

BODEM

GELUID

10 10 10 10

01 016 016 016 016 016

VISUEEL

STOF

30 30 30 30

-

nummer

GEUR

CATEGORIE

INDICES GROOTSTE AFSTAND

AFSTANDEN IN METERS

VERKEER

OMSCHRIJVING

SBI-2008

50 30

30 10

100 50

3.2 3.1

300 50

30 10

200 C 50

50 R 50 R

300 50

50 50 100 300 300

10 10 10 10 10

100 C 100 C 100 C 200 C 100 C

10 10 10 30 10

200 300

30 50

100 C 300 C Z

200 300

10 10

100 200

1 G 1 G

1 1

4.2 3.1

2 G 1 G

2 1

100 100 100 300 300

3.2 3.2 3.2 4.2 4.2

1 G 2 G 2 G 2 G 2 G

1 2 2 2 2

30 R 50 R

200 300

4.1 4.2

3 G 3 G

2 3

B B

100 C 300 C Z

100 R 200 R

200 300

4.1 4.2

3 G 3 G

2 3

B B

10 10

200 C 300 C Z

30 R 50 R

200 300

4.1 4.2

3 G 3 G

2 3

B

50 100 50 50 10

0 0 50 0 0

100 C 300 C Z 300 C 100 C 30

50 50 50 50 0

100 300 300 100 30

3.2 4.2 4.2 3.2 2

2 G 3 G 3 G 2 G 1 G

1 2 2 2 1

200 100 50

100 50 100

300 C Z 200 C 200 C

100 R 50 R 50

300 200 200 D

4.2 4.1 4.1

2 G 2 G 2 G

2 2 2

200 300

50 100

200 C 300 C Z

30 R 50 R

200 300

4.1 4.2

1 G 2 G

2 3

R R R R

LUCHT

GROOTSTE AFSTAND

10 10

BODEM

GEVAAR

100 50

VISUEEL

GELUID

CATEGORIE

STOF

- verwerken anderszins: p.o. <= 1000 m² - verwerken anderszins: p.o. <= 300 m² Aardappelprodukten fabrieken: - vervaardiging van aardappelproducten - vervaardiging van snacks met p.o. < 2.000 m² Groente- en fruitconservenfabrieken: - jam - groente algemeen - met koolsoorten - met drogerijen - met uienconservering (zoutinleggerij) Vervaardiging van ruwe plantaardige en dierlijke oliën en vetten: - p.c. < 250.000 t/j - p.c. >= 250.000 t/j Raffinage van plantaardige en dierlijke oliën en vetten: - p.c. < 250.000 t/j - p.c. >= 250.000 t/j Margarinefabrieken: - p.c. < 250.000 t/j - p.c. >= 250.000 t/j Zuivelprodukten fabrieken: - melkprodukten fabrieken v.c. < 55.000 t/j - melkprodukten fabrieken v.c. >= 55.000 t/j - overige zuivelprodukten fabrieken Consumptie-ijsfabrieken: p.o. > 200 m² - consumptie-ijsfabrieken: p.o. <= 200 m² Meelfabrieken: - p.c. >= 500 t/u - p.c. < 500 t/u Grutterswarenfabrieken 0 Zetmeelfabrieken: 1 - p.c. < 10 t/u 2 - p.c. >= 10 t/u 5 6 0 1 2 0 1 2 3 4 5 0 1 2 0 1 2 0 1 2 0 3 4 5 1 2 0 1 2

INDICES

GEUR

nummer

102 102 1031 1031 1031 1032, 1039 1032, 1039 1032, 1039 1032, 1039 1032, 1039 1032, 1039 104101 104101 104101 104102 104102 104102 1042 1042 1042 1051 1051 1051 1051 1052 1052 1061 1061 1061 1061 1062 1062 1062

AFSTANDEN IN METERS

VERKEER

OMSCHRIJVING

SBI-2008

2

10821 10821 10821 10821 1073 1083 1083 108401 1089 1089 1089 1089 1089 1089

3 4 5 6 0 2

0 1 2

200 C 200 C 300 C Z 200 C

30 30 50 R 30

300 200 300 200

4.2 4.1 4.2 4.1

2 G 3 G 3 G 2 G

2 3 3 2

30 100 100

10 30 10

30 C 100 C 100 C

10 30 30

30 100 100

2 3.2 3.2

1 G 2 G 2 G

1 2 2

100

30

50

30

100

3.2

2 G

2

30 300 100 30 50

10 30 30 10 30

30 50 50 30 10

10 30 R 30 R 10 10

30 300 100 30 50

2 4.2 3.2 2 3.1

1 G 2 G 2 G 1 G 2 G

1 2 2 1 2

100 200 200 200

10 30 30 50

30 50 50 50

10 10 30 50 R

100 200 200 D 200

3.2 4.1 4.1 4.1

2 G 2 G 2 G 2 G

1 1 2 2

100 300 200

10 50 50

50 50 50

10 50 R 30

100 300 200

3.2 4.2 4.1

2 G 2 G 2 G

2 2 2

LUCHT

100 50 100 100

VISUEEL

300 200 300 200

VERKEER

CATEGORIE

10821

GROOTSTE AFSTAND

0 0

GEVAAR

0 1 2

Veevoerfabrieken: - drogerijen (gras, pulp, groenvoeder, veevoeder) cap. < 10 t/u water - mengvoeder, p.c. < 100 t/u - mengvoeder, p.c. >= 100 t/u Vervaardiging van voer voor huisdieren Broodfabrieken, brood- en banketbakkerijen: - v.c. < 7500 kg meel/week, bij gebruik van charge-ovens - v.c. >= 7500 kg meel/week Banket, biscuit- en koekfabrieken Suikerfabrieken: Verwerking cacaobonen en vervaardiging chocolade- en suikerwerk: - cacao- en chocoladefabrieken vervaardigen van chocoladewerken met p.o. < 2.000 m² - cacao- en chocoladefabrieken vervaardigen van chocoladewerken met p.o. <= 200 m² - Suikerwerkfabrieken met suiker branden - Suikerwerkfabrieken zonder suiker branden: p.o. > 200 m² - suikerwerkfabrieken zonder suiker branden: p.o. <= 200 m² Deegwarenfabrieken Koffiebranderijen en theepakkerijen: - theepakkerijen Vervaardiging van azijn, specerijen en kruiden Vervaardiging van overige voedingsmiddelen Bakkerijgrondstoffenfabrieken Soep- en soeparomafabrieken: - zonder poederdrogen - met poederdrogen Bakmeel- en puddingpoederfabrieken

GELUID

0 3 5 6

STOF

nummer

-

INDICES

GEUR

1091 1091 1091 1091 1092 1071 1071 1071 1072 1081 10821

AFSTANDEN IN METERS

BODEM

OMSCHRIJVING

SBI-2008

30

200 C

200 300 10 300 300 10

30 50 0 30 50 0

200 C 300 C 30 C 100 C 100 C 100

30 50 0 50 30 50

200

30

50 C

2 G

2

4.1 4.2 2 4.2 4.2 3.2

1 G 2 G 1 G 2 G 2 G 3 G

2 3 1 2 2 2

200

4.1

2 G

1

30

100

3.2

2 G

1

0 50 10 10 10 10

100 300 50 50 200 50

3.2 4.2 3.1 3.1 4.1 3.1

2 G 3 G 2 G 1 G 2 G 1 G

1 2 2 1 2 2

R R R R

12 120

- VERWERKING VAN TABAK Tabakverwerkende industrie

13 131 132 132 132 133 139 1393 139, 143

- VERVAARDIGING VAN TEXTIEL Bewerken en spinnen van textielvezels 0 Weven van textiel: 1 - aantal weefgetouwen < 50 2 - aantal weefgetouwen >= 50 Textielveredelingsbedrijven Vervaardiging van textielwaren Tapijt-, kokos- en vloermattenfabrieken Vervaardiging van gebreide en gehaakte stoffen en artikelen

10

50

100

10 10 50 10 100 0

10 30 0 0 30 10

100 300 50 50 200 50

14 141 141 142, 151

- VERVAARDIGING VAN KLEDING; BEREIDEN EN VERVEN VAN BONT Vervaardiging kleding van leer Vervaardiging van kleding en -toebehoren (excl. van leer) Bereiden en verven van bont; vervaardiging van artikelen van bont

30 10 50

0 10 10

50 30 10

0 10 10

50 30 50

3.1 2 3.1

1 G 2 G 1 G

1 2 1

15 151,152 151 152

- VERVAARDIGING VAN LEER EN LEDERWAREN (EXCL. KLEDING) Lederfabrieken Lederwarenfabrieken (excl. kleding en schoeisel) Schoenenfabrieken

300 50 50

30 10 10

100 30 50

10 10 10

300 50 D 50

4.2 3.1 3.1

2 G 2 G 2 G

2 2 1

16 16101

HOUTINDUSTRIE EN VERVAARDIGING ARTIKELEN VAN HOUT, RIET, KURK - E.D. Houtzagerijen

0

50

100

50 R

100

3.2

2 G

2

Z

LUCHT

200 300 30 300 300 100

30

BODEM

4.2

300

VISUEEL

GROOTSTE AFSTAND 300

GELUID

GEVAAR

CATEGORIE

INDICES

30

STOF

Destilleerderijen en likeurstokerijen 0 Vervaardiging van ethylalcohol door gisting: 1 - p.c. < 5.000 t/j 2 - p.c. >= 5.000 t/j Vervaardiging van wijn, cider e.d. Bierbrouwerijen Mouterijen Mineraalwater- en frisdrankfabrieken

GEUR

nummer

110101 110102 110102 110102 1102 t/m 1104 1105 1106 1107

AFSTANDEN IN METERS

VERKEER

OMSCHRIJVING

SBI-2008

B

B B

L

B

L

B

L

CATEGORIE

10 10 10 0

200 50 100 100

4.1 3.1 3.2 3.2

2 G 2 G 3 G 2 G

2 1 2 2

162 162902

1 Timmerwerkfabrieken, vervaardiging overige artikelen van hout, p.o. < 200 m2 Kurkwaren-, riet- en vlechtwerkfabrieken

0 10

30 10

50 30

0 0

50 30

3.1 2

1 G 1 G

1 1

17 1711 1712 1712 1712 1712 172 17212 17212 17212

- VERVAARDIGING VAN PAPIER, KARTON EN PAPIER- EN KARTONWAREN Vervaardiging van pulp 0 Papier- en kartonfabrieken: 1 - p.c. < 3 t/u 2 - p.c. 3 - 15 t/u 3 - p.c. >= 15 t/u Papier- en kartonwarenfabrieken 0 Golfkartonfabrieken: 1 - p.c. < 3 t/u 2 - p.c. >= 3 t/u

200

100

200 C

50 R

200

4.1

3 G

2

50 100 200 30

30 50 100 30

50 C 200 C Z 300 C Z 100 C

30 50 100 30

R R R R

50 200 300 100

3.1 4.1 4.2 3.2

1 G 2 G 3 G 2 G

2 2 2 2

30 50

30 30

100 C 200 C Z

30 R 30 R

100 200

3.2 4.1

2 G 2 G

2 2

58 581 1811 1812 18129 1814 1814 1813 1814 182

UITGEVERIJEN, DRUKKERIJEN EN REPRODUKTIE VAN OPGENOMEN - MEDIA Uitgeverijen (kantoren) Drukkerijen van dagbladen Drukkerijen (vlak- en rotatie-diepdrukkerijen) Kleine drukkerijen en kopieerinrichtingen A Grafische afwerking B Binderijen Grafische reproduktie en zetten Overige grafische aktiviteiten Reproduktiebedrijven opgenomen media

0 30 30 10 0 30 30 30 0

0 0 0 0 0 0 0 0 0

10 100 C 100 30 10 30 10 30 10

0 10 10 0 0 0 10 10 0

10 100 100 30 10 30 30 30 D 10

1 3.2 3.2 2 1 2 2 2 1

1 P 3 G 3 G 1 P 1 G 2 G 2 G 2 G 1 G

1 2 2 1 1 1 1 1 1

22 221101

- VERVAARDIGING VAN PRODUKTEN VAN RUBBER EN KUNSTSTOF Rubberbandenfabrieken

300

50

300 C

100 R

300

4.2

2 G

2

LUCHT

GROOTSTE AFSTAND

50 50 100 100

VISUEEL

GEVAAR

30 30 30 30

-

VERKEER

GELUID

200 10 100 0

16102 16102 16102 1621 162

nummer

0 Houtconserveringsbedrijven: 1 - met creosootolie 2 - met zoutoplossingen Fineer- en plaatmaterialenfabrieken 0 Timmerwerkfabrieken, vervaardiging overige artikelen van hout

STOF

INDICES

GEUR

AFSTANDEN IN METERS

BODEM

OMSCHRIJVING

SBI-2008

B B B

L

B B B

L

B B

B

0 1 2 3 4 0 1 2 A B 0 1 0 1 0 1 2

VERVAARDIGING VAN GLAS, AARDEWERK, CEMENT-, KALK- EN GIPSPRODUKTEN Glasfabrieken: - glas en glasprodukten, p.c. < 5.000 t/j - glas en glasprodukten, p.c. >= 5.000 t/j - glaswol en glasvezels, p.c.< 5.000 t/j - glaswol en glasvezels, p.c. >= 5.000 t/j Glasbewerkingsbedrijven Aardewerkfabrieken: - vermogen elektrische ovens totaal < 40 kW - vermogen elektrische ovens totaal >= 40 kW Baksteen en baksteenelementenfabrieken Dakpannenfabrieken Kalkfabrieken: - p.c. < 100.000 t/j Gipsfabrieken: - p.c. < 100.000 t/j Betonwarenfabrieken: - zonder persen, triltafels en bekistingtrille - met persen, triltafels of bekistingtrillers, p.c. < 100 t/d

CATEGORIE

GROOTSTE AFSTAND

50 200 100

10 50 10

30 100 50

30 50 R 50 R

50 200 100 D

3.1 4.1 3.2

1 G 2 G 1 G

1 2 2

B

200 300

50 50

100 100

100 R 200 R

200 300

4.1 4.2

2 G 2 G

2 2

50

30

50

30

50

3.1

2 G

1

30 30 300 500 10

30 100 100 200 30

100 300 C Z 100 300 C Z 50

30 50 R 30 50 R 10

100 300 300 500 50

3.2 4.2 4.2 5.1 3.1

1 G 2 G 1 G 2 G 1 G

1 2 1 2 1

L L L L

10 30 30 50

10 50 200 200

30 100 200 200

10 30 30 100 R

30 100 200 200

2 3.2 4.1 4.1

1 G 2 G 2 G 2 G

1 2 2 2

L L L

30

200

200

30 R

200

4.1

2 G

2

30

200

200

30 R

200

4.1

2 G

2

10 10

100 100

200 300

30 30

200 300

4.1 4.2

2 G 2 G

2 2

B

B B

LUCHT

BODEM

23 231 231 231 231 231 231 232, 234 232, 234 232, 234 233 233 235201 235201 235202 235202 23611 23611 23611

VISUEEL

3 - productie van verpakkingsmateriaal en assemblage van kunststofbouwmaterialen

GEVAAR

222

GELUID

0 Loopvlakvernieuwingsbedrijven: 1 - vloeropp. < 100 m2 2 - vloeropp. >= 100 m2 Rubber-artikelenfabrieken 0 Kunststofverwerkende bedrijven: 1 - zonder fenolharsen 2 - met fenolharsen

STOF

nummer

-

INDICES

GEUR

221102 221102 221102 2219 222 222 222

AFSTANDEN IN METERS

VERKEER

OMSCHRIJVING

SBI-2008

L

OMSCHRIJVING

Z

10 10

100 300

3.2 4.2

3 G 3 G

2 3

Z

50 R 200 R

100 300

3.2 4.2

2 G 3 G

2 2

100 50 300 50

0 0 10 10

100 D 50 300 50 D

3.2 3.1 4.2 3.1

1 G 1 G 1 G 1 G

2 1 2 2

100

100

30

300

4.2

3 G

2

B

L

100 200 50 100 200

200 100 50 50 100

300 C Z 100 C 100 200 300 Z

30 50 50 30 50

300 200 100 D 200 300

4.2 4.1 3.2 4.1 4.2

2 G 2 G 2 G 3 G 3 G

2 2 2 2 2

B B

L L

30 30 30 50

30 30 50 200

100 50 200 300

30 10 30 30

100 50 200 300

3.2 3.1 4.1 4.2

2 G 1 G 2 G 3 G

2 1 2 3

10 30

50 200

100 300

10 30

50 200

100 300

10 10 10 10

30 30 100 30

300

Z

Z

LUCHT

2 3 2

100 300 100

BODEM

2 G 3 G 2 G

50 200 50

VISUEEL

3.2 4.2 3.2

10 30 50

VERKEER

CATEGORIE

100 300 100

GELUID

30 30 30

STOF

GROOTSTE AFSTAND

VERVAARD. EN REPARATIE VAN PRODUKTEN VAN METAAL (EXCL. - MACH./TRANSPORTMIDD.) 0 Constructiewerkplaatsen 1 - gesloten gebouw 1a - gesloten gebouw, p.o. < 200 m2 2 - in open lucht, p.o. < 2.000 m2 3 - in open lucht, p.o. >= 2.000 m2 0 Tank- en reservoirbouwbedrijven:

INDICES

GEVAAR

25, 31 251, 331 251, 331 251, 331 251, 331 251, 331 2529, 3311

0 Kalkzandsteenfabrieken: 1 - p.c. < 100.000 t/j 2 - p.c. >= 100.000 t/j Mineraalgebonden bouwplatenfabrieken 0 Betonmortelcentrales: 1 - p.c. < 100 t/u 2 - p.c. >= 100 t/u 0 Vervaardiging van produkten van beton, (vezel)cement en gips: 1 - p.c. < 100 t/d 2 - p.c. >= 100 t/d 0 Natuursteenbewerkingsbedrijven: 1 - zonder breken, zeven en drogen: p.o. > 2.000 m² 2 - zonder breken, zeven en drogen: p.o. <= 2.000 m² 3 - met breken, zeven of drogen, v.c. < 100.000 t/j Slijp- en polijstmiddelen fabrieken A0 Bitumineuze materialenfabrieken: A1 - p.c. < 100 t/u B0 Isolatiematerialenfabrieken (excl. glaswol): B1 - steenwol, p.c. >= 5.000 t/j B2 - overige isolatiematerialen C Minerale produktenfabrieken n.e.g. D0 Asfaltcentrales: p.c.< 100 ton/uur D1 - asfaltcentrales, p.c. >= 100 ton/uur

AFSTANDEN IN METERS

GEUR

23612 23612 23612 2362 2363, 2364 2363, 2364 2363, 2364 2365, 2369 2365, 2369 2365, 2369 237 237 237 237 2391 2399 2399 2399 2399 2399 2399 2399 2399

nummer

SBI-2008

B

B B B

300 200 200 100 50

30 R 30 30 30 10

300 200 200 100 D 50 D

4.2 4.1 4.1 3.2 3.1

50 30 30 100 50 100 100 30 50 50 100 30 10 10

50 200 50 30 50 50 50 50 10 10 50 30 30 30

100 200 100 100 100 100 100 100 100 100 100 100 100 50

50 30 50 50 R 30 R 50 50 30 30 30 50 R 50 30 10

100 200 D 100 D 100 D 100 D 100 100 100 100 100 100 100 100 D 50 D

30 30 30

50 30 30

200 100 50

30 30 10

30 50 50

30 30 30

100 200 300

30

10

30

Z

2 G 2 G 1 G 2 G 1 G

2 2 2 2 2

B B B B B

3.2 4.1 3.2 3.2 3.2 3.2 3.2 3.2 3.2 3.2 3.2 3.2 3.2 3.1

2 G 2 G 1 G 2 G 2 G 2 G 2 G 2 G 2 G 2 G 1 G 2 G 1 G 1 G

2 2 2 2 2 2 2 2 2 2 1 2 2 2

B B B B B B B B B B B B B B

200 100 50

4.1 3.2 3.1

2 G 2 G 1 G

2 2 2

B B B

30 30 30

100 D 200 D 300 D

3.2 4.1 4.2

2 G 3 G 3 G

1 2 2

B B B

10

30

2

1 G

1

LUCHT

CATEGORIE

GROOTSTE AFSTAND

50 30 30 30 30

BODEM

- VERVAARDIGING VAN KANTOORMACHINES EN COMPUTERS A Kantoormachines- en computerfabrieken incl. reparatie

30 30 10 50 30

VISUEEL

26, 28, 33 26, 28, 33

GEVAAR

0 1 2 3

GELUID

VERVAARDIGING VAN MACHINES EN APPARATEN Machine- en apparatenfabrieken incl. reparatie: - p.o. < 2.000 m2 - p.o. >= 2.000 m2 - met proefdraaien verbrandingsmotoren >= 1 MW

27, 28, 33 27, 28, 33 27, 28, 33 27, 28, 33 28, 33

STOF

1 - p.o. < 2.000 m2 Vervaardiging van verwarmingsketels, radiatoren en stoomketels A Stamp-, pers-, dieptrek- en forceerbedrijven B Smederijen, lasinrichtingen, bankwerkerijen e.d. B1 Smederijen, lasinrichtingen, bankwerkerijen e.d., p.o. < 200 m2 0 Metaaloppervlaktebehandelingsbedrijven: 1 - algemeen 10 - stralen 11 - metaalharden 12 - lakspuiten en moffelen 2 - scoperen (opspuiten van zink) 3 - thermisch verzinken 4 - thermisch vertinnen 5 - mechanische oppervlaktebehandeling (slijpen, polijsten) 6 - anodiseren, eloxeren 7 - chemische oppervlaktebehandeling 8 - emailleren 9 - galvaniseren (vernikkelen, verchromen, verzinken, verkoperen ed) 1 Overige metaalbewerkende industrie 2 Overige metaalbewerkende industrie, inpandig, p.o. <200m2 A0 Grofsmederijen, anker- en kettingfabrieken: A1 - p.o. < 2.000 m2 B Overige metaalwarenfabrieken n.e.g. B Overige metaalwarenfabrieken n.e.g.; inpandig, p.o. <200 m2

INDICES

GEUR

nummer

2529, 3311 2521, 2530, 3311 255, 331 255, 331 255, 331 2561, 3311 2561, 3311 2561, 3311 2561, 3311 2561, 3311 2561, 3311 2561, 3311 2561, 3311 2561, 3311 2561, 3311 2561, 3311 2561, 3311 2561, 3311 2562, 3311 2562, 3311 259, 331 259, 331 259, 331 259, 331

AFSTANDEN IN METERS

VERKEER

OMSCHRIJVING

SBI-2008

L L L L L L

L

GEUR

STOF

GELUID

GEVAAR

BODEM

LUCHT

26, 27, 33 271, 331 271, 273 273 272 274 293

VERVAARDIGING VAN OVER. ELEKTR. MACHINES, APPARATEN EN - BENODIGDH. Elektromotoren- en generatorenfabrieken incl. reparatie Schakel- en installatiemateriaalfabrieken Elektrische draad- en kabelfabrieken Accumulatoren- en batterijenfabrieken Lampenfabrieken Elektrotechnische industrie n.e.g.

200 200 100 100 200 30

30 10 10 30 30 10

30 30 200 100 30 30

50 50 100 R 50 300 R 10

200 200 200 D 100 300 30

4.1 4.1 4.1 3.2 4.2 2

1 G 1 G 2 G 2 G 2 G 1 G

2 2 2 2 2 1

B B

L L L L L

26, 33 261, 263, 264, 331 2612

VERVAARDIGING VAN AUDIO-, VIDEO-, TELECOM-APPARATEN EN - BENODIGDH. Vervaardiging van audio-, video- en telecom-apparatuur e.d. incl. reparatie Fabrieken voor gedrukte bedrading

30 50

0 10

50 50

30 30

50 D 50

3.1 3.1

2 G 1 G

1 2

B B

26, 32, 33

VERVAARDIGING VAN MEDISCHE EN OPTISCHE APPARATEN EN - INSTRUMENTEN Fabrieken voor medische en optische apparaten en instrumenten e.d. incl. A reparatie

30

0

30

0

30

2

1 G

1

29 291 291 291 29201 29202 293

VERVAARDIGING VAN AUTO'S, AANHANGWAGENS EN OPLEGGER 0 Autofabrieken en assemblagebedrijven 1 - p.o. < 10.000 m2 2 - p.o. >= 10.000 m2 Carrosseriefabrieken Aanhangwagen- en opleggerfabrieken Auto-onderdelenfabrieken

100 200 100 30 30

10 30 10 10 10

200 C 300 200 200 100

200 D 300 200 200 100

4.1 4.2 4.1 4.1 3.2

3 G 3 G 2 G 2 G 2 G

2 2 2 2 2

B B B B

30 301, 3315 301, 3315 301, 3315 301, 3315

0 1 2 3

VERVAARDIGING VAN TRANSPORTMIDDELEN (EXCL. AUTO'S, AANHANGWAGENS) Scheepsbouw- en reparatiebedrijven: - houten schepen - kunststof schepen - metalen schepen < 25 m

30 100 50

30 50 100

50 100 200

50 100 200

3.1 3.2 4.1

2 G 2 G 2 G

1 1 2

B B B

-

26, 32, 33

Z

30 50 30 30 30

R R R R

10 50 R 30

VISUEEL

nummer

CATEGORIE

INDICES GROOTSTE AFSTAND

AFSTANDEN IN METERS

VERKEER

OMSCHRIJVING

SBI-2008

B B

L

41, 42, 43 41, 42, 43 41, 42, 43 41, 42, 43 41, 42, 43

0 1 2 3

BOUWNIJVERHEID Bouwbedrijven algemeen: b.o. > 2.000 m² - bouwbedrijven algemeen: b.o. <= 2.000 m² Aannemersbedrijven met werkplaats: b.o. > 1000 m² - aannemersbedrijven met werkplaats: b.o.< 1000 m²

3.2 4.2

2 G 2 G

2 2

B B

200 100 100

30 30 R 30

200 100 100 D

4.1 3.2 3.2

2 G 2 G 2 G

2 2 2

B B B

50 10 10 10 10 10 30 10

100 10 10 30 50 50 30 50

30 0 10 10 30 30 0 30

100 D 10 30 30 50 50 30 50 D

3.2 1 2 2 3.1 3.1 2 3.1

2 G 1 P 1 G 2 G 2 G 2 G 1 P 2 G

2 1 1 2 2 2 1 2

B

10

0

50 C

30

50

3.1

1 G

2

0 0 0

0 0 0

30 C 100 C 300 C

10 10 10

30 100 300

2 3.2 4.2

1 P 1 P 1 P

1 1 2

10 10 10 0

30 30 30 10

100 50 50 30

10 10 10 10

100 50 50 30

3.2 3.1 3.1 2

2 G 2 G 2 G 1 G

2 1 1 1

30 30

100 300

50 30 30

30 10 30

50 0 30 30 30 30 0 30

Z

VERKEER

100 300

50 50

GEVAAR

BODEM

- WINNING EN DITRIBUTIE VAN WATER A0 Waterwinning-/ bereiding- bedrijven: A2 - bereiding met chloorbleekloog e.d. en/of straling B0 Waterdistributiebedrijven met pompvermogen: B1 - < 1 MW B2 - 1 - 15 MW B3 - >= 15 MW

VISUEEL

36 36 36 36 36 36 36

CATEGORIE

- VERVAARDIGING VAN MEUBELS EN OVERIGE GOEDEREN N.E.G. 1 Meubelfabrieken 2 Meubelstoffeerderijen b.o. < 200 m2 Fabricage van munten, sieraden e.d. Muziekinstrumentenfabrieken Sportartikelenfabrieken Speelgoedartikelenfabrieken Sociale werkvoorziening Vervaardiging van overige goederen n.e.g.

GROOTSTE AFSTAND

31 310 9524 321 322 323 324 32991 32999

INDICES

30 30 R

GELUID

Wagonbouw- en spoorwegwerkplaatsen: - algemeen - met proefdraaien van verbrandingsmotoren >= 1 MW Vliegtuigbouw en -reparatiebedrijven: - zonder proefdraaien motoren Rijwiel- en motorrijwielfabrieken Transportmiddelenindustrie n.e.g.

STOF

0 1 2 0 1

GEUR

nummer

302, 317 302, 317 302, 317 303, 3316 303, 3316 309 3099

AFSTANDEN IN METERS

B

B B B B

LUCHT

OMSCHRIJVING

SBI-2008

CATEGORIE

30 100 100 10 30 30 30

10 10 10 10 30 R 0 10

30 100 100 10 50 30 30

2 3.2 3.2 1 3.1 2 2

2 P 2 G 1 G 1 G 1 G 3 P 1 P

1 1 1 1 1 1 1

B

30

0

30

10

30

2

3 P

1

B

0 30

0 30

10 50

0 30 R

10 50

1 3.1

1 P 2 G

1 2

100 10 50 50 30 10 0 10 10 30 10 10

100 10 10 0 10 0 0 0 10 10 10 10

300 30 100 C 30 30 30 30 30 30 30 30 30

50 R 0 0 0 50 R 50 R 0 0 0 0 10 10

300 30 100 50 50 50 30 30 30 30 30 30

4.2 2 3.2 3.1 3.1 3.1 2 2 2 2 2 2

2 G 2 G 2 G 2 G 2 G 2 G 2 G 2 G 2 G 2 G 2 G 2 G

2 1 1 1 1 1 1 1 1 1 1 1

10

50

50

30

50

3.1

2 P

2

30 0

300 10

300 100

10 10

300 100

4.2 3.2

3 G 2 G

3 2

Z

BODEM

GROOTSTE AFSTAND

0 10 30 0 30 0 0

VISUEEL

GEVAAR

10 10 10 0 50 10 0

VERKEER

GELUID

4621 4622 4623 4624 46217, 4631 4632, 4633 4634 4635 4636 4637 4638, 4639 464, 46733 46711 46711 46721 46721 46722, 46723

- GROOTHANDEL EN HANDELSBEMIDDELING Handelsbemiddeling (kantoren) 0 Grth in akkerbouwprodukten en veevoeders Grth in akkerbouwprodukten en veevoeders met een verwerkingscapaciteit van 1 500 ton/uur of meer Grth in bloemen en planten Grth in levende dieren Grth in huiden, vellen en leder Grth in ruwe tabak, groenten, fruit en consumptie-aardappelen Grth in vlees, vleeswaren, zuivelprodukten, eieren, spijsoliën Grth in dranken Grth in tabaksprodukten Grth in suiker, chocolade en suikerwerk Grth in koffie, thee, cacao en specerijen Grth in overige voedings- en genotmiddelen Grth in overige consumentenartikelen 0 Grth in vaste brandstoffen: 1 - klein, lokaal verzorgingsgebied 0 Grth in metaalertsen: 1 - opslag opp. < 2.000 m2 Grth in metalen en -halffabrikaten

STOF

46 461 4621

HANDEL/REPARATIE VAN AUTO'S, MOTORFIETSEN; - BENZINESERVICESTATIONS Handel in auto's en motorfietsen, reparatie- en servicebedrijven Handel in vrachtauto's (incl. import en reparatie) A Autoplaatwerkerijen B Autobeklederijen C Autospuitinrichtingen Autowasserijen Handel in auto- en motorfietsonderdelen en -accessoires 0 Benzineservisestations: 3 - zonder LPG

INDICES

GEUR

45, 47 451, 452, 454 451 45204 45204 45204 45205 453 473 473

nummer

-

AFSTANDEN IN METERS

B

B

LUCHT

OMSCHRIJVING

SBI-2008

L

50 30

10 10

50 30

3.1 2

2 G 1 G

2 1

0 0

30 10

100 30

0 0

100 30

3.2 2

2 G 1 G

2 1

0 0 30 10 10 10 10 10

0 0 30 10 30 10 30 10

50 30 30 30 100 50 100 50

10 0 30 R 10 30 10 10 10

50 30 30 30 100 50 100 D 50

3.1 2 2 2 3.2 3.1 3.2 3.1

2 G 1 G 1 G 2 G 2 G 2 G 2 G 2 G

2 1 1 2 2 2 2 2

0 0 0

10 10 0

100 50 30

10 0 0

100 50 30

3.2 3.1 2

2 G 2 G 2 G

2 1 1

49 493 493

- VERVOER OVER LAND Taxibedrijven Touringcarbedrijven

0 10

0 0

30 C 100 C

0 0

30 100

2 3.2

2 P 2 G

1 1

494

0 Goederenwegvervoerbedrijven (zonder schoonmaken tanks): b.o. > 1000 m²

0

0

100 C

30

100

3.2

3 G

1

494 495

1 - Goederenwegvervoerbedrijven (zonder schoonmaken tanks) b.o. <= 1000 m² Pomp- en compressorstations van pijpleidingen

0 0

0 0

50 C 30 C

30 10

50 30 D

3.1 2

2 G 1 P

1 1

50, 51 50, 51 52 52 52241

A 0

0

0

10

0

10

1

2 P

1

VERVOER OVER WATER / DOOR DE LUCHT Vervoersbedrijven (uitsluitend kantoren) DIENSTVERLENING T.B.V. HET VERVOER Laad-, los- en overslagbedrijven t.b.v. zeeschepen:

B B B B

B

LUCHT

CATEGORIE

10 10

VISUEEL

GROOTSTE AFSTAND

0 0

VERKEER

GEVAAR

0 1 0 1 0 1 2

Grth in hout en bouwmaterialen: - algemeen: b.o. > 2000 m² - algemeen: b.o. <= 2000 m² zand en grind: - algemeen: b.o. > 200 m² - algemeen: b.o. <= 200 m² Grth in ijzer- en metaalwaren en verwarmingsapparatuur: - algemeen: b.o. > 2.000 m² - algemeen: b.o. < = 2.000 m² Grth in kunstmeststoffen Grth in overige intermediaire goederen Autosloperijen: b.o. > 1000 m² - autosloperijen: b.o. <= 1000 m² Overige groothandel in afval en schroot: b.o. > 1000 m² - overige groothandel in afval en schroot: b.o. <= 1000 m² Grth in machines en apparaten: - machines voor de bouwnijverheid - overige Overige grth (bedrijfsmeubels, emballage, vakbenodigdheden e.d.

GELUID

0 1 2 4 5 6 0 1 2

STOF

nummer

-

INDICES

GEUR

4673 4673 4673 46735 46735 46735 4674 4674 4674 46752 4676 4677 4677 4677 4677 466 466 466 466, 469

AFSTANDEN IN METERS

BODEM

OMSCHRIJVING

SBI-2008

VERHUUR VAN TRANSPORTMIDDELEN, MACHINES, ANDERE ROERENDE GOEDEREN Personenautoverhuurbedrijven Verhuurbedrijven voor transportmiddelen (excl. personenauto's)

300 C 100 C

100 R 200 R

300 D 300

4.2 4.2

0 300 0 30 50 50 30 10 10 0 0 0

10 10 10 200 300 300 10 0 0 0 0 0

300 100 100 300 200 300 50 C 30 C 100 C 10 10 10

50 200 50 30 50 50 50 0 30 0 0 0

300 300 100 D 300 300 300 50 D 30 100 10 10 10 D

0 0

0 0

30 C 10 C

0 0

0 0 0

0 0 0

0C 0C 0C

10 10

0 0

30 50

3 G 1 G

3 2

B B

4.2 4.2 3.2 4.2 4.2 4.2 3.1 2 3.2 1 1 1

2 G 1 G 2 G 2 G 2 G 2 G 2 G 3 P 2 G 2 P 1 P 1 P

2 2 2 2 2 2 2 1 1 1 1 1

30 10

2 1

2 P 1 P

1 1

100 10 10

100 10 10

3.2 1 1

1 P 1 P 1 P

2 2 2

10 10

30 50 D

2 3.1

2 P 2 G

1 1

R R R R R

LUCHT

CATEGORIE

GROOTSTE AFSTAND

30 10

BODEM

-

0 300

VISUEEL

77 7711 7712, 7739

GEVAAR

POST EN TELECOMMUNICATIE Post- en koeriersdiensten A Telecommunicatiebedrijven B0 zendinstallaties: B1 - LG en MG, zendervermogen < 100 kW (bij groter vermogen: onderzoek!) B2 - FM en TV B3 - GSM en UMTS-steunzenders (indien bouwvergunningplichtig) -

GELUID

53 531, 532 61 61 61 61 61

STOF

2 - stukgoederen 7 - tankercleaning 0 Laad-, los- en overslagbedrijven t.b.v. binnenvaart: 1 - containers 10 - tankercleaning 2 - stukgoederen 3 - ertsen, mineralen, e.d., opslagopp. < 2.000 m² 5 - granen of meelsoorten , v.c. < 500 t/u 7 - steenkool, opslagopp. < 2.000 m2 A Distributiecentra, pak- en koelhuizen 1 Autoparkeerterreinen, parkeergarages 2 Stalling van vrachtwagens (met koelinstallaties) Overige dienstverlening t.b.v. vervoer (kantoren) Reisorganisaties Expediteurs, cargadoors (kantoren)

INDICES

GEUR

nummer

52241 52241 52242 52242 52242 52242 52242 52242 52242 52102, 52109 5221 5221 5222 791 5229

AFSTANDEN IN METERS

VERKEER

OMSCHRIJVING

SBI-2008

B B B B L

50 D 30 D

3.1 2

2 G 2 G

1 2

63, 69tm71, 73, 74, 77, 78, 80tm82

-

63, 69tm71, 73, 74, 77, 78, 80tm82 812 74203 82991 82992

A Overige zakelijke dienstverlening: kantoren Reinigingsbedrijven voor gebouwen Foto- en filmontwikkelcentrales Veilingen voor landbouw- en visserijprodukten Veilingen voor huisraad, kunst e.d.

0 50 10 50 0

0 10 0 30 0

10 30 30 C 200 C 10

0 30 10 50 R 0

10 D 50 D 30 200 10

1 3.1 2 4.1 1

2 P 1 P 2 G 3 G 2 P

1 1 1 2 1

84 84 8422 8425

- OPENBAAR BESTUUR, OVERHEIDSDIENSTEN, SOCIALE VERZEKERINGEN A Openbaar bestuur (kantoren e.d.) Defensie-inrichtingen Brandweerkazernes

0 30 0

0 30 0

10 200 C 50 C

0 100 0

10 200 D 50

1 4.1 3.1

2 P 3 G 1 G

1 1 1

37, 38, 39 3700 3700 3700 3700 381 381 381 382 382 382 382 382

- MILIEUDIENSTVERLENING A0 RWZI's en gierverwerkingsinricht., met afdekking voorbezinktanks: A1 - < 100.000 i.e. A2 - 100.000 - 300.000 i.e. B rioolgemalen A Vuilophaal-, straatreinigingsbedrijven e.d. B Gemeentewerven (afval-inzameldepots) C Vuiloverslagstations A0 Afvalverwerkingsbedrijven: A2 - kabelbranderijen A4 - pathogeen afvalverbranding (voor ziekenhuizen) A5 - oplosmiddelterugwinning A6 - afvalverbrandingsinrichtingen, thermisch vermogen > 75 MW

200 300 30 50 30 200

10 10 0 30 30 200

100 C 200 C Z 10 C 50 50 300

10 10 0 10 30 R 30

200 300 30 50 50 300

4.1 4.2 2 3.1 3.1 4.2

2 G 2 G 1 P 2 G 2 G 3 G

1 1 1 1 1 3

100 50 100 300

50 10 0 200

30 30 10 300 C Z

10 10 30 R 50

100 50 100 D 300 D

3.2 3.1 3.2 4.2

1 G 1 G 1 G 3 G

1 2 2 3

LUCHT

10 10

BODEM

50 30

VISUEEL

0 10

CATEGORIE

GEVAAR

10 10

INDICES GROOTSTE AFSTAND

GELUID

-

STOF

Verhuurbedrijven voor machines en werktuigen Verhuurbedrijven voor roerende goederen n.e.g.

GEUR

-

nummer

773 772 62

AFSTANDEN IN METERS

VERKEER

OMSCHRIJVING

SBI-2008

B

OVERIGE ZAKELIJKE DIENSTVERLENING

B B

B

B B B B B

L L L L

OMSCHRIJVING

VERKEER

VISUEEL

BODEM

LUCHT

CATEGORIE

GROOTSTE AFSTAND

1 3

B B

L

4.2 3.2 4.1 4.1

2 G 2 G 3 G 3 G

2 2 2 1

B B B B

L

50 50 30 30 10 10

3.1 3.1 2 2 1 1

2 G 2 G 2 G 1 G 1 P 1 P

1 1 1 1 1 1

B

L L

10 10 100 30 100 10 D

1 1 3.2 2 3.2 1

2 P 2 P 2 P 1 P 1 P 1 P

1 1 2 1 1 1

GEVAAR

- OVERIGE DIENSTVERLENING A Wasserijen en strijkinrichtingen B Tapijtreinigingsbedrijven Chemische wasserijen en ververijen A Wasverzendinrichtingen B Wasserettes, wassalons Kappersbedrijven en schoonheidsinstituten 0 Begrafenisondernemingen: 1 - uitvaartcentra 2 - begraafplaatsen 3 - crematoria Fitnesscentra, badhuizen en sauna-baden A Dierenasiels en -pensions B Persoonlijke dienstverlening n.e.g.

1 G 3 G

GELUID

96 96011 96011 96012 96013 96013 9602 9603 9603 96031 96032 9313, 9604 9609 9609

A7 - verwerking fotochemisch en galvano-afval B Vuilstortplaatsen C0 Composteerbedrijven: C1 - niet-belucht v.c. < 5.000 ton/jr C3 - belucht v.c. < 20.000 ton/jr C4 - belucht v.c. > 20.000 ton/jr C5 - GFT in gesloten gebouw

INDICES

STOF

-

AFSTANDEN IN METERS

GEUR

382 382 382 382 382 382 382

nummer

SBI-2008

10 300

10 200

30 300

30 R 10

30 300

2 4.2

300 100 200 200

100 100 200 50

50 100 100 100

10 10 30 100 R

300 100 200 200

30 30 30 0 0 0

0 0 0 0 0 0

50 C 50 30 30 10 10

30 30 30 R 0 0 0

0 0 100 10 30 0

0 0 10 0 0 0

10 10 30 30 C 100 C 10 C

0 0 10 0 0 0

L

Bijlage 3

39/84

Staat van Horeca-activiteiten

Bijlage

Staat van Horeca-activiteiten

Categorie I 'lichte horeca' Horecabedrijven die, gelet op hun activiteiten en de aard van de omgeving, overwegend overdag en 's avonds zijn geopend. Dit hoofdzakelijk voor de verstrekking van etenswaren, maaltijden en dranken. Hierdoor veroorzaken zij slechts beperkte hinder voor omwonenden. Binnen deze categorie worden de volgende subcategorieën onderscheiden: 1a.

Aan de detailhandelsfunctie verwante horeca Horecabedrijven zoals: - broodjeszaak, crêperie, croissanterie; - cafetaria, koffiebar, theehuis; - lunchroom; - ijssalon; - snackbar.

1b.

Overige lichte horeca Horecabedrijven zoals: - bistro, eetcafé; - kookstudio; - poffertjeszaak/pannenkoekenhuis; - restaurant (zonder bezorg- en/of afhaalservice); - wijn- of whiskyproeverij.

1c.

Bedrijven met een relatief grote verkeersaantrekkende werking Horeca bedrijven zoals: - bedrijven genoemd onder 1a en 1b met een vloeroppervlak1) van meer dan 400 m²; - restaurant met bezorg- en/of afhaalservice.

Categorie 2 'middelzware horeca' Bedrijven die, gelet op hun activiteiten en de aard van de omgeving, overwegend ook delen van de nacht zijn geopend. Dit hoofdzakelijk voor de verstrekking van dranken al dan niet in combinatie met het verstrekken van etenswaren en maaltijden. Hierdoor kunnen zij aanzienlijke hinder voor omwonenden veroorzaken: Horecabedrijven zoals: -

bedrijven uit categorie 1 die gelet op de aard van hun omgeving ook delen van de nacht geopend zijn; bar, bierhuis, café, pub; biljartcentrum; café-restaurant.

Bijlage

2

Categorie 3 'zware horeca' Bedrijven die voor een goed functioneren ook 's nachts geopend zijn. Dit hoofdzakelijk voor de verstrekking van dranken al dan niet in combinatie met etenswaren en maaltijden en die tevens een groot aantal bezoekers aantrekken en daardoor grote hinder voor de omgeving met zich mee kunnen brengen: Horecabedrijven zoals: bar-dancing; dancing; discotheek; nachtclub; zalenverhuur/partycentrum (regulier gebruik ten behoeve van feesten en muziek/dansevenementen).

42/84

Bijlage 4

43/84

Selectiebesluit archeologie

B & W - NOTA Onderwerp: Michiel Adriaanszoon de Ruyterkazerne Vlissingen selectiebesluit archeologie Samenvatting: In het kader van de planontwikkeling van de Michiel Adriaanszoon de Ruyterkazerne is het wettelijk verplichte archeologisch onderzoekstraject doorlopen. Dit heeft tot de vaststelling van zes waardevolle archeologische vindplaatsen geleid, die behoud verdienen. Daarnaast heeft het onderzoek tot resultaat dat alle graaf- en bouwwerken in het gehele plangebied, met uitzondering van de vindplaatsen, vrijgesteld kunnen worden van verder archeologisch onderzoek. Zowel het behoud van de waardevolle vindplaatsen als de vrijstelling van onderzoek in het overige deel van het plangebied dient het college in de vorm van een selectiebesluit vast te stellen. Met het selectiebesluit legt het college van B&W voor alle betrokken instanties vast, dat er voor bouwen graafwerkzaamheden in vrijwel het gehele plangebied geen archeologische restricties meer gelden en dat voor het behoud van de waardevolle vindplaatsen vastomlijnde maatregelen worden getroffen.

Inleiding: In het kader van de planontwikkeling van de Michiel Adriaanszoon de Ruyterkazerne is een uitgebreid archeologisch onderzoekstraject doorlopen. Volgens het geldende inpassingsplan was dit archeologisch onderzoek noodzakelijk. Het resultaat van het onderzoek is dat bouw- en graafwerkzaamheden in vrijwel het gehele plangebied nu vrijgesteld kunnen worden van verder archeologisch onderzoek, behalve op de plaats van zes vastgestelde, waardevolle vindplaatsen. Deze vindplaatsen moeten behouden worden. In lijn met landelijk, provinciaal en gemeentelijk beleid zien we bij voorkeur de vindplaatsen onaangetast in de plannen ingepast (behoud in situ). Alleen als dit onmogelijk blijkt, dan moeten de vindplaatsen opgegraven worden (behoud ex situ). De gemeente Vlissingen zal de omgevingsvergunning voor de bouw van de kazerne verstrekken. Het college van B&W van de gemeente Vlissingen is tevens bevoegd gezag op het gebied van archeologie. Zij kan aan de omgevingsvergunning voorwaarden verbinden ten behoeve van het behoud van de archeologische vindplaatsen. Hiervoor dient het college een selectiebesluit te nemen. Het selectiebesluit vormt tevens een garantie naar Defensie van een plangebied zonder verdere archeologische restricties op zes vastomlijnde vindplaatsen na, waarvoor strenge regels gelden.

Beoogd resultaat: • Defensie heeft bij het ontwerp van de kazerne geen verdere restricties op het gebied van de archeologie, behalve ter hoogte van zes vindplaatsen. De vindplaatsen zijn aangeduid in bijgevoegd kaartje. • De zes waardevolle archeologische vindplaatsen worden behouden; bij voorkeur op hun plaats in de ondergrond (behoud in situ). Alleen als dit onmogelijk is, dan moeten de vindplaatsen opgegraven worden (behoud ex situ). Argumenten: • Op basis van het gemeentelijk en provinciaal archeologiebeleid, de geldende wet- en regelgeving heeft het archeologisch onderzoek in het plangebied van de marinierskazerne plaats gevonden. • Tijdens dit onderzoek zijn zes waardevolle archeologische vindplaatsen in kaart gebracht. Vijf vindplaatsen herbergen resten uit de Romeinse tijd en de zesde betreft de resten van een buskruitmolen uit de 18e eeuw. De vindplaatsen passen binnen de onderzoeksthema's, zoals zij in het gemeentelijk beleid zijn geformuleerd. • Tijdens het onderzoek zijn buiten de contouren van eerder genoemde vindplaatsen geen aanwijzingen voor de aanwezigheid van andere archeologie gevonden. Het gevolg is dat de rest van het plangebied vrijgesteld Afdeling, auteur: Strategie, Beleid & Projecten, B. Meijlink

Collegebesluit: 12 juli 2016

Telefoonnummer: 0118-487367 Portefeuillehouder: - S. Stroosnijder Datum: 27-06-2016

Commissievergadering:

Programma: De culturele stad Aard van het stuk: 1. Openbaar

Raadsvergadering: Registratienummer: 709641 Beslissingsbevoegdheid:B&W Status: 16 Gereed voor document generatie Behandelwijze: Routinestuk

kan worden van archeologisch onderzoek. • Met een selectiebesluit legt het college van B&W voor alle betrokken instanties vast dat er voor bouw- en graafwerkzaamheden in vrijwel het gehele plangebied geen archeologische restricties meer gelden en dat voor het behoud van de waardevolle vindplaatsen vastomlijnde maatregelen worden getroffen. • Het selectiebesluit vormt onderdeel van de afspraken die door Defensie en Provincie Zeeland zijn gemaakt in de Bestuursovereenkomst Kostenverdeling Defensie - Provincie Michiel Adriaanszoon de Ruyterkazerne. Kanttekeningen: n.v.t. Kosten, baten en dekking: Voor de gemeente komen ten behoeve van behoud van de vindplaatsen geen kosten naar voren. Kosten van eventueel noodzakelijke opgravingen zijn deels voor Defensie en deels voor de Provincie Zeeland, zoals dat is vastgelegd in de Bestuursovereenkomst Kostendeling Defensie - Provincie Zeeland Michiel Adriaanszoon de Ruyterkazerne. Uitvoering: Het te nemen selectiebesluit ligt aan de basis van de voorwaarden die bij de verstrekking van de omgevingsvergunning aan Defensie verbonden moeten worden. De archeologisch adviseur van de gemeente zal de toetsing van de eventueel noodzakelijke opgravingen doen. Evaluatie: Bij de beoordeling van de vergunningaanvraag zal de gemeente moeten controleren of de contouren van de vindplaatsen gerespecteerd zijn.

En als ze niet gerespecteerd zijn, welke maatregelen voor opgraving Defensie neemt. De resultaten van een eventuele opgraving van een vindplaats komen in een rapport, dat ter toetsing aan de gemeente wordt voorgelegd.

Communicatie/burgerparticipatie: Extra publieke aandacht voor de archeologische vindplaatsen in dit stadium is niet handig. Wellicht als er één of meer opgegraven gaan worden dat er een persbericht uit kan. Diversen: Overig Besproken met communicatieadviseur: Nee Bijlage(n): 709679

Marinierskazerne Vlissingen overzichtskaart archeologische vindplaatsen

2

B & W - BESLUIT Registratienummer: 709641 Besluit: Het College van B&W besluit

• het gehele plangebied van de kazerne vrij te stellen van verder archeologisch onderzoek, met uitzondering van de hieronder vermelde, behoudenswaardig bevonden archeologische vindplaatsen. Contouren van plangebied (blauwe stippellijn) en vindplaatsen (rood ingevuld) zijn in de bijgevoegde kaartbijlage "Marinierskazerne Vlissingen overzichtskaart archeologische vindplaatsen" (reg. nr. 709679) aangeduid. • Vindplaats T (locatie 18e eeuwse buskruitfabriek De Nieuwe Kruidmolen) te behouden. Dat houdt in: dubbelbestemming archeologie en dringend advies tot behoud in situ (planinpassing). Indien planinpassing onmogelijk is, moeten alle bodemingrepen dieper dan 40 cm vooraf worden gegaan door een archeologische opgraving op basis van een door de gemeente goedgekeurd Programma van Eisen. • Vindplaats B (locatie veenwinningsputten uit de Romeinse tijd) te behouden. Dat houdt in: dubbelbestemming archeologie en dringend advies tot behoud in situ (planinpassing). Indien planinpassing onmogelijk is, moeten alle bodemingrepen dieper dan 80 cm vooraf worden gegaan door een archeologische opgraving op basis van een door de gemeente goedgekeurd Programma van Eisen. • Vindplaats C (activiteitengebied uit de Romeinse tijd) te behouden. Dat houdt in: dubbelbestemming archeologie en dringend advies tot behoud in situ (planinpassing).

Indien planinpassing onmogelijk is, moeten alle bodemingrepen dieper dan 80 cm onder huidig maaiveld worden voorafgegaan door een archeologische opgraving op basis van een door de gemeente goedgekeurd Programma van Eisen. Gesloten afdekking over een groter oppervlak (> 30 m2) door beton of asfalt is verboden. Dit kan uitdroging en vergaan van de archeologische resten veroorzaken. • Vindplaats RAAP 1 (activiteitengebied uit de Romeinse tijd) te behouden. Dat houdt in: dubbelbestemming archeologie en dringend advies tot behoud in situ (planinpassing). Indien planinpassing onmogelijk is, moeten alle bodemingrepen dieper dan 40 cm onder huidig maaiveld worden voorafgegaan door een archeologische opgraving op basis van een door de gemeente goedgekeurd Programma van Eisen. Gesloten afdekking over een groter oppervlak (> 30 m2) door beton of asfalt is verboden. Dit kan uitdroging en vergaan van de archeologische resten veroorzaken. • Vindplaats RAAP 2 (locatie veenwinningsputten uit de Romeinse tijd) te behouden. Dat houdt in: dubbelbestemming archeologie en dringend advies tot behoud in situ (planinpassing). Indien planinpassing onmogelijk is, moeten alle bodemingrepen dieper dan -1,3 m NAP worden voorafgegaan door een archeologische opgraving op basis van een door de gemeente goedgekeurd Programma van Eisen.

• Vindplaats RAAP 3 (noordelijk deel van AMK-terrein 2372; locatie activiteitengebied / woongebied (?) / terp uit de Romeinse tijd) te behouden. Dat houdt in: dubbelbestemming archeologie en zeer dringend advies tot behoud in situ (planinpassing). Indien planinpassing onmogelijk is, moeten alle bodemingrepen dieper dan 40 cm onder huidig maaiveld worden voorafgegaan door een archeologische opgraving op basis van een door de gemeente goedgekeurd Programma van Eisen. Gesloten afdekking over een groter oppervlak (> 10 m2) door beton of asfalt is verboden. Dit kan uitdroging en vergaan van de archeologische resten veroorzaken. • Op Bijlage 709629 overzichtskaart archeologische vindplatsen geheimhouding op te leggen Afdeling, auteur: Strategie, Beleid & Projecten, B. Meijlink

Collegebesluit: 12 juli 2016

Telefoonnummer: 0118-487367 Portefeuillehouder: - S. Stroosnijder Datum: 27-06-2016

Commissievergadering:

Programma: De culturele stad Aard van het stuk: 1. Openbaar

Raadsvergadering: Registratienummer: 709641 Beslissingsbevoegdheid:B&W Status: 16 Gereed voor document generatie Behandelwijze: Routinestuk

Vlissingen, 12 juli 2016 de 1e loco secretaris,

Rob Schiettekatte Bestuurs-/directiesecretaris

4

Bijlage 5 Beleidsnota parkeernormering Vlissingen; vastgesteld B&W d.d. 20 maart 2018

49/84

STILSTAAN BIJ RUIMTELIJKE ONTWIKKELINGEN

NOTA PARKEERNORMERING VLISSINGEN 2018-2022

Uitgave: Gemeente Vlissingen Directie Ruimte en Samenleving Team Leefbaarheid Datum: 20 maart 2018 Bestuurlijk opdrachtgever: Josephine Elliott

Wethouder portefeuille verkeer

Ambtelijk opdrachtgever: Wil Ronken

directeur directie Ruimte & Samenleving

Projectleider: Martijn Ernest

beleidsmedewerker verkeer, vervoer en mobiliteit

Projectgroep: Jos Francke

beleidsmedewerker ruimtelijke ordening

Els Jasperse

beleidsmedewerker ruimtelijke ordening

Bart Pouwer

beleidsmedewerker economische zaken

Maarten van Alphen projectleider ruimtelijke ontwikkelingen Jan Roest

projectleider ruimtelijke ontwikkelingen

Willem Alewijnse

parkeerbeheer, coördinator handhaving

Mehmet Kavsitli

vergunningverlening

1

INHOUDSOPGAVE 1.

INLEIDING

3

1.1

Tijd voor een Nota Parkeernormen Vlissingen

3

1.2

Samenwerking tussen vakdisciplines

3

1.3

Leeswijzer

4

2.

BELEIDSKADERS EN JURIDISCHE REGELINGEN

5

2.1

Gemeentelijk verkeer- en vervoerplan Vlissingen 2012-2020

5

2.2

Vlissingen staat niet stil! – parkeerbeleid 2017-2022

5

2.3

Verankering parkeernormen in het bestemmingsplan

6

3.

TOEPASSING PARKEERNORMEN

8

3.1

Algemene uitgangspunten

8

3.2

Uitgangspunt: parkeren op eigen terrein realiseren

9

3.3

Afwijken van het principe: parkeren op eigen terrein

10

3.4

Overgangsregeling

13

4.

GEBIEDSINDELING EN PARKEERNORMEN

14

4.1

Gebiedsindeling Vlissingen

14

4.2

Tabel met parkeernormen

16

Bijlage 1: Gebiedsindeling Bijlage 2: Parkeernormen

2

1.

INLEIDING

1.1 TIJD VOOR EEN NOTA PARKEERNORMEN VLISSINGEN De gemeente Vlissingen heeft tot op heden geen eigen Nota Parkeernormering. Op 30 november 2017 heeft de gemeenteraad het parkeerbeleidsplan Vlissingen 2017-2022 vastgesteld. In dit parkeerbeleidsplan is als beleidsmaatregel opgenomen om een Nota Parkeernormering Vlissingen op te stellen. Een belangrijke aanleiding hiervoor is economisch van aard. Zoals in veel steden en kernen in Nederland te zien is, is de vitaliteit van binnensteden voorgaande jaren onder druk komen te staan door

minder

consumentenbestedingen,

meer

leegstand

van

winkels

en

minder

investeringsmogelijkheden in openbare ruimte. Het is dus belangrijker geworden om ruimtelijkeconomische initiatieven adequaat te faciliteren. De parkeervraag is echter vaak een ‘starre eis’ waar veel discussie over ontstaat en waardoor ontwikkelingen soms dreigen te stagneren. Stimulering van ruimtelijk-economische initiatieven vraagt om een meer flexibelere benadering van de toepassing van parkeernormen bij nieuwe ruimtelijke ontwikkelingen. Een andere aanleiding is juridisch van aard. Sinds eind november 2014 moeten de parkeernormen in het bestemmingsplan te worden verankerd en moeten geldende bestemmingsplannen voor 1 juli 2018 op dit punt zijn geactualiseerd. Op dat moment vervallen de stedenbouwkundige bepalingen uit de bouwverordening (waaronder art. 2.5.30 die de parkeerverplichting regelt). Redenen genoeg voor een Vlissingse Nota Parkeernormering. 1.2 SAMENWERKING TUSSEN VAKDISCIPLINES De toepassing van parkeernormen kent veel aanvliegroutes. Vanuit een ruimtelijk ontwerp van een bepaalde functie is een veelgehoorde wens om niet al te veel parkeerplaatsen (op maaiveld) realiseren om kwaliteit aan de openbare ruimte en de inrichting van de parkeervoorzieningen te bieden. Vanuit het oogpunt van (locatie)bereikbaarheid zijn voldoende parkeerplaatsen gewenst, maar hoeft hier in principe geen overmaat in te zitten.

Voor de plantoetsing is het belangrijk om duidelijke en werkbare parkeernormen te hanteren die transparant toe te passen zijn. Daarnaast speelt ook het gemeentelijk

financiële

plaatje

een

rol

voor

het

aanleggen

van

parkeervoorzieningen

(parkeerexploitatie). Daarom is voorafgaand aan het opstellen van deze nota een breed overleg geweest met verschillende vakdisciplines aangevuld met de economische disciplines. Hieruit is een helder beeld naar voren gekomen. De parkeernormensystematiek moet zodanig worden vormgegeven dat het economische ontwikkelingen mogelijk maakt. De hoogte van de parkeernormen moet aansluiten op de huidige praktijk en moet toekomstbestendig zijn en zorgdragen voor een kwalitatief hoogwaardige inpassing van de parkeervoorziening. Daarnaast dient er voldoende aandacht te zijn voor de juridische verankering van parkeernormen in het bestemmingsplan. Thema’s die een duidelijke plaats hebben gekregen in deze nota parkeernormering.

3

1.3 LEESWIJZER In hoofdstuk 2 is een uiteenzetting gemaakt van de bovenliggende verkeerskundige beleidskaders en de juridische regelingen. In hoofdstuk 3 is de toepassing van parkeernormen beschreven als een stappenplan om te komen tot een parkeervraag. In hoofdstuk 4 is uitgelegd hoe gekomen is tot de hoogte van de parkeernormen per gebied met behulp van begrippen als stedelijkheidsgraad en stedelijk zones. In de bijlagen is de gebiedsindeling gevisualiseerd en zijn de tabellen met parkeernormen en aanvullende rekenmethoden aangegeven.

4

2.

BELEIDSKADERS EN JURIDISCHE REGELINGEN

In dit hoofdstuk wordt een korte omschrijving gegeven van de relevante beleidskaders en juridische regelingen op het gebied van verkeer en parkeren die hun doorwerking hebben op de toepassing van parkeernormen. 2.1 GEMEENTELIJKE VERKEER- EN VERVOERPLAN VLISSINGEN 2012-2020 Het algehele mobiliteitsbeleid van de gemeente Vlissingen is verwoord in het Gemeentelijk Verkeeren Vervoerplan (GVVP). De algemene visie en insteek van het GVVP is samengevat in een aantal thema’s: 1.

Een sterke maatschappelijke en economische ontwikkeling staat of valt bij een sterke verkeersstructuur. Het optimaal benutten van de maatschappelijke en economische kracht van de regio.

2.

Vlissingen kent een sterk netwerk van radiaalstructuren zonder inbreuk op leefbaarheid in de wijken.

3.

Faciliteren van vervoer over water vanuit nieuwe ontwikkelingen Scheldekwartier.

4.

In de binnenstad zoveel mogelijk parkeren aan de randen en in parkeergarages. Voor nieuwe ontwikkelingen gebruikt de gemeente de CROW-richtlijnen om het aantal parkeerplaatsen te bepalen.

5.

De Sloebrug als poort naar Walcheren moet zo min mogelijk een belemmering zijn in de bereikbaarheid. De beoogde oplossing is een verhoogde Sloebrug.

6.

Fietsers moeten de mogelijkheid hebben zich snel en veilig te verplaatsen.

7.

Vlissingen zet in op een hoogwaardig openbaar vervoer netwerk (zeker in relatie tot onderwijsinstellingen).

8.

Kwetsbare

verkeersdeelnemers

verdienen

extra

aandacht;

enerzijds

middels

fysieke

aanpassingen anderzijds via gedragsbeïnvloeding en educatie. 2.2 VLISSINGEN STAAT NIET STIL – PARKEERBELEIDSPLAN 2017-2022 Op 30 november 2017 is het parkeerbeleidsplan Vlissingen door de gemeenteraad vastgesteld. Hierin is

de

koppeling

gelegd

met

de

ruimtelijk-economische

kaders

als

structuurvisie

en

detailhandelstructuurvisie. Ambitie parkeerbeleid: voel je welkom in Vlissingen Het parkeerbeleid van de gemeente Vlissingen (2017) kent de volgende ambitie: “Verkeer en Parkeren in Vlissingen biedt optimale ondersteuning aan alle activiteiten (gericht op bezoekers, bewoners en werknemers/ondernemers) die in Vlissingen plaatsvinden. Leefbaarheid, duurzaamheid, kwaliteit zijn hierbij belangrijke pijlers in zowel Vlissingen, Oost-Souburg als Ritthem. Dit resulteert in een transparant en duidelijk parkeerbeleid met ruime en praktisch werkbare kaders.” Om invulling te gaan geven aan deze ambitie wordt uitgegaan van de B-B-B-B- benadering (Beïnvloeden – Benutten – Beprijzen – Bouwen). De oplossingen voor knelpunten worden gevonden door eerst het verkeers- en parkeergedrag te Beïnvloeden (door bijvoorbeeld het aanprijzen van 5

alternatieve vervoerswijzen of parkeerfaciliteiten), vervolgens de aanwezige weg- en parkeercapaciteit zo goed mogelijk te Benutten in plaats en tijd (door bijvoorbeeld dubbelgebruik; overdag en ’s avonds), dan (financieel) te reguleren (Beprijzen) en tenslotte – als de voorgaande maatregelen onvoldoende effect hebben - weg- en parkeercapaciteit bij te Bouwen. Doelstelling parkeernormering Op het gebied van parkeernormering en de relatie met ruimtelijke ontwikkelingen is de volgende doelstelling van toepassing uit het parkeerbeleidsplan. Parkeren biedt kwaliteit aan ruimtelijke ontwikkelingen of veranderingen De gemeente heeft een eigen actuele parkeernormensystematiek waarin parkeren bij inbreiding, uitbreiding en functieverandering duidelijk is vastgelegd volgens de meest recente wettelijke regelgeving, richtlijnen en kencijfers. Flexibiliteit wordt gebiedsgewijs gezocht door het uitzoeken van een optimale verhouding tussen de parkeervraag en het parkeeraanbod (bijvoorbeeld het optimaal benutten van bestaande parkeervoorzieningen). De gemeente stelt een Nota Parkeernormen vast op basis van de richtlijnen van het CROW die als basis dient voor het parkeervraagstuk bij omgevingsplannen, ruimtelijke onderbouwingen of ingediende initiatieven. Het vertrekpunt bij herinrichtingsprojecten

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/12902825/1