CConstaterende datVlissingen
Koppel je AI →
Document · PDF

3.2 rvs Zeeuws Actieplan Dakloosheid Bijlage 5 Advies Adviesraad WMO & Jeugd Vlissingen

Commissie Algemeen en Sociaal 9 oktober 2025, gemeente VlissingenBij agendapunt: Zeeuws actieplan dakloosheid en addendum op de regiovisie beschermd wonen en opvang 2022-20251.381 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

College van Burgemeester en Wethouders Gemeente Vlissingen Postbus 3000 4380 GV Vlissingen Ons kenmerk : 25-A6 Onderwerp : Gevraagd advies concept Addendum Regiovisie beschermd wonen en opvang 2026-2030 Vlissingen, 31 juli 2025

Geacht college, Wij hebben het concept Addendum Regiovisie beschermd wonen en maatschappelijke opvang 2026 – 2030 in goede orde ontvangen. Graag bieden wij u hierbij ons advies aan. Wij verzoeken u dit als Vlissingse input in te brengen in het overleg hierover met de andere gemeenten. Een kopie van dit advies sturen wij ook aan de andere Zeeuwse adviesraden. Allereerst is het helaas niet mogelijk gebleken om als Zeeuwse Adviesraden tot een gezamenlijk advies te komen. Dit komt onder meer door het korte tijdsbestek waarin dit proces speelt alsook het ontbreken van een coördinerende rol van één van de adviesraden. Ook wij, als Vlissingse adviesraad, hebben die rol niet op ons kunnen nemen. Als het voor u belangrijk is dat de Wmo-raden gezamenlijk betrokken worden en inhoudelijk kunnen bijdragen, is er meer nodig dan een enkele online toelichting en een verzoek om reactie van 13 adviesraden in een vakantieperiode. Wij doen de aanbeveling om de Wmo-raden uit te nodigen voor een gezamenlijke bijeenkomst, waarin besproken kan worden hoe inwoners en cliënten het best betrokken kunnen worden bij het gezamenlijke beleid van de 13 gemeenten, en wat dat voor eisen stelt aan de organisatie, termijnen en tijdige informatievoorziening. Wij vernemen graag uw reactie hierop.

Waardering en eerste indruk Voordat wij onze opmerkingen en aandachtspunten over het addendum met u delen, willen we graag beginnen met een aantal positieve bevindingen. We waarderen het dat er expliciete aandacht is voor de doelgroep 18-/18+. Wij hopen dat deze focus ook in de praktijk wordt voortgezet en bijdraagt aan meer stabiliteit en toekomstperspectief voor deze jongeren in onze gemeente. Ook zijn wij positief over de 1

ruimte die wordt gecreëerd voor maatwerk, met name binnen de nieuwe contracten voor beschermd wonen. Dit biedt mogelijkheden om beter in te spelen op de uiteenlopende problematiek van inwoners. Algemene opmerkingen Het addendum zien we ook als een zinvolle aanvulling op de nog actuele regiovisie waarin de diverse ontwikkelingen voor de komende jaren binnen het sociaal domein zijn beschreven inclusief de vele acties die daar bij horen (wat moet er nog gebeuren). Dit brengt ons direct bij een eerste kanttekening: het gaat om complexe ontwikkelingen waarbij er veel onderlinge afhankelijkheden zijn. Daarbij is uit het addendum niet op te maken hoe het tijdspad met actiepunten en afhankelijkheden eruitziet. De aanleiding voor het addendum is dat de regiovisie nog actueel is en er alleen een aanvulling nodig is. Dat suggereert dat de looptijd van de regiovisie wordt verlengd, maar dat wordt nergens expliciet vermeld. Tevens ontbreekt een evaluatie van de regiovisie. Dat maakt dat de hele basis en de voornemens in het addendum eigenlijk wat onzeker of zelfs willekeurig overkomt. Daarnaast bevat het addendum veel vaktaal en is het naar onze mening erg vrijblijvend geformuleerd. De voornemens die u benoemt zijn vrijwel allemaal gericht op het schrijven van vervolg- of uitwerkingsnota’s, het invoeren van monitoringssystemen, het voeren van gesprekken en het leggen van verbindingen.

Er staan nauwelijks concrete maatregelen, tijdpaden, beschikbare budgetten en verantwoordings- en evaluatie-afspraken in. Dit vergroot het risico op stagnatie en vertraging, temeer omdat onduidelijk is wie verantwoordelijk is voor de totale voortgang, zowel ambtelijk als bestuurlijk. Wij adviseren daarom een plan van aanpak of uitvoeringsplan als bijlage toe te voegen aan het addendum. Daarbij willen we de suggestie doen om jaarlijks voortgangsinformatie te verstrekken. Ervaringsdeskundigheid Ervaringsdeskundigheid kan een waardevolle aanvulling zijn op de huidige zorg, maar is zeker geen toverwoord in tijden van bezuiniging. De inzet ervan kent beperkingen. Ervaringsdeskundigen kunnen beleid beter laten aansluiten op de praktijk, juist omdat zij doelgroepen vertegenwoordigen die vaak minder gehoord worden. Zij brengen in wat inwoners en cliënten echt nodig hebben, ook zaken die buiten cijfers en rapporten vallen. Hun bijdrage helpt blinde vlekken te signaleren en bevordert co-creatie: beleid maken mét mensen in plaats van óver mensen. Om deze bijdrage daadwerkelijk effectief te laten zijn, is het essentieel dat de inzet van ervaringsdeskundigen geen symbolische participatie blijft, maar een structurele plek krijgt in alle fasen van beleidsvorming: van agendering en ontwikkeling tot uitvoering en evaluatie.

Ervaringsdeskundigen mogen geen vervangers zijn van professionele hulpverleners, en hun inzet mag niet worden gezien als vrijblijvende inzet van alleen vrijwilligers. Ervaringsdeskundigheid vormt een waardevolle aanvulling, mits er goed wordt samengewerkt met ketenpartners en er serieus wordt geïnvesteerd in 2

deskundigheidsbevordering en professionele ondersteuning, zodat hun inzet duurzaam, effectief en professioneel is. Wij adviseren u om de deskundigheidsbevordering van ervaringsdeskundigen periodiek uit te voeren en dit structureel op te nemen. Onze bezorgdheid daarover neemt toe omdat nergens blijkt dat er extra financiële middelen worden gereserveerd voor deze inzet. Tijdens de online bijeenkomst van dinsdag 10 juni hebben wij hierover een vraag gesteld. Toen bleek dat er nog geen duidelijke bekostigingssystematiek is uitgewerkt en dat hierover nog moet worden nagedacht. Dat maakt dat het hele voornemen op dit punt nog te vrijblijvend is en onvoldoende is geborgd, terwijl het wél wordt gepresenteerd als belangrijke oplossing voor het gebrek aan passend aanbod. Wij ontvangen dan ook graag alsnog een reactie op onze eerder gestelde vraag over de bekostigingssystematiek. Tevens geven wij u in overweging de ervaringsdeskundigen nadrukkelijk te betrekken bij de verdere invoering van dit voornemen. Wooncirkels Wooncirkels bieden kansen, maar kennen ook beperkingen. Het is positief dat inwoners binnen een wooncirkel toegang hebben tot zorg en ondersteuning in hun directe omgeving. Dit kan bijdragen aan langer zelfstandig thuis wonen en, zoals ook in het addendum wordt benoemd, de mogelijkheid om veelzijdiger en flexibeler op vraagstukken in te spelen.

Het versterken van sociale cohesie en samenhang in de wijk is een belangrijk uitgangspunt dat wij onderschrijven, mits hier een flinke dosis realisme bij komt kijken: immers zal het niet overal mogelijk of passend zijn. Wooncirkels mogen dan ook geen verplichtend karakter hebben. Mogelijk zijn er zelfs wijken in Vlissingen waarin het initiatief niet van de grond komt, niet gedragen wordt, niet wenselijk is of simpelweg niet past binnen de lokale context. Zo kunnen bewoners weerstand voelen tegen veranderingen in hun woonomgeving, bijvoorbeeld vanwege angst voor overlast of een gevoel van ‘verplicht mee moeten doen’. Ook in wijken met al bestaande sociale problematiek, zoals armoede, eenzaamheid of onveiligheid, is de kans kleiner dat inwoners voldoende ruimte, energie of vertrouwen hebben om mee te bouwen aan een wooncirkel. Wij adviseren daarom bij de verdere uitwerking van het concept wooncirkels rekening te houden met de draagkracht en context van iedere wijk of dorp. Besteed daarom ook aandacht aan de samenwerking met inwoners en lokale partners. Daarnaast adviseren wij u om het onderdeel wooncirkels concreet uit te werken waarbij het ‘wat’, ‘hoe’, de risicoanalyse, tijdspad, verantwoordelijkheden en evaluatie helder worden.

Informatie- en datadeling tussen gemeenten Het delen van ervaringen en data tussen gemeenten is essentieel om te kunnen beoordelen of nieuwe projecten of pilots succesvol zijn. Wij zijn ons ervan bewust dat hier aandacht voor is, maar willen toch nadrukkelijk wijzen op het belang hiervan. Al bij de start dienen systemen of systematiek zoveel mogelijk op elkaar afgestemd te zijn.

3

Cliënt- en naastenperspectief In de vierde alinea op pagina 4 wordt vermeld dat er een brede visie wordt ontwikkeld op het gebied van cliënt- en naastenperspectief, en het verder ontwikkelen van ervaringsdeskundigheid en onafhankelijke cliëntondersteuning binnen het brede sociaal domein. Wij zijn benieuwd naar de inhoud van deze visie en mogelijke profielen die in dit kader zullen worden opgesteld, en ontvangen deze visie graag zodra deze beschikbaar is zodat wij hierin mee kunnen denken vanuit het perspectief van cliënten en naasten.

Tot slot Wij willen benadrukken dat het succes van de voorgestelde plannen in belangrijke mate afhangt van de concrete uitwerking en de betrokkenheid van alle relevante partijen. Wij hopen dat de in dit advies genoemde punten zorgvuldig worden meegenomen in de verdere ontwikkeling en uitvoering van het beleid, zodat dit zo goed mogelijk aansluit bij de daadwerkelijke behoefte van de inwoners van onze gemeente. Als adviesraad blijven wij vanzelfsprekend beschikbaar voor verdere toelichting of verduidelijking van ons advies. Wij kijken met belangstelling uit naar de verdere voortgang en hopen dat onze bijdrage van meerwaarde is.

Met vriendelijke groet, Adviesraad Wmo & Jeugd Vlissingen,

De voorzitter :

De secretaris:

I. Kleingeld

E. Oebeles

4

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/15995041/1