5.2 rvs progbegr GGD 2022-2025
Tekst van het document
Registratiekenmerk: 1311815 Onderwerp: GR GGD Zeeland - Programmabegroting 2022-2025 conceptbesluit De raad besluit; 1) Een zienswijze in te dienen over de Programmabegroting 2022-2025 van de GR GGD Zeeland en hen daarin te verzoeken om: de begroting aan te passen aan de VZG-richtlijn; een taakstelling in de begroting op te nemen van € 371.000, gelijk aan het bedrag van de overschrijding van de VZG-richtlijn; zo spoedig mogelijk in 2021 een voorstel te maken of en met welke omvang GR GGD Zeeland invulling aan de taakstelling van € 371.000 kan geven. 2) Het gewijzigde bedrag voor de kosten jeugdhulp in natura in de programmabegroting 2022-2025 van de GR GGD Zeeland, ad. €16.861.303, op te nemen in de gemeentelijke begroting 2022. Samenvatting In deze nota wordt de programmabegroting 2022-2025 van de gemeenschappelijke regeling GGD Zeeland (hierna GR GGD) aan u voorgelegd zodat de gemeenteraad in Vlissingen hierover een zienswijze kenbaar kan maken. In de programmabegroting worden de kaders voor 2022-2025 geschetst en de daar bijhorende financiële implicaties. Het is tegelijkertijd een instrument voor gemeenten om inhoudelijk en financieel sturing te kunnen geven aan de activiteiten van de GR GGD. De raad wordt geadviseerd om een zienswijze in te dienen met daarin de taak aan de GR GGD om de VZG-richtlijn aan te houden.
Daarmee wordt een taakstelling meegeven van € € 371.000, gelijk aan het bedrag van de overschrijding van de VZG-richtlijn. Voor wat betreft de inkoop jeugdhulp wordt geadviseerd om akkoord te gaan met de berekening van de kosten jeugdzorg in de programmabegroting en dat op te nemen in de gemeentelijke begroting. Het algemeen bestuur (AB) van de GR GGD zal besluiten over de vaststelling van de programmabegroting op 9 juli 2021. Inleiding Op 23 april 2021 heeft de GR GGD haar Programmabegroting 2022-2025 aangeboden aan de Zeeuwse gemeenteraden met het verzoek hun zienswijzen kenbaar te maken. De programmabegroting ligt ter vaststelling voor in de vergadering van het Algemeen Bestuur van de GR van 9 juli 2021. In de begeleidende brief verzoekt de GR uw raad om de zienswijze uiterlijk op 7 juli 2021 aan te leveren. De IJZ heeft de deelnemende gemeenten via een brief van 21 april 2021 ieder afzonderlijk gevraagd om akkoord te gaan met de berekening van de kosten jeugdzorg in de programmabegroting of om afwijking daarvan door te geven. Doel hiervan is om met de bedragen die de GR GGD opneemt in de begroting beter aan te sluiten bij de gemeenten. Dit is conform een eerder advies van de begeleidingscommissie (hierna BC).
De grondslag voor de uitvoering van de werkzaamheden van de GR GGD zijn de Wet publieke gezondheid en bijbehorende regelingen en/of uitvoeringsbesluiten, de Jeugdwet, de Wet maatschappelijke ondersteuning (Veilig Thuis) en de Wet veiligheidsregio’s. De Programmabegroting 2022-2025 is opgebouwd rond drie programma’s: 1. Publieke gezondheid (met daarin de programmalijnen: Fysieke veiligheid en bescherming, Gezondheid in de wijk, Sociale veiligheid) 2. Veilig Thuis 3. Inkoop Jeugdhulp Zeeland Auteur: O. Osendarp Telefoonnummer: 0118-487249 Datum document:
Registratienummer nota: 1311814 Beslissingsbevoegdheid:Gemeenteraad
Wat willen we bereiken? De Zeeuwse gemeenten hebben met de Programmabegroting 2022-2025 van de GR GGD een kwalitatief goed inhoudelijk en financieel instrument om op de uitvoering van de activiteiten van de GR te sturen. De GR geeft via de programmabegroting goed inzicht in de benodigde financiële middelen om haar activiteiten uit te voeren. De onderstaande argumenten geven onderbouwd aan hoe tot het voorstel is gekomen. Argumenten besluitpunt b onder 1 1.1 De voorliggende programmabegroting geeft de gemeente goede inhoudelijke en financiële sturingsmogelijkheden In de Programmabegroting 2022–2025 schetst de GR GGD de ontwikkelingen die de komende tijd spelen op het gebied van de publieke gezondheid en die van invloed zijn op de activiteiten van de GR. De GR GGD benoemt doelen en maatschappelijke effecten per programmalijn, en activiteiten en indicatoren. Het document geeft de gemeenten voldoende sturing op de inhoudelijke taken en de daarbij horende financiële kaders. 1.2 De GGD moet als onderdeel van de GR in principe voldoen aan de VZG-richtlijn De programmabegroting 2022-2025 voldoet niet aan de richtlijn van de VZG. De overschrijding bedraagt € 371.700. In de programmabegroting geeft de GR GGD een toelichting over de overschrijding.
Deze wordt voor het grootste deel veroorzaakt door de cao-ontwikkelingen: hogere loonkosten, tegemoetkoming premie ziektekostenverzekering en stijging pensioenlasten. De cao-ontwikkelingen zorgen voor een hogere stijging van de loonkosten dan de VZG-richtlijn aan compensatie biedt. Deze VZG-richtlijn geeft compensatie voor de loonkosten- (en prijs-)ontwikkeling die als norm gezien kan worden om de werkelijke loonkostenontwikkeling op te vangen. Dat betekent dat bij een hogere cao-stijging, er een taakstelling op de loonkosten kan ontstaan. Als cao-ontwikkelingen hoger uitvallen leidt dit niet automatisch tot het toestaan van een overschrijding van de VZG-richtlijn. 1.3 Begrotingsdiscipline geldt voor zowel de Zeeuwse gemeenten als voor hun gemeenschappelijke regelingen Gemeenten kampen zelf met grote tekorten, vooral in het sociaal domein. De BC is van mening dat gemeenten, gezien de eigen begrotingsdiscipline en de uitdagingen die zij daarbij ondervinden, vast moeten houden aan de VZG-richtlijn voor de gemeenschappelijke regelingen als GR GGD.
1.4 GR GGD dient net als gemeenten de tering naar de nering te zetten De GR GGD zal met de deelnemende gemeenten in gesprek moeten gaan over het takenpakket en de uitvoering van de (wettelijke) taken/ het ambitieniveau van de uitvoering van de (wettelijke) taken 1.5 Uitkomsten doorontwikkeling interne beheersing (nog meer grip op begroting) kan leiden tot aanpassing begroting Bij het vasthouden aan de VZG-richtlijn ontstaat de discussie of een autonome ontwikkeling (cao) als taakstelling neerleggen bij de GGD Zeeland reëel is. De GGD Zeeland is op dit moment bezig om intern te kijken naar de kostenhuishouding. Hierbij wordt ook de benodigde formatie kritisch bekeken en de benodigde overhead. Dit onderzoek gaat meer informatie geven over de haalbaarheid van de taakstelling. Met het direct toestaan van een overschrijding van de VZG-richtlijn bij een cao-ontwikkeling gaan we voorbij aan de werking van deze richtlijn. We stellen voor om de informatie uit het onderzoek van de GGD te gebruiken om de invulling van de taakstelling van € 371.000 vorm te geven. Een structureel hogere gemeentelijke bijdrage blijft een van de opties.
Blad 2 behorend bij 1311814
Argumenten besluitpunt b onder 2 2.1 IJZ moet de begroting jeugdzorgkosten met individuele gemeente afstemmen De IJZ heeft de jeugdzorgkosten in de voorliggende begroting op dezelfde wijze berekend als in de vorige programmabegroting 2021-2024. Aangezien de begrote kosten voor jeugdhulp na vaststelling van de begroting 2022-2025 voor de gemeenten verplichte uitgaven vormen, dienen deze begrote jeugdzorgkosten vooraf afgestemd te zijn met de 13 gemeenten. De BC heeft in een eerder stadium IJZ geadviseerd alsnog te overleggen met de afzonderlijke gemeenten over de hoogte van de budgetten jeugdzorgkosten. IJZ heeft hiertoe gemeenten op 21 april 2021 een brief gestuurd (zie bijlage). Wat gaan we ervoor doen? Op basis van dit voorstel en advies wordt de gemeenteraad gevraagd om tot een zienswijze te komen met betrekking tot de Programmabegroting 2022-2025 van de GR GGD. De zienswijze van gemeenteraad wordt door de portefeuillehouder, Els Verhage, als lid van het algemeen bestuur gebruikt als uitgangpunt in het besluitvormingsproces bij de GR. De besluitvorming over de programmabegroting vindt plaats op 9 juli 2021. Wat zijn de kanttekeningen en risico’s? 1.1 De VZG-norm compenseert niet genoeg Bij het vasthouden aan de VZG-richtlijn ontstaat de discussie of een autonome ontwikkeling (cao) als taakstelling neerleggen bij de GGD Zeeland reëel is.
De GGD Zeeland is op dit moment bezig om intern te kijken naar de kostenhuishouding. 1.2 Vergelijking gemeenten en GR GGD gaat mank Gemeenten hebben meer mogelijkheden om de tering naar de nering te zetten dan de GGD Zeeland als onderdeel van de GR met een hoge mate van gespecialiseerde, professionele dienstverlening. De vraag is dus of we zo streng moeten vasthouden aan de VZG-norm in dezen. 1.3 Reservepositie biedt geen mogelijkheid voor overbrugging De reservepositie van GGD Zeeland biedt geen mogelijkheid om het tekort (tijdelijk) te overbruggen. Besluit hierover kan niet lang op zich laten wachten. Besluitvorming over een eventuele taakstelling en uitvoering van de taakstelling zal op korte termijn gerealiseerd moeten worden. 1.4 Aanpassing takenpakket GGD Zeeland is mogelijke consequentie handhaving VZG-norm We realiseren ons ook dat het vasthouden aan de VZG-richtlijn kan betekenen dat er een voor de GGD Zeeland moeilijk in te vullen taakstelling ontstaat. Dit kan ertoe leiden dat er een bestuurlijke discussie over het ambitieniveau en/of het takenpakket van de GGD kan ontstaan. Dit geeft de GGD ook aan in hun aanbiedingsbrief. 2.1 VZG-norm wel meegenomen in kosten IJZ De uitvoeringskosten IJZ zijn onderdeel van de programmabegroting GR GGD.
In de programmabegroting heeft IJZ er – in tweede instantie - voor gekozen om voor deze uitvoeringskosten wel aan te sluiten bij de VZGrichtlijn. Met het plan ‘Van Pionieren naar Professionaliseren’ geeft IJZ inzicht in de 4 noodzakelijk door te voeren verbeteringen in de bedrijfsvoering, de benodigde formatie en daarmee ook de benodigde gemeentelijke bijdrage. Deze aanpassingen zijn verwerkt in begrotingswijzigingen 2021 en 2022. Dit zorgt ervoor dat de VZG-richtlijn voor de programmabegroting juist is toegepast. Aan de andere kant betekent dit dat de meerkosten ten opzichte van de VZG-richtlijn onderdeel zijn van het verbeterplan en de begrotingswijzigingen. Bij benadering komt dit uit op een bedrag van € 27.500. De genoemde begrotingswijzigingen komen in een ander raadsvoorstel terug.
Blad 3 behorend bij 1311814
Wat mag het kosten? Indien de VZG-richtlijn – zoals wordt voorgesteld door de GGD – niet wordt aangehouden, dan zal de gemeentelijke bijdrage voor de gemeente Vlissingen €1.930.833 bedragen. Bij het vasthouden aan de VZGrichtlijn, zoals wordt geadviseerd, zal de gemeentelijke bijdrage voor de gemeente Vlissingen €1.888.666 zijn. De gemeentelijke bijdrage voor de gemeente Vlissingen zal bij het vasthouden aan de VZG-richtlijn ongeveer €42.167 lager zijn dan wat de GGD nu heeft opgenomen in de programmabegroting. Zie pagina 27 van de Programmabegroting 2022-2025. In de begroting van de GR GGD 2022-2025 is in het onderdeel IJZ de kosten voor de jeugdzorg opgenomen. De kosten voor Zorg in Natura zijn daarin verwerkt (zie ook brief IJZ van 21 april). Voor Vlissingen gaat het voor 2022 om een bedrag €16.861.303. In deze nota wordt de raad geadviseerd om dat gewijzigde bedrag voor 2022 op te nemen in de gemeentelijke begroting voor 2022. Wat en hoe gaan we communiceren? Na de besluitenraad in Vlissingen van 1 juli wordt de zienswijze van de raad schriftelijk naar de GR GGD opgestuurd en door de portefeuillehouder, Els Verhage, aan het AB van de GR GGD Zeeland medegedeeld tijdens de AB vergadering van 7 juli 2021.
Blad 4 behorend bij 1311814