Raadsvoorstel en -besluit Ontwerpverklaring Dijkversterking.docx
Tekst van het document
Raadsvergadering
: 15 mei 2023
Onderwerp
: Ontwerpverklaring van geen bedenking voor dijkversterking Waddenzeedijk
Portefeuillehouder
: Wethouder R. de Jong
Zaaknummer
: 7462105
Beslispunten 1. Een ontwerpverklaring van geen bedenking af te geven voor de dijkversterking Waddenzeedijk overeenkomstig de gedane aanvraag omgevingsvergunning; 2. De ontwerpverklaring als definitieve verklaring te beschouwen in geval er geen zienswijzen worden ingediend en de ontwerpverklaring ongewijzigd blijft.
Samenvatting De bestaande Waddenzeedijk is op basis van wettelijke veiligheidsnormen (Waterwet) afgekeurd en moet worden versterkt. Rijkswaterstaat is met de voorbereiding van deze dijkversterking al een aantal jaren bezig. Daarvoor is ook een uitgebreid participatietraject doorlopen. De bedoeling is dat met de werkzaamheden wordt begonnen in 2024. Inmiddels is de procedure zover dat een omgevingsvergunning is aangevraagd. Het college heeft met de aanvraag ingestemd. Het college heeft vervolgens de gemeenteraad gevraagd om een ontwerpverklaring van geen bedenking af te geven. Tegen de ontwerpvergunning en de ontwerpverklaring kunnen zienswijzen worden ingediend. -----------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------Aan de raad,
1. Aanleiding Al enkele jaren is Rijkswaterstaat bezig met de voorbereidingen om te komen tot dijkversterking van de Waddenzeedijk. Hiervoor is een lang participatietraject doorlopen en heeft het de nodige tijd gekost om diverse vergunningen te verkrijgen. Alles is inmiddels zover dat bijna met de uitvoering in 2024 kan worden begonnen. Als slotstuk moet daarvoor de planologische procedure nog worden doorlopen om tot het verlenen van de benodigde omgevingsvergunning voor het uitvoeren van werken en werkzaamheden te komen. Die benodigde procedure ligt met dit advies voor.
2. Beoogd resultaat Het toepassen van de uitgebreide afwijkingsprocedure om te komen tot een omgevingsvergunning voor het uitvoeren van de dijkversterking.
3. Argumenten 1. De aanvraag is in strijd met de planologische regels. Medewerking kan alleen door toepassing te geven aan de uitgebreide afwijkingsprocedure. De dijkversterking is na uitgebreide participatie zodanig vormgegeven dat er geen sprake is van verhoging van de dijk. Daarmee behouden mensen aan de zuidzijde van de Dorpsstraat hun bestaande uitzicht. Om vervolgens wel de versterking te realiseren wordt de dijk ca 10 m breder. Daarnaast verandert het profiel van de dijk alsmede de mogelijkheden van gebruik. Een en ander is uitgebreid beschreven in bijgaande ruimtelijke onderbouwing. Een weergave van de verandering is op onderstaande figuren zichtbaar gemaakt.
In de huidige situatie ligt de dijk binnen de bestemmingsplannen ‘Vlieland kom’ en ‘Buitengebied Vlieland’. De beoogde dijkversterking leidt ertoe dat het planvoornemen tevens binnen de contouren van de Beheersverordening ‘Waddenzee en Noordzee’ komt te liggen. Het planvoornemen is niet in strijd met het bestemmingsplan ‘Vlieland kom’. In het bestemmingsplan geldt de bestemming ‘Water – Waterkering’. De voor ‘Water – Waterkering’ aangewezen gronden zijn bestemd voor werken ten behoeve van de primaire waterkering en watergeleiding. Het bestemmingsplan ‘Buitengebied Vlieland’ laat het planvoornemen niet toe. In het bestemmingsplan geldt de bestemming ‘Natuur’ en de gebiedsaanduiding ‘vrijwaringszone – duin’. De voor 'Natuur' aangewezen gronden zijn bestemd voor het behoud, het herstel en/of de ontwikkeling van de natuurwetenschappelijke en de landschappelijke waarden en in beperkte mate voor ‘zeedefensie’. Hoewel een dijk kan worden aangemerkt als zeedefensie, is het uitbreiden van de dijk als een aparte activiteit niet zonder meer toegelaten. De natuurbestemming laat een dijkversterking niet toe. De Beheersverordening ‘Waddenzee en Noordzee’ laat het planvoornemen niet toe.
De voor ‘Water’ aangewezen gronden zijn bestemd voor het behoud en het herstel van de natuurlijke, cultuurhistorische en landschappelijke waarden van het getijdengebied Waddenzee en Noordzee, ten behoeve waarvan normaal onderhoud is toegelaten. Het versterken van de dijk is geen normaal onderhoud. De waterbestemming laat een dijkversterking niet toe. Het planvoornemen is daarmee in strijd met de geldende planologische regels. Een dijkversterking valt niet binnen de reikwijdte van artikel 4, bijlage 2, Bor, de zogenaamde kruimelregeling. Medewerking kan alleen plaatsvinden door toepassing te geven aan de uitgebreide afwijkingsprocedure. Om die procedure te kunnen volgen en de omgevingsvergunning te kunnen verlenen, is een verklaring van geen bedenking van uw raad nodig.
2. Er zijn geen beletselen om toepassing te geven aan de afwijkingsprocedure. De raad moet hiervoor een ontwerpverklaring van geen bedenking afgeven. In het belang van een snelle vergunningverlening is het wenselijk dat bij het uitblijven van zienswijzen de raad niet opnieuw over hetzelfde besluit hoeft te beslissen. Wij verwijzen uw raad naar bijgaande ruimtelijke onderbouwing en deze als onderliggende motivering voor afgifte van de ontwerpverklaring te benutten. Daarin is het volledige project beschreven en is ook ingegaan op de relatie met het geldende beleid en alle relevante omgevingsaspecten. Uit die volledige analyse blijkt dat er geen beletselen zijn om medewerking te verlenen aan de dijkversterking. In paragraaf 5.1. is bovendien beschreven op welke wijze participatie heeft plaatsgehad en wat daarmee is gedaan. Voor het dorp is het van groot belang dat de veiligheid zoveel mogelijk gewaarborgd is. Met name voor de toekomstige generaties is een leefbaar dorp en een veilige woonsituatie van levensbelang. De dijkversterking is daarvoor noodzakelijk. Los daarvan is het tevens van belang dat de primaire waterkering voldoet aan de daarvoor gestelde wettelijke normen. De archeologische en cultuurhistorische waarden verdienen nog nadere aandacht.
Naar aanleiding van het onderzoek dat tot dusver heeft plaatsgehad voor de op te stellen gemeentelijke archeologische en cultuurhistorische beleidsadvieskaarten, is RWS van gemeentewege gevraagd om het onderzoek in het kader van de dijkversterking te actualiseren. In paragraaf 4.4. van de ruimtelijke onderbouwing is een en ander uitvoerig beschreven. Wij verwijzen uw raad naar de tekst in die paragraaf. De conclusie is dat de waarden de dijkversterking en de vergunningverlening niet in de weg staan, maar dat er voorafgaand aan en tijdens de uitvoering nog wel het nodige moet worden onderzocht en vastgelegd. RWS heeft dat in haar eigen conclusie in 4.4.3. ook als zodanig verwoord. Wij stellen uw raad voor om ten behoeve van de uitgebreide afwijkingsprocedure een ontwerpverklaring van geen bedenking af te geven. Het besluit van uw raad is in eerste aanleg een ontwerpbesluit. Dat ontwerpbesluit om een verklaring van geen bedenking af te geven moet tegelijkertijd met het ontwerpbesluit om een omgevingsvergunning te verlenen zes weken ter visie worden gelegd. Tegen beide besluiten kan door een ieder zienswijzen worden ingediend. Wij stellen uw raad voor, in geval er geen zienswijzen worden ingediend, om het ontwerpbesluit met betrekking tot de verklaring van geen bedenking meteen vanwege ook als definitief besluit te mogen beschouwen, zodat we niet opnieuw naar uw raad toe hoeven.
Op het moment dat er wel zienswijzen komen, dan zullen de zienswijzen voorgelegd worden aan uw raad om een definitief besluit over de verklaring van geen bedenking te kunnen nemen. 4. Kanttekeningen/risico’s Een kanttekening die wij willen maken, is de aansluiting van de dijk op de Postweg en op het Havenplein. Dat is op dit niveau van planvorming en vergunningverlening nog niet volledig uitgewerkt maar vraagt om de nodige aandacht. Een en ander speelt op het niveau van de uitvoering. Vooral het Havenplein is een uitdaging omdat met name fietsers, maar ook het onderhoudsverkeer, vanaf de buitenzijde van de dijk het Havenplein betreden. Wij hebben vanuit de gemeente een lijst met aandachtspunten meegegeven, die aan de partijen, die op het werk hebben ingeschreven, is verstrekt. De partijen is gevraagd om met suggesties voor oplossingen te komen. Op het moment dat een partij het werk wordt gegund, zal daarover vervolgoverleg plaats moeten hebben om te voorkomen dat er problematische situaties ontstaan.
5. Uitvoering De uitvoering is gericht op het begeleiden van de procedure en het komen tot vergunningverlening.
6. Communicatie De ontwerpbesluiten worden gepubliceerd op Mijnoverheid.nl en in het Kastje.
7. Financiën Voor het verlenen van de omgevingsvergunning moeten leges worden betaald.
8. Juridische Zaken Tegen de ontwerpbesluiten kunnen zienswijzen worden ingediend.
9. Bijlagen Bijlage 1: ruimtelijke onderbouwing Bijlage 2: ontwerpbesluit omgevingsvergunning
Vlieland, 18 april 2023 Burgemeester en wethouders van Vlieland, M. Schrier, burgemeester A. Idema, gemeentesecretaris
De raad van de gemeente Vlieland, gelezen: •
het voorstel van burgemeester en wethouders van 18 april 2023
•
de werkzaamheden voortvloeien uit de Waterwet, die voorschrijft dat primaire waterkeringen moeten voldoen aan de wettelijke normen voor waterveiligheid; de bestaande Waddenzeedijk op Vlieland op grond van die normen is afgekeurd; de werkzaamheden zien op een integrale versterking van de Waddenzeedijk; de werkzaamheden, het proces en de relatie met wet- en regelgeving is beschreven in de bijbehorende ruimtelijke onderbouwing;
overwegende dat:
• • •
gelet op: •
de Wet ruimtelijke ordening en de Wabo;
1.
een ontwerpverklaring van geen bedenking af te geven voor de dijkversterking van de Waddenzeedijk overeenkomstig de gedane aanvraag omgevingsvergunning; de ontwerpverklaring als definitieve verklaring te beschouwen in geval er geen zienswijzen worden ingediend en de ontwerpverklaring ongewijzigd blijft.
B E S L U I T:
2.
Aldus vastgesteld in de raad van de gemeente Vlieland in zijn openbare vergadering van 15 mei 2023 de griffier,
de voorzitter,
M.G. Brinksma-Brandenburg
M. Schrier