06242021 Q&A - 3.3 definitief
Tekst van het document
MEMO GRIFFIE AAN
: Raadsleden, collegeleden
DATUM: 24 juni 2021
VAN
: Griffie
Betreft
: Vragen en antwoorden adviesraad (Q&A) – 3.3
Beste raad- en collegeleden, Voor de commissie Kadernota van 24 juni 2021 zijn ten aanzien van het raadsvoorstel 3.3 – Kadernota 2022, de volgende vragen gesteld. De antwoorden staan in de kolom achter de vraag. Aanvullende vragen kunnen behandeld worden in de raad. Fractie : PSR
Behandeld door wethouder
Onderwerp: 3.3 – Kadernota 2022 Vraag P4: Beschikbare capaciteit in menskracht, uw college spreekt van een delicaat evenwicht. Er is dus geen ruimte voor nieuw beleid. Wel om te (blijven) voldoen aan wettelijke ontwikkelingen. Is dit ook van toepassing op nieuw wettelijk beleid vanuit de Rijksoverheid zonder nieuwe financiële middelen? Moeten de piketpaaltjes niet wat strakker in de Rijksportemonnee geslagen worden? P4: De ambtelijke organisatie staat onder forse druk. Partij Souburg-Ritthem heeft waardering voor de inzet van onze medewerkers in niet makkelijke werkomstandigheden. Te veel taken, opgaven en ambities. Is er sprake van prioritering en wordt uitgesteld werk niet nog verder naar achter geschoven? P8: Onderaan – verplichte overzichten, te weten: ?
Antwoord Nieuwe wettelijke ontwikkelingen volgen wij op de voet en worden zo snel als mogelijk geïmplementeerd met de door het Rijk beschikbaar gestelde middelen. Tevens proberen we via verschillende kanalen (o.a. VNG / Provincie / Ambtelijk overleg) onze (beperkte) invloed uit te oefenen op de door het Rijk beschikbaar komende middelen voor de uitvoering van nieuwe wettelijke taken.
P11: Verbeteren binnenklimaat De Combinatie , school is eigendom van corporatie Lescaut. Is er overleg geweest wie deze verbeteringen financiert? Als Lescaut niet bijdraagt dan staat de gemeente aan de lat. Hoe is dit verzekeringstechnisch afgedekt, sluit de gemeente hiervoor een brandverzekering af? P11: Wanneer krijgt de gemeenteraad het locatieonderzoek en het aanvullend locatieonderzoek nieuwbouw school?
In het Strategisch HuisvestingsPlan onderwijs 2020-2039 (SHP) is één van de maatregelen het verbeteren van het binnenklimaat. Voor de drie scholen in De Combinatie is dit voorzien in 2025. Over welke maatregelen, wie die uitvoert en hoe die worden gefinancierd en verzekerd, wordt afgestemd met de eigenaar L’Escaut.
P11: Onder 2 en 3 “voor de middellange termijn”, in dit geval gaat het over vijf jaar. In relatie tot het SHP-O met een looptijd van 2020-2039 is een andere insteek noodzakelijk. Aanpassen? P12: Punten 7 en 8 vervanging voor
In het SHP wordt voor de planning van uit te voeren maatregelen uitgegaan van korte termijn 2020-2024, middellange termijn 2025-2030 en lange termijn 20312039.
Binnen de (verplichte) maatschappelijke opgaven blijven wij continue opnieuw prioriteren. Dit binnen de grenzen van de beschikbare menscapaciteit voor de uitvoering van deze maatschappelijke opgaven. Hierbij willen we uitstel op onderdelen van de actuele plannen zoveel mogelijk voorkomen maar kunnen dat niet altijd uitsluiten. We voegen toe: Een overzicht van de algemene dekkingsmiddelen en een overzicht van de kosten van overhead.
Het raadsvoorstel over de nieuwe school in het Centrum wordt in Q3/Q4 aan de gemeenteraad voorgelegd.
Voor de planning van de vervanging van de sporthallen
sporthallen Baskensburg. Deze staan op voor 2024 en in het SHP-O 2020-2039 op de lange termijn. Graag informatie synchroon laten lopen.
Baskensburg wordt uitgegaan van een vervanging op korte termijn in 2024, dit conform het voorstel in de kadernota en de uitgangspunten uit in het nog voor besluitvorming voor te leggen accommodatieplan op hoofdlijnen. E.e.a in het licht van de bezuinigingsmogelijkheden die vervangende nieuwbouw op kan leveren. In het SHP is deze vervanging op de lange termijn gezet omdat het sec vanuit onderwijshuisvesting geen noodzaak kent.
P12: Onder 12 deze investering betreft een toevoeging aan. Een PM post toevoegen aan bestaande middelen is concreet hoeveel euro’s? P12: Is alleen sprake van een autoluwe Boulevard Bankert naar uw mening?
Het aantal euro’s is nog niet bekend. De benodigde middelen zijn afhankelijk van het uit te voeren onderzoek en de op te stellen boulevard visie.
P17: Onder het kopje Participatiewet is sprake van “wordt-zo mogelijk- in 2022 afgerond.” Graag uitleg in relatie tot het plan van aanpak en resultaten van doorgerekende besparingen?
Volgens planning wordt het genoemde proces tot aanpassing van de GR in 2022 afgerond. De toevoeging – zo mogelijk – doet daar niets aan af en is slechts opgenomen vanuit het besef dat de procesgang tot een dergelijke aanpassing veel afstemming met en uiteindelijk instemming van alle betrokken partijen vraagt, hetgeen van invloed kan zijn op de doorlooptijd en waarvan op voorhand het resultaat niet vaststaat.
P17: Om resultaten te kunnen behalen zijn middelen noodzakelijk. Om de gemeentelijke toegang op orde te brengen zijn middelen nodig. Een PM post is dan niet de beste oplossing. Het geeft niet de ernst van de noodzaak weer, eens?
Het opnemen van een PM post wordt veroorzaakt doordat we nu nog geen concrete bedragen kunnen noemen maar doet niets af aan de ernst van de noodzaak. Juist zetten we ons reeds nu en de komende periode actief in om de integrale gemeentelijke toegang sociaal domein verder vorm en inhoud te geven. Daarvoor worden alle relevante elementen eerst specifiek onderzocht, in kaart gebracht en nader uitgewerkt. Zo ook voor de onderdelen toegang tot gemeentelijke minimaregelingen, toegang tot schuldhulpverlening en toegang tot de Participatiewet. Hierbij zal o.a. aandacht zijn voor het onderscheid tussen de toegang en uitvoering en de financiële, juridische en organisatorische gevolgen van het onderbrengen van deze taken in de gemeentelijke integrale toegang. In dit kader is derhalve een PM post in de Kadernota 2022 opgenomen.
P18: Nieuwe Wet Inburgering, werk is bij zelfredzaamheid het sleutelwoord. Hoe gaat u hierop inzetten? Is er gezien de volle bakken bij Orionis Walcheren passend werk aanwezig?
De eerste 6 maanden van het inburgeringstraject wordt intensief ingezet op taal. De maanden hierna wordt naast taal ook gestart met het inzetten van werk/stage/vrijwilligerswerk. Orionis voert de Participatiewet uit voor Walcheren waaronder ook de reïntegratie-activiteiten voor uitkeringsgerechtigden (waaronder statushouders). Orionis is bezig met de voorbereiding op de nieuwe taken.
Dit gaan we onderzoeken komen dit najaar met een voorstel over de boulevard visie.
We hebben binnen de Wet inburgering de drie leerroutes: - Onderwijs route: gericht op vervolgonderwijs op het MBO of hoger, - B1 route: gericht op werk wat in beginsel zal bestaan uit taalstages, werkervaringsplaatsen en regulier werk en - Z-route: gericht op de groep statushouders die analfabeet zijn of moeilijk kunnen leren hetzij via vrijwilligerswerk of reïntegratie-activiteiten in de wijk (Buurtteams).
Verwacht wordt dat de grootste groep zal bestaan uit de Z-route gezien de ervaringen van de afgelopen jaren.
P18: Nieuwe Wet Inburgering: de Rijksmiddelen uit de algemene uitkering zijn nog niet bekend. Ook hier een PM post. Ook hier alles uit de kast voor een Rijkswet. Hoe gaat u handelen als blijkt dat geen passende financiën beschikbaar komen voor de uitvoering? P19: De norm voor NvO moet nog vastgesteld voor 1 januari 2022. Correctie.
Vlissingen is in gesprek met Orionis over het organiseren van een rondetafelbijeenkomst met werkgevers. Doel is hen te enthousiasmeren om statushouders een kans te geven en te achterhalen wat zij daarvoor nodig hebben. Inmiddels zijn de structurele middelen die gemeenten van het Rijk krijgen bekend. De taken zullen binnen deze financiële kaders uitgevoerd gaan worden.
Deze zin wordt toegevoegd aan de kadernota: Het proces tot besluitvorming is nog niet vastgesteld door het college. Wij zijn voornemens om - als gemandateerde centrumgemeente - op het OZO d.d. 6 juli de hoofdlijnen van onze visie op het vervolgproces BW-MO met de 12 gemeenten te delen. Na instemming van het OZO stellen we een vervolgagenda op.
P21: Op dit moment is nog nduidelijk, toevoegen o als correctie. P26: Accommodatiebestand, In 2021 wordt i.p.v. is een Accommodatieplan enz. Correctie. P26: Kan het college aangeven wat de consequenties zijn van het niet realiseren van de taakstelling die is afgesproken met de artikel-12 inspecteur voor de revitalisering gemeentelijk accommodatiebestand? Is er overleg met de artikel-12 inspecteur geweest? P27: Onze gemeente is voorbereid op de inwerkingtreding per 1 januari 2022. Het gaat hier over de Omgevingswet. Is deze uitspraak correct of beter per 1 juli 2022?
We passen dit aan.
P27: Het lijkt gezien de nieuwe ingangsdatum van de Omgevingswet noodzakelijk beide regimes voor te bereiden? P27: Omgevingsplan tot 2030, ook hier weer de noodzaak tot extra inzet financiële middelen. De gemeente moet telkens middelen inzetten voor taken die de Rijksoverheid over de schutting kiepert. Een nieuwe Wet met passende financiële middelen mag niet vrijblijvend zijn zoals nu vaak voorkomt. In de commissie algemeen en Sociaal van donderdag 17 juni 2021 was er de vraag om meer druk te zetten op in dit geval de GR VRZ. Dan moeten we toch zeker de druk opvoeren richting VNG en Rijksoverheid om te voldoen aan verplichtingen. Is het college dezelfde mening toegedaan en hoe gaan we hier verder op acteren?
Wat betreft de leges zullen we inderdaad twee regimes voorbereiden.
P33: U doet een verwijzing naar een rapportage naar aanleiding van het
Deze rapportage zullen we uw raad verstrekken.
We passen dit aan. De taakstelling revitalisering accommodaties valt niet binnen het huidige artikel 12 onderzoek. Dit onderzoek richt zich momenteel enkel op Sociaal Domein en Werk & Inkomen. Derhalve is hierover geen overleg met de artikel-12 inspecteur. Het betreft de taakstelling vanuit het artikel 12 rapport 2017-2018. We zijn per 1 januari 2022 voorbereid, zo ver als de techniek van het Digitaal Stelsel Omgevingswet dat toelaat. Uiteraard geldt voorlopig een nieuwe inwerkingtredingsdatum van 1 juli 2022. Bij het schrijven van de tekst was dat nog niet bekend.
Wij hebben in april gereageerd op een vragenlijst van het ministerie over het ‘Integraal Financieel Beeld’ van de stelselherziening Omgevingswet. Het ging om circa 12 vragen via een survey n.a.v. het rapport van Kockx de Voogd. Ook steunden wij de motie van de gemeente Moerdijk die is ingebracht bij de ALV op 16 juni van de VNG wat betreft de financiële gevolgen van de Omgevingswet en Wet Kwaliteitsborging voor het bouwen. Daar waar zich weer aanknopingspunten voordoen, zullen wij die benutten om onze kritische inbreng te geven.
incident bij de renovatie van de Stadhuistoren. Deze rapportage graag overleggen kunnen we kortheidshalve lezen van de hoed en de rand. Gaat uw college deze rapportage overleggen? Zo nee waarom niet? P33/P34: Bodem onder omgevingswet, ook hier geeft u aan dat voor deze gemeentelijke taken geen zicht is op beschikbaar komen van Rijksmiddelen. Ook hier moet PSR hetzelfde kwijt. Nieuwe taken zonder passende middelen worden niet opgepakt en niet geïmplanteerd. Waarom vervult uw college de opdrachten met forse gaten in onze financiële middelen?
De Omgevingswet niet implementeren omdat er geen middelen tegenover staan heeft als consequentie dat onze inwoners, organisaties en bedrijven te maken krijgen met een gemeente die niet voldoet aan de wettelijke taken. Denk aan het tijdig en volgens de juiste wettelijke grondslag verlenen van een vergunning. We lopen daarmee juridische en imagoschade op. We laten onze stem horen bij de VNG en het ministerie als het gaat om de structurele financiële gevolgen van de implementatie van de Omgevingswet en Wet kwaliteitsborging voor het bouwen.
Evaluatie coalitieakkoord 2021 P8: We onderzoeken hoe we de verkeerscirculatie en het parkeren in de Vlissingsestraat kunnen verbeteren. Eerst in juni 2019: geen geld, dat was er € 25.000 via amendement, breed gesteund, wel drie weken later. Tweede peildatum mei 2020: ja, er is nu geld. Al een jaar was het geld via amendement beschikbaar. Maar nu personele wisselingen en corona maatregelen. De derde peiling april 2021: geeft u aan andere prioritering van de werkzaamheden. Is het gevraagde onderzoek uiterlijk februari 2022 afgerond? Zo nee, graag een onderbouwing waarom dit onderzoek wat al vele jaren vertraagd is niet past binnen uw prioritering?
We geven in Q3 opdracht voor het verkeersonderzoek naar de Vlissingsestraat. We streven er naar om dit onderzoek voor februari 2022 af te ronden.
Fractie : POV
Behandeld door wethouder
Onderwerp: 3.3 – Kadernota 2022 De leegloop van en in de organisatie baart ons grote zorgen. Graag krijgen wij antwoorden op de volgende vragen over het verloop van de afgelopen vijf jaar, dus de periode 2016-heden; Vraag Antwoord 1 Hoeveel medewerkers hebben in In de afgelopen jaren is de uitstroom als volgt: betreffende periode de organisatie 2016: 12 medewerkers, waarvan 1 vanwege pensioen, 2 verlaten? vanwege overlijden, 8 vanwege ontslag op eigen verzoek en 1 om een andere reden (divers). 2017: 26 medewerkers, waarvan 1 vanwege pensioen,14 vanwege ontslag op eigen verzoek en 11 om een andere reden (divers, onder andere bibliotheek). 2018: 17 medewerkers, waarvan 8 vanwege pensioen, 7 vanwege ontslag op eigen verzoek, 1 vanwege niet verlengen tijdelijke overeenkomst (onder andere vanwege niet voldoende functioneren) en 1 om een andere reden (divers). 2019: 37 medewerkers, waarvan 14 vanwege pensioen, 1 vanwege overlijden, 12 vanwege ontslag op eigen verzoek, 5 vanwege niet verlengen tijdelijke overeenkomst (onder andere vanwege niet voldoende functioneren), 3 vanwege arbeidsongeschiktheid en 2 om een andere reden (divers).
2020: 31 medewerkers, waarvan 6 vanwege pensioen, 18 vanwege ontslag op eigen verzoek, 6 vanwege niet verlengen tijdelijke overeenkomst (onder andere vanwege niet voldoende functioneren), en 1 vanwege arbeidsongeschiktheid. 2021 tot juni: 22 medewerkers, waarvan 3 vanwege pensioen, 15 vanwege ontslag op eigen verzoek, 2 vanwege niet verlengen tijdelijke overeenkomst (onder andere vanwege niet voldoende functioneren) en 2 vanwege arbeidsongeschiktheid. Toelichting: De verhouding tussen ontslag op eigen verzoek en andere redenen is in de afgelopen jaren ongeveer 50-50. De reden van uitstroom is heel divers. Er is te allen tijde sprake van uitstroom vanwege pensioen, door de hoge gemiddelde leeftijd is deze behoorlijk. Daarnaast is met name in de afgelopen jaren een aantal tijdelijke arbeidsovereenkomsten niet verlengd. Binnen de groep medewerkers die ontslag op eigen verzoek hebben ingediend, lopen de redenen ook uiteen. Sommigen vertrekken bij de gemeente omdat ze toe waren aan een nieuwe uitdaging, sommigen konden elders hun positie verbeteren, andere ontslagverzoeken hadden te maken met verhuizing, etc. Er is niet één duidelijke reden aan te wijzen. Wat wel opvalt is dat, tijdens het werken in coronatijd, een opvallende stijging van het aantal ontslagen op eigen verzoek plaats heeft gevonden.
Mensen zijn zich, door de hele situatie, meer gaan bezinnen op werk in het algemeen en sommigen hebben daarin keuzes gemaakt. Dit zie je terug in het aantal vertrekkende medewerkers, maar óók in het aantal nieuwe medewerkers die juist naar Vlissingen komen. 2 Hoeveel medewerkers hebben in betreffende periode de organisatie verlaten wegens natuurlijk verloop?
Ervan uitgaande dat met natuurlijk verloop pensionering bedoeld wordt, zijn er in de periode 2016 tot nu 33 medewerkers met pensioen gegaan. Zie ook antwoord bij vraag 1.
3 Hoeveel medewerkers zijn in de betreffende periode aangenomen?
In de afgelopen jaren is de instroom van nieuwe medewerkers als volgt: 2016: 6 medewerkers 2017: 10 medewerkers 2018: 25 medewerkers 2019: 42 medewerkers 2020: 77 medewerkers (inclusief team WMO&Jeugd) 2021 tot juni: 35 medewerkers Toelichting: In de afgelopen jaren is, door de veelheid aan ontwikkelingen en projecten, de formatie fors toegenomen. Waar in 2019 de formatie 295 Fte bedroeg, groeide deze in 2020 naar 332 Fte en is de formatie op dit moment 383 Fte, inclusief tijdelijke formatie voor bijvoorbeeld Wind in de zeilen en Artikel 12. Het aannemen van nieuwe medewerkers verlicht de werkdruk, maar aangetekend dient te worden dat het inwerken van nieuwe medewerkers tijdelijk juist extra druk geeft.
4 Hoeveel medewerkers zijn in betreffende periode extern ingehuurd?
Sec het getal van medewerkers die ingehuurd worden, geeft een vertekend beeld. Zo zijn in 2016 bijvoorbeeld 220 inhuurkrachten ingezet, de inzet varieerde van 1 dag tot 50 weken, van een paar uurtjes tot fulltime. Daarnaast kennen we ook een flexibele schil bij o.a. Stadsbeheer, waarvan de inzet van mensen zeer varieert
en fluctueert. Op dit moment worden ongeveer 100 inhuurkrachten ingezet, ook weer variërend in periode en aantal uren. De reden van inhuur is zeer divers; van vervanging van zieke collega’s, tot het opvangen van een piek. Van het binnenhalen van op dat moment benodigde specifieke expertise tot het tijdelijk vullen van vacatures omdat de vaste werving vertraging oploopt. Te allen tijde zetten we onze capaciteit in om de resultaten te boeken die we beloofd hebben. Landelijk gezien is de verhouding 80% vaste mensen en 20% inhuur gebruikelijk. Binnen de gemeente Vlissingen schommelen we rond dat percentage. Op dit moment wordt er iets meer ingehuurd met incidenteel geld en doordat we veel projecten, met dus tijdelijk geld hebben wordt nu iets meer ingehuurd dan we normaliter zouden wensen. Daarom wordt nu in kaart gebracht op welke plekken we inhuur kunnen vervangen door vaste medewerkers, rekening houdend met het natuurlijk verloop in de komende jaren. Door slim taken te combineren kunnen we de inhuur terugdringen. 5 Wat zijn de kosten van deze externe inhuur in de betreffende periode?
De kosten van de externe inhuur in de afgelopen jaren is als volgt: 2016: € 2.275.965 2017: € 2.726.598 2018: € 3.106.250 2019: € 3.439.972 2020: € 5.932.497 2021 tot juni: € 3.468.041 Toelichting: bovenstaande bedragen bevatten alle kosten die op inhuur geboekt zijn. De kosten blijven binnen de beschikbare budgetten. De stijging in de afgelopen jaren hangt onder andere samen met de toegenomen formatie en incidenteel geld voor bijvoorbeeld Wind in de Zeilen, Artikel 12 en WMO&Jeugd.
Fractie : D66
Behandeld door wethouder
Onderwerp: 3.3 – Kadernota 2022 Vraag 1. 3.3 rvs Kadernota 2022 Besluitpunt 2: een sluitende meerjarenbegroting voor het Klassiek Domein. Volgens de VNG betreft het Klassiek Domein alles wat niet het Sociaal Domein is. Wat besluiten we dan over het Sociaal Domein?
Antwoord Het college krijgt met besluitpunt 2 de opdracht om een sluitende meerjarenbegroting 2022-2025 voor het klassieke domein op te stellen. Voor het ‘Sociaal Domein en Werk en Inkomen’ geldt deze opdracht niet gezien de huidige art 12-status. Hierdoor heeft het college, in afwijking van wat veelal gebruikelijk is, niet de opdracht de raad een in totaal sluitende meerjarenbegroting 20222025 voor te leggen.
2. Evaluatie coalitieakkoord actiepunt 5: Evaluatie Passend Onderwijs is gestopt i.v.m. Porthos. Verdere stavaza (per 30 april!) wordt kort aangestipt.
De stand van zaken over Passend Onderwijs zal via een RIB worden toegelicht najaar 2021
Graag ontvangen we hierover een uitgebreide RIB, aangezien meerdere fracties gevraagd hebben om hier actief
over geïnformeerd te worden 3. Mijlpalen majeure projecten Kadernota en Evaluatie coalitieakkoord actiepunt 11 De Rekenkamer stelt in hun concept rapport van mei 2021: Onze hoofdconclusie is dat het vastgoed- en accommodatiebeleid van de gemeente Vlissingen niet (voldoende) doelmatig en doeltreffend is. Op dit moment kan informatie onvoldoende snel, betrouwbaar en transparant worden geleverd, waardoor raad en college beleidsmatige afwegingen niet goed kunnen maken. Het majeur project "Revitalisering gemeentelijk accommodatiebestand” levert vooralsnog aanzienlijk minder bezuinigingen op dan beoogd. Wat gaat het college doen met de aanbevelingen? 4. Huis van de Techniek Gemeente Vlissingen zag eerst af van subsidie omdat het een dure organisatie betreft met weinig aangetoonde waarde. Wat is er veranderd in hun afweging?
Zoals ook tijdens het onderzoek met de rekenkamer is gecommuniceerd, zit er grote overlap tussen de onderzoeksvragen van de kamer en de vragen die in het kader van het project beantwoord zullen worden. Wij zien de uitkomsten van het onderzoek in die zin als bevestiging van de noodzaak van het project en zullen de aanbevelingen dan ook gebruiken om de noodzakelijke verbeteringen door te voeren in de komende periode. We willen daarbij graag opmerken dat het van belang is om eerst vast te stellen hoe het toekomstige accommodatiebestand er uit gaat zien om vervolgens een plan te kunnen maken om op diverse onderdelen daar naar toe te werken. Zowel organisatorisch, administratief als fysiek in bijv. aantallen accommodaties.
Voor Zeeland in het algemeen en voor Vlissingen in het bijzonder is het belangrijk dat jeugd in het kader van hun beroepsoriëntatie kennismaakt met de mogelijkheden, die een keuze voor techniek voor hen kan betekenen. Het HvdT speelde hierin afgelopen jaren een belangrijke rol en kan en wil hierin een nog belangrijkere rol spelen. Onder andere door vanaf 2022 in een andere opzet te gaan werken. Meer vraag gestuurd vanuit het bedrijfsleven en meer als een triple helix organisatie.