CConstaterende datVlissingen
Koppel je AI →
Document · PDF

4.4.01 CU-CDA-LPV-VVD-GL-PSR - Amendement verhoging inkomensgrens-wijzigen beslispunt 1 - Incl. reactie collge

Raadsvergadering 3 juli 2024, gemeente VlissingenBij agendapunt: Amendementen Kadernota784 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Amendement: verhoging inkomensgrens armoedebeleid

Voorstel behorende bij agendapunt 4.4 van de raadsvergadering van 3 juli 2024

Onderwerp: Kadernota 2025

De gemeenteraad van Vlissingen in vergadering bijeen op 3 juli 2024 Constaterende dat: De gemeenteraad op 18 april 2024 twee moties heeft aangenomen waarin de raad in verschillende woorden het college opdraagt om de huidige inkomensgrens van 110% te verhogen naar minimaal 120% en dit zo snel mogelijk en indien mogelijk met terugwerkende kracht vanaf 2024; Overwegende dat: -In de Kadernota 2025 het college opmerkt geen structureel sluitend meerjarig financieel beeld te kunnen presenteren en dat dat volgens het college betekent “dus helaas ook dat we geen invulling kunnen geven aan de wens van de gemeenteraad om structureel de minimaregeling te herzien (110 naar 120%). Daarbij zetten we incidentele middelen niet in voor structurele ambities.”; -de raad de financiële zorgen van het college deelt maar de kosten van de verhoging van de inkomensgrens van 110% naar 120% van het sociaal minimum, net als de stijging van de kosten van de jeugdhulp, als onvermijdelijk ziet; Wijzigt het besluit als volgt: De raad besluit: 1. De kadernota 2025 gewijzigd vast te stellen De wijziging van de kadernota is dat de herziening de armoedegrens alsnog per 1 januari 2024 -of als dat juridisch niet mogelijk is per 1 juli 2024- maar in ieder geval vanaf 1-1-2025 wordt verhoogd van 110 naar 120%.

Daarbij blijft uitgangspunt om -zoals in de moties verwoord- te blijven zoeken naar extra structurele middelen. 2. (ongewijzigd) 3. (ongewijzigd) 4. (ongewijzigd)

Toelichting: De minima die vallen in de groep boven de 110% tot aan de 120% hebben in de afgelopen jaren hun bijdragen in de sanering van de algemene reserve meer dan voldoende gedragen. Wij achten het niet langer verantwoord om onder de norm van 120% te gaan zitten, mede ook omdat het Rijk zelf deze grens van 120% van het sociaal minimum hanteert (zie energietoeslag). De extra structurele lasten worden gezien als onvermijdelijk en niet langer uitstelbaar. De eventueel beschikbare incidentele dekkingsmiddelen dienen beschikbaar te blijven voor incidentele investeringen in de gemeente. Daarbij zou het niet uitlegbaar noch verdedigbaar zijn waarom wel incidentele middelen ingezet zouden worden voor de noodzakelijke structurele lasten van normaal minimabeleid (laten we een verhoging tot 120% geen ambitie noemen) en niet voor de structurele lasten van de jeugdzorg. Bovendien: de andere gemeenten in Zeeland kunnen bijvoorbeeld hun ZEH dividend wel gebruiken voor extra ambities. Het niet kunnen inzetten van Vlissingen van het ZEH dividend maakt het verschil in kwantiteit en kwaliteit van de voorzieningen (nog) groter. Onvoldoende structurele middelen beschikbaar stellen (door het Rijk) voor noodzakelijke structurele lasten is een overtreding van de Financiële Verhoudingen Wet en dient gecorrigeerd te worden door de uitvoerder van deze Wet.

Ondertekening en naam: CU : Pieter Jan Mersie CDA : Marin de Zwarte GroenLinks: Rieky Bostelaar-Trommelen Sogand Mohandes LPV : John Dooms Saskia Eggermont Coen van Dalen Brenda Wiessner VVD: Albert van der Giessen Yvette Hoogstraten PSR: Alex Achterhuis Louise Claessens Wilma van Dongen Joanna Weijermans Albert-John Vervorst

Advies: het amendement ontraden Argumenten: 1. Het wettelijk kader Besluit Begroten en Verantwoorden (BBV) staat structureel ophogen zonder structureel dekken niet toe Wij delen de wens van de raad de minimaregelingen te herzien. Echter, dit is niet mogelijk vanwege het ontbreken van structurele dekking. 2. ‘De minimaregeling’ generiek bestaat niet Dit amendement gaat voorbij aan het gegeven dat er verschillende minimaregelingen zijn die per regeling een andere inkomensgrens hebben, waarvan een deel bij de gemeente Middelburg en Veere ook op 110% zit. Daarnaast wijken beleidsregels en definities soms ook af tussen de gemeenten. Daarom adviseren wij de raad ons een (opiniërend) voorstel voor te bereiden waarin wij per regeling de juiste keuze aan u voorleggen. Omdat dit amendement teveel beleidskeuzes op onderdelen achterwege laat, onduidelijk is welke regelingen wel en niet vallen onder dit besluit en geen oplossing biedt voor de wezenlijke verschillen in beleidsregels en definities ontraden wij u dit besluit.

De regeling bijzondere bijstand bevat onder andere de volgende sub regelingen: - Bijzondere bijstand bewind voering - Bijzondere bijstand regeling chronisch zieken - Bijzondere bijstand regeling duurzame gebruiksgoederen - Bijzondere bijstand algemeen onderdeel wonen - Bijzondere bijstand algemeen onderdeel levensonderhoud - Bijzondere bijstand algemeen aanvullende bijstand - Bijzondere bijstand energietoeslag (tijdelijk) Verder kan er op de bijzondere bijstand gedifferentieerd worden in de beleidsregels zoals brillen en tandartskosten, huiswerkbegeleiding, leermiddelen, normbedragen collectieve ziektekostenverzekering. We kennen ook het fonds cultuur sport & onderwijs (niet te verwarren met het Jeugdfonds Sport & Cultuur). Deze is onderverdeeld in een 18- en een 18+ regeling. De 18- regeling kent voor de gemeente Vlissingen andere beleidsregels dan de gemeente Middelburg en Veere. Indien er wordt gestreefd naar meer gelijkheid voor minimahuishoudens op Walcheren is het wenselijk ook de beleidsregels/definities en de normbedragen te herzien.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/14361776/1