48. CU - Reling boulevards bijlage 1 beoordelingen eisen uit het Bbl
Tekst van het document
Van: Wesley van den Hoeven on behalf of "Wesley van den Hoeven (W.vandenHoeven@nieman.nl)" <W.vandenHoeven@nieman.nl> Verstuurd: Thu, 6 Mar 2025 14:44:28 +0100 Aan: Marije Verlinde - de Knikker Cc: Marcel de Kraker; Herbert Lentink Onderwerp: [20250357] Vervangen relingen boulevards Vlissingen | beoordelingen eisen uit het Bbl (stap 1)
Sommige mensen die dit bericht hebben ontvangen, ontvangen niet vaak e-mail van w.vandenhoeven@nieman.nl. Ontdek waarom dit belangrijk is Geachte mevrouw Verlinde, beste Marije, We hebben bestudeerd of, en zo ja welke, eisen het Besluit bouwwerken leefomgeving (hierna: Bbl) stelt aan het vervangen van de relingen langs de kade van boulevards. De kade grenst aan het strand of glooiing en is circa 4 m hoger gelegen. Daarbij wordt verondersteld dat de kade bouwkundig is opgebouwd, bijvoorbeeld gemetseld, en dat deze verder aansluit op terreininrichting zoals bestrating, verharding of een voetpad. Hierna leest u onze bevindingen. Mochten er vragen over zijn, dan hoor ik het graag. Samenvatting (conclusie) • De kade en relingen moeten worden beschouwd als bouwwerk. Terreininrichting (bijvoorbeeld bestrating, verharding, voetpad) is geen bouwwerk. • De regels uit het Bbl zijn van toepassing op bouwwerken. • Omdat de terreininrichting geen bouwwerk is, stelt het Bbl naar ons oordeel geen prestatie-eisen aan het voorkomen van het vallen van de kade. • We adviseren vanuit privaatrechtelijke verantwoordelijkheid echter wel een risicoafweging te maken om te bepalen of maatregelen nodig zijn. Ofwel, we adviseren het risico zo veel mogelijk te verkleinen dat jullie als eigenaar van het terrein (succesvol) aansprakelijk kunnen worden gesteld.
Beoordeling eisen relingen in het Bbl Publiekrechtelijk Het Bbl stelt eisen aan bouwwerken, de grondslag hiervoor is te vinden in artikel 4.3 van de Omgevingswet. Waar het gaat om de veiligheid van een bouwwerk, is dus het Bbl van toepassing. Een bouwwerk is volgens de bijlage bij artikel 1.1 van de Omgevingswet als volgt gedefinieerd: "constructie van enige omvang van hout, steen, metaal of ander materiaal, die op de plaats van bestemming hetzij direct of indirect met de grond verbonden is, hetzij direct of indirect steun vindt in of op de grond, bedoeld om ter plaatse te functioneren, met inbegrip van de daarvan deel uitmakende bouwwerkgebonden installaties anders dan een schip dat wordt gebruikt voor verblijf van personen en dat is bestemd en wordt gebruikt voor de vaart".
In de voorliggende situatie kunnen we stellen dat de kademuur en de reling moeten worden beschouwd als bouwwerk. Gaat het echter om inrichting van het terrein, zoals bestrating, verharding of een voetpad, dan is er (voor die onderdelen) geen sprake van een bouwwerk in de zin van de bouwregels. Ook uit vaste jurisprudentie volgt dat verhardingen niet als een bouwwerk kunnen worden aangemerkt (ECLI:NL:RVS:2006:AY4255, ECLI:NL:RVS:2009:BH9230). Dat wil zeggen dat de bouwkundige veiligheidsregels van het Bbl daar niet op van toepassing zijn. Om het vallen van de rand van een vloer zoveel mogelijk te voorkomen stelt het Bbl weliswaar regels, maar deze hebben geen betrekking op de verharding. Wanneer we deze regels uit het Bbl toepassen op de kademuur en reling (die wél als bouwwerk worden beschouwd), blijkt dat de regels alleen van toepassing zijn bij een voor personen bestemde vloer (artikel 3.15 lid 1 en artikel 4.20 lid 1 Bbl). Die vraag doet zich echter niet voor, omdat er in dit geval geen sprake is van een vloer van een bouwwerk. Uit bovenstaande concluderen we dat het Bbl geen prestatie-eisen stelt aan het vallen van de kade. Hierna lichten we kort een aantal aandachtspunten toe.
Aandachtspunten Voor personen bestemde vloer (bouwwerk) aan kade Op dit moment zijn er geen aanwijzingen, noch is het aannemelijk, dat de kade zou aansluiten op een aangrenzende voor personen bestemde vloer als onderdeel van het bouwwerk. Maar we merken op dat er anders in het Bbl wel eisen van toepassing zijn die het vallen van de vloer zoveel mogelijk voorkomen. Voor de vergelijking verwijzen we naar een brug; een brug is te beschouwen als een 'bouwwerk' (geen gebouw zijnde). Overigens moet we aantekenen dat er in een dergelijk geval uitsluitend maatregelen nodig zijn als de rand bij een voor personen bestemde vloer > 1 m hoger ligt dan een aansluitende vloer, het aansluitende terrein of het aansluitende water. Of op de situatie een van de laatstgenoemde criteria van toepassing is, vergt nader onderzoek. Zorgplicht
Bij afwezigheid van een publiekrechtelijk concreet toetskader resteert een zorgplicht. Deze zorgplicht is geregeld voor bestaande bouwwerken (artikel 3.5 Bbl): "Degene die weet of redelijkerwijs kan vermoeden dat de staat van het bouwwerk tot gevaar voor de gezondheid of veiligheid kan leiden, is verplicht alle maatregelen te nemen die redelijkerwijs kunnen worden gevraagd om dat gevaar te voorkomen of niet te laten voortduren."
Een overtreding kan worden afgedwongen door het bevoegd gezag. De strekking is te voorkomen dat er gevaar ontstaat voor, in dit geval, de veiligheid. We gaan verder niet in op de ruime betekenis van 'gevaar voor de veiligheid'. De zorgplicht is aanvullend bedoeld, enerzijds op leemtes in de wet, anderzijds op nu nog toekomstig onvoorziene omstandigheden. Voor zover bij ons bekend is er tot op heden geen jurisprudentie gewezen op basis waarvan conclusies getrokken kunnen worden voor het 'terrein'. Privaatrechtelijke aansprakelijkheid Vanuit de verantwoordelijkheid in privaatrechtelijke zin kan het nodig zijn maatregelen te treffen. Dit is altijd afhankelijk van alle concrete omstandigheden van het geval. Uit diverse uitspraken kunnen de te nemen maatregelen bij gevaarzetting afhangen van onder meer: a) b) c) d)
de mate van waarschijnlijkheid dat anderen niet de vereiste oplettendheid en voorzichtigheid in acht nemen, de grootte van de kans dat daaruit ongevallen ontstaan, de ernst van de mogelijke gevolgen en de mate van bezwaarlijkheid van de te nemen veiligheidsmaatregelen.
Gehanteerde uitgangspunten • Omgevingswet, versie per 1 januari 2024 • Besluit bouwwerken leefomgeving, versie per 1 januari 2025
Met vriendelijke groet,
Wesley van den Hoeven Bouwregelgeving
Niet aanwezig op dinsdag
06 30 37 05 06 | 030 241 34 27 w.vandenhoeven@nieman.nl Atoomweg 400 | 3542 AB Utrecht Postbus 40217 | 3504 AA Utrecht
www.NIEMAN.nl Op al onze werkzaamheden zijn onze algemene voorwaarden van toepassing (DNR 2011). Deze kunt u downloaden via onze website: www.nieman.nl/algemene-voorwaarden