12. RIB Voortgangsrapportage Wind in de zeilen 24 november 2021 bijlage rapport
Tekst van het document
Planning Jan. 2021
April 2021
Juli 2021
Mei 2021
Jan. 2022
Dec. 2022
Dec. 2025
Fase 2 ‘Inhoudelijke uitwerking & opstart pilots’ (apr 2021 – jan 2022) • Uitwerking & opstart pilots • Vorming co-creaties op deelthema’s & pilots • Aanvullende (co-)financiering pilots Resultaten: quick wins in de beleving van het gebied, experimenteer-ervaring en gemonitorde pilots. Fase 3 ‘Ontwikkeling Masterplan Stationsgebied Vlissingen’ (mei 2021 – dec 2022) Vertaling visie naar uitvoering Vormgeven ruimtelijke herontwikkeling Vaststellen infrastructurele aanpassingen Vaststellen & borgen van commitment relevante partijen Resultaten: integrale aanpak & gebiedsontwikkeling van het Stationsgebied, aansluitend bij ontwikkelingen in omliggende gebieden, commitment partijen. • • • •
Fase 4 ‘Van succesvolle pilots naar permanente mobiliteitsoplossingen’ (jan 2022 – dec 2025) Verder vormgeven & borgen van (mobiliteits)pilots • Borgen van samenwerking in de stationsomgeving en haar effectgebied Resultaten: bewezen functie van het Stationsgebied voor omliggende gebieden •
Fase 5 ‘Uitvoering Masterplan Stationsgebied’ (dec 2022 – dec 2025) Aanpassingen in fysieke omgeving • Infrastructurele aanpassingen Resultaten: succesvolle upgrade Stationsgebied •
Continu: Positionering, programmering & activering
32
Stand van zaken Gebiedsontwikkeling In een eerste ‘voorlopig ontwerp’ zijn de beoogde functies van het stationsgebied ingetekend. Dit concept, dat dient als praatstuk, wordt momenteel besproken met stakeholders. Mobiliteitspilots Momenteel wordt, in samenwerking met het project Living Lab Slimme Mobiliteit (fiche F-3), een aantal mobiliteitspilots opgestart en uitgevoerd. Zo is een deelfietspilot opgestart in samenwerking met de bestaande deelfietsaanbieders NS en Prorail. Tevens wordt een haalbaarheidsonderzoek uitgevoerd naar een Super Slim Laadplein in het Stationsgebied, waarvan de resultaten begin 2022 bekend zullen zijn. Verbinding met relevante fiches en omliggende gebieden Om de samenhang met omliggende gebieden en relevante fiches te bevorderen wordt de verbinding gezocht en geïnventariseerd wat de (toekomstige) vervoersstromen en het gewenste mobiliteitsaanbod hierin is. Het gaat dan bijvoorbeeld om de bereikbaarheid van de te ontwikkelen Kerngezond-centra en het Justitieel Complex Vlissingen.
Vooruitblik Het voorlopig ontwerp voor de herontwikkeling van het stationsgebied zal begin 2022 verder worden doorontwikkeld tot een definitief ontwerp. Van daaruit worden de benodigde ruimtelijke en infrastructurele aanpassingen met een bijbehorende kostenraming in kaart gebracht en vindt de verdere technische uitwerking plaats. Zoals opgenomen in de planning is het streven om in december 2022 het Masterplan Stationsgebied Vlissingen op te leveren en de juridische en bestuurlijke besluitvorming te laten plaatsvinden. Om zowel de mobiliteitspilots als de herontwikkelingsplannen te toetsen bij inwoners en reizigers, wordt het gehele jaar 2022 een participatietraject uitgevoerd. Op diverse fronten en over diverse thema’s worden experimenten uitgevoerd en de behoefte van zowel inwoners, forenzen, studenten en scholieren als toeristen in het gebied opgehaald en waar mogelijk meegenomen in de verdere uitwerking. De opstart en verdere borging van mobiliteitspilots zal de komende periode, in samenwerking met het Living Lab Slimme Mobiliteit, verder gestalte krijgen.
33
Living Lab Slimme Mobiliteit Algemene beschrijving Zeeland wil als omgeving dienen om innovatieve mobiliteitsconcepten in een meer dunbevolkt gebied met landsgrensoverschrijdende verbindingen uit te testen. Daarom wordt het Living Lab Slimme Mobiliteit Zeeland ingericht. Het living lab dient als proefgebied voor mobiliteitsinnovaties die elders zijn ontwikkeld. Vanuit het Living Lab wordt een programma van innovatieve projecten opgezet, met als doel om deze innovaties later in Zeeland en mogelijk in de rest van Nederland verder uit te rollen. Vlissingen en omgeving zijn het focusgebied voor het living lab slimme mobiliteit, waarbij projecten in andere delen van Zeeland ook mogelijk zijn.
Beoogd resultaat Het doel is om vanuit het Living Lab de volgende resultaten te realiseren: - Minimaal twee meerjarig lopende pilotprojecten opzetten, waarbij tevens beoogd wordt de beschikbare middelen te koppelen aan Europese subsidie. - Minimaal 10 kleinere direct uitvoerbare startprojecten die op de korte termijn mobiliteitsoplossingen in Zeeland uitproberen. - Uit bovenstaande komen minimaal vijf initiatieven die na de pilot- en testfase over heel Zeeland uitgerold kunnen worden. - Uit bovenstaande komen minimaal twee initiatieven die na pilot- en testfase in de rest van Nederland benut kunnen worden. Hierdoor kan de reiziger (toerist, student, forens én inwoner) in Vlissingen gebruiksvriendelijk, flexibel en comfortabel wisselen tussen mobiliteitsvormen.
Uitvoeringspartijen De provincie Zeeland, samen met de gemeente Vlissingen en het ministerie van IenW.
Afronding project Afronding in 2025.
Financiën Voor het Living Lab Slimme Mobiliteit wordt € 5 miljoen beschikbaar gesteld vanuit het ministerie van IenW voor de periode 2021 t/m 2025.
34
Planning Periode
Fase
Resultaat
September 2021
Eerste ronde pilotprojecten geselecteerd en gereed voor uitvoering Volgende ronde pilotprojecten geselecteerd en gereed voor uitvoering Uitbouw Living Lab en opzet programmatische aanpak Beoordeling, programmering en uitvoering Evaluatie en vervolg/uitrol succesvolle projecten borgen
Eerste pilots/ experimenten gestart
Januari 2022 - februari 2022
Juni 2021 - maart 2022 Maart 2021 - maart 2025 Maart 2025 - december 2025
Volgende pilots/experimenten gestart Uitbouw tot samenhangend programma Programmering en uitvoering van pilots en experimenten Evaluatie van het living lab en borging van uitrol succesvolle lopende projecten.
Stand van zaken De lijst met initiatieven voor pilotprojecten is verder uitgewerkt en heeft geresulteerd in de selectie van de eerste ronde projecten. Het betreft twee pilotprojecten die gereed zijn voor uitvoering. Ten eerste gaat het hierbij om het starten van een haalbaarheidsonderzoek/plan van aanpak voor een superslim solar-laadplein met slimme e-deelauto’s. Ook wordt subsidie verstrekt aan de gemeente Tholen voor een pilot met carpoolen en fietsen voor het verbeteren van de bereikbaarheid van bedrijventerrein Welgelegen. Naast deze twee projecten zijn een groot aantal projectideeën ingediend. De projectideeën worden verder uitgewerkt en voor de volgende ronde in januari-februari 2022 gereed gemaakt. Vanuit de landelijke Mobility as a Service (MaaS) pilots komen 8 MaaS-apps beschikbaar in Nederland. Met MaaS-apps kan iedereen zijn/haar reis plannen, boeken, reizen en betalen. Om ook in Zeeland met MaaS-apps te kunnen reizen werken we aan het koppelen van zoveel mogelijk lokaal mobiliteitsaanbod aan MaaS. Samen met het MaaS-team van het ministerie van IenW is overleg opgestart met de MaaS-aanbieders om een aantal MaaS-apps in Zeeland versneld in te zetten. Dit door enerzijds zoveel mogelijk Zeeuws mobiliteitsaanbod en de Westerschelde Ferry te koppelen aan MaaS.
Anderzijds actief te werken aan het vergroten van het gebruik van de apps door het in mobiliteitsbeleid van grote organisaties te borgen. Relevante gerelateerde projecten die afgelopen periode ook mede met hulp van de provincie Zeeland en gemeente Vlissingen zijn opgestart, zijn onder andere het Fieldlab Autonoom Varen in de haven van Vlissingen en de pilot met elektrische deelfietsen in Breskens-Nieuwvliet-CadzandSluis samen met de Zeeuwse fietscoöperatie/Movelo en de gemeente Sluis. Voor deze initiatieven wordt ook gekeken naar de MaaS-koppeling. Deze projecten zijn financieel niet gekoppeld aan het Living Lab Slimme Mobiliteit, maar inhoudelijk is er wel een nauwe relatie.
35
Vooruitblik De komende maanden gaan de eerste projecten in uitvoering. In de komende periode wordt er verder gewerkt aan het gereed maken van de andere projecten voor de volgende pilotronde begin 2022. De marktbenadering richting MaaS-aanbieders wordt dan concreet gemaakt. Ook worden de eerste concrete stappen in de aansluiting van “wielen” op de MaaS-apps gemaakt, zodat een ketenreis plannen, boeken en betalen rondom Vlissingen mogelijk wordt. Van daaruit werken we aan verdere uitrol over heel Zeeland. Daarbij wordt ook samen met het MaaS-team van het ministerie van IenW grensoverschrijdend samengewerkt met Noordrijn-Westfalen en Vlaanderen. Voor autonoom vervoer van personen gaan we in kaart brengen wat Zeeland kan bieden op het gebied van testfaciliteiten voor autonome vervoersmogelijkheden voor marktpartijen en het rijk. Dit in samenhang met de reeds gestarte projecten rondom autonome logistiek en autonoom varen in de regio Vlissingen. Hierbij kijken we naar testfaciliteiten voor autonoom vervoer op hogere snelheden dan de huidige shuttles die een meerwaarde kunnen bieden voor de Zeeuwse situatie. Ook wordt in samenwerking met het data-team Zeeland en het reeds lopende regio-deal project rondom smart mobility voor onderwijs onderzocht of reizigers-, voertuig- en infra-data beter kan worden benut om het publiek vervoerssysteem efficiënter te maken.
Dit in combinatie met versterking van aanbod deelmobiliteit en de hub-ontwikkeling van station Vlissingen. Daarnaast wordt in nauwe samenwerking met het project stationsgebied Vlissingen (fiche F-2) overleg opgestart met de fiches Law Delta (fiche B) en Zorg (fiche H) om te verkennen welke samenwerkingsmogelijkheden er zijn om slimme mobiliteit in te zetten om de bereikbaarheid van de te realiseren projecten te verbeteren.
Rail Gent-Terneuzen Algemene beschrijving Om knelpunten in het spoornetwerk in de Kanaalzone Gent-Terneuzen te verhelpen, is een proces uitgewerkt om op basis van een ontwikkeld adaptief systeem te besluiten welke infrastructurele werken benodigd zijn. Het Belgisch-Nederlandse pakket aan maatregelen betreft de noordelijke aansluiting Zandeken en de uitbreiding van de bundel Zandeken (A1), een zuidoost-boog bij de Sluiskilbrug (A3) en de spoorverbinding tussen Axel en Zelzate (A4). Een dergelijk proces wordt mogelijk op termijn ook ingericht voor het personenvervoer.
36
Beoogd resultaat Het ministerie van IenW, de provincie Zeeland en de gemeente Vlissingen voorzien dat de middelen vanuit Wind in de Zeilen worden aangewend voor de volgende resultaten: -
Uitvoeren onderzoek naar de vervolgstappen in de adaptieve ontwikkelstrategie. De basis hiervoor vormt de intentieverklaring. Daarover is formeel besloten door de betrokken bestuurlijke partijen waar onder het ministerie van IenW. Voor het ministerie loopt de instemming mede via het bestuurlijk overleg MIRT.
-
Realisatie van de zuidoost-boog bij de Sluiskilbrug, indien dit noodzakelijk blijkt op basis van de uitkomsten van de adaptieve ontwikkelstrategie en de bestuurlijke besluitvorming op basis daarvan.
De maatregelen leveren tot € 7-10 miljoen per jaar aan transportbaten op. De indirecte baten worden geraamd op 10-15% van de jaarlijkse baten. Voor Rail Gent-Terneuzen komt dit neer op circa € 0,7-1 miljoen.
Uitvoeringspartijen Het ministerie van IenW/ProRail, samen met onder meer provincie Zeeland en North Sea Port. North Sea Port had de regie in de ontwikkeling van de intentieverklaring, waarin deelnemende partijen onder meer wordt gevraagd in te stemmen met de adaptieve ontwikkelstrategie. De intentieverklaring is getekend. Voor het vervolg wordt nu de bijpassende governance ingericht in samenspraak met de relevante overheden en infrapartijen.
Afronding project 2023-2025, indien enkel voor realisatie van een zuidoost-boog bij de Sluiskilbrug wordt gekozen op basis van de adaptieve ontwikkelstrategie.
Financiën Conform de gemaakte afspraken in Wind in de Zeilen heeft de Nederlandse overheid een bedrag van € 15 miljoen gereserveerd, waardoor een zuidoost-boog bij de Sluiskilbrug mogelijk wordt. Deze zuidoost-boog is onderdeel van de drie samenhangende infra-projecten, waarover op basis van de adaptieve strategie te zijner tijd een besluit genomen wordt over het te volgen ontwikkelpad, en welke infraprojecten gerealiseerd gaan worden. Conform besluiten van zowel de bestuurlijke stuurgroep Wind in de Zeilen (op 26 november 2020) als het bestuurlijk overleg MIRT 2020 wordt € 2 miljoen van de € 15 miljoen gebruikt voor de bekostiging van de uitwerking van de plannen.
Planning In Q1 2022 wordt gestart met de productiefase. De start van de productiefase is met een kwartaal vertraagd en naar Q1 2022 verschoven, omdat het maken van afspraken over de binationale governance structuur tussen België en Nederland complex was maar inmiddels wordt gefinaliseerd. Met de productiefase wordt de fase aangeduid, waarin het infrastructureel ontwerp op detailniveau wordt uitgewerkt dat nodig is voor de formele besluitvorming en vergunningen. Onderdeel hierbij is het doorlopen van wettelijke procedures in de voorbereiding van de aanleg van het project. Tevens wordt op basis van de uitkomsten van het adaptief systeem een besluit genomen over grondverwerving en het verleggen van kabels en leidingen ten behoeve van infra-maatregelen A1 en
37
A3. De planuitwerking van maatregel A4 loopt ondertussen door. De beslismomenten (kantelpunten) over het wel of niet overgaan tot realisatie liggen nog onveranderd in Q4 2023, Q4 2024 en Q4 2025. Indien voor realisatie van alle infra-maatregelen wordt gekozen, zal de aanleg van de infrastructuur naar verwachting in 2030 zijn afgerond.
Stand van zaken Planuitwerking Er is gestart met de verdere uitwerking van de plannen. Dat moet uiteindelijk leiden tot het doorlopen van de wettelijk vereiste planuitwerking aan Nederlandse en Belgische/Vlaamse zijde. Voordat formeel met de planuitwerkingsfase gestart kan worden, dienen eerst de stappen van de verkenningsfase te worden doorlopen. Met de uitgevoerde studies is al veel onderzocht, maar daarmee zijn nog niet alle formele stappen van de verkenningsfase doorlopen. Het bestuurlijk vaststellen van zoveel mogelijk binationaal afgestemde procedures is één van de belangrijke stappen in het proces. Na het doorlopen van de planuitwerking zal door de Nederlandse en de Belgische/Vlaamse overheden op basis van het afgesproken adaptieve systeem besloten worden over het te kiezen ‘ontwikkelpad’ en zullen de daarvoor benodigde financiële middelen beschikbaar (moeten) worden gesteld. Daarna kan de realisatie starten. De planuitwerkingsfase wordt uitgewerkt in een binationaal projectplan. Governance Eind 2021 zal naar verwachting de binationale governance-structuur worden vastgesteld.
Bij het opzetten van de governance-structuur wordt ook gekeken naar het advies van de commissie Berx-Donner over grensoverschrijdende samenwerking tussen Nederland en Vlaanderen bij infrastructurele werken en het daarover ingenomen kabinetsstandpunt, zoals verwoord in de brief van het kabinet aan de Tweede Kamer van 30 april 2021. De governance wordt ingericht door ProRail, Infrabel, het (Nederlandse) ministerie van IenW, de Belgische Federale Overheidsdienst Mobiliteit en het havenbedrijf North Sea Port. Financiering Naast de in het compensatiepakket opgenomen bijdrage hebben de provincie Zeeland en North Sea Port het spoorproject aangedragen voor het Nationale Groeifonds. Dit voor het Nederlandse deel van de financiering van het grensoverschrijdende spoorproject. Besluitvorming bij het rijk zal daarover plaatsvinden.
38
Vooruitblik De binationale samenwerking tussen de betrokken (publieke) partijen verloopt goed en conform afspraken. Voor realisatie van het totale project zal het belangrijk zijn om de aanvullende financiering vanuit Nederland, België en Europa te realiseren voor het totale grensoverschrijdende spoorproject. Met de kansenbenadering van het Groeifonds is er opportuniteit voor financiering door het Groeifonds. Niet alléén knelpunten worden opgelost met Rail Gent Terneuzen, maar er worden ook belangrijke kansen benut die bijdragen aan doelstellingen van het Groeifonds, omdat het op een aantal terreinen winst oplevert. Om versnelling te realiseren naar de benutting van alle duurzaamheids- en economische kansen van het spoorproject, wordt een investering voorgesteld van 50% (het Nederlandse deel) van de totale investering (dat wil zeggen 50% van € 240 miljoen inclusief btw, minus de gereserveerde € 15 miljoen) door het Groeifonds. Dat maakt een bedrag van € 105 miljoen. Hiermee kan, langs de lijnen van de intentieovereenkomst, de Nederlandse inbreng in het grensoverschrijdende project Rail Gent Terneuzen worden gerealiseerd.
39
Onderzoek waterstof-hub Zeeland Algemene beschrijving Gezien de huidige koppositie van Zeeland op het terrein van waterstof wordt in gezamenlijkheid tussen het rijk en de regio een verdere impuls gegeven aan de ontwikkelingen van de waterstofeconomie. Dit sluit aan bij zowel de Waterstofvisie van het ministerie van EZK als de bevindingen van het recent uitgebrachte rapport van de Taskforce Infrastructuur Klimaattransitie Industrie (TIKI) en de Regionale Energiestrategie Zeeland. Samen geven het rijk en de regio een ontwikkelplan vorm om een waterstof-hub flagship-project in Zeeland te realiseren, waarbij verbinding wordt gezocht met het Delta Kenniscentrum (fiche C). Het ambitieuze Hydrogen Delta Programma van Smart Delta Resources (SDR) heeft tot doel de industrie te verduurzamen door grijze waterstof uit te faseren door middel van blauwe, groene, gele en mogelijk oranje waterstof. Daarbij heeft het programma de ambitie de regio te positioneren als grootste waterstofcluster van Nederland, Vlaanderen/België én Europa. Dit door op grote schaal groene waterstof te produceren, lokaal te verbruiken én te importeren en exporteren.
Beoogd resultaat -
-
Activiteit 1: technisch-economisch onderzoek naar de regionale waterstofbackbone in het North Sea Port havengebied (van Vlissingen tot Rodenhuize, in afstemming met behoefte CO2-backbone); Activiteit 2: locatie-engineering van centrale elektrolyserlocatie Deltaurus 3 (Sloegebied Vlissingen); Activiteit 3: onderzoek naar import, opslag, lokaal/regionaal gebruik, waarbij de focus onder meer ligt op (zware) voertuigen, (binnen)scheepvaart en MKB (grootschalige industrie is reeds in kaart gebracht) en exportkansen voor North Sea Port.
De drie activiteiten leiden tot de volgende te behalen resultaten: - Financierings- en engineeringspropositie van de regionale waterstofbackbone (voor publieke en private financiers, EU en NL-subsidies); - Omgevingskaart voor systeemintegratie van centrale elektrolyserlocatie zodat initiatiefnemers van Deltaurus 3 panklaar kunnen instappen; - Economisch en duurzaamheidsperspectief voor waterstof-hub (import, opslag, lokaal/regionaal gebruik, export) in North Sea Port.
40
Met deze maatregelen wordt bijgedragen aan het toekomstbestendig maken van de Zeeuwse havens en industrie, waarmee concurrerend geopereerd kan worden, banen behouden kunnen blijven en private partijen verder kunnen investeren en uitbreiden. Het heeft een structureel positief sociaaleconomisch effect, een positief effect voor de klimaatdoelstellingen van Nederland en zorgt voor versterking van het vestigingsklimaat.
Uitvoeringspartijen SDR is de actiehouder, samen met het ministerie van EZK, provincie Zeeland, North Sea Port en andere betrokken bedrijven worden de resultaten opgeleverd.
Afronding project Dit onderdeel omvat vier fasen. De vierde fase dient in 2030 gereed te zijn.
Financiën Activiteit 1 Activiteit 2 Activiteit 3 Totaal
€ 25.000 € 85.000 € 90.000 € 200.000
In maart 2021 is besloten de scope van Activiteit 1 (regionale buisleidingen) in een projectvorm te ontwikkelen met SDR-partners Gasunie en North Sea Port, waardoor er minder externe inzet vereist zal zijn om deze Activiteit te realiseren. Deze aanpassing in aanpak heeft geleid tot een wijziging in budget allocatie tussen de onderdelen 1, 2 en 3.
41
Planning Beschrijving
Activiteit
Datum
Afgerond?
Afstemming buisleidingen project plan Uitschrijven aanbesteding Uitschrijven aanbesteding Uitvraag Uitvraag Project team gereed Interview met mogelijke uitvoerders Selectie uitvoerder en start onderzoek Interview met mogelijke uitvoerders Start project uitvoer Selectie uitvoerder en start onderzoek Bevestiging scope inzet t.b.v. buisleiding project Afronden buisleidingproject Consultatie fase Afronden onderzoek
1 3 2 3 2 1 3 3 2 1 3 1
Maart 2021 Maart 2021 April 2021 April-Mei 2021 Juni-Juli 2021 Juni 2021 10 juni 2021 25 juni 2021 Augustus 2021 Augustus 2021 Augustus 2021 September 2021
V V V V V V V V V V V V
1
Oktober 2021
V
3
8 december 2021
Afronden onderzoek Afronden volledige haalbaarheidsfase
2 1
17 januari 2022 30 maart 2022
Stand van zaken Alle drie de onderzoeken lopen: 1. Buisleiding infrastructuur. Dit project wordt als onderdeel van het Hydrogen Delta Networks Projects uitgevoerd in een breder haalbaarheidsonderzoek. (https://www.gasunie.nl/en/news/gasunie-and-north-sea-port-join-forces-for-zeelandhydrogen-network) 2. Sinds juni 2021 wordt er met Buck Consultants International, CE Delft en een stuurgroep bestaande uit SDR-bedrijven gewerkt aan het onderzoek. De eerste fase van deskresearch en interviews is afgerond, net als de eerste fase van het onderzoek. De eindrapportage wordt begin december 2021 verwacht. 3. Sinds augustus 2021 wordt er met Witteveen + Bos, DNV en een stuurgroep, bestaande uit SDR-bedrijven, gewerkt aan het onderzoek. De eerste fase van gedetailleerd scopen is afgerond. Momenteel wordt er gewerkt aan de technische oplossingen.
Vooruitblik Zie bovenstaande planning.
42
Onderzoek 380 kV Algemene beschrijving Voor een gezonde concurrentiepositie is het voor de Zeeuwse industrie en havens essentieel om tijdig en tegen dezelfde kosten als andere Nederlandse industrieën gebruik te kunnen maken van verzwaring van het elektriciteitsnet. De aanlanding van de stroom van windpark IJmuiden Ver is belangrijk voor de ambities op het gebied van waterstof en elektrificatie. Voor de productie van groene waterstof en mogelijke elektrificatie van de krakers bij DOW is een extra aantakking van een 380 kV richting Zeeuws-Vlaanderen nodig. In het kader van de rijkscoördinatieregeling wordt momenteel op een objectieve manier in kaart gebracht wat de effecten van de verschillende varianten zijn. Vervolgens zal de minister van EZK via een transparante procedure op basis van die effecten en adviezen/inbreng uit de regio’s een keuze maken voor een VoorKeursAlternatief (VKA). TenneT, het ministerie van EZK en de regio starten een onderzoek naar 380 kV-ontsluiting richting Zeeuws-Vlaanderen (in afstemming met Elia en Vlaanderen).
Beoogd resultaat Nadat een helder en concreet commitment van het bedrijfsleven is afgegeven dat partijen daadwerkelijk gaan investeren in elektrificatie, kunnen TenneT en het ministerie van EZK nagaan of en hoe een extra vertakking richting Zeeuws-Vlaanderen tijdig kan worden gerealiseerd, zodat het Zeeuwse bedrijfsleven gelijke (ontwikkel)kansen heeft. Met deze maatregelen wordt bijgedragen aan het toekomstbestendig maken van de Zeeuwse havens en industrie, waarmee concurrerend geopereerd kan worden, banen behouden kunnen blijven en private partijen verder kunnen investeren en uitbreiden. Het heeft een structureel positief sociaaleconomisch effect, een positief effect voor de klimaatdoelstellingen van Nederland en zorgt voor versterking van het vestigingsklimaat.
Uitvoeringspartijen North Sea Port is de actiehouder. Er wordt nauw samengewerkt met het ministerie van EZK, provincie Zeeland, SDR en TenneT.
Afronding project Volgens de opgestelde projectplanning, zal het project eind juni 2022 (of mits mogelijk eerder) worden afgerond.
Financiën Niet van toepassing.
43
Planning De oorspronkelijke projectplanning is weergegeven in onderstaande figuur. Gedurende het verloop van het project zijn hier wat wijzigingen in aangebracht (op basis van voortschrijdend inzicht en interactie met de omgeving). Zo is in de afgelopen maanden binnen het ministerie van EZK het zogeheten PIDI/MIEK 1-proces ingericht. Daarmee is er ook meer regie gekomen vanuit EZK. Hier dient het project zo goed mogelijk op aan te sluiten en te anticiperen.
Een belangrijk element in het PIDI/MIEK-proces was een Multi Criteria Analyse van verschillende energieprojecten verspreid over Nederland. Dit betrof een beoordeling op de criteria: robuustheid, urgentie, nationaal belang en klimaatwinst. Het project 380 kV Zeeuws-Vlaanderen heeft in deze afweging relatief hoog gescoord (32 van 40 punten). Het opstellen van zogeheten startdocumenten was een belangrijke vervolgstap in het PIDI/MIEKproces. Op 1 oktober jl. is het startdocument van het project Verkenning 380 kV Zeeuws-Vlaanderen opgeleverd. Dit document is op 15 oktober jl. besproken in de stuurgroep PIDI. Een volgend belangrijk moment was het zogeheten bestuurlijk overleg (BO) MIEK op 15 november 2021. In het BO-MIEK zijn startbeslissingen genomen. Onderstaande figuur toont de planning van de MIEK-procedure op hoofdlijnen. Het doel is om via verschillende tussenstappen te komen tot een project- of realisatiebesluit.
PIDI: Programma Infrastructuur Duurzame Industrie, MIEK: Meerjarenprogramma Infrastructuur Energie en Klimaat
1
44
45
Stand van zaken De bepaling van nut en noodzaak van nieuwe 380 kV infrastructuur in Zeeuws-Vlaanderen was een eerste belangrijke stap. In de afgelopen maanden is veel aandacht en energie besteed om een nauwkeurig beeld te vormen van de elektrische capaciteitsbehoefte (MW/jaar) en de daarmee samenhangende CO2-reductie (Mton/jaar) in de regio Zeeuws-Vlaanderen voor de komende decennia. Vanzelfsprekend alles op basis van de meest recente kennis. Hierbij is ook nauw samengewerkt met het Cluster Energie Strategie (CES) Zeeland. De bepaling van nut en noodzaak is eind juni 2021 afgerond. Alle partijen zijn inmiddels overtuigd van nut en noodzaak van een nieuwe 380 kV verbinding naar Zeeuws-Vlaanderen. De vraag is vervolgens nog wel hoe de nieuwe verbinding eruit moet zien, bijvoorbeeld 2 of 4 circuits en op welke wijze de Westerschelde het beste kan worden gekruist (boven- of ondergronds en of ene combinatie daarvan).
Verder is de afgelopen maanden door het projectteam verkennend werk verricht op de volgende gebieden: o Uitstippelen van een tijdlijn op hoofdlijnen o CAPEX-ramingen per ontsluitingsoptie o Multi-criteria beoordeling van verschillende ontsluitingsopties o Identificatie van knelpunten en risico’s, inclusief mitigerende maatregelen o Nadere uitwerking projectscope: vaststellen stationslocaties, aantal circuits, bovengrondse/ondergrondse uitvoering Westerschelde kruising Een belangrijk aspect vormt het flankerende omgevingsmanagement, c.q. stakeholder management. Door stakeholders op het juiste moment bij het project te betrekken, kan worden bereikt dat er enthousiasme wordt gekweekt en eventuele frustraties tijdig worden gesignaleerd, zodat daar tijdig op kan worden geanticipeerd. Stakeholder management vormt een essentieel onderdeel van het project. Vandaar dat ook vertegenwoordigers van de afdeling Public Affairs van North Sea Port, TenneT en de Provincie Zeeland bij de stakeholder bijeenkomsten zijn vertegenwoordigd.
Intussen zijn de volgende partijen op hoofdlijnen geïnformeerd over de aanleiding, globale contouren en planning van het project: o Vlaams Nederlandse Schelde Commissie (VNSC) o Gemeente Borsele o Gemeente Terneuzen o Haven van Antwerpen (Port of Antwerp) Vertegenwoordigers vanuit het Ministerie van EZK, Provincie Zeeland, TenneT en SDR zijn permanent vertegenwoordigd in de projectgroep, stuurgroep en het bestuurlijke overleg. In het BO MIEK is besloten dat het project 380 kV Zeeuws-Vlaanderen in het MIEK wordt opgenomen.
46
Vooruitblik In de komende maanden wordt verder gewerkt aan: - Voortvarende opstart van planologische procedures - Stakeholder management Verder staan de volgende praktische zaken op de planning: - Verder detailleren van een kritiek tijdpad met mijlpalen en beslismomenten - Nadere uitwerking van CAPEX-ramingen (Capital Expenditure = investeringen in vernieuwingsprojecten) per ontsluitingsoptie - Multi-criteria beoordeling van verschillende ontsluitingsopties - Identificatie van knelpunten en risico’s, inclusief mitigerende maatregelen - Vaststellen van locaties voor nieuwe 380/150 kV stations in Zeeland o Haven van Vlissingen o Omgeving Terneuzen o Vaststellen uitvoering van 380 kV verbinding naar Zeeuws-Vlaanderen: o Aantal circuits o Bovengrondse/ondergrondse uitvoering Westerschelde kruising o Landtracé
Onderzoek CCS/CCU Algemene beschrijving De industriële bedrijven in Zeeland zijn hoogwaardig, energie-intensief en divers. Zeeland is het grootste waterstofcluster van Nederland, en de eerste regio met grootschalige aanlanding van groene windstroom. Industrie en havens staan voor de opgave om concurrerend te blijven, in een wereld waarin de energie- en grondstofvoorziening snel klimaatneutraal moet worden, en waarin toegang tot klimaat neutrale energievormen in combinatie met slimme ICT een steeds belangrijkere concurrentiefactor en daarmee vestigingsfactor wordt. Voor de Zeeuwse industrie en havens is het essentieel om tijdig en tegen gelijke kosten net als andere Nederlandse industrieën gebruik te kunnen maken van verzwaring van het elektriciteitsnet, en van waterstof en/of CO2-opslagfaciliteiten, zodat men kan blijven concurreren met industrieën elders. Dit fiche richt zich op de wens om vervolgstudies te versnellen. Juist deze versnelling van geselecteerde studies moet het voor de Zeeuwse bedrijven mogelijk maken om maximaal bij te dragen aan de 2030 CO2-reductie doelstellingen in het Klimaatakkoord en tijdig klaar te zijn voor subsidie aanvragen.
47
Beoogd resultaat Het versnellingstraject beoogt op specifieke onderdelen van het geïntegreerde project (keten: afvang, transport en opslag) ontwerp pre-FEED-engineering studies uit te voeren in samenwerking met partijen in de keten. De versnelling stelt de betrokken partijen in staat om in Q3 2021 (dit betekent een versnelling van een half jaar) gereed te zijn met een voldoende gedefinieerd project ontwerp wat betreft transport via schip of buisleiding en wat betreft ontwikkeling van voldoende opslagcapaciteit in bv. oude gasvelden zodat financieringsvoorstellen in bijvoorbeeld SDE++ (en Innovation Fund) kunnen worden voorgelegd. Het projectontwerp geeft ook de mogelijkheid om tijdig met bijvoorbeeld het ministerie van EZK uitdagingen te bespreken die bij uitstek voor de ontwikkeling van CCS vanuit de Zeeuwse regio kansen biedt voor specifiek flankerend beleid. Met deze maatregelen wordt bijgedragen aan het toekomstbestendig maken van de Zeeuwse havens en industrie, waarmee concurrerend geopereerd kan worden, banen behouden kunnen blijven en private partijen verder kunnen investeren en uitbreiden. Het heeft een structureel positief sociaaleconomisch effect, een positief effect voor de klimaatdoelstellingen van Nederland en zorgt voor versterking van het vestigingsklimaat.
Uitvoeringspartijen Ministerie van EZK/RVO is de actiehouder. Inhoudelijk aanspreekpunt is SDR, samen met North Sea Port. De projectorganisatie wordt vormgegeven vanuit North Sea Port, in samenwerking met betrokken bedrijven. Fluor is aangesteld om de studiewerkzaamheden uit te voeren.
Afronding project In het derde kwartaal van 2021 zijn uitkomsten gereed om verdere stappen te nemen.
Financiën Er is een bedrag van € 150.000,- beschikbaar voor de uitvoering van het onderzoek. Het project is inmiddels afgerond en de totale kosten van dit onderzoek bedragen € 228.245,93. Het havenbedrijf North Sea Port draagt de resterende kosten.
Planning Dit onderdeel van het fiche H is in september 2021 succesvol afgerond.
48
Stand van zaken Dit onderdeel van het fiche H is in september 2021 succesvol afgerond. In de studie is een mogelijke optimalisatie van de CCS-keten van en tussen enkele bedrijven in het Nederlandse deel van North Sea Port onderzocht. De studie had een technisch deel, waarin de verschillende optimalisaties technisch uitgewerkt zijn. Dit technische deel is gebruikt om een analyse te maken van de ruimtelijke consequenties en een mogelijke projectplanning. Uit de studie blijkt dat optimalisaties technisch en planningstechnisch gezien mogelijk zijn. Verder is in het financiële deel een kostenraming gemaakt die met de bedrijven uit de CCS-keten besproken zal worden om het mogelijke financiële voordeel van deze optimalisatie te kunnen beoordelen.
Vooruitblik De studie is afgerond en is in oktober 2021 met de betrokken bedrijven gedeeld om te beoordelen of de optimalisatie in de toekomst een vervolg gaat krijgen. Het besluit voor een mogelijk vervolg wordt eind 2021 verwacht.
Onderzoek versterking (financiële) positie North Sea Port Algemene beschrijving North Sea Port staat voor buitengewoon hoge maar noodzakelijke investeringen in infrastructuur, energietransitie en het tegengaan van klimaatverandering. De huidige vermogenspositie van North Sea Port is onvoldoende om deze investeringen zelf te dragen. Het is essentieel dat de Zeeuwse industrie - tijdig en tegen gelijke kosten als andere Nederlandse industrieën - gebruik kan maken van een verzwaard elektriciteitsnet, van waterstof en/of CO2-opslag. Om financiële uitdagingen van North Sea Port goed in kaart te brengen, is onderzoek nodig. Een breed alternatievenonderzoek is het meest kansrijk, omdat de investeringen ook noodzakelijk zullen zijn voor alle andere havens in Zuidwest- Nederland en Vlaanderen. Het onderzoek zal zich ook richten op de mogelijkheden van samenwerkingsverbanden in dit gebied, die kunnen leiden tot lagere kosten en investeringen en een grotere slagkracht.
Beoogd resultaat Het alternatievenonderzoek moet een oplossings- en voorkeursroutes opleveren om de financiële positie van North Sea Port te versterken en de vereiste forse investeringen, onder andere op het gebied van duurzaamheid, energietransitie en digitalisering, uit te kunnen voeren. Het onderzoek zal de behoefte aan financiële middelen kwantificeren en valideren, de mogelijkheden voor financiële
49
dekking vaststellen en alternatieven voor het invullen van de uitdagingen voor het havengebied North Sea Port aangeven. Het beoogde resultaat moet de instemming hebben van de aandeelhouders van North Sea Port en andere Nederlandse en Vlaamse stakeholders. De oplossing moet tevens staatssteun-proof zijn en conform andere toepasselijke wetgeving, zoals het Vlaamse havendecreet en vigerend overheidsbeleid. Met deze maatregelen wordt bijgedragen aan het toekomstbestendig maken van de Zeeuwse havens en industrie, waarmee concurrerend geopereerd kan worden, banen behouden kunnen blijven en private partijen verder kunnen investeren en uitbreiden. Het heeft een structureel positief sociaaleconomisch effect, een positief effect voor de klimaatdoelstellingen van Nederland en zorgt voor versterking van het vestigingsklimaat.
Uitvoeringspartijen North Sea Port is de actiehouder. In samenwerking met de ministeries van Financiën, EZK, IenW en provincie Zeeland, worden de resultaten opgeleverd.
Afronding project Opleverdatum breed alternatievenonderzoek: in december 2021 volgt het goedkeuringsproces voor betrokkenen.
Financiën Er is een bedrag van €200.000,- beschikbaar voor de uitvoering van het onderzoek.
Planning De planning (vanaf start fiche eind 2020) is als volgt. Binnen het onderzoek vindt plaats: - een strategische verkenning (oplevering mei 2021); - in een tweede stap wordt een investeringsbehoefte vastgesteld. Dit gaat om de noodzakelijke investeringen in infrastructuur, energietransitie en het tegengaan van klimaatverandering in het havengebied en de rol die North Sea Port daarin opneemt op basis van haar strategisch plan (oplevering juni 2021); -
een onderzoek naar alternatieven voor financiële dekking (oplevering augustus 2021); en ingebracht in (financiële) model (oplevering september 2021);
-
en tenslotte de uitwerking van de verschillende strategische opties (oplevering oktober/november 2021).
50
Stand van zaken Het onderzoek naar de versterking van de (financiële) positie van North Sea Port is van start gegaan met de gunning van het onderzoek aan Erasmus Centre For Urban, Port and Transport & Ecorys. De planning kende vanaf de start vanzelfsprekend afhankelijkheden, zoals de beschikbaarheid van cruciale stakeholders voor gesprekken. Ook is er een afhankelijkheid ten opzichte van de afronding van parallelle onderzoeken. Daarmee wordt inzicht in de (financiële) omvang van opgaven verschaft, bijvoorbeeld in het kader van de flagship-projecten Wind in de Zeilen en het definitief afronden van het strategisch plan van North Sea Port. De besluitvorming over de strategische opties die het onderzoek op een rij zet, maakt geen onderdeel uit van het onderzoek. Niet alle opgaven zijn al financieel volledig uitgekristalliseerd. Er is ook vastgesteld dat er bredere mechanismen relevant zullen zijn in de vormgeving van de transitie, zoals governance en wetgeving. Deze en het bijpassende afwegingkader zullen ook bij de strategische opties worden betrokken. Als gevolg van de verschillende afhankelijkheden voor dit onderzoek zal de planning van het onderzoek enkele maanden vertraging hebben. De oplevering gebeurt in samenspraak met alle partijen die het onderzoek begeleiden (ministerie, provincie en havenbedrijf).
Vooruitblik De finale besluitvorming over de strategische opties zal geen onderdeel uitmaken van het onderzoek. Het onderzoek levert als resultaat de gevalideerde en kansrijke opties ter versterking van het havengebied van North Sea Port, zodat de nodige en gewenste investeringen gedaan kunnen worden in infrastructuur, energietransitie en het tegengaan van klimaatverandering. Dit conform de afspraken gemaakt met Wind in de Zeilen. Het is in voortgangsrapportages vastgesteld dat het essentieel is dat de Zeeuwse industrie, tijdig en tegen gelijke kosten als andere Nederlandse industrieën, gebruik kan maken van onder meer een verzwaard elektriciteitsnet, van waterstof en/of CO2-opslag. Dit om het havengebied en de industrie toekomstbestendig te maken, zodat concurrerend geopereerd kan worden, banen behouden kunnen blijven en private partijen verder kunnen investeren en uitbreiden. Dit allemaal gericht op een structureel positief sociaaleconomisch effect, een positief effect voor de klimaatdoelstellingen van Nederland en voor versterking van het vestigingsklimaat. Gezien de transitieopgaven en de doelstelling van het onderzoek zal dit voor de komende kabinetsperiode ook relevant zijn. Dit vanzelfsprekend zonder vooruit te lopen op de exacte wijze waarop de versterking van North Sea Port wordt gerealiseerd en daartoe een model en/of afwegingskader wordt ingericht.
Dit is relevant om te betrekken in alle afwegingen over alle potentiële relevante instrumenten, beleidsopties en/of fondsen die ook bij de formatie voor het nieuwe kabinet aan de orde zijn waaronder zogenaamde maatwerkoplossingen.
51
Algemene beschrijving De bevolking veroudert, veel jonge mensen trekken weg uit Zeeland. Dat geldt ook voor de populatie die in de zorg werkt. Radicale, innovatieve oplossingen zijn nodig om te voorkomen dat de Zeeuwse zorginfrastructuur vastloopt met alle gevolgen van dien voor de leefbaarheid en ook voor de economie. De betrokken partijen in Zeeland hebben elkaar gevonden in een integrale, programmatische aanpak die de zorg klaar maakt voor de toekomst: de Zeeuwse Zorg Coalitie. Zij gaan een vernieuwde, deels gedigitaliseerde, zorginfrastructuur realiseren die: - persoonsgerichte zorg en ondersteuning van goede kwaliteit garandeert. -
zorg snel en dicht bij huis levert. aantoonbaar bijdraagt aan de gezondheid (en het vertrouwen) van de Zeeuwse bevolking. de zorg duurzaam betaalbaar houdt, ook als de bevolking verder vergrijst.
Om dit te realiseren is de vernieuwings- en investeringsprogramma 2020-2024 opgezet, die bestaat uit de volgende, samenhangende onderdelen: 1. Huisartsen en PA’s opleiden in Zeeland. 2. Ontwikkelen van een toekomstbestendige zorginfrastructuur. 3. Realiseren van drie integrale gezondheidscentra in Vlissingen.
Meer huisartsen en physician assistants opleiden in Zeeland Algemene beschrijving Deze maatregel omvat het verbeteren van de eerstelijnszorg door het structureel opleiden van huisartsen en PA’s binnen Zeeland gedurende de gehele opleidingsduur. De Huisartsopleiding Nederland en het Erasmus MC zijn gezamenlijk een pilot gestart per september 2020, waarbij vier HAIO’s de hele opleiding in Zeeland doorlopen. Het terugkomonderwijs wordt georganiseerd in Rotterdam. De pilot is in 2021 voortgezet. In maart 2021 zijn de eerste vier aangeboden plekken ingenomen. Onder de voorwaarde dat er voldoende opleiders en kwalitatief goede opleidingsplekken in Zeeland gerealiseerd kunnen worden, is het aantal opleidingsplekken vanaf september 2021 verhoogd naar 12 (tweemaal zes) instroomplekken per jaar. In Wind in de Zeilen is afgesproken om te verkennen of het extra opleiden van PA’s voor de huisartsenzorg haalbaar is in Zeeland, en bij een positieve uitkomst van deze verkenning vanaf 2021 10 PA’s te gaan opleiden in Zeeland. Zoals in de tweede voortgangsrapportage vermeld, is dit meer dan haalbaar gebleken. Er zullen in totaal 20 PA’s opgeleid worden.
52
Beoogd resultaat Voor het vestigingsklimaat van de regio is het van belang dat goede zorg in de toekomst gegarandeerd wordt. Door huisartsen en PA’s voor de gehele opleidingsduur in Zeeland op te leiden wordt beoogd de binding van de huisartsen en PA’s in opleiding met de regio Zeeland te versterken, met als resultaat dat meer huisartsen zich na de opleiding in Zeeland vestigen. Hiermee wordt een tekort aan huisartsen ingedamd. Het te behalen resultaat is het vergroten van het aantal opleidingsplaatsen dat in Zeeland beschikbaar wordt gesteld. Initieel is in Wind in de Zeilen afgesproken om de volgende resultaten te behalen: - In 2021 zijn 10 plaatsen (vier in maart 2021 en zes in september 2021) voor HAIO’s ter beschikking gesteld, er zijn in totaal 15 kandidaten ingestroomd (zes in maart 2021 en negen in september 2021); - Van 2022-2024 worden jaarlijks 12 plaatsen per jaar voor HAIO’s ter beschikking gesteld, onder de voorwaarde dat er voldoende opleiders en kwalitatief goede opleidingsplekken in Zeeland kunnen worden gerealiseerd. - Het ministerie van VWS zal met de Huisartsenopleiding Nederland afspraken maken voor het oormerken van het aantal opleidingsplaatsen na de pilot. Zo ontstaat er een opleidingsstructuur in Zeeland.
De Hogeschool Arnhem-Nijmegen (HAN) en de betrokkenen in Zeeland zijn voornemens in 2022 en 2023 in totaal 20 PA’s op te gaan leiden: een verdubbeling ten opzichte van de 10 PA’s die in het Fiche zijn benoemd. Per september 2021 zijn er al zeven gestart.
Uitvoeringspartijen De betrokken uitvoeringspartijen zijn het ministerie van VWS, samen met Huisartsopleiding Nederland, Erasmus MC, Nucleuszorg, de Zeeuwse Huisartsen Coöperatie en de Stichting Beroepsopleiding Huisartsen (SBOH). Voor het opleiden van PA’s is ook de HAN University of Applied Sciences een betrokken partij.
Afronding project Beide maatregelen (zowel extra opleiden van huisartsen als van PA’s) lopen door tot en met 2024. In 2021 zijn voor beide opleidingen kandidaten gestart. Ook voor 2022 zijn de betrokken partijen voornemens om nieuwe kandidaten te laten instromen in beide opleidingen.
Financiën De financiering van de huisartsenopleiding verloopt via een jaarlijkse subsidie van de Nederlandse Zorgautoriteit aan de SBOH. Een deel van de landelijk beschikbare opleidingsmiddelen voor de huisartsenopleiding zal nu specifiek geoormerkt worden, en daarmee ingezet voor het realiseren van het aantal afgesproken opleidingsplaatsen voor Zeeland. Omdat dit een groter aantal plaatsen betreft dan voor de pilot en compensatiemaatregel betekent dit dat een groter deel van de landelijk beschikbare subsidiegelden nu aan de regio Zeeland wordt besteed. Het rijk draagt de kosten van de 20 extra opleidingsplekken voor PA’s van 2021-2024 (in totaal €5,2 miljoen) vanuit het bestuursakkoord Wind in de Zeilen. Deze kosten betreffen opleidings- en begeleidingskosten van de PA’s.
53
Planning en stand van zaken opleiden huisartsen Zorg dragen voor instroom opleidingsplekken en werven van kandidaten en opleidingsplekken Huisartsopleiding Nederland en het Erasmus MC hebben voor de huisartsenopleiding voldoende opleidingsplekken kunnen realiseren voor de instroomronde van maart 2021, en zijn er zes basisartsen gestart met de opleiding tot huisarts in Zeeland (twee meer dan is gemeld in de voortgangsrapportage van 15 mei 2021). In september 2021 zijn de doelstellingen wederom overtroffen en zijn er negen basisartsen ingestroomd in de opleiding tot huisarts. De volgende instroomronde is in maart 2022. De betrokken partijen werken aan het organiseren van de randvoorwaarden en de werving en selectie van kandidaten, met als doel in de volgende instroomronde zes kandidaten te laten starten met de opleiding. Evaluatie pilot. De evaluatie van de pilot is in het najaar van 2021 gestart.
Planning en stand van zaken opleiden PA’s Uitvoering verkenning naar extra opleiden PA’s Zoals in de vorige voortgangsrapportage is gemeld, heeft de De Hogeschool Arnhem – Nijmegen (HAN) een onderzoek naar de haalbaarheid van het extra opleiden van PA’s uitgevoerd. Hieruit is gebleken dat het opleiden van 20 extra PA’s haalbaar is. Op basis hiervan is het plan van aanpak en de begroting nader uitgewerkt door de HAN in samenwerking met de Zeeuwse huisartsencoöperaties. Inmiddels is de subsidie aan de HAN verleend en zijn zij aan de slag met de uitvoering. Zorg dragen voor instroom opleidingsplekken De huisartsencoöperaties hebben aangegeven dat er voldoende enthousiaste kandidaten voor de opleiding tot PA klaar staan. In september 2021 zijn de eerste zeven kandidaten gestart met de opleiding. Werven van kandidaten en praktijkopleiders voor volgende instroommomenten Voor de opleiding tot PA spannen de huisartsencoöperaties zich in om voldoende praktijkopleiders te werven en enthousiasmeren voor de volgende instroomronde. Vooralsnog zijn er zeven opleidingsplaatsen voor PA’s beschikbaar in 2022.
Vooruitblik -
-
Het plan van aanpak dat door de HAN, in samenwerking met de huisartsencoöperaties, is opgesteld is omgevormd tot een formele aanvraag voor een projectsubsidie. Deze subsidie is inmiddels verleend en de HAN is aan de slag met de uitvoering. In maart 2022 zijn zes plekken beschikbaar voor de opleiding tot huisarts. Voor de opleiding tot PA zijn zeven plaatsen beschikbaar.
54
Toekomstbestendige zorginfrastructuur Algemene beschrijving Een goede zorginfrastructuur helpt de Zeeuwen gezond te houden en stimuleert daarmee de Zeeuwse economie. De Zeeuwse Zorg Coalitie (samenwerking zorgverzekeraar, Zeeuwse ziekenhuizen, GGZ, VVT, huisartsen, gemeenten en provincie, GGD, Witte Kruis, NZA en het ministerie van VWS) heeft op basis van Zeeuwse data (www.regio-beeld.nl/zeeland) een gezamenlijk plan opgesteld om de infrastructuur voor de zorg te versterken. De maatregel houdt in dat het rijk de uitvoering van deze plannen financieel ondersteunt (en waar mogelijk bijdraagt in het leggen van verbindingen met bedrijfsleven en kenniscentra). Het plan focust op de thema’s acute zorg, integrale zorg en ondersteuning voor ouderen en personeelscapaciteit. Aanvullend zijn er enkele overkoepelende thema’s zoals digitalisering en het werken vanuit een gezamenlijke visie op gezondheid, de opzet van een domein overstijgende casuïstiek tafel voor burgers die frequent aanspraak maken op zorg, etc.
Het plan richt zich bovendien op netwerksamenwerking en bevat onder andere acties om te komen tot de opzet van een Zeeuwse zorg coördinatiecentrum voor acute zorg, realisatie van verbeterde samenhang tussen de huisartsenpost, spoedeisende hulp, SpoedGGZ en dienstapotheek, innovatie te stimuleren door het opzetten van een Zeeuws Living Zorglab voor onder andere tele-monitoring, personalized medicine en inzet van robotisering/AI. Daarnaast zijn er ook werkagenda’s opgesteld voor gezondheidsvaardigheden, psychiatrie, ouderenzorg en voldoende personeel.
Beoogd resultaat Zeeuwse Zorg Coalitie is een Zeeland-breed programma dat Zeeuwse stakeholders samenbrengt om de zorg te transformeren, waarbij de coalitie zich onder meer richt op het creëren van een infrastructuur van de integrale gezondheidszorg die op de patiënten is afgestemd. Die transformatie bestaat uit meerdere stappen die de komende maanden met de deelnemers concreet worden gemaakt. Dat is een proces van visies en belangen delen, stakeholders bijeenbrengen en uitkomen bij een gedeeld belang en heldere verbeterinitiatieven die in Zeeland opschaalbaar zijn. Concrete verbeterresultaten worden gewaarborgd met een impact-en monitoringsmodel. Van ieder project wordt van tevoren de impact op het verbeteren van knelpunten en impact op de Zeeuwse bevolking inzichtelijk maakt. Vervolgens wordt van ieder project kortcyclisch de vorderingen van implementatie gemeten en indien nodig bijgesteld. Er is een gedetailleerd, integraal overzicht opgesteld van de beoogde resultaten op het terrein van personeelsbeleid, ouderenzorg, acute zorg, digitalisering, Living Zorglab Zeeland en programmabrede resultaten. De formulering van de beoogde resultaten is nog niet op alle onderdelen SMART. De komende periode staat in het teken van het opstarten van genoemde project- en werkgroepen waarbij de eerste stap bestaat uit het SMART formuleren van doelstellingen.
Uitvoeringspartijen De Zeeuwse Zorg Coalitie, waar de gemeente Vlissingen, provincie Zeeland en het ministerie van VWS onderdeel van uitmaken. 55
Afronding project In 2024 moeten de maatregelen met betrekking tot het realiseren van de toekomstbestendige zorginfrastructuur gerealiseerd zijn.
Financiën Voor de financiering van de toekomstbestendige zorginfrastructuur is in totaal voor de periode 2020 tot en met 2023 € 5,3 miljoen beschikbaar, waarvan € 3,2 miljoen wordt betaald vanuit de middelen van Wind in de Zeilen en € 2,1 miljoen wordt gefinancierd vanuit de Zeeuwse zorgcoalitie.
Planning jun-21
Personeelsbeleid: Opleveren Deltaplan Arbeidsmarkt zorg en welzijn Zeeland
jul-21 Aug-21
Personeelsbeleid: start actieleertraject samen doen Project Initiatie Document (PID) Digitaal Zorg Platform Zeeland opgeleverd en afgestemd met partijen, use case inventarisatie afgerond en opgeleverd Visie document en plan van aanpak om te werken vanuit 1 visie op (positieve) gezondheid gereed Ontwerp m.b.t. ouderenzorg gereed (advanced care planning, coördinatiepunt bedden en samenwerking/vroegsignalering en start implementatiefase Opleveren integraal ontwerp acute zorg Digitalisering: pilots gegevensuitwisseling bepaald, pilots opgestart Er is een eerste opzet van de sector overstijgende monitor en dashboard Living Zorglab Zeeland: doelgroepen geraadpleegd, focus bepaald, plan van aanpak opgeleverd Plan van aanpak domein overstijgende casuïstiektafel frequente bellers gerealiseerd Personeelsbeleid: Oplevering regionaal strategisch opleidingsplan/ vernieuwing van onderwijs (RSOP) Integrale ouderenzorg: coördinatiepunt bedden gerealiseerd, samenwerking en vroegsignalering van ouderen in kwetsbare positie opgestart met professionals uit medische en sociaal domein Living Zorglab Zeeland: eerste experimenten lopend Living Zorg Lab Zeeland: Experience based learning zorgprofessionals, burgers en doelgroepen Digitalisering: Fasegewijs realiseren van Digitaal Zorg Platform Zeeland, neerzetten beheer organisatie/inbedding Integrale keten acute zorg: Fasegewijze realisatie van het
ontwerp integrale keten acute zorg Zeeland breed opschalen van het nieuwe concept gezondheidscentra met circa 4 gezondheidscentra per jaar (incl. leergang en wijkbeelden)
Aug-21 sep-21 e.v.
sep-21 sep-21 sep-21 Dec-21 Dec-21 Dec-21 Q1 2022
jan-22 2022 e.v. 2022 e.v. 2022 e.v. 2022 e.v
56
Stand van zaken De subsidiebeschikking vanuit het ministerie van VWS zal op zeer korte termijn worden verzonden, waarna de toegezegde gelden uit Wind in de Zeilen beschikbaar komen. In de tussentijd hebben de initiatiefnemers waar mogelijk doorgepakt om de ambities op het terrein van toekomstbestendige zorginfrastructuur waar te maken. Op de meeste onderdelen loopt het programma volgens planning. Overall geldt dat voor bijna alle thema’s inmiddels de stappen van het maken van een plan van aanpak, het realiseren van bestuurlijk draagvlak, het samenstellen van een werkgroep en de ontwerpfase achter de rug zijn en langzaam overgegaan wordt op gefaseerde realisatie. Enkele belangrijke mijlpalen van de afgelopen maanden: In augustus is een mooie stap gezet met de oplevering van het PID (Project Initiatie Document Digitaal Zorg Platform Zeeland). Dit document beschrijft de houtskoolschets en alle functionele, technische en veiligheidseisen waaraan een Digitaal Zorg Platform in Zeeland moet gaan voldoen om de eerder beschreven doelen te behalen. Tevens beschrijft het de stappen/plan van aanpak voor realisatie.
Om het Digitaal Zorgplatform Zeeland te kunnen realiseren heeft de werkgroep digitalisering tevens een advies op laten stellen hoe de noodzakelijke en door de overheid gewenste regionale samenwerking (RSO) zou kunnen worden opgezet (opgesteld met hulp van het adviesbureau ICTU, en gefinancierd door het ministerie van VWS). Een toekomstbestendige zorginfrastructuur vereist dat ook wordt ingezet op gezondheid, preventie en vitaliteit. De afgelopen maanden is hard gewerkt aan de routekaart om Zeeland tot de meest Positieve Gezondheidsregio te maken. Ook dit is conform planning opgeleverd. Besloten is om het Living Zorglab Zeeland waarvoor de verkenning nog liep, in te zetten op aanjagen, verbinden, ondersteunen en groter laten worden van (de nu vaak nog versnipperde en lokale) initiatieven op het terrein van Positieve Gezondheid, zodat de beoogde impact behaald wordt. Er wordt dan ook ingezet op onderzoek om de resultaten te meten. Het gaat dan om het verbeteren van de gezondheid van inwoners en het verbeteren van de ervaren kwaliteit van zorg, de leefbaarheid van de omgeving en verlaging van de kosten. In iedere regio en project wordt gesproken over betrekken van degene voor wie we het doen: de inwoner. Hoewel iedereen het daarover eens is, is het organiseren van inwonerparticipatie nog niet eenvoudig.
De afgelopen maanden is daarom in samenwerking tussen deelnemers van de Zeeuwse Zorg Coalitie, cliëntenraad, Zorgbelang en Universiteit en HZ gewerkt aan een plan van aanpak. Dit is in september opgeleverd en beschrijft hoe de Zeeuwse Zorg Coalitie de komende maanden van start gaat met een gedegen burgerberaad wat uiteindelijk gaat leiden tot structurele inbreng vanuit inwoners en ook digitale opvolging. In oktober is een inspiratiedag georganiseerd waar alle deelnemers van de Zeeuwse Zorg Coalitie (inmiddels 33) aanwezig waren. Daarbij is onder andere kennis gewisseld over de stand van zaken op de diverse thema’s en zijn de deelnemers in workshops interactief aan de slag gegaan om de te bespreken hoe de volgende stappen gezamenlijk genomen kunnen worden.
57
Vooruitblik Op hoofdlijnen de belangrijkste stappen voor de komende maanden: Nu het Project Initiatie Document Digitaal Zorg Platform Zeeland is opgeleverd gaan we, conform het advies, starten met kleinere projecten passend binnen de scope van het digitale zorg platform, te weten drie geprioriteerde use cases. Het is niet verstandig en uitvoerbaar om het Digitale Zorgplatform als één project te hanteren. Het realiseren van het Digitale Zorgplatform is een iteratief proces waarbij door het nemen van kleinere stappen (use cases/deelprojecten) inhoud gegeven wordt aan de uiteindelijke doelstelling. In dit proces worden ook projecten gedefinieerd die bijdragen aan de toegankelijkheid, bijvoorbeeld door ontsluiten van data aan de burger, en leefbaarheid; bijvoorbeeld door het ontsluiten van data naar een datalake. Omdat hiervoor kennis nodig is van het totale Zeeuwse applicatielandschap, is het advies om naast de drie use cases dit applicatielandschap in kaart te laten brengen incl. de koppelingen en welke gegevens uitgewisseld worden. De drie geselecteerde use cases hebben betrekking op Advance Care Planning, consultatie en doorverwijzing GGZ-expertise bij acute psychiatrische zorg, (Informatie) overdracht in de keten Geriatrische revalidatiezorg. Voor Positieve Gezondheid en inwonerparticipatie wordt komende maanden gestart met uitvoering van de opgeleverde plannen.
Zo wordt het burgerberaad opgestart en wordt begonnen met de inventarisatie en uitbouw/ondersteuning van initiatieven op terrein van Positieve Gezondheid. Voor acute zorg is het streven voor het einde van het jaar de ontwerpfase af te hebben zodat vanaf 2022 de stap naar fasegewijze realisatie gemaakt kan worden. Voor ouderenzorg is voor advance care planning de ontwikkelingsfase (nadere uitwerking processen, scholing e.a.) eind december klaar. Vanaf januari start de (meerjarige en gefaseerde) implementatie. De stappen op terrein van informatie-uitwisseling (die de werkgroep digitalisering oppakt als een van de use cases) zijn hierbij cruciaal voor daadwerkelijke realisatie van de plannen. Voor personeelsbeleid zal eind dit jaar het Regionale Strategisch Opleidingsplan worden opgeleverd en wordt vanaf januari gestart met de implementatie van het digitaal leerplatform. Voor de diverse thema’s wordt in samenwerking met de werkgroep data gewerkt aan verdere aanscherping van de resultaten en de opzet van de impact monitoring. Om de volgende fase van de Zeeuwse Zorg Coalitie met het groeiend aantal deelnemers te markeren is gezamenlijk gewerkt aan een Pact. Streven is deze eind januari 2022 met elkaar te tekenen.
58
Gezondheidscentra Vlissingen Algemene beschrijving De vergrijzende bevolking in Vlissingen en op Walcheren heeft effect op de zorgbehoefte. Meer oudere inwoners betekent voor de huisarts meer chronisch zieken patiënten en complexere zorgvragen tijdens het spreekuur. Om deze vragen en patiënten ook in de toekomst goed te kunnen behandelen is deskundige en multidisciplinaire deskundigheid, zorg en ondersteuning noodzakelijk. Om die multidisciplinaire zorg te kunnen bieden zijn toekomstbestendige gezondheidscentra nodig, waarin verschillende professionals samenwerken en de zorg en ondersteuning in samenhang wordt verleend. Daarom worden drie integrale gezondheidscentra in Vlissingen gerealiseerd. Om het onderscheid met gangbare gezondheidscentra aan te geven, wordt het concept inmiddels ‘Kerngezond’ genoemd. In Vlissingen worden drie Kerngezond-centra gerealiseerd.
Beoogd resultaat Het realiseren van drie Kerngezond-centra in Vlissingen die bijdragen aan het oplossen van de huidige mismatch tussen (zorg)vraag en het aanbod. Kenmerkend voor de Kerngezond-centra die in Vlissingen gerealiseerd gaan worden zijn de volgende innovatieve aspecten (de stip op de horizon): - De Kerngezond-centra zijn in essentie hechte samenwerkingsverbanden van professionals in zorg en sociaal domein. Met elkaar nemen zij verantwoordelijkheid voor de gezondheid van de bewoners van bepaalde wijken. Het gaat om de brede interpretatie van het begrip ‘gezondheid’ zoals geduid in het begrip ‘positieve gezondheid’. De gezondheid wordt bevorderd door intensieve, multidisciplinaire samenwerking rondom de patiënt. En door gezamenlijk ondersteunende en preventieve programma’s te organiseren. Dit alles data driven. - De Kerngezond-centra worden deels virtueel.
Er wordt een ‘state of the art’ digitale infrastructuur ontwikkeld voor de volgende processen: o Instroomprocessen (toegangsfunctie, triage, afspraken inplannen) o Consultprocessen (beeldbellen, doorverwijzen, onderzoeken aanvragen, receptenverkeer, MDO) o Monitoring van en andere e-health voor patiënten/cliënten o Informatie-uitwisseling o Administratieve processen - De Kerngezond-centra gaan beschikken over moderne, slim ontworpen huisvesting die: o Thuisbasis is voor de huisartsen, hun team, de kring van paramedische en verpleegkundige professionals en professionals uit het sociaal domein o Invalsbasis is voor participanten uit de 2de lijn (spreek- en behandelkamers) o Specifieke diagnostische- en behandelfaciliteiten (echo, verrichtingenkamer, …) bevat o Een gezamenlijke infrastructuur (receptie, wachtkamer, koffieruimte, telecommunicatie) biedt