3.2 Reactie artikel 12-rapport 2021 2022 Vlissingen ministerie (3)
Tekst van het document
Ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties Ministerie van Financiën Postbus 20011 2500 EA DEN HAAG
UW BRIEF VAN
UW KENMERK
ONS KENMERK
DATUM
2262677 / 2270886
25 mei 2023 BIJLAGEN
BEHANDELD DOOR
BEZOEKADRES
TELEFOON
G van Vugt
Paul Krugerstraat 1
+31118729644
ONDERWERP
Reactie artikel 12-rapport 2021 – 2022 Vlissingen
Geachte excellenties,
Naar aanleiding van uw brief van 7 maart 2023 met de aanbieding van het artikel 12-rapport 2021 - 2022 van onze gemeente, geven wij u hierbij onze reactie op het rapport. Waardering en dank Allereerst spreken wij onze waardering en dank uit voor de constructieve wijze waarop, in samenwerking met de vertegenwoordigers van uw ministerie, de provincie en de gemeente, wordt gewerkt aan het financieel gezond maken van onze gemeente. De samenwerking vindt plaats binnen de gestelde kaders met inachtneming van ieders eigen verantwoordelijkheid en dat ervaren wij als goed en opbouwend. Recente ontwikkelingen In algemene zin is relevant dat het macro-economische beeld de afgelopen periode minder florissant is geworden. Burgers en ondernemers voelen de gevolgen. Gemeenten eveneens. Dit raakt juist de gemeente Vlissingen, als gevolg van onze sociaal-economische structuurkenmerken. Terwijl initiatieven om die te verbeteren, met name maatregelen uit het pakket “Wind in de Zeilen” op belangrijke onderdelen vertraging kennen en dus nog niet de beoogde vooruitgang kunnen brengen. Dit raakt aan ons vermogen om taakstellingen (geheel) te kunnen realiseren. In 2023 vindt conform uw eerdere besluit en planning een actualisatie-onderzoek plaats vooral gericht op de grondexploitaties en de clusters van het gemeentefonds op het vlak van het klassiek domein.
Hiermee is het artikel 12-onderzoek verbreed van alleen het sociaal domein naar ook het klassiek domein en is vanaf 2023 onze gehele begroting onderworpen aan het artikel 12-onderzoek.
POSTBUS 3000, 4380 GV VLISSINGEN TELEFOON 0118-487000 EMAIL GEMEENTE@VLISSINGEN.NL FAX 0118-410218 IBAN: NL36BNGH0285008889 BIC: BNGHNL2G
Vooral door extra rijksbijdragen vanwege de herijking van het gemeentefonds en door de realisatie van taakstellingen ontwikkelen de meerjarige begrotingscijfers zich positief. De programmabegroting 2023 – 2026 laat, afgezien van ‘ravijnjaar’ 2026, een voordelig meerjarig perspectief zien. Dit leidt tot het doel van de inspecteur om uiterlijk in 2024 tot afronding te komen van het artikel 12-onderzoek en indien mogelijk tegelijk het opheffen van de artikel 12status van Vlissingen. Als gemeente onderschrijven we het streven van de inspecteur en zullen de komende periode onderzoeken of dit eventueel onder voorwaarden mogelijk is. Aanvullende uitkeringen en voorschriften Wij hebben kennis genomen van de voorgestelde bedragen voor aanvullende uitkeringen uit het gemeentefonds van € 3.002.000 en € 1.987.000 voor respectievelijk de jaren 2021 en 2022 en van de zes bijzondere voorschriften die de inspecteur aan deze aanvullende uitkeringen stelt. Wij plaatsen bij het artikel 12-rapport 2021 – 2022 inclusief de bijzondere voorschriften de volgende kanttekeningen en aandachtspunten voor het vervolgtraject artikel 12: 1. Hoogte opgelegde taakstelling We vragen u specifiek aandacht voor het meer toegroeien naar het niveau van de ontvangsten op het vlak van het sociaal domein zoals genoemd in het tweede bijzondere voorschrift.
Op bladzijde 58 van het artikel 12 rapport formuleert de inspecteur een taakstelling voor het tekort sociaal domein welke oploopt tot € 10,4 miljoen in 2026 waarvan in dat jaar nog € 4,7 miljoen dient te worden gerealiseerd. Volgens de programmabegroting 2023 – 2026 hebben we echter, afgezien van ‘ravijnjaar’ 2026, voor het sociaal domein in 2025 reeds een sluitend meerjarig perspectief. Wij begrijpen het belang van de inspecteur om grotendeels vast te houden aan de taakstelling, mede gezien de onzekerheden en risico’s die zich voordoen in het sociaal domein. Wij blijven ook invulling geven aan het plan van aanpak artikel 12 sociaal domein, waaronder de opgelegde taakstelling op ons werk- en leerbedrijf Orionis, en volgen de voortgang in nauwe samenwerking met de inspecteur. Wel wijzen wij er nogmaals op dat genoemde taakstellingen zijn vastgesteld in een periode van gunstiger economisch getij. Wij achten het desondanks zodanig hard in blijven grijpen in het sociaal domein niet verantwoord tegenover onze meest kwetsbare burgers en gezien het reeds sluitende meerjarig perspectief ook niet noodzakelijk. Verder zijn we in dit proces afhankelijk van het blijvende draagvlak binnen de gemeenteraad en onze externe partners, de uitvoerende zorgorganisaties.
Samen met de inspecteur willen we graag bezien op welke punten, uitgaande van de doelen zoals opgenomen in het plan van aanpak sociaal domein, de taakstelling verder naar beneden bijgesteld kan worden. Wij zullen ons maximaal in blijven spannen om de reeds in gang gezette bezuinigingen te realiseren. De taakstelling echter die oploopt tot € 10,4 miljoen in 2026 achten wij gezien het reeds sluitende meerjarig perspectief niet noodzakelijk, niet realistisch en daarmee voor ons niet haalbaar. Juist nu, in wat we hopen dat de slotfase is van het artikel 12-traject, is het van belang dat alle betrokkenen, zowel binnen de gemeentelijke organisatie als daarbuiten, dus ook onze belangrijke partners in het zorgveld het vertrouwen blijven houden in de haalbaarheid van deze opgave. 2. Toereikend weerstandsvermogen We onderschrijven het streven van de inspecteur om te onderzoeken onder welke voorwaarden we uiterlijk in 2024 tot afronding van het artikel 12-onderzoek kunnen komen en indien mogelijk het tegelijk het opheffen van de artikel 12-status van Vlissingen. Ook onderschrijven we de door de inspecteur genoemde afhankelijkheid van een aantal landelijke ontwikkelingen die nu nog moeilijk zijn in te schatten en waarvan we de impact de komende Blad 2 behorend bij 2262677 / 2270886
periode nadrukkelijk zullen moeten volgen. Om tot opheffing van de artikel 12-status te kunnen komen zijn voor ons als gemeente een structureel sluitende meerjarenbegroting en een toereikend weerstandsvermogen de belangrijkste voorwaarden. De beschikbare weerstandscapaciteit zal vooral gevormd moeten gaan worden door een voldoende positieve algemene reserve. We zijn met de inspecteur van mening dat dit binnen een termijn van twee jaar alleen gerealiseerd kan worden door inzet van vrij besteedbare (delen van) overige reserves en door een eenmalige aanvullende uitkering uit het gemeentefonds. Wij vragen binnen de geldende artikel 12-kaders aandacht voor onze verantwoordelijkheid zorg te dragen voor een minimaal noodzakelijke weerstandscapaciteit om na de artikel 12status tegenvallers in voldoende mate op te kunnen vangen. Wij hechten niet alleen sterk aan het op orde krijgen van onze financiële positie maar ook aan het daarna op orde houden daarvan. De minimaal benodigde weerstandscapaciteit betrekken we bij ons onderzoek naar de mogelijkheid om eventueel in 2024 de artikel 12-status te kunnen beëindigen. 3. Investeringsfonds Sociaal domein In de afgelopen jaar is de context waarbinnen we onze taakstelling in het kader van artikel 12 moeten realiseren sterk veranderd.
De bijzonder hoge inflatie, de onrust op de energiemarkt en het groeiende armoedevraagstuk (een ontwikkeling waar de gemeente Vlissingen met haar grootstedelijke kenmerken extra gevoelig voor is) leiden tot kostenstijgingen in de uitvoering en tegelijkertijd een groeiende zorgvraag. Deze ontwikkelingen zetten de tot nu behaalde resultaten onder druk en leiden onder meer tot een verminderd draagvlak in het veld als het gaat om nieuwe financieringsafspraken. We zijn blij met de extra baten vanuit het gemeentefonds evenals andere (tijdelijke) aanvullende financieringen vanuit het Rijk, maar zien tegelijkertijd dat naast het inzetten op besparingen het ook belangrijk is om samen met het veld te investeren in noodzakelijke innovaties binnen de uitvoering. We denken daarom in overleg met de gemeenteraad en de inspecteur aan de inrichting van een investeringsfonds Sociaal domein waarbij de dekking nog onderwerp van gesprek zal zijn. Vanuit dit investeringsfonds kunnen we de komende jaren de noodzakelijke investeringen doen om de ingezette veranderingen op de belangrijkste hefbomen te consolideren en duurzaam te laten renderen. 4. Inzet reserve Centrumtaken De reserve Centrumtaken is per eind 2022 opgelopen tot circa € 34 miljoen vanwege overschot op de middelen uit het gemeentefonds voor de uitvoering van de centrumtaken.
Wij nemen kennis van het standpunt en de afweging van de inspecteur om de reserve Centrumtaken voor een deel van € 5 miljoen in te zetten voor het noodzakelijke herstel van onze financiële positie. Wij erkennen en benadrukken dat de gedeeltelijke inzet van de reserve Centrumtaken voor een ander doel dan de centrumtaken erg gevoelig kan liggen bij onze collega-gemeenten in Zeeland. Daarnaast achten wij de reserve Centrumtaken noodzakelijk om de risico’s die de 13 Zeeuwse gemeenten gezamenlijk lopen bij de doordecentralisatie van de centrumtaken mee af te kunnen dekken. Graag gaan wij met de inspecteur in gesprek over een voorstel voor de bestemming van de reserve Centrumtaken in samenspraak met de andere Zeeuwse gemeenten. Wij hopen u hiermee voldoende te hebben geïnformeerd en wachten uw beslissing over de aanvullende uitkeringen over 2021 en 2022 inclusief de bijzondere voorschriften met belangstelling af.
Blad 3 behorend bij 2262677 / 2270886
Hoogachtend, burgemeester en wethouders van Vlissingen, de secretaris, de burgemeester, drs. R.D.A. Wiskerke
drs. A.R.B. van den Tillaar
Blad 4 behorend bij 2262677 / 2270886