40. D66-GL-PvdA-SP-SLF - Milieurisico op de Westerschelde
Tekst van het document
Fracties D66, GL, PvdA, SP en SLF
UW BRIEF VAN
UW KENMERK
ONS KENMERK
DATUM
2431209 / 2436671
4 april 2024 BIJLAGEN
BEHANDELD DOOR
BEZOEKADRES
TELEFOON
AP Bos
Paul Krugerstraat 1
+31118487240
ONDERWERP
Beantwoording art 34 RvO vragen fracties D66, GL, PvdA, SP en SLF inzake milieurisico op de Westerschelde Geachte heer/mevrouw, Naar aanleiding van de op 18 maart jl. van uw fractie ontvangen vragen ex artikel 34 RvO informeren wij u als volgt. Uw inleiding Naar aanleiding van de schokkende berichtgeving in NRC over aftandse olietankers die regelmatig Zeeuwse wateren aandoen hebben we een aantal vragen: Vraag 1 Is het college op de hoogte van de regelmatige bezoeken van oude, niet verzekerde en slecht onderhouden olietankers aan de ankerplaats nabij Vlissingen-oost, waarbij deze schepen hun automatische identificatiesystemen regelmatig uitzetten en dat de GPSgegevens ook niet altijd juist worden doorgegeven? Ons antwoord: het college was tot het verschijnen van het artikel in de NRC niet hiervan op de hoogte. Vraag 2 Wat is de mening van het college over deze regelmatige bezoeken van oude, niet verzekerde en slecht onderhouden olietankers aan de ankerplaats nabij Vlissingen-oost? Ons antwoord: het college vindt dat alle schepen moeten voldoen aan de regels zoals deze op inter(nationaal) niveau gelden. Vraag 3 We zijn van mening dat deze bezoeken de kans op een milieuramp vergroten. Om dit te voorkomen moeten deze schepen scherp gecontroleerd en aangepakt worden door Inspectie Leefomgeving en Transport maar die doen volgens het artikel van NRC niets.
Wil het college met grootst mogelijke urgentie aan ILT duidelijk maken dat deze situatie anders moet worden aangepakt en dat ze structureel en vaak in de Westerschelde moeten gaan controleren?
POSTBUS 3000, 4380 GV VLISSINGEN TELEFOON 0118-487000 EMAIL GEMEENTE@VLISSINGEN.NL FAX 0118-410218 IBAN: NL36BNGH0285008889 BIC: BNGHNL2G
Ons antwoord: terecht dat u verwijst naar de verantwoordelijkheid van ILT hierin. Zij controleren de veiligheid van buitenlandse zeeschepen in Nederlandse havens. Dit is de zogenoemde havenstaatcontrole, ook wel bekend als Port State Control. In onze contacten met deze inspectie zullen wij hierop aandringen. Wij verwachten overigens dat ILT hierover, na het verschijnen van het artikel in het NRC, vanuit verschillende kanten zal worden bevraagd. Vraag 4 Is het college bereid om via het aandeelhouderschap van North Sea Port deze zorgelijke situatie te bespreken met als doel de schepen te weren? Ons antwoord: natuurlijk zijn wij bereid deze situatie te bespreken met North Sea Port. Tegelijkertijd merken wij op dat de ankerplaats Everingen niet binnen het beheergebied van North Sea Port valt en daarmee ook niet binnen de bevoegdheid van het havenbedrijf. Vraag 5 Ziet het college nog andere manieren om de veiligheid betreffende dit soort aftandse schepen te verbeteren? Ons antwoord: het college is daar niet de aangewezen partij voor. Dit is een onderwerp dat onder de verantwoordelijkheid van andere diensten en inspecties valt. Vraag 6 Hoe wordt de potentiële milieuschade beoordeeld van de tankactiviteiten van deze 'schaduwvloot' die Russische olie vervoert en bunkert in de Westerschelde, gezien de oude, slecht onderhouden staat van de betrokken schepen? Graag een toelichting.
Ons antwoord: zie ons antwoord op uw vraag 5. Vraag 7 Welke maatregelen worden genomen om mogelijke milieu-incidenten te voorkomen, vooral gezien het verhoogde risico op ongelukken door de ouderdom en slechte staat van de schepen? Graag een toelichting. Ons antwoord: dit is een vraag die ons college niet kan beantwoorden. Dit is een verantwoordelijkheid van andere diensten en inspecties zoals ILT / Port State Control. Vraag 8 Zijn er richtlijnen of voorschriften op nationaal of Europees niveau die van toepassing zijn op de bunkering van deze schepen, met name in termen van milieubescherming? Graag een toelichting. Ons antwoord: de zeescheepvaart is een internationale vaart en deze moet voldoen aan (inter)nationale wet- en regelgeving. Vraag 9 Hoe wordt de impact op het mariene ecosysteem rond de Westerschelde beoordeeld vanwege de frequente tankactiviteiten van deze 'schaduwvloot'? Graag een toelichting. Ons antwoord: in uw vraag heeft u het over frequente tankactiviteiten; in het NRC Handelsblad lazen we dat het in een half jaar tijd ging om zo’n zeven schepen. Zoals bij ons antwoord op uw vraag 6 aangegeven, hebben wij niet een beeld van alle overige schepen die daar ook bunkeren en wellicht vergelijkbare risico’s met zich meebrengen.
Vraag 10 Worden er monitoring- of toezichtsmaatregelen genomen om ervoor te zorgen dat deze schepen voldoen aan milieustandaarden en voorschriften tijdens het bunkeren in Nederlandse wateren? Graag een toelichting. Ons antwoord: zie ons antwoord op uw vraag 5.
Blad 2 behorend bij 2431209 / 2436671
Vraag 11 Wat zijn de potentiële gevolgen voor het milieu en de menselijke gezondheid als een van deze schepen een olielek of ander incident zou veroorzaken in de buurt van de Westerschelde? Graag een toelichting. Ons antwoord: alhoewel wij niet inhoudelijk deskundig zijn, hebben wij een vermoeden dat deze vergelijkbaar kunnen zijn met andere schepen die op de Westerschelde varen. Vraag 12 Wordt er rekening gehouden met de langetermijneffecten van de tankactiviteiten van deze schepen op de waterkwaliteit en de biodiversiteit in de Westerschelde? Graag een toelichting. Ons antwoord: zie ons antwoord op uw vraag 5. Vraag 13 Wat zijn de mogelijke juridische implicaties en verantwoordelijkheden in het geval van een milieu-incident veroorzaakt door een van deze schepen, gezien de complexe eigendomsstructuren en registraties? Graag een toelichting. Ons antwoord: Zie ons antwoord op uw vraag 5. Wij gaan ervan uit u hiermee in voldoende mate te hebben ingelicht. Hoogachtend, burgemeester en wethouders van Vlissingen, de secretaris, de burgemeester,
drs. R.D.A. Wiskerke
drs. A.R.B. van den Tillaar
Blad 3 behorend bij 2431209 / 2436671