CConstaterende datVlissingen
Koppel je AI →
Document · PDF

5.2 rvs Verordening nadeelcompensatie Vlissingen 2022

Raadsvergadering 24 februari 2022, gemeente VlissingenBij agendapunt: Verordening nadeelcompensatie Vlissingen 20221.753 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Registratiekenmerk: 1348553 Onderwerp: Verordening nadeelcompensatie Vlissingen 2022

De raad besluit: 1. De Verordening nadeelcompensatie Vlissingen 2022 vast te stellen. 2. De volgende verordeningen gelijktijdig in te trekken: a. de Procedureverordening voor advisering tegemoetkoming in planschade Vlissingen; b. de Algemene nadeelcompensatieverordening Vlissingen. Samenvatting Naar verwachting treden op 1 juli 2022 twee nieuwe wettelijke regelingen voor nadeelcompensatie in werking: Titel 4.5 van de Algemene wet bestuursrecht (Awb) en afdeling 15.1 van de Omgevingswet. Titel 4.5 voorziet in een algemene regeling in de Awb van de vergoeding (of tegemoetkoming) van schade door rechtmatig overheidshandelen. Deze regeling biedt een brede grondslag voor aanvragen om nadeelcompensatie. In de Omgevingswet is een nadeel¬compensatieregeling opgenomen die aansluit op die algemene regeling. Het gaat daarbij om een nadere afbakening van schadeoorzaken, waardoor de brede grondslag uit de Awb in de Omgevingswet wordt beperkt. De VNG heeft in verband met deze nieuwe wettelijke regelingen een modelverordening nadeelcompensatie opgesteld. Op basis hiervan stelt de raad voor een nieuwe Verordening nadeelcompensatie Vlissingen 2022 vast. Tevens worden de huidige Procedureverordening voor advisering tegemoetkoming in planschade Vlissingen en de Algemene nadeelcompensatieverordening Vlissingen ingetrokken.

Inleiding Algemeen De overheid kan rechtmatig handelen en toch schade veroorzaken. Bijvoorbeeld door het verlenen van een omgevingsvergunning die de aanleg van een appartementencomplex mogelijk maakt, waardoor het eigendom van het naastgelegen perceel in waarde achteruitgaat. Of denk aan werkzaamheden aan de weg, waardoor een bedrijf (tijdelijk) onbereikbaar is en inkomsten misloopt. Het gaat dus om schade veroorzaakt door rechtmatige besluiten en om schade veroorzaakt door rechtmatige feitelijke handelingen. In dergelijke gevallen kan sprake zijn van nadeelcompensatie. Bij nadeelcompensatie gaat het om schade die uitstijgt boven het normaal maatschappelijk risico en een burger of bedrijf onevenredig treft in vergelijking tot andere burgers en bedrijven. Onder het huidige recht ontbreekt een algemene wettelijke grondslag op grond waarvan de overheid gehouden is mogelijke schade door rechtmatig overheidshandelen op grond van het égalitébeginsel te vergoeden. Wel bestaan er verschillende afzonderlijke nadeelcompensatieregelingen, zoals de huidige regeling voor planschade in de Wet ruimtelijke ordening (Wro). Naar verwachting treden komend jaar twee nieuwe wettelijke regelingen voor nadeelcompensatie in werking: Titel 4.5 van de Algemene wet bestuursrecht (Awb) en afdeling 15.1 van de Omgevingswet (Ow).

Titel 4.5 Awb treedt uiterlijk tegelijkertijd met de Ow in werking (de verwachting is 1 juli 2022). De VNG heeft een modelverordening nadeelcompensatie opgesteld. Conform het beleid van de gemeente is gebruik gemaakt van deze modelverordening.

Auteur: E. Ruissen Telefoonnummer: 0118-487174 Datum document:

Registratienummer nota: 1348510 Beslissingsbevoegdheid:Gemeenteraad

Awb Titel 4.5 voorziet in een algemene regeling in de Awb van de vergoeding (of tegemoetkoming) van schade door rechtmatig overheidshandelen. Zo bepaalt artikel 4:126, eerste lid, dat op grond van elk handelen door de overheid in het kader van een rechtmatige uitoefening van een haar toegekende taak of bevoegdheid om schadevergoeding kan worden verzocht. De regeling in de Awb biedt daarmee een brede grondslag voor aanvragen om nadeelcompensatie. Zoals ook in de huidige Algemene nadeelcompensatieverordening Vlissingen is geregeld, wordt voorgesteld in de nieuw vast te stellen verordening vast te leggen dat het college de verzoeken om nadeelcompensatie afwikkelt. Voor de Ow is dit geregeld in de wet zelf; voor de overige verzoeken niet. Ow Nadeelcompensatie is breder dan planschade, zoals dat in het huidige artikel 6.1 Wro is geregeld. Bij planschade gaat het om inkomensderving of vermindering van de waarde van een onroerende zaak als gevolg van een planologische maatregel. In de Ow is een nadeelcompensatieregeling opgenomen die aansluit op de algemene regeling uit de Awb. Ten opzichte van titel 4.5 van de Awb bevat de reikwijdte van afdeling 15.1 van de Ow een nadere afbakening van schadeoorzaken. Daarmee wordt de brede grondslag in de Awb in de Ow beperkt.

De afbakening van schadeoorzaken in artikel 15.1 van de Ow is ten opzichte van titel 4.5 van de Awb limitatief en exclusief. Dat betekent dat als een schadeoorzaak niet in dat artikel is opgenomen, niet alsnog langs de weg van de Awb om schadevergoeding kan worden gevraagd. De regels over nadeelcompensatie in de Ow hebben zo voorrang op de regels in de Awb. Nieuw in de Ow is dat het schademoment verschuift naar vergunningverlening of, als geen omgevingsvergunning vereist is, naar het in uitvoering nemen van een schadeveroorzakende activiteit. Daarmee richt de overheidsaansprakelijkheid zich niet langer op fictieve schade als gevolg van een denkbeeldige maximale verwezenlijking van een plan of besluit, maar op realistische schade door de feitelijke verwezenlijking ervan. Dat betekent dat de schade straks niet meer wordt bepaald aan de hand van een vergelijking tussen de maximale mogelijkheden van het oude en het nieuwe planologische regime, maar zich richt op de feitelijke situatie (zie artikel 15.3 Ow). Het vaststellen van de omvang van de schade sluit hiermee aan op de wijzigingen die daadwerkelijk in de fysieke leefomgeving worden aangebracht en vergroot de inzichtelijkheid voor de burger (Kamerstukken II, 2017-2018, 34 986, nr. 3, p. 229).

Normaal maatschappelijk risico Vooropgesteld wordt dat de overheid niet verplicht is om iedere schade die zij in de rechtmatige uitoefening van haar publieke taken veroorzaakt, te vergoeden. Dat overheidsingrijpen voor sommige burgers en ondernemingen nadelige gevolgen kan hebben, is namelijk onvermijdelijk. Tot op zekere hoogte moeten deze gevolgen dus worden geaccepteerd. Dat wordt het normaal maatschappelijk risico (hierna: NMR)) genoemd. Als men door rechtmatig overheidsoptreden schade lijdt die uitgaat boven het NMR en als men in vergelijking tot anderen onevenredig zwaar wordt getroffen, kan een beroep op schadevergoeding worden gedaan (artikel 4:126 van de Awb). De schadevergoeding dekt niet vanzelfsprekend de volledige schade. Een deel van de schade blijft voor eigen rekening. Dit in tegenstelling tot onrechtmatig handelen, waarbij uitgangspunt wel vergoeding van de volledige schade is. Onrechtmatig handelen bij overheidsoptreden is geregeld in het Burgerlijk Wetboek en elders in de Awb. In verband met het NMR is in de huidige Wro (artikel 6.2) een minimum forfait ingevoerd: 2% bij waardedaling van een onroerende zaak; voor inkomensderving geldt een minimum van 2% van het jaarinkomen. In de praktijk wordt regelmatig een hoger forfait toegepast: kortingen van rond de 5% zijn niet ongebruikelijk als de nieuwe ontwikkeling in de lijn der verwachtingen lag.

Blad 2 behorend bij 1348510

Onder de Omgevingswet geldt een vast forfait bij waardedaling van een onroerende zaak van 4% (artikel 15.7 Ow). Bij directe schade en inkomensschade is er geen wettelijk forfait. Omdat het om een wettelijk vastgelegd forfait gaat, kan dit in de toekomst niet langer naar boven worden bijgesteld. Huidige verordeningen (nadeelcompensatie/planschade) De nieuwe verordening komt in de plaats van de huidige Procedureverordening voor advisering tegemoetkoming in planschade Vlissingen. Ook de huidige Algemene nadeelcompensatieverordening Vlissingen moet worden ingetrokken, omdat de algemene regeling in de Awb deze overbodig maakt (en deze mogelijk strijdig is met deze hogere wetgeving). Wat willen we bereiken? De huidige verordeningen passen niet binnen de systematiek van de nieuwe Titel 4.5 Awb en afdeling 15.1 van de Ow. Het doel van titel 4.5 van de Awb is om te komen tot eenduidigheid en overzichtelijkheid van het nadeelcompensatierecht. Het vervangt afzonderlijke regelingen en bevat inhoudelijke eisen en procedurele bepalingen voor het afhandelen van aanvragen, bijv. ten aanzien van beslistermijnen. Op grond van de Ow moet ook het heffen van een recht van € 300 in een wettelijk voorschrift vastliggen. Een nieuwe verordening komt hieraan tegemoet.

Door de nieuwe regeling in de Awb worden ook alle geschillen over rechtmatig overheidsoptreden geconcentreerd bij één rechter, namelijk bij de bestuursrechter. Heffen recht In de ontwerp-verordening is een bepaling opgenomen dat voor het in behandeling nemen van een aanvraag een ‘recht’ van € 300 wordt geheven. Zonder wettelijk voorschrift is dat niet mogelijk. Het recht kan ten hoogste € 500 bedragen. In de huidige Wro (artikel 6.4) is het recht van € 300 vastgelegd in de wet zelf. Bij verordening kan dat worden verhoogd tot € 500. In Vlissingen is van dat laatste geen gebruik gemaakt. Voorgesteld wordt aan te sluiten bij de huidige praktijk en een recht van € 300 vast te stellen. Instellen adviescommissie Op grond van het huidig recht is een verordening met regels over het aanwijzen van een adviseur en de wijze waarop geadviseerd wordt verplicht. Onder het nieuwe recht gelden die verplichtingen niet meer. De gemeente heeft wel de mogelijkheid om een adviseur te benoemen. Het heeft voor eenvoudige gevallen de voorkeur om aanvragen om schadevergoeding snel en zonder adviescommissie af te handelen. Dit ook in verband met de kosten voor het instellen van de adviescommissie, in verhouding tot het uit te betalen bedrag.

In de ontwerp-verordening wordt er daarom van uitgegaan dat alleen extra deskundigheid wordt ingeschakeld voor zover dat naar het oordeel van het bestuursorgaan noodzakelijk is om op de aanvraag te beslissen. Dan wordt via een adviseur deskundigheid betrokken bij de behandeling van een aanvraag. De manier waarop die deskundigheid bij de afhandeling van de aanvraag wordt betrokken kan afhankelijk zijn van het type aanvraag. In het huidig recht wordt de planschadedeskundige automatisch gevraagd over de hele aanvraag te adviseren, terwijl de specifieke deskundigheid met name ligt bij de taxatiemethode bij planschade (taxatie op basis van planologische vergelijking). In het nieuwe recht wordt voornamelijk getaxeerd op basis van feitelijke effecten. In die zin is in het nieuwe recht minder specifieke deskundigheid vereist voor het afhandelen van aanvragen om schadevergoeding. Het ligt ook niet voor de hand dat de adviseur automatisch wordt gevraagd over de hele aanvraag te adviseren. Het is logischer om de adviseur uitsluitend te betrekken op de onderdelen waarvoor het gemeentelijk apparaat deskundigheid te kort komt. Een adviescommissie kan uit één of meerdere deskundigen bestaan. Vereiste is wel dat de voorzitter (of enig lid) geen deel uitmaakt en niet werkzaam is onder verantwoordelijkheid van het bestuursorgaan.

Blad 3 behorend bij 1348510

Wat gaan we ervoor doen? De ontwerp-verordening ter besluitvorming voorleggen aan de raad. Inwerkingtreding is gekoppeld aan inwerkingtreding van de wijziging van de Awb en de Ow. De verwachting is nu nog 1 juli 2022. De Procedureverordening voor advisering tegemoetkoming in planschade Vlissingen en de Algemene nadeelcompensatieverordening Vlissingen worden gelijktijdig ingetrokken. Wat zijn de kanttekeningen en risico’s? Voor het heffen van een recht (= bedrag voor het in behandeling nemen van een aanvraag) is een wettelijke grondslag nodig. Zonder verordening is dit niet mogelijk. Wat mag het kosten? Aan de vaststelling en intrekking zijn geen kosten verbonden. Wat en hoe gaan we communiceren? Na vaststelling wordt de verordening gepubliceerd in het elektronische gemeenteblad. Daarnaast is deze verordening vanaf het moment van inwerkingtreding te vinden op www.overheid.nl.

Blad 4 behorend bij 1348510

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/11203165/1