RV Intrekken Commissieverordening Vlaardingen 2003
Tekst van het document
RAADSVOORSTEL Registratienummer Datum Presidium
: 1899048 : 7 maart 2022
Raadsvoorstel tot intrekking van de Commissieverordening Vlaardingen 2003 Vlaardingen, 7 maart 2022 Aan de gemeenteraad, Welk besluit moet genomen worden? De Commissieverordening Vlaardingen 2003 met terugwerkende kracht per 31 juli 2007 in te trekken. Wat is samenvattend de kern van dit advies? Het intrekken van een verordening die geen grondslag meer biedt voor het werk van een Raadscommissie die betrekking heeft op de gemeente Vlaardingen. Wat is de aanleiding voor dit advies? Uit de recente inventarisatie van het college van burgemeester en wethouders welke delegatie- en mandaatbesluiten van de gemeenteraad naar het college van burgemeester en wethouders zijn gedelegeerd en gemandateerd bleek dat de Commissieverordening Vlaardingen 2003 formeel nog van kracht is. Per 1 augustus 2007 werd het reglement van orde voor de werkwijze van de gemeenteraad en de raadscommissies 2007 van kracht. Daarmee zou de Commissieverordening Vlaardingen 2003 moeten vervallen. De Commissieverordening Vlaardingen 2003 is toen niet ingetrokken. Welk resultaat wordt beoogd? Het voorkomen van onduidelijkheid over welke verordening voor de vergadering van de Raadscommissies van kracht is.
Welke argumenten zijn voor dit advies? Omdat de Commissieverordening Vlaardingen 2003 nog niet is ingetrokken en er sindsdien wel nieuwe reglementen van orde van kracht zijn geworden, kan er onduidelijkheid ontstaan over welke verordening voor de vergaderingen van de Raadscommissie van kracht is. Door het intrekken van de Commissieverordening Vlaardingen 2003 wordt (mogelijke) onduidelijkheid hierover voorkomen. Wat zijn de tegenargumenten of risico’s? Niet van toepassing. Waar moet rekening mee worden gehouden? Financiële consequenties Er zijn geen financiële consequenties aan dit voorstel verbonden.
Bijlage Commissieverordening Vlaardingen 2003
Verseonnummer
Namens het Presidium, De griffier,
De voorzitter,
drs. J. Mimpen
drs. B. Wijbenga-van Nieuwenhuizen