108. GL - Nieuwe regeling Leegstandsheffing
Tekst van het document
Fractie GL
UW BRIEF VAN
UW KENMERK
15-10-2025
ONS KENMERK
DATUM
2760361 / 2767775
6 november 2025 BIJLAGEN
BEHANDELD DOOR
BEZOEKADRES
TELEFOON
H de Miranda
Paul Krugerstraat 1
+31118487321
ONDERWERP
Beantwoording art 34 RvO vragen - GL - Nieuwe regeling Leegstandsheffing Geachte fractie, Naar aanleiding van de door uw fractie op 15 oktober 2025 ingediende vragen ex artikel 34: over de bevoegdheid om een leegstandsheffing in te voeren. Wij zijn van mening dat zo'n heffing een effectief middel is om eigenaren te stimuleren hun woningen te verhuren of verkopen, waarbij gemeenten de nodige ruimte hebben om de heffing zelf vorm te geven. Dit instrument wordt bovendien van harte ondersteund door de VNG als aanvulling op bestaande mogelijkheden. RvO informeren wij u als volgt. Uw inleiding Vraag 1 Is het college bekend met het landelijk aangenomen amendement-Stultiens c.s., waardoor gemeenten een leegstandsheffing kunnen invoeren? Ons antwoord Het college is bekend met dit amendement. Het is op 23 september 2025 aangenomen door de Tweede Kamer en moet nog als onderdeel van de Fiscale Verzamelwet 2026 door de Eerste Kamer worden goedgekeurd. De verwachting is dat deze wet per 1 januari 2026 in werking treedt, maar op het moment van schrijven is nog geen stemmingsdatum in de Eerste Kamer bekend. Vraag 2 Heeft het college inzicht in het aantal woningen in onze gemeente dat langer dan een jaar leegstaat (zoals bedoeld in de Leegstandswet)? Ons antwoord Op dit moment hebben wij geen actueel inzicht in het aantal woningen dat langer dan een jaar leegstaat.
In aanloop naar de implementatie van de bovengenoemde wet is het de bedoeling dit te inventariseren. Wij verwachten dit in het eerste kwartaal van 2026 af te ronden. Vraag 3 Welke instrumenten gebruikt het college momenteel om langdurige leegstand van woningen tegen te gaan?
POSTBUS 3000, 4380 GV VLISSINGEN TELEFOON 0118-487000 EMAIL GEMEENTE@VLISSINGEN.NL FAX 0118-410218 IBAN: NL36BNGH0285008889 BIC: BNGHNL2G
Ons antwoord De gemeente handhaaft op woningen die volgens gemeentelijke gegevens leegstaan, maar waarbij wel activiteiten worden waargenomen (zoals water- en elektriciteitsverbruik of bewoning). Handhaving op woningen die langer dan een jaar leegstaan en waarbij geen activiteiten worden waargenomen, vindt momenteel nog niet plaats. Wij zijn voornemens te onderzoeken welke mogelijkheden de wet ons straks biedt. Dit vergt capaciteit en mogelijk uitbreiding van de handhavingscapaciteit. Wij verwachten hier in het eerste kwartaal van 2026 meer invulling aan te kunnen geven. Vraag 4 Ziet het college de leegstandsheffing als een effectief aanvullend instrument om leegstand aan te pakken en woningen beschikbaar te maken voor woningzoekenden? En waarom? Ons antwoord Het college ziet zeker mogelijkheden in het toepassen van deze regeling. Het doel is immers het terugdringen van langdurige leegstand en het beter benutten van de woningvoorraad. De gevolgen voor capaciteit, benodigde financiële middelen, juridische en uitvoeringsaspecten (zoals bezwaarprocedures, WOZ-koppeling en uitzonderingsgronden zoals renovatie, herontwikkeling of tijdelijke onbewoonbaarheid) zullen in 2026 nader worden onderzocht.
Vraag 5 Is het college bereid om te onderzoeken of en hoe in onze gemeente een leegstandsheffing kan worden ingevoerd, en daarbij in kaart te brengen: - de verwachte omvang van het probleem; - de mogelijke hoogte en vormgeving van de heffing (vast bedrag, oplopend bedrag, of WOZ-waarde gerelateerd); - de preventieve werking die verwacht mag worden; en de wijze waarop de opbrengsten (indien aanwezig) ingezet zouden kunnen worden voor volkshuisvestelijke doelen? Ons antwoord Gezien de mogelijkheden die de leegstandsheffing lijkt te bieden om leegstand terug te dringen, zal het college onderzoeken of en hoe de leegstandsheffing kan worden ingevoerd. Dit natuurlijk onder voorbehoud van de stemming in de Eerste Kamer Vraag 6 Kan het college de raad op korte termijn informeren over de uitkomsten van dit onderzoek en een voorstel doen voor invoering? Ons antwoord Het college streeft ernaar de raad uiterlijk in het eerste kwartaal van 2026 nader te informeren over de gevolgen van invoering van deze heffing, de benodigde financiële middelen en de inzet van capaciteit op beleidsmatig en uitvoerend niveau.
Blad 2 behorend bij 2760361 / 2767775
Wij gaan ervan uit u hiermee in voldoende mate te hebben ingelicht. Hoogachtend, burgemeester en wethouders van Vlissingen, de secretaris, de burgemeester,
drs. R.D.A. Wiskerke
drs. A.R.B. van den Tillaar
Blad 3 behorend bij 2760361 / 2767775