5.1 rvs Verordening BIZ 2027 – 2031 bijlage 1 verordening
Tekst van het document
De raad van de gemeente Vlissingen gelezen het voorstel van burgemeester en wethouders van 14 april 2026, gelet op de Wet op de bedrijveninvesteringszones; gezien de uitvoeringsovereenkomst, door het college aangegaan op 14 april 2026, met de Vlissingse Ondernemers Centrale d.d. 14 april 2026.
besluit vast te stellen de Verordening Bedrijveninvesteringszone (BIZ) Centrum Vlissingen 20272031. Artikel 1 Begripsomschrijvingen Deze verordening verstaat onder: - bedrijveninvesteringszone (BIZ): het bij deze verordening aangewezen gebied in de gemeente waarbinnen de BIZ-bijdrage wordt geheven (het aangewezen gebied is vermeld op de bij deze verordening behorende en daarvan deel uitmakende kaart in bijlage 1)); - college: college van burgemeester en wethouders van de gemeente; - uitvoeringsovereenkomst: tussen de gemeente en de vereniging Vlissingse Ondernemers Centrale af te sluiten overeenkomst als bedoeld in artikel 7, derde lid, van de wet; - wet: Wet op de bedrijveninvesteringszones. Hoofdstuk II Belastingbepalingen Artikel 2 Belastbaar feit en aard van de belasting 1. Onder de naam ‘BIZ-bijdrage’ wordt jaarlijks een directe belasting geheven ter zake van binnen de bedrijveninvesteringszone gelegen onroerende zaken, die op grond van artikel 220a Gemeentewet niet in hoofdzaak tot woning dienen en die als bestemming hebben, dan wel in gebruik zijn als: (detail)handel/winkel, kiosk, overige detailhandel, cafe/bar/restaurant, cafetaria/snackbar, bar/dancing, overige horeca, recreatie/sportcentrum, jachthaven, pension/logies, hotel/motel, bioscoop, schouwburg/concertgebouw, expositiehal/evenementenhal, en museum.
In de bijlage 2 zit een lijst met die objecten die worden aangeslagen en in bijlage 3 zit een lijst met objecten die zijn vrijgesteld. 2. De BIZ-bijdrage wordt geheven ter bestrijding van de kosten die zijn verbonden aan activiteiten in de openbare ruimte en op internet, die zijn gericht op het bevorderen van de leefbaarheid of de veiligheid in de bedrijveninvesteringszone of de ruimtelijke kwaliteit of de economische ontwikkeling van de bedrijveninvesteringszone. Artikel 3 Belastingobject 1. Voorwerp van de belasting is een onroerende zaak. 2. Als onroerende zaak wordt aangemerkt de onroerende zaak, bedoeld in hoofdstuk III van de Wet waardering onroerende zaken. Artikel 4 Belastingplicht 1.
De BIZ-bijdrage wordt geheven van:
Verordening BIZ Centrum Vlissingen 2027 - 2031
1
a. de gebruiker, zijnde degene die bij het begin van het kalenderjaar al dan niet krachtens eigendom, bezit, beperkt recht of persoonlijk recht een in de bedrijveninvesteringszone gelegen belastingobject gebruikt; b. de eigenaar, zijnde degene die bij het begin van het kalenderjaar het genot krachtens eigendom, bezit of beperkt recht heeft van een in de bedrijveninvesteringszone gelegen onroerende zaak. 2. Voor de toepassing van dit artikel wordt: a. gebruik door degene aan wie een deel van een belastingobject in gebruik is gegeven, aangemerkt als gebruik door degene die dat deel in gebruik heeft gegeven; degene die het deel in gebruik heeft gegeven, is bevoegd de BIZ-bijdrage als zodanig te verhalen op degene aan wie dat deel in gebruik is gegeven; b. het ter beschikking stellen van een belastingobject voor volgtijdig gebruik aangemerkt als gebruik door degene die dat belastingobject ter beschikking heeft gesteld; degene die het belastingobject ter beschikking heeft gesteld is bevoegd de BIZ-bijdrage als zodanig te verhalen op degene aan wie dat belastingobject ter beschikking is gesteld; c. als eigenaar aangemerkt degene die bij het begin van het kalenderjaar als zodanig in de basisregistratie kadaster is vermeld, tenzij blijkt dat hij op dat tijdstip geen genothebbende krachtens eigendom, bezit of beperkt recht is. 3.
Indien een belastingobject bij het begin van het kalenderjaar geen gebruiker kent, wordt de van de gebruiker te heffen BIZ-bijdrage geheven van de eigenaar. Artikel 5 Maatstaf van heffing 1. De BIZ-bijdrage wordt geheven naar de op de voet van hoofdstuk IV van de Wet waardering onroerende zaken voor het belastingobject vastgestelde waarde zoals deze geldt voor het kalenderjaar. 2. Indien met betrekking tot het belastingobject geen waarde is vastgesteld op de voet van hoofdstuk IV van de Wet waardering onroerende zaken wordt de heffingsmaatstaf van dat belastingobject bepaald met toepassing van artikel 6, alsmede met overeenkomstige toepassing van het bepaalde bij of krachtens de artikelen 17, 18 en 20, tweede lid, van de Wet waardering onroerende zaken. Artikel 6 Vrijstellingen 1. In afwijking in zoverre van artikel 5 wordt bij de bepaling van de heffingsmaatstaf buiten aanmerking gelaten, voor zover dit niet al is gebeurd bij de bepaling van de in dat artikel bedoelde waarde, de waarde van: a. voor de land- of bosbouw bedrijfsmatig geëxploiteerde cultuurgrond, daaronder mede begrepen de open grond, alsmede de ondergrond van glasopstanden, die bedrijfsmatig aangewend wordt voor de kweek of teelt van gewassen, zonder daarbij de ondergrond als voedingsbodem te gebruiken; b.
glasopstanden, die bedrijfsmatig worden aangewend voor de kweek of teelt van gewassen, voor zover de ondergrond daarvan bestaat uit de in onderdeel a bedoelde grond; c. onroerende zaken die in hoofdzaak zijn bestemd voor de openbare eredienst of voor het houden van openbare bezinningssamenkomsten van levensbeschouwelijke aard, een en ander met uitzondering van delen van zodanige onroerende zaken die dienen als woning; d. één of meer onroerende zaken die deel uitmaken van een op de voet van de Natuurschoonwet 1928 aangewezen landgoed dat voldoet aan de voorwaarden genoemd in artikel 8 van het Rangschikkingsbesluit Natuurschoonwet 1928 met uitzondering van de daarop voorkomende gebouwde eigendommen; e. natuurterreinen, waaronder mede worden verstaan duinen, heidevelden, zandverstuivingen, moerassen en plassen, die door rechtspersonen met volledige rechtsbevoegdheid welke zich uitsluitend of nagenoeg uitsluitend het behoud van natuurschoon ten doel stellen, beheerd worden; 2 Verordening BIZ Centrum Vlissingen 2027 - 2031
f. openbare land- en waterwegen en banen voor openbaar vervoer per rail, een en ander met inbegrip van kunstwerken; g. waterverdedigings- en waterbeheersingswerken die worden beheerd door organen, instellingen of diensten van publiekrechtelijke rechtspersonen, met uitzondering van de delen van zodanige werken die dienen als woning; h. werken die zijn bestemd voor de zuivering van riool- en ander afvalwater en die worden beheerd door organen, instellingen of diensten van publiekrechtelijke rechtspersonen, met uitzondering van de delen van zodanige werken die dienen als woning; i. werktuigen die van een onroerende zaak kunnen worden afgescheiden zonder dat beschadiging van betekenis aan die werktuigen wordt toegebracht en die niet op zichzelf als gebouwde eigendommen zijn aan te merken; j. belastingobjecten voor zover die bestemd en in gebruik zijn voor de publieke dienst van de gemeente; k. straatmeubilair, waaronder begrepen alle zodanige gebouwde eigendommen - niet zijnde gebouwen - welke zijn geplaatst voor het belang van het publiek, ten dienste van het verkeer of ter verfraaiing van de gemeente, zoals lichtmasten, verkeersinstallaties, standbeelden, monumenten, fonteinen, banken, abri's, hekken en palen; l.
plantsoenen, parken en waterpartijen, die bij de gemeente in beheer zijn of waarvan de gemeente het genot heeft krachtens eigendom, bezit of beperkt recht, met uitzondering van delen van zodanige onroerende zaken die dienen als woning; m. begraafplaatsen, urnentuinen en crematoria, met uitzondering van delen van zodanige onroerende zaken die dienen als woning; n. belastingobjecten voor zover die bestemd en in gebruik zijn voor het geven van onderwijs; o. belastingobjecten die worden beheerd door een vereniging of stichting die geen onderneming drijft, voor zover die objecten bestemd en in gebruik zijn voor het geven van onderwijs, voor club- en buurthuiswerk, voor de beoefening van sport of voor andere activiteiten van sociale aard; p. belastingobjecten voor zover die bestemd en in gebruik zijn voor de publieke dienst ter zake van brandweerzorg, rampenbeheersing, crisisbeheersing, geneeskundige hulpverlening in de regio en de handhaving van de openbare orde en veiligheid. q. de objecten die vermeld staan in de bijlage "Vrijgestelde objecten voor de BIZ-bijdrage" (bijlage 3). 2. In afwijking in zoverre van artikel 5 wordt bij de bepaling van de heffingsmaatstaf voor de BIZbijdrage van de gebruiker buiten aanmerking gelaten de waarde van gedeelten van het belastingobject die in hoofdzaak tot woning dienen dan wel in hoofdzaak dienstbaar zijn aan woondoeleinden.
Artikel 7 Tarief BIZ-bijdrage Het BIZ-tarief per jaar bedraagt: WOZ waarde
2027
€0 - €300.000 €300.000 - €500.000 €500.000 - €700.000 Meer dan €700.000
€370 €550 €660 €770
De BIZ-bijdrage zal vanaf 2028 jaarlijks worden geïndexeerd op basis van het CPI-inflatiecijfer met een maximum van 3%. Artikel 8 Wijze van heffing De BIZ-bijdrage wordt jaarlijks bij wege van aanslag geheven. Verordening BIZ Centrum Vlissingen 2027 - 2031
3
Artikel 9 Termijnen van betaling 1. In afwijking van artikel 9, eerste lid, van de Invorderingswet 1990 worden de aanslagen betaald in twee gelijke termijnen waarvan de eerste vervalt op de laatste dag van de maand volgend op de maand die in de dagtekening van het aanslagbiljet is vermeld en de tweede twee maanden later. 2. In afwijking in zoverre van het eerste lid geldt, ingeval het totaalbedrag van de op één aanslagbiljet verenigde aanslagen onroerendezaakbelastingen of andere heffingen minder is dan € 5.000,-, dat, indien een machtiging voor automatische incasso is afgegeven, de aanslagen worden geïnd in acht gelijke termijnen waarvan de eerste termijn vervalt op de laatste dag van de maand volgende op die welke in de dagtekening van het aanslagbiljet is vermeld en elk van de volgende termijnen telkens een maand later. 3.
De Algemene termijnenwet is niet van toepassing op de in het eerste lid gestelde termijnen.
Artikel 10 Looptijd belastingheffing De BIZ-bijdrage wordt ingesteld voor een periode van 5 jaar. Artikel 11 Nadere regels door het college Het college kan nadere regels stellen met betrekking tot de heffing en de invordering van de BIZbijdrage. Hoofdstuk III Subsidiebepalingen Artikel 12 Aanwijzing vereniging De vereniging Vlissingse Ondernemers Centrale wordt aangewezen als de vereniging als bedoeld in artikel 7 van de wet. Artikel 13 Buiten toepassing verklaring van de algemene subsidieverordening Op de subsidie bedoeld in artikel 14 is de Algemene subsidieverordening Vlissingen niet van toepassing. Artikel 14 Subsidievaststelling 1. De subsidie voor de uitvoering van de activiteiten die zijn opgenomen in de uitvoeringsovereenkomst wordt verstrekt aan de in artikel 12 aangewezen vereniging. 2. De subsidie bedraagt maximaal het bedrag van de jaarlijks te ontvangen BIZ-bijdragen, nadat daarop de perceptiekosten in mindering zijn gebracht. 3. Voor zover dit niet reeds is geschied in de uitvoeringsovereenkomst, kan het college nadere regels stellen met betrekking tot de verplichtingen van de subsidie-ontvanger.
Hoofdstuk IV Slotbepalingen Artikel 15 Intrekken oude verordening en overgangsrecht De ‘Verordening Bedrijveninvesteringszone Centrum Vlissingen 2022 - 2026' wordt ingetrokken op de datum van ingang van de heffing, bedoeld in artikel 16, tweede lid, met dien verstande dat zij van toepassing blijft op belastbare feiten die zich voor die datum hebben voorgedaan. 4 Verordening BIZ Centrum Vlissingen 2027 - 2031
Artikel 16 Inwerkingtreding 1. Deze verordening treedt in werking met ingang van 1 januari 2027, mits gebleken is van voldoende steun als bedoeld in artikel 4 van de wet. 2. De datum van ingang van de heffing is: 1 januari 2027. Artikel 17 Citeertitel Deze verordening wordt aangehaald als: Verordening Bedrijveninvesteringszone (BIZ) Centrum Vlissingen 2027-2031.
Aldus vastgesteld in de openbare raadsvergadering van 28 mei 2026, De voorzitter,
De griffier,
Drs. A.R.B. van den Tillaar
Bijlage 1: Plattegrond gebied BIZ Centrum Vlissingen 2027 – 2031 Bijlage 2: Belastingobjecten voor de BIZ-bijdrage Bijlage 3: Vrijgestelde objecten voor de BIZ-bijdrage
Verordening BIZ Centrum Vlissingen 2027 - 2031
5
Bijlage 1: Plattegrond gebied BIZ Centrum Vlissingen 2027 - 2031
Verordening BIZ Centrum Vlissingen 2027 - 2031
6
Bijlage 2: Belastingobjecten voor de BIZ-bijdrage behorende bij artikel 2, lid 1, van Verordening BIZ Centrum Vlissingen 2027 - 2031 Objectcode
Objectomschrijving
2111
winkel met woongedeelte
2121
cafetaria/snackbar met woongedeelte
2122
cafe/bar/restaurant met woongedeelte
2123
bar/dancing met woongedeelte
2124
hotel/motel met woongedeelte
2125
pension/logiesgebouw met woonged.
3111
winkel
3114
kiosk
3119
overig detailhandel
3121
cafetaria/snackbar
3122
cafe/bar/restaurant
3123
bar/dancing
3124
hotel/motel
3125
pension/logiesgebouw
3126
overig horeca
3176
atelier / werkruimte
3411
Schouwburg/concertgebouw
3413
museum
3414
Expositie/evenementenhal
3415
bioscoop
3418
Recreatie/sportcentrum
3419
overig cultureel
3523
jachthaven
Verordening BIZ Centrum Vlissingen 2027 - 2031
7
Bijlage 3: Vrijgestelde objecten voor de BIZ-bijdrage behorende bij artikel 6, lid 1 onder q van Verordening BlZ Centrum Vlissingen 2027 – 2031 Objectcode
Objectomschrijving
2141
Woning-kantoor
2162
Woning-praktijkruimte
2170
Woning-bedrijven
3141
Kantoor
3143
Solitair kantoor
3145
geldautomaat
3162
Praktijkruimte
3171
Werkplaats / garage
3173
Onderhoud / reparatie
3174
Productie (fabriek)
3175
Opslag / distributie
3312
Basisschool
3318
Dagverblijf
3319
School voor overig onderwijs
3331
Ziekenhuis
3332
(poli)kliniek
3333
Medisch dagverblijf
3334
Psychiatrisch ziekenhuis
3339
Medisch overig
3351
Verzorgings- / bejaardentehuis
3353
Praktijkruimte tandarts/fysiotherapie
3356
Gevangenis
3359
Overig bijz. woonfunc. zonder woning
3376
Wijk- / buurtcentrum
3451
kerk
3454
Kerk vrijgesteld WOZ
3512
Sportaccommodatie
3515
Clubhuis
Verordening BIZ Centrum Vlissingen 2027 - 2031
8
3516
Kleedgebouw/toiletten
3524
Windmolen
3632
Zee/binnenhaven
3634
NS-station
3637
parkeergarage
3638
Benzinestation
3664
Telefooncentrale
4199
Overige ongebouwd
Verordening BIZ Centrum Vlissingen 2027 - 2031
9