CConstaterende datVlaardingen
Koppel je AI →
Document · PDF

Verzoek agendering Grens bebouwde kom en Bomenverordening

Gemeenteraad 16 december 2021, gemeente VlaardingenBij agendapunt: Bomenverordening 2021 en grens bebouwde kom artikel 4.1 Wet natuurbescherming4.353 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Wethouder

Brief Aan De raadsagendacommissie Portefeuillehouder Bart de Leede Onderwerp Verzoek om de raadsvoorstellen ‘Grens bebouwde kom art 4.1 Wet natuurbescherming en vaststellen Bomenverordening 2021’ opnieuw te agenderen Datum 3 november 2021

Registratienummer

Aantal bijlagen 1

Geachte leden van de agendacommissie, Door middel van deze brief verzoek ik u om de raadsvoorstellen ‘Grens bebouwde kom art 4.1 Wet natuurbescherming en vaststellen Bomenverordening 2021’ opnieuw te agenderen voor de eerst mogelijke beeldvormende raadscommissie. Op 1 juli 2021 zijn de onderwerpen Grens bebouwde kom art. 4.1 Wet natuurbescherming (hierna Wnb) en de nieuwe Bomenverordening 2021 in de raadscommissie behandeld. Uiteindelijk heeft dat niet geleid tot behandeling in de raad van 14 juli 2021. Men zou graag de jurisprudentie (de uitkomst van de rechtszaak die Stichting Boombehoud tegen de gemeente heeft aangespannen) willen afwachten zodat deze bij de beraadslaging kan worden meegenomen en men zou graag ruimer in commissieverband over dit voorstel willen spreken dan tot nu toe gedaan is. In deze brief zet ik uiteen over welke rechtszaak het gaat, waarom dat geen relatie heeft met de voorstellen ‘Grens Bebouwde kom art. 4.1 Wnb’ en ‘de Bomenverordening 2021’ die op 6 april 2021 in het college zijn behandeld. Vervolgens voer ik argumenten aan waarom langer uitstel van de behandeling van deze twee onderwerpen ongewenst is. Ik besef dat het een heel verhaal is. Het geeft u wel een compleet beeld van dit complexe onderwerp. Misschien heeft u na het lezen van deze brief nog vragen. Als bijlage treft u op voorhand antwoorden op uw mogelijke vragen aan.

Rechtszaak In het kort: Stichting Boombehoud Vlaardingen (hierna SBV) heeft een rechtszaak tegen de Gemeente Vlaardingen aangespannen met als achtergrond ‘noodzakelijke bomenkap ten behoeve van vestiging Scouting in de Broekpolder’. Het juridische geschil voor de rechtbank gaat in eerste instantie om een formeel punt, namelijk: het wel of niet ontvankelijk zijn van SBV. Wanneer de rechtbank uitspraak doet, is niet bekend. Op dit moment ook nog niet duidelijk of er eerst nog een zitting komt. Normaliter (buiten covid) probeert de rechtbank binnen een jaar na binnenkomst van een beroepschrift de zaak op de rol te hebben. Nu zijn er achterstanden bij de rechtbank. Niet bekend is wanneer de rechtbank de zaak zal behandelen of uitspraak zal doen. Hieronder geef ik de aanleiding en achtergrond weer, het traject tot nu toe en mogelijke beoordelingen van de rechtbank.

Wat is de aanleiding voor SBV? De Stichting Scouting Vlaardingen (hierna Scouting) heeft een kavel (die in eigendom is van de gemeente) in de Broekpolder als nieuwe locatie aangewezen gekregen. Deze nieuwe locatie bevindt zich buiten de bebouwde kom in de Broekpolder aan de Watersportweg in Vlaardingen op een perceel langs de Vlaardingse vaart, midden in de natuur. Voor het realiseren van het nieuwe scoutingterrein (diverse gebouwen en de inrichting terrein) is ruim 8.000 m2 bos geveld. Uit extern onderzoek, dat in opdracht van de gemeente vooraf is uitgevoerd, bleek dat het behoud van de bomen op dit bosperceel geen optie was, mede omdat het terrein vanwege saneringseisen opgehoogd moest worden met circa 30 cm tot 50 cm. De kwaliteit van het bos was matig tot slecht. Begin 2019 heeft de provincie, als bevoegd gezag op grond van de Wet natuurbescherming, de door de Scouting ingediende melding voor de velling van 82 are bosareaal gecontroleerd en goedgekeurd. Begin november 2019 is het vellen van de houtopstanden gestart en half november 2019 afgerond. Inmiddels staan de gebouwen op de locatie. De provincie heeft een herplantverplichting op grond van de Wet natuurbescherming opgelegd, het perceel grond waarop de gevelde houtopstand stond moet voor 14 november 2022 conform de door de provincie omschreven eisen op een bosbouwkundig verantwoorde wijze worden herplant.

De Omgevingsdienst Zuid-Holland Zuid ziet hierop toe namens Gedeputeerde Staten van Zuid-Holland. Volgens de laatste berichten wordt de herplant dit najaar (2021) uitgevoerd door de Scouting. SBV is het niet eens met deze gang van zaken bij de casus van de Scouting Zij heeft op 2 juni 2020 per brief verzocht de Bomenverordening Vlaardingen 2010 te handhaven voor wat betreft het vaststellen van een vervangingsverplichting op grond van artikel 7 van de Bomenverordening voor de in november 2019 gekapte bomen ter plaatse van het nieuwe scoutingterrein in de Broekpolder. Namens het college is op 7 juli 2020 (per brief) in het kort de meldingsprocedure van artikel 4.2 Wnb beschreven en aangegeven dat de provincie drie jaar na het vellen zal beoordelen of voldaan is aan de door de provincie opgelegde herplantplicht uit artikel 4.3 Wnb. Vervolgens is in de brief uitgelegd dat de Bomenverordening Vlaardingen 2010 in deze situatie niet van toepassing is, omdat het scoutingterrein is gelegen buiten de bebouwde kom en vanaf 1 januari 2015 bepalingen uit de Bomenverordening, die in strijd zijn met de vanaf 1 januari 2015 gewijzigde Boswet, van rechtswege zijn vervallen en sinds die tijd ook niet meer (kunnen) worden toegepast.

Omdat er in deze situatie geen omgevingsvergunningplicht bestond, hebben wij verder aangegeven dat wij dan ook geen gebruik kunnen maken van de mogelijkheid een herplantvoorschrift op te leggen uit de Bomenverordening Vlaardingen 2010, de provincie is in deze casus het enige bevoegde gezag en niet de gemeente Vlaardingen voor wat betreft het kappen van het perceel bos en het opleggen van een herplantverplichting. Tot slot hebben wij aangegeven dat feitelijk de gemeente, als eigenaar van de grond, de herplantplicht uit de Wnb opgelegd krijgt en de uitvoering van de herplant, waarbij Stichting Boombehoud door de Scouting is betrokken, zullen monitoren. Het standpunt van de gemeente (komt ook terug als geschil in de rechtszaak) is dat deze informatieve brief van 7 juli 2020 geen besluit is in de zin van artikel 1:3 Algemene wet bestuursrecht en heeft dan ook geen bezwaarclausule. SBV ziet deze brief van 7 juli 2020 echter wel als een besluit in de zin van artikel 1:3 Algemene wet bestuursrecht en dient een bezwaarschrift in op 20 juli 2021. SBV ziet in de brief een afwijzing van het handhavingsverzoek om een vervangingsverplichting vast stellen voor de gekapte bomen op het scoutingterrein op grond van de Bomenverordening.

Ook is zij het oneens met het standpunt van de gemeente dat het kapverbod van artikel 2, lid 1, van de Bomenverordening Vlaardingen 2010 niet van toepassing is op het buiten de bebouwde kom gelegen scoutingterrein. Uitleggesprekken Naar aanleiding het bezwaarschrift is de gemeente in gesprek gegaan met SBV. Er hebben twee uitleggesprekken plaatsgevonden, waarvan de laatste eind november 2020. Begin december 2020 heeft SBV aangegeven dat zij haar bezwaarschrift graag verder behandeld zag worden door de bezwaaradviescommissie, waarna dit traject is gestart. In het verweerschrift ten behoeve van de bezwaaradviescommissie d.d. 26 januari 2020 is het college uitvoerig ingegaan op het naar zijn oordeel toepasselijke wettelijke kader, de gevolgde (meldings)procedure en de door de provincie opgelegde herplantverplichting op grond van de Wnb. Ook is er gesproken over de actualisering van het bomenkader dat in voorbereiding was.

2

Advies Bezwaarschriftencommissie Het advies van de Algemene kamer van de commissie bezwaarschriften d.d. 23 maart 2021 is om SBV niet-ontvankelijk te verklaren in haar bezwaren. De Kamer heeft op grond van de stukken en hetgeen tijdens de zitting naar voren is gebracht onder andere vastgesteld dat: “De Bomenverordening 2010 is vanaf 1 januari 2015 met de wijziging van de Boswet, maar in elk geval op 1 januari 2017 na inwerkingtreding van de Wet natuurbescherming voor het vellen van houtopstanden buiten de bebouwde kom niet meer in werking, omdat de Wet natuurbescherming hiervoor, voor zover het een houtopstand betreft die voldoet aan de definitie van houtopstand in deze wet, in de plaats is getreden. De houtopstand die in het geding is in de Broekpolder voldoet onweersproken aan de definitie in deze wet, te weten: een oppervlakte van tien are of meer, of een rijbeplanting die meer dan twintig bomen omvat, gerekend over het totaal aantal rijen.

Voor wat betreft het vellen van houtopstand in de zin van de Wet natuurbescherming is het de taak van de provincie in het gebied buiten de bebouwde kom bosareaal te beschermen en ervoor te zorgen dat via het opleggen van een herplantplicht bosareaal binnen drie jaar wordt gecompenseerd conform de procedures in deze wet en de Omgevingsverordening Zuid-Holland van de provincie.” Tegen deze achtergrond heeft de Kamer een oordeel gegeven over de vraag of de brief van de gemeente van 7 juli 2020 een besluit is in de zin van artikel 1:3 van de Algemene wet bestuursrecht. Het onafhankelijke advies komt er op neer dat de (uitleg)brief van 7 juli 2020 geen besluit is waardoor er geen bezwaar en beroep openstaan. In de beslissing op bezwaar van de gemeente d.d. 1 april 2021 is het gegeven advies opgevolgd: de brief van het college van 7 juli 2020 houdt geen besluit in de zin van artikel 1:3 lid 1 Algemene wet bestuursrecht in, maar een bestuurlijk rechtsoordeel, waartegen geen bezwaar en beroep openstaan. Omdat SBV het niet eens is met deze beslissing op bezwaar heeft SBV beroep aangetekend bij de rechtbank Rotterdam. Mogelijke oordelen Rechtbank in de casus Scouting De rechtbank zal dus eerst moeten beoordelen of Stichting Boombehoud Vlaardingen al dan niet ontvankelijk is.

Met andere woorden: moet de brief van de gemeente van 7 juli 2020 gezien worden als een afwijzing van een verzoek tot handhaving van de vervangingsverplichting (besluit waartegen bezwaar openstaat) of is de brief van de gemeente van 7 juli 2020 een bestuurlijk rechtsoordeel (waartegen geen bezwaar mogelijk is). -

Als de rechtbank van oordeel zou zijn dat SBV inderdaad niet-ontvankelijk is dan komt de rechtbank verder niet toe aan de behandeling van de overige inhoud van het beroep van SBV. Als de rechtbank van oordeel zou zijn dat SBV wel ontvankelijk is (en de brief van de gemeente gezien moet worden als een afwijzing van een verzoek tot handhaving van de vervangingsverplichting) dan is de vraag hoe de rechter verder oordeelt over het geschil.

Als de rechtbank zou beslissen dat SBV wel ontvankelijk is dan gaat het geschil over de inhoudelijke beroepsgronden die SBV heeft aangevoerd in haar beroepschrift. Hier is in het verweerschrift dat aan de rechtbank is gestuurd rekening mee gehouden. De standpunten van de gemeente komen neer op het volgende. Welk belang heeft SBV om een handhavingsverzoek te doen tot het opleggen van een herplantplicht uit de bomenverordening voor wat betreft de gekapte bomen op het perceel van de scouting? De provincie heeft namelijk al een herplantplicht opgelegd. Bovendien is er geen sprake van een verplichting voor de gemeente tot het opleggen van een herplantplicht in de Bomenverordening. Dit is een bevoegdheid en geen verplichting. Een verzoek tot handhaving kan niet gedaan worden voor een bevoegdheid tot herplanten. Daarnaast wordt in het verweerschrift aangegeven dat college bij zijn standpunt blijft dat in deze Scoutingcasus (buiten de bebouwde kom en ruim 8.000m2 groot perceel) de Bomenverordening Vlaardingen 2010 niet van toepassing is (van rechtswege vervallen bepalingen vanaf 1 januari 2015 en zeker vanaf 1 januari 2017) en het juist was dat de provincie hierover ging via de Wet natuurbescherming.

3

Samengevat gaat het juridische geschil voor de rechtbank in deze beroepszaak dus concreet over de casus Scouting en dan in eerste instantie om de vraag of SBV ontvankelijk is in haar beroep. Deze rechtszaak staat dus los van het vaststellen van de Bebouwde komgrens in het kader van de Wet natuurbescherming en de nieuwe Bomenverordening 2021. Besluitvorming in het college 6 april 2021 en 15 juni 2021 – raadscommissie 1 juli 2021 Op 6 april 2021 heeft het college besloten om de geactualiseerde bebouwde komgrens in het kader van artikel 4.1 Wnb in concept vast te stellen en ter inzage te leggen conform afdeling 3.4 Algemene wet bestuursrecht alvorens aan de raad een definitief voorstel voor te leggen. Op 15 juni 2021 heeft het college het raadsvoorstel tot vaststelling van de bebouwde komgrens als bedoeld in artikel 4.1 van de Wet natuurbescherming, overeenkomstig de in de bijlage opgenomen kaart "Bebouwde komgrens artikel 4.1 Wet natuurbescherming", inclusief de bijbehorende Nota van Beantwoording vastgesteld. Ook op 6 april 2021 heeft het college het raadsvoorstel tot vaststelling van de Bomenverordening Vlaardingen 2021 met bijbehorende toelichting vastgesteld. Beide stukken zijn geagendeerd in de raadscommissie van 1 juli 2021. Met SBV is ook over beide onderwerpen uitvoerig gesproken. Hieronder geef ik aan waarom langer uitstel van behandeling ongewenst is.

Langer uitstel van behandeling door de raad is ongewenst De huidige Bomenverordening Vlaardingen dateert van 2010. In de tussenliggende tijd is de wetgeving veranderd: zo vervangt de Wet natuurbescherming sinds 2017 de Boswet, de Natuurbeschermingswet 1998 en de Flora- en faunawet. Met deze nieuwe Bomenverordening wordt aangesloten op de terminologie van de Wet natuurbescherming. Door vaststelling van de nieuwe Bomenverordening Vlaardingen 2021 wordt ook voorgesorteerd op opname van bepalingen van de nieuwe Bomenverordening in het toekomstige Omgevingsplan in het kader van de Omgevingswet die waarschijnlijk op 1 juli 2022 in werking treedt. De nieuwe Bomenverordening is van belang omdat de omgevingsvergunning voor vellen ook ten tijde van de Omgevingswet blijft bestaan. Ten opzichte van de Bomenverordening 2010 zijn er enkele wijzigingen doorgevoerd die de leesbaarheid, praktische uitvoering en de juridische houdbaarheid verbeteren. Noodzakelijkheid nieuwe Bomenverordening én Grens bebouwde kom Wnb Een nieuwe Bomenverordening is noodzakelijk omdat de huidige verordening inmiddels 11 jaar oud is en actualisatie noodzakelijk is. Vanwege nieuwe wetgeving (Wet natuurbescherming) is een aantal bepalingen uit de bomenverordening inmiddels (van rechtswege) vervallen en voor andere bepalingen geldt dat zij moeten worden aangepast aan de terminologie van de Wnb.

Dit betekent dat de huidige tekst van de bomenverordening juridisch niet meer actueel is en dit leidt in praktijk tot onduidelijkheden en juridische risico’s inzake de houdbaarheid van bepalingen. Daarnaast is actualisatie van de bomenverordening noodzakelijk vanwege de relatie met de bebouwde komgrens in het kader van de Wnb en de daaraan gekoppelde bevoegdheidsverdeling tussen de provincie en de gemeente ten aanzien van het vellen en in samenhang daarmee herplanten van houtopstanden. Om die reden worden beide onderwerpen tegelijkertijd geagendeerd. Het is niet mogelijk om de grens bebouwde kom in het kader van de Wnb vast te stellen zonder tegelijkertijd een wijziging door te voeren op de huidige bomenverordening. Zoals hierboven is aangegeven dient de huidige bomenverordening op zichzelf ook al geactualiseerd te worden. De vaststelling van de bebouwde komgrens in het kader van de Wnb biedt duidelijkheid over de grens waarbinnen de Bomenverordening Vlaardingen 2021 van toepassing is. Het geeft duidelijkheid over de bevoegdheid van de gemeente als bevoegd gezag voor het stedelijk gebied en over de bevoegdheid van de provincie Zuid-Holland in het buitengebied in het kader van de Wet natuurbescherming.

Om omgevingsvergunningen voor vellen van houtopstanden juridisch te kunnen toetsen, is een heldere, praktisch uitvoerbare en juridische houdbare bomenverordening voor iedereen belangrijk. Naar alle waarschijnlijkheid treedt op 1 juli 2022 de Omgevingswet in werking. Op het moment dat de huidige bomenverordening voor die tijd niet vervangen is door een geactualiseerde, juridisch houdbare verordening en er geen grens bebouwde kom in het kader van de Wnb zou zijn vastgesteld dan kan dit

4

leiden tot meer onduidelijkheid over welke regels van toepassing zijn binnen en buiten de bebouwde kom. Immers de Omgevingswet gaat in het overgangsrecht uit van een vastgestelde grens Wnb. Als deze grens niet op de juiste wijze is vastgesteld, gelden formeel binnen de bebouwde komgrens alleen de regels van de Wet natuurbescherming. Ook om die reden is het zeer gewenst om tot vaststelling van de grens bebouwde kom in het kader van de Wnb over te gaan. Ruimte voor de gemeente voor het stellen van regels buiten de bebouwde komgrens De gemeente is bevoegd binnen de door de gemeenteraad vastgestelde bebouwde komgrens Wnb regels te stellen over houtopstanden in een bomenverordening. Buiten deze bebouwde komgrens en binnen de gemeentegrens kan de gemeente alléén regels stellen voor zover dit niet de bevoegdheid van de provincie betreft. In de nieuwe bomenverordening wordt voor het gebied buiten de bebouwde komgrens Wnb bepaald dat het college bijzondere houtopstand, zoals een monumentale boom of een waardevolle boom of structuur kan aanwijzen waarmee deze onder de bescherming van de bomenverordening worden gebracht. Zonder vastgestelde Grens en zonder vastgestelde nieuwe Bomenverordening is dit juridisch onmogelijk, want is de provincie het enige bevoegd gezag, met alle gevolgen van dien voor bomen in bebouwd gebied, want de provincie beschermt bosareaal en niet individuele bomen.

Het vaststellen van de nieuwe bebouwde komgrens Wnb in combinatie met het vaststellen van een nieuwe bomenverordening maakt het mogelijk voor het college om buiten de bebouwde komgrens bijzondere bomen, boomgroepen of structuren, zoals een monumentale boom of een bomenlaan, onder de bescherming van de bomenverordening te brengen. Dit is zonder vastgestelde Grens en Bomenverordening niet mogelijk. Met vriendelijke groet,

Bart de Leede, wethouder

5

Bijlage 1 Mogelijke vragen 1. Vraag: Waarom hebben we een nieuwe Bomenverordening nodig? Antwoord: De Bomenverordening 2010 is inmiddels 11 jaar oud en actualisatie is onder andere vanwege nieuwe wetgeving noodzakelijk. De Wet natuurbescherming (hierna: Wnb), waarin grotendeels de bepalingen uit de Boswet zijn overgenomen, is op 1 januari 2017 in werking getreden. De oude Bomenverordening voldoet dus niet meer want was oa gebaseerd op de inmiddels vervallen Boswet. Daarnaast is actualisatie van de bomenverordening nodig vanwege de relatie met (vast te stellen) bebouwde komgrens in het kader van de Wnb en de daaraan gekoppelde bevoegdheidsverdeling tussen de provincie en de gemeente. Buiten de (door de gemeenteraad vastgestelde) bebouwde komgrens Wnb is de provincie namelijk bevoegd om bosareaal (houtopstanden in een zelfstandige eenheid van meer dan 1.000 m2 of in een rij van meer dan 20 bomen) te beschermen. De provincie zorgt er via een opgelegde herplantplicht voor dat bosareaal binnen drie jaar wordt gecompenseerd. In het buitengebied zetten we meer in op deregulering (voor die gevallen waar de Provincie niet bevoegd is), tenzij bomen op de Lijst bijzondere houtopstanden staan.

In stedelijk gebied verruimen we de dikte van vergunningplichtige bomen van 10 cm doorsnede naar 20 cm doorsnede van gemeentelijke bomen (want de 10cm dikke bomen zijn vaak niet aangeslagen bomen die dan toch worden vervangen). De perceelgrootte van particuliere aanvragen wordt verruimd naar 250m2 ipv 150 m2 omdat in 95% van de aanvragen het om te grote bomen in te kleine tuinen gaat. Wel wordt de dikte van particuliere vergunningplichtige bomen (op percelen groter dan 250m2) verkleind naar 20 cm doorsnede ipv 35 cm. In het stedelijk gebied zetten we daarmee in op deregulering enerzijds en zwaardere bescherming anderzijds. 2. Vraag: Beschermt de nieuwe bomenverordening nog wel bomen binnen stedelijk gebied in de gemeente Vlaardingen? Antwoord: Ja, de nieuwe bomenverordening geeft heldere kaders welke bomen binnen de bebouwde kom beschermd zijn en niet zo maar mogen worden gekapt. Voor iedere boom, dikker dan 20 cm doorsnede moet een omgevingsvergunning worden aangevraagd als deze boom op een particulier terrein staat groter dan 250m2 of als het een gemeentelijke boom betreft. Overigens kan de gemeente een herplantplicht opleggen. Dit maakt het mogelijk dat een gekapte boom gecompenseerd kan worden door nieuwe aanplant. Monumentale bomen en waardevolle bomen (houtopstanden) die zijn aangewezen, hebben een zwaardere bescherming. 3.

Vraag: Geldt de nieuwe bomenverordening dan ook voor bomen buiten de bebouwde kom? Antwoord: Nee, in de meeste gevallen niet. Buiten de bebouwde kom is de provincie Zuid-Holland bevoegd gezag voor bomen op percelen groter dan 10 are of bomenrijen van 20 of meer bomen, om de belangrijkste voorwaarden te noemen. Een kapaanvraag, of omgevingsvergunning vellen, moet niet bij de gemeente worden aangevraagd maar er moet een melding worden gedaan bij de provincie. De provincie houdt toezicht op de algemene instandhouding van bos en legt ook de herplant op. Dit is bij wet geregeld, de Wet Natuurbescherming. De provincie beoordeelt of het bosareaal in stand blijft en legt een herplantplicht op. 4. Vraag: Zijn alle bomen in het buitengebied dan ‘vogelvrij’? Antwoord: Nee, dat is ook weer niet zo. Houtopstanden met een oppervlakte minder van 1.000 m2, bomenrijen minder dan 20 bomen, houtopstanden op erven en in tuinen, (hoogstam)fruitbomen of populieren of wilgen langs wegen of water en eenrijige beplanting langs landbouwgronden vallen niet onder de meldingsplicht van de provincie. Deze houtopstanden en bomen zouden in theorie wel onder de bescherming gebracht kunnen worden van de gemeentelijke bomenverordening. Dit omdat het geen taak is van de provincie op grond van de Wet natuurbescherming.

De gemeente Vlaardingen kiest er niet voor om deze categorieën in het buitengebied onder de Bomenverordening te laten vallen. We kiezen er voor om alléén bijzondere, waardevolle bomen of structuren in het buitengebied te beschermen, bijvoorbeeld Monumentale bomen of Waardevolle bomen. Voor deze bomen gelden duidelijke criteria, bijvoorbeeld een leeftijd 80 jaar en ouder is een criterium voor Monumentale bomen.

6

Voor waardevolle bomen gelden criteria zoals een beeldbepalende waarde, cultuurhistorische waarde of grote natuurwaarde. Deze bijzondere bomen worden, in overleg met de boomeigenaren, op de Lijst bijzondere houtopstand geplaatst, samen met Monumentale bomen en Waardevolle houtopstanden in het stedelijk gebied. Deze Lijst wordt door het College van Burgermeester en Wethouders vastgesteld. 5. Vraag: Waarom beschermt de gemeente niet alle bomen in het buitengebied? Antwoord: Als de Bomenverordening voor iedere boom in het buitengebied, dikker dan 20 cm doorsnede zou gelden (met andere woorden alle bomen die niet onder de taak van de provincie in het kader van de Wet natuurbescherming van de provincie Zuid-Holland vallen) dan zou dit niet gelijk betekenen dat er geen bomen gekapt zullen worden. Immers de Bomenverordening toetst aan de hand van verschillende criteria de kapaanvraag. Het kan dus zijn dat ook een boom in het buitengebied –net als een boom in het stedelijk gebied- onder voorwaarden gekapt mag worden. Er staan heel veel bomen in het buitengebied. Denk aan alle bomen in de Broekpolder, het Oeverbos of het Krabbepark.

Als daar individuele bomen gekapt moeten worden en deze bomen vallen niet onder de taak/ bevoegdheid van de provincie dan moet er voor iedere te kappen individuele boom een gemotiveerde aanvraag voor een omgevingsvergunning worden ingediend door de eigenaar van de boom. Vervolgens moet de gemeente aan de hand van de toetsingsgronden die opgenomen zijn in de bomenverordening de afweging inzichtelijk moet maken waarom het noodzakelijk is om een vergunning te verlenen voor het vellen van die boom. Als een belanghebbende bezwaar maakt tegen de vergunningverlening voor het kappen van een boom in het buitengebied en hiervoor ook een schorsing vraagt bij de voorlopige voorzieningenrechter dan brengt dit uiteraard de nodige werkzaamheden met zich mee en vertraging. Dat betekent heel veel extra papierwerk zonder dat het eindresultaat (als wordt voldaan aan de toetsingsgronden) anders is: de bomen worden gekapt. Maar ook de particulier aan bijvoorbeeld de Zuidbuurtseweg zal in de meeste gevallen niet zo maar een boom kappen, maar wel bijvoorbeeld als een scheefstaande boom een gevaar gaat opleveren. Of als de eigenaar een stuk aan zijn huis wil aanbouwen. De effecten van het verdwijnen van zulke bomen in buitengebied zijn nihil en hebben al helemaal geen effect op het stedelijk gebied.

Vandaar dat de bescherming in stedelijk gebied veel zwaarder is: daar wonen veel meer belanghebbenden en weegt het algemeen maatschappelijk belang zwaar. Uiteraard geldt de Wet natuurbescherming qua bescherming van flora en fauna wel: mocht een boom overduidelijk een vaste roest- of broedplek zijn voor bijvoorbeeld een bosuil, dan moet daar rekening mee gehouden worden. 7. Vraag: Welke bomen in het buitengebied worden dan wel beschermd? Antwoord: Buiten deze bebouwde komgrens, maar binnen de gemeentegrens kunnen in de bomenverordening alléén regels gesteld worden voor zover dit niet de bevoegdheid van de provincie betreft. In de nieuwe Bomenverordening is bepaald dat het college bijzondere houtopstand, zoals een monumentale boom of een waardevolle boom of structuur zoals bijvoorbeeld een cultuurhistorisch waardevolle bomenlaan kan aanwijzen waarmee deze onder de bescherming van de Bomenverordening kan worden gebracht. 8. Vraag: Wat als toch alle bomen die niet onder de bescherming van de Provincie vallen, onder de bomenverordening vallen? Antwoord: Dit zou een structuurwijziging van de hele bomenverordening betekenen. Dan gaan we terug naar de ‘tekentafel’ en terug naar de Provincie, want duidelijkheid over de bevoegdhedenverdeling blijft noodzakelijk (en dat is in het huidige voorstel goed vastgelegd).

Het zou een grote administratieve en juridische impact hebben, zowel voor de aanvrager, en voor de gemeente als vergunningverlener. Het doel moet ook zijn om een uitvoerbare regeling te maken. Ook betekent het een uitgebreide inventarisatie van houtopstanden die vallen onder de begripsomschrijving houtopstand in de zin van de Wnb.

7

We moeten dan een kaart maken met alle gebieden en bomenrijen die onder de bescherming van de provincie vallen, zodat het voor een aanvrager duidelijk is bij welk bevoegd gezag de kap moeten worden aangevraagd. Als we in beeld hebben welke gebieden en bomenrijen onder de provinciale bevoegdheid vallen, dan is duidelijk waar de bevoegdheid van de gemeente ligt. Vervolgens moet dan bepaald worden hoe we om willen gaan met bomen op erven en in tuinen. We hanteren nu een vrijstelling in de bebouwde kom voor particuliere tuinen met een oppervlakte tot 250m2 (inclusief woning etc). En wat willen we met bomen langs wegen, waterwegen of landbouwgronden? Daarnaast heeft een structuurwijziging impact op de uitvoering van de bomenverordening, want we zetten dan niet in op deregulering in het buitengebied en moeten iedere boom in kapaanvragen individueel toetsen. Per boom moeten we een zorgvuldige afweging maken. Dit zal leiden tot vertraging in projecten of aanvragen. Mogelijk leidt het ook vaker tot juridische procedures als Stichting Boombehoud bezwaar maakt en beroep instelt tegen verlening. 9. Vraag: Wie zijn belanghebbend bij het verlenen van een omgevingsvergunning vellen? Antwoord: In principe is de Stichting Boombehoud Vlaardingen altijd belanghebbende.

Verder kunnen belanghebbenden een natuurlijk persoon zijn die vanuit zijn woning zicht heeft op de te kappen boom (tot een afstand van 200 meter). Als een natuurlijk persoon vanuit zijn woning geen zicht op de te kappen boom heeft en de boom stand binnen een afstand van 100 meter, dan is die persoon ook belanghebbende. Dat neemt niet weg dat anderen toch een brief kunnen sturen die de gemeente in behandeling moet nemen, ook al zijn ze geen belanghebbenden. Dat de uitkomst dan is dat zij niet ontvankelijk zijn want geen belanghebbende kan leiden tot frustratie.

8

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/10872154/2