CConstaterende datVlissingen
Koppel je AI →
Document · PDF

02162023 Q&A vragen 3.1 compleet

Commissie Algemeen en Sociaal 16 februari 2023, gemeente VlissingenBij agendapunt: Tijdelijke partnerschapsafspraken en aanbestedingsstrategie beschermd wonen 20241.190 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

MEMO GRIFFIE AAN

: Raadsleden, collegeleden

DATUM: 16 februari 2023

VAN

: Griffie

Betreft

: Vragen en antwoorden adviesraad (Q&A)

Beste raad- en collegeleden, Voor de commissie Algemeen & Sociaal van 16-02-2023 zijn ten aanzien van het raadsvoorstel 3.1 - Tijdelijke partnerschapsafspraken en aanbestedingsstrategie beschermd wonen 2024 de volgende vragen gesteld. De antwoorden staan in de 2e kolom. Fractie PSR

Behandeld door wethouder

Onderwerp: Rvs 3.1 - Tijdelijke partnerschapsafspraken en aanbestedingsstrategie beschermd wonen 2024. Vraag Bijlage 1 samenwerkingsovereenkomst 1. pag.7 Artikel 4 lid 9. Verschrijving: Indien wordt voorzien dat de middelen (…) niet toereikend zijn i.p.v. niet toereikend is.

Antwoord De strekking van de overeenkomst is helder. Aangezien het belangrijk is dat de 13 gemeenten dezelfde tekst vaststellen, adviseren we de tekst nu niet meer aan te passen.

2. pag. 8 Artikel 7 Looptijd. - Artikel 7 lid 2. Moment inwerkingtreding van de looptijd staat niet correct vermeld.

Idem.

- Artikel 7 lid 2. Verschrijving: Deze Overeenkomst (…) van de wetswijziging i.p.v. het wetwijzing

Fractie GL

Behandeld door wethouder

Onderwerp: Rvs 3.1 - Tijdelijke partnerschapsafspraken en aanbestedingsstrategie beschermd wonen 2024. Vraag Op pagina 2 onder ‘wat zijn de kanttekeningen en risico’s?’, staat: ‘we lopen naar verwachting geen financiële risico’s. In bijlage 3, pagina 2, Vlissingen maakt kosten, wordt een bedrag geraamd dat niet kostendekkend is. Hoe verhoudt dit zich tot elkaar? Waarom is het bedrag niet kostendekkend?

Antwoord De rijksbijdrage en eigen bijdragen zijn ruimschoots voldoende om de inkoop van de zorg en de uitvoeringskosten te dekken, er is zelfs sprake van een overschot van circa € 7 mln.

bijlage 1, pagina 6 en bijlage 3, pagina 3,

De rijksbijdrage beschermd wonen pakt gunstig uit voor de

Onder de uitvoeringskosten vallen ook de kosten die de centrumgemeente structureel maakt en die in de Werkbegroting opgenomen zijn onder ‘Centrum taken gemeente Vlissingen’. Dit bedrag is niet kostendekkend, hierover zullen nadere afspraken gemaakt worden bij de aanscherping van de samenwerkingsafspraken. Dit bedrag is historisch geraamd en nooit aangepast terwijl de omvang van de werkzaamheden wel sterk toenam gezien de voorbereiding op de transformatie en doordecentralisatie beschermd wonen.

wordt er gesproken over een structureel tekort op de meerjarenbegroting maatschappelijke opvang/vrouwenopvang? Wat houdt dit in? Hoe komt dit?

regio Zeeland en de rijksbijdragen maatschappelijke opvang en vrouwenopvang ongunstig. Op de rijksbijdrage beschermd wonen is er een substantieel structureel overschot. Tegelijkertijd is er jaarlijks een tekort is op beleidsterreinen maatschappelijke opvang en vrouwenopvang (veilige opvang). Ook in andere regio’s in Nederland zien we dit patroon. We zijn met de 12 gemeenten in gesprek over dit onderwerp en mogelijke oplossingsrichtingen.

bijlage 4, artikel 12 inspecteur gaat pas akkoord na risico-taxatie. Dit wordt aangehouden vanwege landelijke onduidelijkheid (over verplichte samenwerking, woonplaatsbeginsel en wetswijziging WMO) Er ontbreken ontvlechtingsafspraken en ook de nieuwe governance heeft invloed op wanneer de taxatie gaat plaatsvinden. Welke invloed heeft deze vertraging voor gemeente Vlissingen? Levert het financiële risico’s op voor gemeente Vlissingen? En voor de continuïteit van de zorg?

Het risico is nu nihil juist omdat we tijdelijke afspraken maken in afwachting van de uitkomsten van het risicotaxatie onderzoek. Op basis hiervan maken we te zijner tijd afspraken voor de langere termijn. Het risicotaxatie onderzoek wordt op korte termijn opgestart.

Wat zijn de gevolgen als de artikel 12 inspecteur niet akkoord gaat?

In dat geval gaan we zo spoedig mogelijk met gemeenten in gesprek over een nieuw procesvoorstel.

Fractie CDA

Behandeld door wethouder

Onderwerp: Rvs 3.1 - Tijdelijke partnerschapsafspraken en aanbestedingsstrategie beschermd wonen 2024. Vraag Overeenkomst (en raadsvoorstel beslissing (1 lid b) Wat wordt precies bedoeld met: “De gemeenten zullen de bijdragen als bedoeld in lid 1 onder b op uniforme wijze en budget- en resultaatneutraal opnemen en verantwoorden in hun gemeentebegroting en jaarstukken en bestemmen voor de in deze Overeenkomst bedoelde taken, waarna zij deze ter goedkeuring voor zullen leggen aan de gemeenteraad”, en waarom wordt dit zo gesteld?

Antwoord Als het wetsvoorstel dat tot doel heeft om te komen tot doordecentralisatie inwerking treedt, zullen de 13 Zeeuwse Gemeente elk een Rijksbijdrage ontvangen. Die middelen dienen in het geheel te worden gereserveerd voor de in de overeenkomst bedoelde taken. Elke gemeente doet dit op dezelfde wijze (zie artikel 3 lid 2).

Uit de werkbegroting blijkt toch dat er middelen over zijn. Mogen die dus niet voor andere zaken worden ingezet? Dan is het toch niet budgettair neutraal? Ook staat er dat er geen reserves worden gevormd. Wat mag een gemeente dan wel doen met deze middelen?

De 13 Zeeuwse Gemeenten beheren zélf de middelen die zij vanaf de inwerkingtreding van de wetwijziging ontvangen. Deze middelen houden zij tot het moment dat het Jaarresultaat Beschermd Wonen is vastgesteld – beschikbaar, voor het geval er (toch) een tekort zou ontstaan.

Artikel 7: wat wordt bedoeld met lid 2?

Het woord “van” moet zijn “vanaf” De overeenkomst verwoordt de afspraken die tussen de gemeenten gelden vanaf het moment dat het wetsvoorstel inwerking treedt, tot het moment dat er een nieuwe

Governance is (artikel 7 lid 3).

Artikel 7: lid 5 op welke wijze het wat wel of niet meer hebben van de artikel 12 status?

De overeenkomst eindigt tevens als de (laatste) zorgovereenkomst(en) met de zorgaanbieder(s) eindigt (artikel 7 lid 4). Door de artikel 12 status heeft de gemeente Vlissingen een beperkte vrijheid m.b.t. het financiële beleid. Als de artikel 12 status eindigt zouden partijen andere afspraken kúnnen maken over de samenwerking en het advies inzake beleid en financiën.

Toelichting werkbegroting: Organisatiekosten: Er staat: “ Organisatiekosten Centrum taken gemeente Vlissingen: dit zijn de kosten die de centrumgemeente Vlissingen maakt om haar taak als centrumgemeente en vanaf 2024 als opdrachtgever uit te voeren. Dit zit met name in capaciteit voor de voorbereiding van bestuurlijke besluitvorming (beleid, financiën, juridisch) en capaciteit voor het uitvoeren van het opdrachtgeverschap richting CZW Bureau. Het genoemde bedrag is een historisch bedrag en is niet kostendekkend voor de huidige situatie. Gezien de overgangssituatie is ervoor gekozen om het hiervoor geraamde bedrag uit de begroting van het CZW Bureau over te nemen”. Wie draagt nu het tekort van het niet De gemeente Vlissingen kostendekkend zijn? Heeft Vlissingen nu met deze tijdelijke afspraken extra taken en worden die (in voldoende mate) vergoed?

De afspraken sluiten nauw aan op de huidige werkwijze en bestaande overlegstructuren. Een lastenverzwaring wordt niet verwacht. De overeenkomst is voor Vlissingen met name van belang om te borgen dat enerzijds de aanbesteding doorgang vindt, terwijl de uit die aanbesteding voortvloeiende financiële verplichtingen door de gemeenten gezamenlijk worden gedragen.

Bijlage Financiële context: wat is het verschil tussen de 3 grafieken? Wat wordt nu Rijksbijdrage genoemd? Alleen de centrumgemeente middelen of ook de gedecentraliseerde middelen?

Wie of wat zijn de regiogemeenten?

De grafieken zijn identiek, ze zijn per abuis meerdere keren gekopieerd. De Rijksbijdrage bestaat vanaf de start van de financiële doordecentralisatie uit 2 delen: een historisch en een objectief deel. Het historisch gedeelte komt nog bij Vlissingen binnen en wordt afgebouwd. Het objectief gedeelte (ofwel de gedecentraliseerde middelen) ontvangen de 13 gemeenten, dit gedeelte neemt toe gedurende het 10-jarig ingroeipad. De regiogemeenten zijn de 13 gemeenten van de provincie Zeeland, waaronder gemeente Vlissingen. Vlissingen is daarnaast aangewezen als centrumgemeente voor heel de regio Zeeland.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/12428472/8