240202 tussenrapportage haalbaarheidsonderzoek cultuur MF Akro (2) - ONDER EMBARGO
Tekst van het document
RAPPORTAGE Haalbaarheidsonderzoek Culturele STROOM in de Machinefabriek 31 januari 2024
Inhoudsopgave 1.
Inleiding................................................................................................................................. 3 1.1
Aanleiding ....................................................................................................................... 3
1.2
Vraag............................................................................................................................... 3
1.3
Aanpak ............................................................................................................................ 3
1.4
Samenvatting .................................................................................................................. 4
2.
Analyse.................................................................................................................................. 5
3.
Conclusie .............................................................................................................................. 8 3.1
Hoofdlijn cultuurconcept .................................................................................................. 8
3.2
Planning .......................................................................................................................... 9
3.3 Juridische kaders ............................................................................................................ 9 3.3.1 Juridische toets (aanbesteding/Didam) ................................................................... 9 3.3.2 Juridische verankering (vervolg)samenwerking .................................................... 10 4.
Vervolgstappen .................................................................................................................. 11 4.1
Stap 1: individuele gesprekken en binden initiatieven .................................................. 11
4.2
Stap 2: gezamenlijke verkenning .................................................................................. 11
4.3
Stap 3: concept versterken ........................................................................................... 11
4.4
Stap 4: definitief cultuurconcept .................................................................................... 12
4.5
Stap 5: besluitvorming gemeente en partijen ............................................................... 12
4.6
Planning ........................................................................................................................ 13
1. Inleiding 1.1 Aanleiding Het doel van het onderzoek is om te komen tot een cultureel hart voor de Machinefabriek dat realiseerbaar én haalbaar. Realiseerbaar en haalbaar in termen van inhoud, proces én financiën in zowel realisatie als exploitatie. Daarmee zet de gemeente het complex én Vlissingen op de kaart. Om tot een succesvolle culturele invulling te komen, is het van belang om de culturele functies in samenhang met andere mogelijke functies te zien. Het kan (en moet!) elkaar versterken, zowel inhoudelijk als financieel. Bijvoorbeeld de combinatie met een (deels) commerciële exploitatie van het gebouw van bijvoorbeeld horeca. Door de culturele functies in samenhang te zien met de andere functies ontstaat één concept met daarin sferen, functies, ingangen en eigenaren, maar altijd verbonden. Dan wordt de Machinefabriek een succes. 1.2 Vraag In dit rapport beantwoorden we de volgende vraag: Welke culturele initiatieven zijn kansrijk om te komen tot een haalbaar cultuurconcept? En wat voor traject moet de gemeente Vlissingen doorlopen om tot een haalbaar plan te komen? Om te bepalen of een culturele functie haalbaar is, kijken we in eerste instantie naar de mate van kansrijkheid. Daarna volgt de haalbaarheid. Dit rapport is daarom een tussenconclusie.
In de komende periode moet verder duidelijk worden of het voorgestelde kansrijke cultuurconcept op verschillende vlakken (inhoudelijk, procesmatig, financieel, juridisch en organisatorisch) haalbaar is en tot realisatie gebracht kan worden. Het uiteindelijke product is een realistisch en haalbaar plan op basis waarvan de gemeente als eigenaar van het complex, vanuit haar ambities en beleid en vanuit haar (financiële) mogelijkheden een besluit kan nemen. De resultaten van de bevindingen worden langs de lat gelegd van de uitgangspunten die door het college zijn opgenomen in het raadsvoorstel kaders Machinefabriek van juni 2023: “Voor het onderzoek naar het culturele programma hanteert het college een drietal uitgangspunten: 1. Inhoudelijke ambitie die aansluit bij de, door uw raad vastgestelde, Strategische Visie Vlissingen 2040 en nog uit te werken culturele concept voor de Machinefabriek; 2. Organisatie- en governance model wat gericht is op samenwerking met een breed palet partners; 3. Financiële stabiliteit om te komen tot realisatie en in stand houden van de exploitatie, zonder hierbij aanspraak te hoeven maken op gemeentelijke middelen of subsidies.” 1.3 Aanpak Om tot een haalbaar plan te komen, werken we van grof naar fijn: van potentiële partners in een mogelijk concept, via een functioneel en ruimtelijke concept naar beheer- en eigendomsmodellen die dit faciliteren.
Dat betekent vroegtijdig inzicht in de haalbaarheid voor het geheel, de individuele partijen en de rol/positie en consequenties voor de gemeente.
Overgoo 6 • 2266 JZ Leidschendam • info@akroconsult.nl • akroconsult.nl
3/14
Allereerst zijn we in gesprek gegaan met potentieel interessante initiatieven die kansrijk lijken in relatie tot de gemeentelijke visie en ambitie. Daarbij richtten we ons primair op de bekende partijen die in de afgelopen jaren interesse hebben getoond bij de gemeente. Doel van de gesprekken was om na te gaan: • welke initiatieven geïnteresseerd zijn in samenwerking in de Machinefabriek; • wat het draagvlak is; • wat de financiële en organisatorische slagkracht is van het initiatief; • wat de toegevoegde waarde van het initiatief voor het gebouw én Vlissingen is; • wat de haalbaarheid is van een onderlinge samenwerking met andere potentiële initiatieven. Aan de hand van deze gesprekken is een beeld gevormd van de mogelijke toekomstige partners die potentieel als cluster een plek kunnen krijgen in de Machinefabriek. Daarbij is ook gekeken naar initiatieven die bij elkaar passen, voor meerwaarde kunnen zorgen en kansen kunnen bieden aan overig programma dat niet direct onderdeel is van het cultureel hart. 1.4 Samenvatting Vijf initiatieven zijn inhoudelijk kansrijk om te kunnen leiden tot een haalbaar cultuurconcept: Omroep Zeeland, Zeeland Theaters, Bibliotheek Vlissingen, Poppodium de Piek en Stichting Kipvis. De vijf initiatieven zijn inhoudelijk aanvullend op elkaar en liggen in elkaars verlengde op de thema’s media & educatie.
Daarnaast zien zij allen de meerwaarde van samenwerking op inhoudelijk, programmatisch, ruimtelijk en organisatorisch vlak. Samen met deze vijf initiatieven gaat de gemeente een haalbaarheidsperiode in, waarin wordt gewerkt aan een (haalbaar) plan voor het cultuurprogramma. Dit plan bevat een inhoudelijke, ruimtelijke, organisatorische en financiële uitwerking van het cultuurconcept. Daarvoor gaan partijen de samenwerking intensiveren, tijd reserveren en kosten maken. Dat vraagt een mate van commitment van alle partijen (partijen én gemeente). Daarom raden wij aan op korte termijn een samenwerkingsovereenkomst te sluiten met de vijf kansrijke initiatieven om afspraken te maken over de komende haalbaarheidsperiode. Daarna volgen eventuele (vervolg)overeenkomsten voor de uitwerking en, bij positieve uitkomsten, uiteindelijke realisatie.
Overgoo 6 • 2266 JZ Leidschendam • info@akroconsult.nl • akroconsult.nl
4/14
2. Analyse In 2023 zijn vanuit de gemeente gesprekken gevoerd met circa 15 culturele initiatieven en initiatiefnemers. Het gaat om concrete initiatieven die een ruimtevraag hebben voor inpassing van een functie en (kleinere) initiatieven die op zoek zijn naar (tijdelijk) gebruik van ruimtes voor uitvoeringen, optredens of exposities. In het haalbaarheidsonderzoek ligt de nadruk op de functies die een culturele invulling voorzien. Hier kan in een later stadium op aangesloten worden en/of gebruik van worden gemaakt door een breed spectrum aan kleine(re) culturele initiatieven. Met de concrete initiatieven is vervolgens individueel gesproken over de ambities en kansen voor de Machinefabriek. Om te bepalen of een initiatief kansrijk is voor een haalbaar cultuurconcept is gekeken naar de volgende elementen: − het initiatief sluit nauw aan bij of is aanvullend aan de ambities voor de Machinefabriek en het cultuurprogramma en is van toegevoegde waarde; − het initiatief is financieel gezond en organisatorisch slagkrachtig genoeg om een haalbaar onderdeel te kunnen zijn van het cultuurconcept; − het initiatief ziet de meerwaarde van en kansen voor samenwerking (inhoudelijk, organisatorisch, financieel, etcetera) met andere cultuurinitiatieven en/of overig programma (anders dan cultuur). De gesprekken met de initiatieven hebben geleid tot de volgende analyse: Initiatief
Ambities
Financieel
Bibliotheek Vlissingen
Grote ambities uitbreiding functie, aanbod en programma; Samenkomstplek “huiskamer van de stad”
Huidig huurcontract binnen afzienbare termijn eindig, langjarig huurcontract wenselijk; ontvangt meerdere subsidies (nationaal, provinciaal, gemeentelijk), o.a. meerjarige subsidie SPUK regeling
Zeeland Theaters
Uitbreiden aanbod met complementair programma in vlakkevloerzaal;
Potentiële afnemer, afhankelijk van financiële voorwaarden; financiële parameters nog niet in beeld, zijn sterk afhankelijk van uitwerking concept; mogelijk structurele gemeentelijke bijdrage nodig
Omroep Zeeland
Huisvestingsvraag evident; ambitie om uit te breiden tot regionaal Mediahuis van regionale omroep met streekomroepen.
Financiële parameters in beeld; regionale- en streekomroepen ontvangen verschillende subsidies; niet bereid eigendom te nemen; langjarig
Overgoo 6 • 2266 JZ Leidschendam • info@akroconsult.nl • akroconsult.nl
Meerwaarde samenwerking Zien meerwaarde in multifunctioneel cultuurprogramma; delen faciliteiten die ze nu niet hebben (horeca, theater, podium); omroep zeeland (aanvullend programma organiseren); koppeling met ‘Vlissingen studentenstad’ en educatie (HZ, Scalda, kindcentrum). Gebruik vlakkevloerzaal voor andere initiatieven evident; optimale bezetting zaal; ruimtelijk delen van een aantal functies (kantoor, entree, sanitair, backstage, etc.); voorstelbaar om gebruik te combineren met De Piek; horeca bij voorkeur zelf-exploiteren Zien nadrukkelijke meerwaarde in samenwerking met culturele partners (koppeling podiumfunctie); uitbreiden en versterken samenwerking onder-
Kansrijk? Ja
Ja
Ja
5/14
huurcontract wenselijk met marktconforme huur
Poppodium De Piek
Ambitie om te groeien naar professionele organisatie en aanbod programma; draagvlak in stad; broedplaats muziek sluit inhoudelijk aan bij Regiodeal
Museuminitiatief Nico Out (KunstExperience)
Hoge inhoudelijke ambities; grote ruimtevraag
Stichting Kipvis
Concrete huisvestingsvraag; geen expliciete voorkeur voor Machinefabriek; broedplaats kunsten sluit inhoudelijk aan bij Regiodeal; kan rol spelen in tijdelijk gebruik Concrete huisvestingsvraag; ambitie om in bezoekersaantallen te groeien; grote ruimtevraag; schilderijen behouden voor publiek.
Panorama Walcheren
Frontstad Vlissingen**
Vertellen van verhaal strategische ligging Vlissingen; uitvalsbasis voor route voor stad; aanzienlijke ruimtevraag als museale functie.
Langjarig huurcontract wenselijk; zelf investeren in inrichting; financiële parameters in beeld, voorwaarden worden gevormd (o.a. benchmark in uitvoering); zijn sterk afhankelijk van uitwerking concept; mogelijk structurele gemeentelijke bijdrage nodig. Forse (voor)investering nodig vanuit gemeente; professionele aanpak/organisatie en gedegen financieel kader (lange termijn) ontbreekt; niet voldoende daadkrachtig Financiële parameters in beeld; kans om commercieel oninteressante ruimte in gebruik te nemen
Huisvestingsbehoefte financieel gestuurd; ontbreekt nog aan professionele aanpak organisatie en gedegen financieel kader (lange termijn); niet voldoende daadkrachtig Ontbreekt nog aan professionele aanpak organisatie; fondsenwerving en lange termijn perspectief (ook financieel) moet nog worden bepaald.
wijsinstellingen; bibliotheek (aanvullend programma organiseren); gezamenlijk initiatief MediaPodium met Zeeland Theaters. Wensen zelfstandig poppodium, samenwerking vooral ruimtelijk (kantoor en facilitaire ruimtes); podium van meerwaarde voor andere initiatieven
Ja
Samenwerking zowel inhoudelijk als ruimtelijk niet evident
Nee
Zien weinig expliciete meerwaarde in samenwerking, behalve ruimtelijk (bijv. facilitaire- en verkeersruimtes)
Ja
Staan ervoor open om na te denken over andere wijze van tentoonstellen werk
Nee*
Zien kansen voor samenwerking maar vraagt nog nadere uitwerking
Nee*
* in huidige vorm ** Frontstad Vlissingen heeft niet actief deelgenomen aan de verkennende gesprekken. Deze analyse is tot stand gekomen op basis van eerder verstrekte informatie.
Zeeland Theaters ziet potentie in een theatervoorziening in de Machinefabriek als aanvulling op haar locaties in Middelburg, Goes en Terneuzen. Naast het exploiteren van een theaterzaal heeft zij aangegeven open te staan om te onderzoeken of zij een trekkersrol kan vervullen in het voorgestelde cultuurconcept. Bijvoorbeeld om als eigenaar, verhuurder dan wel hoofdhuurder op te treden richting de andere culturele initiatieven en de sportzaal. De financiële voorwaarden (investering, exploitatielasten, huisvestingslasten, verantwoordelijkheden, etc.) die hierbij passen, vragen nog nadrukkelijk verdere uitwerking en dient in de volgende fase van het haalbaarheidsonderzoek geconcretiseerd te worden. Als vertrekpunt voor
Overgoo 6 • 2266 JZ Leidschendam • info@akroconsult.nl • akroconsult.nl
6/14
die verdere verkenning heeft Zeeland Theaters aangegeven in ieder geval langjarige voorwaardelijke zekerheid nodig te hebben vanuit de gemeente ten aanzien van de culturele programmering. Dit vraagt een uitwerking met Zeeland Theaters individueel en met de andere partijen gezamenlijk. De uitwerking hiervan ziet toe op het inzichtelijk maken van de consequenties van huur- en eigendomsconstructies voor Zeeland Theaters en de individuele partijen en de financiele consequenties voor de gemeente.
Overgoo 6 • 2266 JZ Leidschendam • info@akroconsult.nl • akroconsult.nl
7/14
3. Conclusie 3.1 Hoofdlijn cultuurconcept Uit de eerste gespreksronde blijkt dat er vijf initiatieven zijn die qua inhoud gezamenlijk kunnen leiden tot een kansrijk cultuurconcept: Bibliotheek Vlissingen, Omroep Zeeland, Zeeland Theaters, Poppodium De Piek en Stichting Kipvis. De eerste vier initiatieven zijn inhoudelijk aanvullend op elkaar en liggen in elkaars verlengde. Specifiek op de thema’s: media & educatie. Stichting Kipvis is van culturele meerwaarde voor Vlissingen en de regio als plek voor culturele innovatie, in aanvulling op de Kenniswerf. Stichting Kipvis is op zichzelf geen evidente aanvulling op het cultuurconcept, maar kan afhankelijk van de ruimtelijke uitwerking en financiële haalbaarheid tot gebruik van ruimte in de Machinefabriek komen die minder geschikt zijn voor commerciële invulling. Daarnaast is de functie van meerwaarde in relatie tot de ambities van de Regiodeal. Samenwerking tussen de vijf kansrijke initiatieven is mogelijk op een aantal fronten: • Inhoudelijk: uitbreiding aanbod en programma; • Ruimtelijk: gedeelde ruimtes, één entree, gedeelde voorzieningen; • Organisatorisch: beheer en exploitatie; • Financieel: langjarige commitment/zekerheid, beperking huisvestingskosten door delen ruimtes en samenwerking in beheer en exploitatie.
Het is aan te bevelen om de sportzaal ook te betrekken (ruimtelijk, programmatisch, financieel en organisatorisch) in het (haalbaarheidsonderzoek) cultuurconcept in samenhang met de vijf functies. Hierdoor kan verder gekeken worden naar delen van ruimtes en daarmee de exploitatie van de losse onderdelen én het totaal interessanter maken. Zelfstandige museale initiatieven achten wij niet kansrijk vanuit financiële haalbaarheid om daaraan invulling te geven in de Machinefabriek. Panorama Walcheren is in haar huidige vorm geen haalbaar initiatief en draagt inhoudelijk niet voldoende bij aan een kansrijk cultuurconcept. Desondanks kan zij wellicht onderdeel van de Machinefabriek worden door werken tentoon te stellen in algemene ruimtes. Panorama Walcheren heeft aangegeven daarvoor open te staan. Dit behoeft verdere uitwerking op basis van de concrete ruimtelijke mogelijkheden. Ditzelfde zou mogelijk ook voor Frontstad Vlissingen kunnen gelden. Uit de ruimtelijke analyse blijkt dat er voldoende ruimte is om de vijf kansrijke initiatieven met hun huisvestingsvraag (voor zover die nu al duidelijk is) te huisvesten in de Machinefabriek. Sterker nog: ook met deze invulling zal er ruimte ‘overblijven’ voor invulling.
Het is dan ook van belang om gedurende de uitwerking met de vijf functies/initiatieven ook in samenhang naar de mogelijkheden voor invulling van de ‘overblijvende’ ruimte te kijken. Daarmee voorkomen we dat er ‘restruimtes’ ontstaan die na uitwerking met de vijf functies/initiatieven niet of niet goed tot een invulling kunnen leiden. Daarnaast is het interessant om te bezien welke functies een extra inhoudelijke bijdrage zouden kunnen leveren aan het totaalconcept van de Machinefabriek. Daar gaat het immers om: een totaalconcept voor de gehele Machinefabriek in plaats van een gefragmenteerde, onsamenhangende invulling. In de verdere uitwerking onderzoeken we waar ruimtelijke samenwerking en optimalisatie mogelijk is.
Overgoo 6 • 2266 JZ Leidschendam • info@akroconsult.nl • akroconsult.nl
8/14
3.2 Planning Er is momentum bij de vijf initiatieven en noodzaak vanuit de planning om in Q1 en Q2 2024 de ruimtelijke, financiële en organisatorische uitwerking te maken met de vijf partijen: − De sportzaal dient uiterlijk eind 2026 gerealiseerd te zijn. Gezien de doorlooptijd van dergelijke trajecten dient realisatie 2025 te starten. Om gezamenlijk op te lopen met het cultuurprogramma moet nu naar een haalbaar plan toegewerkt worden. − Omroep Zeeland wenst nieuwe huisvesting uiterlijk eind 2026 en heeft daarvoor duidelijkheid/zekerheid nodig in de eerste helft van 2024. Deze zekerheid kan geboden worden door het sluiten van een samenwerkingsovereenkomst en de verdere uitwerking in Q1 en Q2. − Vanuit de Regiodeal is in de periode tot 2028 subsidie beschikbaar gesteld voor de culturele invulling van de Machinefabriek. Dat betekent dat er een traject opgestart moet worden voor uitwerking met daarin heldere go/no-go momenten (op welk moment partijen besluiten of ze verder gaan in planvorming en wanneer definitieve afspraken volgen). Tijdens de uitwerking werken de vijf partijen aan de condities waaronder het voorstel cultuurconcept haalbaar wordt geacht. De gemeente neemt in deze uitwerking de regie vanuit haar huidige eigenaarsrol, de gestelde ambities voor een haalbaar totaalconcept voor de Machinefabriek en het belang van deze goede invulling.
Het is niet zo dat gewacht moet worden tot alle ruimtes zijn gevuld met een definitieve invulling. Het is ook al interessant en zelfs van belang voor de goede definitieve invulling om nu ook al te kijken naar mogelijke tijdelijke invullingen. Een tijdelijke invulling kan een aanjager zijn voor de initiatieven voor de langere termijn. Het zet daarnaast de Machinefabriek alvast verder op de kaart en in de belangstelling. Met andere woorden: placemaking in deze fase door tijdelijk gebruik is van groot belang voor de definitieve invulling/ontwikkeling. 3.3 Juridische kaders 3.3.1 Juridische toets (aanbesteding/Didam) Afhankelijk van de uitwerking van het cultuurconcept zijn er twee opties mogelijk: 1. De gemeente verkoopt delen van het gebouw aan één of meerdere afnemers (voor of na realisatie casco/turn-key). 2. De gemeente neemt (delen van) het gebouw zelf in eigendom en verhuurt het. In deze situaties dient de gemeente de vooringenomen verkoop en/of verhuur te publiceren om conform het Didam-arrest (en de jurisprudentie die daarop is gevolgd) te handelen. Hiervoor is het belangrijk om een (zeer) duidelijke doelomschrijving op te stellen die naadloos aansluit bij het beoogde cultuurconcept en programma. Vervolgens is het zaak om het beste moment te kiezen voor publicatie om te voorkomen dat er nogmaals gepubliceerd moet worden als de focus wijzigt.
De functie is leidend hoe dit in te vullen. Het kan zijn dat een marktpartij zich meldt naar aanleiding van de publicatie. Wij achten die kans echter relatief klein, aangezien het een zeer specifieke opgave betreft en de gemeente al een intensieve zoektocht naar potentiële afnemers heeft ondernomen. Met andere woorden: de kans dat er andere partijen zijn die onder gelijke voorwaarden en condities tot afname (koop of huur) zou willen komen, lijkt op voorhand klein. Mocht er zich wel een partij melden dan treden
Overgoo 6 • 2266 JZ Leidschendam • info@akroconsult.nl • akroconsult.nl
9/14
we daar uiteraard mee in overleg om te bezien of en in hoeverre die partij past binnen de gestelde opgave en de ambities. 3.3.2 Juridische verankering (vervolg)samenwerking Om de volgende fase, de uitwerking van een haalbaar plan, juridisch te borgen, raden wij aan een samenwerkingsovereenkomst te sluiten met de vijf kansrijke initiatieven. In de samenwerkingsovereenkomst moeten de volgende zaken dan in ieder geval worden overeengekomen: − (voorlopig) binden van de vijf kansrijke initiatieven aan het proces om te komen tot een haalbaar cultuurconcept. − Intentie uitspreken om met elkaar de haalbaarheid te onderzoeken van een gezamenlijk cultuurconcept met de vijf kansrijke initiatieven. − Voorwaarden voor een haalbaar cultuurconcept. − Helderheid scheppen in stappen, producten en planning (inclusief go/no-go momenten) om te komen tot een haalbaar cultuurconcept. − Commitment uitspreken op het proces, zonder aangaan van inhoudelijke en financiële verplichtingen (partijen noch gemeente). − Afspraken maken over de rol- en taakverdeling tijdens het haalbaarheidsonderzoek en de verdeling van eventueel benodigde kosten. Als aan het einde van het gezamenlijk haalbaarheidsonderzoek gemeente en partijen besluiten dat er een haalbaar cultuurconcept ligt, kan over worden gegaan tot planontwikkeling en vervolgens realisatie. Deze fase moet gevat worden in een vervolgovereenkomst.
De vervolgovereenkomst regelt de voorwaardelijke realisatie van (delen van) het cultuurprogramma. Het is daarmee het kader voor per locatie tussen afzonderlijke initiatieven te sluiten koop-/ontwikkel-/realisatieovereenkomsten. In de vervolgovereenkomst wordt het volgende (in grote lijnen) overeengekomen: − De kostenverdeling c.q. oprichting planvormingskas. − Rollen en verantwoordelijkheden. − Planning. − Producten en tijdspad (onder andere voorlopig- en definitief ontwerp, aanbestedingsstukken realisatie c.q. bouwteamselectie, etc.). − Besluitvorming (bij gemeente en partijen). − Exit-strategie.
Overgoo 6 • 2266 JZ Leidschendam • info@akroconsult.nl • akroconsult.nl
10/14
4. Vervolgstappen De eerstvolgende stap in het haalbaarheidsonderzoek is om met de vijfkansrijke initiatieven een haalbaar plan op te stellen. Tijdens dit haalbaarheidstraject zijn drie vragen van belang: 1. Hoe de gemeente het beste grip houdt op de toekomst van de Machinefabriek; 2. Financiële consequenties (in investering en exploitatie, subsidiestromen, etc.); 3. Hoe de samenwerking het beste juridisch geborgd wordt. Deze drie vragen worden onderzocht aan de hand van een aantal stappen, zoals hieronder beschreven. 4.1 Stap 1: individuele gesprekken en binden initiatieven Na het besluit van college en raad informeren we de vijf kansrijke initiatieven over de uitkomst van besluitvorming en de stand van zaken. Daarnaast moet in de komende periode een drietal zaken duidelijk worden: 1. Ieder initiatief moet zijn of haar huisvestingsbehoefte scherpstellen en starten met het opstellen van een programma van eisen. Dit vormt belangrijke input voor de ruimtelijkeen financiële vertaling. 2. Ieder initiatief moet zijn of haar financiële mogelijkheden en parameters duidelijk krijgen c.q. concretiseren, aangaande: a. Eisen en wensen ten aanzien van eigendom of huur. b. Verwachtte commerciële inkomsten en mogelijke subsidiestromen. c. Te dragen huisvestingslasten per partij versus geraamde huisvestingslasten. d. Raming van totale benodigde investering. 3.
Voorwaarden voor deelname aan verdere uitwerking door partijen. De individuele gesprekken moeten vervolgens leiden tot een samenwerkingsovereenkomst (zie paragraaf 3.3.2). De samenwerkingsovereenkomst kan tevens gebruikt worden als bewijslast richting de Regiodeal. Na de individuele gesprekken zetten we een gezamenlijk traject op met de vijf kansrijke initiatieven. 4.2 Stap 2: gezamenlijke verkenning De vijf kansrijke initiatieven gaan in een gezamenlijk traject de haalbaarheid van het cultuurconcept onderzoeken. Het succes van het cultuurconcept valt of staat met de samenwerking tussen deze initiatieven. Tijdens een gezamenlijke kick-off van de uitwerkingsperiode zoeken partijen nadrukkelijk de samenwerking op en spreken naar elkaar uit: • Inhoudelijk: gezamenlijke ambitie en gezamenlijke concept; hoe kunnen ze elkaar inhoudelijk versterken en aanvullen; • Ruimtelijk: vanuit individuele pve’s: wat delen, wat individueel en wat gezamenlijk; • Organisatorisch: hoe en in welke mate exploitatie en beheer gezamenlijk; • Financiën: wat zijn ieders financiële mogelijkheden; • Rol: wie wordt waarvoor verantwoordelijk (van eigenaarschap tot huurder/gebruiker). 4.3 Stap 3: concept versterken Gedurende het gezamenlijk traject krijgt de ruimtelijke behoefte en -vertaling steeds meer vorm. Er kan dan ook gestart worden met een concrete vertaling van de individuele ruimtebehoefte
Overgoo 6 • 2266 JZ Leidschendam • info@akroconsult.nl • akroconsult.nl
11/14
naar een ruimtelijk plan/ontwerp. Op dit moment is de eerste ruimtelijke analyse daarvan al gemaakt. In deze stap is het niet alleen aan de vijf kansrijke initiatieven en de gemeente samen, maar zullen partijen ook onderling in verschillende samenstellingen de diepte in moeten gaan. Dit met name over de inhoudelijke samenwerking en hoe dat zich ruimtelijk en financieel vertaalt. Als het gezamenlijk traject positief verloopt (en het cultuurconcept een meer definitieve vorm krijgt) is het zaak om het cultuurconcept in relatie tot de rest van de Machinefabriek vast te stellen. Met name de samenhang en meerwaarde van het cultuurprogramma met de sportzaal en het overig commercieel programma (onder andere horeca en eventueel wonen). Dit is tevens de fase dat onderwijspartijen benaderd kunnen worden over wat zij inhoudelijk en/of programmatisch kunnen betekenen. De samenwerking van onderwijsinstellingen met Omroep Zeeland, de bibliotheek en het poppodium is al aan de gang en evident om door te zetten/uit te breiden in de Machinefabriek. Daarnaast kunnen onderwijsinstellingen wellicht delen van de programmering invullen. 4.4 Stap 4: definitief cultuurconcept Om de stap van ontwerp naar realisatie te kunnen maken, moet er een definitief programma van eisen worden opgesteld per partij én voor het totaalconcept cultuur.
Dit programma van eisen wordt vervolgens vertaald naar: − Rol per partij; − Een organisatorische opzet; − Businesscase; − Ruimtelijk ontwerp. Als de kaders van de ontwikkeling helder zijn, kan concreet nagedacht worden over een publicatie in het kader van Didam. Het is dan wel zaak dat de kaders na moment van publicatie niet meer veranderen om te voorkomen dat er nogmaals gepubliceerd moet worden. 4.5 Stap 5: besluitvorming gemeente en partijen De uitkomst van stap 1 t/m 4 is een definitief plan waarover partijen besluit moeten nemen (go/no-go). Voor de gemeente is besluitvorming vereist over: − Het inhoudelijke concept; draagt het concept bij aan de (beleids)doelstellingen? − De rol van de gemeente; is de geformuleerde rol voor de gemeente acceptabel (ook in samenhang met het financiële)? − Financiën; zijn de financiële consequenties voor de gemeente (ten aanzien van opbrengsten, de eenmalige kosten en eventueel meerjarige lasten) draagbaar en acceptabel? − Risico’s: zijn de risico’s (op basis van de actualisatie risicoanalyse) te overzien en beheersbaar? − Juridisch: zijn de vervolgafspraken met partijen (koop en/of huur) aanbestedings- en Didam-proof? Indien de gemeente en partijen besluiten tot een ‘go’, dan volgt de verdere planuitwerking naar definitief ontwerp en voorbereiding voor realisatie.
Overgoo 6 • 2266 JZ Leidschendam • info@akroconsult.nl • akroconsult.nl
12/14
4.6 Planning De doorlooptijd is sterk afhankelijk van de doorlooptijd van de haalbaarheidsperiode en besluitvorming daarover bij partijen. Gezien het momentum en de wens om eind 2026 op te leveren, is het van belang om zo snel mogelijk een samenwerkingsovereenkomst te sluiten (uiterlijk Q1 2024) om te voorkomen dat initiatieven afhaken. Daarnaast moet het gezamenlijke traject op (zeer) korte termijn opgestart worden zodat rond de zomer een besluit kan worden genomen over het vervolg. Stap 1 2 3 4 5
Sluiten samenwerkingsovereenkomst en individuele gesprekken Gezamenlijke verkenning (programmatisch, ruimtelijk, financieel, organisatorisch) Versterken concept (sportzaal, onderwijs, commerciële functies) Definitief cultuurconcept Besluitvorming gemeente en partijen
Overgoo 6 • 2266 JZ Leidschendam • info@akroconsult.nl • akroconsult.nl
Planning Q1 Q1 Q2 Q2 Q2
13/14
Auteurs Walter Stam, Juul van Hout Datum 2 februari 2024 In opdracht van Gemeente Vlissingen Versie Definitief
Overgoo 6 2266 JZ Leidschendam
070 - 326 26 23 info@akroconsult.nl akroconsult.nl
Overgoo 6 • 2266 JZ Leidschendam • info@akroconsult.nl • akroconsult.nl
NL76 RABO 0160 1276 45 KvK 27311926 BTW NL819008710B01
14/14