RV vaststellen uitgangspunten omgevingsvisie
Tekst van het document
RAADSVOORSTEL
Registratienummer Datum besluit B&W Portefeuillehouder
: 1924822 : 20 december 2022 : K. Kegel
Raadsvoorstel vaststellen uitgangspunten omgevingsvisie
Vlaardingen, 20 december 2022 Aan de gemeenteraad. Welk besluit moet genomen worden? In te stemmen met: 1. Het maken van een richtinggevende omgevingsvisie ipv een flexibele omgevingsvisie. 2. De omgevingsvisie gebiedsgericht ipv themagericht op te bouwen. 3. Participatie toe te passen op niveau 3 van de participatieladder. Wat is samenvattend de kern van dit advies? Doel van het raadsvoorstel is het hebben van een kompas voor het opstellen van de omgevingsvisie. Er zijn vooraf door u drie belangrijke richtinggevende keuzes te maken voordat we kunnen beginnen aan een Vlaardingse omgevingsvisie. U wordt vooraf gevraagd of u kunt instemmen met een omgevingsvisie die richtinggevende keuzes maakt, die gebiedsgericht is opgebouwd en waarin participatie wordt vormgegeven op niveau 3 van de participatieladder. Nadat u zich heeft uitgesproken over de uitgangspunten kunnen we gezamenlijk aan de slag met het opstellen van de omgevingsvisie gaan opstellen. Het college wil de gemeenteraad tegelijkertijd graag informeren over het uitstel van de inwerkingtreding van de Omgevingswet en wat dat betekent voor Vlaardingen en voor de omgevingsvisie. De gemeenteraad wordt met dit voorstel meegenomen in het proces om te komen tot een omgevingsvisie waarbij de gemeenteraad aan de voorkant keuzes kan maken voor het opstellen van de omgevingsvisie.
In de procesnotitie, die als bijlage bij het voorstel is gevoegd, is beschreven hoe en in welke fase van het proces de gemeenteraad verder betrokken is en wordt. Wat is de aanleiding voor dit advies? Een van de onderdelen van de implementatie van de Omgevingswet is het opstellen van een omgevingsvisie. Uiterlijk drie jaar na inwerkingtreding van de Omgevingswet dient elke gemeente over een vastgestelde omgevingsvisie te beschikken. De omgevingsvisie heeft een bredere invalshoek dan de huidige structuurvisie op grond van de Wet ruimtelijke ordening en moet aan een aantal uitgangspunten voldoen. Ook moet gemotiveerd worden hoe met participatie is omgegaan. Eenmaal vastgesteld is een omgevingsvisie ‘zelfbindend’. Dat wil zeggen: de omgevingsvisie bindt alleen het bestuursorgaan dat het document heeft vastgesteld. De procesnotitie omgevingsvisie Vlaardingen licht dit nader toe. De raadswerkgroep is meegenomen in de keuzes die gemaakt moeten worden bij het opstellen van de omgevingsvisie. Dit zijn uitgangspunten voor het opstellen van de omgevingsvisie en in een latere fase de inhoudelijke keuzes die moeten worden gemaakt in de omgevingsvisie.
Bij deze interactieve bijeenkomsten is ook input opgehaald die is gebruikt bij de voorbereiding en niet richtinggevend is voor de besluitvorming. Gedurende het proces wordt de gemeenteraad betrokken en geïnformeerd, ook via de raadswerkgroep. Het vaststellen van de ontwerp omgevingsvisie en de vaststelling van de omgevingsvisie zijn formele besluitvormingsmomenten. Welk resultaat wordt beoogd? Een raadsbesluit over uitgangspunten voor het opstellen van de omgevingsvisie Vlaardingen. Welke argumenten zijn er voor dit advies? Recent is de inwerkingtreding van de Omgevingswet wederom uitgesteld. Reden hiervoor is dat de ICT voorzieningen nog niet op het gewenste niveau zijn. De verwachting is dat begin 2023 bekend wordt wat de datum van inwerkingtreding van de Omgevingswet is. De Minister gaat uit van 1 juli 2023. Wij gaan de komende periode al wel werken volgens de Omgevingswet en met de nieuwe systemen. Ook gaan we complexe initiatieven bespreken aan de intake- en omgevingstafel. In het kader van het werken in de geest van de Omgevingswet stellen we ook voor te gaan starten met het opstellen van de omgevingsvisie. De Omgevingswet vraagt om een integrale benadering van de fysieke leefomgeving, om te zorgen voor een veilige en gezonde leefomgeving. De reikwijdte is groter dan in de huidige ruimtelijke ordening.
Zo zullen ook het sociale en gezondheidsaspect van de fysieke leefomgeving worden meegenomen. De wet schrijft daarom een samenhangende visie en benadering op de fysieke leefomgeving voor. Deze beleidsvisie dient inzichtelijk, integraal en in samenwerking met de inwoners, ondernemers en organisaties te worden opgesteld. Dat document is de Omgevingsvisie. De Omgevingswet stelt dat een omgevingsvisie moet zijn vastgesteld uiterlijk drie jaar na inwerkingtreding van de Omgevingswet. Uitgaande van de situatie op dit moment, is dat dus uiterlijk 1 juli 2026. Feitelijk is het nu dus nog niet nodig om al met de omgevingsvisie te gaan starten. Er is in Vlaardingen echter grote behoefte aan een omgevingsvisie. Begin 2020 is de toekomstvisie Vlaardingen 2040 vastgesteld. Voor nieuwe gebiedsontwikkelingen biedt deze visie wat handreikingen, maar het voorziet niet in een verdere gebieds- of themagerichte uitwerking. Nu worden daarom ook nog per ontwikkelingslocatie kaders opgesteld voor de ontwikkeling. Men mist een strategisch kader waarbinnen nieuwe ontwikkelingen mogelijk gemaakt kunnen worden. Dus de integrale afweging waarbij richtinggevende keuzes gemaakt worden. Het bestaande beleid geeft hier volgens zeggen onvoldoende antwoord op. De verwachting is dat de op te stellen omgevingsvisie hierin wel voorziet.
De omgevingsvisie maakt richtinggevende keuzes Voor het opstellen van een omgevingsvisie kan worden uitgegaan van een flexibele omgevingsvisie of een richtinggevende visie. Dus er wordt meer gestuurd op waarden en kwaliteiten die belangrijk worden gevonden, of er worden strikte kaders gegeven. Er is in de organisatie behoefte aan een beleidskader waarin de gemeenteraad de ontwikkelrichting aangeeft, en in welke richting nadrukkelijk niet ontwikkeld kan of zal worden. Daarbij is het de wens om de omgevingsvisie wel uitnodigend te laten zijn. Tevens moet worden afgewogen of de kaders gesteld worden door de gemeente of dat de regie bij de initiatiefnemer wordt gelegd. Per gebied wordt aangegeven welke filters er worden gebruikt. Voorgesteld wordt daarom een afweging van belangen te maken in de omgevingsvisie en richtinggevende keuzes. Participatie wordt vormgegeven op niveau 3 van de participatieladder Hoe willen we stakeholders zoals inwoners/ondernemers, gemeenteraad betrekken bij het ontwikkelen van de Omgevingsvisie? Iedereen op het juiste moment over het juiste onderwerp op de juiste manier betrekken en vooraf duidelijk maken wat er verwacht mag worden. De afgelopen jaren heeft er veel participatie plaatsgevonden bij het opstellen van beleidsvisies en gebiedsvisies. De Toekomstvisie en enkele gebiedsvisies zijn participatief tot stand gekomen.
Om daar recht aan te doen, worden de opbrengsten zorgvuldig verwerkt in de participatieaanpak. We willen voorkomen dat we stakeholders gaan bevragen over zaken waar ze recent nog in zijn betrokken.
Voorgesteld wordt niveau 3 van de gemeentelijke participatieladder (adviseren). De inbreng van de stakeholders heeft dan niet zozeer betrekking op de inhoud van de visie maar op het maken van de keuzes, dus de afweging van alle sectorale belangen. Eerste wordt geanalyseerd welke stakeholders er zijn stadsbreed en per wijk zijn en hoe we deze gaan benaderen. Gekozen wordt voor participatieniveau “ 3 - adviseren“ (participatieladder), waarbij stakeholders wordt gevraagd wat voor hen belangrijk is voor Vlaardingen en vervolgens worden uitgenodigd te reageren op een concept. Ook college en gemeenteraad zullen worden gevraagd aan te geven wat belangrijke thema’s zijn voor Vlaardingen. Vervolgens zullen college en gemeenteraad in de verschillende fasen van het proces aan zet zijn. Bij het opstellen van de omgevingsvisie zullen medeoverheden en ketenpartners in een vroeg stadium betrokken worden bij het opstellen van de omgevingsvisie. De provincie, waterschap, GGD, veiligheidsregio, hebben veel kennis in huis en zijn ook in de uiteindelijke vergunningverlening ketenpartner. De omgevingsvisie wordt gebiedsgewijs opgebouwd Een omgevingsvisie kan gebiedsgericht of themagericht worden opgebouwd. De afgelopen jaren is er een aantal gebiedsvisies ontwikkeld, soms voor gebieden, soms voor een gedeelte van een gebied of op basis van een bepaald thema.
Er zijn grote verschillen in ambities tussen de gebieden. Voorgesteld wordt de omgevingsvisie gebiedsgericht op te bouwen. In de omgevingsvisie zal de ambitie bepaald worden voor de belangrijke thema’s zoals klimaatadaptatie, duurzaam bouwen, mobiliteit, veiligheid, wonen, gezondheid, zorg etc. De omgevingsvisie weegt de belangen tegen elkaar af. Wat zijn tegenargumenten of risico’s? Het opstellen van de omgevingsvisie loopt vooruit op de inwerkingtreding van de Omgevingswet. Het is een risico om vooruit te lopen op de wet. Onder de huidig wetgeving is het echter ook al verplicht om een lange termijn visie voor de gemeente te hebben. De omgevingsvisie kan ook onder het huidige wettelijke regime worden vastgesteld. De procesnotitie is gebaseerd op de huidige inzichten van de wet. De ontwikkeling van de omgevingsvisie is bij uitstek een adaptief proces. Het is een nieuw beleidsinstrument, waarvoor (mede door het vormvrije karakter) nog geen maatstaf of referentiekader bestaat. Dit betekent dat er in het proces van totstandkoming voldoende flexibiliteit moet zijn om in te kunnen spelen op zaken die we nu nog niet kunnen overzien. De procesnotitie fungeert daarmee als kompas.
Waar moet rekening mee worden houden? Algemeen: Dit besluit heeft geen financiële consequenties voor de begroting. De kosten voor het opstellen van de omgevingsvisie passen binnen het budget voor de implementatie voor de Omgevingswet.
Bijlagen Naam van de bijlage 1. Procesnotitie opstellen omgevingsvisie
Registratienummer Verseon 1923476
Burgemeester en wethouders van Vlaardingen, De secretaris,
De burgemeester,
drs. E. Stolk
drs. B. Wijbenga - van Nieuwenhuizen