Bijlage 3. Overzicht aanpassingen Verordening bekostiging leerlingenvervoer Vlie 26
Tekst van het document
Betreft: Overzicht aanpassingen Verordening bekostiging leerlingenvervoer Vlieland 2026 Datum: 6 oktober 2025 In dit memo is ter onderbouwing en inzicht in de nieuw vast te stellen Verordening bekostiging leerlingenvervoer Vlieland 2026 een overzicht te vinden van de belangrijkste wijzigingen. Het betreft een update, waarbij zo veel mogelijk aangesloten wordt bij de Modelverordening Leerlingenvervoer van de VNG. Hier en daar zijn er aanpassingen aan het model gedaan, omdat fouten in het model niet overgenomen zijn, eerder gemaakte beleidskeuzes meegenomen moeten worden in de nieuwe verordening en omdat er in het model facultatieve zaken genoemd zijn, die wij niet willen overnemen. Er zijn geen inhoudelijke wetswijzigingen geweest, die noodzaken tot het aanpassen van de verordening. Wel is er een verschuiving van het wetsartikel over het leerlingenvervoer in de WVO (Wet op het Voortgezet Onderwijs), waardoor er een omnummering heeft plaatsgevonden. Deze wordt verwerkt in de nieuwe verordening. Verder zijn belangrijkste wijzigingen in de oude en nieuwe verordening de volgende: Als gevolg van de modelverordening: 1. Taalgebruik Er is in deze verordening gekozen voor een betere leesbaarheid en makkelijkere taal. 2. De opbouw is veranderd. In de huidige verordening is gekozen voor een indeling op basis van:
In de nieuw verordening is de indeling:
§ 1. Algemene bepalingen
§ 1. Definities
§ 2. Aanvraagproces
§ 2. Aanvraagprocedure
§ 3. Beoordelingsfase
§ 3. Beoordelingscriteria
§ 4. Onderzoeksfase
§ 4. (eigen) Bijdrage in de kosten
§ 5. Slotbepalingen
§ 5. Rechtmatigheid § 6. Slotbepalingen
Door de andere opbouw ontstaat een zeer onoverzichtelijke was-wordt-lijst als we woord voor woord vermelden hoe e.e.a. is aangepast. Daarom geven we de wijzigingen zo nauwkeurig mogelijk in hoofdlijnen aan. 3. Geen OOGO In de verordening is niet meer de opdracht aan het college opgenomen om het leerlingenvervoer in het OOGO te agenderen (dit is in de huidige verordening art. 5). 4. Vervoerstraining (art. 17) Middels dit nieuwe artikel is het mogelijk om een vervoerstraining aan te bieden. Het doel daarvan is om de zelfredzaamheid van de leerling te vergroten, zodat deze onafhankelijker wordt van taxivervoer.
5. Eigen vervoer In de nieuwe verordening (in art. 20) wordt in een vroeger stadium in het aanvraagproces aan ouders gevraagd of zij zelf bereid en in staat zijn om tegen een vergoeding hun eigen kind met hun eigen auto te vervoeren. Dit kan niet verplicht worden, maar brengt de gemeente wel meer in gesprek met ouders. Nieuw opgenomen (staat niet in modelverordening en/of bestaande verordening): 6. Vaste instroommomenten bij start van maand (art. 6) Door nieuwe leerlingen en overige mutaties steeds op vaste momenten te laten plaatsvinden wordt rust en meer overzicht gecreëerd. Hierdoor is voor iedereen duidelijk wanneer er wisselingen kunnen zijn in de bezetting in het voertuig en in de ophaal-/afzettijden. Bovendien kunnen ouders en scholen vooraf veel meer rekening houden met de instroommomenten en is de vervoersplanning beter te managen, waardoor o.a. de stiptheid van het vervoer niet negatief beïnvloed wordt. 7. Heen en weer-regeling (art. 25) Er wordt aangesloten bij de Heen en weer regeling van Ameland. Dit maakt de uitvoering eenduidiger. Voor Vlieland betekent het dat er voor het eerst een heen en weer regeling komt, waardoor er voor een beperkt aantal klassen het onderwijs buiten Vlieland (vmbo basis/kader 3 en 4 op Terschelling) een vervoerskostenvergoeding kan worden verstrekt. Verdere kleinere aanpassingen: 8. Nieuwe definities (art.
1) voor - Persoonlijk vervoersontwikkelingsplan - Praktijkonderwijs 9. Er kan een medewerker uit een ander domein betrokken worden bij de beoordeling van een aanvraag (art. 2). 10. Ter verduidelijking is overal in de verordening ‘voortgezet onderwijs’ aangevuld met het woord ‘regulier’, waardoor overal gesproken wordt over ‘regulier voortgezet onderwijs’, wanneer het vmbo (waaronder ook Praktijkonderwijs), de havo of het vwo wordt bedoeld. 11. De fietskilometervergoeding is gekoppeld aan een belastingvrij kilometerbedrag, waardoor deze automatisch geïndexeerd wordt. De fietskilometervergoeding bedraagt de helft van de autokilometervergoeding (art. 18). 12. Wanneer ouders naast hun eigen kind ook een ander kind gaan vervoeren, ontvangen zij een hogere vergoeding (art. 20). 13. In de hardheidsclausule (artikel 29) zijn de woorden ‘bijzondere gevallen’ gewijzigd in ‘uitzonderlijke gevallen’. Hiermee is duidelijker in welke gevallen de hardheidsclausule wordt toegepast en is er geen kans op precedentwerking. Dit sluit overigens aan op de huidige werkwijze.