02252021 beantwoording vragen memo monumentencie POV - PvdA
Tekst van het document
MEMO n.a.v. beantwoording art.34 vragen POV & PvdA
Ter bespreking & beantwoording in de commissie van 25 februari 2021.
Naar aanleiding van de beantwoording die gegeven is op de door onze fracties gestelde art. 34 vragen, in aanmerking nemende eerdere vragen van de fractie van de LPV, hebben wij de volgende vragen c.q. kanttekeningen:
U spreekt van ondersteuning van de ambtelijk secretaris die door de invoering van de nieuwe omgevingswet 2.3 uur per week tekort komt om adequaat het secretariële werk van de monumentencommissie uit te voeren, ook zegt U dat voor die 2.3 uur er binnen de organisatie niemand beschikbaar is. Dat komt met name volgens Uw beantwoording, omdat de gevraagde competenties zeer specifiek en binnen de organisatie niet voor handen zijn. U spreekt van het fungeren als adjunct-secretaris/ondersteuner van de ambtelijk secretaris. Het gaat dus uitsluitend om de ondersteuning. Welke competenties zijn voor die ondersteuning zo specifiek en feitelijk uniek, dat deze door een externe ingevuld moeten worden? U geeft aan dat dit beloond wordt in schaal 9. Ons lijkt dat voor de omschreven functie bovenmatig, graag nadere uitleg? o
o
Het merendeel van de werkzaamheden bestaat uit het ondersteunen en faciliteren van de leden van de monumentencommissie bij de voorbereiding en beoordeling van aanvragen/plannen monumentenvergunning. Om deze werkzaamheden goed uit te kunnen voeren is kennis en ervaring nodig op het gebied van: (historisch) architectuur, bouwhistorie, bouwtechniek, restauratietechniek, (historische) stedenbouw en erfgoedwaarden. Daarnaast is het belangrijk dat de volgende werkzaamheden voorafgaand aan een vergadering uitgevoerd worden: veldwerk, bekijken van situaties ter plaatse; kort gericht bouwhistorisch onderzoek ter verkrijging van relevant inzicht in het betreffende monument; opzoeken/archiefstudie (bijv. in Zeeuws Archief) relevante historische documentatie zoals plattegronden, foto's e.d.; informeren leden monumentencommissie over de lokale geschiedenis in relatie tot de betreffende monumenten. Hiermee beperken we ook de individuele inzet en bijbehorende kosten van de leden van de Monumentencommissie ter voorbereiding van een vergadering. Belangrijk is dan wel dat de aangeleverde informatie van voldoende niveau, relevant en correct is.
Heeft U succes gehad in het vinden van een persoon die beschikt over de specifieke competenties, en is deze persoon inmiddels door U ingehuurd?
o
Ja, we hebben een geschikte kandidaat met ruime ervaring op dit specifieke werkgebied gevonden die momenteel op urenbasis wordt ingehuurd via uitzendbureau “Actief Werkt”.
Conform het reglement (artikel 4 lid 2) kan de secretaris ondersteund worden door de benoeming van één of meerdere ambtenaren als adjunctsecretaris. Dat houdt ons inziens in dat ook de ondersteuning een ambtelijke status kent, zoals U zelf ook aangeeft in de beantwoording, maar legt géén ambtseed af. Gezien de gevoeligheid van de werkzaamheden lijkt ons dat ongewenst, dus waarom geen ambtseed?
de ambtelijk secretaris heeft als werknemer de ambtelijke status. Een tijdelijk medewerker die ingehuurd wordt legt geen ambtseed af. Ingehuurde medewerkers moeten een Verklaring Omtrent Gedrag [VOG] aanleveren om bij ons te kunnen en mogen werken. De verplichting om de ambtseed af te leggen vloeit voort uit de Ambtenarenwet 2017 en die is van toepassing op werknemers die “krachtens een arbeidsovereenkomst naar Nederlands recht met een overheidswerkgever werkzaam is”. Ingehuurde medewerkers vallen daar niet onder. Zij hebben geen arbeidsovereenkomst met ons als overheidswerkgever, maar met een andere particuliere werkgever. Kortom, het zijn geen ambtenaren dus een ambtseed is formeel niet mogelijk.
Het reglement op de monumentencommissie zoals vastgesteld door de gemeenteraad, laatstelijk gewijzigd op 31 met 2018, beschrijft de werkzaamheden van de secretaris in artikel 7 duidelijk in lid 1: “De secretaris maakt aantekeningen van het verhandelde in de vergadering van de monumentencommissie en maakt verslag op.” Datzelfde geldt ook voor artikel 6 lid 12: (Bij vooroverleg) “De secretaris maakt een verslag op van het vooroverleg”. De werkzaamheden van de secretaris zijn dus, althans volgens het vigerende reglement, beperkt tot het notuleren en schrijven van verslagen. Welke specifieke competenties zijn daar voor nodig die niet, voor 2.3 uur, binnen de eigen organisatie is in te vullen? o
Zie de beantwoording bij vraag 1 over de overige taken naast het notuleren en schrijven van verslagen.
Bij onze vraag 6 hebben wij melding gemaakt van een oud-raadslid dat al bijna 20 jaar in feite de secretariële werkzaamheden (notuleren, verslagen maken) in de praktijk uitvoert. Uit contacten met de directie is ons duidelijk geworden dat deze relatie is c.q. wordt beëindigd. Wij zullen hier niet verder op de persoon ingaan, maar is de relatie met deze persoon inmiddels afgerond en beëindigd? Zo niet, wat is de status van deze persoon, in aanmerking nemend dat het reglement slechts voorziet in “leden” zoals bepaald in artikel 3 lid 1 van het reglement.
o
Deze persoon heeft sinds 1-1-2021 geen enkele rol of status meer in de Monumentencommissie.
Fracties POV, PvdA