15 raadsvoorstel MJOP rioleringen.docx
Tekst van het document
Raadsvergadering
: 6 september 2021
Agendapunt
: 15
Onderwerp
: Meerjarenonderhoudsplan Rioleringen
Beslispunten 1. Het Meerjarenonderhoudsplan rioleringen vast te stellen.
Samenvatting Het college stelt jaarlijks een meerjarenonderhoudsplan rioleringen vast. Dit jaar wordt de meerjarenplanning ook expliciet ter vaststelling aan de raad aangeboden. In voorgaande jaren gebeurde dat impliciet bij vaststelling van de begroting. In de meerjarenplanning wordt een vooruitblik gemaakt van de benodigde vervangingsinvesteringen en onderhoudswerkzaamheden aan het rioolstelsel in de komende tien jaar. Anders dan tot nu toe moeten ook de BTW en de overheadkosten bij de kosten voor het onderhoud van het rioolstelsel worden betrokken. Dat heeft tot gevolg dat de komende jaren de rioolheffing extra moet worden verhoogd. -----------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------Aan de raad, 1. Aanleiding Sinds geruime tijd stelt het college jaarlijks een meerjarenonderhoudsplan rioleringen vast. Dit jaar wordt de meerjarenplanning ook expliciet ter vaststelling aan de raad aangeboden. In voorgaande jaren gebeurde dat impliciet bij vaststelling van de begroting. In de meerjarenplanning wordt een vooruitblik gemaakt van de benodigde vervangingsinvesteringen en onderhoudswerkzaamheden aan het rioolstelsel in de komende tien jaar. De onderligger van de meerjarenraming is het Gemeentelijk RioleringsPlan, dat een looptijd heeft van 2016 – 2023.
Hierin is voor de kapitaalgoederen een berekening gemaakt voor een periode van 60 jaar. De voorziening rioleringen moet over deze periode positief zijn om de noodzakelijke onderhoudswerken aan het riool te kunnen bekostigen.
2. Beoogd resultaat Een vastgestelde meerjarenplanning en kostenraming, die basis is voor de begroting 2022.
3. Argumenten 1.1 Toerekening BTW Tot nu toe werd de BTW niet meegerekend bij de kosten van het onderhoud van het rioolstelsel. De BTW kan worden verrekend via het BTW compensatiefonds. De gemeente mag echter bij bepaling van de omvang van de lasten ten behoeve van de berekening van de toegestane hoogte van de tarieven de geraamde BTW meenemen (229b, lid 2b Gemeentewet22). De reden hiervan is dat vóór de invoering van het BTW compensatiefonds (BCF) dit ook toegestaan was en de gemeente bij de invoering van het BTW compensatiefonds anders een niet bedoeld inkomstenverlies zou hebben geleden. De wettelijke bepaling dat de BCF-BTW mag worden doorberekend in de heffing (artikel 229b, lid 2, sub b Gemeentewet) geldt voor de riool- en afvalstoffenheffing en de rechten genoemd in de artikel 229, lid 1, sub a en b Gemeentewet en artikel 223, lid 1 Provinciewet, 22 Met gelijksoortige bepalingen voor de rioolheffing en de afvalstoffenheffing.- 27 - alsmede voor overige gemeentelijke en provinciale rechten waarop artikel 229b Gemeentewet respectievelijk artikel 225 Provinciewet van overeenkomstige toepassing zijn.
Het gaat hierbij om alle BCF-BTW, dus zowel de BTW die drukt op goederen en diensten die direct als last op de exploitatie drukken of via een voorziening lopen, als ook de BTW die drukt op de investeringen, onverschillig of deze worden geactiveerd of uit een voorziening worden gedekt. Het is dan ook belangrijk dat in de financiële paragraaf van het onderhouds- en investeringsplannen (zoals het GRP) de (compensabele) BTW afzonderlijk zichtbaar wordt gemaakt. Dit geldt ook voor de toelichting op de ramingen in de begroting. De lasten ramingen in de begroting zijn exclusief BTW, in de toelichting moet ook de compensabele BTW van alle geraamde bestedingen in het betreffende jaar blijken (dus ook de BTW die drukt op de ten laste van de voorzieningen te brengen bestedingen en de te activeren investeringen). Doordat in het tarief van een recht of een heffing ook de declarabele BCF-BTW van een recht mag worden meegenomen, kunnen in de begroting de geraamde baten hoger zijn dan de geraamde lasten van de taak (maximaal ter grootte van de declarabele BTW component, namelijk in geval van een kostendekkend tarief). Voor de declarabele BCF-BTW die wordt meegenomen in het tarief bestaat geen wettelijke verplichting om het BTW bedrag te besteden aan de betreffende heffing of recht.
De in het tarief betrokken declarabele BTW vormt in feite een vergoeding van inkomensverlies veroorzaakt door de verlaging van het gemeentefonds door de uitname van de compensabele BTW. Het is daarom geen ‘beklemd middel derden’. Het BTW bedrag mag dan ook niet worden opgenomen in de voorziening ex artikel 44, lid 2 BBV als middelen derden en moet worden aangewend als algemeen dekkingsmiddel (algemene of bestemmingsreserve) 1.2. Toerekening Overhead Kostendekkendheid Sinds het begrotingsjaar 2017 moet er in de paragraaf lokale heffingen inzicht worden gegeven in de mate van kostendekkendheid per heffing: hierbij mogen de geraamde baten de geraamde lasten niet overschrijden voor wat betreft heffingen en rechten. De berekening van de kostendekkendheid van de tarieven moet inzichtelijk maken dat de totale geraamde baten van verordening niet uitgaan boven de totale (macro) geraamde lasten van de verordening. Daarbij is het van belang dat de berekening onderscheid maakt tussen directe lasten uit het betreffende beleidsprogramma en de toerekening van de overhead. In de meerjarenramingriereingen is voor de overhead een percentage van 22% aangehouden, berekend over alle kosten. 1.3. In het Meerjaren Onderhoudsplan zijn de voorziene kosten en investeringen voor de komende 10 jaar opgenomen.
Voor 2022 betreft dit de vervanging van het riool op de Vlaminghweg en de Berkenlaan, waarvan de voorbereiding al in gang is gezet. Nieuw is de vervanging van de besturingssoftware van de schuif in de spuiduiker door de dijk. De signaleringsfunctie functioneert door externe omstandigheden niet
meer naar behoren. Voorts staat voor 2022 de vervanging van het riool in de Esdoornlaan gepland, waarvoor dit jaar wegens capaciteitsgebrek onvoldoende tijd beschikbaar is. Nieuw is ook een jaarlijks bedrag ( € 2.500 / j) voor een beheerpakket (‘Kikker’) waarin de eigenschappen van het rioolstelsel kunnen worden beheerd. De maatregelen die vanaf 2023 zijn gepland stonden al in het meerjarenplan van vorig jaar en / of volgen rechtstreeks uit het GRP 2016 – 2023. Bijlage 2 betreft het raadsvoorstel om de MJOP rioleringen ter vaststelling aan de raad aan te bieden. Het raadsvoorstel is inhoudelijk gelijk aan dit B&W-advies. 4. Kanttekeningen/risico’s Doordat BTW en overhead nu volledig worden doorberekend in de lasten van het rioolsysteem zijn de huidige baten van de rioolheffing op termijn niet toereikend. Financiën maakte in feite de berekening altijd wel al zo. Alleen kwam de begroting van riolering daardoor niet 1:1 niet overeen met het MJOP. Die onvolkomenheid wordt nu opgelost. In de voorziening worden de verschillen geëgaliseerd tussen de gerealiseerde lasten en de gerealiseerde baten van het product 750 (rioleringen, alle kostensoorten), zodanig dat 100% kostendekking gerealiseerd wordt (inclusief BTW en overhead). Met de voorziening kunnen jaren of perioden met hoge kosten worden gecompenseerd met jaren of perioden met lage kosten.
Er is geen maximum aan de voorziening verbonden. Zonder verhoging van de heffing zou de voorziening al in 2027 negatief worden, terwijl er in dat jaar volgens het GRP nog € 340.000 in de voorziening zou moeten zitten om toekomstige uitgaven te kunnen dekken. Om de voorziening op het peil te houden zoals in het GRP berekend, zal de komende 10 jaar jaarlijks een nominale (dus zonder inflatie gerekend) verhoging van de rioolheffing nodig zijn van 5%. Daarna kan zoals nu voorzien de verhoging van de heffing in twee jaar naar 0% worden teruggebracht. 5. Uitvoering De meerjarenraming verwerken in de begroting 2022 Uitvoering werken als gepland. 6. Communicatie
7. Financiën De kosten en benodigde inkomsten van de rioolheffing zijn weergegeven in het Meerjaren Onderhoudsplan. Zie ook bij ‘Kanttekeningen’. 8. Juridische Zaken -
9. Bijlagen Bijlage 1. Meerjarenonderhoudsplan rioleringen
Vlieland, 17 augustus 2021 Burgemeester en wethouders van Vlieland, M. Schrier, burgemeester A. Idema, gemeentesecretaris
De raad van de gemeente Vlieland, gelezen: het voorstel van burgemeester en wethouders van 17 augustus 2021 overwegende dat: een actuele meerjarenraming nodig is voor het op termijn in goede staat kunnen houden van het rioolstelsel
B E S L U I T:
het Meerjarenonderhoudsplan rioleringen vast te stellen.
Aldus vastgesteld in de raad van de gemeente Vlieland in zijn openbare vergadering van 6 september 2021 de griffier,
de voorzitter,
M.G. Brinksma-Brandenburg
M. Schrier