3.1 Rvs Vaststelling Omgevingsvisie Vlissingen 2040 – Vlissingen in balans bijlage 2 verkenning
Tekst van het document
OPGAVE
4.6 Natuurlijk Vlissingen aan zee
Een groene inrichting draagt bij aan positieve gezondheid, een belangrijk doel vanuit de Strategische Visie 2040. Daarvoor is een gezonde en robuuste hoofdgroenstructuur van belang die toegankelijk is voor inwoners. De Gemeente Vlissingen beheert veel openbaar groen en inwoners zijn bovengemiddeld positief over het groen binnen de gemeente. Echter ligt de focus voornamelijk op het versterken van de huidige groenstructuur en zullen er in de locaties en wijken waar momenteel weinig openbaar groen is niet veel extra groen toegevoegd worden.
Natuur omvat levende organismen, zoals planten en dieren in hun onderlinge verbondenheid (ecologie). We spreken van een ecosysteem wanneer er wisselwerking is tussen een aantal soorten binnen een afgebakend gebied. De natuur levert ons noodzakelijke ecosysteemdiensten. Een gezond ecosysteem is afhankelijk van voldoende rijkheid aan soorten: biodiversiteit. De biodiversiteit loopt wereldwijd en ook landelijk terug doordat de mens leefgebieden van soorten aantast door onder meer wegenaanleg, woningbouw, industrie en landbouw. In Vlissingen verschilt de soortendiversiteit per deelgebied. Over het algemeen is er in Vlissingen (tegen het Nederlands gemiddelde) een relatief hoge soortendiversiteit (meer dan 500 soorten per km2). Dit is deels gewaarborgd door de beschermde status van delen van de groengebieden. Delen van de kustlijn met duingebieden en de Westerschelde zijn onderdeel van Natura 2000-gebied Westerschelde & Saeftinghe. Daarnaast liggen er enkele Natuurnetwerk Nederland (NNN) gebieden in Ritthem en in het westen van de gemeente. De soortendiversiteit is het laagst in het haven- en industriegebied Vlissingen-Oost (het Sloegebied).
De autonome trend op het gebied van biodiversiteit is dat deze achteruit zal blijven lopen en actieve maatregelen vereist om het te versterken. De biodiversiteit blijft dus aandacht vragen.
OPGAVE
WAAROM
> Figuur 17: Groene plekjes in het Bellamypark
Natuur, ecologie en biodiversiteit
WAT
OPGAVE
De inzet in Vlissingen is om het openbaar groen kwalitatief sterk te maken en zodoende ook de biodiversiteit en ecologie te versterken. De opgave is het versterken en verbinden van zowel de hoofdgroenstructuur als de wijkgroenstructuur. Daarnaast ligt er een opgave waarbij groen naarmate de tijd vordert een toenemende bijdrage levert aan de klimaatadaptieve inrichting van het openbaar gebied (voorkoming hittestress, droogte) en aan een gezonde woon- en leefomgeving. Een opgave gerelateerd aan een kwalitatief sterke openbare ruimte is ook het heroverwegen van de beheeropgaven; een kortgemaaid gazon zal minder soorten herbergen dan een weelderige berm of bloemrijke akkerrand.
Vlissingen vindt het belangrijk om bij te dragen aan het vergroten van de biodiversiteit op lokale schaal. Om dit mogelijk te maken is het belangrijk om de focus te leggen op de blauwe en groene verbindingen: de verbindingslongen. Hiermee worden natuurwaarden optimaal met elkaar verbonden. Ten aanzien van het vergroten van de biodiversiteit ligt de opgave in het vergroten van de soortendiversiteit in de gemeentelijke groenstructuren. Niet alleen het groen kan bijdragen aan gezonde ecosystemen, ook de gebouwde omgeving zelf kan dat. Natuurinclusief bouwen is een wijze van bouwen waarbij meer ruimte voor natuur wordt gecreëerd in de stad. Dit is een wens vanuit de Strategische Visie 2040 en een opgave voor de toekomst om dit op de juiste manier toe te passen in de ontwikkeling van Vlissingen.
41
42
Belangrijk is dat er in Vlissingen voldoende kwalitatief goed drinkwater aanwezig is. Vlissingen heeft als gemeente een zorgplicht m.b.t. drinkwater. Wateroverlast is ook een aandachtspunt. In de bebouwde kom in Vlissingen, hebben voornamelijk oude woonwijken veel verharding en bij piekbuien kan het water nu moeilijk worden afgevoerd.
Bodem Een goede bodemkwaliteit ondersteunt allerlei functies bovengronds. In een gezonde bodem leven allerlei organismen, welke invloed hebben op de groei van planten, bomen en struiken. Het bodemleven is op deze manier ook van invloed op andere dieren die zich voeden met de beestjes zelf en met wat er boven de grond groeit. Het is daarom van belang om bij bodemkwaliteit niet alleen te kijken naar afwezigheid van chemische vervuiling met risico’s voor mens en dier, maar ook naar de rijkheid van het bodemleven als indicatie van een goede bodemkwaliteit.
WAT
We staan voor de opgave om dit aan te pakken bij groot onderhoud in deze wijken. Meer in zijn algemeenheid is de opgave om water als sturend principe te hanteren bij de inrichting van het openbaar gebied. In de onbebouwde omgeving ligt de opgave in het bufferen van water voor droge periodes. Zo hoeft het water niet direct in de riolen terecht te komen maar houden we het water liever vast in de bodem.
Volgens de Foto van de Leefomgeving heeft het buitengebied in Vlissingen een goede bodemkwaliteit, maar voornamelijk in de stedelijke gebieden is deze minder goed. Verder is een risico in Vlissingen verzilting en inklinking van de bodem door droogte (Strategische Visie 2040). Ook is de verwachting dat de ondergrond steeds drukker zal worden, mede door ruimteclaims vanuit de energiebehoefte.
OPGAVE
OPGAVE
Water is een essentieel onderdeel van een gezond functionerend ecosysteem. Mens, plant en dier hebben water nodig en extra water moet beschikbaar zijn voor planten in droge periodes. Het vasthouden van water in de bodem (vergroten sponswerking) en een groene inrichting van de openbare ruimte wordt in de toekomst steeds belangrijker om wateroverlast, droogte en hittestress tegen te gaan. Bovendien moet water een goede kwaliteit hebben, ter ondersteuning van ecosystemen en voor de veiligheid en gezondheid van mensen.
WAAROM
WAT
WAAROM
Water (zoet)
De opgave voor Vlissingen is om bodemkwaliteit integraal mee te laten wegen in het maken van plannen en daarbij een goede 3-D ordening toe te passen (zie ook paragraaf 4.4).
WAAROM
Cultuurhistorie Archeologie en de maritieme cultuur zijn onmiskenbaar onderdeel van de stad. In Vlissingen beleef je de archeologische en cultuurhistorische waarden en immaterieel erfgoed (verhalen, klederdracht, tradities) door de vele verwijzingen in de stad.
WAAROM
Erfgoed is een belangrijke component bij nieuwe ruimtelijke ontwikkelingen om de identiteit van de plek herkenbaar te maken. Een opgave is om verdere invulling te geven van het Walcherse verhaal op het gebied van archeologie en cultuurhistorie. Met aandacht voor de boeiende geschiedenis van Vlissingen in de lagen van de tijd, met ook de bijzondere ‘recente’ verhalen (bijvoorbeeld de Slag om de Schelde en het bezoeken van industrieel erfgoed).
Kunst en cultuurvoorzieningen In Vlissingen stimuleren we de creatieve industrie en cultuursector. Vlissingen stond maar staat ook nog steeds bekend als bruisende stad op het gebied van (amateur)kunst en cultuur. Ook mooie initiatieven van derden ontplooien zich (bijvoorbeeld CCXL, theatertje Ritthem, Ballroom Oude Markt, optredens Panta Rhei, en een verbreding van Film by the Sea).
WAT
Het is een uitdaging het aanwezige erfgoed te behouden voor de toekomst en toekomstbestendig te maken. Belangrijk is ook de positionering van Vlissingen op Walcheren en het Walchers verhaal.
De laatste jaren heeft door drastische bezuinigingen en COVID een sterke versobering plaatsgevonden in het cultuuraanbod van onze gemeente. Een divers cultuuraanbod voor verschillende doelgroepen draagt bij aan de beleving en groei van cultuur binnen Vlissingen.
OPGAVE
WAT
Waarom een Culturele en beleefbare stad aan zee als hoofdopgave? De Gemeente Vlissingen kent een unieke en rijke cultuurhistorie en er zijn vele rijksmonumenten in de gemeente. Vlissingen is één van de steden in Nederland met de meeste kunst per vierkante meter in de openbare ruimte. Vrijwel de gehele ondergrond van de gemeente heeft een middelhoge tot hoge archeologische verwachtingswaarde, met uitzondering van delen in het buitengebied en de Sloehaven. Erfgoed staat regelmatig onder druk bij nieuwe ontwikkelingen. Beheer en behoud is zeer belangrijk zodat de identiteit van Vlissingen niet verloren gaat. De cultuursector kan (zeker in de nasleep van de Coronapandemie) een stimulans gebruiken. We kunnen cultuurhistorie en cultuur nog beter gebruiken om Vlissingen op de kaart te zetten en te werken aan de beleefbaarheid van onze stad.
OPGAVE
4.7 Culturele en beleefbare stad aan zee
Derhalve is het een opgave voor Vlissingen te voorzien in een passend cultuuraanbod voor verschillende doelgroepen. We staan voor de uitdaging om kunst en cultuur weer sterker op de kaart te zetten. Dit kan bijvoorbeeld door kunst en cultuur een belangrijk onderdeel te laten zijn binnen het Vlissingse basisonderwijs.
> Figuur 18: Op vele plekken is de rijke cultuurhistorie van Vlissingen te beleven. Op deze foto het oudste droogdok van West-Europa; ‘Dokje van Perry’
43
44
WAAROM
> Figuur 19: Een uiting van cultuur in de historische binnenstad van Vlissingen
Toerisme en verblijven Toerisme en recreatie zijn belangrijke sectoren voor Vlissingen met mogelijk (op duurzame wijze) grote economische en maatschappelijke meerwaarde en spin-off effecten. Vlissingen is de afgelopen jaren belangrijker geworden als toeristenstad, die dag- en verblijfstoeristen aantrekt. Het dag- en verblijfstoerisme is van economisch belang en groeit elk jaar. Toch is het aantal toeristen nog relatief laag.
WAT
De Toeristische visie benoemt de opgave om proactief in te zetten op het aantrekken van evenementen die aansluiten bij het DNA van Vlissingen. Het faciliteren van evenementen in de binnenstad is steeds lastiger. Een vervolgopgave is dan ook te voorzien in daarvoor geschikte evenementenlocaties waar levendigheid en leefbaarheid met elkaar in balans blijven.
Van alle toeristen die naar Zeeland komen, brengt slechts 2 procent een bezoek aan Vlissingen. Er is een knelpunt in de verblijfsaccommodaties; het aanbod hierin is beperkt en eenzijdig.
OPGAVE
Een aantal topevenementen geven Vlissingen een eigen gezicht. Ze onderscheiden zich doordat ze uniek aan de stad zijn verbonden en tegelijkertijd een groot publiek trekken, óók van buiten de regio. Dit zijn bijvoorbeeld Rescue Vlissingen, Vlissingen Maritiem/ Sail de Ruyter en Film by the Sea. Deze evenementen worden ingezet om van Vlissingen een evenementenstad te maken en de doelen van het evenementenbeleid te behalen. Er kunnen evenementen worden toegevoegd, die de potentie hebben om een Vlissings evenement te worden. De maatschappelijke spin-off van evenementen kan ontzettend groot zijn.
OPGAVE
WAAROM
Vlissingen wil bekend staan als dé evenementenstad van Zeeland en omstreken (Toeristische visie Vlissingen). Publiekstrekkers versterken niet alleen het imago van Vlissingen, maar zijn ook belangrijk voor de verdere ontwikkeling van Vlissingen als vrijetijdsstad.
WAT
Evenementen
De opgave voor Vlissingen is om het toerisme goed af te blijven stemmen op de behoefte en te voorzien in meer en gevarieerde verblijfsaccommodaties. In 2030 wil de gemeente 2200 extra toeristische slaapplaatsen. Hierbij is het belangrijk dat de accommodaties duurzaam en van hoge kwaliteit zijn, en de gebiedskwaliteit verhogen . Het is een opgave de toename van het aantal verblijfsaccommodaties in balans te houden met de leefbaarheid voor de inwoners.
Er is de nodige aandacht voor een veilige en goed verlichte inrichting van de openbare ruimte maar een kwart van de Vlissingers voelt zich wel eens onveilig. De veiligheidsbeleving verschilt sterk per wijk, waardoor een wijkgerichte aanpak een vereiste is. Sociale veiligheid blijft ook naar de toekomst toe een opgave. Een belangrijke opgave is het maken van een veilige en inclusieve buitenruimte waarin buurtbewoners met diverse achtergronden prettig kunnen verblijven en (voort)bewegen. Dit zorgt ervoor dat bewoners zich collectief eigenaar van de buitenruimte in de buurt voelen wat het gevoel van veiligheid en meedoen bevordert. Verder kan Vlissingen zich landelijk op de kaart zetten met het Kenniscentrum Ondermijning en dit onderwerp op passende wijze aanpakken.
WAAROM
WAAROM
Sociale veiligheid is de afwezigheid van criminaliteit, overlast en onveiligheidsbeleving. Landelijk neemt de veiligheid toe, maar voelen we ons wel steeds onveiliger.
Dichte bebouwing kan problemen geven als mensen gebouwen of de omgeving willen ontvluchten bij een incident. Om dit te ondervangen, is het beter de omgeving zo in te richten dat evacuatie van gebouwen en ook het ontvluchten van het hele gebied mogelijk zijn. Het maken van veilige routes naar centrale plekken is daarbij heel belangrijk.
WAT
Fysieke veiligheid
We (gemeente Vlissingen en ketenpartners als de Veiligheidsregio, Omgevingsdienst en GGD) zorgen al voor een veilig en gezond ontwerp van gebouwen en omgeving. De inrichting moet zo zijn dat de gebouwen brandveilig zijn, de hulpdiensten het gebied goed kunnen bereiken, er voldoende bluswater aanwezig is en altijd een snelle en effectieve hulpverlening kan plaatsvinden. De energietransitie waar Vlissingen actief op inzet en o.a. het aanleggen van een laadinfrastructuur brengt nieuwe veiligheidseisen en -risico’s met zich mee.
OPGAVE
Sociale veiligheid
OPGAVE
Waarom een Veilige stad aan zee als hoofdopgave? Er is extra aandacht voor de veilige leefomgeving en het inzetten op een sociaal veilige (hoe veilig je je voelt) en een fysiek veilige leefomgeving (hoe veilig je echt bent t.a.v. risicovolle activiteiten) wordt steeds belangrijker. Er is een afname van het veiligheidsgevoel door nieuwe vormen van ondermijning en criminaliteit terwijl de objectieve veiligheid juist toeneemt. De fysieke veiligheid krijgt ook meer aandacht. Met de komst van de Omgevingswet wordt veiligheid ook breder bezien dan enkel de externe veiligheid. Door de zeespiegelstijging is waterveiligheid voor Vlissingen ook een zeer belangrijke integrale gebiedsopgave. De energietransitie en de mobiliteitstransitie brengen ook nieuwe veiligheidsrisico’s met zich mee. Met de hoofdopgave Veilige stad aan zee wil Vlissingen de veilige inrichting van de stad garanderen.
WAT
4.8 Veilige stad aan zee
Een opgave is om (zich aandienende) veiligheidsrisico’s met betrekking tot fysieke veiligheid naar de toekomst toe te blijven reduceren samen met de daarvoor aangestelde partners.
45
WAAROM
Het aspect veiligheid moet een gelijkwaardig afwegingsaspect blijven binnen ruimtelijke plannen en plannen voor de openbare ruimte. Dit is de opgave en vraagt om maatwerk per gebied. Een veilige leefomgeving is een gezamenlijke verantwoordelijkheid, waarbij alle partijen hun verantwoordelijkheid voor hun deel van de risico’s nemen.
WAT
WAT
In Vlissingen zijn de meeste risicobronnen gesitueerd op bedrijventerreinen, waaronder Vlissingen-Oost. De overige risicobronnen hebben een beperkte risicocontour en vormen geen belemmering voor de omgeving. De risico’s m.b.t. externe veiligheid moeten volledig in beeld zijn, worden beheerst en waar mogelijk worden verkleind.
Door klimaatverandering stijgt de zeespiegel wereldwijd. Dit heeft op termijn risico’s voor de veiligheid van Vlissingen. Daarom is kustveiligheid een belangrijk aandachtspunt. Er zijn ook verschillende ruimteclaims in het water. We gaan er bijvoorbeeld nu van uit dat de primaire keringen blijven zoals ze zijn; maar als we de scenario’s van Deltares voor zeespiegelstijging bekijken zien we vier opties: bescherming gesloten, bescherming open, zeewaarts of meebeweging. Wat het ook wordt in 2050/2100, het vraagt waarschijnlijk iets van het ruimtegebruik in het water. Als we kijken naar mogelijke overstromingsgebieden dan is de Sloehaven buitendijks gebouwd en heerst er hier een grotere kans voor overstroming. Vlissingen is voor het overige deel goed en zelfs beter beschermd dan andere delen van Zeeland . Alsnog staat Vlissingen voor een grote kustversterkingsopgave. Kustversterking dient niet alleen vanuit waterveiligheid te worden bezien en als zodanig te worden uitgevoerd maar zal naar onze mening als integrale gebiedsontwikkeling met innovatieve oplossingen moeten worden opgepakt.
OPGAVE
Waterveiligheid als integrale gebiedsopgave
Bij het inrichten van de gemeente Vlissingen streven we naar een veilige leefomgeving, zowel in woon- als werkgebieden.
OPGAVE
WAAROM
Omgevingsveiligheid
Dit betekent dat er altijd een integrale belangenafweging plaats moet vinden tussen ruimtelijke en veiligheidsaspecten bij nieuwe waterveiligheidsopgaven. Verder dient bij ruimtelijke ontwikkelingen het principe van meerlaagsveiligheid te worden gehanteerd. Deze benadering werkt in drie ‘lagen’. De eerste laag is preventie: het zoveel mogelijk voorkomen van een overstroming. De tweede laag richt zich op het realiseren van een duurzame ruimtelijke inrichting van Vlissingen. De derde laag zet in op een betere (organisatorische) voorbereiding op een mogelijke overstroming (rampenbeheersing). In de Klimaatadaptatie Strategie Zeeland (KaSZ) wordt hier al actief op ingezet. We dragen bij aan het gezamenlijke uitvoeringsplan om deze opgaven nog beter in beeld te krijgen. Een opgave voor Vlissingen is het principe van meerlaagsveiligheid volledig te integreren in de planvorming en nieuwe ruimtelijke ontwikkelingen.
> Figuur 20: prognoses m.b.t. de zeespiegelstijging en daarmee samenhangende waterveiligheidsrisico’s, Bron: KuiperCompagnons
46
De verkeersveiligheid in Vlissingen ligt onder het landelijk gemiddelde; in Vlissingen hebben we nu relatief veel verkeersongevallen. Het buitengebied met gebiedsontsluitingswegen en schoolomgevingen zijn belangrijke aandachtsgebieden. Ook treden er relatief veel enkelvoudige ongevallen op bij met name de oudere verkeersgebruikers (met de normale of de elektrische fiets). In Zeeland wordt gestreefd om in 2040 0 vermijdbare ongevallen te hebben.
OPGAVE
Verkeersveiligheid blijft altijd aandacht vragen. Verkeersmodaliteiten veranderen en we delen de verkeersruimte met steeds meer gebruikers (shared space). De verkeersveiligheid mag hier niet onder lijden.
WAT
WAAROM
Verkeersveiligheid
Een opgave voor Vlissingen is een hoge verkeersveiligheid te allen tijde na te streven. Prioriteit ligt bij de wegen waar fietsers en automobilisten samen gebruik van maken. Het aanleggen van vrijliggende fietspaden kan de verkeersveiligheid in hoge mate verbeteren. Een tweede opgave is ook de kwetsbare verkeersdeelnemers veilig aan het verkeer deel te laten nemen en goed gebruik te laten maken van de openbare ruimte. De openbare ruimte moet makkelijk te ‘lezen’ zijn voor alle gebruikers. In de shared space gedachte (die wat haaks staat op de ‘leesbaarheid’ van een verkeersstructuur) zorg je ervoor dat meerdere weggebruikers samen weggebruiker worden en goed opletten. Een opgave is dus; waar zetten we op in bij duidelijke leesbare structuren, en waar zetten we op in bij een vrijere interpreteerbare wegstructuur (shared space). Verder verdienen digitalisering, autonoom rijden en een risicogestuurde aanpak de nodige aandacht (Strategisch Plan Verkeersveiligheid).
47
48
HOOFDSTUK 5
Gebiedsindeling en gebiedsopgaven De acht hoofdopgaven gepresenteerd in deze Verkenning hebben elk hun eigen uitwerking binnen Vlissingen. Per gebied verschillen dus de opgaven. Omdat we voor de Omgevingsvisie gebiedsgerichte uitspraken willen doen is het nodig over een gedegen gebiedsindeling te beschikken. Een gebiedsindeling die bruikbaar is voor zowel de Omgevingsvisie als het Omgevingsplan. Om deze reden is er een gebiedsindeling gemaakt op basis van functies en kwaliteiten. De begrenzingen van de deelgebieden komen voort uit het benaderen van logische stedenbouwkundige indelingsprincipes. De nu opgenomen gebiedsindeling kan in de toekomst wijzigen door nieuwe ontwikkelingen. Het is geen blauwdruk waarmee we de grenzen van Vlissingen vast willen leggen.
49
In de Omgevingsvisie maken we gebruik van de volgende negen deelgebieden: 1. 2. 3. 4. 5. 6. 7. 8. 9.
50
Buitengebied en cultuurlandschap Kustzone Binnenstad Stedelijk woongebied Bedrijventerreinen Kenniswerf en Stationsgebied Landelijk woongebied Buitenhaven en Sloegebied Open water
Voor elk van deze negen deelgebieden zijn de meest genoemde gebiedsopgaven in beeld gebracht. Deze hebben een relatie met de hoofdopgaven in hoofdstuk 4 maar zijn aanvullend hierop. Het spiegelen van de hoofdopgaven aan de gebiedsopgaven is een exercitie die we uitvoeren in de volgende fase in het proces van de Omgevingsvisie. In deze fase bepalen we de koers van de Omgevingsvisie Vlissingen 2040. En geven we antwoord op vragen als: Welke gebiedsopgaven hebben prioriteit? Welke gebiedsopgaven zijn goed op te pakken met andere opgaven in Vlissingen? Welke opgaven passen bij de Omgevingsvisie en van welke opgaven past de uitwerking hiervan beter in een Omgevingsprogramma?
Er is gekozen de gebiedsopgaven op te nemen in een aparte bijlage (zie hiervoor Bijlage II – Gebiedsopgaven). De tabel met gebiedsopgaven moet gezien worden als een nadere aanvulling op de in dit Verkenningsdocument gedefinieerde hoofdopgaven. Het is een eerste vingeroefening en daarom nog niet volledig. In de derde en laatste kolom van deze bijlage zijn er ook al verschillende denkrichtingen gepresenteerd die het onderzoeken waard zijn in de volgende fase om te komen tot een Omgevingsvisie. Al deze gebiedsopgaven zijn ambtelijk opgehaald bij de gemeente Vlissingen maar ook ingebracht door de samenleving middels een enquête en bij de gemeenteraad.
> Figuur 25: de deelgebiedenkaart
51
52
HOOFDSTUK 6
Vervolgstappen Fase 1 Om te komen tot een Omgevingsvisie is deze Verkenning Omgevingsvisie Vlissingen opgesteld. Het is het eindproduct van de eerste fase van het proces. Deze Verkenning bevat de studie naar de relevante ruimtelijke opgaven om uit te werken in de nog op te stellen Omgevingsvisie Vlissingen. Bovendien zijn onze kernkwaliteiten beschreven. Die hangen samen met de opgaven. Door deze kernkwaliteiten te benoemen, wordt het ook duidelijker waar onze opgaven liggen. Want het vergt inspanning om een kernkwaliteit te behouden of te versterken. Er zullen kwaliteiten zijn die onze aandacht vragen omdat ze dreigen te verdwijnen of vragen om aanpassing als gevolg van het klimaat. Bij de totstandkoming van de Verkenning zijn de uitkomsten van de Strategische Visie, een Foto van de Leefomgeving en gesprekken met een breed gemeentelijk projectteam, de gemeenteraad en de inwoners van de gemeente Vlissingen betrokken.
53
Fase 2 In de tweede fase gaan we aan de slag de koers voor Vlissingen tot 2040 uit te zetten. Fase 2 start met een ambtelijk proces met de gemeente Vlissingen. In die fase zullen er een aantal keuzes voorgelegd worden. Niet alles wat in deze Verkenning staat zal (direct) kunnen worden opgepakt. We vinden het daarom heel belangrijk om de goede keuzes te gaan maken. De keuzes die we maken moeten rekening houden met de kernkwaliteiten en hoofdopgaven benoemd in dit document. In de volgende fase waarin we onze keuzes, koers en ambities gaan bepalen zullen we wederom onze inwoners, bedrijven, (maatschappelijke) instellingen in de stad en onze medeoverheden betrekken. Ten tijde van het uitwerken van de koers zal er ook een beoordeling van de milieueffecten plaatsvinden. Daardoor wordt goed inzichtelijk gemaakt welke consequenties de te maken keuzes hebben op onze leefomgeving. De tweede fase zal uiteindelijk uitmonden in een Ontwerp-Omgevingsvisie. Dit Ontwerp zal officieel ter inzage gelegd worden zodat een ieder hier op kan reageren.
54
Fase 3 Op basis van alle reacties, gesprekken en onderzoeken werken we vervolgens de definitieve Omgevingsvisie van Vlissingen uit in een laatste derde fase. De Omgevingsvisie zal dan op gepaste wijze aan de gemeente worden gepresenteerd.
55