5.6 rvs TAM IMRO Omgevingsplan Spuikom fase 1 bijlage 7 geohydrologisch onderzoek
Tekst van het document
Geohydrologisch onderzoek Spuikom, Vlissingen Definitief
Rapport: Kenmerk: Datum: Status: Opdrachtgever:
Geohydrologisch onderzoek Spuikom, Vlissingen BZ412a.251119 19-11-2025 Definitief Gemeente Vlissingen
Auteur(s):
ir. M. van Rees
Vrijgave:
ir. J.H. Bouma
Inhoud 1. Inleiding .............................................................................................................................................. 1 1.1. Aanleiding ..................................................................................................................................... 1 1.2. Doel ............................................................................................................................................... 2 1.3. Leeswijzer ...................................................................................................................................... 2 1.4. Gebruikte bronnen ........................................................................................................................ 3 2. Gebiedsanalyse .................................................................................................................................. 4 2.1. Ontwikkeling Spuikom ................................................................................................................... 4 2.2. Maaiveldhoogte ............................................................................................................................ 5 2.3. Regionale bodemopbouw ............................................................................................................. 6 2.4.
Oppervlaktewater ......................................................................................................................... 7 3. Lokale bodemopbouw........................................................................................................................ 8 4. Grondwaterstanden en oppervlaktewaterpeil ................................................................................ 10 4.1. Grondwaterstanden .................................................................................................................... 10 4.2. Oppervlaktewaterpeil ................................................................................................................. 11 4.3. Effect eb en vloed ........................................................................................................................ 11 4.4. Analyse kwel................................................................................................................................ 13 5. Zoet-zoutverhouding........................................................................................................................ 15 6. Conclusies en aanbevelingen ........................................................................................................... 17
Bijlage 1. Tekening rioolstelsel, gemeente Vlissingen 2. Boorprofielen 3. Boring en peilbuislocaties 4. Grondwaterstandsgrafieken 5. Notitie grondwaterstanden RSK [13]
1. Inleiding 1.1. Aanleiding De gemeente Vlissingen wil de Spuikom, direct achter de boulevard gelegen, herinrichten. De gemeente heeft een gebiedsvisie laten opstellen voor de Spuikom. De gebiedsvisie Spuikom Vlissingen is in april 2024 vastgesteld en gepubliceerd [1]. Hierbij wordt de groenblauwe kern van de Spuikom behouden en versterkt. Ook wordt er ingespeeld op het landschap en klimaat adaptieve kustontwikkeling. De gebiedsvisie heeft als uitgangspunt het gebied aantrekkelijker te maken voor toeristen en recreanten. In figuur 1 is de gebiedsvisie in het deelgebied van de Grote Spuikom van Vlissingen weergegeven.
Figuur 1: Deelgebied: Grote Spuikom, gebiedsvisie Spuikom Vlissingen [1]
Groen en water zijn belangrijke thema’s in de gebiedsvisie. In januari 2024 is door BZ Ingenieurs & Managers een verkennende geohydrologische inventarisatie uitgevoerd op basis van archiefgegevens [12]. Hieruit is geconcludeerd dat het onbekend is in hoeverre er sprake is van zoute kwel. Ook is er onvoldoende duidelijkheid over de bodemopbouw, waterpeilen en grondwaterstanden. De werkelijke geohydrologische situatie is van belang voor de verdere planuitwerking. Dit is de aanleiding om nader onderzoek te doen naar de geohydrologische situatie van het gebied, zie figuur 2 voor een overzichtskaart van de Spuikom in Vlissingen.
BZ412a.251119
1
Figuur 2: Overzichtskaart van de Spuikom in Vlissingen
1.2. Doel Het doel van dit rapport is door middel van veldonderzoek de huidige geohydrologische situatie van de Spuikom in beeld te brengen ten aanzien van: − Bodemopbouw; − Fluctuaties in grondwaterstanden en oppervlaktewaterpeilen; − Kwel en wegzijging; − De zoet-zoutverhouding in het grond- en oppervlaktewater en de fluctuaties daarin.
1.3. Leeswijzer In hoofdstuk 2 is van de Spuikom en omgeving een beknopte gebiedsanalyse opgenomen. De lokale bodemopbouw, de grondwaterstanden en het oppervlaktewaterpeil staan in hoofdstuk 3 en hoofdstuk 4 beschreven. Als laatste is de zoet-zoutverhouding beschreven in hoofdstuk 5.
BZ412a.251119
2
1.4. Gebruikte bronnen Bij het schrijven van dit rapport is gebruik gemaakt van de onderstaande bronnen: 1. 2. 3. 4. 5.
Spuikom Vlissingen - Definitieve Gebiedsvisie, 21-046, OKRA landschapsarchitecten Historische kaarten Topotijdreis, Kadaster, geraadpleegd op 10-02-2025 Actueel Hoogtebestand Nederland v5 (AHN5) Ondergrondmodel BRO GeoTOP v1.6, TNO DINOloket Dataset Primaire, secundaire en tertiaire waterlopen in Zeeland, geraadpleegd via Open Data portaal Zeeland, 10-02-2025 6. Waterkansenkaart Open Data portaal Zeeland, Provincie Zeeland 7. Deltafact Brakke kwel, STOWA 8. Grondwaterzakboekje Gwz2016, Bram Bot 9. Waterinfo Rijkswaterstaat, Zeeniveau meetlocatie Vlissingen 10. Zoute kwel in delta’s. Preferente kwel via wellen en interacties tussen dunne regenwaterlenzen en zoute kwel. (Academisch proefschrift, Vrije Universiteit Amsterdam) De Louw, P.G.B. 11. Waterdata Rijkswaterstaat, Zoutgehalte, de concentratie is uitgedrukt in milligram chloride per liter (mg Cl/l). 12. BZ412.240327. Geohydrologie Spuikom Vlissingen, BZ Ingenieurs & Managers, 27-032024 13. Notitie grondwatermeetnet Spuikom (t/m december 2024), 519334.01(00), RSK De nummers tussen de [] in de tekst, verwijzen naar de bovenstaande bronnen.
BZ412a.251119
3
2. Gebiedsanalyse Dit hoofdstuk betreft een beknopte gebiedsanalyse van de huidige situatie van de Spuikom in Vlissingen. Hierbij komen de ontwikkeling, maaiveldhoogte, regionale bodemopbouw en het oppervlaktewater aan bod.
2.1. Ontwikkeling Spuikom In figuur 3 zijn kaarten weergegeven die de ontwikkeling van de Spuikom laten zien. De Spuikom in Vlissingen werd in de 19e eeuw aangelegd als onderdeel van het haven- en waterbeheersysteem. Oorspronkelijk diende het als reservoir voor het doorspoelen van de haven en ter voorkoming van verzanding. In de loop der tijd verloor het deze functie door verbeterde haventechnieken. De Spuikom was van oudsher verbonden met de zee en is later uiteindelijk afgesloten en grotendeels drooggelegd. In de 20e eeuw werd het gebied deels gedempt en heringericht voor stedelijke ontwikkeling. Tegenwoordig is de Spuikom grotendeels verdwenen, met slechts enkele restanten zichtbaar in het stadsbeeld. De Spuikomweg is in de laatste periode ontwikkeld en doorkruist op dit moment de Spuikom diagonaal door het midden (scheiding kleine en grote Spuikom).
Figuur 3: Historische kaarten gebiedsontwikkeling rondom de Spuikom, Vlissingen [2]
BZ412a.251119
4
2.2. Maaiveldhoogte De Spuikom in Vlissingen ligt achter de strandboulevard van Vlissingen. Het maaiveld ter plaatse van de kleine Spuikom (ten westen van de Spuikomweg) varieert van NAP +1,8 m in het westen tot NAP +4,8 m aan de Spuikomweg. In de grote Spuikom (tussen de Spuikomweg en de Komstraat) ligt het maaiveld op NAP +1,45 m in het westen. De oostkant van de grote Spuikom ligt lager, circa NAP +0,5 m. Het centrale deel van de grote Spuikom ligt het laagst (zie blauwe arcering in figuur 4). Het maaiveld is hier circa NAP -0,7 m. De Kenau Hasselaarstraat ligt op circa NAP +8,9 m. De boulevard ten zuidwesten hiervan heeft een maaiveldhoogte van circa NAP +7,7 m.
Figuur 4: Maaiveldhoogte in de omgeving van de Spuikom, Vlissingen [3]
BZ412a.251119
5
2.3. Regionale bodemopbouw Van het plangebied van de Spuikom is weinig informatie beschikbaar om de bodemopbouw vast te stellen. Op basis van het GeoTOP model uit het Dinoloket is een benadering gemaakt [4]. De meest waarschijnlijke grondsoort (lithoklasse) uit het GeoTOP model is weergegeven in figuur 5. Daaruit blijkt dat in de Spuikom aan maaiveld een antropogene laag is aangebracht (grijze arcering in figuur). Dit is veelal opgehoogd gebied (zand). Hieronder is een kleilaag (groen) aanwezig is van 1 à 2 m dikte. Daaronder bevindt zich zand (geel). Op basis van het model en de beschikbare boringen uit Dinoloket is geen duidelijk beeld te schetsen van de ondergrond.
Figuur 5: Bodemopbouw op basis van het GeoTOP model v1.6 in de omgeving van de Spuikom, Vlissingen [4]
BZ412a.251119
6
2.4. Oppervlaktewater Schuitvaartgracht De Schuitvaartgracht ligt ten noorden van de Spuikom. Ter hoogte van de Singel 40-62 ligt een stuw in de Schuitvaartgracht, zie ook figuur 6. Benedenstrooms van de stuw geldt een zomerpeil van NAP -1,5 m en winterpeil van NAP -1,55 m. De minimale en maximale kruinhoogte van de stuw bedraagt NAP -1,57 m en NAP -0,97 m. Het is niet bekend wat de gebruikelijke kruinhoogte van deze stuw bedraagt. Het is aannemelijk, gezien de metingen dat deze stuw staat ingesteld op circa NAP -1 m. Waterpartij Spuikom In de grote Spuikom ligt in het lager gelegen deel een waterpartij [5]. Het peil van deze waterpartij is niet bekend uit gegevens van het Waterschap Scheldestromen (legger en peilgebieden). Om inzicht te krijgen in het waterpeil is in de waterpartij meetpunt geïnstalleerd om het waterpeil te monitoren. Uit de metingen blijkt dat het peil vrij constant is in de meetperiode van januari 2025 en augustus 2025 ( peil varieert enkele centimeters tussen de NAP -0,99 m en NAP -1,02 m). De waterpartij staat in direct contact met de bovenstroomse deel van de Schuitvaartgracht. Het gemeten waterpeil komt overeen met de maximale kruinhoogte van de stuw. In hoofdstuk 4 is het gemeten waterpeil weergegeven. Afvoer Spuikom In de grote Spuikom is een afvoer gelegen voor het oppervlaktewater. Deze afvoer is aangesloten op de Schuitvaartgracht.
In bijlage 1 is een overzicht opgenomen van de afvoer.
Figuur 6: Oppervlaktewater in de omgeving van de Spuikom, Vlissingen [5]
BZ412a.251119
7
3. Lokale bodemopbouw Voor het onderhavige geohydrologisch onderzoek zijn peilbuizen, boringen en een oppervlaktewatermeetpunt geplaatst. De bijbehorende boorlocaties zijn weergegeven in figuur 7. In figuur 8 zijn de boorprofielen weergegeven in een dwarsprofiel van de grote Spuikom. In deze figuur zijn de boorprofielen op basis van NAP-hoogte weergegeven samen met de maaiveldhoogte (rode profiellijn). De bodemopbouw in het noordwesten van de grote Spuikom ter plaatse van PB01, PB02, B01, B02 en B03 bestaat aan maaiveld uit een siltige zandlaag (circa 3 m dik). Onder deze zandlaag ligt een kleilaag tot minimaal NAP -3,5 m. In het lager gelegen deel van de Spuikom (PB03, B04, B05 en B07) bestaat de bodemopbouw voornamelijk uit klei, in enkele gevallen met een dunne zandige toplaag. In dit lager gelegen deel is ook een veenlaag aanwezig, variërend in dikte op circa NAP -2 tot -4 m. Onder de veenlaag bevindt zich klei. De boorprofielen rond het huidige parkeerterrein (PB05, B06 en PB04) bestaan uit een siltige zandlaag met daaronder klei, zie ook figuur 8. Alle boorprofielen en boorlocaties zijn opgenomen in bijlage 2 en 3. In september is een aanvullende boring B09 gezet en zijn steekpeilingen gedaan naar de dikte van de sliblaag in de waterpartij. Boring B09 kon door een puin/harde laag niet dieper worden geboord dan 1,3 m-mv. De dikte sliblaag is ingeschat op circa 30 cm.
Figuur 7: Overzicht locatie boorprofielen en hoogtelijn profiel
BZ412a.251119
8
Figuur 8: Boorprofielen Spuikom (x-as = meters over dwarsprofiel, y-as = m +NAP)
BZ412a.251119
9
4. Grondwaterstanden en oppervlaktewaterpeil In dit hoofdstuk zijn de grondwaterstanden en het peil van het oppervlaktewater in de Spuikom beschreven. In het plangebied zijn in 5 peilbuizen en 1 oppervlaktewater meetpunt telemetrische dataloggers geïnstalleerd die elk uur de waterstand registreren. Daarnaast is gebruik gemaakt van gegevens van de peilbuizen van RSK [13], gelegen in de Spuistraat en Coosje Buskenstraat. Het rapport van RSK is opgenomen in bijlage 5.
4.1. Grondwaterstanden De loggers in de peilbuizen PB01 t/m PB05 zijn op 21 november 2024 geïnstalleerd. De locaties van de peilbuizen zijn weergegeven in figuur 12 en bijlage 3. De bijbehorende grondwaterstandsgrafieken staan in bijlage 4. Uit de grondwaterstandsmetingen blijkt het volgende: • De grondwaterstanden meten over het algemeen hoger dan het oppervlaktewaterpeil. • PB03 meet na mei 2025 tot begin september onder NAP -1 m en dus onder het oppervlaktewaterpeil. Deze peilbuis staat onder invloed van de onttrekking van bomen als gevolg verdamping. Het effect van de verdamping is in deze periode (dag- en nachtritme grondwaterstand) waar te nemen in de grondwaterstand. Dit zorgt voor een lokaal verlaagde grondwaterstand ten opzichte van de overige peilbuizen. • Peilbuis PB04 is dieper afgewerkt. De filterstelling staat hier circa 2 m dieper dan de overige peilbuizen. De peilbuis heeft waarschijnlijk onder invloed gestaan van een bemaling aan Spuistraat, welke op basis van de grafiek begin maart is gestopt. De stijghoogte in deze peilbuis meet na deze periode vergelijkbaar aan PB01.
Figuur 9: Gemeten grondwaterstanden en oppervlaktewaterpeil
BZ412a.251119
10
4.2. Oppervlaktewaterpeil Het meetpunt in de waterpartij van de Spuikom meet sinds 20 januari 2025. Het waterpeil toont geen fluctuatie en is vrij constant op circa NAP -1 m, zie ook figuur 9. De waterpartij staat in direct contact met de bovenstroomse deel van de Schuitvaartgracht, aangezien het gemeten waterpeil overeenkomt met de maximale kruinhoogte van de stuw. Uit de meetdata valt te concluderen dat de grondwaterstanden in de omgeving veelal hoger staan dan het oppervlaktewaterpeil van NAP -1 m. De stromingsrichting van het grondwater is dan ook naar de waterpartij toe. Proef dichtmaken afvoer Spuikom Eind augustus 2025 is de afvoer van de waterpartij in de Spuikom richting te Schuitvaartgracht dicht gemaakt. De metingen laten zien dat het oppervlaktewaterpeil in de periode na het dichtmaken met 35 cm is gestegen van ca NAP -1 m tot NAP -0,65 m. Het niveauverschil tussen de grondwaterstanden en het oppervlaktewaterpeil is hiermee verkleind.
4.3. Effect eb en vloed In figuur 10 is de invloed van eb en vloed zichtbaar op de stijghoogte in peilbuis PB04. De stijghoogte in de diepe peilbuis PB04 is samen met het zeeniveau nabij Vlissingen weergegeven [9]. Tussen de toppen en dalen van het zeeniveau en de grondwaterstanden zit enige vertragingstijd (circa 5 uur). Het zeeniveau fluctueert tussen de NAP +2 en -2 m (4 m). De stijghoogte fluctueert gemiddeld circa 4 cm en heeft een vergelijkbaar eb en vloed ritme. Het getijde effect is ook licht zichtbaar in de grondwaterstanden van PB01. Door eb en vloed fluctueert de grondwaterstand hier circa 2 cm. In de overige peilbuizen en het waterpeil is geen eb en vloed effect waargenomen. Peilbuis v01b (RSK) in de Spuistraat [13] meet in een zandlaag onder de klei (13 tot 14 m-mv). De stijghoogte in deze peilbuis fluctueert circa 30 cm en heeft ook een vergelijkbaar eb en vloed ritme, zie figuur 11.
BZ412a.251119
11
Figuur 10: Effect van eb en vloed op de stijghoogte in PB04
Figuur 11: Effect van eb en vloed op stijghoogte in peilbuizen v01b, v02b en v03b [RSK,13]
BZ412a.251119
12
4.4. Analyse kwel In figuur 12 is de kwelkaart van de Provincie Zeeland [6] weergegeven voor het plangebied van de Spuikom. De modelresultaten laten zien dat in het laagstgelegen deel van de Spuikom en onder de Schuitvaartgracht gering tot matige kwel aanwezig is. Naar alle waarschijnlijk is in dit model het waterpeil van de Spuikom gelijkgesteld aan het waterpeil van de Schuitvaartgracht. Dit is echter niet het geval, zoals in hoofdstuk 2.4 is beschreven. Het daadwerkelijk maximale peil in de waterpartij bedraagt circa NAP -1,0 m. Dit is circa 0,5 m hoger dan het peil in de Schuitvaartgracht. Hierdoor is sprak van een geringere kwel dan het model aangeeft.
Figuur 12: Kwelkaart in de omgeving van de Spuikom, Vlissingen [6]
Om de mate van kwel nauwkeuriger te bepalen is de data van PB04, PB05 en OPP01 met elkaar vergeleken. De resultaten ten opzichte van NAP zijn weergegeven in figuur 13. Daarnaast is gebruik gemaakt van de stijghoogte in een diepe peilbuis V01b van RSK [13], zie ook figuur 12 voor locatie. Deze peilbuis meet in een onderliggend zandpakket op 13 tot 14 m-mv. De stijghoogte in deze peilbuis staat onder invloed van eb en vloed en varieert in de meetperiode van juni 2023 t/m dec 2024 tussen ca. NAP -0,1 m (eb) en NAP +0,2 m (vloed), zie figuur 11.
BZ412a.251119
13
Figuur 13: Meetdata van peilbuizen PB04, PB05 en oppervlaktewatermeetpunt OPP01
De stijghoogte gemeten in de diepe peilbuis v01b is hoger dan de stijghoogte in PB04, PB05 en het waterpeil, zie ook figuur 13. Het grondwater kwelt dus op. De mate van verticale kwel is benaderd door middel van de Wet van Darcy [7]: 𝑞𝑧 =
𝛥𝜑 𝑑 ,𝑐 = 𝑐 𝑘𝑣
waarbij qz = verticale kwel (mm/d), Δφ = stijghoogteverschil (mm) c = hydraulische weerstand (d) d = dikte slecht doorlatende laag kv = verticale doorlatendheid Het stijghoogteverschil tussen v01b en het waterpeil in de Spuikom bedraagt circa 0,9 m tijdens eb en 1,2 m tijdens vloed. Op basis van de boorprofielen is geconstateerd dat de dikte van de slecht doorlatende laag varieert en daarmee dus ook de hydraulische weerstand (c). De weerstand is ingeschat op circa 1000 tot 5000 dagen [8]. De berekende verticale kwel (qz) is daarmee circa 1 mm/d (bij een weerstand van 1000 dagen) tot 0,2 mm/d (bij een weerstand van 5000 dagen).
BZ412a.251119
14
5. Zoet-zoutverhouding In de peilbuizen en het oppervlaktewatermeetpunt zijn CTD-divers geïnstalleerd. Deze divers meten naast de waterdruk ook de geleidbaarheid (EC in mS/cm). De geleidbaarheid is om te rekenen naar chloridegehaltes om te bepalen hoe zoet of zout het water is. De volgende formule [10] is gebruikt om de EC-waarde om te rekenen naar het chloridegehalte (mg/l). 𝐶𝑙 (𝑚𝑔/𝑙) = 360 ∗ 𝐸𝐶 (𝑚𝑆/𝑐𝑚) − 450 De chloridegehaltes zijn vervolgens ingedeeld in verschillende categorieën van zoet, brak tot zout water. De volgende grenzen zijn hiervoor gehanteerd: Tabel 1: Zoutgehalte (chloride) indeling van zoet naar zout [Waterdata Rijkswaterstaat, 11]
Zoet Matig zoet Licht brak Zwak brak Brak Sterk brak tot zout
minder dan 150 mg Cl/l tussen 150 en 300 mg Cl/l tussen 300 en 1.000 mg Cl/l tussen 1.000 en 3.000 mg Cl/l 3.000 en 10.000 mg Cl/l meer dan 10.000 mg Cl/l
De chloridegehaltes per peilbuis en oppervlaktewatermeetpunt zijn weergegeven in figuur 14. De bevindingen van de zoet-zoutverhouding zijn als volgt: • De peilbuizen PB01 t/m PB03 staan alle 3 in het hoger gelegen deel van de Spuikom en meten op circa NAP -1,5 tot -2,5 m de geleidbaarheid. PB01 t/m PB03 bevinden zich in de categorie zoet tot zwak brak, waarvan PB02 het meest zoet is. • Het oppervlaktewater in de Spuikom is brak water. Nadat de afvoer van de waterpartij is dichtgemaakt is het water steeds zoeter geworden, zie ook donkerblauwe lijn in figuur 14. In november viel dit in de klasse : zwak brak (1.000 tot 3.000 mg Cl/l). • De peilbuizen PB04 en PB05 meten op circa NAP -3,5 m tot NAP -5 m de geleidbaarheid. Op deze diepte is het grondwater brak, tegen het sterk brak tot zoute aan.
BZ412a.251119
15
Figuur 14: Chloridegehaltes per peilbuis en oppervlaktewatermeetpunt
BZ412a.251119
16
6. Conclusies en aanbevelingen De conclusies van het geohydrologisch onderzoek zijn hieronder puntsgewijs samengevat. Bodemopbouw • De bodemopbouw bestaat uit een combinatie van zand en klei. De toplaag bestaat voornamelijk uit zand met daaronder een kleilaag. In het laagstgelegen deel van de Spuikom rond de waterpartij is ook veen aangetroffen in de kleilaag. • De aanwezige klei- en veenlagen in de Spuikom zorgen voor weerstand tegen zoute kwelindringing. Grondwaterstanden en waterpeilen • Het peil in de huidige waterpartij bedraagt NAP -1 m en staat door middel van een afvoer in verbinding met de Schuitvaartgracht. • De stijghoogtes in de wat dieper geplaatste peilbuizen fluctueren licht door getijdenbewegingen (met een vertraging van circa 5 uur). Het effect op de meeste meetpunten is echter minimaal. • Er is sprake van een (zoute) kwelsituatie. De kwelsituatie varieert tussen circa 1 mm/d en 0,2 mm/d afhankelijk of er sprake is van eb of vloed en de dikte van de klei/veenlaag. • De grondwaterstanden zijn hoger dan het waterpeil van de Spuikom. De stromingsrichting van het grondwater is dan ook naar de waterpartij toe. Zoet-zoutverhouding • Het grondwater in de hogere delen van de Spuikom is zoet tot zwak brak. • In diepere lagen is het water brak tot sterk brak/zout. • Het oppervlaktewater van de waterpartij in de Spuikom is brak.
Nadat de afvoer van de waterpartij is dichtgemaakt is het waterpeil gestegen en is daarmee het water zoeter geworden. Aanbevelingen • In de Spuikom is in de huidige situatie sprake van kwel. De klei en veenlaag in de ondergrond van de Spuikom biedt weerstand tegen de kwel. Het is aan te bevelen deze weerstandslagen niet te vergraven bij de herontwikkeling van het gebied. • Het huidige peil van de waterpartij in de Spuikom bedraagt circa NAP -1 m. Het water is brak. Het advies is om het waterpeil in de nieuwe situatie te verhogen. De kweldruk neemt hierdoor af. Het verhogen van het peil heeft daardoor een positief verzoetend effect ten opzichte van de huidige situatie. Het afkoppelen van hemelwater uit de omgeving en afvoeren naar de Spuikom werkt mee aan het verzoeten en doorspoelen van het water. Bij een waterpeil van circa NAP +0,1 m treedt geen kwel nog infiltratie op (evenwichtssituatie).
BZ412a.251119
17
Bijlage 1
Bijlage 2
Meetpunt:
PB05
Meetpunt:
PB01
Veldwerker:
Shadi Kaskas
Veldwerker:
Shadi Kaskas
Datum:
14-11-2024
Datum:
14-11-2024
X:
28590,50
X:
28418,70
Y:
385617,00
Y:
385767,01
Z (mv + NAP):
0
Z (mv + NAP):
0
0
0 5
Zand, siltig, bruin
0
0 5
Zand, siltig, beige -50
50
Zand fijn 105-150, siltig, grijs
-100
Zand, siltig, bruin Zand, siltig, beige
-50
-100 120 140
Zand, siltig, grijs
-150
-150
160 180
-200
Klei, zwak zandig, bruin Klei, sterk zandig, grijs
-200 230
Klei, zwak zandig, grijs
-250
-250
250
Klei, sterk zandig, grijs 290
-300
300
-300
-350
Projectcode: 23240090-1 Projectnaam: Spuikom Vlissingen
Klei, sterk zandig, grijs
350
Meetpunt:
B03
Meetpunt:
PB03
Veldwerker:
Shadi Kaskas
Veldwerker:
Wesley Deenen
Datum:
14-11-2024
Datum:
14-11-2024
X:
28460,40
X:
28520,60
Y:
385734,60
Y:
385743,80
Z (mv + NAP):
0
Z (mv + NAP):
0
0
0 5
40
Zand, siltig, bruin Zand, siltig, bruin Zand, siltig, beige
-50
0
0
Klei, zwak zandig, bruin 40
Klei, sterk zandig, beige
-50 80
Klei, zwak zandig, grijs -100
-100
-150
-150
-200
-200
200
Veen, kleiïg, bruin
230
-250
Zand, siltig, zwart 260
-250
Zand, siltig, grijs -300
-300 320
Klei, zwak zandig, grijs -350
-350 370
Klei, zwak zandig, grijs -400
-400
-450
450
-500
500
Klei, sterk zandig, grijs
Projectcode: 23240090-1 Projectnaam: Spuikom Vlissingen
400
Meetpunt:
PB02
Meetpunt:
B02
Veldwerker:
Wesley Deenen
Veldwerker:
Wesley Deenen
Datum:
14-11-2024
Datum:
8-11-2024
X:
28442,40
X:
28425,80
Y:
385713,60
Y:
385738,71
Z (mv + NAP):
0
Z (mv + NAP):
1.571
0
0 10
Zand, siltig, bruin
150
0 10
Zand, siltig, beige -50
Zand, siltig, bruin Zand, siltig, beige
100
-100
50
-150
0
-200
-50 240
-250
250
Zand, siltig, grijs
-100
Zand, siltig, zwart 270
Zand, siltig, grijs -300
300
-350
350
Zand, siltig, grijs
-150
-200 380
Klei, sterk zandig, grijs -250
-300
500
Projectcode: 23240090-1 Projectnaam: Spuikom Vlissingen
Meetpunt:
B01
Meetpunt:
B04
Veldwerker:
Wesley Deenen
Veldwerker:
Wesley Deenen
Datum:
8-11-2024
Datum:
8-11-2024
X:
28464,67
X:
28498,05
Y:
385760,40
Y:
385647,34
Z (mv + NAP):
1.275
Z (mv + NAP):
-0.413
0 10
100
0
Zand, siltig, bruin
-50
20
Zand, siltig, beige
Klei, sterk zandig, bruin Klei, sterk zandig, grijs
-100
70
50
Zand, siltig, grijs -150
0 -200 -50 200
-250
Klei, zwak zandig, grijs
-100 250 270
-150
Zand, siltig, grijs
-300
Zand, siltig, zwart 300
Zand, siltig, grijs
-350
320
-200
Veen, kleiïg, bruin 350
350
Klei, sterk zandig, grijs
-400
Klei, sterk zandig, grijs
-450
Klei, zwak zandig, grijs
-250 400
-300 -500 -350 500
Projectcode: 23240090-1 Projectnaam: Spuikom Vlissingen
500
Meetpunt:
B05
Meetpunt:
B07
Veldwerker:
Wesley Deenen
Veldwerker:
Toon Kokkes
Datum:
8-11-2024
Datum:
8-11-2024
X:
28576,03
X:
28573,51
Y:
385708,87
Y:
385601,89
Z (mv + NAP):
0.633
Z (mv + NAP):
-0.013
0
0
Zand, siltig, bruin
50
Zand, siltig, beige 30
Zand, siltig, grijs
-50 0 80
Klei, sterk zandig, beige -50
-100
110
120 130
Klei, zwak zandig, grijs
Bruin Zand, siltig, grijs
-150 -100
-200 -150
220
Klei, zwak zandig, grijs 250
Veen, kleiïg, zwart
-200 300
Veen, kleiïg, bruin
-250
-250
250
Veen, kleiïg, bruin
-300
-350 -300
-400 -350
400
Klei, zwak zandig, grijs
420
Klei, zwak zandig, grijs -450 -400
500
Projectcode: 23240090-1 Projectnaam: Spuikom Vlissingen
-500
500
Meetpunt:
B06
Meetpunt:
PB04
Veldwerker:
Toon Kokkes
Veldwerker:
Toon Kokkes
Datum:
8-11-2024
Datum:
8-11-2024
X:
28609,65
X:
28634,39
Y:
385648,12
Y:
385665,74
Z (mv + NAP):
0.424
Z (mv + NAP):
0.756
0
0
Zand, siltig, bruin
Zand, siltig, bruin 50
30
Zand, siltig, beige
0
50
Zand, siltig, bruin 0 -50
100
Klei, zwak zandig, beige -50 -100
150
Klei, zwak zandig, grijs -100 -150 -150 -200 -200 -250
300
Klei, zwak zandig, grijs -250
330
-300
350
Klei, zwak zandig Klei, zwak zandig, paars -300
-350
-350 -400
-400 -450
500
500
Klei, zwak zandig, grijs -450
-500 600
Meetpunt:
OPP01
Veldwerker:
Laurens Gelderland
Datum:
8-1-2025
X:
28569,60
Y:
385643,00
Z (mv + NAP): 0
0 0
Projectcode: 23240090-1 Projectnaam: Spuikom Vlissingen
Legenda (conform NEN-EN-ISO 14688-1)
KEIEN (KEITJES)
SILT
KEIEN
geur SILT
geen geur zwakke geur
KEIEN, met grind
matige geur
SILT, met keien (keitjes)
sterke geur KEIEN, met zand
SILT, zwak grindig
KEIEN, met silt
SILT, sterk grindig
uiterste geur
olie geen olie-water reactie
KEIEN, met klei
SILT, zwak zandig
zwakke olie-water reactie matige olie-water reactie sterke olie-water reactie
SILT, sterk zandig
GRIND
uiterste olie-water reactie
GRIND
p.i.d.-waarde
KLEI GRIND met keien (keitjes)
KLEI
>0 >1
GRIND, zwak zandig
KLEI, met keien (keitjes)
GRIND, sterk zandig
KLEI, zwak grindig
GRIND, siltig
KLEI, sterk grindig
GRIND, kleiig
KLEI, zwak zandig
>10 >100 >1000
KLEI, sterk zandig
ZAND
>10000
monsters geroerd monster
ongeroerd monster
ZAND
VEEN (HUMUS, DETRITUS) ZAND, met keien (keitjes)
VEEN
ZAND, zwak grindig
VEEN, zwak zandig
ZAND, sterk grindig
VEEN, sterk zandig
ZAND, siltig
VEEN, siltig
ZAND, kleiig
VEEN, kleiig
volumering
overig bijzonder bestanddeel Gemiddeld hoogste grondwaterstand grondwaterstand
peilbuis blinde buis
casing
hoogste grondwaterstand gemiddelde grondwaterstand laagste grondwaterstand zand afdichting bentoniet/mikoliet/klei afdichting
grind afdichting filter
Gemiddeld laagste grondwaterstand
Boring:
B09
X:
28611,35
Y:
385668,99
Maaiveldhoogte: Boormeester:
-0.75 H.H.15
0
-75
groenstrook Zand fijn 105-150, sterk organisch, subhoekig, bolvormig, niet antropogeen, weinig schelpen, donker zwartbruin, Edelmanboor, Slib veel , gelaagdheid niet intact
(50)
50
-125
Zand fijn 105-150, subhoekig, bolvormig, niet antropogeen, veel schelpen, weinig baksteen, lichtgrijs, Handpuls, gelaagdheid niet intact
(70)
100
-195 (10) -205
Schaal 1: 25 Projectnaam: Vlissingen
Klei, slap, organisch, weinig plastisch, niet antropogeen, weinig riet, standaardgrijs, Handpuls, gelaagdheid niet intact
Bijlage 3
Bijlage 4
OPP01 0.0
Oppervlaktewaterstand
0.2 m NAP
0.4 0.6 0.8 1.0 1.2 11-2024 12-2024 01-2025 02-2025 03-2025 04-2025 05-2025 06-2025 07-2025 08-2025 09-2025 10-2025 11-2025 12-2025
PB01 1.0
Grondwaterstand Maaiveld
m NAP
0.5 0.0 0.5 1.0 11-2024 12-2024 01-2025 02-2025 03-2025 04-2025 05-2025 06-2025 07-2025 08-2025 09-2025 10-2025 11-2025 12-2025
PB02 1.0
Grondwaterstand Maaiveld
m NAP
0.5 0.0 0.5 1.0 11-2024 12-2024 01-2025 02-2025 03-2025 04-2025 05-2025 06-2025 07-2025 08-2025 09-2025 10-2025 11-2025 12-2025 0.6 0.8
PB03 Grondwaterstand Maaiveld
m NAP
1.0 1.2 1.4 1.6 1.8 11-2024 12-2024 01-2025 02-2025 03-2025 04-2025 05-2025 06-2025 07-2025 08-2025 09-2025 10-2025 11-2025 12-2025
PB04 0.75 0.50
Grondwaterstand Maaiveld
m NAP
0.25 0.00 0.25 0.50 0.75 1.00 11-2024 12-2024 01-2025 02-2025 03-2025 04-2025 05-2025 06-2025 07-2025 08-2025 09-2025 10-2025 11-2025 12-2025
PB05
m NAP
0.4
Grondwaterstand Maaiveld
0.6 0.8 1.0 11-2024 12-2024 01-2025 02-2025 03-2025 04-2025 05-2025 06-2025 07-2025 08-2025 09-2025 10-2025 11-2025 12-2025
0.2
OPP01 PB01
PB02 PB03
PB04 PB05
Neerslag (mm)
100
0.4 80
0.6
0.8
1.0
mm
m NAP
60
1.2 40 1.4
1.6
20
1.8
2.0 01-11-2024
01-01-2025
01-03-2025
01-05-2025
Datum
01-07-2025
01-09-2025
01-11-2025
0
Bijlage 5
RSK Netherlands Burgemeester de Zeeuwstraat 2 2985 AB Ridderkerk Tel: +31 (0) 180 463 330 E-mail: info@rskgroup.nl
Notitie Grondwatermeetnet Spuikom (t/m december 2024) Projectnaam: Projectnummer: Kenmerk: Datum: Opgesteld door:
Grondwatermeetnet Spuikom, Vlissingen 519334 519334.01(00) 11/02/2025 Ruben Bouwhuis
Onderwerp:
Resultaten van het grondwatermeetnet in Spuikom
Bijlagen 1. Locatieoverzicht 2. Grondwatergrafieken 3. Boorprofielen 4. RHG & RLG
1 Algemeen Aanleiding van deze notitie is de evaluatie van de meerjarige grondwatermonitoring in Spuikom te Vlissingen, met als doel de grondwatermeetreeksen en -statistieken inzichtelijk te maken. Deze notitie betreft de grondwatermeetreeksen uit de periode juni 2023 t/m december 2024. Een overzicht van de locaties van de verschillende peilbuizen is weergeven in figuur 1 (zie ook bijlage 1). De peilbuizen met toevoegen -a meten de freatische grondwaterstand en de peilbuizen met toevoeging -b meten de stijghoogte op ca. 13 m-mv.
Figuur 1: Locaties van de grondwatermeetpunten.
1
RSK Netherlands Burgemeester de Zeeuwstraat 2 2985 AB Ridderkerk Tel: +31 (0) 180 463 330 E-mail: info@rskgroup.nl
2 Resultaten grondwaterstanden De statistische uitwerking van de grondwaterstanden uit ieder meetpunt is weergeven in tabel 1. De grafieken van de grondwatermeetreeksen zijn opgenomen in bijlage 2.1 t/m 2.3. Daarnaast is in bijlage 4.1 en 4.2 per meetpunt aangegeven hoe diep de RHG (representatief hoge grondwaterstand, ofwel 90e percentiel van de grondwatermeetreeks) en RLG (representatief lage grondwaterstand, ofwel 10e percentiel van de grondwatermeetreeks) zich beneden het maaiveld bevinden. Tabel 1: Statistische uitwerking van langdurige grondwatermonitoring (t/m 31 december 2024) Maaiveld
Putdiepte
RHG*
RLG*
GG*
Min
Max
(m NAP)
(m-mv)
(m NAP)
(m NAP)
(m NAP)
(m NAP)
(m NAP)
Peilbuis V01a
3,45
3,90
1,41
1,04
1,26
0,97
1,54
V01b
3,42
14,00
0,35
-0,06
0,14
-0,20
0,75
V02a
7,14
4,34
5,12
4,37
4,70
4,13
5,84
V02b
7,42
14,02
0,46
0,13
0,28
-0,02
0,81
V03a
3,20
3,02
1,77
1,60
1,69
1,52
1,81
V03b
3,17
14,02
0,35
-0,05
0,14
-0,18
0,72
RHG = representatief hoge grondwaterstand (90e percentiel van de grondwatermeetreeks) GG = gemiddelde grondwaterstand (50e percentiel van de grondwatermeetreeks) RLG = representatief laagste grondwaterstand (10e percentiel van de grondwatermeetreeks) *De RHG, GG en RLG zijn berekend over een periode van exact één jaar: 01/07/2023 t/m 30/06/2024.
3 Bodemopbouw De boorprofielen die zijn opgesteld tijdens het plaatsen van de meetpunten zijn opgenomen in bijlage 3. De bodemopbouw in Spuikom bestaat uit een afwisseling van klei- en veenlagen die zich afwisselen met siltige zandlagen. Ook komt op meetlocatie V03a/b een sliblaag voor vanaf ca. 3,0 m-mv.
4 Interpretatie Peilbuizen V01a, V02a en V03a staan in de freatische zone en meten derhalve de freatische grondwaterstand. Peilbuizen V01b, V02b en V03b staan in een diep bodempakket, met het filter tussen 13,0 en 14,0 m-mv, en meten de stijghoogte op deze diepte. De grondwaterstandsgrafieken uit de peilbuizen in Spuikom zijn opgenomen in bijlage 2. Uit de grondwaterstandsgegevens blijkt dat in iedere freatische peilbuis (V01a, V02a en V03a) een seizoensgebonden fluctuatie wordt aangetroffen met relatief lage grondwaterstanden in de droge (zomer) periode en relatief hoge grondwaterstanden in de nattere (winter) periode. Wat opvalt is dat de fluctuatie in V01a en V03a sterk correleert, en dat de fluctuatie tussen de lage (zomer) en hoge (winter) grondwaterstanden in V02a groter is. Ook reageert de grondwaterstand op meetlocatie V02a sterker op neerslag, in vergelijking met de grondwaterstand op meetlocaties V01a en V03a. Op meetlocaties V01b, V02b en V03b, waar de stijghoogte wordt gemeten, wordt nauwelijks een seizoensgebonden fluctuatie van het grondwater is waargenomen, wat in de lijn der verwachting is gezien de geringe invloed van infiltratie van hemelwater op de grondwaterstand op deze diepten. De grondwaterstand op meetlocaties V01a en V03b is gedurende de gehele meetperiode nagenoeg gelijk aan elkaar geweest.
De grondwaterstand op meetlocatie V02b is gedurende de gehele meetperiode ca. 0,17 m hoger waargenomen dan op meetlocaties V01a en V03b. Hierom lijkt de grondwaterstromingsrichting in het gebied op deze diepte landinwaarts (NNO) gericht. Invloed getijdenfluctuatie op diepe grondwaterstand In de metingen van de stijghoogte in peilbuizen V01b, V02b en V03b (zie bijlage 2.2) is een dagelijkse fluctuatie van de grondwaterstand terug te zien, met twee pieken en twee dalen per etmaal. Derhalve is hier sprake van invloed van de getijdefluctuatie in de Westerschelde in de diepe grondwaterstand in Spuikom. De getijdefluctuatie werkt op meetlocatie V02b eerder door dan op meetlocaties V01b en V03b, gezien de afstand van de Westerschelde tot meetlocatie V02b het kleinst is. De getijdewerking is niet terug te zien in de freatische grondwaterstand.
2
RSK Netherlands Burgemeester de Zeeuwstraat 2 2985 AB Ridderkerk Tel: +31 (0) 180 463 330 E-mail: info@rskgroup.nl
Kwel De stijghoogten die worden gemeten in de diepe peilbuizen in Spuikom komen gedurende de gehele meetperiode niet boven freatische grondwaterstand uit. Er is derhalve geen sprake van kwel dat optreedt vanuit diepere bodemlagen richting het freatische grondwater. Statistiek: Hoge en lage grondwaterstanden In bijlage 2.1 is zichtbaar dat de grondwaterstand in peilbuis V02a zeer sterk reageert op neerslag, wat waarschijnlijk is toe te schrijven aan de geringe ruimte voor infiltratie van hemelwater in de bodem vanwege het relatief dunne (ca. 0,7 m) zandige wegcunet bovenop de dikke kleilaag die ter plaatse in de bodem is aangetroffen.
Figuur 2: Representatief hoge grondwaterstand (RHG) op de verschillende meetpuntlocaties.
3
RSK Netherlands Burgemeester de Zeeuwstraat 2 2985 AB Ridderkerk Tel: +31 (0) 180 463 330 E-mail: info@rskgroup.nl
Figuur 3: Representatief lage grondwaterstand (RLG) op de verschillende meetpuntlocaties.
In figuur 2 (en bijlage 4.1) is te zien dat de RHG zich ter plaatse van ieder freatisch meetpunt op minstens 1,0 m-mv bevindt. Dit houdt in dat de grondwaterstanden zich op de meetlocaties gedurende minder dan 10% van het jaar hoger dan 1,0 m-mv bevinden. De kans op (grond)wateroverlast in het gebied is derhalve laag. De RLG bedraagt op deze freatische meetlocaties ligt tussen de 2,0 en 3,0 m-mv (zie figuur 3 en bijlage 4.2). Op proeflocatie V03a biedt de combinatie van bodemopbouw en grondwaterstanden ruimte voor het afkoppelen van het hemelwaterriool en het creëren van extra hemelwaterberging in de vorm van bijvoorbeeld wadi’s.
4
RSK Netherlands Burgemeester de Zeeuwstraat 2 2985 AB Ridderkerk Tel: +31 (0) 180 463 330 E-mail: info@rskgroup.nl
Risico’s door zetting van klei- of veenlagen in droge perioden Zetting van kleibodems Door de sponswerking van klei kan het droogliggen van een kleilaag tijdens lage grondwaterstanden leiden tot inklinking/zetting van de bodem. Het is belangrijk om op te merken dat wanneer klei in het verleden al eens heeft drooggelegen, de mate van toekomstige inklinking door lage grondwaterstanden kleiner zal zijn vanwege eerdere zetting. Zetting van veenbodems Wanneer veen droog komt te liggen gaat het oxideren, waardoor het veen verdwijnt en er zetting in de bodem kan optreden. Veenoxidatie is een onomkeerbaar proces en gebeurt vrijwel direct zodra een veenlaag droog komt te liggen. Wanneer een veenlaag in het verleden droog heeft gelegen vanwege een lage grondwaterstand (en dus is geoxideerd), dan zal dit in de toekomst bij nieuwe lage grondwaterstanden niet of nauwelijks tot extra zetting leiden. Het gevolg Zetting van de bodem kan leiden tot schade aan funderingen/gebouwen, infrastructuur, en ondergrondse kabels en leidingen. Gedurende de meetperiode hebben de kleilagen op de meetlocaties V01a en V02a deels drooggelegen (zie minimale grondwaterstand in tabel 1 en RLG in figuur 3 en bijlage 4.2). Vanwege de natuurlijke grondwaterfluctuatie hebben de kleilagen op deze locaties in het verleden eerder drooggelegen waardoor de bodem al is gezet.
Echter is het belangrijk om te vermelden dat de grondwaterstand in de toekomst dieper zakken dan tot dusverre is gemeten, tijdens eventuele langdurige droge periodes vanwege toenemende klimaatextremen. Hierdoor bestaat er een reëel risico dat in de toekomst dieper gelegen kleilagen op deze locaties voor het eerst droog komen te vallen, waardoor zetting op kan treden. Ook tijdens eventuele bemalingswerkzaamheden waarbij de grondwaterstand tot grote diepten wordt verlaagd is het advies om hierop te letten. In Spuikom is op meetlocatie V02a een veenlaag aangetroffen tussen ca. 2,4 en 3,2 m-mv, welke gezien de minimale grondwaterstand tijdens de meetperiode (ca. 3,0 m-mv) droog heeft gelegen. Vanwege de natuurlijke grondwaterfluctuatie is deze veenlaag in het verleden zeer waarschijnlijk geoxideerd waardoor zetting van de bodem reeds heeft plaatsgevonden. Op de overige meetlocaties zijn geen veenlagen in de bodem aangetroffen binnen de diepte van het natuurlijke grondwaterverhang. Er is derhalve geen direct risico op zetting vanwege veenoxidatie binnen Spuikom.
5 Conclusie Op basis van de meetgegevens kan het volgende worden geconcludeerd: • • • •
•
De freatische grondwaterstand wordt in Spuikom niet beïnvloed door getijdenfluctuatie. De diepere grondwaterstand (stijghoogte) wordt hier daarentegen wel door beïnvloed. Er is in Spuikom geen sprake van kwel vanuit het diepe grondwater richting het freatische grondwater. Naar aanleiding van de grondwaterstandsgegevens is geen aanleiding om (grond)wateroverlast te relateren aan hoge grondwaterstanden. Er is op de meetlocaties in Spuikom een reëel risico dat tijdens langdurige droogte of bemalingswerkzaamheden kleilagen droog komen te vallen met zetting van de bodem tot gevolg. Geadviseerd wordt om hier alert op te blijven. Er bestaat op de meetlocaties in Spuikom geen risico voor bodemzetting vanwege veenoxidatie. Op een enkele locatie (meetlocatie V03a) is potentie om hemelwater af te koppelen en in de bodem te infiltreren/bufferen.
5
BIJLAGE 1
Grondwatermeetpunt
BIJLAGE 2
BIJLAGE 3
Boring:
V01A
Boring:
V01B
Datum:
23-5-2023
Datum:
22-5-2023
X:
28681,41
X:
28681,13
Y:
385564,26
Y:
385563,80
Maaiveldhoogte:
3.449
Maaiveldhoogte:
3.423
Boormeester:
Luuk Thijssen
Boormeester:
Albert Huitsing
0 5
0
tegel
0
0 5
Tegel Zand matig fijn, zwak siltig, zwak baksteenhoudend, sporen schelpen, neutraal cremebruin, Edelmanboor
50 100
100
120 150
150
200 240
250
AMV1a
300 320
350
1 2
400
400
3
Zand matig fijn, zwak siltig, zwak baksteenhoudend, matig schelphoudend, geen olie-water reactie, licht grijsbruin, Edelmanboor
150 185
Zand matig fijn, zwak siltig, sporen roest, zwak baksteenhoudend, neutraal cremebruin, Edelmanboor
200
250
250
Klei, sterk siltig, zwak baksteenhoudend, donker grijsbruin, Edelmanboor
300
300
Veen, sterk baksteenhoudend, donkerbruin, Edelmanboor Zand matig fijn, zwak siltig, matig schelphoudend, uiterst baksteenhoudend, Edelmanboor Klei, sterk siltig, zwak schelphoudend, zwak zandhoudend, neutraalgrijs, Aqualock-sampler
450
Volledig tegel, geen olie-water reactie 50
100 Klei, matig siltig, zwak zandhoudend, matig baksteenhoudend, donker grijsbruin, Edelmanboor
340
350
400
450
4 500
500
tegel
500
550
600
500
565 600
650 670
700
750 800
850 890
900
950
960 980
1000
1050
1055
1100 1125
Uiterst baksteenhoudend, sterk zandhoudend, sterk metselpuinhoudend, geen olie-water reactie, neutraalgrijs, Aqualock-sampler Klei, matig zandig, zwak schelphoudend, geen olie-water reactie, neutraalgrijs, Aqualock-sampler Veen, matig riethoudend, geen olie-water reactie, bruinrood, Aqualock-sampler Klei, uiterst siltig, zwak riethoudend, geen olie-water reactie, Aqualock-sampler Klei, sterk siltig, geen olie-water reactie, licht grijsblauw, Aqualock-sampler Klei, sterk siltig, zwak humeus, zwak riethoudend, geen olie-water reactie, neutraal grijsblauw, Aqualock-sampler Zand matig fijn, zwak siltig, matig humeus, matig roesthoudend, geen olie-water reactie, donker bruinrood, Aqualock-sampler, b en bc horizont dekzand Zand matig fijn, zwak siltig, geen olie-water reactie, licht grijsbruin, Aqualock-sampler Zand zeer fijn, sterk siltig, geen olie-water reactie, lichtgrijs, Aqualock-sampler Zand matig fijn, zwak siltig, brokken klei, geen olie-water reactie, lichtgrijs, Aqualock-sampler Veen, geen olie-water reactie, neutraal bruinrood, Aqualock-sampler
1150
1200
Zand matig fijn, zwak siltig, sterk humeus, sterk baksteenhoudend, matig aardewerkhoudend, zwak metselpuinhoudend, geen olie-water reactie, donker zwartbruin, Edelmanboor
710 730
800
Klei, sterk zandig, zwak humeus, matig aardewerkhoudend, zwak baksteenhoudend, geen olie-water reactie, neutraal grijsbruin, Edelmanboor
1200
1250
Zand matig fijn, zwak siltig, geen olie-water reactie, lichtgrijs, Aqualock-sampler Veen, geen olie-water reactie, licht bruinrood, Aqualock-sampler
1300 1330
1350
1400
1400
Veen, sterk zandig, geen olie-water reactie, licht bruingrijs, Aqualock-sampler Zand zeer fijn, matig siltig, geen olie-water reactie, neutraalgrijs, Aqualock-sampler Zand zeer fijn, matig siltig, zwak schelphoudend, geen olie-water reactie, neutraalgrijs, Aqualock-sampler
Projectnaam: Spuikom Vlissingen Projectcode: 519334
Boring:
V02A
Boring:
V02B
Datum:
23-5-2023
Datum:
22-5-2023
X:
28621,04
X:
28617,95
Y:
385437,60
Y:
385436,17
Maaiveldhoogte:
7.136
Maaiveldhoogte:
7.424
Boormeester:
Luuk Thijssen
Boormeester:
Albert Huitsing
0
0 1
50
50 2 100
3
150
4
200
5
80
groenstrook
200
Klei, matig siltig, matig metselpuinhoudend, neutraalgrijs, Edelmanboor
250
0 8
50
50
100
150
200
200
250
250
7 300
300
300 Klei, matig siltig, zwak metselpuinhoudend, neutraal bruingrijs, Guts, Stuit op harde laag
8 350
350
9 400
400
400
10 450 500
Volledig klinkers, geen olie-water reactie
Klei, uiterst siltig, sterk baksteenhoudend, matig metselpuinhoudend, geen olie-water reactie, lichtgrijs, Edelmanboor Klei, uiterst siltig, matig metselpuinhoudend, matig baksteenhoudend, geen olie-water reactie, lichtgrijs, Aqualock-sampler Klei, uiterst siltig, zwak humeus, matig baksteenhoudend, zwak metselpuinhoudend, zwak schelphoudend, geen olie-water reactie, neutraalgrijs, Aqualock-sampler Klei, sterk zandig, matig humeus, zwak baksteenhoudend, zwak metselpuinhoudend, brokken zand, brokken klei, geen olie-water reactie, donkergrijs, Aqualock-sampler
450 11
500
klinker
Zand matig fijn, zwak siltig, matig humeus, sterk baksteenhoudend, matig sintelhoudend, matig grindhoudend, geen olie-water reactie, donker grijsbruin, Schep
Zand matig fijn, zwak siltig, licht cremebruin, Edelmanboor Klei, matig siltig, matig baksteenhoudend, matig metselpuinhoudend, licht bruingrijs, Puinboor
6
0
Zand matig fijn, zwak siltig, sterk humeus, donkerbruin, Edelmanboor
500
550
600
650
700
750 770
Klei, sterk siltig, laagjes schelpen, geen olie-water reactie, lichtgrijs, Aqualock-sampler
800
850 890
900
950
960
Veen, geen olie-water reactie, donker bruinrood, Aqualock-sampler
1000
1050
1060
Klei, sterk siltig, zwak riethoudend, geen olie-water reactie, neutraalgrijs, Aqualock-sampler
1100
1150
1165
1200
1250
Zand zeer fijn, sterk siltig, laagjes klei, zwak schelphoudend, geen olie-water reactie, lichtgrijs, Aqualock-sampler
1250
Zand matig fijn, matig siltig, laagjes klei, laagjes zand, geen olie-water reactie, neutraalgrijs, Aqualock-sampler Zand matig fijn, zwak siltig, zwak schelphoudend, geen olie-water reactie, neutraalgrijs, Aqualock-sampler
1300
1350 1390
1400
1450
Projectnaam: Spuikom Vlissingen Projectcode: 519334
1450
Leem, sterk zandig, geen olie-water reactie, neutraal grijsbruin, Aqualock-sampler
Boring:
V03A
Boring:
V03B
Datum:
23-5-2023
Datum:
22-5-2023
X:
28748,94
X:
28752,72
Y:
385489,81
Y:
385485,27
Maaiveldhoogte:
3.202
Maaiveldhoogte:
3.174
Boormeester:
Luuk Thijssen
Boormeester:
Albert Huitsing
0
0 5
tegel
0
0 5
Tegel 50
50
100
100
150
150
200
200
250
250
300
300
350
Zand matig fijn, zwak siltig, zwak baksteenhoudend, sporen schelpen, neutraal cremebruin, Schep Zand matig fijn, zwak siltig, sterk betonhoudend, sterk grindhoudend, Edelmanboor Zand zeer fijn, sterk siltig, zwak humeus, sterk puinhoudend, neutraal roodbruin, Edelmanboor Zand zeer fijn, sterk siltig, zwak humeus, zwak puinhoudend, neutraal roodbruin, Edelmanboor Zand zeer fijn, sterk siltig, zwak humeus, matig puinhoudend, neutraal beigebruin, Edelmanboor Zand zeer fijn, sterk siltig, zwak humeus, zwak puinhoudend, donker beigebruin, Edelmanboor
400
Volledig tegel, geen olie-water reactie 50
100
100
150
200
200
250
300
350
355
400
Zand matig fijn, matig siltig, matig humeus, sterk baksteenhoudend, matig metselpuinhoudend, matig aardewerkhoudend, geen olie-water reactie, neutraal grijsbruin, Aqualock-sampler Zand matig fijn, matig siltig, matig humeus, matig baksteenhoudend, zwak metselpuinhoudend, geen olie-water reactie, neutraal grijsbruin, Edelmanboor Zand matig fijn, matig siltig, zwak humeus, zwak baksteenhoudend, matig schelphoudend, zwak metselpuinhoudend, zwak grindhoudend, geen olie-water reactie, neutraalgrijs, Aqualock-sampler Klei, uiterst siltig, matig humeus, geen olie-water reactie, donker zwartgrijs, Aqualock-sampler
Slib, donkerzwart, Edelmanboor 450
tegel
450 475
500
500
Klei, uiterst siltig, zwak riethoudend, geen olie-water reactie, neutraalgrijs, Aqualock-sampler
500
550
550
Veen, geen olie-water reactie, neutraal bruinrood, Aqualock-sampler
600 620
650
700
650
710
750
800
800
Klei, sterk siltig, zwak riethoudend, geen olie-water reactie, lichtgrijs, Aqualock-sampler Klei, sterk siltig, matig humeus, zwak riethoudend, geen olie-water reactie, neutraal grijsbruin, Aqualock-sampler Zand zeer fijn, sterk siltig, zwak riethoudend, geen olie-water reactie, neutraalgrijs, Aqualock-sampler
830
850
850
900 920 930
950
1000
Zand zeer fijn, sterk siltig, laagjes klei, geen olie-water reactie, lichtgrijs, Aqualock-sampler
1070
Leem, sterk zandig, sterk humeus, geen olie-water reactie, licht grijsbruin, Aqualock-sampler
1110 1135
1150 1175
1200 1225
1250
1300
1300
1350
Zand zeer fijn, sterk siltig, geen olie-water reactie, neutraalgrijs, Aqualock-sampler Klei, sterk siltig, sterk humeus, geen olie-water reactie, neutraalbruin, Aqualock-sampler Zand zeer fijn, sterk siltig, zwak humeus, laagjes klei, geen olie-water reactie, neutraalgrijs, Aqualock-sampler Klei, zwak zandig, sterk humeus, laagjes zand, geen olie-water reactie, neutraal grijsbruin, Aqualock-sampler Veen, geen olie-water reactie, neutraalbruin, Aqualock-sampler
1400 1420
1450
Klei, uiterst siltig, laagjes zand, geen olie-water reactie, lichtgrijs, Aqualock-sampler
1010
1050
1100
Zand matig fijn, zwak siltig, geen olie-water reactie, licht grijsbruin, Aqualock-sampler
1450
Klei, sterk siltig, zwak humeus, laagjes zand, geen olie-water reactie, neutraal grijsbruin, Aqualock-sampler Zand matig fijn, matig siltig, geen olie-water reactie, neutraal grijsblauw, Aqualock-sampler Zand matig fijn, zwak siltig, matig schelphoudend, geen olie-water reactie, neutraalgrijs, Aqualock-sampler
Projectnaam: Spuikom Vlissingen Projectcode: 519334
Zand matig fijn, matig siltig, laagjes klei, matig schelphoudend, geen olie-water reactie, neutraalgrijs, Aqualock-sampler
Legenda (conform NEN 5104)
grind
klei Grind, siltig
geur Klei, zwak siltig
geen geur zwakke geur
Grind, zwak zandig
matige geur
Klei, matig siltig
sterke geur Grind, matig zandig
Klei, sterk siltig
Grind, sterk zandig
Klei, uiterst siltig
uiterste geur
olie geen olie-water reactie zwakke olie-water reactie Grind, uiterst zandig
Klei, zwak zandig
matige olie-water reactie sterke olie-water reactie
Klei, matig zandig
Klei, sterk zandig
zand
uiterste olie-water reactie
p.i.d.-waarde >0
Zand, kleiïg
>1 >10
Zand, zwak siltig
>100
leem
>1000 Zand, matig siltig
Leem, zwak zandig
Zand, sterk siltig
Leem, sterk zandig
Zand, uiterst siltig
>10000
monsters
geroerd monster
overige toevoegingen
ongeroerd monster
zwak humeus volumering
veen Veen, mineraalarm
matig humeus
Veen, zwak kleiïg
sterk humeus
Veen, sterk kleiïg
zwak grindig
Veen, zwak zandig
matig grindig
Veen, sterk zandig
sterk grindig
overig bijzonder bestanddeel Gemiddeld hoogste grondwaterstand grondwaterstand Gemiddeld laagste grondwaterstand slib
water
peilbuis
blinde buis
casing
hoogste grondwaterstand gemiddelde grondwaterstand laagste grondwaterstand zand afdichting bentoniet/mikoliet/klei afdichting
grind afdichting filter
BIJLAGE 4
RHG < 0,5 0,5 - 1 1 - 1,5 > 1,5
RLG < 1,0 1 - 1,5 1,5 - 2,0 2,0 - 2,5 > 2,5