3.1 rvs Vaststellen Nota bodembeheer inclusief bodemkwaliteitskaart voor wegbermen bijlage 1 verzoek WS
Tekst van het document
A u
'(r
■«aAaeiHOYbOdO
puei<w7 ua aitaqf'aM ;jeexs;»jieM><JJ»pcg
60*6 ld
:i3ÏOMd
ueensEuissedeoi
OEI
30YT16
uBouaqBaM bpjbbuczb6 ap jooa sies6uissedeoi
I
\
0E0E-H-9E HfllVO
|U3UOSvUWMU43QOa
(£V do) 000 00 ll “IWH3S
SOnUVYN
t
!■
K
/
\ < I
.c
*
c
A
JZZ
I,
I I
J.
\
✓
}
* vr
»
\
I
/
z
X
MARMOS
SCHAAL:.110??00 (Op A3)
DATUM: 25-11-2020
BIJLAGE
12E
Toepassingskaart
PROJEC’
P19-09
Bod err kwal iteitskaar* wegbermen Zeeland
Toepassingseis voor de gezoneerde wegbermen
-t y
------------- Maximale waarden voor Wonen -------------- Maximale waarden voor industrie Maximale waarden voor nduslne <gelat alleen voor loepassen bermgrond: overige grand en bagger ActHergroncMraarde m u v PAK en minerale olel
OPDRACHTGEVER:
Watersenap ScTeldestron-en en provincie Zeeland
*
Mamw Bobcni fham
en t
BULAGE 13: GRONDSTROMENMATRIX
Gebruik van bodemkwaliteitskaart wegbermen als milieuhygiënische verklaring
Herkomstzone <D
s
CD ï
OJD
0 è
a> -o gf
f ?
c£
XJ tn
11
■Q |
$ s ■E 2
11
11
£ c£ CD
CD
2 g
Toepasslngslocatie
£ I
D 0 5
s (/> ca
■£ CD
■q ■O ca ca
a> N
Z3 in D 10 O ca -E 2 o £ 2 ö © o i CÖ E
CD is
f 2 f |
— LU 5> d E ® 3
M &
m a
Zone 'A: Voorheen teerhoudende asfaltwegen’
JA
JA
JA
Zone 'B: Niet teerhoudende bitumineuze wegen' (gemeentes ten noorden van de Westerschelde)
JA
JA
JA
Zone 'B: Niet teerhoudende bitumineuze wegen' (Zeeuws-Vlaanderen)
PARTU
PARTU
JA
Zone C: Elementenwegen
PARTIJ
PARTU
JA
JA
JA
JA
Overige toepassingen buiten de bermketen (gemeentes ten noorden van de Westerschelde)
PARTIJ
PARTU
PARTU
Overige toepassingen buiten de bermketen (Zeeuws-Vlaanderen)
PARTU
JA
JA
Grootschalige bodemtoepassingen (GBT) op de landbodem
Legenda
JA
PARTU
BKK Wegbermen Zeeland
Bodemkwaliteitskaart te gebruiken als milieuhygiënische verklaring in combinatie met controle op uitzonderingssituaties Bodemkwaliteitskaart niet te gebruiken als milieuhygiënische verklaring. Partijkeuring conform vereisten Besluit bodemkwaliteit voorgeschreven met analyses op NEN5740-parameters.
26 november 2020
A
-»
*
BIJLAGE 14: CHECKLIST VOORONDERZOEK BERMGROND
Ligging wegberm
Weg Plaats Gemeente X-coördinaat Y-coördinaat Korte omschrijving van de werkzaamheden
(maximale diepte, lengte tracé, hoeveelheid vrijkomende grond)
Controle uitzonderingssituatie
ja/nee Toelichting/geraadpleegde bron ja/nee ja/nee____________________________ ja/nee____________________________ ja/nee____________________________ ja/nee____________________________ ja/nee____________________________ ja/nee____________________________ ja/nee____________________________ ja/nee____________________________ ja/nee____________________________ ja/nee____________________________
voormalige boomgaard tussen 1940 en 1980_______________________________ voormalige stortlocatie_________________________________________________ voormalige bedrijfslocatie (Hw,Wm of Wabo vergunning of AmvB melding)_______ voormalige agrarische bebouwing________________________________________ voormalige kaveipaden_________________________________________________ ophogingen, dempingen of opvullingen met verhardingsmatenaal of atval________ (voormalige) aanwezigheid van (brandstofjtanks, kabels, rioolsystemen en andere Ie archeologische locatie of ter plaalse van aardkundige waarden_________________ verdachte locatie op basis van historisch bodem bestand (HBB)________________ op grond van eerder uitgevoerd bodemonderzoek (BIS)_______________________ locatie waar zich een calamiteit heett voorgedaan___________________________ is de berm verdacht om een andere dan voornoemde redenen ?
ja/nee
ja/nee
Conclusie: Is er sprake van een verdachte locatie? |Teletonisch contact geweest met bevoegd gezag (gemeente > RUD)?
|
ja/nee |Datum/gesproken met/afsprakërT
|
ja/nee |
Veldinspectie
|Zijn er in het terrein bijzonderheden* waargenomen?
• zintuiglijk afwijkende grond (afwijkende geuren en bodemvreemde bijmengingen zoals puin, koolas en asbest)
BKK wegbermen Zeeland
f
Bewijsmiddel (milieuhygiënische verklaring)
|NEN5740 bodemonderzoek beschikbaar als bewijsmiddel?
|Zone in bodemkwaliteitskaart wegbermen (zie bijlage 12)
__________Referentie | ja/nee |
Bodemkwaliteitszone: Ontgravingsklasse:
lbodemkwaliteitskaart wegbermen gehanteerd als bewijsmiddel? | ja/nee | Andere wettige bewijsmiddelen zoals partijkeuring gaan vóór de bodemkwaliteitskaart wegbermen
Deze checklist bijvoegen bij de melding bij rechtstreekse toepassing van bermgrond vanuit de ontgravingslocatie (zonder tussenkomst gronddepot). Bij afvoer naar gronddepot (geen meldingsplicht) bijvoegen bij transportbegeleidingsformulier Bij toepassing vanuit gronddepot is geen checklist benodigd (reeds controle uitgevoerd bij afvoer naar depot)
BKK wegbermen Zeeland
4
BIJLAGE 15: RISICOTOOLBOX
15.1
Gebiedsspecifiek beleid en de risicotoolbox
In dit rapport zijn voor een deel van de wegbermen Lokale Maximale Waarden (LMW) vastgelegd. Een voorwaarde voor het vaststellen van LMW is, dat de gevolgen van deze waarden worden beoordeeld met behulp van de risicotoolbox (www.risicotoolbox.nl). Dit instrument is ontwikkeld om te bepalen welke risico’s de LMW met zich mee brengen bij een bepaald terreingebruik. Deze bijlage bevat de uitkomsten van de toepassing van de risicotoolbox voor de LMW van de zones 'A: Voorheen teerhoudende asfaltwegen’.en 'B: niet teerhoudende bitumineuze wegen’. De berekeningen zijn uitgevoerd met versie 1.1.0.0 van de risicotoolbox.
Er is volgens de risicotoolbox sprake van een duurzaam geschikte bodem indien de risico-index lager is dan 1. Bij een hogere risico-index geldt de bodem weliswaar niet als “duurzaam geschikt’, maar daarmee is de bodem nog niet ongeschikt voor het betreffende gebruik. Of de bodem al of niet (mogelijk) ongeschikt is voor het betreffende gebruik wordt beoordeeld met een ander risicomodel: Sanscrit. In geval van een ernstige bodemverontreiniging dient men met behulp van Sanscrit te bepalen of er sprake is van onaanvaardbare risico’s waardoor spoedige sanering van de verontreiniging noodzakelijk is. Hiervan is mogelijk sprake, wanneer de risico-index volgens Sanscrit hoger is dan 1.
Betekenis Risico-index in Risicotoolbox en Sanscrit
Minder geschikt
Duurzaam geschikt
Risico-index = 1 Risicotoolbox
(mogelijk) niet geschikt
Risico-index ■ 1 Sanscrit
De volgende paragrafen behandelen de uitkomsten van de risicotoolbox, met onderscheid in ecologische risico’s en humane risico’s.
BKK wegbermen Zeeland
1/5
Bijlage 15: risicotoolbox 15 augustus 2020
*
15.2
Ecologische risico's volgens de rlslcotoolbox
Voor de ecologische risico's rekent de risicotoolbox met 3 verschillende beschermingsniveaus, afhankelijk van de functie van de bodem. Afhankelijk van het beschermingsniveau toetst de risicotoolbox voor de ecologische risico’s van de somparameter van PAK en de metalen uit NEN5740 aan de
Achtergrondwaarde, MaxwoNEN of MaxwusTRiE ‘: Bodemfunctie Ecologisch beschermingsniveau
Risicogrenswaarde
Achtergrondwaarde
Natuur
Hoog
Wonen met tuin
Gemiddeld
MaxwoNEN *
Moestuinen/volkstuinen
Gemiddeld Gemiddeld
MaxwoNEN *
Gemiddeld Gemiddeld of Matig
MaxwoNEN
Matig
MaXlNDUSTRIE
Landbouw zonder boerderij/erf
Groen met natuurwaarden Plaatsen waar kinderen spelen Ander groen, bebouwing en industrie
MaxwoNEN
MaxwoNEN *
of
MaXlNDUSTRIE
* Voor cadmium en kwik hogere risicogrenswaarden dan MaxwoNEN
De risico-index wordt in de risicotoolbox als volgt bepaald: Risico-index = LMW / risicogrenswaarde Voor de wegbermen geldt in beginsel als bodemfunctie ‘ander groen, bebouwing en industrie’. Vanuit oogpunt van ecologische risico's blijft de bodem bij de gekozen LMW duurzaam geschikt voor het betreffende gebruik.
153
Humane risico's volgens de risicotoolbox
Voor de humane risico’s is in het model CSOIL een maximale blootstellingsdosis vastgelegd, waarbij mensen nog niet ziek worden: het MTR-humaan (Maximaal Toelaatbaar Risiconiveau voor de mens). De mens mag niet meer dan deze dosis in mg per kg lichaamsgewicht per dag 'binnen krijgen' van een bepaalde verontreinigende stof (lit. 19).
De risico-index is gedefinieerd als: Blootstelling (LMW) / MTR-humaan
Metalen
In de tabel op de volgende pagina zijn de blootstelling en de bijbehorende risico-index opgenomen voor MaxiNousTRiE voor de volgende bodemfunctie ‘ander groen, bebouwing en industrie’. Er is uitgegaan van een standaardbodem (lutum=25%, humus=10%)1 2. Dit is een worst case benadering, aangezien de percentages voor lutum en organische stof van bermgrond in het algemeen lager zijn. De werkelijke waarden voor MaxiNDusrRiE zijn dus lager dan bij een standaardbodem.
1 lood: enigszins afwijkende waarden (540 in plaats van 530 mg/kgds en 214 in plaats van 210 mg.kgds) 2 Voor de humane risico's van de metalen zijn de uitkomsten in het algemeen niet afhankelijk van de ingevoerde waarden voor lutum en humus BKK wegbermen Zeeland
2/5
Bijlage 15: risicotoolbox. 15 augustus 2020
if
Bodemfunctie: - Ander groen, bebouwing en Industrie Arseen
MaXlNDUSTRIE
Blootstelling
(mg/kgds)
(mg/kg lg/dag)
76
2,03 x 105 [index 0,031
Cadmium
4,3
1,09 x 106 lindex 0,001
Chroom (III)
180
4,45 x 10 5 lindex 0,011
Koper
190
6,99 x 10” lindex 0,01]
Kwik
4,8
2,6 x 10-6 [index 0,00]
Lood
530
5,31 x 10” [index 0,30|
Nikkel
100
0,0029 lindex 0,061
Zink
720
1,83 x 10” lindex 0,001
Kobalt
190
5,96 x 105 lindex 0,051
Molybdeen
190
4,95 x 105 lindex 0,01]
PAK De normering uit de Regeling bodemkwaliteit gaat uit van de som van 10 PAK’s. De risicotoolbox berekent voor PAK per individuele PAK een blootstelling en een bijbehorende risico-index. Vervolgens worden deze afzonderlijke risico-indexen gesommeerd tot een totale risico-index voor som-PAK. Benzo(a)pyreen weegt het zwaarst in de bepaling van de risico-index, gevolgd door indeno(123cd)pyreen.
In de zone 'A: Voorheen teerhoudende asfaltwegen’ worden hoge gehaltes PAK met name veroorzaakt door fluorantheen. In vrijwel alle monsters uit deze zone bestaat de totale som van PAK(IO) voor minimaal 15% uit fluorantheen. In 60% van de monsters bedraagt het aandeel van fluorantheen in de totale som van PAK tussen de 25 en 35%. Voor zowel benzo(a)pyreen als indeno(123cd)pyreen geldt, dat het aandeel in de totale som van PAK in vrijwel alle monsters minder dan 15% bedraagt. Dit laatste is ook geconstateerd voor gemeentelijke datasets bij het toepassen van de risicotoolbox voor de Nota bodembeheer van een aantal Zeeuwse gemeentes.
BKK wegbermen Zeeland
3/5
Bijlage 15: risicotoolbox, 15 augustus 2020
4
Voor PAK zijn in de risicotoolbox twee varianten toegepast
Variant 1: In variant 1 is uitgegaan van een aandeel van 15% benzo(a)pyreen en 15% indeno(123cd)pyreen in de totale som-PAK. De resterende 70% is verdeeld over de overige acht PAK's.
Variant 2: In variant 2 is uitgegaan van de 90-percentielwaarden van de individuele PAK in de zone 'Voorheen teerhoudende asfaltwegen” zoals opgenomen in bijlage 6A uit de bodemkwaliteitskaart uit 2013 (lit 5). Bij elkaar opgeteld zijn deze 90-percentielwaarden iets hoger dan MaxiNDusTRiE, namelijk 41,34 mg/kgds3. Risico-index som-PAK bij standaardbodem (organische stof = 10%):
Bodemfunctie Overig groen, bebouwing,
MaXlNDUSTRIE
(mg/kgds) 4Ö~
Risico-index Variant 1 0,49
Risico-index Variant 2
0,36
industrie
15.4
Toetsing van de 95-percentielwaarden in Sanscrit
De indeling van de zones uit de bodemkwaliteitskaart in verschillende bodemkwaliteitsklasses is gebaseerd op het rekenkundig gemiddelde van de verschillende stoffen. De concentraties van de verschillende stoffen hebben een zekere spreiding en een deel van de waarnemingen in een zone voldoet niet aan de bodemkwaliteitsklasse waarin de zone is ingedeeld. De meeste partijen grond die binnen een zone vrijkomen voldoen derhalve aan betreffende bodemkwaliteitsklasse, maar af en toe kan het vrij grondverzet ertoe leiden dat een partij grond wordt toegepast die niet aan de toepassingseis van een zone voldoet. Het wordt beleidsmatig geaccepteerd, dat een bodemkwaliteitskaart geen 100% zekerheid biedt over de kwaliteit van een afzonderlijke partij grond.
Gemiddeld leidt dit niet tot een verslechtering van de bodemkwaliteit. Het grondverzet levert geen ‘nieuwe' verontreiniging op, maar betreft een verplaatsing van al in het milieu aanwezige verontreiniging. Het grondverzet mag er echter niet toe leiden dat op de toepassingslocatie dusdanige milieuhygiënische risico’s ontstaan, dat volgens de Wet bodembescherming een spoedige sanering noodzakelijk zou zijn. Om de kans op dit laatste te minimaliseren is in artikel 4.3.5, lid 3c van de Regeling bodemkwaliteit een toetsing opgenomen van de 95-percentielwaarde van de bodemkwaliteitszone van de plaats van herkomst van de grond. Op basis van de 95-percentielwaarde wordt getoetst of vrij grondverzet op de toepassingslocatie volgens de Wet bodembescherming kan leiden tot een noodzaak tot spoedige sanering.
Een locatie kan in principe alleen spoedeisend zijn wanneer de interventiewaarde wordt overschreden. Voor deze risicobeoordeling is een standaardbeoordeling uitgewerkt in het computerprogramma Sanscrit.
3 Deze som wijkt af van de 90-percentielwaarde van de totale som van PAK. Dit komt, doordat de procentuele onderlinge verhouding tussen de verschillende PAK per monster verschillend is. BKK wegbermen Zeeland
4/5
Bijlage 15: risicotoolbox. 15 augustus 2020
/
>
In de zone ‘A: Voorheen teerhoudende asfaltwegen’ is de 95-percentielwaarde voor de som van PAK hoger dan de interventiewaarde. De 95-percentielwaarden4 uit deze zone voor de 10 individuele PAK zijn ingevoerd in Sanscrit, metals terreingebruik ‘overig groen, bebouwing, infrastructuur en industrie’. Deze waarden leveren als uitkomst van Sanscrit een risico-index op van 0,006 voor de carcinogene PAK en een risico-index van 0,002 voor de niet-carcinogene PAK. Bij een risico-index lager dan 1 is geen sprake van een verontreiniging waarvan de sanering spoedeisend is.
155
Conclusie rislcotoolbox
De voor de wegbermen gekozen LMW leiden volgens de risicotoolbox niet tot risico’s. De bodem blijft duurzaam geschikt voor het betreffende gebruik.
Toetsing van de 95-percentielwaarden uit de zone 'A: Voorheen teerhoudende asfaltwegen’ leidt volgens de standaardbeoordeling uit Sanscrit voor toepassingen in de wegbermen niet tot dusdanige risico’s, dat volgens de Wet bodembescherming een spoedige sanering noodzakelijk zou zijn. De bodemkwaliteitskaart kan derhalve als bewijsmiddel (milieuhygiënische verklaring) dienen voor bermgrond uit de zone ‘Voorheen teerhoudende asfaltwegen’ die zonder verdere keuring elders in een wegberm wordt toegepast.
Disclaimer bij de rislcotoolbox
Onderstaand kader bevat de disclaimer zoals ook opgenomen op de website www.risicotoolbox.nl:
Status van de berekeningen van de risicotoolbox De risicotoolbox berekent de risico’s van een ingevoerde chemische bodemkwaliteit voor ecosysteem, mens en landbouwproductie. De risicotoolbox maakt hiervoor gebruik van wetenschappelijke modellen uit de normstellingspraktijk. Modellen kunnen slechts een voorspelling geven van te verwachten risico’s. De kwaliteit van deze voorspellingen wordt bepaald door de betrouwbaarheid van de modellen. De modellen achter de risicotoolbox hebben uiteenlopende betrouwbaarheden. Bij het weergeven van de resultaten wordt een kwalitatieve indruk gegeven van de betrouwbaarheid van een resultaat De verantwoordelijkheid voor de interpretatie van de resultaten ligt bij de gebruiker van het instrument
Het bovenstaande betekent dat voorspellingen van risico's die zowel boven als onder de - voor de gekozen bodemgebruiksvorm relevante - risicogrenswaarde liggen slechts indicatief zijn. Juist bij resultaten die dicht bij risicogrenswaarden liggen is het belangrijk om hierbij in de interpretatiefase stil te staan.
4 Dit berekening is in 2013 uitgevoerd met de toenmalige 95-percentielwaarden. Er is in 2020 geen nieuwe toetsing uitgevoerd. De 95-percentielwaarden van de individuele PAK uit 2020 zijn 1,5 è 2 x zo hoog, zodat de risico-index op basis van de 95-percentielwaarden uit 2020 ongeveer 2 x zo hoog is. BKK wegbermen Zeeland
5/5
Bijlage 15: risicotoolbox 15 augustus 2020
r
>
X