CConstaterende datVlaardingen
Koppel je AI →
Document · PDF

Toelichting bomenverordening Vlaardingen 2023

Gemeenteraad 11 mei 2023, gemeente VlaardingenBij agendapunt: Nieuwe bomenverordening en grens bebouwde kom Wet natuurbescherming1.847 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Toelichting op de Bomenverordening Vlaardingen 2023 Artikelsgewijze toelichting Hieronder is de artikelsgewijze toelichting opgenomen. Niet alle artikelen hebben een toelichting, alleen de artikelen die een toelichting behoeven zijn toegelicht. Artikel 1 Begripsomschrijvingen a. bebouwde kom In artikel 4.1 van de Wet Natuurbescherming (hierna: Wnb) is bepaald dat de gemeenteraad de grenzen van de bebouwde kom Wnb vaststelt. Deze grens bepaalt de bevoegdheidsverdeling tussen de provincie en de gemeente ten aanzien van het vellen en in samenhang daarmee herplanten van houtopstanden. Buiten de door de gemeenteraad vastgestelde bebouwde komgrens Wnb is de provincie bevoegd op grond van de Wnb bosareaal (houtopstand in de zin van de Wnb) te beschermen en ervoor te zorgen dat via het opleggen van een herplantplicht bosareaal binnen drie jaar wordt gecompenseerd volgens de procedure zoals omschreven in de Wnb en conform de door de provincie in de Omgevingsverordening Zuid-Holland opgenomen bepalingen. Binnen de door de gemeenteraad vastgestelde bebouwde komgrens Wnb is de gemeente bevoegd regels te stellen over houtopstanden in een bomenverordening. Buiten deze grens, maar binnen de gemeentegrens kan de gemeente in de bomenverordening regels stellen voor zover dit niet de bevoegdheid van de provincie betreft.

Bijzondere houtopstand in het gebied buiten de bebouwde komgrens kan op grond van artikel 2 door het college worden aangewezen. Artikel 3 bepaalt vervolgens dat het verboden is deze bijzondere houtopstand zonder omgevingsvergunning te vellen. c. Bomen Effect Analyse Houtopstanden kunnen (ernstig) worden beschadigd of vernietigd door bouw en aanleg van huizen, wegen, rioleringen of kabels en leidingen. Vaak gebeurt dit ongewenst en onbedoeld, omdat er te laat is gekeken naar de gevolgen voor de houtopstanden. Hierdoor worden houtopstanden niet op juiste wijze ingepast of raken (onherstelbaar) beschadigd. De Bomen Effect Analyse is een nauwgezette en onafhankelijke beoordeling, voorafgaand aan bijvoorbeeld een voorgenomen ophoging, (her)inrichting, bouw of aanleg. De Bomen Effect Analyse waarborgt de boomtechnische kwaliteit en garandeert een goede beoordeling van alle effecten en mogelijke alternatieven om houtopstanden te bewaren. d. Bomenfonds De gemeenteraad heeft in 2005 besloten tot het instellen van de voorziening “Bomenfonds” in de begroting en het college heeft daartoe het Besluit Regels Bomenfonds vastgesteld. In deze regels wordt onder andere bepaald in welke gevallen het fonds van toepassing is en op welke wijze de financiële compensatiewaarde wordt berekend. Het college is bevoegd op grond van artikel 9 (Nadere regels) deze regels te stellen en te actualiseren. e.

boom Afbakening van het begrip boom is van belang voor het aangeven van een ondergrens van het velverbod voor bepaalde categorieën bomen. Slechts houtopstanden met een stamdiameter van minimaal 20 cm gemeten op 1.30 m hoogte boven het maaiveld, vallen onder de term ‘boom’. Het betreft zowel vitaal als afgestorven houtachtig gewas. i. dunning Dunning is een vorm van vellen die slechts zo ver mag gaan dat hiermee de groei van de overblijvende bomen zal verbeteren. j. hakhout De stobbe van hakhout bereikt vaak niet de hoogte van 1.30 m boven het maaiveld. Om die reden kan hakhout niet voldoen aan de ondergrens van de term ‘boom’. Er kan namelijk geen stamdiameter van minstens 20 cm gemeten op 1.30 m hoogte boven het maaiveld worden vastgesteld. De stobbe (ook wel boomstronk) is het onderste deel van de boom met wortels dat overblijft na kappen of snoeien.

1

k. houtopstand Dit begrip is in deze verordening onder andere van belang om aan te geven dat bestrijding van boomziekten en bescherming van gemeenteboom tegen vellen of vandalisme, betrekking heeft op meer houtige gewassen dan alleen bomen met een stamdiameter van minimaal 20 cm. Een boomvormer is een houtig, opgaand gewas met ontwikkeling van één of meer hoofdtakken. Een boomvormer kan uitgroeien tot een boom, een meerstammige boom of een boomachtige struik. In het alledaagse spraakgebruik heeft een boom één of slechts enkele stammen. In de natuur bestaat echter een geleidelijke overgang: heester – struik – struikachtige boom – (meerstammige) boom. l. kandelaberen Een vorm van snoeien waarbij alle takken tot op de hoofdtakken van de houtopstand worden teruggesnoeid. Periodiek terugsnoeien van nieuw uitlopende takken blijft daarna nodig. m. knotten Betreft het afzagen van de kroon van de houtopstand. De nieuwe takken worden periodiek teruggesnoeid: het zogenaamde ‘knotten’. s. vellen Vellen is het te gronde richten van houtopstand, ongeacht of dit gedeeltelijk is. Het ernstig beschadigen of ontsieren van een boomkroon valt dus onder het begrip ‘vellen’. Het in stand houden door periodieke snoei van de door kandelaberen of knotten ontstane kroonvorm is niet omgevingsvergunningplichtig.

De eerste keer kandelaberen, knotten of het snoeien van meer dan 30 procent van het kroonvolume, is echter wel omgevingsvergunningplichtig. Het verwijderen van hoofdwortels, waarvan kan worden aangenomen dat daardoor de houtopstand ernstige schade oploopt, valt eveneens onder het begrip ‘vellen’. Door de verordening ook van toepassing te laten zijn op het ernstig beschadigen of ontsieren van samengestelde verschijningsvormen, worden grootschalige ingrepen in houtopstanden eveneens omgevingsvergunningplichtig. Artikel 4 Criteria verlenen omgevingsvergunning Monumentale boom en Waardevolle houtopstand Lid 1 en 2. De waarden van een Monumentale boom en van een Waardevolle houtopstand zijn al getoetst bij vaststelling van de Lijst met bijzondere houtopstand op basis van door het college vastgestelde criteria. Om die reden bevatten het eerste en tweede lid slechts criteria waarop de omgevingsvergunning kan worden verleend. Lid 2 onder a Is de reden van velling een vordering tot verwijdering van de houtopstand in het kader van artikel 5:42 Burgerlijk Wetboek, dan kan dit een grondslag voor het bevoegd gezag zijn om de omgevingsvergunning te verlenen. Het gaat dan om de vordering tot verwijdering van een houtopstand die in de ‘verboden zone tot de erfgrens’ staat.

Deze verboden zone is in artikel 13 van deze verordening vastgesteld op 0,5 m voor bomen, gemeten vanaf het midden van de voet van de boom en op nihil voor heesters en heggen. Artikel 5 Velverbod overig In artikel 3 is bepaald dat het verboden is een Monumentale boom of een Waardevolle houtopstand te vellen zonder omgevingsvergunning. Daarnaast is in artikel 5 bepaald dat het verboden is “overige houtopstanden” te vellen zonder omgevingsvergunning. Artikel 5 gaat derhalve over “houtopstanden, niet zijnde de Monumentale bomen en Waardevolle houtopstand”. Lid 1, onder a De afbakening van het begrip boom is van belang voor het aangeven van een ondergrens van het velverbod. Zie ook de toelichting bij omschrijving ‘boom’.

2

Lid 1, onder b Er is een velverbod voor houtopstand die is aangeplant op grond van artikel 10 en 12. Dit kunnen namelijk houtopstanden zijn met een stamdiameter kleiner dan 20 cm en vallen daarmee niet onder de begripsomschrijving ‘boom’. Zie ook de toelichting bij omschrijving ‘houtopstand’. Lid 1, onder c. Ook de aangeplante houtopstanden op grond van een overeenkomst met de Gemeente Vlaardingen in het kader van herplantcompensatie kunnen een stamdiameter kleiner dan 20 cm hebben. Hiervoor geldt ook het verbod om zonder omgevingsvergunning houtopstand te vellen. Lid 2, onder a In dit lid is bepaald dat een boom in private eigendom is vrijgesteld van het velverbod als de boom op een perceel staat van in totaal minder dan 250 m2, waarbij woning of woongebouw met voor-, achteren/of zijtuin een eenheid vormen. Voor het vellen van een boom in deze relatief kleine tuin hoeft geen omgevingsvergunning vellen te worden aangevraagd. In praktijk zou een aanvraag omgevingsvergunning voor het vellen van een boom in dergelijke particuliere tuinen vrijwel altijd verleend worden, omdat veelal sprake zal zijn van een relatief klein tuinoppervlak in relatie tot de daarin aanwezige boom. Een boom heeft voldoende ondergrondse en bovengrondse groeiruimte nodig.

Lid 2, onder e Onder ‘niet meer te herstellen houtopstand’ in eigendom van de Gemeente Vlaardingen valt ook de niet aangeslagen houtopstand die vervangen wordt door nieuwe houtopstand (zogenaamde inboetbomen). Hiervoor geldt ook de vrijstelling van het velverbod om zonder omgevingsvergunning vellen de niet aangeslagen houtopstand te verwijderen. Lid 3 Hier staat een vrijstelling voor houtopstanden waarvoor op grond van artikel 4.1 aanhef onder c, d, e en onder h Wnb, al een vrijstelling van de provinciale meld- en herplantplicht van artikel 4.2 en 4.3 Wnb geldt in het gebied buiten de bebouwde komgrens Wnb. Het is onnodig en niet logisch als dergelijke houtopstanden wel onder het gemeentelijk velverbod zouden worden gebracht. Lid 4, onder a en b In dit lid wordt de relatie met de bevoegdhedenafbakening tussen de provincie en de gemeente en door de gemeenteraad vastgestelde bebouwde komgrens Wnb duidelijk. Zie ook de toelichting bij de omschrijving ‘bebouwde kom’ artikel 1. Mede ter voorkoming van dubbele bevoegdheden is ervoor gekozen een vrijstelling op te nemen in de bomenverordening van het velverbod voor houtopstanden in het gebied buiten de bebouwde komgrens, waarvoor de provincie (zoals omschreven onder a) ingevolge de Wnb bevoegd is.

Onder b in dit lid wordt vervolgens bepaald dat alle overige houtopstanden (niet zijnde de houtopstanden waarvoor de provincie bevoegd is op grond van de Wnb) in het gebied buiten de bebouwde komgrens zijn vrijgesteld van het verbod om zonder omgevingsvergunning houtopstand te vellen. Voor de Monumentale bomen en Waardevolle houtopstand in zowel het gebied buiten als binnen de bebouwde komgrens Wnb geldt al op grond van artikel 3 dat het verboden is deze te vellen zonder omgevingsvergunning. Daarom hoeft deze categorie niet onder artikel 5, lid 4 nogmaals te worden genoemd. Bovendien wordt in artikel 5, eerste lid, naar het verbod van artikel 3 verwezen. Het velverbod van artikel 3 (Monumentale bomen en Waardevolle houtopstand) en het velverbod van artikel 5 (overig) bestaan naast elkaar. Artikel 6 Criteria verlenen omgevingsvergunning overig Lid 3 In dit lid worden de gronden gegeven om de aanvraag omgevingsvergunning vellen te kunnen weigeren. In de door het college vast te stellen beleidsregels worden de waarden omschreven. Deze omschrijvingen zijn van belang bij het beoordelen van de aanvraag omgevingsvergunning vellen.

3

Anders dan bij de Monumentale bomen en Waardevolle houtopstand zijn deze waarden voor houtopstand niet op voorhand vastgesteld. Bij elke aanvraag dienen de belangen van verwijdering van de houtopstand zorgvuldig te worden afgewogen tegen de belangen van behoud van de houtopstand op basis van de in het derde lid genoemde waarden. Verwijderingsbelangen staan in het derde lid niet specifiek omschreven en kunnen divers zijn, zoals onder andere kans op letsel of ernstige schade, slechte toekomstverwachting of andere belangen. Lid 4 Met dit lid wordt beoogd voorbarige kap te voorkomen. Lid 5 Bevat een toewijzingscriterium waarop de omgevingsvergunning specifiek kan worden verleend. Verwezen wordt naar de toelichting bij artikel 4, tweede lid, onder a. Artikel 12 Zelfstandige herplantplicht en instandhoudingsplicht De wijze waarop deze zelfstandige herplant- en instandhoudingsplicht wordt uitgevoerd, gebeurt ook op beleidsmatige wijze. De uitwerking kan deel uitmaken van een breder opgezet handhavingsbeleid. Artikel 5:18 Wet algemene bepalingen omgevingsrecht biedt de mogelijkheid - indien sprake is van een herstel- of instandhoudingssanctie van het velverbod, onder oplegging van last onder bestuursdwang of dwangsom bij het besluit tot herplantverplichting - tevens te bepalen dat de uitvoering van het besluit ook geldt voor de rechtsopvolger.

Artikel 16 Bescherming gemeentelijke houtopstanden Dit artikel is onder andere bedoeld om te voorkomen dat gemeentelijke houtopstanden beschadigd raken door voorwerpen zoals bijvoorbeeld verlichtingsdraden die lange tijd in houtopstanden blijven hangen. Hetgeen overlast veroorzaakt, houtopstand afknelt en snoeiwerk onmogelijk maakt.

4

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/12562255/2