CConstaterende datVlaardingen
Koppel je AI →
Document · PDF

Toelichting wijzigingen GR RBG

Gemeenteraad 29 februari 2024, gemeente VlaardingenBij agendapunt: Wijziging van de gemeenschappelijke regeling Regionale Belastinggroep (RBG)1.886 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

1.1 Introductie Per 1 juli 2022 is de Wet gemeenschappelijke regelingen (Wgr) gewijzigd. Volgens de gewijzigde wet moet iedere gemeenschappelijke regeling wijzigingen doorvoeren. Hiervoor hebben gemeenschappelijke regelingen tot 1 juli 2024 de tijd. De doorgevoerde wijzigingen zijn op te delen drie categorieën: 1. Wijzigingen gericht op de versterking van de positie van vertegenwoordigende organen (lees raden, staten en algemeen besturen) bij besluitvorming in gemeenschappelijke regelingen; 2. De introductie van aanvullende controle-instrumenten; 3. Wijzigingen gericht op het verbeteren van de positie van vertegenwoordigende organen (lees raden, staten en algemeen besturen) met betrekking tot het functioneren van de regeling. Deze wijzigingen geven nieuwe mogelijkheden om bepaalde passsages in de regeling op te nemen. Dit leidt ertoe dat er binnen iedere gemeenschappelijke regeling ook een aantal keuzes gemaakt dienen te worden over de wijze waarop de regeling wenst om te gaan met deze nieuwe mogelijkheden. Om de gemeenschappelijke regeling van de RBG te wijzigen hebben er diverse sessies plaatsgevonden met een werkgroep, bestaande uit de accounthouders voor de RBG van de deelnemende gemeenten en waterschappen, en een afvaardiging van de directie van RBG. Deze sessies zijn begeleid door KokxDeVoogd.

In deze sessie zijn de verschillende benodigde wijzigingen in de regeling besproken, en zijn voorkeuren uit gesproken voor de manier waarop de werkgroep wenst om te gaan met deze wijzigingen. De uitkomsten van deze sessies zijn in deze notitie weergegeven. De uitkomsten van deze notitie zijn vertaald in een eveneens bijgevoegde concept gewijzigde regeling. Ook is een was-wordt lijst bijgevoegd. In deze notitie wordt per vereiste wijziging als gevolg van de gewijzigde Wet gemeenschappelijke regeling aangegeven wat het vereiste inhoudt, en hoe wordt voorgesteld met dit vereiste om te gaan.

1.2 Wijziging met betrekking tot zienswijzen Wijziging Zienswijzen voor besluiten (art. 10 lid 5)

Toelichting In de regeling moeten afspraken worden gemaakt over voor welke besluiten van het algemeen bestuur een zienswijzeprocedure gaat gelden. Voor deze besluiten krijgen raden dan de mogelijkheid om hun opvatting te geven over een voorgenomen besluit. In de regeling kan ook worden afgesproken dat geen besluiten vatbaar zijn voor een zienswijzeprocedure.

Uitkomst bespreking werkgroep Binnen de werkgroep wordt er geen directe aanleiding gezien om extra besluiten van het bestuur aan een zienswijze te onderwerpen. Als hoofdreden wordt genoemd dat zienswijzen voornamelijk van toepassing zijn wanneer er sprake is van grote beleidsvoorstellen- en wijzigingen binnen de samenwerking. Aangezien RBG een (beleidsarme) uitvoeringsorganisatie is, wordt er geen aanleiding gezien om extra besluiten aan een zienswijze te onderwerpen.

Voorstel Voorgesteld wordt om naast de wettelijk verplichte besluiten, geen extra besluiten in de regeling op te nemen waarvoor een zienswijzeprocedure gaat gelden.

1.3 Participatie Wijziging Afspraken over participatie (art. 10 lid 7)

Toelichting In de regeling moet worden opgenomen of, en zo ja hoe, burgers inspraak krijgen op bepaalde onderwerpen die bij de regeling zijn belegd. Er kan ook voor gekozen worden dat er geen inspraak mogelijk is. Dit moet dan expliciet in de regeling opgenomen worden.

Uitkomst bespreking werkgroep De werkgroep ziet geen aanleiding om in de regeling specifieke onderwerpen aan te wijzen waarbij participatie of inspraak van belanghebbenden of inwoners mogelijk wordt gemaakt. De hoofdreden die hiervoor gegeven wordt is het feit dat de RBG een uitvoeringsorganisatie is: er is sprake van een beleidsarme GR (uitvoeringsregeling). Dit betekent dat de regeling voornamelijk uitvoering geeft aan het beleid wat op het niveau van de individuele gemeenten is vastgesteld. Vanuit die redenering is het logischer om de inspraak te laten plaats vinden daar waar het beleid ook bepaald wordt: bij de individuele gemeenten.

Pagina 2 van 7

De RBG hanteert in haar reglement van orde voor vergaderingen van het Algemeen Bestuur op dit moment wel een spreekrecht voor inwoners en belanghebbenden. Dit spreekrecht blijft behouden.

Voorstel Wij stellen voor onderstaande passage aan de regeling toe te voegen (artikel 52 concept gewijzigde regeling): In het reglement van orde van het Algemeen Bestuur wordt de mogelijkheid tot inspreken voor inwoners en belanghebbenden vastgelegd.

1.4 Actieve informatieplicht Wijziging Actieve informatieplicht (art. 17 lid 2)

Toelichting Het bestuur van de gemeenschappelijke regeling heeft met de nieuwe Wgr een directe actieve informatieplicht richting de raden. Zij moet de raden dus actief informeren over wat er in de regeling speelt. In de regeling moeten afspraken worden opgenomen over de wijze waarop deze informatie wordt aangeleverd.

Uitkomst bespreking werkgroep De werkgroep vraagt KokxDeVoogd om een voorstel te maken voor een passage in de GR over de actieve informatieplicht. Voorstel Het voorstel is om de volgende bepaling op te nemen (artikel 12 concept gewijzigde regeling): 1.

2. 3. 4. 5.

Het Algemeen bestuur geeft aan de colleges, de raden van de deelnemende gemeenten en de verenigde vergaderingen van de deelnemende waterschappen gevraagd en ongevraagd alle inlichtingen die voor een juiste beoordeling van het door het Algemeen bestuur gevoerde en te voeren beleid nodig zijn. Deze inlichtingen worden schriftelijk of mondeling verstrekt. Het Algemeen bestuur stelt nadere regels over de wijze waarop de in het eerste lid bedoelde inlichtingen worden verstrekt. Het Algemeen Bestuur maakt vergaderstukken en verslagen van het Algemeen Bestuur actief openbaar. Het Dagelijks Bestuur maakt Dagelijks Bestuur actief openbaar. Het openbaar maken van de stukken, zoals genoemd onder lid 3 en lid 4, geschiedt zo spoedig mogelijk doch in ieder geval binnen twee weken na vaststelling of ontvangst van de informatie.

Met het eerste lid wordt voldaan aan de vereisten in de Wgr over het voldoen aan de actieve informatieplicht. Lid drie, vier en vijf zijn WOO-bepalingen die op de RBG van toepassing zijn. Pagina 3 van 7

1.5 Gemeenschappelijke adviescommissie Wijziging Gemeenschappelijke adviescommissie (art. 24a)

Toelichting Met de nieuwe Wgr wordt de mogelijkheid geopend om een gemeenschappelijke adviescommissie in te stellen. Dit gebeurt op voorstel van de raden gezamenlijk. De gemeenschappelijke adviescommissie heeft als taak het algemeen bestuur te adviseren, maar ook de gemeenteraden. Daarnaast kan de commissie de besluitvorming van de gemeenteraden voorbereiden. Dit is uitdrukkelijk niet verplicht. De raden dienen zelf aan te geven of zij een gemeenschappelijke adviescommissie wensen.

Uitkomst bespreking werkgroep Voorgesteld wordt om geen passage over de gemeenschappelijke adviescommissie op te nemen. Argument wat hierbij gegeven wordt is dat gemeenteraden en algemene besturen altijd het recht hebben om gezamenlijk het AB op te dragen een gemeenschappelijke adviescommissie in te stellen, ongeacht of dit in de GR is opgenomen. Er wordt daarom geen directe meerwaarde gezien in het opnemen van deze passage in de GR. Voorstel Voorgesteld wordt om geen passage met betrekking tot de gemeenschappelijke adviescommissie in de GR op te nemen. De wet biedt deze mogelijkheid überhaupt, ongeacht of dit wordt opgenomen in de regeling.

1.6 Aanvullende controle-instrumenten als de rekenkamer en het enquêterecht Wijziging Er worden aanvullende controle-instrumenten geïntroduceerd om onderzoek te doen naar de gemeenschappelijke regeling.

Toelichting De gewijzigde Wgr maakt het mogelijk voor gemeenteraden om een gezamenlijke enquête uit te voeren naar de bestuursvoering van een gemeenschappelijke regeling. De gewijzigde Wgr verduidelijkt dat de lokale rekenkamers, waaronder gezamenlijke rekenkamers, de mogelijkheid hebben onderzoek te doen naar het gevoerde bestuur van een gemeenschappelijke regeling.

Pagina 4 van 7

Uitkomst bespreking werkgroep Voorgesteld wordt om geen passage over de aanvullende controle-instrumenten op te nemen. Argumenten die hierbij gegeven worden zijn dat de raden of verenigde vergaderingen altijd het recht hebben om deze controle-instrumenten aan te wenden, ongeacht of dit in de regeling is opgenomen. Er wordt geen directe meerwaarde gezien in het opnemen van deze passage in de GR. Voorstel Voorgesteld wordt om geen passages met betrekking tot de aanvullende controle-instrumenten in de GR op te nemen. Ongeacht of deze instrumenten in de regeling worden opgenomen, geeft de wet de mogelijkheid aan de verenigde vergaderingen en raden om een enquête of rekenkameronderzoek uit te voeren.

1.7 Wijzigingen gericht de verbetering van de positie van raden met betrekking tot het functioneren van de regeling Wijziging Evaluatie (art. 11a)

Toelichting De regeling moet bepalingen bevatten over de evaluatie van de regeling. Wat en hoe vaak er geëvalueerd moet worden is aan de deelnemers zelf om te bepalen. Er kan ook bepaald worden dat er geen evaluatie plaats hoeft te vinden.

Uitkomst bespreking werkgroep In de werkgroep is besproken dat evaluatie idealiter op verzoek plaatsvindt. Het heeft daarom de voorkeur van de werkgroep om een passage in de GR op te nemen die stelt dat het AB op verzoek een evaluatie laat uitvoeren. Daarnaast is het gewenst om een passage op te nemen dat iedere vier jaar het AB kijkt of een evaluatie nodig is. Voorstel Op basis van de besprekingen in de werkgroep stellen wij voor onderstaande elementen op te nemen in de concept-GR (artikel 51 concept gewijzigde regeling): 1) Het Algemeen bestuur beschouwt iedere vier jaar, te beginnen in 2025, of er aanleiding is voor een evaluatie van de samenwerking of het functioneren van de Gemeenschappelijke Regeling Regionale Belastinggroep. 2) Op gezamenlijk verzoek van de deelnemers voert het Algemeen Bestuur een evaluatie uit naar de samenwerking en/of het functioneren van de Gemeenschappelijke Regeling Regionale Belasting Groep.

Pagina 5 van 7

3) Indien een evaluatie plaatsvindt, wordt het resultaat van deze evaluatie vastgelegd in een evaluatierapport, dat ter informatie naar de colleges, de raden en de verenigde vergaderingen wordt gezonden.

1.8 Wijzigingen met betrekking tot uittreding en desintegratie Wijziging Afspraken over uittreding (art. 9 lid 1)

Toelichting Voortaan moet de regeling bepalingen bevatten over de voorwaarden waaronder kan worden uitgetreden uit de regeling. In ieder geval moeten in de regeling afspraken worden gemaakt over de gevolgen van uittreding voor het vermogen van de rechtspersoon (de rechtspersoon is in dit geval de gemeenschappelijke regeling). Hierbij moet worden gedacht aan afspraken die moeten worden gemaakt over wat er gebeurt met personeel, contracten, huisvesting en investeringen in het geval dat een deelnemer uit de gemeenschappelijke regeling treedt.

Uitkomst bespreking werkgroep In de werkgroep wordt voor het formuleren van de bepalingen omtrent uittreding meegegeven dat er specifieke aandacht dient te zijn voor garantstellingen. Daarnaast wordt geadviseerd om de huidige uittredingsregeling te gebruiken om de uittredingsvoorwaarden in de GR te formuleren. Verder wordt aandacht gevraagd voor het ruimte houden voor pragmatische oplossingen. Maatwerk moet mogelijk blijven in het geval een deelnemers besluit tot het niet langer afnemen van taken. Dit dient een plek te krijgen in de regeling. Voorstel In artikel 41-45 van de concept gewijzigde GR vindt u de voorgestelde uittredingsbepalingen.

1.9 Wijzigingen in de begrotingscyclus Wijziging De begrotingscyclus van de gemeenschappelijke regeling wordt gewijzigd.

Toelichting Om gemeenteraden meer positie te geven in de begrotingscyclus, is ervoor gekozen de termijnen voor de indienen van de kadernota, ontwerpbegroting en begroting aan te passen.

Pagina 6 van 7

Samengevat betekent dit: De kadernota en voorlopige jaarrekening moeten voortaan voor 30 april naar de gemeenteraden worden gestuurd. De ontwerpbegroting wordt door het DB naar de raden gezonden, 12 weken voordat het DB de begroting ter vaststelling aanbiedt aan het AB. Het DB moet voortaan inhoudelijk reageren op ingebrachte zienswijzen, voordat de begroting wordt vastgesteld.

Uitkomst bespreking werkgroep De voorkeur wordt aangegeven om de wettelijke verplichte data en termijnen in de regeling op te nemen, conform datgene wat al gebruikelijk is (zie hiervoor artikel 30 en 31 van de concept gewijzigde regeling). Voorstel Wij stellen voor het advies van de werkgroep over te nemen, en de wettelijke data en termijnen met betrekking tot de P&C-cyclus in de regeling op te nemen.

Pagina 7 van 7

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/13810986/1