Toelichting bij gemeentelijke belastingverordeningen 2025
Tekst van het document
Toelichting bij gemeentelijke belastingverordeningen 2025 Onroerende-zaakbelastingen (OZB) De hoogte van de onroerende-zaakbelastingen wordt berekend als een percentage van de waarde van de onroerende zaak. De waarde van alle onroerende zaken wordt jaarlijks vastgesteld met als waardepeildatum 1 januari van het voorafgaande jaar. Alle onroerende zaken worden of zijn getaxeerd naar de waardepeildatum 1 januari 2024. Gelet op het tijdstip waarop de ozbtarievenpercentages moeten worden vastgesteld en de tijd die nodig is van concept tot raadsbehandeling, betekent het dat de tarieven berusten op een weloverwogen schatting, omdat de herwaardering nog niet volledig is afgerond. Omdat de hoogte van de onroerende-zaakbelastingen een combinatie is van de waarde en het tarief, is het niet mogelijk het gemeentelijke tarievenbeleid rechtstreeks toe te passen op het tarief, omdat bij de berekening rekening gehouden moet worden met de wijzigingen in de waarde. Daarom is ervoor gekozen om de totale ozb opbrengsten als uitgangspunt te nemen. Op basis van de hierboven bedoelde weloverwogen schatting van de waarde zijn de tarieven zo berekend dat de totale te verwachten opbrengst van de onroerende-zaakbelastingen overeenkomt met de in de begroting opgenomen opbrengst. Bij de berekening van deze totale opbrengst is rekening gehouden met de vastgestelde indexering met 3,2%.
Dit betekent dat de tarieven worden gecorrigeerd naar rato van de veranderingen in het waardebestand. Naar verwachting zullen de woningen gemiddeld 4,5% in waarde stijgen en zal de waarde van de niet-woningen met gemiddeld 1,5% stijgen. Op basis van bovenstaande berekeningswijze luiden de tarievenpercentages 2025 als volgt: OZB eigendom woningen 0,1178% (2024: 0,1217%); OZB eigendom niet-woningen 0,8659% (2024: 0,8680%). Reinigingsheffingen Deze verordening omvat de onderdelen afvalstoffenheffing en reinigingsrechten. 1.afvalstoffenheffing De afvalstoffenheffing maakt onderdeel uit van de woonlasten. De tarieven zijn gebaseerd op de gewenste opbrengst in combinatie met het aantal huishoudens. Deze heffing is gelijk gebleven. De tarieven afvalstoffenheffing 2025 luiden dus: Eénpersoonshuishoudens € 317,69 (2024: € 317,69) Meerpersoonshuishoudens € 406,20 (2024: € 406,20). 2.reinigingsrechten In verband met de kostendekkendheid worden de reinigingsrechten verhoogd met de algemene prijsstijging van 3,2%. Rioolheffing Voor het beheer en onderhoud geldt het Programma Stedelijk Water (PSW). Hierin worden onder andere de kosten opgenomen die door middel van een rioolheffing worden gedekt.
Naast de voorziene stijging van 2,5% (conform PSW), een reguliere indexatie van 3,8% en een eenmalige extra stijging van 1,4%, heeft er in het geactualiseerde kostendekkingsplan ook een nauwkeurigere toerekening van kosten plaatsgevonden. Die hebben geleid tot het tarief van € 206,90. De tarieven gebruikersdeel voor 2025 worden verhoogd met 8%. Leges De legestarieven zijn verhoogd met 3,2%, met de navolgende uitzondering. De wettelijke tarieven worden tot het maximum verhoogd. Ten tijde van het opstellen van dit voorstel zijn enkele wettelijke tarieven (waaronder reisdocumenten) nog niet officieel bekend. In de tarieventabel zijn hiervoor daarom de voorlopige maximumtarieven van het Rijk opgenomen. De verwachting is dat deze tarieven
niet zullen wijzigen. Indien dit wel het geval is, zal er op een later moment een wijzigingsverordening volgen. Rondom de huwelijken/partnerschappen zijn er ook enkele aanvullingen in de legestarieventabel 2025 opgenomen, waardoor ook kosten in rekening kunnen gaan worden gebracht voor: 1. Live streamen van een ceremonie en daarbij een opname van de ceremonie op een usb-stick. Dit was alleen live streamen maar in verband met slechte apparatuur was dit onbetrouwbaar. Er is nieuwe apparatuur aangeschaft en daarnaast wordt nu de mogelijkheid geboden om de ceremonie op te nemen. 2. Aanvullende schoonmaak van de trouwzaal (bijv. hond niet zindelijk, een kind dat heeft gebraakt e.d.) of de buitenruimte (trappen met rijst/confetti/glitters). 3. Annuleren/wijzigen datum huwelijk/partnerschap ter voorkoming van het mislopen van inkomsten en het ‘nee’ moeten verkopen aan andere paren op een bepaalde datum/tijd. 4. Beoordelen en vervolgens benoemen/aanwijzen van een trouwlocatie (personeel moet daarheen om te checken of een locatie voldoet aan de voorwaarden zoals veiligheid en openbare toegankelijkheid). . Precariobelasting Hier is bij de meeste tarieven de inflatiecorrectie van 3,2% toegepast.
Motivatie precarioverhoging standplaatsen: De precariotarieven van de standplaatslocaties 2024 liggen in Vlaardingen lager dan in andere gemeenten voor soortgelijke locaties bij oppervlakte-categorie 0-10 m2 en 11-20 m2. De tarieven willen we meer marktconform maken. Bovendien is de precario teruggerekend naar m2 per oppervlakte-categorie ongelijk verdeeld waardoor de kleinste standplaatsen een relatief lager precariotarief kent in 2024. De categorieën 0-10 m2 en 11-20 m2 zijn daarom verhoogd. Tegelijkertijd blijven de bedragen proportioneel voor de ondernemers. Havengeld bestaat uit de verordeningen: 1. havengeld pleziervaartuigen, recreatieve toeristische (bedrijfs)vaartuigen en historische schepen 2. ligplaatsgeld vaste ligplaatsen 3. zeehavengeld 4. binnenhavengeld 1.havengeld pleziervaartuigen, recreatieve toeristische (bedrijfs)vaartuigen en historische schepen Hier is de inflatiecorrectie van 3,2% toegepast. 2. ligplaatsgeld vaste ligplaatsen Hier is de inflatiecorrectie van 3,2% toegepast. 3. en 4. zeehavengeld en binnenhavengeld Voor het zeehaven- en het binnenhavengeld geldt dat de gemeente Vlaardingen de tarieven binnen de gemeenschappelijke regelingen (Samenwerkingsovereenkomst Zeehavengeld 2006 en Samenwerkingsovereenkomst heffing en invordering Binnenhavengeld 1995) volgt.
De tarieven worden pas in een later stadium vastgesteld door het geprivatiseerde Havenbedrijf Rotterdam, die de gemeenschappelijke regeling uitvoert. In de tarieventabellen wordt daarom aangesloten bij de tarieven, vermeld in 'General Terms and Conditions, including renewed port tariffs', zoals die worden vastgesteld en bekendgemaakt door het Havenbedrijf Rotterdam N.V.. Lijkbezorgingsrechten Hier is bij de meeste tarieven de inflatiecorrectie van 3,2% toegepast. Door de onlangs geactualiseerde beheersverordening voor de Vlaardingse begraafplaatsen, die met ingang van 1 januari 2025 ingaat, zijn er ook aanpassingen nodig in de belastingverordening. Omdat deze verordening al jaren her en der is aangepast en de verordening hierdoor minder overzichtelijk is geworden, hebben we een geheel nieuwe overzichtelijke verordening opgesteld. Behalve de vastgestelde indexering van de tarieven is er, na overleg met de directie, een aantal tarieven extra verhoogd.
Voorstellen overige aanpassingen in de belastingverordening: 1. Naast herbegraving in een particulier graf willen we het mogelijk maken om na ruiming van een algemeen graf de stoffelijke resten te begraven in een nieuw algemeen graf. Dit voor mensen met een kleinere beurs, die de hoge kosten van een nieuw particulier graf niet kunnen betalen en de stoffelijke resten nog willen bewaren. 2. Het verlengen van grafrechten op beide begraafplaatsen is op dit moment mogelijk per 5 of 10 jaar. Met ingang van 1-1-2025 willen we de mogelijkheid bieden het grafrecht voor 5, 10, 15 of 20 jaar te verlengen. Tot nu toe kan er op Emaus ook verlengd worden voor slechts 1 jaar. Om rechthebbenden niet gelijk op hogere kosten te jagen, bieden we in 2025 nog eenmaal de mogelijkheid om de rechten voor 1 jaar te verlengen. Met ingang van 1-1-2026 kan op beide begraafplaatsen alleen per 5, 10 15 of 20 jaar verlengd worden. Dit is conform de Wet op de Lijkbezorging. 3. De kosten van 20 jaar verlenging van grafrechten willen we gelijk maken aan de kosten van een uitgifte van een nieuw graf voor 20 jaar. De kosten voor verlengen van 5, 10 of 15 jaar zijn hiervan afgeleid. Dit betekent dat er geen extra korting meer wordt gegeven voor het verlengen van meer jaren vooruit.
Het tarief voor meer jaren vooruit verlengen biedt immers al een korting, omdat er gedurende deze jaren van verlenging geen indexering berekend wordt. Dit geldt ook voor de tarieven voor urnengraven en urnennissen. 4. We willen het mogelijk maken dat nabestaanden zelf een asbus of urn op een particulier graf, urnengraf of urnennis mogen bijzetten, met overlegging van de gegevens van de overledene, die we opnemen in ons systeem. Voor het zelf mogen bijzetten is een nieuw tarief opgenomen. De tarieven voor het bijzetten van asbussen of urnen op particuliere graven door medewerkers van de begraafplaats zijn iets verlaagd. Het bijzetten in een particulier graf of urnengraf is alleen mogelijk door het personeel van de begraafplaats. De asbus/urn moet immers onder de grond in een keldertje worden begraven. 5. Voor het na afloop van de termijn van grafrecht opgraven van asbussen of urnen uit een particulier graf of urnengraf was nog geen tarief opgenomen. Hier willen we een tarief voor opnemen. 6. Het tarief voor het verstrooien van de as op het strooiveld willen we iets verlagen, meer in verhouding tot de tijd dat het verstrooien, samen met nabestaanden, in beslag neemt. 7. De toeslag voor het gebruik van de aula, zonder dat daar een begraving op volgt, willen we voor alle dagen dat dit mogelijk is (ma t/m za) gelijk maken. Na indexering komt de toeslag op € 154,80. 8.
Het tarief voor begeleiding van de begrafenis willen we iets extra verhogen, omdat het tarief van de voorlopers, die wij hiervoor inhuren, de laatste jaren ook verhoogd is. 9. Voor het aanvragen van een verlof voor opgraving van stoffelijke resten voor herbegraving of crematie willen we een nieuw tarief opnemen. 10. Als rechten niet tijdig zijn verlengd, kunnen deze gezien de Wet op de Lijkbezorging niet meer worden verlengd. Verlenging is volgens de wet alleen mogelijk voordat het grafrecht afloopt. Tegelijk merken we bij nabestaanden met enige regelmaat wel behoefte aan de mogelijkheid om een graf te ‘verlengen’ nadat het grafrecht is verlopen. Het is mogelijk om aan de nabestaanden het graf opnieuw uit te geven. Om deze nabestaanden niet met een al te hoog tarief te confronteren willen we aanbieden deze graven voor 10 jaar uit te geven in plaats van de gebruikelijke 20 jaar, maar dan onder beperkende voorwaarden, als ware het verlengd. Het tarief is hiermee ook gelijk aan een verlenging voor tien jaar. Toeristenbelasting Dit tarief wordt met 3,2% verhoogd en wordt € 3,43 per persoon per overnachting. Daarnaast is de vrijstelling geschrapt voor het kort verblijf van vreemdelingen in Vlaardingen die onder de verantwoordelijkheid van het COA vallen.
Verordening eenmalig rioolaansluitrecht (nieuwe verordening) In 2023 zijn de regels voor het aansluiten op en het gebruik van de gemeentelijke riolering geactualiseerd middels de door de raad vastgestelde Verordening aansluitvoorwaarden riolering gemeente Vlaardingen 2023. In deze verordening wordt onder andere bepaald onder welke voorwaarden een eigendom/ perceel kan worden aangesloten op de gemeentelijke riolering. Met andere woorden wanneer een aansluitvergunning kan worden verleend.
In 2024 is het vervolgtraject gestart om te onderzoeken op welke wijze het mogelijk is om de kosten die de gemeente maakt voor enerzijds het in behandeling nemen van een aanvraag om een aansluitvergunning en anderzijds de daarmee gepaard gaande uitvoeringskosten voor het maken van de aansluiting op de gemeentelijke riolering in het openbaar gebied, te verhalen op de aanvrager van de aansluitvergunning op basis van kostendekkendheid. Voorheen werden de kosten die de gemeente maakte op basis van een vast bedrag per strekkende meter verhaald op de aanvrager. Dit vaste bedrag per strekkende meter bleek te laag te zijn in relatie tot de werkelijke kosten die de gemeente maakte. Via de nieuwe Verordening eenmalig rioolaansluitrecht worden in het vervolg de volgende kostenposten op basis van kostendekkendheid verhaald: 1. de kosten voor het in behandeling nemen van een aanvraag om een aansluitvergunning; 2. de kosten van de feitelijk te verrichten werkzaamheden in het openbaar gebied in verband met het maken van een nieuwe aansluiting op de gemeentelijke riolering of het wijzigen van een bestaande aansluiting op de gemeentelijke riolering. Voor wat betreft de feitelijke uitvoeringskosten (onder 2) stelt de gemeente per geval vooraf een begroting op van de kosten en dit bedrag wordt aan de aanvrager/ belastingplichtige meegedeeld voordat een aanslag door de RBG wordt opgelegd.
Via het eenmalig rioolaansluitrecht betaalt dus elke aanvrager de kosten voor zijn eigen aansluiting op basis van de in de Verordening eenmalig rioolaansluitrecht vastgestelde regels. Harmonisering belastingverordeningen De betalingsmogelijkheden in de belastingverordeningen zijn aangepast voor zover de heffing en invordering door de RBG plaatsvindt. Het gaat hierbij om een verwijzing naar het automatische incassoreglement van de RBG zodat er een mogelijkheid is tot automatische incasso van alle heffingen tot een maximum van € 15.000. Parkeerbelastingen De parkeerbelasting kent een eigen parkeerbeleid (parkeernota). De verordening parkeerbelastingen wordt/is via een afzonderlijk raadsbesluit op 14 november 2024 vastgesteld.