CConstaterende datVlaardingen
Koppel je AI →
Document · PDF

RV tot het vaststellen van de achtste wijzigingsverordening van de APV 2019

Gemeenteraad 16 juni 2022, gemeente VlaardingenBij agendapunt: 8ste wijziging Algemene Plaatselijke Verordening (APV) Vlaardingen 2019978 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

RAADSVOORSTEL

Registratienummer Datum besluit B&W Portefeuillehouder

: 1897988 : 10 mei 2022 : B. Wijbenga - van Nieuwenhuizen

Raadsvoorstel tot het vaststellen van de achtste wijzigingsverordening van de Algemene Plaatselijke Verordening Vlaardingen 2019

Vlaardingen, 10 mei 2022 Aan de gemeenteraad. Welk besluit moet genomen worden? • De achtste wijzigingsverordening van de Algemene Plaatselijke Verordening Vlaardingen 2019 vaststellen. Wat is samenvattend de kern van dit advies? Het volgende artikel in de APV wordt gewijzigd: • In artikel 2.94 (Woonoverlast als bedoeld in artikel 151d Gemeentewet) vervalt 'aan een persoon die niet als ingezetene met een adres in de gemeente in de basisregistratie personen is ingeschreven'. De volgende artikelen in de APV komen te vervallen: • Artikel 2.32c (Openbare orde en veiligheid), derde lid, sub e: Het is voor bezoekers van een evenement tijdens en na het evenement verboden goederen te dragen, bij zich te hebben of te vervoeren die uiterlijke kenmerken zijn van een organisatie die bij rechterlijke uitspraak of bestuurlijk besluit verboden is verklaard of is ontbonden vanwege een doel of werkzaamheid in strijd met de openbare orde. •

Artikel 2.32c (Openbare orde en veiligheid), vierde lid: Het verbod, bedoeld in het derde lid, onderdeel e, geldt niet voor zover in het daarin geregelde onderwerp wordt voorzien door het Wetboek van Strafrecht.

•

Artikel 2.67b (APV): a. Het is verboden op openbare plaatsen of in voor het publiek toegankelijke openstaande gebouwen en daarbij behorende erven zichtbaar goederen te dragen, bij zich te hebben of te vervoeren die uiterlijke kenmerken zijn van een organisatie die bij rechterlijke uitspraak of bestuurlijk besluit verboden is verklaard of is ontbonden vanwege een werkzaamheid of doel in strijd met de openbare orde. b. Het verbod geldt niet voor zover in het daarin geregelde onderwerp wordt voorzien door het Wetboek van Strafrecht.

•

In artikel 6.1 (Sanctiebepaling), eerste lid: 2.67b Verbod op zichtbare uitingen van verboden organisaties

•

Toelichting artikel 2.67b (APV)

Wat is de aanleiding voor dit advies? • In artikel 2.94 (Woonoverlast als bedoeld in artikel 151d Gemeentewet) van de APV is een zorgplicht opgenomen voor gebruikers en verhuurders van woningen om geen ernstige en herhaaldelijke hinder voor omwonenden te veroorzaken. De burgemeester kan op grond hiervan gedragsaanwijzingen geven aan overlastgevers in zowel huur- als koopwoningen en aan verhuurders. Tot 1 januari 2021 was de gedragsaanwijzing aan verhuurders alleen mogelijk als de persoon die overlast gaf niet als ingezetene in de desbetreffende gemeente stond ingeschreven. Met de inwerkingtreding van de Wet toeristische verhuur van woonruimte (Stb. 2020, 460) op 1 januari 2021 is die beperking vervallen. In verband hiermee is artikel 2.94 aangepast. Om woonoverlast beter tegen te gaan, geldt de zorgplicht voortaan in alle gevallen voor verhuurders van woonruimten. Dat betekent dat verhuurders zorgdragen dat de woningen die zij verhuren geen ernstige en herhaaldelijke hinder veroorzaken. Als de verhuurder zich niet of op een verkeerde manier inzet tegen ernstige en herhaaldelijke hinder, kan de burgemeester direct een verhuurder aanspreken en hoeft de burgemeester daarvoor niet eerst de huurder te hebben aangesproken. Dit is wenselijk wanneer verschillende huurders van dezelfde verhuurder hinder hebben veroorzaakt.

Dat kan bijvoorbeeld het geval zijn in panden waar meerdere huurders wonen of waar huurders snel wisselen. De burgemeester kan dan dus - als ultimum remedium - direct aan een verhuurder een last onder bestuursdwang of dwangsom opleggen. •

Eind december 2021 heeft de Hoge Raad geoordeeld dat het verbod op het dragen van zichtbare uitingen in strijd is met het grondrecht op vrijheid van meningsuiting (artikel 7, lid 3, van de Grondwet). Daarop kan alleen bij wet in formele zin uitzondering worden gemaakt, niet in een wet in materiële zin, zoals de APV. De Hoge Raad heeft de daarop betrekking hebbende artikelen in de APV onverbindend verklaard.

Welk resultaat wordt beoogd? Het actualiseren van de APV naar aanleiding van gewijzigde wetgeving en een uitspraak van de Hoge Raad. Welke argumenten zijn er voor dit advies? Met deze wijziging is de APV weer actueel. Wat zijn tegenargumenten of risico’s? Geen. Waar moet rekening mee worden houden? Deze wijziging kan mogelijk indirecte financiële consequenties hebben door bijvoorbeeld de mogelijkheid van het opleggen van dwangsommen. Deze consequenties zijn niet van te voren in te schatten en worden op de gebruikelijke wijze verantwoord als deze zich voordoen.

Bijlagen Naam van de bijlage 1.

Registratienummer Verseon

Burgemeester en wethouders van Vlaardingen, De secretaris,

De burgemeester,

drs. E. Stolk

drs. B. Wijbenga - van Nieuwenhuizen

RAADSBESLUIT

Registratienummer Datum raadsvergadering

: 1897988 :

Besluit van de gemeenteraad van Vlaardingen

Achtste wijzigingsverordening van de Algemene Plaatselijke Verordening Vlaardingen 2019 De gemeenteraad van Vlaardingen, Gelezen het voorstel van burgemeester en wethouders van 10 mei 2022; Overwegende dat: • de Wet aanpak woonoverlast per 1 januari 2021 is gewijzigd; • de Hoge Raad heeft geoordeeld dat het verbod op het dragen van zichtbare uitingen in strijd is met het grondrecht op vrijheid van meningsuiting Gelet op artikel 149 van de Gemeentewet; Besluit vast te stellen de Achtste wijzigingsverordening Algemene Plaatselijke Verordening Vlaardingen 2019 Artikel I Wijziging Algemene Plaatselijke verordening Vlaardingen 2019 De Algemene Plaatselijke Verordening Vlaardingen 2019 wordt als volgt gewijzigd: A. In artikel 2.94 (Woonoverlast als bedoeld in artikel 151d Gemeentewet) vervalt 'aan een persoon die niet als ingezetene met een adres in de gemeente in de basisregistratie personen is ingeschreven'. B. • • • • •

De volgende artikelen in de APV komen te vervallen: Artikel 2.32c (Openbare orde en veiligheid), derde lid, sub e Artikel 2.32c (Openbare orde en veiligheid), vierde lid Artikel 2.67b (APV) In artikel 6.1 (Sanctiebepaling), eerste lid: ‘2.67b Verbod op zichtbare uitingen van verboden organisaties’ Toelichting artikel 2.67b (APV)

Artikel II Inwerkingtreding Dit besluit treedt in werking op de dag na publicatie in het Gemeenteblad. Artikel III Citeertitel Dit besluit wordt aangehaald als: achtste wijzigingsverordening van de Algemene Plaatselijke Verordening Vlaardingen 2019. Aldus besloten in de openbare vergadering van de gemeenteraad van Vlaardingen, gehouden op

De griffier,

De voorzitter,

drs. J. Mimpen

drs. B. Wijbenga - van Nieuwenhuizen

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/11551985/1